God zelf veroorzaker kwantumgebeurtenissen?

UITGELICHT – De NBV21, ‘de nieuwe Bijbel voor de 21e eeuw’, is alweer oud. Nu is er de Wetenschapsbijbel: de NBV21 inclusief 300 bijdragen van 60 wetenschappers over geloof, cultuur en wetenschap. Hierin staan onder meer artikelen over hoe kwantumtoeval past in het Bijbelse wereldbeeld. En of God ook maar moet afwachten hoe de kwantumwereld zich ontwikkelt. Maar ook of Prediker met het refrein ‘lucht en leegte’ aangeeft dat het leven zinloos, leeg en absurd is. Toch roept hij regelmatig op om van het leven te genieten. Ook gaat het over de vraag of er een heel diepe verbintenis is tussen lichaam en geest. En is de ziel niet-materieel?

‘Het Bijbelse wereldbeeld is dat God voortdurend
de wereld in stand houdt en daarin werkt’

(Wetenschapsbijbel)

Wat heb je aan de Bijbel bij ingewikkelde vragen uit deze tijd? Bij onderwerpen als gender, duurzaamheid of religieus geweld? Op internet worden Bijbelteksten voor allerlei meningen gebruikt. Waar vind je dan houvast? In deze Bijbeluitgave is de tekst van de Bijbel, in de vertaling van de NBV21, samengebracht met betrouwbare inzichten, geschreven door 60 wetenschappers met liefde voor de Bijbel. Zo kun je als lezer zelf je mening vormen en vol vertrouwen in gesprek gaan over thema’s die ons allemaal raken.’

Templeton Foundation
De Wetenschapsbijbel, waaraan vijf jaar gewerkt is, zegt in ieder geval zelf geen standpunten in te nemen, maar laat verschillende perspectieven zien, ‘betrouwbare inzichten’, maar ‘zonder kant-en-klare antwoorden’. Op de vraag van het RD hoe is voorkomen dat de theologie door de wetenschap zou ondersneeuwen, antwoordde prof. Gijsbert van den Brink dat ‘de meeste bijdragen door theologen zijn geschreven’. Je kunt, aldus deze Bijbel, ‘zelf een visie vormen en met zelfvertrouwen gesprekken voeren over ingewikkelde vragen’. Met dank aan – en geld van – de Amerikaanse Templeton Foundation.

Kwantumgebeurtenissen
O
ver toeval bijvoorbeeld. ‘Toeval’ is geen concept – aldus een van de artikelen – dat vaak voorkomt in de Bijbel (wel in onder andere Pred. 9:11; Ruth 2:3; 1 Kon. 22:34; Luc. 10:31), maar wel een term die we geregeld gebruiken in het dagelijks leven en ook in de wetenschap. Het Bijbelse beeld van de wereld is, ruwweg, dat God die geschapen heeft en van dag tot dag draagt (onderhoudt, in het bestaan houdt).


‘Toeval’ is geen concept?

In de kwantummechanica wordt gesteld dat bepaalde gebeurtenissen, de zogenoemde ‘kwantumsprongen’, toevallig zijn. Dat betekent (volgens een interpretatie) dat ze ‘niet gedetermineerd’ zijn, dat ze niet veroorzaakt zijn. Vooraf kunnen we nooit weten of en wanneer ze zich zullen voordoen – zelfs niet als de beperkingen van ons kennen konden worden opgeheven’.’

Natuurkundigen denken over het algemeen dat kwantumgebeurtenissen op macroniveau geen verschil maken. Als dat zo is, dan zou het kunnen dat God in zijn beleid over de wereld gebruik kan maken van deze ‘diepe’ toevalsprocessen. Maar je kunt ook denken dat God zelf de veroorzaker is van de kwantumgebeurtenissen op microniveau. Immers, het Bijbelse wereldbeeld is dat God voortdurend de wereld in stand houdt en daarin werkt. En daar valt ook de subatomaire wereld onder.’
(Uit: Wetenschapsbijbel)

Lichaam en geest – en ziel?
I
n de Bijbel, zo luidt een andere overweging, komt de lichaam-geest-thematiek regelmatig aan de orde. Denk bijvoorbeeld hieraan: ‘Iedere geest die belijdt dat Jezus Christus als mens [letterlijk: ‘in het vlees’, dat wil zeggen in lichamelijke gestalte] gekomen is, komt van God. Iedere geest die dit niet belijdt, komt niet van God’ (1 Joh. 4:2-3).

De Bijbel kent dus niet een losse ziel die het wezen van de mens is; het lichaam is geen wegwerpverpakking. Je lichaam hoort er echt bij, het is de ‘afbeelding’ van de ziel. Het lichaam als spiegel van de ziel – denk aan ogen als spiegel van de ziel. Als er dus vol vreugde klinkt dat God zag dat het zeer goed was (Gen. 1:31), geldt dat ook voor het lichaam. Deze liefdevolle joods-christelijke houding naar het aardse is trouwens een van de (weinig erkende) belangrijke voorwaarden voor het ontstaan van empirische wetenschap in het Westen.’

‘(…)We zijn drie filosofische hoofdrolspelers tegengekomen: 1) materialisten (in allerlei soorten): de geest als iets irreëels; 2) dualisten: de ziel als zuiver geestelijke piloot in de cockpit van het lichaam; en 3) compositie-denkers: lichaam en ziel als twee-eenheid. Al die denkers zoeken naar een metafoor voor hun denkbeeld. Want hoe leg je het uit? Welk leidend beeld heb je voor ogen?

Toch is er veel voor te zeggen dat de ziel niet-materieel is. Een probleem van materialisme is bijvoorbeeld dat het onze vrijheid maar moeilijk een plekje kan geven. Het maakt ons tot automaten. We zijn dan niet meer ‘heer over onze eigen daad’, zoals ze dat in de middeleeuwen noemden.’
(Uit: Wetenschapsbijbel)

Predikers ‘you only live once’
W
elk mens verzucht niet van tijd tot tijd: waar doe ik het allemaal voor, is de vraag in weer een andere overweging. Wat voor zin heeft het als er zoveel misgaat? Wat leveren mijn inspanningen uiteindelijk op? Sommige Bijbeluitleggers benadrukken dat Prediker met het refrein ‘lucht en leegte’ (hevel) aangeeft dat het leven zinloos is, leeg en absurd.

Toch roept hij regelmatig op om van het leven te genieten (wij zouden het misschien YOLO noemen: ‘you only live once’). Hevel zinspeelt op de naam Abel (Gen. 4), de eerste mens die stierf, en omschrijft daarmee het vluchtige karakter van het leven: een ademtocht (vgl. Ps. 39:6; 62:10) of een schaduw die voorbijgaat (vgl. Pred. 6:12; Ps. 39:7; 144:4). De kosmos duurt oneindig voort (1:4-11), maar wij stervelingen zijn slechts een vluchtige ademtocht en het leven vliegt voorbij (vergelijk de hedendaagse kreet FOMO: ‘fear of missing out’).’

In de joodse traditie wordt zijn [Prediker] geschrift dan ook gelezen tijdens het Loofhuttenfeest, het seizoen van de vreugde. Deze dringende oproep heeft zijn wortels in de Tora, waar de levensvreugde ook wordt geroemd (Deut. 26:11) en een vreugdeloos leven wordt vervloekt (Deut. 28:47). Vandaar dat Prediker een dringende oproep doet om vreugde en genoegen te beleven op het moment dat je daarvoor de kans krijgt (11:9).’
(Uit: Wetenschapsbijbel)

Overbodig, die NBV21 in de Wetenschapsbijbel
De vorig jaar uitgebrachte NBV21 zit ook volledig in de Wetenschapsbijbel. Het was slimmer – en minder kostbaar – geweest als de bijdragen als supplement naast de reeds bestaande NBV21 werd gepresenteerd, als apart boek. Iedere lezer – geïnteresseerden hebben de NBV21 natuurlijk al – kan dan de ongetwijfeld boeiende artikelen over geloof, cultuur en wetenschap naast zijn NBV21 leggen. Overbodig, die NBV21 in de Wetenschapsbijbel.

Wetenschapsbijbel | Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap samen met de VU Amsterdam | 1680 pagina’s + 84 themapagina’s | Gebonden | €58,00

Beeld: Lucepedia (Tilburg School of Catholic TheologyTilburg University)
Beeld kwantumgebeurtenissen: bijzonderewereld.nl
Cartoon: Stefan Verwey

De Bijbel in feministisch perspectief

De Bijbel is vermoedelijk uitsluitend door mannen geschreven: alleen mannen redigeerden de teksten, maten zich het gezag aan om de teksten te interpreteren, de canon samen te stellen en de kerk te institutionaliseren. Zo constateren feministisch theologen. – Mariecke van den Berg schrijft een drieluik over feministische theologie. ‘In een notendop houdt christelijke feministische theologie een engagement met het christendom in, waarbij patriarchale structuren en beelden van de traditie worden bekritiseerd en de perspectieven van vrouwen, in al hun diversiteit, centraal worden gesteld’.

Als het goddelijke mannelijk is, dan is het mannelijke goddelijk.’
(Theologe Mary Daly)

De gevolgen van die eenzijdigheid zijn groot: het spreken over God gebeurt in overwegend mannelijke termen, de helden uit de Bijbel zijn bijna allemaal mannen en de kerk werd voor het allergrootste gedeelte van de geschiedenis door uitsluitend mannen geleid. Dit ging ten koste van de perspectieven van vrouwen, vrouwelijke helden en vrouwelijk leiderschap. Feministisch theologen hebben verschillend gereageerd op deze scheve verhoudingen.’

Van den Berg schrijft over enkele feministisch theologische perspectieven, en verwijst naar de Amerikaanse filosofe en theologe Mary Daly die stelde dat het christendom niet meer te redden was.

In haar bekende boek Beyond God the Father (1973) stelt ze: ’Als het goddelijke mannelijk is, dan is het mannelijke goddelijk.’ Daly voorzag daarin geen noemenswaardige verandering. Ze verliet de rooms-katholieke kerk, maar bleef zich van buiten de traditie wel altijd kritisch verhouden tot het christendom.’

Anderen probeerden volgens Van den Berg – bijzonder hoogleraar feminisme en christendom aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (Catharina Halkes Leerstoel) en universitair docent interreligieuze studies aan de Vrije Universiteit Amsterdam – van binnenuit de traditie te veranderen.

Dat vrouwen in de Bijbel en aanverwante literatuur minder vaak aan de orde komen, wil volgens hen niet zeggen dat je kunt stellen dat ze helemaal niet meedoen of geen stem hebben. Dan doe je hen eigenlijk een tweede keer onrecht aan. De kunst is juist om teksten te bestuderen die doorgaans de leesroosters niet halen, daarbij heel voorzichtig te lezen en een antenne te ontwikkelen voor wat er niet gezegd wordt.’

Ook verwijst Van den Berg naar theologe Elisabeth Schüssler Fiorenza. Zij stelde zich een ‘ecclesia of wo/men voor, waarin men een ‘discipelschap van gelijken’ nastreeft, een bottom-up structuur van kleine gemeenschappen waarin gelovigen zeggenschap hebben over hun eigen spirituele ontwikkeling’.

Ze nam daarbij de Jezusbeweging als voorbeeld. Volgens Fiorenza kenmerkte de groep mensen die zich verzamelde rond Jezus zich door een dergelijke gelijkwaardige manier van samenleven, die teloorging toen het christendom groeide, maar die nog wel als inspiratie kan dienen voor mensen nu.’

Tijdens de derde feministische golf, die inzette in de jaren negentig, begonnen feministisch theologen zich dezelfde kritische vragen te stellen die breder in de feministische beweging aan de orde kwamen. De nadruk op het ontwikkelen van een vrouwelijk perspectief maakte plaats voor een analyse van gender als zodanig, vaak in samenhang met seksualiteit, klasse, ras/etniciteit, lichamelijke beperkingen en mogelijkheden, opleiding, burgerschap, etc.


Volgens de orthodoxe theologie is de androgyne engel Sofia een voorstelling van Christus

Er kwam erkenning voor het feit dat mensen kunnen worden achtergesteld of weggedrukt omdat zij vrouw zijn, maar evengoed omdat zij tot een seksuele minderheid behoren, vluchteling zijn, van kleur zijn, met een accent spreken, hulpmiddelen nodig hebben, of uit een arbeidersmilieu komen.’

Door verbreding in kritisch perspectief ontwikkelt feministische theologie volgens Van den Berg steeds meer connecties met (bijvoorbeeld) bevrijdingstheologie en theologie die is beïnvloed door antiracisme theorieën, postkoloniale theorie, crip-theorie, queer studies, transgender studies en mannelijkheidsstudies.

Zie: Wat is feministische theologie? (theologie.nl)

Beeld: meetyouinthefield.nl
Cartoon: Marc-Jan Janssen
Icoon: PThU: Sofia: hen of hun?‘De orthodoxe iconen van Sofia bestaan in meerdere types. In het eerste type, de ‘Novgorod’ variant, is Sofia voorgesteld als een androgyne engel, met vleugels. Deze zit ook op een stoel. Volgens de orthodoxe theologie is die engel, Sofia, een voorstelling van Christus. Wie de afbeelding ziet, denkt wellicht niet meteen aan Christus. Of toch wel?’

De ‘ideale moslim’-obsessie van politici

Veel moslims hebben genoeg van de ‘ideale moslim’-obsessies van politici. Het naleven van dit beeld bestendigt bestaande machtsverhoudingen en veroorzaakt schade voor nieuwe generaties. – Dit zegt Thijl Sunier, professor emeritus Islam in European Societies, in zijn artikel De januskop van de bureaucratische incorporatie van de islam in Europese samenlevingen. Wordt het niet tijd om het door samenleving en politiek aan moslims opgelegde beeld van ‘ideale moslim’ los te laten, zo vraagt hij zich af in het LeidenIslamBlog van Universiteit Leiden.

‘Het wordt tijd om het aan moslims opgelegde beeld
van ‘ideale moslim’ los te laten.’
(Thijl Sunier)

Moslims verzetten zich toenemend hiertegen, zoals blijkt uit een recente discussie in Amsterdam toen burgemeester Halsema vertegenwoordigers van moslimorganisaties een LHBTIQ+-verklaring wilde laten ondertekenen. Moslimorganisaties waren verontwaardigd dat deze verklaring niet was voorgelegd aan andere religieuze gemeenschappen en dat de suggestie werd gewekt dat homohaat vooral of zelfs uitsluitend iets van moslims was.’

Sunier sprak hierover op 28 oktober 2022 tijdens zijn afscheidsrede als hoogleraar antropologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, leerstoel ‘Islam in European Societies’. De rede ging over de twee gezichten van het proces van bureaucratische incorporatie van de islam in Europese staten in de afgelopen decennia.  Het gaat dan om zorg voor institutionele stabiliteit en rechtsbescherming. Tevens verschaft het moslims toegang tot materiële, juridische en financiële middelen. 

Zo bestaan er op veel bestuurlijke niveaus overlegstructuren die het mogelijk maken te onderhandelen over zaken die de islam betreffen. Het biedt moslims relatieve bescherming tegen politieke willekeur en tegen haatcampagnes.’ 

Opvallend in de rede vind ik het (bureaucratische) woord ‘incorporatie’, dat behalve opneming of inlijving ook ‘menswording’ betekent. Je zou kunnen zeggen: Mogen moslims mens worden? Het zou al ideaal zijn als moslims gewoon mens mogen en kunnen zijn, en in het bijzonder dat politici de moslim als mens zien.


De januskop van de bureaucratische incorporatie van de islam in Europese samenlevingen

Hoewel er nog lang geen sprake is van een gelijkwaardige plaats in de samenleving en er nog veel gedaan moet worden, vormt de bureaucratische incorporatie wel een belangrijke stap. Dit ondanks de voortdurende verspreiding van islamofobie en de systematische problematisering van moslims in de media, in de politiek en in de wetenschap.’

Schijnbaar paradoxaal blijkt, aldus Sunier, dat hoe meer moslims te vinden zijn in alle lagen van de samenleving, hoe sterker ze de dwingende aanwezigheid en impliciete druk voelen van het beeld van de ‘ideale moslim’. Dit is wat moslims dagelijks ervaren in individuele interacties met andere leden van de samenleving, maar zeker ook in allerlei onderhandelingssituaties met instanties en politici. 

Als je erkend wilt worden als een betrouwbare gesprekspartner en een succesvolle vertegenwoordiger van je gemeenschap, moet je jezelf herkenbaar maken, je aanpassen aan de culturele conventies, de dominante symbolische taal spreken en het beeld waarmaken van de ‘ideale moslim’.’

De meeste jonge moslims in Europa zijn hier geboren en getogen, hun positie en hun kansen zijn aanzienlijk verbeterd. Ze staan ​​allerminst geïsoleerd in de samenleving, zoals veel politici suggereren. Ze kennen de samenleving, zijn welbespraakt en eisen een plaats op, niet als gasten, maar als gelijkwaardige burgers en op hun eigen voorwaarden. 

Sommigen van hen keren zich misschien af ​​van de samenleving, maar de overgrote meerderheid beschouwt zichzelf als Europese burgers. De aantijgingen van geheime diensten en politici in heel Europa over toenemende radicalisering worden tegengesproken door louter feiten.’

Zie: De januskop van de bureaucratische incorporatie van de islam in Europese samenlevingen (LeidenIslamBlog, Universiteit Leiden, 3 november 2022)

Foto: Universiteit Utrecht
Foto Januskop: Vaticaanse Musea – (LeidenIslamBlog Universiteit Leiden)
Foto schoolklas: ANP / NOS

De ‘heilige oorlog’ van Vladimir Poetin

Westerse elites hebben geloof en traditionele waarden overboord gezet en proberen ‘hun wil aan alle maatschappijen op te leggen’, verklaarde Vladimir Poetin in een presidentiële toespraak. Hun afwijzing van ‘alles wat menselijk is krijgt de trekken van een omgekeerde religie, van puur satanisme’. – Een projectie van jewelste, deze bizarre oorlogsretoriek van Poetin, die zelf alle menselijkheid allang is verloren en nu zijn eigen terroristische gedrag projecteert op de ‘westerse elites’, nota bene met een citaat van Jezus uit de Bergrede. Volgens journalist Hella Rottenberg (NRC) is dit Poetins ‘nieuwe rechtvaardiging voor de oorlog’: de strijd tegen de duivel.

‘Niets minder dan het satanisme, het metafysisch kwaad,
besloot Poetin daartoe van stal te halen’
(Hella Rottenberg)

Ik herhaal dat de dictatuur van de westerse elites alle samenlevingen treft, ook de burgers van de westerse landen zelf. Dit is een uitdaging voor iedereen. Deze volledige verloochening van wat het betekent om mens te zijn, de omverwerping van geloof en traditionele waarden, en de onderdrukking van vrijheid beginnen te lijken op een ‘religie in omgekeerde volgorde’ – puur satanisme. Jezus Christus ontmaskerde valse messiassen en zei in de Bergrede: ‘Aan hun vruchten zult gij hen kennen’. Deze giftige vruchten zijn de mensen al duidelijk, en niet alleen in ons land maar ook in alle landen, ook in het Westen zelf.’
(President of Russia, 2022)

Voor het Kremlin was het zaak om de bevolking te motiveren de oorlog voort te zetten en degenen die weigerden mee te vechten te bestempelen tot landverraders. Poetin presenteerde daarom als alternatieve theorie dat we te maken hebben met satanisten, aldus Rottenberg.

Hij bracht daarmee de oorlogsretoriek op een ander plan, die van een religieuze strijd tussen goed en kwaad. (…) Aan de notie van satanisten die Rusland bedreigen zit een hele leer vast, die de meest reactionaire en chauvinistische figuren in en rond de Russisch-Orthodoxe Kerk verspreiden en die Poetin nu omarmt.’
(Rottenberg)

Duistere ondergangsvisioenen van het demonische Westen dat Rusland belemmert zijn lotsbestemming te bereiken en dat van Oekraïne een anti-Rusland heeft gemaakt, is het hoofdthema van ideologen zoals Aleksandr Doegin en Aleksandr Prochanov, aldus Rottenberg.

Al meer dan tien jaar schildert Poetin het Westen met zijn liberale waarden en politieke correctheid af als een bedreiging van de Russische patriarchale, christelijk conservatieve tradities en collectivistische cultuur. Daarbij richt hij zijn pijlen onder meer op homorechten, volgens hem een wapen van een neoliberale samenzwering tegen traditionele samenlevingen.’
(Rottenberg)

Rottenberg verwijst naar vicevoorzitter van de veiligheidsraad Dmitri Medvedev, die zich sinds de invasie onderscheidt door rabiate haatberichten op zijn Telegramkanaal, en schreef dat Rusland als opdracht heeft ‘de heerser over de hel te stoppen, of zijn naam nu Satan, Lucifer of Iblis is’ en liet daar het dreigement op volgen dat ‘wij al onze vijanden naar het brandende Gehenna [hel] kunnen sturen’. 

De termen demilitarisering en denazificatie sloegen niet erg aan en werden op aanwijzing van het Kremlin steeds minder vaak gebruikt. De Russische strijd tegen de duivel, waarachter zich ook de islamitische leider Kadyrov [de leider van Tsjetsjenië] heeft geschaard, lijkt bedoeld om het afnemende geloof in de noodzaak van de oorlog een nieuwe impuls te geven.’

Een ‘heilige oorlog’ gebaseerd op verdediging van het duizendjarige Russische christendom tegen de goddeloze horden, zou de bevolking waarvan 70 procent zich als Russisch-orthodox beschouwt wellicht kunnen opwekken de oorlog te blijven steunen.’

(Rottenberg)

Zie:
*
Waarom Poetin de strijd in Oekraïne omdoopt tot een heilige oorlog (NRC)
* Het Kremlin, Moskou, 30 september 2022
Ondertekening van verdragen over de toetreding van de volksrepublieken Donetsk en Lugansk en de regio’s Zaporozhye en Kherson tot Rusland – 30 september 2022 (en.kremlin.ru)

Z. Hoe Poetin Rusland weer groot wilde maken | Hella Rottenberg | Nederlands | Alfabet Uitgevers | Paperback | 2022-10-25 | 160 pagina’s | € 19,99 | E-book: € 9,99

Beeld: On the Rise – Russisch-orthodoxe kerk gesteund door in het geheim gedoopte Vladimir Poetin (2016) – patheos.com
Beeld: Vladimir Poetin / Hoofd van de Russisch-Orthodoxe Kerk, patriarch Kirill (2018, asianews.it)

Kardinaal Wim Eijk wil niet inclusief denken

Kardinaal Wim Eijk draagt in De band van de liefde desalniettemin zèlf de ‘beste argumenten aan voor een veel ruimere visie op de menselijke relaties’. Deze opmerkelijke constatering is van hoogleraar contextuele Bijbelinterpretatie Peter-Ben Smit. Volgens de kardinaal ‘weerspiegelt een liefdesrelatie iets van de relaties tussen de drie goddelijke personen in de Drie-eenheid’. Smit ziet in dit ‘meest exotisch aandoende theologische uitgangspunt’ van Eijk juist alle aanleiding om vastomlijnde genderrollen en biologisch geslacht flink te relativeren. 

De Drievuldigheid, het meest merkwaardige christelijke dogma, aldus Smit, is voor de kardinaal uitgangspunt voor nadenken over huwelijk en seksualiteit.

‘Er ontstaat ruimte voor relaties tussen allerlei mensen
(Peter-Ben Smit)

Maar wie dit serieus neemt, heeft juist alle aanleiding om vastomlijnde genderrollen en biologisch geslacht flink te relativeren. Bijzonder is dat dit allesbehalve nieuwlichterij is. Allerlei vroegchristelijke bronnen wijzen ook al in deze richting.’
(Peter-Ben Smit)

Smit, hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam, verwijst naar vroegchristelijke liederen en geeft als voorbeeld de Oden van Salomo dat uit de derde eeuw na Christus stamt.

En ze kennen een gewaagd theologisch taalgebruik. Zo beleeft de zanger in een ode Gods goedheid doordat hij een beker melk, symbool voor Gods barmhartigheid, te drinken krijgt. Dat is nog tamelijk braaf. Het vervolg beschrijft echter dat ‘de Zoon de beker is, en de Vader degene die gemolken werd, en de Heilige Geest degene die hem melkte’.
(Smit)

De Vader blijkt in dit lied zelfs overvolle borsten te hebben en wordt zo zonder meer als mannelijk persoon (Vader) met fysiek vrouwelijke eigenschappen beschreven. En dit is maar één vroegchristelijk voorbeeld, vervolgt de theoloog, er zijn er nog veel meer.


Vergeten liederen van de eerste christenen

Zulk creatief ‘genderen’ van God is fascinerend en roept de vraag op waar dit vandaan komt. En hoe moet je tegen God aankijken als je God zo kunt beschrijven? Het antwoord is dat alles hier draait om relaties en niet om vaststaande lichamen of vaste genderrollen.’
(Smit)

Want de melk, eigenlijk Gods barmhartigheid, aldus Smit, geeft vorm aan de relatie tussen God en mens.

Alles wat er tussen Vader, Zoon, Geest en mens gebeurt, staat ten dienste van die relatie. Ook God zelf, Vader, Zoon en Geest, wordt hier in eerste instantie als relatie gezien.’
(Smit)

Eijks eigen beroep op de Drievuldigheid om menselijke relaties te interpreteren, geeft aanleiding om huwelijk en seksualiteit primair relationeel te gaan zien, want bij de mens moet het dan net zo zijn als bij God: alles, ook lichamen en genderrollen, staan ten dienste van de relatie.

Een direct gevolg daarvan is dat er ruimte ontstaat voor relaties tussen allerlei mensen, met welk (volwassen!) lichaam dan ook. Bovendien ontstaat er vanuit het hart van de christelijke theologie ook alle ruimte voor transidentiteiten.’
(Smit)

Zie:
* Bij God staat alles in dienst van de relatie, los van genderrollen (Trouw)
* De band van de liefdeKatholieke huwelijksmoraal en seksuele ethiek | Willem Jacobus Kardinaal Eijk | Kok Boekencentrum | € 32,50 | E-book € 19,99 |
‘Kardinaal Eijk maakt in zijn boek ‘dankbaar gebruik van de theologie van het lichaam die paus Johannes Paulus II ontwikkelde’. Deze theologie is nog te weinig bestudeerd en bekend, aldus kardinaal Eijk, ‘maar zal naar mijn verwachting in de toekomstige decennia een grote invloed uitoefenen op het theologisch doordenken van het huwelijk.’ (11-10-2022, Aartsbisdom Utrecht, aartsbisdom.nl)

Gerelateerd: Plato en de bolletjesmensen (godenenmensen)

* Beeld:
literatuurgeschiedenis.org + Kardinaal Eijk (2018): cvandaag.nl
* Beeld De Oden van Salomo: Goed Terecht is een album van de Oden Van Salomo uit 2017 en is uitgebracht onder het label ECOVATA

‘De laatste reis zal ongelooflijk zijn’

De literatuurstudie ‘De (bijna-)dood ontrafeld‘ ontrafelt een leven na de (bijna-)dood die elke verwachting te boven gaat en dat ‘als ‘laatste reis’ werkelijk on-geloof-lijk zal zijn’. En toch is het geen ‘sciencefiction of thriller’ laat drs. Maureen Venselaar weten na tien jaar studie en veldonderzoek naar de (bijna-)dood. De auteur bestudeerde de Fibonacci-code die onder meer leidde tot de ontdekking van het ontstaan van (de onderlinge relatie) van twee universums. ‘Een leven na de (bijna-)dood is te verklaren op basis van fysische en astrofysische fenomenen’.

‘Het is ‘ontheologisch’ om levensbeschouwing
gescheiden te houden van de wetenschap’
(Maureen Venselaar)

Een en ander klinkt wonderlijk, maar de grondige informatie en uitwerkingen die dit boek ten beste geeft over de Fibonacci-code die de rekenkundige basis vormt voor de gulden snede, is fascinerend.

De gulden snede, ook bekend als de ‘goddelijke verhouding’ of ‘goddelijke verdeling’ en het ‘gulden getal’ (phi), zien we terug in de zadenmotieven van planten, bijenstambomen, piramiden, gotische kathedralen, kunstwerken uit de renaissance, het menselijk lichaam en in schelpen, om een paar voorbeelden uit de oneindige reeks fenomenen te noemen.’
(Uit: De geheime code, Priya Hemenway – andere citaten hieronder uit: De (bijna-)dood ontrafeld)


Gulden snede / Fibonacci-code in onze werkelijkheid

De Fibonacci-code vormt in de context van het leven na de (bijna-)dood een wonderlijk mysterie. Hiermee gaat Venselaar op zoek naar de ‘gps-coördinaten’ van de hemel en probeert ‘de onsterfelijkheid te bewijzen’. Dit klinkt fantastisch, naar fantasy, maar de veronderstellingen zijn – met illustraties en foto’s – stapsgewijs goed te volgen.

De code verwijst naar de ontdekkingen door Leonardo Fibonacci, een Italiaans wiskundige uit de middeleeuwen. Hij ontdekte dat er een aantal geheimen verborgen was in een bepaalde reeks cijfers: (0), 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34, 55, 89 enzovoort en dat de reeks de basis vormde voor de gulden snede.’

De Fibonacci-code geeft ook inzicht in het astrale universum en de onderlinge verhouding tussen het astrale en het kenbare universum. De code kan gekoppeld worden aan het beeld van twee universums die elkaars spiegelbeeld zijn en elkaars tegenovergestelde (polariteit), en zo een zandlopermodel vormen.

Venselaar twijfelt er nauwelijks meer aan dat we het leven na de (bijna-)dood moeten zien in het licht van een reis naar de uiterste regionen van ons universum. Het beeld van twee cyclonen/tornado’s die tezamen een soort zandloper vormen, blijkt te worden gemeld door sommige mensen met een bijna-doodervaring:

Tevens zag ik voor mij een gigantische vorm als twee cyclonen bovenop elkaar in de vorm van een zandloper. Het bovenste systeem bewoog met de klok mee, het onderste systeem tegen de klok in. (…) Waar de twee cyclonen elkaar hadden moeten raken, maar dat niet deden, kwamen de vreemdste lichtstralen die ik ooit gezien had, tevoorschijn’.


Gemini Telescoop fotografeert een hemelse zandloper

Die ‘zandloper’ zouden wij kunnen zien als we voor de hemelpoort staan. We staan dan werkelijk voor een soort deur, het smalste deel van de zandloper. De deur die BDE’ers ervaren zal waarlijk een doorgang blijken te zijn naar een andere ruimte, met andere dimensies in een totaal ander universum.

Deze deur is voor ons, als we ‘dood’ zijn, een onomkeerbare doorgang/tunnel tussen twee universums.(…) ‘Want als we sterven, zullen we – zonder enige twijfel – aan de andere kant tevoorschijn komen, en een nieuw onsterfelijk lichaam ontvangen, overeenkomstig de geheimen van de Fibonacci-code.’


Dit tablet van Shamash (Babylon) heeft de vorm van de gulden rechthoek
en vertelt over de bovenaardse relaties tussen mensen en God

Nu lijkt het idee van het bestaan van meerdere universums ver gezocht, maar we zien dit toch ook terug binnen het domein van de levensbeschouwing (van het hindoeïsme) en van de wetenschap (astrofysica).’

De auteur trekt conclusies over de hemel en het leven na de dood en ging daarvoor op zoek naar overeenkomsten tussen levensbeschouwing, de empirie van het paranormale (de BDE) en de natuurwetenschap.

Veel astrofysici, zoals Dijkgraaf, Guth, Hawking, Linde, Rees, Smolin (…) menen allemaal dat het bestaan van meerdere universums (=multiversum) mogelijk is. En daarmee houden ze onbewust de deur open voor mijn visie op de (bijna-)dood.’

Venselaar verheldert alle mysteries van de Fibonacci-code. Haar literatuurstudie is veelomvattend en bevat ook citaten uit levensbeschouwingen. Zij vindt het ‘ontheologisch’ om levensbeschouwing gescheiden te houden van de wetenschap. Daarbij heeft zij het niet over ‘God’, maar over ‘diegene die / datgene dat ten grondslag ligt aan alles en iedereen, en waar alles van uitgaat’.

Met betrekking tot het levensbeschouwelijke domein heb ik een studie gedaan naar geschriften uit het taoïsme, hindoeïsme, boeddhisme, jodendom, christendom en de islam (ten aanzien van ideeën over onder andere God/het Allerhoogste, het hemelse rijk, de kosmos, het leven na de (bijna-)dood en wonderverhalen). Tevens bestudeerde ik het boek van Coppes, Bijna-doodervaringen in relatie tot de vijf grote religies.’

De (bijna-)dood ontrafeld telt 463 intrigerende pagina’s. Niet in de laatste plaats door de ervaringen van BDE’ers. Helpend is de uitgebreide woordenlijst die veel begrippen verhelderend toelicht, maar ook de vele honderden noten die, behalve uitleg geven, tevens verwijzen naar de literatuur waarvan de auteur gebruik heeft gemaakt. Daarnaast noemt zij ook haar uiteenlopende informatiebronnen en is er een trefwoordenregister.

De (bijna-)dood ontrafeldin het licht van de Fibonacci-code | Maureen Venselaar | Uitgeverij Akasha | ISBN 9789460150425 | 463 pagina’s | Geïllustreerd – gedeeltelijk in kleur | € 26,50

Drs. Maureen Venselaar begon in 2000 een langdurige detailstudie naar BDE met als doel om meer inzicht te krijgen in het fenomeen – inclusief de neurologische en bovennatuurlijke verklaring – om een non-dualistisch verklaringsmodel te ontwikkelen in relatie tot de (astro)fysica en de levensbeschouwingen. Haar theorie zou voor het eerst in de geschiedenis alle BDE-kenmerken kunnen verklaren. Zij ontving lovende (inter)nationale recensies en publiceerde haar studie o.a. in 2014 bij Studium Generale van de TU Delft.

►Tip: De geheime code – de gulden snede als goddelijke verhouding in kunst, natuur en wetenschap | Priya Hemenway | Hardcover | 9789057649936 | Librero | 2012 | 203 pagina’s | vanaf € 9,50 (tweedehands)

Beeld: propemortem.nl
Beeld gulden snede: medium.com
Beeld ‘zandloper’: Gemini Zuid fotografeert de planetaire nevel CVMP 1 in het sterrenbeeld Circinus – Passer. Credit: The international Gemini Observatory/NSF’s National Optical-Infrared Astronomy Research Laboratory/AURA (2020 – kuuke.nl)
Beeld Tablet van Shamash: (Zuid-Irak, negende eeuw v.Chr.) – Uit: De geheime code