Non-dualisme als nieuwe wereldorde

Non-dualisme4 AUM betekent allesomvattend. Eenheid. IngesSaraswati.com

Kan dat eigenlijk wel? Non-dualisme als nieuwe wereldorde? Het zou dan zoiets als ‘verlichting voor iedereen’ betekenen. Dat klinkt utopisch, geconditioneerd opgegroeid als we zijn in deze dualistische wereld. Bioloog en filosoof Douwe Tiemersma formuleert voorzichtiger als hij zegt dat ‘uitgaande van de dualiteit sommige omstandigheden wel nuttig blijken te zijn om minder vast te gaan zitten in de oude identiteit en structuren en om zo meer open te gaan staan voor non-dualiteit.’ Zijn ideeën zouden een goede basis of startpositie kunnen zijn. Er is nogal wat werk voor nodig, werken aan jezelf, en niet te vergeten aan de wereld, want verlichting is uiteindelijk goed voor iedereen.


– Deel 4  (slot) –


Non-dualisme wordt, zoals al gezegd, een weg van bevrijding genoemd. Volgens Tiemersma verwijst non-dualisme ‘naar een zijnservaring waarin niets gescheiden is van jezelf. Deze ervaring zou gemakkelijk optreden bij ontspanning. Dan verdwijnen de scheidingen tussen jezelf en het andere en de anderen’. Deze realisatie van non-dualiteit zou praktische gevolgen voor het leven en samenleven kunnen hebben.

‘Alle interne en externe conflicten ontstaan door scheidingen. Als de scheidingen wegvallen is er heelheid zonder problemen.’

Als visie is, volgens Tiemersma, non-dualisme een mens- en wereldbeschouwing waarin de grenzen en scheidingen, tussen de ik en de ander, lichaam en geest, de micro- en macrokosmos, subject en object, mens en God, gezien worden als aangeleerd en betrekkelijk.

In de praktijk van het dagelijkse leven is het maken van scheidingen de oorzaak van veel problemen, zowel in het individu als in de samenleving. Steeds ontstaan conflicten als het één tegenover het andere wordt gesteld, als de ene mens tegenover de ander komt te staan. Gescheidenheid is de bron van alle conflicten. De oplossing van de problemen ligt dus in de radicale relativering van de scheidingen en de zijnservaring van een groter geheel waarin alles en iedereen is opgenomen. Daarin blijven wel de verschillen, maar deze verbreken de eenheid niet’.

Om het ‘groter geheel’ te kunnen ervaren is dus veel meer nodig. Een ‘heldere, open en reflexieve aandacht, een diepe ontspanning en de nabijheid van ‘iemand’ waarin de non-dualiteit duidelijk wordt ervaren’, zoals je bijvoorbeeld voorgehouden wordt, surfend op internet. Ideeën en cursussen kan je er volop vinden, zoals satsangs (ontmoetingen in de waarheid die je bent); meditatie; retraite; leren leven in het moment; massage; yoga, enz. enz.

Volgens Tiemersma kan non-dualiteit worden gekend als een sfeer waarin jezelf en het andere probleemloos samengaan. De ervaring van non-dualiteit is dan ook een eerste-persoons zijnservaring die intern, inclusief, direct en zeker is.

Je moet dus vooral zelf aan het werk: jezelf goed leren kennen. En het kan helpen je dan ook te verdiepen in tradities als het boeddhisme, het daoïsme, de joodse en christelijke mystiek en het soefisme, want daarin is de non-dualistische visie aanwezig als hoogste waarheid. En bijvoorbeeld jnana yoga bestuderen: de leer van non-dualiteit.

Een leraar vinden kan helpen om jezelf te zoeken. En ieder mens zou dat dan moeten doen. Om uiteindelijk zelf en samen te ontdekken dat de wereld in de grond non-dualistisch van aard blijkt; dat alles met alles te maken heeft; iedereen met iedereen; dat de ultieme werkelijkheid ongescheiden blijkt, een eenheid.

Renard stelt dat wanneer er geen grenzen meer zijn tussen jezelf en de ander, er geen oorlog meer kan zijn.

Oorlog gaat altijd om grenzen, maar als alle grenzen verdwijnen, verdwijnt daarmee ook oorlog. In het openkomen wordt de ander liefdevol geaccepteerd. In de openheid van jezelf mag alles er zijn, alles wordt geaccepteerd. Juist doordat het open is, is er veel meer dan ooit mogelijk. Er komen veel meer onverwachte mogelijkheden.’

Een utopie voor bijna 7,8 miljard mensen? Toch zou ik zelf als eerste stap ernaar toe een bekend gezegde willen parafraseren: Non-dualisme in de wereld, begin bij jezelf.

Bronnen:
* Non-dualisme
, Philip Renard, Felix Uitgeverij, 2005
* Handboek Non-duale coaching, Alexander Zöllner, uitgeverij Inzicht, Hillegom, 2017
* ‘Non-dualisme geeft denkruimte’ Trouw, Marije van Beek, 2012
* Weg met het dualisme van lichaam en geest, Stine Jensen, joop.bnnvara.nl
* Sanskrietteksten die de non-duale werkelijkheid van het individu en de wereld beschrijven. Ze vormen het laatste deel van de Veda’s (De heilige boeken van het hindoeïsme.)
* Non-dualiteit, Douwe Tiemersma, Advaita Centrum
* Non-dualistisch christendom, Charles Steur, uitgeverij Elikser

Zie
Deel 1: Non-dualisme, een weg van bevrijding
Deel 2: Non-dualisme, het ervaren van eenheid
Deel 3: Non-dualisme, de grondslag van alles

Beeld: AUM betekent allesomvattend. Eenheid. 

Non-dualisme, de grondslag van alles

Non-dualisme3 Eenheid van het alles verbondenheid hediye fabrikasi blog

Speurend naar non-dualisme kom ik weer bij het begrip advaita. Advaita is een woord uit het Sanskriet. In de Indiase Upanishaden (8e eeuw v.Chr.) wordt over advaita gesproken – ‘a’ is afwezigheid, van ‘dvaita’ komen onze woorden duaal (tweeledig) en duo (twee).


– Deel 3 –


In de Upanishaden wordt non-dualiteit gezien als het begin van alles. Van hieruit ontstonden de splitsingen en scheidingen die leidden tot de veelvormige kosmos en de scheiding tussen zelf-zijn en het andere. Toch blijft non-dualiteit de grondslag van alles.’ ‘De beschrijving van advaita (geen tweeheid) of non-dualiteit komt uit de mondelinge overdracht van asceten en Rishis (zieners) uit India en is via een lange traditie van leraren overgedragen.’

Het komt mij voor dat de westerse wereld, voordat we dualistisch gingen denken, ook min of meer non-dualistisch van aard genoemd kan worden, ook al had niemand nog van advaita gehoord. Waren we toen niet met z’n allen non-duaal één, samen met God? Zijn we langzamerhand van het eenheidsdenken verdwaald geraakt?

De kloof tussen de materiële wereld en de spirituele wereld werd steeds groter,’ zegt Van der Braak. ‘Filosoof Charles Taylor beschrijft in A Secular Age de ontwikkeling van het middeleeuwse denken, waarin de wereld totaal bezield en doortrokken is van God, naar de huidige tijd waarin we dualistisch denken. Dat ging niet in één keer, maar stapje voor stapje.’

Dualisme houdt zich bezig met tegenstellingen, zoals lichaam – geest, god – mens, man – vrouw. Filosoof Stine Jensen vindt het dualisme hardnekkig:

Het denken in tegenstellingen, binaire opposities, beïnvloedt nog altijd sterk hoe wij onszelf zien en de samenleving inrichten. Denk bijvoorbeeld aan de manier waarop wij innerlijke conflicten ervaren en beschrijven: ons gevoel wil het een, maar het verstand het ander.’

Is het dan zo dat, ook wat religie betreft, we toch dualistisch zijn blijven denken? Volgens Renard gaat de dualistische benadering in de verschillende godsdiensten ervan uit dat God en mens twee totaal verschillende entiteiten zijn (en blijven), terwijl non-dualisme als kernboodschap zowel voorkomt in het boeddhisme, hindoeïsme als taoïsme. Volgens de oud-benedictijner monnik Charles Steur is

De werkelijkheid non-dualistisch, dat wil zeggen niet-twee, maar een oorspronkelijke, ongedeelde eenheid, waar al wat bestaat toe behoort. De mens die zich bewust is van deze eenheid, ziet dat de werkelijkheid samenvalt met wat in het christendom wordt aangeduid als God. Buiten God is er niets, Hij is alles in allen.’

Zie:
Deel 1
Non-dualisme, weg van bevrijding

Deel 2 Non-dualisme, het ervaren van eenheid

Beeld:  Het teken voor infinitief. Oneindig. (hediyefabrikasi.blog)

Laatste en vierde deel: 6 mei

Non-dualisme, het ervaren van eenheid

non-dualiteit=hetnlpcollege.nl

Non-dualisme (het ervaren van eenheid), misschien populair geworden door het zenboeddhisme, weerklinkt steeds meer in de westerse wereld, zeker in die van de nieuwe spiritualiteit. Zou het kunnen dat deze oorspronkelijk hindoeïstische filosofische stroming, ook wel advaita, genoemd (niet-tweeheid, openheid) om die reden een relevante gedachte is geworden?


– Deel 2 –


Kan non-dualisme ook een antwoord kan zijn op religie dat wereldwijd in het verleden en heden, tot conflicten kon en kan leiden? Swami Vivekananda – de eerste hindoe die de universele boodschap van de spiritualiteit voor een groot westers publiek bracht – zei hierover (in 1896) dat…

‘…het nu eenmaal in de aard der dingen ligt dat dualistische religies vechten en ruzie maken met elkaar, dat hebben ze altijd gedaan. (…) Laten we de harmonie proberen te vinden die non-dualisme ons brengt’.

De ware staat van de mens
V
olgens Renard heerst er echter in het christendom – maar ook in het jodendom en de islam – een algeheel klimaat waarin juist de non-dualistische benadering herkend wordt als het allerbelangrijkste gegeven van het bestaan. Hij verwijst naar een zin van Jezus als ‘Ik en de Vader zijn één’. Dat duidde volgens hem op Jezus’ zicht op de ware staat van de mens.

Eigen god net iets beter
E
chter, al in een kerkelijke verklaring in 325 A.D. op het concilie van Nicea, werd uitsluitend Jezus beschouwd als één met God, en niemand anders.
Helaas denken de verschillende religies bovendien dat zij toch nèt iets van elkaar verschillen, en dat hun eigen god nèt iets beter is dan de andere, of in ieder geval een betere boodschap heeft gestuurd. Renard noemt dit een niet-beseffen dat het hier om concepten gaat als wortel van alle conflicten, die hij ziet als de grondoorzaak van alle godsdienstoorlogen.

Interpretatie
Z
ouden we religies terug moeten brengen naar hun non-dualistische staat? Volgens Renard is er nu geen klimaat waarin het non-dualistische als het meest wezenlijke wordt herkend. Zelf ziet hij ‘Besef van non-dualiteit’ als kiem of wortel van alle religies. Hij ziet dat bijvoorbeeld in uitspraken van Jezus (‘Ik en de Vader zijn één’), maar door de interpretatie hiervan ontstonden al verschillen.

‘Doe het goede’
H
et oorspronkelijke ‘non-dualistische Besef’ zou in gedrag kunnen worden vertaald, maar de verschillende religies hebben echter adviezen en richtlijnen ontwikkeld, die in de loop van de tijd volgens Renard helaas zijn uitgegroeid tot bouwwerken van normen en codes, vaak in strijd met elkaar. Hij lijkt zich getroost doordat ‘de eenvoud van één klemtoon overblijft, die neerkomt op: ‘doe het goede’.

Beeld: ‘Niets staat los van elkaar – dit geldt niet alleen voor tegenpolen, maar voor alles’ (hetnlpcollege.nl

Zie deel 1: Non-dualisme, weg van bevrijding

(Wordt vervolgd met deel 3 (5 mei) en 4 (6 mei) 

Non-dualisme, een weg van bevrijding

non.dualiteit2civismundi.nl

Bevrijding van de onvrede met het bestaan, met het huidige moment, met de huidige gedachte, zo zegt Philip Renard het in zijn boek Non-dualisme, de directe bevrijdingsweg. Wat non-dualisme precies betekent is niet direct helder te krijgen, al wordt het soms voorgesteld als antwoord op onze westerse, dualistische manier van denken. Dat zou volgens Renard aandacht verdienen omdat non-dualisme door zijn radicaliteit het enige is dat werkelijk de wortel blootlegt van alle verdeeldheid en strijd (dualisme), en omdat het ook de weg aangeeft om hieraan een einde te maken.


– Deel 1 –


Advaita Vedanta
R
enard ‘doorliep’ de weg van de Advaita Vedanta: een spirituele traditie afkomstig uit India, en maakt onderdeel uit van de Vedische traditie, gebaseerd op de Veda’s, de oudste geschriften van de wereld en de basis van de Indiase cultuur.

Een weg van bevrijding
S
piritueel leraar Alexander Zöllner stelt in zijn Handboek Non-duale coaching dat non-dualiteit geen object is en we er, alleen al om die reden, feitelijk niets over kunnen zeggen. Maar toch zijn diverse omschrijvingen te vinden van non-dualisme, waarvan ik er hier enkele geef:

Een van de klassieke Indiase wegen om verlichting te bereiken’; ‘advaita’; ‘de werkelijkheid die zich als tweevoudig aan ons schijnt voor te doen’; ‘verlichting’; ‘de ervaring dat er geen tegenstelling is tussen ik en niet-ik’; ‘de ervaring van eenheid’; ‘een weg van bevrijding’.’

Filosofie van India
H
et begrip non-dualisme kom je vooral tegen in de filosofie van India. Volgens een van de vele beschrijvingen van non-dualisme zou dit echter niet zozeer een filosofie zijn, maar een weg van bevrijding. Tegengesteld aan het dualisme. Een weg van bevrijding… dat klinkt beloftevol en hoopvol in onze wereld van conflicten, als mogelijk effect van dualistisch denken.

Descartes
B
ij dualisme komen we al gauw bij Descartes terecht. Deze 17e-eeuwse filosoof kwam al denkend tot de conclusie dat geest en lichaam twee aparte werelden waren, omdat hij alleen met zijn geest tot de conclusie kwam dat hij bestaat omdat hij denkt: Cogito ergo sum. Zo kwam hij tot denken (geestelijk) en uitgebreidheid (materieel, lichaam). Het dualistische van Descartes zit hem dus in zijn strikte tweedeling van het materiële en het geestelijke. Door hoogleraar boeddhistische filosofie aan de Vrije Universiteit André van der Braak wordt de tegenstelling tussen non-dualisme en dualisme een heet hangijzer in de filosofie genoemd. ‘Door Descartes was het dualisme eeuwenlang zeer succesvol. Maar het monisme is met een opmars bezig,’ zei hij destijds in het artikel Non-dualisme geeft denkruimte, in Trouw:

Non-dualisme levert veel ruimte op in je denken, meent Van der Braak. ‘Uitgaan van tegenstellingen zorgt voor een soort verkokerde manier van kijken. Als je die tegenstellingen los kunt laten, komt een groter gedeelte van de werkelijkheid bij je binnen. Want je sluit veel buiten door alles meteen in categorieën te willen indelen.’

Een goed voorbeeld van zaken die we graag meteen categoriseren, zijn emoties. ‘Een gevoel is goed of fout, prettig of naar. Terwijl het kan helpen te denken: deze ervaring is noch goed noch slecht, maar gewoon een ervaring die ik meemaak. Met kunst is het net zo. Een schilderij op je in laten werken, zonder het meteen mooi of lelijk te noemen, levert een veel rijkere ervaring op.’

Religie
Is non-dualisme een oplossing voor de niet altijd zo positieve invloed van religie in de wereld, ook gezien de aversie vanuit de seculiere wereld richting religie, en de onderlinge strijd tussen religies zelf? Immers, non-dualisme is door zijn radicaliteit het enige dat werkelijk de wortel blootlegt van alle verdeeldheid en strijd (dualisme), en omdat het ook de weg aangeeft om hieraan een einde te maken.

Dualisme
V
olgens Van der Braak is dualisme de natuurlijke vijand van non-dualisme. Want daar geldt dat de werkelijkheid uit goede en kwade krachten bestaat – God en duivel bijvoorbeeld. Descartes maakte ook een fundamenteel onderscheid tussen het menselijk bewustzijn en de werkelijkheid. Dit gedachtegoed is in het Westen heel invloedrijk geweest. Het monisme zet hier eenheid tegenover: geest en lichaam zijn één.

Descartes en Spinoza
J
e zou hier, om het verschil te verduidelijken, Spinoza en Descartes tegenover elkaar kunnen zetten. Spinoza als monist en Descartes als dualist. Spinoza ging er vanuit dat niets zelfstandig kan bestaan: alles is van elkaar afhankelijk, alles is onderdeel van één groot proces (God of de Natuur.) Descartes onderscheidde lichaam en geest, maar dacht wel dat de verbinding ertussen geschiedde door de pijnappelklier: op die plek zouden denken en lichaam op elkaar inwerken. Hierbij speelde volgens hem God een rol. Voor Descartes bestond de mens uit twee substanties: lichaam en geest. Volgens Spinoza is er maar één substantie. God of de Natuur: voor hem is dat hetzelfde.

Dualisme hardnekkig
V
olgens filosoof Stine Jensen is Descartes dood, maar het dualisme hardnekkig. Mensen denken in tegenstellingen, en dat beïnvloedt sterk hoe wij onszelf zien en de samenleving inrichten. Zou non-dualisme – in onze tijd – als ‘weg van bevrijding’ – inderdaad een gewenst en effectief antwoord kunnen zijn op ons dualistisch denken dat de westerse mens beheerst? Die denkwijze lijkt immers steeds tot conflicten tussen mensen onderling en/of tussen groepen te leiden.

Deel 2: Non-dualisme, het ervaren van eenheid
Deel 3: Non-dualisme, de grondslag van alles
Deel 4: Non-dualisme als nieuwe wereldorde

Bronnen:
* Non-dualisme, Philip Renard, Felix Uitgeverij, 2005
* Handboek Non-duale coaching, Alexander Zöllner, uitgeverij Inzicht, Hillegom, 2017
* ‘Non-dualisme geeft denkruimte’ Trouw, Marije van Beek, 2012
* Weg met het dualisme van lichaam en geest, Stine Jensen, joop.bnnvara.nl
* Sanskrietteksten die de non-duale werkelijkheid van het individu en de wereld beschrijven. Ze vormen het laatste deel van de Veda’s (De heilige boeken van het hindoeïsme.)
* Non-dualiteit, Douwe Tiemersma, Advaita Centrum
* Non-dualistisch christendom, Charles Steur, uitgeverij Elikser

Beeld: civismundi.nl

‘Religie nog steeds opium van de massa’

Jordy Meow Pixabay

Dat zegt Theoloog des Vaderlands Samuel Lee. Je verwacht dat niet, maar als je zijn artikel in De Linker Wang leest, begrijp je al gauw dat hij niet houdt van religie, van religieuze systemen. Jezus heeft volgens hem ook nooit de intentie gehad om een religieus systeem te bouwen. ‘Hij was niet eens een christen.’ En God zelf? ‘Die heeft geen religie.’ Lee wil niet verstrikt raken in dogma’s en doctrines, en is God dankbaar dat hij niet in een christelijke omgeving werd geboren. Lee gelooft dat religie nog steeds opium is van de massa. ’Het christendom is mensenwerk, dat inzicht verruimt mijn blik.’


Een werkelijk universeel geloof
T
om Holland stelt in zijn boek Heerschappij dat ‘een kleine joodse sekte’ ertoe bijdroeg dat een nieuw volk kon ontstond waar man en vrouw, jood en Griek, slaaf en vrije, Romein en barbaar, vrij zouden zijn. Er ontstond een werkelijk universeel geloof waar iedereen bij mag horen. – Nu is in de loop der eeuwen dat geloof veelal verworden tot religie als opium, maar in de kern kon iedere gelovige indertijd vrij zijn. In deze tijd proberen steeds gelovigen meer tot een nieuw, vrij, geloof te komen.)
(Zie: Het revolutionaire van christelijke waarden)

Geloof kan revolutionair zijn
Samuel Lee zegt in De Groene Amsterdammer dat vrijheid centraal staat in zijn denken. ‘Vrijheid is een kernwaarde van mijn geloof. We vergeten alleen vaak om buiten onze groep te denken, we vergeten dat dit ook iets zegt over hoe we moeten omgaan met moslims en hindoes en gays en atheïsten, met zwart en met wit.’ – Lee denkt als theoloog zo vrij als Jezus, kan je zeggen. Zijn geloof heeft niets met religie als systeem te maken. In die zin kan religie (lees: geloof) ook nu revolutionair zijn. Er zijn steeds meer tekenen die daarop wijzen. Een mooi voorbeeld is Overvecht waarover De Groene verslag doet.


Religie als machtsinstrument
L
ee zegt uit een land in het Midden-Oosten te komen, een land dat hij liever niet noemt. Er heerst daar een theocratie, in dit geval een islamitische heerschappij, die zich bemoeit met de meest elementaire zaken uit het persoonlijke leven. 

Van wie mag je houden? Met wie mag je trouwen? Het klinkt belachelijk, maar ook bijvoorbeeld met welke voet je als eerste de WC moet betreden. Als kind stond ik wel open voor godsdienst, maar langzamerhand ontdekte ik dat het niet klopte. Ik zag mensen dood in bomen hangen, ter dood gebracht, met daarbij juichende mensen die God prezen. Religie als machtsinstrument. Het beeld van God dat daar uit oprijst is angstaanjagend. Ik was boos op God en op religie.’

‘Wereld groter dan doctrines en traditie’
H
ij is heel blij juist van buitenaf naar de dingen te kunnen kijken, zegt de doctor in de theologie. Hij komt immers niet uit een christelijke omgeving. Dat verrijkt hem en geeft hem misschien ook kans om christenen in Nederland een spiegel voor te houden, om uit hun bubbel te komen.

De wereld is groter dan jouw doctrines en traditie. De wereld is zoveel rijker.’

Vermoeide discussies
L
ee heeft respect voor christenen en kerken, en hij begrijpt ze ook wel.

Maar als ik discussies hoor over de kinderdoop of de heilige maaltijd, dan word ik daar zo moe van. Het zijn vermoeiende discussies, waardoor je mensen van je vervreemdt in plaats van dat je ze kunt binden en boeien.’

Jezus stelde geloofstraditie al ter discussie
I
n zijn leven heeft Jezus al zijn zekerheden neergelegd, de wetten en regels van zijn geloofstraditie ter discussie gesteld, omwille van liefde, omwille van een mens, zegt Lee. Hij denkt daarbij aan acties zoals een genezing op de sabbat.

Dat ging in tegen de heersende doctrine. Hij sprak als jood met een Samaritaanse vrouw en ging om met melaatsen en prostituees. Jezus heeft niet alleen zijn leven gegeven, maar alle heersende regels en codes op zijn kop gezet. En wat doen veel kerken vandaag? Vasthouden aan regels en opvattingen terwijl ze daardoor mensen kwijt raken. Durf je omwille van de liefde normen en doctrines opzij te zetten?’

‘Doorbreek de muren!’
J
e moet niet exclusief blijven denken, maar inclusief gaan kijken en handelen, stelt Lee, niet alleen houden van je eigen club, je eigen groep en je eigen doctrines, maar van de hele wereld. In deze tijd, aldus Lee, zou Jezus zeggen dat je uit je systeem moet komen, muren moet doorbreken en de wereld liefhebben.

Niet alleen je eigen club, de farizeeërs, maar ook de Samaritaan. Heb de moslims lief, heb de Palestijn lief, heb de Jood lief, heb de LHBT-er lief! Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn, maar heb elkaar werkelijk lief. Doorbreek de muren!’

Afscheid van religie
D
e theoloog nam afscheid van religie als systeem en omarmde de boodschap van Jezus.

Jezus is een deur, maar wij trekken muren op. Voor mij persoonlijk is de kerk niet een gebouw of instituut, maar de plek waar twee of meer mensen in de naam van Jezus samenkomen om op weg te gaan. Niet volgens theoloog zus of zo, maar de Jezus van de Bergrede.’

Zie De Linker Wang – mei 2020: Het christendom is mensenwerk, dat inzicht verruimt mijn blik’

Foto: Jordy Meow  (Pixabay) – ‘Tempel Otagi Nenbutsu-Ji wordt bewoond door ruim 1200 rakan, expressieve stenen weergaven van Boeddha’s volgelingen. Je ziet ze met een brutale grijns en bedekt met mos, schreeuwend met hun armen richting de hemel en verlegen weggedoken in een hoek. De een heeft een tennisracket in de hand, de ander een fles sake en er schijnt zelfs een Super Mario-figuur aanwezig te zijn.’ (National Geographic, Kyoto, Japan)
Update 24 01 2025 (Lay-out)

Het revolutionaire van christelijke waarden

passion-congerdesign-pixabay

De Britse historicus Tom Holland zegt in zijn pas vertaalde boek Heerschappij, dat we ons vaak niet realiseren hoe christelijk we met z’n allen zijn. Holland verwijst naar de Canadese socioloog Charles Taylor die in Een seculiere tijd stelt dat het wetenschappelijk wereldbeeld, zelfs het idee van seculariteit, pas mogelijk werd door de kerstening(!) van de maatschappij. In De Groene Amsterdammer schrijft historicus en onderzoeker Frank Mulder een interessant artikel over de toekomst van het christendom. ‘Irrelevante dingen gaan naar de rommelmarkt, het geleefde geloof blijft over.’

De heidense kosmos vol was van gevaarlijke en grillige machten. Pas toen door het geloof in een goede god die machten en angsten werden overwonnen, ontstond ruimte voor vrij denken, ontstond de mogelijkheid tot vrij kiezen, ja zelfs tot een reëel geleefd atheïsme.’

Gelijkwaardigheid van alle mensen
I
n een meeslepend betoog, zo vertelt Mulder, onderzoekt Holland van Athene tot de #MeToo-beweging, de wortels van onze humanistische waarden, zoals universaliteit en gelijkwaardigheid van alle mensen. Die waarden zijn niet uit de lucht komen vallen en ook niet pas tijdens de Verlichting bedacht. Maar waar komen ze vandaan?

Als kenner van de Grieken en Romeinen weet Holland als geen ander dat naastenliefde en gelijkheid daar geen deugden waren. Men streefde naar status en onderwerping, de goden zowel als de mensen. Dat opstandige slaven gekruisigd mochten worden en dat vrouwen zich gewillig moesten geven aan de man was common sense.

Tot zijn eigen verbazing ontdekt Holland dat deze pijlers van de antieke wereld pas omver gingen toen een kleine joodse sekte begon te verkondigen dat één van die gekruisigden God zelf was. Dat hij alle geweld en vernedering in zich had opgenomen om een nieuw volk te scheppen waar man en vrouw, jood en Griek, slaaf en vrije, Romein en barbaar, gelijk zouden zijn.’

Universeel geloof
V
olgens Holland, aldus Mulder, is dit de eerste keer dat er een werkelijk universeel geloof ontstaat waar iedereen bij mag horen.

Dat werd heus niet netjes nagevolgd door iedereen, ook door gelovigen niet, maar het zaad was gezaaid en de opmars van dit idee door de wereldgeschiedenis was onstuitbaar. Holland is er zelf vooral verbaasd over dat hij dit in zijn hele carrière over het hoofd heeft gezien. Het komt, zegt hij, doordat we zo zijn omgeven door christelijke waarden dat we niet meer zien hoe revolutionair ze zijn, hoe vreemd.’

heerschappij

Vrije, open samenleving
I
n het artikel Christendom: Geloven over twintig jaar – Een nieuwe familie, in De Groene Amsterdammer, geeft Mulder onder meer ook een boeiende impressie van (de toekomst van het christelijk geloof in) het Utrechtse Overvecht – misschien wel van cruciaal belang voor iedereen die een vrije, open samenleving een warm hart toedraagt.

De katholieke priester van Overvecht is al op leeftijd, maar fietst kwiek de hele wijk door, op sandalen, met een witte boord en een kruisje om zijn nek. Hij overlegt met de gemeente, heeft een kennismaking in de moskee en bezoekt iemand in een verzorgingstehuis, overal waar hij kan bijdragen aan verbondenheid. Hij lijkt er niet onder te lijden dat de traditionele kerk uitsterft. ‘Veel kerkgangers zijn verdrietig als een kerk moet sluiten, want ze waren eraan gehecht. Maar waren ze ook gehecht aan God? Voor een groot deel gaat het om een cultuurchristendom waar mensen naar de kerk gaan voor de gemeenschap.’ Dus of het erg veel zegt, de kerkverlatingscijfers?’

Zie: Christendom: Geloven over twintig jaar – Een nieuwe familie (De Groene Amsterdammer)

Heerschappij – hoe het christendom het Westen vormde | Tom Holland | Uitgeverij : Athenaeum | ISBN : 9789025305673 | Pagina’s: 640 | februari 2020 | Hardcover € 29,99 | E-book € 16,99

Luisteren: De Ongelooflijke Podcast: Tom Holland over hoe het christendom het Westen vormde

Beeld: congerdesign – Pixabay

‘Dat ik, dat is de ziel, waardoor ik ben wat ik ben’

Dat ik, dat is de ziel, waardoor ik ben wat ik ben-robertcollins

Dat schreef de Franse filosoof René Descartes in 1637. ‘Zelfs als we de immaterialistische opvatting van Descartes over de ziel afwijzen, hebben we nog steeds een sterk gevoel bij ‘dat ik’, dat zelf waardoor ik ben wie ik ben. Allemaal proberen we te doorgronden wat de ‘ziel’ in deze betekenis inhoudt.’ Aan het woord is filosoof John Cottingham. ‘De zoektocht naar manieren om uitdrukking te geven aan het verlangen naar een diepere betekenis in ons leven schijnt een onuitwisbaar deel van onze natuur te zijn, of we onszelf nu als religieuze gelovigen beschouwen of niet.’

Betere versie van onszelf
‘W
at is de ziel anders dan de betere versie van onszelf?’ zegt Cottingham, emeritus professor in de filosofie aan de universiteit van Reading (VK) en professor filosofie en godsdienst aan de Universiteit van Roehampton (Londen). Cottingham vraagt zich af wat voor zin het heeft het om de hele wereld te veroveren als je je ziel daarbij kwijtraakt. Het artikel verscheen in maart 2020 in Aeon, in samenwerking met Princeton University Press, en nu ook ook in het Financiële Dagblad.

Tegenwoordig zijn er vergeleken met vijftig jaar geleden veel minder mensen die gevoelig zijn voor het bijbels tintje aan deze vraag. Maar toch is de vraag nog steeds urgent. We weten misschien niet precies meer wat we met de ziel bedoelen, maar intuïtief begrijpen we wel wat met dat verlies wordt bedoeld: de morele desoriëntatie en het morele verval waarbij wat waar en goed is uit het zicht raakt, en we erachter komen dat we ons leven hebben verspild aan een illusoir profijt dat uiteindelijk zonder waarde is.’

Moderne wetenschap
M
aar wat is de ziel, vraagt Cottingham zich ook af en stelt dat de moderne wetenschap de neiging heeft om occult of ‘spookachtig’ geachte concepten, zoals zielen en geesten, terzijde te schuiven, en in plaats daarvan ons volledig als een deel van de natuurlijke wereld te zien. Hij wil daarbij echter niet de waarde van het wetenschappelijk perspectief ontkennen.

Maar er zitten veel aspecten aan de menselijke ervaring die niet gemakkelijk te vangen zijn in de onpersoonlijke, op kwantiteiten gebaseerde terminologie van wetenschappelijk onderzoek. Het concept ‘ziel’ maakt dan misschien geen deel uit van de taal van de wetenschap, maar de bedoeling van de term in poëzie, romans en gewone taal zien we direct en lokt ook een onmiddellijke reactie uit.’

Harmonie
D
e filosoof stelt, dat om ons te realiseren wat ons zo volledig mens maakt, we onze aandacht moeten richten op de rijkdom en de diepte van de emotionele weerklank die ons met de wereld verbindt.

Het in harmonie brengen van ons emotionele leven met onze met ons verstand gekozen doelen en projecten is een essentieel bestanddeel van de genezing en de integratie van de menselijke ziel.’

Menselijk verlangen naar transcendentie
C
ottingham vindt dat het menselijk verlangen naar transcendentie niet zo goed tot uitdrukking komt in de abstracte taal van een theologische leer of filosofische theorie. Over onze zoektocht naar manieren om uitdrukking te geven aan het verlangen naar een diepere betekenis in ons leven, zegt hij dat dit een onuitwisbaar deel van onze natuur schijnt te zijn, of we onszelf nu als religieuze gelovigen beschouwen of niet.

Het beste krijg je er grip op in de praktijk, dat wil zeggen in de manier waarop die theorie wordt toegepast. Traditionele spirituele praktijken – de vaak simpele manieren om uiting te geven aan devotie en overtuiging bij overgangsrituelen die bij geboorte en dood van een dierbare horen, of rituelen zoals het uitwisselen van ringen – vormen een krachtig vehikel om zulke verlangens mee uit te drukken. Een deel van hun kracht en hun weerklank is erin gelegen dat zij op veel niveaus werkzaam zijn, waardoor de morele, emotionele en spirituele respons op diepere lagen wordt aangesproken dan waar alleen het verstand toe in staat is.’

In de kern op het goede gericht
W
at we onder andere bedoelen als we zeggen dat we een ziel hebben, zo stelt Cottingham, is dat wij mensen ondanks al onze tekortkomingen in de kern op het goede zijn gericht.

We willen zo graag boven de verspilling en futiliteiten uitstijgen die ons zo gemakkelijk naar beneden trekken, en in de transformerende, menselijke, met de term ‘spiritueel’ aangeduide ervaringen en praktijken vangen we een glimp op van iets dat een transcendente waarde en belang heeft dat ons aantrekt. Als reactie op deze roep proberen we ons echte ik te verwezenlijken, de ik die onze bestemming is. Dit is waar de zoektocht naar de ziel naartoe leidt, en het is op deze plek dat deze betekenis, als het menselijk bestaan betekenis heeft, moet worden gezocht.’

Zie:
* What is the soul if not a better version of ourselves? (Aeon)
* Wat is de ziel anders dan een betere versie van onszelf? (Het Financiële Dagblad, 18042020)

Foto: Robert Collins – ‘Four boys playing ball on green grass’ (Jakarta, Indonesia)
Update 18092024 (Lay-out)

Resilience: ferm antwoord op religieus analfabetisme

Dante_Domenico_di_Michelino_Duomo_Florence_commons_wiki

Resilience wordt omschreven als het vermogen van individuen, gemeenschappen, instituten, bedrijven en systemen (lees: religies) binnen een stad om te overleven, zich aan te passen en te groeien ongeacht de soort chronische stress en acute schokken die zij ondervinden. Dit klinkt ferm, zegt Jack Kruf van Strategy & Design. Officieel is Resilience nu een ‘wetenschappelijke onderzoeksinfrastructuur voor alle religieuze studies’. Letterlijk betekent resilience ‘veerkracht’. Het woord is creatief opgebouwd uit een aantal (hoofd)letters uit de volgende begrippen: REligious Studies Infrastructure: tooLs, Innovation, Experts, conNections and CEntres in Europe.


Wat is Resilience?
Twaalf academische instellingen uit tien landen hebben hun krachten gebundeld om dit tweejarige project uit te voeren met als uiteindelijk doel een Europees antwoord op de uitdagingen van religieuze diversiteit op te bouwen. Het Resilience-project vond zijn kick-off meeting op 6/7 september 2019 in Bologna.

Momenteel richt Resilience zich op het voorbereiden van een voorstel voor een gevestigde onderzoeksinfrastructuur in religieuze studies. Het voorstel zal op 5 mei 2020 aan het ESFRI-forum worden voorgelegd om deel uit te maken van de ESFRI-routekaart 2021. [Vanwege COVID19 nu uitgesteld tot 9 september 2020.]


Voor vier jaar wordt het project gesubsidieerd vanuit de Europese Unie, door Horizon2020, hét Europese subsidieprogramma voor Onderzoek en Innovatie in Europa. De reden van het project is het toenemend religieus analfabetisme.

Resilience is geen kerkelijk, oecumenisch of interconfessioneel project, maar zuiver een dienstencentrum voor onderzoek. De vraag naar religie wordt in de samenleving steeds groter. Daarom is brede samenwerking zo hard nodig. Dat geldt bijvoorbeeld voor de kennis van islam en jodendom. Goede kennis van de islam voorkomt populisme en kennis van joodse bronnen is van groot belang met het oog op het groeiend antisemitisme,’ legt Selderhuis [hoogleraar kerkgeschiedenis aan de TUA] uit.’
(Friesch Dagblad, 16 april 2020)

Excellente wetenschappers
R
esilience omschrijft zichzelf als een ‘unieke, interdisciplinaire en verkwikkende wetenschappelijke onderzoeksinfrastructuur voor alle religieuze studies, die een krachtig platform bouwt en evoluerende tools en big data levert aan wetenschappers uit alle wetenschappelijke disciplines die religies doorkruisen in hun diachronische en synchrone variëteit’.

12 Europese academische instellingen hebben de kwalificatie van het ESFRI-forum opgepikt dat religieuze studies een potentieel hoog strategisch gebied zijn en hebben een consortium opgericht dat voorziet in de behoeften van een grotere en meer gestructureerde betrokkenheid van excellente wetenschappers.’
(Resilence)

Religie digitaal ontsluiten
V
anuit Nederland participeert de Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA) en werkt samen met rooms-katholieke, islamitische en seculiere universiteiten. Vanuit België doet de KU Leuven mee. Volgens kerk- en religiejournalist Klaas van der Zwaag is er steeds minder kennis van religie, en is er in Europees verband behoefte aan een religieuze infrastructuur, die kennis over godsdienst ontsluit: Resilience. ‘Het is de bedoeling om alle mogelijke onderwerpen die met religie te maken hebben digitaal te ontsluiten,’ zegt woordvoerder prof. dr. H. J. Selderhuis.

De reden van het project is het toenemend religieus analfabetisme, zegt Selderhuis. ‘Het gaat vaak om de gewone dingen in het alledaagse leven die met religie te maken hebben en die misverstanden kunnen oproepen. Neem een lopende tentoonstelling over doopvonten in de Dom van Maagdenburg. Daar zijn gidsen werkzaam die voor een groot deel afkomstig zijn uit de voormalige DDR en meestal geen kennis van religie hebben. Maar neem ook de gezondheidszorg in deze tijd van coronacrisis: hoe ga je met moslims om en wat doe je als je een boeddhist moet verplegen?’

Bronnen o.a.:
* Breed Europees antwoord op religieus analfabetisme
* Resilience
* Jack P. Kruf

Beeld: Dante met de Divina Commedia in de hand, tempera op doek (1465), Domenico di Michelino, Santa Maria del Fiore, Florence (commons wiki)
Tussen 1308 en 1321 schrijft de Italiaanse dichter Dante Alighieri een episch gedicht getiteld De goddelijke komedie, dat de overgang markeert tussen de late Middeleeuwen en de Renaissance. Dante beschrijft hierin een imaginaire reis door de drie rijken van het hiernamaals: de hel, de louteringsberg en het paradijs.
Het zijn drie voorstellingen uit de westerse ideeëngeschiedenis die meekomen met een middeleeuws wereldbeeld. Die reis voert Dante van de diepste ellende van het kwaad naar de uiteindelijke aanschouwing van God. Wie het boek allegorisch leest, kan er ook de pelgrimage van de ziel naar God in zien. In ‘het paradijs’ waarin tal van extatische, mystieke passages staan, poogt Dante uit te tekenen wat hij nauwelijks kan meedelen.
De religieuze expressie voor die nauwelijks bespreekbare ervaring of onbepaaldheid is dat een mens ‘Gods gelaat aanschouwt’. Kun je nagaan, iemand die een literair geschrift produceerde, dat uit ruim veertienduizend verzen bestaat, iemand die met verbeeldingskracht schrijft en zowel een persoonlijke als een universele taal schept – en die dát onuitspreekbaar vindt! Bladzijde na bladzijde beleed Dante dat er een werkelijkheid was, die hij met geen pen kon beschrijven!’
(
Suzan ten Heuw, ambulant predikant, PhD-kandidaat en veganist)

Heelalwetenschap en godsgeloof

stervorming.allesoversterrenkunde.nl

Sinds ongeveer een eeuw weten wij dat de mens is gemaakt van sterrenstof: chemische basiselementen die ontstaan zijn door kernfusie in het binnenste van sterren die bij de explosie van de ster in het heelal verspreid worden en op hun beurt bouwstenen worden van nieuwe sterren en planeten en op onze planeet ook van leven en van de mens. – Zo begint de inleiding Sterrenstof tot nadenken in het afgelopen februari verschenen boek Uit sterrenstof gemaakt van emeritus hoogleraar Russisch Christendom Wil van den Bercken. ‘Het enige wat ik geprobeerd heb aan te tonen is dat het niet onredelijk is om een schepper aan te nemen als oorsprong van het heelal en de tijd’.

Kosmologisch bewustzijn
V
an den Bercken schrijft in Uit sterrenstof gemaakt over Kosmologisch bewustzijn. Hierin zegt hij aan te tonen hoe de existentiële doordenking van de astronomische gegevens van de moderne heelalkunde leidt tot een kosmologisch bewustzijn met een nieuwe evaluatie van de positie van mens en wereld vanuit kosmisch perspectief. Daarna laat hij zien dat dit onvermijdelijk – al is het vaak negatief – leidt tot de godsvraag, en illustreert dat met enkele moderne kosmologische studies.

Wetenschap is niet enkel verenigbaar met spiritualiteit, het is een diepe bron van spiritualiteit. Als wij onze plaats erkennen in de immensiteit van lichtjaren en in het verloop van de aeonen, als wij de complexiteit, schoonheid en subtiliteit van het leven beseffen, dan is dat zweverige gevoel, die gecombineerde ervaring van vervoering en nederigheid, beslist spiritueel.

Een religie, oud of nieuw, die de pracht van het universum benadrukt, zoals geopenbaard door de moderne wetenschap, zou een potentieel aan verering en ontzag kunnen opwekken die conventionele geloven nauwelijks kunnen oproepen.’
(Carl Sagan in: Uit sterrenstof gemaakt, in hoofdstuk Kosmologisch bewustzijn.)

Het god-thema in de kosmologie van Copernicus tot Newton
I
n Het god-thema in de kosmologie van Copernicus tot Newton onderzoekt hij het religieuze aspect in de werken van de pioniers van de kosmologie: Copernicus, Galilei, Kepler en Newton. Zij presenteerden hun baanbrekende wetenschappelijke ontdekkingen in de toen vanzelfsprekende context van een religieus wereldbeeld.

Secularisatie van de kosmologie
D
e auteur beschrijft in Secularisatie van de kosmologie hoe bij de kosmologen van de negentiende en twintigste eeuw de intrinsieke relatie met een religieuze wereldvisie verdwenen is, maar dat het god-thema op de achtergrond toch blijft voorkomen.

Kosmologische wetenschap en godsgeloof
I
n Kosmologische wetenschap en godsgeloof gaat hij concreet in op de vraag of heelalwetenschap en godsgeloof samen kunnen gaan. Hij beargumenteert dat dit mogelijk is zonder dat de twee zaken in elkaars vaarwater komen. Geloof en wetenschap zijn gescheiden maar zijn wereldbeschouwelijk niet incompatibel met elkaar. Ook enkele Nederlandse kosmologen komen aan het woord met een respectievelijk atheïstisch, gelovig en agnostisch standpunt.

Het enige wat ik geprobeerd heb aan te tonen is dat het niet onredelijk is om een schepper aan te nemen als oorsprong van het heelal en de tijd. Er zijn tal van kosmologen die de kosmologische ontdekkingen als bewijs voor atheïsme aanvoeren. Zij komen met een hypothetische verklaring voor het ontstaan van het heelal volgens welke er al iets was in de ‘tijdloze’ fase voor de oerknal, namelijk kwantumfluctuaties, waaruit op een gegeven moment de oerknal ontstond.

Maar dat is empirisch even onbewijsbaar als scheppingsgeloof. Bovendien blijft dan de vraag: wie heeft die kwantumgolfjes gemaakt. Het is merkwaardig dat men wel het eeuwige bestaan van een pre-kosmische kwantumwereld wil aanvaarden, maar een eeuwig bestaande schepper als onmogelijk afwijst, want dan vraagt men meteen, wie heeft de schepper geschapen?’
(Uit: Theoblogie – Wil van den Bercken in: Theologische notitie bij Uit sterrenstof gemaakt.)

Bronnen:

Uit sterrenstof gemaakt – Moderne kosmologie en het religieuze wereldbeeld | Wil van den Bercken | KokBoekencentrum Uitgevers | 4 februari 2020 | 134 blz.| € 16,99 | e-book € 8.99 | Wil van den Bercken (1946) was verbonden aan de universiteiten van Utrecht en Nijmegen. Naast boeken over Rusland publiceerde hij Geloven tegen beter weten in, dat de prijs ontving voor Beste Theologisch Boek van 2015.

Theoblogie: Theologische notitie bij Uit sterrenstof gemaakt

Beeld:
stervorming (allesoversterrenkunde.nl)