‘Alleen liefde geeft je een heldere blik’

Alleen liefde geeft je een heldere blik. Haat vertroebelt de dingen. Als we haten, weten we niet wat we doen. – Een uitspraak van schrijver en filosoof Iris Murdoch. Haar bekendste bundel filosofische essays, De soevereiniteit van het goede is in herdruk en verschijnt 31 maart 2022. Filosoof en psycholoog Arthur Eaton schreef Profiel: Iris Murdoch – Een filosofie van de liefde in De Groene Amsterdammer.

Moraal is overal, was de overtuiging van de Engelse filosoof Iris Murdoch (1919-1999). Voor haar was de essentie van liefde en moraal altijd hetzelfde. ‘Als het lukt om achter de sluier van onze ego’s te kijken, kunnen we elkaar weer begrijpen, met elkaar in dialoog gaan.’ 

We zijn zó egoïstisch. Het is altijd: onze behoeftes, onze verlangens, ons verdriet. En vaak kijken we ook zo naar de mensen om ons heen, vanuit de behoeften van ons ego. Als we krijgen wat we willen maakt ons dat gelukkig – althans, vaak wel, geef toe – en als we worden teleurgesteld zijn we verdrietig of boos.’

Eaton noemt als belangrijkste inzicht uit haar werk dat liefde begint waar ‘the big fat ego’ (in Murdoch’s woorden) eindigt. Pas als het je lukt om een ander te zien, écht te zien voor wie die is, dan heb je diegene lief, verklaart Eaton. We leven in de houdgreep van ons ego, kunnen het moeilijk uit zetten en er ook niet buiten denken. Sommige mensen zouden zelfs zeggen: het ego is in ons datgene wat denkt.

Maar héél soms, door een kloof in de wand, zien we de wereld of een ander mens zoals die wérkelijk is. En dat is liefde.’

Volgens Eaton zijn Murdoch’s ideeën over liefde, empathie en het goede, relevant in een wereld die steeds verder versplintert door hokjesdenken en identiteitspolitiek.

Wat haar ideeën zo aantrekkelijk maakt voor onze tijd is dat Murdoch ervan uitgaat dat we allemaal een uniek perspectief hebben op de realiteit: een vrouw ziet de wereld anders dan een man, en een zwarte vrouw ziet de wereld anders dan een witte vrouw. Jouw perspectief is het mijne niet.
Maar even belangrijk in haar werk, zowel in haar filosofische werk als haar romans, is de poging om het perspectief van de ander tóch te leren kennen, om zo een brug te slaan naar die ander.

De hang naar transcendentie, de zoektocht naar een realiteit achter de schijnwereld van het dagelijks leven, houdt Murdoch haar hele leven bezig, vertelt Eaton.

Ze flirt op verschillende momenten met het idee om zich aan te sluiten bij een religie, en benijdt de mensen die de stap durven zetten, maar voor haarzelf is het niet weggelegd. Ze zal proberen via de morele filosofie te bewaren wat er goed is aan religie, zonder de in haar ogen onnodige symboliek en verhalen. Haar centrale vraag zal zijn: kan het Goede de dood van God overleven?’

Murdoch schreef in een brief naar de Franse schrijver Raymond Queneau:

Ik begon mijn leven als een politiek dier en dacht dat mijn ziel er niet toe deed, nu ben ik bijna een religieus dier en denk ik dat de ziel van levensbelang is. In het spanningsveld tussen deze twee houdingen liggen alle filosofische problemen die mij interesseren.’

Eaton vertelt dat Murdoch aan de weg van de morele filosofie timmert: die maakt die ruimte voor liefde en het goede, maar heeft daarvoor geen esoterische verhalen nodig. 

Zowel het marxisme als het christendom stelde Murdoch teleur, om vergelijkbare redenen. Allebei beloven ze meer dan ze waarmaken op het gebied van naastenliefde. En dat terwijl dat precies is waar een morele theorie om zou moeten draaien, volgens Murdoch: het liefhebben van de ander.’

Zie voor uitgebreid artikel: Profiel: Iris Murdoch – Filosofie van de liefde (De Groene Amsterdammer, nr 6, 9 februari 2022)

De soevereiniteit van het goede | Iris Murdoch | Uitgeverij Vrijdag | € 22,99 | Dit boek is in herdruk en beschikbaar vanaf 31 maart 2022 |
Het innerlijke leven van de mens lag Murdoch nauw aan het hart. ‘Het is niet stil en duister binnenin’, schreef ze. Ze verweet haar collega-filosofen dat zij de ziel hadden kapotgemaakt en vervangen door het ego. Met haar opmerkzame inzichten gaf ze een scherpe kritiek op eigentijdse filosofen, zoals de existentialisten. Zo legde ze de focus van de moraalfilosofie opnieuw op de innerlijke wereld. Morele groei toont zich niet in hoe mensen handelen, maar in hoe ze denken, zien en voelen.
(Filosoof Katrien Schaubroeck, docent ethiek en hedendaagse analytische wijsbegeerte aan de Universiteit Antwerpen. Zij schreef Iris Murdoch, een filosofie van de liefde)

Foto Iris Murdoch: Sophie Bassouls/Sygma/Getty Images

‘De samenleving snakt naar betekenis’

De laatste verhalen over de wereld en onze plaats in de wereld hebben we samen met God, Jezus en de Heilige Maagd weggegooid. Nu zoeken mensen hun heil bij de wetenschap. En dat is niet verwonderlijk, want de wetenschap – dezelfde wetenschap die ons tot machines heeft gereduceerd – heeft de grootste bek.  – Voor HP/DE TIJD las journalist Oswin Schneeweisz Leven als een mens van Charles Foster. De natuuronderzoeker ging terug naar het laatpaleolithicum waarin de mens nog onderdeel was van alles om hem heen.

Nu we de wereld om ons heen gereduceerd hebben tot machinale objecten, is de betekenis van alles verloren gegaan. In het laatpaleolithicum had alles betekenis en die betekenissen vertelde men door in verhalen. Maar we hebben geen verhalen meer.’
(Charles Foster)

De samenleving snakt naar betekenis, zegt Charles Foster. Maar wetenschappers zijn slechte verhalenvertellers. Het belangrijkste verhaal van dit moment – het sombere, letterlijk vernederende verhaal van de homo economicus en de vrije markt – is ons in de verste verte niet waardig.

Er zijn veel betere verhalen. Ze zijn allemaal erg oud. En ze gaan over de relatie van de mens met de natuur, over de verbinding tussen alle levende wezens, tussen planten en dieren. Onze opgave is die verhalen te herontdekken. Als we dat niet doen, voorspel ik je dat het afgelopen is met de mensheid. Dan gaan we aan ons eigen reductionisme en rationalisme ten onder.’
(Charles Foster)

Het is volgens Foster fout gegaan toen we onder invloed van het reductionisme de mens zijn gaan zien als een verzameling atomen, DNA en cellen.

Als iets wat je in onderdelen uit elkaar kunt halen en vervolgens kunt analyseren. Een dergelijke wetenschap kan met een fenomeen als bewustzijn niets. Daarom wordt het genegeerd. De wetenschap is slachtoffer geworden van wat ik noem de linguïstische tirannie: alles moet benoembaar zijn. En daarmee ontkent de wetenschap het belangrijkste wat ons mensen tot mens maakt: het onderbewuste, het gevoel, de intuïtie. Het zijn allemaal menselijke eigenschappen die in het laatpaleolithicum tot bloei zijn gekomen.’
(Charles Foster)

De natuuronderzoeker stelt dat door het reductionisme – het gevolg van de verlichting – de ziel uit de niet-menselijke wereld werd gedreven, waarna mensen als de enige bezielde wezens overbleven. Kwade genius in dezen is volgens Foster filosoof René Descartes die de werkelijkheid in twee niet-communicerende rijken verdeelde: dat van de materie en dat van de geest.

Eerst moet dit heel onschuldig geleken hebben. Het was niet meer dan een pedant stukje filosofische taxonomie, maar de gevolgen waren verpletterend. Geest of ziel – noem het zoals je wilt – bestond ineens niet meer in niet-menselijke materie.’
(Charles Foster)

Desgevraagd verduidelijkt de auteur waarom een steen geen ziel zou kunnen hebben, of een boom of een hond. Omdat het materie is, zeggen de discipelen van Descartes.

‘Maar diezelfde negen-tot-vijfwetenschappers komen na het werk op kantoor of in het lab thuis, aaien de hond en zien dat hij vrolijk kwispelt.’
(Charles Foster)

Hoe kun je dan volhouden dat een hond geen bewustzijn heeft? Dat het niet, net als wij, een bezield wezen is? Als alles om je heen op de een of andere manier bezield is, heeft dat ongelofelijke consequenties. Dan ga je, net als de oermensen, respectvol om met je omgeving. Je verzint rituelen om het dier dat je net voor eigen consumptie hebt gevangen te eren, je offert een lam voor de riviergodin of je snijdt mooie Venusbeeldjes van hout.

De honger brengt mij naar de plek waar bewustzijn en onderbewustzijn bij elkaar komen. Waar bomen, stenen en wolken bezield raken en waar ik verschrompel tot een onderdeel van dat alles. Die verbinding met de buitenwereld, met het mystieke, is misschien wel het grootste verlies dat de mens heeft geleden in zijn opmars naar moderniteit.’
(Charles Foster)

Foster spreekt van woke, dat over maatschappelijk bewustzijn gaat, verantwoordelijkheid en waakzaamheid: ‘het is de gebalde vuist van de zwarte protestbeweging, de kritische woorden van klimaatmeisje Greta Thunberg’. Zo gaat Fosters uitstapje gaat naar de oertijd als onderdeel van een groter geheel.

Het gaat over verantwoordelijkheid dragen voor je omgeving en respect voor je medemens en de natuur. Het gaat over het universele in plaats van het individuele.’ 
(Oswin Schneeweisz)

Zie: Handleiding voor een verweesde mensheid (Oswin Schneeweisz, HP/DE TIJD, 30-11-2021) – of via Blendle

Leven als een mens | Charles Foster | A.W. Bruna | € 24,99 | oktober 2021
Charles Foster is rechtsgeleerde, dierenarts, buitengewoon natuuronderzoeker en een Fellow van Green Templeton College aan de Universiteit van Oxford. Hij schreef vele publicaties en boeken. Leven als een beest werd een internationaal succes: het werd genomineerd voor diverse prijzen en wordt verfilmd. Leven als een mens is het briljante en onvermijdelijke vervolg.

Illustratie: Comfreak (Pixabay)

Zoektocht naar een leven na ons aardse bestaan

Hoe mensen de hemel zien en waarom we het er al duizenden jaren ideeën over hebben, zijn vragen die de kern van onze menselijkheid vormen, zegt de auteur van Hierna – een cultuurgeschiedenis van de hemel, Catherine Wolff. Zij beantwoordt deze vragen in haar boek met fascinerende details. ‘Prachtig geschreven, vakkundig onderzocht en meesterlijk gepresenteerd: deze reis langs hoe de hemel door de geschiedenis heen is begrepen, is absoluut fascinerend,’ zegt schrijver en priester James Martin.

In het leven van ieder mens zijn er van die momenten waarop de sluier aan de horizon van het bekende wordt opgelicht en we een blik slaan in de eeuwigheid. We verlaten de kust van het bekende, niet omdat we op zoek zijn naar avontuur en spanning of omdat ons verstand onze vragen niet kan beantwoorden. We zeilen uit omdat onze geest op een geweldige zeeschelp lijkt, en als we ons oor daartegen leggen om te luisteren, horen we het eeuwige ruisen van de golven ver bij de kust vandaan.’
(Rabbijn Abraham Joshua Heschel, in Hierna)

In Hierna beschrijft Catherine Wolff hoe verschillende religies en geloofsovertuigingen het idee van een hemel hebben ingekleurd en hoe niet-religieuze invloeden vanaf de Verlichting tot de hedendaagse niet-religieuze visies op de hemel daarop hebben ingewerkt.

Het leven hierna kan een bestaan in de tijd of in de eeuwigheid zijn. Het kan de plaats zijn waar we vandaan komen – zoals Plato geloofde – of de plaats waar we in een mystieke ervaring heen kunnen gaan. Het kan onze bestemming zijn als we sterven of misschien pas later. Het kan om opeenvolgende stadia gaan, waardoor we geestelijk volwassen worden, zodat we kunnen ontsnappen aan de cyclus van de wedergeboorte, zoals in oosterse religies, maar het kan ook zijn dat we maar één kans op verlossing hebben. Misschien bereiken we het leven hierna zodra we sterven of misschien moeten we wachten tot het einde van de kosmos.‘
(Uit: Hierna)

Wolff vertelt dat een aanzienlijk deel van het westerse gedachtegoed pleit vóór het bestaan van God.

Eén zo’n redenering stelt dat er een God moet zijn, omdat er vanaf het begin van het universum een waarneembare, ordelijke keten van oorzaak en gevolg is. Die kan alleen worden verklaard door een eerste oorzaak, een zelfgeschapen wezen dat eenvoudig ìs.’
(Uit: Hierna)

Charles Darwin lijkt naar een schepper te hebben verlangd, zegt Wolff, een bron voor het wonder dat hij in de natuurlijke wereld opmerkte.

Zijn [Darwins] geschriften laten een groeiend besef zien dat het bij de evolutie niet alleen om fysieke eenheden ging, maar dat er religieuze en morele implicaties mee verbonden waren. Toch was er daarin geen plaats voor filosofie of een godheid – God was een projectie die tot regels leidde om door te geven. Niettemin was Darwin geïntrigeerd door het idee van onsterfelijkheid en erkende hij dat je zo’n instinctief geloof overal ter wereld aantrof.’
(Uit: Hierna)

In de vroegste uitingen van godsdienst zijn er, volgens Wolff, verhalen en gebruiken waarin bepaalde levende mensen de geestenwereld bezoeken, die wijzen op geloof in een leven na dit leven.

James George Frazer, een van de vaders van de moderne antropologie, bestudeerde het begrip onsterfelijkheid bij oervolken in Noord-Amerika, Azië en Oceanië. In elk van deze drie werelddelen geloven mensen dat er twee verschillende zielen of geesten zijn. Zij maken onderscheid tussen een ‘vrije ziel’, die tijdens een droom of trance het lichaam verlaat, en een ‘lichaamsziel’, die achterblijft. Ze onderscheiden ook een levensziel, die het lichaam van levenskracht voorziet, en een ‘doodsziel’, die bij de dood wordt bevrijd.’
(Uit: Hierna)

Hierna – Een cultuurgeschiedenis van de hemel | Catherine Wolff | KokBoekencentrum Non-Fictie | 328 blz. | Verschenen: 21-09-2021 | € 27,99

Beeld: Paradiso, Canto 14: Dante en Beatrice vertaald naar de sfeer van Mars, illustratie van Gustave Doré, uit De Goddelijke Komedie van Dante Alighieri, 1885
(meisterdrucke.nl – digitaal ingekleurd)

Unieke toegang tot de geest van CG Jung

Onlangs verschenen The Black Books van psycholoog en psychiater Carl Gustav Jung. Een reeks notitieboekjes met zwarte kaften, waarin Jung van 1913 tot 1932 schreef, zijn het resultaat van een zelfexperiment dat hij z’n ‘confrontatie met het onbewuste’ noemde: een engagement met zijn fantasieën, die hij in kaart bracht. Jung betitelde ze als zijn ‘zwarte boeken’. Jung-expert Sonu Shamdasani spreekt over The Black Books op 30 mei tijdens een online symposium, georganiseerd door het Jungiaans Instituut, in samenwerking met de stuurgroep Jungiania, de C.G. Jung Vereniging Nederland – IVAP, en de Vrije Universiteit Amsterdam.

Het Rode Boek putte uit materiaal dat in The Black Books was opgenomen tot 1916, maar Jung bleef er decennia lang in schrijven. The Black Books werpen licht op de uitwerking van Jungs persoonlijke kosmologie en zijn pogingen om inzichten uit zijn zelfonderzoek naar zijn leven en relaties te belichamen. 
Prachtig gepresenteerd, met een onthullend essay van Sonu Shamdasani, en zowel vertaalde als facsimile-versies van elk notitieboekje, bieden deze onmiskenbaar heilige boeken (Times Literary Supplement) een uniek portaal naar Jungs geest en de oorsprong van de analytische psychologie.’
(VU)

The Black Books (‘Notebooks of Transformation’), tot nu toe het belangrijkste ongepubliceerde werk van Jung, worden gepresenteerd in een prachtige, zevendelige dooscollectie met een essay van Shamdasani ― verlicht door een selectie van Jungs levendige visuele werken ― en zowel vertaalde als facsimile-versies van elk notitieboekje, bieden The Black Books een uniek portaal naar Jungs geest en de oorsprong van analytische psychologie.

In 1913 startte C.G. Jung een uniek zelfexperiment dat hij zijn ‘confrontatie met het onbewuste’ noemde: een verbintenis met zijn fantasieën in een wakende staat, die hij in kaart bracht in een reeks notitieboekjes die The Black Books worden genoemd . Deze intieme geschriften werpen licht op de verdere uitwerking van Jungs persoonlijke kosmologie en zijn pogingen om inzichten uit zijn zelfonderzoek naar zijn leven en persoonlijke relaties te belichamen. The Red Book putte uit materiaal opgenomen van 1913 tot 1916, maar Jung bewaarde de notitieboekjes nog vele decennia actief.’
(The Black Books)

Professor Sonu Shamdasani houdt op 30 mei een korte inleiding tot de fascinerende Black Books van Jung, ter gelegenheid van de recente publicatie van de boeken. Deze ‘intieme persoonlijke aantekeningen van Jung geven een verbluffend inzicht in zijn psyche en ontwikkeling, en zijn veel te lang verborgen gebleven voor het publieke oog’.

Sonu Shamdasani (geboren in 1962) is een in Londen gevestigde auteur, redacteur en professor aan het University College London. Zijn geschriften richten zich op Carl Gustav Jung (1875-1961) en beslaan de geschiedenis van de psychiatrie en psychologie vanaf het midden van de negentiende eeuw tot de huidige tijd. Shamdasani redigeerde voor de eerste publicatie ook een ander belangrijk werk van Jung: The Red Book, dat is gebaseerd op The Black Books.’ 
(VU)

In Het Rode Boek van Jung dat in 2019 verscheen, schreef Shamdasani een uitgebreide en heldere inleiding. Jung wordt hierin beslissend genoemd in het ontstaan van de moderne psychologie, psychotherapie en psychiatrie en een groot aantal internationale beroepsuitoefenaren in de analytische psychologie werken onder zijn naam.

De jaren, waarin ik de innerlijke voorstellingen volgde,
vormen de belangrijkste tijd van mijn leven,
waarin zich alles, wat wezenlijk was, voordeed.
Toen begon het en de latere details zijn slechts
aanvullingen en verduidelijkingen.
Mijn volledige latere werkzaamheden bestonden uit het bezig zijn
om dát verder uit te werken, wat in die jaren uit het onbewuste
was losgebroken en mij bijna had overspoeld.
Het was de oerstof voor een levenswerk.’

(C.G. Jung, 1957, in: Het Rode Boek)

The Black Books | C.G. Jung, Sonu Shamdasani | Taal: Engels | Hardcover | Slipcased Edition | oktober 2020 | 1648 pagina’s | Uitgever W W Norton & Co | € 232,99 | Vertaling Martin Liebscher, John Peck

Voor aanmelding Symposium zie:
Jungiaans InstituutZondag 30 mei 11 – 13 uur online (€ 10,-)

YOUTUBE: The Black Books by C.G. Jung

Beeld: Tree of Life door CG Jung (uit: The art of C.G. Jung)