Atheïsme mogelijk dankzij erkenning godsdienstvrijheid

Laat nu het atheïsme juist dankzij de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging bestaansrecht hebben! Nooit zo bij stil gestaan, maar Erik Borgman, hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg, met als leeropdracht ‘theologie van de religie, in het bijzonder het christendom’, wel. Godsdienstvrijheid is dus niet alleen goed voor religieus gelovigen.

‘Het was de erkenning van de godsdienstvrijheid die het uitsluiten van atheïsten van maatschappelijke verantwoordelijkheden deed verschijnen als onrechtmatig. Vandaag de dag spreken alle bepalingen daarom over vrijheid van godsdienst en levensovertuiging en in Nederland krijgt op grond van dit recht bijvoorbeeld het Humanistisch Verbond dezelfde erkenning als kerkgenootschappen en andere religieuze organisaties.’

Aldus theoloog Borgman. Het afschaffen van de vrijheid van godsdienst noemt hij bovendien politiek onverstandig. ‘Hoe kunnen wij van landen met een officiële godsdienst verwachten dat zij mensen met een ander geloof – religieus of seculier – hun rechtmatige vrijheid geven als wij zelf godsdienstvrijheid niet langer erkennen als een grondrecht?’

In Volzin huivert Borgman van het standpunt van Thijs Kleinpaste en Marcel Duyvestijn. Zij zeggen in hetzelfde tijdschrift dat het wel een tandje minder mag met de bescherming van de godsdiensten, immers: ‘Geloof is ook maar een mening’. Borgman reageert hierop met te stellen dat ‘de mens een onvervreemdbare vrijheid bezit ten opzichte van welke gezagsinstantie dan ook.’ Ook in Volzin een interview met rechtsfilosoof Wibren van der Burg: ‘Het draagvlak voor anders-zijn wordt steeds minder.’

Zie: Artikel 6 Grondwet – Hoe lang nog?

About Paul Delfgaauw

‘Zinzoeker’ Paul Delfgaauw, sinds september 2014 student Religiestudies – richting Media & Cultuur; sinds 2016: Vrije studierichting – aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (voorheen HGU), verkent sinds jaar en dag de gebieden religie en filosofie. Verwacht begin 2019 afgestudeerd te zijn. ------- Momenteel werkt hij aan zijn eindexamenscriptie ‘Het draagbare Joodse vaderland’, zoals de Duitse dichter, van Joodse afkomst, Heinrich Heine (1797 – 1856) de geschriften omschreef die de Joden in de diaspora eeuwenlang veel structuur en samenhang hebben gegeven. Deze zorgden ervoor dat, hoezeer de Joden ook verspreid waren over de aarde, een gedeelde Joodse identiteit kon voortbestaan. ------- Vanaf de eerste dag dat op de lagere school in de catechismusles de vraag werd voorgelegd waartoe de mens op aarde is, werd dat het zingevend en -zoekend levensthema. Grasduinen door boeken, tijdschriften en kranten en later de digitale media met verhalen over Meer – met het innerlijk weten dat God, De Eeuwige, het Al, op Zijn wijze deel uitmaakt van al het leven. ------- Op kritische wijze wordt zin en onzin van religie en filosofie beschouwd en eveneens het gedachtegoed van ‘niet-religieuze’ levensbeschouwingen. In deze tijd bieden internet en de sociale media wereldwijd toenemend stof tot nadenken over goden en mensen, en hun zoektocht naar elkaar. ------- Dit blog staat niet bol en vol van de 'eigen mening’, maar vooral van wat tot nadenken stemt. Minder toegankelijke stof wordt wat toegankelijker gemaakt door samenvattingen en/of doorverwijzingen naar relevante links, zo nodig aangevuld met passende en aanvullende teksten van anderen.

3 Responses

  1. Frans Wuijts

    @joost tibosch sr

    Ik heb indertijd moeten leren dat volgens de Rooms-katholieke geloofs- en zedenleer geloven synoniem is aan zeker weten. Ik was toen 19 jaar. Dit punt betekende voor mij het einde van mijn verbinding met de RK Kerk. Het was voor mij het bewijs dat de RK Kerk een beschikkende macht is over de vrije geest van de mensen en tevens over de uitingen van deze vrije geest.

    Like

  2. joost tibosch sr

    Nu atheisten nog overtuigen dat zij ook geloven. Velen van hen denken dat zij echt niet geloven, maar weten. Zoals vroeger gelovigen dachten, dat zij het echt wel wisten, ook al zeiden ze dat ze geloofden!

    Like

  3. Frans Wuijts

    Godsdienstvrijheid (inclusief het aanhangen van het atheïsmegeloof) heeft twee gezichten:
    – een ieder is in beginsel geheel vrij in diens eigen ‘Persoonlijke Binnen Wereld’ (PBW); in ieders PBW kan godsdienstvrijheid ‘heersen’; daar kan je ook onbevreesd van godsdienst veranderen dan wel atheïsme denken en beleven;
    – als klassiek grondrecht gaat het tevens over het recht om uiting te mogen en kunnen geven aan de eigen ‘overtuiging’; in het sociale verkeer gaat het om de bescherming die een ieder heeft in geval van deze uiting; daarin hebben de uitingen ‘Ik geloof in God’ en ‘Ik geloof niet in God’ dan wel ‘God bestaat wel’ en ‘God bestaat niet’ gelijke rechten. Evenzo ‘Ik geloof niet meer in God’ of ‘Ik geloof voortaan in een andere God’.

    Like

Reacties zijn gesloten.