Carl Jungs duik in het onbewuste

rodeboek

In Het Rode Boek, ‘de graal van het onbewuste’, wordt de dramatische tocht uitgebeeld van de moderne mens op zoek naar zijn eigen mythe. Oorspronkelijk schreef psychiater Carl Gustav Jung zijn vele ervaringen en gevoelens op in zes ‘zwarte boeken’, zoals hij deze noemde, tijdens een diepe identiteitscrisis. Over – soms verschrikkelijke – visioenen en zijn ‘duik in het onbewuste’ en zijn dwaaltocht door de onderwereld, eindeloos op zoek naar zijn ziel. Een zes jaar durende worsteling, van 1913 tot 1919.

Volgens theoloog Rinus van Warven voerde Jung op 5 januari 1922 een gesprek met zijn ziel over zijn roeping. De dialoog tussen Jung (de ‘ik’) en de Ziel is in deze vorm letterlijk te vinden in de Nederlandse vertaling van het Liber Novus (Het Rode Boek) dat onlangs door Van Warven is uitgegeven. (N.B. Echter zonder de kunstwerken uit het oorspronkelijke boek.)

Zijn ziel drong er hier bij Jung heftig op aan om zijn materiaal te publiceren, waartegen hij zich verzette. En zo duurde het decennialang voor zijn woorden in boekvorm verscheen. Het Liber Novus van Carl Gustav Jung lag tientallen jaren in een bankkluis in Zürich. Toen het in 2009 op de wereldmarkt verscheen werd het meteen ‘de graal van het onbewuste’ genoemd. Het boek werd snel bekend als Het Rode Boek: de kleur van de leren omslag van het oorspronkelijke Liber Novus. Het is het verslag dat Jung van zijn crisis van 1913-1916 maakte. Jung beschrijft hoe hij zich overgeeft aan een diepgaand innerlijk proces, waarbij hij uiteindelijk zijn eigen ziel ‘hervindt’. (Van Warven)

Tijdens een van de colleges van de Capita Selectie-serie ‘Parels van de westerse esoterie’ die ik in mei 2019 bezocht bij de Academie voor Geesteswetenschappen in Utrecht vertelde Jungkenner Tjeu van den Berk met passie over Carl Gustav Jungs (oorspronkelijke)  Rode Boek. Dit lag groots – ook qua afmetingen – opengeslagen onder handbereik van de nieuwsgierige cursisten. Voor de Academie schreef ik hierover een verslag.

Van den Berk nam ons mee naar het leven en werk van Jung (1875 – 1961) en vertelde over zijn jarenlange pogingen, eerst samen met Freud, het onbewuste te ontcijferen. Al van jongs af aan was Jung gefascineerd geweest door de menselijke psyche. Cryptomnesie, het ‘verborgen geheugen’, hield hem erg bezig. Het bevat informatie waarvan de bron niet wordt opgeslagen in ons geheugen. De menselijke geest zou ‘op andere plaatsen’ veel informatie bewaren. ‘We weten het allemaal, diep vanbinnen,’ zei Jung. Daarom was hij zo gefascineerd door het onbewuste. Ons bewuste komt er volgens Jung immers volledig uit voort.’
(AVG)

Prachtige beelden liet Van den Berk zien, met uitgebreid commentaar, van de schilderijen en tekeningen die Jung in zijn Rode Boek maakte. Compleet met gekalligrafeerde teksten waarin Jung over hermetische gnosis schrijft, en er ook teksten toevoegde die verwijzen naar Sumerische, Egyptische, Scandinavische, Griekse, Hindoeïstische en christelijke mythen.

Van den Berk raakte niet uitverteld en deed dat op meeslepende wijze. Hij kreeg dan ook na afloop terecht een luid applaus.
De originele uitgave van Het Rode Boek ligt opgeslagen in een kluis in Zürich. Van den Berk heeft dat tweemaal mogen inzien, vertelde hij trots. September 2019 verschijnt de Nederlandse vertaling – wel zonder alle mooie kunstwerken die zeker een kwart van het boek beslaan.’
(AVG)

IKoorddanser schrijft Van Warven over De ‘graal van het onbewuste’ – Jung in gesprek met zijn ziel. Jung zou uiteindelijk door de ontmoeting met de ziel ingewijd worden in de geheimen van de menselijke psyche. – Een deel van het gesprek luidt:

Ik: ‘Ik ben bereid. Wat is het? Spreek!’
Ziel: ‘Luister: Om geen christen meer te zijn is gemakkelijk. Maar hoe nu verder?  Want er staat meer aan te komen. Alles wacht op jou. En Jij? Jij blijft zwijgzaam en hebt niets te zeggen. Maar je zult moeten spreken. Waarom heb jij het plotselinge inzicht ontvangen? Dat moet je niet verbergen. Jij bekommert je om de vorm? Is de vorm belangrijk als het om het plotselinge inzicht gaat?’
Ik: ‘Maar wat is mijn roeping?’
Ziel: ‘De nieuwe religie en haar verkondiging.’
Ik: ‘Oh God, hoe moet ik dat doen?’
Ziel: ‘Wees niet zo kleingelovig. Niemand weet dat zo goed als jij. Niemand, die het zó zou kunnen zeggen als jij.’
(Uit: Het Rode Boek)

Alle dromen, ervaringen en inzichten noteerde Jung nauwgezet, vertelt Van Warven. Zijn aantekeningen werden een procesverslag dat uiteindelijk resulteerde in Het Rode Boek.

Zie:
* Koorddanser, februari 2020
:
De ‘graal van het onbewuste’ – Jung in gesprek met zijn ziel

* Academie voor Geesteswetenschappen: Capita Selecta 21 mei 2019: Tjeu van den Berk

Beeld: Het oorspronkelijke Rode Boek – met illustraties (foto: PD)

Het Rode Boek | Carl Gustav Jung | Vertaald door Hans Huisman | ISBN 978-94-92421-86-9 | 581 blz. | Verschijningsdatum 02-09-2019 | € 38,50 | Geen verzendkosten

‘Licht, geest, creativiteit en religie horen bij elkaar’

lichtalsdeeltjeengolftweakers.net

‘Alles wat er in het heelal voor mij bestaat, bestaat in de eerste plaats als gedachten en beelden in mijn bewustzijn.’ In Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan? benadert auteur Gerrit Teule – in het deel Licht en bewustzijn – geest en bewustzijn vanuit een ongebruikelijke kant, namelijk vanuit de natuurkunde en wat die met haar experimenten ons zegt over licht. Teule zegt een ‘gulden’ middenweg te bewandelen om tot inzicht te komen. Hij legt onze ‘binnenwereld’ naast die van de ‘harde’ natuurkunde. 


Ik heb het gevoeld, een aanwezigheid die mij met vreugde beroert.
Verheven gedachten, een prachtige gewaarwording,
van iets wat veel dieper samengesmolten is.
Het licht van de ondergaande zon is zijn woning
en ook de oceaan om ons heen, en de levende lucht,
en de blauwe hemel en de geest van een mens.

(William Wordsworth)


Teule heeft het over psychomaterie: een synthese van geest en stof. (Geest, ziel en bewustzijn zijn volgens hem geen ‘bovennatuurlijke verschijnselen’ en het begrip materie verandert in ‘psychomaterie’.) De auteur begint bij ‘harde’ natuurkunde en verifieerbare of falsifieerbare theorie, maar al snel komt er een toegevoegde ‘ruimtedimensie’ bij:

Een zuiver product van de geest, dat weliswaar in veel hoofden kan bestaan en bruikbaar is, maar dat toch moeilijk verifieerbaar is. Bewijsbaarheid van deze extra ruimtedimensie, de imaginaire dimensie, met waarnemingen uit de natuur is niet mogelijk, want dimensies bestaan slechts in onze geest als ‘actieve metaforen’: onze denkconstructies die de vorming van bewustzijnsbeelden begeleiden of zelfs geheel bepalen.’

Atoomfysicus en theoloog Lawrence W. Fagg concludeerde in zijn boek Elektromagnetism and the Sacred dat licht, geest, creativiteit en religie bij elkaar horen, zo vertelt Teule, die dit boek vertaalde: Op de grens van geest en stof – Elektromagnetisme en het Heilige. Hij zegt dat Jung daar nog het numineuze aan toevoegde: het ontzagwekkende, het adembenemende, het grootse.

Er bestaat een rechtstreeks verband tussen elektronische interacties en de werking van de hersencellen en ons lichaam: elk elektro-encefalogram of elektrocardiogram bewijst dat.’

Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan? is geen eenvoudig boek dat je ‘even leest’ maar wel in alle rust kan bestuderen om te doorgronden hoe en waarom de auteur (boeiende en bijzondere) verbanden legt tussen ‘harde wetenschap’ en gedachten van filosofen als Pierre Teilhard de Chardin, Carl Jung, en anderen. Je komt erachter dat er in de hoofden van deze denkers gedachten speelden die later door de wetenschap min of meer bevestigd worden, of althans, zeker worden verbanden zichtbaar. Zo vertelt Teule bijvoorbeeld dat van Jung gezegd wordt dat hij langs experimentele weg het bestaan van het onbewuste aantoonde, met een nauwkeurige galvanometer.

Moderne scanonderzoeken tonen inderdaad aan, dat er in onze hersenen in elektrochemische zin veel gebeurt waar we ons niet bewust van zijn. Dat kunnen we ook aanduiden met termen als voorbewuste of het onderbewuste, of we moffelen het weg als wat elektronisch gerommel in de marge (ook te verpakken in onduidelijke termen als ‘ruis’, of ‘schuim op de hersengolven’).’  

Zijn we met ons bewustzijn überhaupt in staat datzelfde bewustzijn helemaal te doorgronden, vraag Teule zich af. Met deze principiële vraag begint volgens de auteur de kennis over de extreme elektromagnetische complexiteit en breindynamiek. De auteur verwijst weer naar Fagg die stelt dat we alle elektronische interacties in de breedste zin van het woord kunnen zien als de werking van het licht. Dit maakt Teule vervolgens uitgebreid en diepgaand duidelijk in zijn boek. Door het verband wat de auteur legt tussen geest, licht en elektronen, komt hij uiteindelijk uit bij de diepste wortels van de bewustzijnsevolutie en de psychologie: het onderwerp van zijn boek.


‘Ongeveer tien jaar, tegelijk met mijn natuurkundige werk op het gebied van kernfysica aan de Katholieke Universiteit van Amerika, studeerde ik theologie aan de George Washington Universiteit. Bij de meest interessante colleges van het programma waren er twee die gingen over de teksten van christelijke mystici. In hun werk en in de geschriften van alle religies die ik bestudeerde, had licht (een elektromagnetische straling!) een speciale plaats, niet alleen als een symbool of metafoor, maar ook als een diepe, intieme ervaring van heilige aanwezigheid.’ (Lawrence W. Fagg)


Bron: Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan? Deel I Licht en bewustzijn, 1. Elektronen uit licht.

Beeld: tweakers.net – Wetenschappers maken eerste snapshot van licht als golf en deeltjesstroom (2015)

Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan? | De evolutie van geest, ziel en bewustzijn als een natuurlijk proces; hoe moderne natuurkunde en informatica ons leiden naar een universele en diepe psychologie | ISBN 9789461533487 | Uitgeverij Aspekt B.V. | 386 pag.

Gerelateerd:
– ‘Ga heen en komt tot bewustzijn! 
– Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan?

‘Ga heen en komt tot bewustzijn!’

20190921_150409 (1)

Bewustzijn is booming. In beweging. Vanaf de Piazza San Marco in Veneza vliegen we – na twee ‘bewustzijnslezingen’ – hoger en hoger, lichtjaren diep het heelal in. Langs sterren en planeten, gigantisch ver van ons verwijderd. Frank Vermeulen van de Volkssterrenwacht Bussloo laat op indringende wijze met films en foto’s zien hoe groot de afstanden tussen planeten, sterren en sterrenstelsels zijn. Door deze immense afstanden kijken we terug naar het verleden. En het heelal dijt intussen steeds sneller uit, zo leert de roodverschuiving ons vandaag.


‘De evolutie: een theorie, een systeem of een hypothese? Volstrekt niet; veel meer dan dat: een algemene voorwaarde waarnaar voortaan alle theorieën, alle hypothesen, alle systemen zich moeten voegen, waaraan zij moeten beantwoorden, willen zij denkbaar en waar zijn. Een licht dat alle feiten bestraalt, een curve waarmee alle lijnen moeten meegaan, dat is evolutie.’
(Pierre Teilhard de Chardin, 1881 – 1955)

Elektromagnetische kracht: ‘De verzameling van elektronen en fotonen (lichtdeeltjes) die in de natuur alles vorm geeft, informatie onthoudt en communiceert.’
(‘Thinking electrons’ – Jean Emile Charon, 1920 – 1998) 


Ademloos en nog aan het bekomen van de indrukwekkende lezingen Licht en Duisternis en Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan?, ondergaat de volle, maar ruime tuinzaal van Huize Het Oosten in Bilthoven, de Tien raadsels van het heelal. Perfect georganiseerd door Bres Magazine.

Geen echte duisternis
Jaap Hiddinga – studeerde kwantumnatuurkunde en chemie – vertelt met behulp van prachtige beelden, over Licht en Duisternis. De vroege mens vereerde het Licht en had angst voor de Duisternis. Als Hiddinga het heelal bestudeert, constateert hij echter dat er geen echte duisternis bestaat, in werkelijkheid is er een zee van licht. ‘De duisternis heeft nooit bestaan’. Onze menselijke blik is zeer beperkt, onze ogen zien nog geen 1% van de werkelijkheid. Hoe het onzichtbare zichtbaar te maken, is dan de vraag. Met behulp van warmtebeeld- en hyperspectrale camera’s zien we al wat meer. Je maakt dan zichtbaar wat wij ‘normaal’ niet kunnen zien.


‘Vroeg of laat zullen de kernfysica en de psychologie van het onbewuste elkaar naderen als ze allebei, onafhankelijk van elkaar en vanuit tegenovergestelde richtingen, vooruitstoten naar het gebied van het buitenzintuiglijke.’
(Carl Jung in zijn boek Aion, 1951)

‘Toen de geest het universum schiep, doordrong zijn diepste kern al het geschapene. Het is de mens, zeldzaam onder de geschapen dingen, gegeven dit te weten.’
(Brihadaranyaka-Oepanishad) (Uit een tijd eonen geleden)*


Levenskracht
Gerrit Teule
was na een opleiding als werktuigbouwkundige, 27 jaar werkzaam in de ICT-branche. Vanaf 1992 werkt hij als natuurfilosoof en schrijver, in het bijzonder op het gebied van bewustzijnsevolutie en natuurlijk elektromagnetisme in alles wat leeft en bloeit. Zijn lezing: Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan? – tevens de titel van het boek dat hij schreef – gaat over inzichten in de intensieve samenwerking van geest, ziel, brein en lichaam. Teule koppelt de praktische natuurkundige theorie van de elektromagnetische kracht aan het begrip ‘levenskracht’. Deze kracht werkt in alles wat er in de natuur gebeurt: ‘elke ontluikende bloemknop, elke celdeling in een levend lichaam, elke lichtstraal vanuit het heelal: alles is gevormd door elektromagnetische kracht’. De Franse fysicus en informaticus Jean Emile Charon legde dit fundamentele verband.

Anders gezegd: de levenskracht maakt gebruik van alle mogelijkheden die de elektronische kracht te bieden heeft: ‘het ‘goddelijke scheppingswerktuig’. (Teule)

Charon stelt, aldus Teule, dat een elektron een raakpunt is tussen twee universums: een klein universum (wat hij aanduidt met ‘eon’) en het grote universum waarin wij leven.

Deze eonen/elektronen zijn ontstaan in de eerste seconde van de oerknal. Het zijn bijna letterlijk ‘spetters uit de oerknal’.’ (Teule)

20190921_145319 (1)

Anatomie van geestdeeltjes
T
eule vertelt dat ze in de eerste seconde van de oerknal zijn ontstaan, en zegt dat het denkbaar is dat de geestdeeltjes vanuit de oerknal het heelal ingestuurd werden met een doelgerichtheid: ‘Ga heen en kom tot bewustzijn’.

Bij de oerknal werden eonen alle kanten opgestuurd, niet alleen maar in de richting van de stofwolk waar zo’n tien miljard jaar later onze zon en de aarde uit voort zouden komen. Het is daarom te verwachten dat de levenskracht overal in het heelal aanwezig is en op miljarden plaatsen heeft geleid tot levende creaturen, die verder evolueren in de richting van bewust denkende wezens.’ (Teule)

‘De Upanishaden maken deel uit van de Veda´s, de oudste heilige geschriften die de mensheid kent, afkomstig uit een tijd eonen geleden toen er op aarde slechts één religie bestond, aangeduid met de ‘spraak der Goden’. (Stichting Raja-Yoga Nederland)

Bronnen:
BRES Lezingenmiddag 21 september 2019, Bilthoven
BRES magazine voor bewustzijn in beweging, sept/okt 2019, themanummer ‘Levenskracht’, Gerrit Teule: Levenskracht en elektromagnetisme, blz. 23 – 31.

Foto’s: PD – Van twee powerpointbeelden van de presentatie door Gerrit Teule

N.B. Dit blog vertelt slechts summier over een bijzonder informatieve lezingenmiddag vol levenskracht, levensvonk en zielevonk, elektromagnetisme, levensenergie. Nogal imponerend, velen werden meegesleept door de verhalen, foto’s en resultaten van onderzoeken waarover met veel passie en kennis verteld werd. Over de ‘levenskracht, die de fijnste, meest doordringende, onzichtbare activiteit van de natuur is, die we tot nu toe kennen’.
Een volgend blog zal dieper ingaan op het boek van Gerrit Teule: Hebben wij een ziel? Zo ja, waar dan? – de evolutie van geest, ziel en bewustzijn als een natuurlijk proces; hoe moderne natuurkunde en informatica ons leiden naar een universele en diepe psychologie.

‘Vrede heeft te maken met dialoog’

Dome of Rock

‘Het eindigt altijd met dat ze aan tafel zitten. Waarom beginnen ze daar niet mee?’ – Door wat er gebeurt in Israël en de omringende landen is er veel antisemitisme, terwijl joden in Nederland niets te maken hebben met politiek in Israël, stelt rabbijn Navah-Tehila van de Liberaal Joodse Gemeente Utrecht (LJG). ‘Dat is alsof je moslims hier aanspreekt op daden van IS.’ Navah-Tehila noemt de situatie in Israël heel pijnlijk voor èn Palestijnen èn Joden. 

In de serie Utrecht gelooft, is DUIC in gesprek met de geestelijk leiders van de stad. In april met rabbijn Navah-Tehila en Lonie Querido van de LJG. Navah-Tehila (76) zegt ‘ontzettend liberaal en rebels’ te zijn. In het interview, door Mirte van Eysden, zegt de rabbijn meer van mensen te houden dan van regels. ‘Al het leven is heilig en we moeten dus ook met respect met het leven van anderen omgaan.’

Als er gepraat wordt over gelijkwaardigheid en het is er niet, dan ga ik daarvoor staan.’

Het jodendom gaat voor de rabbijn over moreel en ethisch omgaan met de medemens en de natuur, want jodendom is niet alleen religie, maar ook cultuur: muziek, kunst, literatuur en poëzie.

Het is een spirituele en praktische leer van menselijke waarden en normen. (…) De meeste mensen leven daar [in Israël] seculier, maar de Israëlische wet is een orthodoxe wet. Dat vind ik kwalijk. Waarom moet ik leven volgens wetten waar ik niet in geloof? Ik ben niet orthodox en ook niet politiek. Het gaat me aan het hart, het raakt mijn ziel. Er zijn aan beide kanten gewoon mensen die willen leven.’

Voor Navah-Tehila – inmiddels met emeritaat maar nauw betrokken bij de gemeente – was rabbijn-zijn een manier om alles te combineren: spiritualiteit, muziek en kunst.

In Griekse tijden was dat heel normaal. Het hoorde allemaal bij elkaar. Ware religie ís alles bij elkaar. Een verdeling is kunstmatig en typisch voor deze tijd.’

De rabbijn zegt niet gelovig te zijn, maar vertrouwend. Haar geloof gaat dieper dan het praten erover, want dat voelt voor haar als een doodlopende weg.

De ziel is voor mij heilig. Soms, voor een paar seconden, voel ik iets en dat is wat wij noemen ‘God’ of het ‘goddelijke’. Het is een gevoel van vrijheid en vreugde en een gevoel dat er leven is.’

Interreligieuze dialoog is belangrijk voor Navah-Tehila. De rabbijn is al lang actief bij de dialooggroep in Utrecht. Dat is wat zij heel belangrijk vindt, omdat vrede te maken heeft met dialoog.

Als twee landen ruzie hebben, gaan ze vechten, soldaten gaan dood. Ze geven hun leven en voor wat? Het eindigt altijd met dat ze aan tafel zitten. Waarom beginnen ze daar niet mee? Er zijn veel kwade krachten in de wereld, maar wat mij hoop geeft is te weten dat een klein beetje licht tegen heel veel duisternis kan. Dus steek een kaars aan in een donkere kamer.’

Zie:

* ’Ik ben liberaal en rebels’DUIC (In papieren krant, nr. 79, april 2019. In een van de komende dagen is deze aflevering ook digitaal te lezen, via DUIC ISSUU.)

Foto: Jeruzalem – Stefano Rocca (EyeEm Getty Images / EyeEm)