Religie en wetenschap samen op zoek naar het Ware

De relatie tussen religie en wetenschap – hun diepe band en ruzies – gaat vaak gepaard met heftige emoties. ‘Aanhangers van beide ‘partijen’ zien elkaar zelfs vaak als vijanden. Dat is voor een groot deel onterecht. Tegelijkertijd is al die hartstocht heel begrijpelijk, want we hebben het hier over de zoektocht naar het Ware. Die raakt nieuwsgierige mensen in het hart. Bovendien kan de ontwikkeling van de natuurwetenschappen in West-Europa niet eens worden begrepen zonder kennis over de invloed van religie’.

 ‘Christendom en wetenschap hebben altijd lijnrecht tegenover gestaan. Dat is een hardnekkig idee, maar hun verhouding ligt historisch gezien anders’

De schepping van de wetenschap
De tentoonstelling De schepping van de wetenschap in  het Museum Catharijneconvent maakt het – vanaf 22 februari 2024 – mogelijk een reis door de tijd te maken aan de hand van eeuwenoude wetenschappelijke instrumenten, zeldzame manuscripten en hedendaagse kunst.

Je wordt uitgenodigd om steeds met een andere blik naar het verleden en heden te kijken. Wist je bijvoorbeeld dat Descartes (1596-1650) – de grondlegger van het rationalisme – een gelovig man was of dat het christendom – veel langer dan vaak wordt gedacht – de belangrijkste inspiratiebron was voor het doen van wetenschappelijk onderzoek? En hoe zit het tegenwoordig met de relatie tussen religie en wetenschap? Ook dat ontdek je in de tentoonstelling.’


Beschouwing der wonderen Gods – Christiaan en Jan Christiaan

Kantelende wereldbeelden
I
n De schepping van de wetenschap staan vier blikrichtingen centraal waarmee de mens naar zichzelf en de wereld kijkt:

De blik naar boven (het heelal), de blik naar binnen (het lichaam), de blik naar buiten (de natuur) en de blik naar beneden (de aarde). Steeds wordt de wisselwerking tussen religie en wetenschap onder de loep genomen: waar het ene object laat zien dat het christendom een drijvende kracht achter het verrichten van onderzoek was, wordt het bij een ander object duidelijk dat het christelijk wereldbeeld juist kantelde door nieuw opgedane inzichten.’  


De blik naar boven… Fr. Giuseppe Lais – Vaticaanstad – Specola - Vaticana

Intrigerende kunstwerken
T
e zien onder meer is de poëtische video-installatie van Rohini Devasher, die ons meeneemt langs duizenden beeltenissen van de zon en de vele betekenissen die mensen hieraan ontlenen…

‘…terwijl het ingetogen gebedskleed van Alexandra Kehayoglou vraagt om radicale stilstand bij de staat van de aarde. Iris Kensmil maakte een gloednieuw portret van een heilige van de moderne wetenschap. Kathrin Schlegel vervaardigde een sprankelend hedendaags beeld van Ongelovige Thomas. – Over deze en nog veel meer intrigerende kunstwerken die hun licht schijnen op de relatie tussen religie en wetenschap, vertelt Lieke Wijnia u tijdens deze lezing.’ 


Lieke Wijnia hoofd onderzoek & bibliotheek van Museum Catharijneconvent

Zoektocht naar de ziel in kunst, wetenschap en religie
D
e tentoonstelling biedt een uitgebreid lezingenprogramma* met wetenschappers en andere experts. Over hedendaagse kunst en religie, de invloed van antieke denkers op ontwikkeling van de wetenschap, wantrouwen in de wetenschap en de invloed van Azië op de wetenschap in West-Europa.
*Entree is gratis op vertoon van een geldig entreebewijs voor het museum; reserveren is verplicht.

Is er vanuit de wetenschap iets te zeggen over het bestaan van de ziel?
E
n hoe komt bezieling tot uiting in de beeldende kunsten? Donderdag 22 februari is er om 19.00 uur in Amsterdam een lezing en paneldiscussie in KNAW Trippenhuis, Kloveniersburgwal 29, Amsterdam.
Een bijeenkomst georganiseerd door Museum Catharijneconvent in samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen (KNAW), Teylers Museum en Rijksmuseum Boerhaave.
Meer info en tickets: Tickets zijn hier te reserveren


Kosmoloog Thomas Hertog

Interviewbijeenkomst met topnatuurkundige Thomas Hertog
H
oogleraar Thomas Hertog (KU Leuven) geldt als een van de belangrijkste kosmologen van deze tijd. Decennia lang onderzocht hij met mentor en goede vriend Stephen Hawking de oorsprong van het heelal. In zijn recent verschenen internationale bestseller Het ontstaan van de tijd presenteert hij een revolutionaire kijk op mens en kosmos. Conservator en wetenschapsjournalist Geertje Dekkers vraagt hem in Museum Catharijneconvent donderdag 21 maart het hemd van het lijf.
Info en tickets: Hier te reserveren

! !►N.B. Update:01 – 02 – 2024: Museum Catharijneconvent laat weten dat wegens omstandigheden de interviewbijeenkomst is geannuleerd.
P.S. Als troost: Kwartiertje video De Nieuws BV: Kosmoloog Thomas Hertog zocht samen met Stephen Hawking jarenlang naar de oorsprong van het heelal. Vlak voor Hawking’s dood riep hij zijn collega bij zich. Het was tijd voor een boek over de theorie die ze samen ontwikkelden. En over Het ontstaan van de tijd praten we vandaag met Hertog zelf’.

De schepping van de wetenschap | Museum Catharijneconvent, Lange Nieuwstraat 38, Utrecht | 22 feb – 2 jun 2024

Foto: Harmonia macrocosmica, Leiden, Andreas Cellarius 1708, Leiden, Rijksmuseum Boerhaave
Bron, en andere foto’s:
Museum Catharijneconvent

Het christendom evolueert tot mystiek-sociale religie

In 1947 publiceerde Simon Vestdijk, die ‘sneller schreef dan God kon lezen’, het essay De toekomst der religie. Hierin voorspelt hij dat met name het christendom op den duur vervangen zal worden door een mystiek-sociale religie in de trant van het boeddhisme. – In 1980 wordt cultuurhistoricus en vrijdenker dr. Anton Constandse door Vestdijkkroniek gevraagd het te beoordelen vanuit zijn standpunt als atheïst, ook omdat hij over de historie van het humanisme en de vrije gedachte verscheidene boeken schreef. – In De toekomst der religie ‘snakt’ Vestdijk na zijn ‘zo objectief mogelijk betoog, naar een persoonlijk woord’. Dat doet hij dan ook in het laatste hoofdstuk.

‘Het christendom wordt op den duur vervangen door een mystiek-sociale religie in de trant van het boeddhisme’
(Simon Vestdijk)

Mystiek-introspectieve oplossing
Constandse geeft commentaar op hetgeen Vestdijk zegt over wat de toekomst der religie zal zijn: ‘Naast de sociale oplossing komt de mystiek-introspectieve oplossing aan bod.’

‘Het christendom wordt op de duur vervangen door een mystiek-sociale religie in de trant van het boeddhisme, of door een sterk Aziatisch beïnvloede religie van psychologisch-symbolische aard.’ Deze mogelijkheid komt Vestdijk zelf het meest wenselijk voor.’
(Constandse)

Vestdijks spirituele ijver
Het bijzondere van arts en literator Simon Vestdijk (1898 – 1971) is dat hij zich al jong de vraag stelt of de religies in hun huidige vorm in de toekomst zullen blijven voortbestaan. Met spirituele ijver verdiept de auteur zich in onder meer in Immanuel Kant, Kierkegaard, C.G. Jung, het boeddhisme, de joodse Kabbala, Purusha (Indische Vedanta), Krishna (de Bhagavad-Gita), Brahman (‘unio mystica’), Tagore, Plato, Meister Eckhart. De Westerse èn Oosterse mystiek boeit hem.

In Vestdijks tijd zijn de gelovigen veelal praktiserend christen (katholiek of protestant) en bezoeken de kerk. Je valt buiten de gemeenschap als je niet gelooft. Mystiek? Boeddhisme? Velen kennen dat niet. De paus, en de protestante kerken, hebben het bovendien dogmatisch voor het zeggen. De zestiger jaren zijn nog ver weg. Intussen schrijft de auteur, sinds zijn debuut in 1932, het ene essay na het andere boek.


Vestdijk in Doorn – 2013

Mystiek is in wezen iets anders
Volgens Constandse is in de geschiedenis van het verzet tegen het christendom – ook door het atheïsme – de mystiek inderdaad een belangrijke factor geweest. Hij zegt dat de overgang van het christendom naar mystiek Vestdijks voorkeur heeft. De mystiek, zegt Constandse, is niet eenvoudig een vorm van religie, maar ze is in wezen iets anders:

‘In de eerste plaats is daarin het begrip van God niet dat van een opperheer, een persoonlijke dictator, maar van een onpersoonlijke oerbron, een oernatuur, waaruit we allen voortkomen en allen terugkeren. Ekkehard maakt een nadrukkelijk onderscheid tussen de God, die door de kerk is aangekleed, als een machtige monarch, naar het voorbeeld der vorsten (in die zin ‘Anthropomorfisch’) en God zoals hij naakt is, en derhalve vormeloos, maar alles omvattend.
(Constandse) 

Christendom evolueert verder
Vestdijk heeft behalve zijn voorkeur voor een overgang naar de mystiek, nog twee andere mogelijkheden genoemd.

‘De sociale religie krijgt op de duur de overhand, de metafysische religie verdwijnt gaandeweg, eventueel na periodieke oplevingen. En ook: ‘Het christendom handhaaft zich en evolueert verder, al of niet met politieke macht bekleed.’
(Constandse)


Aanpassing… ‘Diner Pensant’ van de Stichting Stimulering Vrijzinnnig Gedachtengoed, de Woudkapel, Bilthoven, 2023

Kerken zullen zich aanpassen
Kort gezegd, de bedoeling van deze zinnen suggereert dat de kerken zich zullen aanpassen aan de sociale verlangens van hun leden, meent de vrijdenker, en de verwijzing naar hel en hemel, of naar de opperheerschappij van een bovenaardse God, zal ophouden nog succes te hebben.

Grote rol (verdringing) seksualiteit
Ook over de grote rol die de seksualiteit in de traditionele christelijke praktijk speelt in het ontstaan van ‘het complex zonde en schuld’, schrijft Vestdijk in De toekomst der religie:

‘Christelijke zonde is vooral zonde van het vlees en zonde van het vlees is voor de christen niet te veel eten en drinken of niet genoeg aan lichte atletiek doen, maar zeer speciaal alles wat met de geslachtsdrift samen hangt, deze ‘onreinste’ aller driften.’
(Vestdijk, in De toekomst der religie)

Angst voor de Eros
Over de verdringing van de seksualiteit heeft Vestdijk behartigenswaardige kritische dingen gezegd, constateert Constandse, met name inzake het perverteren van de menselijke ziel door de erotische onderdrukking.

‘Hij zag terecht in allerlei wandaden van verovering en agressiviteit, van bezitsvermeerdering en onderdrukking, gevolgen van angst voor de Eros, van negatie van het erotische, van misvorming der menselijke ziel. En juist hierin moest hij – des te meer nog als romanschrijver – innig meeleven met al zijn tijdgenoten, die geen vrede meer hadden met het christendom.’
(Constandse)


1947

Toekomstvoorspelling uit het verleden
De toekomst der religie vind ik een visionair, mediterend geschreven, essay, gebaseerd op negen lezingen van Vestdijk. Sinds de jaren 90 is er geen belangstelling meer voor. Echter, dit boek is toegankelijk geschreven, en prettig leesbaar omdat je rustig mee kan gaan in zijn overdenkende stijl van schrijven. Vaak lange zinnen, maar die geven veelal zijn manier van denken weer: hoe hij tot zijn voorspellingen en opvattingen komt. En ook leest Vestdijk soms ‘net zo gemakkelijk’ als een roman.

‘Als kind van remonstrantse ouders werd ik bij een doopsgezinde dominee op catechisatie gedaan, omdat in mijn geboorteplaats geen remonstrantse broederschap bestond. Van ‘dogmatische’ verschillen heb ik nooit iets bespeurd, niet alleen door mijn gebrek aan belangstelling daarvoor – met de doopsgezinde dominee sprak ik meer over filosofie – maar omdat deze verschillen volkomen onwezenlijk zijn.
Dit is het ook wat mij voor de toekomstige ontwikkeling van het christendom het meest gewenst voorkomt. De geloofsverschillen moeten tenslotte zo subtiel worden dat ware christenen zich ’s morgens in bed, fris uitgeslapen, kunnen afvragen: ‘Ben ik niet eigenlijk een boeddhist?’
(Vestdijk, in De toekomst der religie)

Socioloog Jos Becker betitelde De toekomst der religie als ‘een toekomstvoorspelling uit het verleden’ en schreef erover in Religie & Samenleving (Jrg. 4 nr. 3 2009): ‘Hij leverde een drieslag – metafysica, mystiek en sociale strevingen – waar wij 60 jaar na dato nog steeds niet over zijn uitgepraat. Zijn blik op de toekomst was scherp te noemen. Aansluitend op het spraakgebruik: ‘Ik geef het je te doen!’
– Vestdijk deed het en hoe!

Bronnen:
* Vestdijkkroniek 1980,
Dr. A.L. Constandse | Simon Vestdijk: De toekomst der religie (dbnl)
*
De toekomst der religie, 1947, Simon Vestdijk, 6e druk, 1992, Meulenhof pocket editie(‘De toekomst der religie is een psychologisch-filosofische reflectie op de zin van het bestaan ​​als religieus uitgangspunt, met bijzondere nadruk op onder meer het ik, de relatie met anderen, de betrokkenheid bij de situatie, vrijheid, verantwoordelijkheid, overvloed, keuze, angst, dood, wat te laat is, de verlenging van het moment, de betekenisvolle gerichtheid, allemaal een persoonlijke passie, de moed om te zijn en te blijven worden.‘ (Van der Westhuizen, Elizabeth Susanna, 1990, NWU, repository.nwu.ac.za)
* De eerste twee hoofdstukken uit De toekomst der religie: svestdijk.nl

Gerelateerd: ‘Toekomst religie zal mystiek-introspectief zijn’
Beeld: spreadshirt.nl
Vestdijk in Doorn: foto T. Klijn (debedachtzamen.nl) – Sculpture: Jaap te Kiefte
Diner Pensant: foto: P.D. (Initiatief van de Stichting Stimulering Vrijzinnig Gedachtegoed (SSVG). Met Laurens ten Kate, Tabitha van Krimpen en Ward Huetink, 03 11 2023)

Een nabij-de-doodervaring uit 1879

Gezien in Musée d’Orsay, Parijs – In Het gedicht van de ziel (Le Poème de l’âme) zijn mysteries te ontdekken, verborgen in tekeningen, schilderijen en prachtige poëzie, schitterend weergegeven door de Lyonese kunstenaar Louis Janmot (1814-1892). In 34 grote schilderijen en tekeningen, begeleid door het gedicht, is de inwijdingsreis te volgen van een ziel op aarde. Deze spirituele reis is te bewonderen in Musée d’Orsay in Parijs, nog tot 7 januari 2024 op de tentoonstelling Le Poème de l’âme.

‘Le Poème de l’âme en Louis Janmot op het kruispunt van referenties, invloeden en stromingen die zowel literair, religieus en filosofisch, als artistiek zijn’
(Musée d’Orsay)

Janmot, schilder van de ziel, was anders dan alle andere kunstenaars van zijn tijd, maar toch weerspiegelt zijn werk dat van een aantal andere kunstenaars, waaronder William Blake, Philipp Otto Runge en Francisco de Goya vóór hem, zijn tijdgenoten, de Prerafaëlieten, en, later de symbolisten, met name Odilon Redon, die met hem in contact stond.’
(Musée d’Orsay)


Een van de grote zalen van Musée d’Orsay, Parijs, 29 09 2023

De tentoonstelling is georganiseerd door de musea d’Orsay en d’lOrangerie in Parijs, in wetenschappelijke samenwerking en uitzonderlijke bruiklenen van het Museum voor Schone Kunsten van Lyon. Niet alleen de eerste cyclus, maar het complete gedicht Le Poème de l’âme is er tentoongesteld.

De eerste cyclus, voltooid in 1854, vertelt over de eerste jaren in de hemel en op aarde van een ziel, voorgesteld in de gedaante van een jonge jongen en vergezeld door een jong meisje. We volgen de fasen en wisselvalligheden van hun reis, vanaf de geboorte van de jongen tot de vroegtijdige dood van de jonge vrouw. 

De tweede cyclus, voltooid in 1881, vertelt hoe de jongen, nu alleen, wordt geconfronteerd met de verleidingen en tegenslagen van de menselijke ziel. Een gedicht van 2814 regels, geschreven door Janmot en getiteld L’ Âme, begeleidt de werken. Het versterkt hun betekenis en is er onlosmakelijk mee verbonden. Het geheel componeert een hybride werk, literair en picturaal, dat uitnodigt tot contemplatie, luisteren en ronddwalen.
(Musée d’Orsay)


Sursum Corda !

Nabij-de-doodervaring
Een bijzondere tekening, de laatste uit de serie die Janmot maakte, is Sursum Corda ! (Verhef uw hart !) en is een uitdrukking ontleend aan de liturgie van de mis. Hierin vindt een man verlossing en wordt in de hemel verwelkomd door de jonge vrouw van wie hij hield.

De theologische deugden van geloof, hoop en naastenliefde en de kardinale deugden van voorzichtigheid, matigheid, standvastigheid en rechtvaardigheid zijn aan weerszijden verzameld, terwijl Christus de hemelse gemeente presideert, omringd door heiligen en engelen.’
(Sursum Corda !, Musée d’Orsay)

Terugkeer naar de aarde
J
amot voltooide Le Poème de l’âme op 18 september 1880 in Toulon. Het bijzondere van het slotgedicht Sursum Corda ! (1879) is, dat het een nabij-de-doodervaring weergeeft. Het suggereert, volgens het onderschrift bij de tekening, dat ‘de tijd van de man nog niet is aangebroken en dat hij naar de aarde moet terugkeren om de rest van zijn leven in geloof te werken’.

Mysteries ontdekken
Net als de hoofdrolspelers van Het gedicht van de ziel zal het publiek de mysteries ontdekken die in deze beelden verborgen liggen, tijdens een stapsgewijze wandeling, een initiatiereis door de werken. De tentoonstelling zal ervoor zorgen dat de twee vormen van expressie, visueel en tekstueel, naast elkaar kunnen bestaan. Zo kan de bezoeker het gedicht horen terwijl hij naar de schilderijen kijkt.’
(Musée d’Orsay)


Zelfportret (1832) van Louis Janmot op 18-jarige leeftijd, zijn eerste bekende schilderij.
Hij studeerde toen aan de L’ école des beau-arts van Lyon, waar hij later hoogleraar werd.

Schilder van de ziel
Musée d’Orsay is een groots, fantastisch museum. Schitterende zalen, waarin ik me dagenlang zou kunnen laven aan meesterwerken. De tijdelijke tenstoonstelling Le Poème de l’âme. L’idéal, ervaar ik als een spirituele toegift. Janmots poëzie raakt de ziel, en zeker ook zijn schilderijen en tekeningen. Het werk moet rechtstreeks uit zijn ziel zijn voortgekomen. Het werd een levenslang project, gerealiseerd tussen 1835 en 1881. Authentiek, zuiver en oprecht.

Wat Sursum Corda ! betreft is de idee erachter van de nabij-de-doodervaring niet zo vreemd. Uit het onderzoek van de bijna-doodervaringen blijkt volgens Bijbel&Onderwijs dat er ‘buiten zijn lichaam en ziel de mens toch bewust kan zijn van iets, en dat de Bijbel daar ook van getuigt’. Janmots ouders waren katholiek en diep religieus. Janmots werken zijn ook religieus geïnspireerd.

Bronnen o.a.:
* Musée d’Orsay, Parijs,
Tentoonstelling Louis Janmot: Le Poème de l’âme, nog tot 7 januari 2024 – ‘De tentoonstelling nodigt je uit om het verhaal van deze ziel te verkennen, een initiatiereis met de personages aan te gaan en hen te volgen in hun zoektocht naar het absolute’.
* Boutiques de musée:
Catalogus Louis Jamot

Beeld: Le Poème de l’âme. L’idéal, Louis Janmot, periode omtrent 1850 – 1854, Musée d’Orsay, Paris.
Beeld Sursum Corda !: Le Poème de l’âme. ‘Sursum corda !’, Louis Janmot, 1879 © Lyon MBA – Photo Martial Couderette (artscape.fr)
Foto’s Zelfportret van Louis Janmot & zaal Musée d’Orsay: PD, 29 09 2023

Kunstenaar Babs Bakels is geen ziel maar puur materie

In de serie Sterveling van de Volkskrant spreekt Fokke Obbema iedere week met mensen over de eindigheid van het leven in al haar facetten. Afgelopen donderdag sprak hij met kunstenaar Babs Bakels. Zij is zielloos. ‘De harde realiteit is dat ik geen ziel heb, maar puur materie ben.’ Volgens Bakels hadden we ‘eerst God om zin aan ons leven te geven, maar die hebben we de laan uit gestuurd.’Nu voor Bakels God weg is, is de dood er voor haar als zingeving. Die leert de kunstenaar hoe ze moet leven. Leven als puur materie?

‘De dood is een fantastisch fenomeen met een slechte reputatie’
(Babs Bakels)

Reflecterend op wat Bakels allemaal opwerpt, lijkt zij beïnvloed door de Franse filosoof René Descartes die de mens zag als materie, als ‘complexe assemblages: onderdelen die samen als een machine functioneren’. Is Bakels een machine, een robot?
Hoe zij dan kunst kan scheppen, is een raadsel. Het zal lijken op iets, voortgekomen uit levenloze AI-beeldgenerators. Komt geen ziel aan te pas. Mensen met een ziel zullen er niet geraakt door worden. Liefdeloze kunst: liefde is immers niet-materieel.

De versluiering van de ziel begon met het centraal stellen van de ratio, door de filosoof Descartes. De moderne psychologie versmalde de ziel tot psyche. De breinwetenschap ging nog een stap verder en verlaagde spiritualiteit en emoties tot het resultaat van chemische hersenprocessen. In veel kerken werd het oude spreken over de ziel afgedankt als Grieks dualisme, met een onterechte scheiding tussen lichaam en ziel.’
(Journalist Huib de Vries in RD)

Bakels, onder meer conservator Nederlands Uitvaart Museum Tot Zover, zegt zingeving uit de dood te halen. Hoe kan zij – puur materie, zielloos – angst hebben voor de dood en er door gefascineerd worden, zoals zij zegt? Angst is emotie, is geen materie, net als liefde dat niet is. Toch kent zij angst. Wonderlijk. Zij zegt sinds jaar en dag geïnspireerd (= bezield(!)) te worden door haar favoriete onderwerp: de dood.

Precies, ook dat is reden dankbaar voor de dood te zijn. Natuurlijk is het een enorm verdrietige gebeurtenis, maar juist dat drukt onze neus op iets heel moois, de liefde. Juist doordat je weet dat je die kunt verliezen, nee sterker: dat je die zúlt verliezen, kun je zoveel van iemand houden.’
(Bakels in de Volkskrant)

Wonderlijk dat puur materie ‘zo veel van iemand kan houden’. Misschien wel zielsveel, maar Bakels heeft geen ziel.

Die [de dood] bestond natuurlijk al, maar we dachten hem met God en een hemel klein te krijgen. Sinds God weg is, is de dood er in mijn ogen voor de zingeving, want hij leert ons hoe we moeten leven.’
(Bakels)


Babs Bakels

Sterveling Bakels zegt een miniem onderdeel te zijn van een veel groter geheel, van een eeuwige golfbeweging van leven en dood, waar ze even in mee mag gaan. Mensen die leven alsof de dood niet bestaat, bekijkt ze met jaloezie.

Nou ja, soms. Als je je kunt verliezen in de gebeurtenissen van alledag en met de rug naar de dood toe kunt leven, dan leef je onbevangen, in ieder geval meer dan ik, haha. Ik vermoed dat de meeste mensen het op die manier aanpakken: iedere dag is een nieuwe, verder zien ze het wel. Dat is een manier om jezelf gerust te stellen, je doodsangst weg te houden.’
(Bakels)

Mensen doen er dus alles voor om zichzelf gerust te stellen, om hun doodsangst weg te houden, volgens Bakels. Zij doet daar echter ook alles voor: ze stelt zich gerust met het omarmen van kunst: onbewust lijkt ze zichzelf daarmee onsterfelijk te maken.

Neem het omarmen van een religie of een bepaalde ideologie. Dat voorziet in de behoefte aan een heilige waarheid die je tegen je doodsangst moet beschermen, het geeft de illusie van onsterfelijkheid. Maar je hebt ook subtielere vormen daarvan, zoals mensen die hun hele leven in dienst stellen van het verkrijgen van macht, status en materie. Ook dat zie ik als het gevolg van doodsangst.’
(Bakels)

Bakels heeft het stoffige idee dat je naarmate je ouder wordt, je verstokt blijft vasthouden aan het bestaande. Maar in deze tijd zijn het vaak de ouderen die vrijer kunnen denken over vastigheden die ze vroeger omarmden. Volgens de kunstenaar is de dood echter noodzaak om het bestaande los te laten, om afscheid te nemen van het oude.

Daarbij helpt de dood geweldig goed. Als je weet uit te zoomen naar dat perspectief, kun je inzien: de dood is eigenlijk een fantastisch fenomeen met een ten onrechte slechte reputatie.’
(Bakels)

Dat Bakels denkt dat de dood noodzakelijk is, werd voor haar duidelijk door Alle mensen zijn sterfelijk van Simone de Beauvoir.

Daarin is haar hoofdpersoon, de edelman Fosca, als enige onsterfelijk. Dat blijkt een verschrikkelijk lot, hij komt volkomen onverschillig tegenover alles en iedereen om hem heen te staan. Dat maakte voor mij duidelijk waarom eeuwig voortleven een slecht idee is, echt inspirerend.’
(Bakels)

Een onlogische conclusie. Natuurlijk is het een verschrikkelijk lot als je als enige onsterfelijk zou zijn. Eeuwig voortleven is echter een ander verhaal als iedereen eeuwig voorleeft. Maar in eeuwigheid gelooft de kunstenaar niet, en dat kan ze ook niet, als puur materie. Materie is dood.


De ziel, instrument waarmee we betekenis vinden

Hoe gaat het eigenlijk met onze ziel? Ze wordt bedreigd. Volgens Govert Buijs, verbonden aan de Faculteit der Wijsbegeerte van de Vrije Universiteit Amsterdam, nu afdeling Filosofie bij Geesteswetenschappen, zijn er door de gevoeligheid van de ziel veel kapers op de kust om haar te manipuleren.

Let op de wereld van de M: Macht, waar de politiek of de natie onze ziel wil hebben; de Markt, die onze hebzucht aanwakkert; Media, die ons zelfbeeld aan anderen leren spiegelen; en de Medische wereld, die gezondheid belooft.’ Op zichzelf allemaal niet verkeerd; maar de wereld van de M heeft de neiging constant te ontsporen en de ziel in bezit te nemen.’
(Govert Buijs)

Bronnen:
*
Interview Babs Bakels ‘De dood is een fantastisch fenomeen met een slechte reputatie’ (de Volkskrant, 1 juni 2023)
* De herontdekking van de zielHuib de Vries (RD, 23 maart 2019)
* Museum Tot Zover (Amsterdam Oost)
* Promuse Culturele Projecten
*
De ziel, instrument waarmee we betekenis vinden (Goden En Mensen, 4 april 2021)

Beeld: Museum Tot Zover (Amsterdam)
Foto Babs Bakels: Promuse
Beeld ziel: Gerhard G. (Pixabay)