‘Alleen liefde geeft je een heldere blik’

Alleen liefde geeft je een heldere blik. Haat vertroebelt de dingen. Als we haten, weten we niet wat we doen. – Een uitspraak van schrijver en filosoof Iris Murdoch. Haar bekendste bundel filosofische essays, De soevereiniteit van het goede is in herdruk en verschijnt 31 maart 2022. Filosoof en psycholoog Arthur Eaton schreef Profiel: Iris Murdoch – Een filosofie van de liefde in De Groene Amsterdammer.

Moraal is overal, was de overtuiging van de Engelse filosoof Iris Murdoch (1919-1999). Voor haar was de essentie van liefde en moraal altijd hetzelfde. ‘Als het lukt om achter de sluier van onze ego’s te kijken, kunnen we elkaar weer begrijpen, met elkaar in dialoog gaan.’ 

We zijn zó egoïstisch. Het is altijd: onze behoeftes, onze verlangens, ons verdriet. En vaak kijken we ook zo naar de mensen om ons heen, vanuit de behoeften van ons ego. Als we krijgen wat we willen maakt ons dat gelukkig – althans, vaak wel, geef toe – en als we worden teleurgesteld zijn we verdrietig of boos.’

Eaton noemt als belangrijkste inzicht uit haar werk dat liefde begint waar ‘the big fat ego’ (in Murdoch’s woorden) eindigt. Pas als het je lukt om een ander te zien, écht te zien voor wie die is, dan heb je diegene lief, verklaart Eaton. We leven in de houdgreep van ons ego, kunnen het moeilijk uitzetten en er ook niet buiten denken. Sommige mensen zouden zelfs zeggen: het ego is in ons datgene wat denkt.

Maar héél soms, door een kloof in de wand, zien we de wereld of een ander mens zoals die wérkelijk is. En dat is liefde.’

Volgens Eaton zijn Murdoch’s ideeën over liefde, empathie en het goede, relevant in een wereld die steeds verder versplintert door hokjesdenken en identiteitspolitiek.

Wat haar ideeën zo aantrekkelijk maakt voor onze tijd is dat Murdoch ervan uitgaat dat we allemaal een uniek perspectief hebben op de realiteit: een vrouw ziet de wereld anders dan een man, en een zwarte vrouw ziet de wereld anders dan een witte vrouw. Jouw perspectief is het mijne niet.
Maar even belangrijk in haar werk, zowel in haar filosofische werk als haar romans, is de poging om het perspectief van de ander tóch te leren kennen, om zo een brug te slaan naar die ander.

De hang naar transcendentie, de zoektocht naar een realiteit achter de schijnwereld van het dagelijks leven, houdt Murdoch haar hele leven bezig, vertelt Eaton.

Ze flirt op verschillende momenten met het idee om zich aan te sluiten bij een religie, en benijdt de mensen die de stap durven zetten, maar voor haarzelf is het niet weggelegd. Ze zal proberen via de morele filosofie te bewaren wat er goed is aan religie, zonder de in haar ogen onnodige symboliek en verhalen. Haar centrale vraag zal zijn: kan het Goede de dood van God overleven?’

Murdoch schreef in een brief naar de Franse schrijver Raymond Queneau:

Ik begon mijn leven als een politiek dier en dacht dat mijn ziel er niet toe deed, nu ben ik bijna een religieus dier en denk ik dat de ziel van levensbelang is. In het spanningsveld tussen deze twee houdingen liggen alle filosofische problemen die mij interesseren.’

Eaton vertelt dat Murdoch aan de weg van de morele filosofie timmert: die maakt die ruimte voor liefde en het goede, maar heeft daarvoor geen esoterische verhalen nodig. 

Zowel het marxisme als het christendom stelde Murdoch teleur, om vergelijkbare redenen. Allebei beloven ze meer dan ze waarmaken op het gebied van naastenliefde. En dat terwijl dat precies is waar een morele theorie om zou moeten draaien, volgens Murdoch: het liefhebben van de ander.’

Zie voor uitgebreid artikel: Profiel: Iris Murdoch – Filosofie van de liefde (De Groene Amsterdammer, nr 6, 9 februari 2022)

De soevereiniteit van het goede | Iris Murdoch | Uitgeverij Vrijdag | € 22,99 | Dit boek is in herdruk en beschikbaar vanaf 31 maart 2022 |
Het innerlijke leven van de mens lag Murdoch nauw aan het hart. ‘Het is niet stil en duister binnenin’, schreef ze. Ze verweet haar collega-filosofen dat zij de ziel hadden kapotgemaakt en vervangen door het ego. Met haar opmerkzame inzichten gaf ze een scherpe kritiek op eigentijdse filosofen, zoals de existentialisten. Zo legde ze de focus van de moraalfilosofie opnieuw op de innerlijke wereld. Morele groei toont zich niet in hoe mensen handelen, maar in hoe ze denken, zien en voelen.
(Filosoof Katrien Schaubroeck, docent ethiek en hedendaagse analytische wijsbegeerte aan de Universiteit Antwerpen. Zij schreef Iris Murdoch, een filosofie van de liefde)

Foto Iris Murdoch: Sophie Bassouls/Sygma/Getty Images

Radicale Theologie wil bevrijdend niet-zeker-weten

Onzeker weten keert met sprankelende praktijkvoorbeelden traditionele zekerheden binnenstebuiten en ontdekt juist in het christendom ruimte voor een bevrijdend niet-zeker-weten. Onzekerheid als uitgangspunt. Onder de vlag van Radicale Theologie geven religiewetenschapper Bram Kalkman, filosoof Gerko Tempelman en theoloog Rikko Voorberg ‘een rijke mix van postmoderne filosofen, kunstenaars en activisten’ het woord.

‘Het is de radicale theologie die kerk en samenleving erop wijst dat juist christendom voor deze bevrijding goud in handen heeft. Tenminste, als je het christelijke verhaal radicaal onzeker gaat lezen.’
(Uit: Onzeker weten)

Het boek Onzeker weten, dat 1 maart verschijnt, omschrijft zichzelf als bron van creativiteit, authenticiteit en verbinding: verbinding met jezelf, met anderen en met de eeuwenoude christelijke traditie. ‘Een levende theologie van de onzekerheid’. De recente opleving van het radicaal theologisch gedachtegoed komt volgens de auteurs van buiten de kerk, van filosofen die zichzelf atheïst noemen (of ‘christelijke atheïst’). Het is een van de redenen dat zij Onzeker weten laten beginnen met een filosofische geschiedenis om dat filosofisch denken vervolgens toe te passen op theologische thema’s.

‘… een nieuwe vorm van theologisch weten, het onzeker weten. Een weten dat niet wordt bedreigd door twijfel, maar dat de twijfel incorporeert in zichzelf en daardoor alleen maar sterker wordt. Het is voor veel radicale theologen niet moeilijk om zich voor deze (ontwrichtende) praktijk te beroepen op niemand minder dan Jezus zelf. Want was dat niet precies wat Hij deed in de context van zijn tijd?’
(Uit: Onzeker weten)

Radicale Theologie zegt theologische kritiek te willen leveren op maatschappelijke structuren en doet voorstellen voor een radicaal theologische praktijk. Daarbij wil ze met improviserende, theatrale benadering van de christelijke teksten en traditie laten zien dat Jezus beter te begrijpen is als performancekunstenaar dan als dominee.

‘Radicale theologie raakt de onzekerheid aan die onder de oppervlakte schuilt. Het wil verbinding brengen tussen mensen die zich zomaar ‘de enige’ voelen. De enige die twijfelt, de enige die aan het leven lijdt, de enige die niet weet of ze het nog gelooft. Het biedt ook een alternatief voor degenen die dreigen te bezwijken onder de gevoelde verantwoordelijkheid om de ander te ‘verlossen’.
Hoe zwaar kan het vallen om te proberen de depressieve ander op te beuren, de zieke te helpen aan genezing of de twijfelaar te overtuigen dat het toch allemaal waar is. De ervaring leert dat het erkennen van de onzekerheid soms helender is dan het aandragen van een oplossing.’
(Uit: Onzeker weten)

Onzeker weten stelt dat om ons heen mensen van alles zeker lijken te weten en dat voor elk van onze onzekerheden er wel een oplossing wordt aangedragen. Het heeft iets aantrekkelijks, maar werken zulke oplossingen, vraagt het boek zich af.

‘Het is de radicale theologie die kerk en samenleving erop wijst dat juist christendom voor deze bevrijding goud in handen heeft. Tenminste, als je het christelijke verhaal radicaal onzeker gaat lezen.’
(Uit: Onzeker weten)

Dat in de jaren 90 van de vorige eeuw hernieuwde interesse ontstond in radicale theologie, waarbij de Ierse filosoof Peter Rollins degene was die de filosofische ideeën wist te ontsluiten voor een groter publiek, doet volgens Onzeker weten bij mensen weer een belletje rinkelen.

‘Radicale Theologie is echter datgene wat confessioneel theologische ideeën opschudt. Ze is het bij nacht verschijnende knagende gevoel van twijfel dat zelfs de meest overtuigde gelovige kan bevangen. Ze stelt vragen die niet gesteld zouden moeten worden.(…) De radicale theologie bestaat niet op zichzelf – ze schept geen nieuw systeem. Ze krabt aan het bestaande. Ze jaagt op. Ze doet opschrikken. Ze schudt wakker.’
(Uit: Onzeker weten)

Onzeker weten – Een inleiding in de radicale theologie | Rikko Voorberg, Gerko Tempelman, Bram Kalkman | VBK Media / Kok Boekencentrum | 9789043537933 | € 20,00,- | verschijnt 1 maart 2022 | ‘Onzeker weten pakt theologie aan zoals het wat mij betreft bedoeld is. Met flair en zin voor avontuur. Het is de taak van de theologie om de geslotenheid in het denken te doorbreken waarin wij ons leven steeds weer gevangen laten zetten. Dit boek spreekt vrij en opent het gesprek waar velen dachten dat het was afgesloten.’ (Hoogleraar theologie prof. dr. Erik Borgman)

Beeld: Carl Heinrich Bloch 1834 – 1890 – ‘De Bergrede wordt wel de kern van het Nieuwe Testament genoemd. Voor velen is deze toespraak van Jezus over het koninkrijk door de eeuwen een bron van inspiratie geweest voor een radicaal leven.’ (levenindekerk.nl)

Alles en iedereen is elementair met elkaar verbonden

De kleine elementaire deeltjes waaruit het leven bestaat – het hele leven blijkt opgebouwd uit 16 elementaire deeltjes – zijn alleen maar zichtbaar als ze een relatie aangaan met elkaar. – Deze kennis liet journalist Roek Lips tot zich doordringen en besefte dat dit heel fundamenteel is. Het leidde bij hem tot een heel ander verantwoordelijkheidsgevoel, ook ten opzichte van de natuur. Dit inzicht ontstond in gesprek met natuurkundige en hoogleraar Theoretische Sterrenkunde Vincent Icke.

‘Als ik niet goed voor mijn omgeving zorg, dan gaat het ook niet goed met mij’
(Roek Lips)

‘Ik liet dat [die 16 elementaire deeltjes] tot mij doordringen en besefte dat dit heel fundamenteel is. Hier wordt een natuurkundig bewijs gegeven voor het feit dat alles in relatie staat tot elkaar terwijl wij ons dit niet altijd realiseren. In andere woorden: wij ‘zijn’ in relatie met en tot elkaar, zonder relatie zijn wij niets. Alles is wezenlijk met elkaar verbonden.’ 

Volhoudbare toekomst
L
ips houdt zich onder meer bezig met de vraag met welke inzichten we tot een volhoudbare toekomst kunnen komen. Genoemd inzicht bracht hem dus tot een heel ander verantwoordelijkheidsgevoel:

‘Als ik niet goed voor mijn omgeving zorg, dan gaat het ook niet goed met mij.’

Zingevingscrisis
D
ie omgeving verkeert meer en meer in crisis. Voor Lips zijn de crises waar we mee te maken hebben, en dus ook de klimaatcrisis, vanuit zijn perspectief onlosmakelijk verbonden met een zingevingscrisis.

‘Als mensheid denk ik dat onze vragen, de grote vragen van deze tijd, terug te leiden zijn naar zingeving en spiritualiteit. We hebben die vragen zo naar de achtergrond geduwd de afgelopen jaren dat wij een hele harde en koude wereld hebben gemaakt met z’n allen.’

Uit deze crisis komen
D
e journalist stelt dat als we deze spirituele diepte niet voeden wij in de war raken door het gebrek aan geestelijke handvatten: dan ontstaat er een crisis.

‘Het zijn beladen woorden, zingevingscrisis en spiritualiteitscrisis, maar ik ben niet zo terughoudend meer om ze toch te gebruiken. Hoop is datgene dat we nodig hebben om weer uit deze crisis te komen.’

‘Actieve hoop is realistische hoop’
E
r zijn twee vormen zijn van hoop, stelt Lips: valse hoop en actieve hoop. ‘De valse hoop is de hoop van predikers die roepen dat het allemaal wel goed komt. De techniek zal alles wel oplossen. De hoop van het ‘in slaap sussen’. De houding van ‘niets doen en uiteindelijk komt het goed.’ 

‘Ik geloof meer in actieve hoop. De hoop die aangewakkerd wordt door de realiteit echt met beide ogen aan te kijken. Door mijn gezicht niet af te wenden van problemen, confronterende feiten en een realiteit die niet altijd plezierig is. Laat de pijn die daarmee gepaard gaat binnen.’

Duurzaamheid
D
an pas wordt er volgens Lips iets in gang gezet wat tot handelen met inzicht, wijsheid en bewustzijn zal leiden. Actieve hoop is voor hem de hoop die ons de moed geeft om te zeggen:

‘Ik ga het anders doen, ik doe er zo niet langer aan mee!’ ‘Actieve hoop is realistische hoop,’ voegt Roek toe. Hij gelooft dat we geen makkelijke tijden tegemoet gaan, vooral wat betreft het klimaat en ons ecosysteem. ‘Maar wat ons te wachten staat is belangrijk om de urgentie op te wekken die nodig is om eindelijk in beweging te komen voor een verbinding tussen nieuw leiderschap, spiritualiteit en duurzaamheid.’

Moedige leiders nodig
E
envoudige en simplistische oplossingen zijn volgens Roek Lips – van het project ‘Nieuwe leiders’ (zie dagblad Trouw) en auteur van Wie kies je om te zijn? (interviews met nieuwe leiders) – niet meer mogelijk.

‘We hebben moedige leiders nodig die willen begrijpen wat de achterliggende oorzaken van de huidige problemen zijn en die beseffen dat simplistische oplossingen niet meer mogelijk zijn. Nieuwe vormen van leiderschap en aandacht voor zingeving zijn fundamenteel in het streven naar een duurzame toekomst.’

Zie: ‘De crisis van deze tijd is ten diepste een spirituele crisis’ (Samira I. Ibrahim, Wietske Merison, Nieuw Wij, 26 januari 2022)

Beeld
1: Gerd Altmann (Pixabay)

Beeld 2: ‘Elementaire deeltjes zijn de ultieme bouwstenen van de materie. Hun eigenschappen en interacties worden beschreven met behulp van de theorie van quantumvelden. Elementaire deeltjes spelen alle een eigen rol in ons heelal, op kosmologische schaal dan wel in de kleine wereld van atomen en kernen.’ (Universiteit Leiden)
Update: 07052025 (Lay-out)

Met de filosofen op weg naar Santiago

Boekrecensie Bomen over de weg naar Santiago – ‘Gewone bomen worden ongewone,’ schrijft pelgrim Ignace de Haes, die samen met zijn vrouw op Goede Vrijdag te voet de weg inslaat naar Santiago de Compostella. De Haes boomt over de bomen onderweg. Zij roepen allerlei gedachten bij hem op. Op een wonderlijke manier vertakken platanen, olijfbomen en cipressen zich. En op iedere tak is bij hem wel een filosoof te vinden die denkbeelden meegeeft over liefde, eenzaamheid, gastvrijheid, geloof, lijden, dood en verlossing.

Als lezer van zijn boek loop je mee met de 2500 kilometer filosofische avonturentocht richting eindpunt, de boom van Jesse in Santiago. Het gaat niet om de bestemming, maar om de weg erheen.

Gastvrijheid
Bomen over de weg naar Santiago vertelt over de pelgrimsweg van Den Bosch naar Santiago. De Haes en zijn vrouw ontmoeten veel gastvrijheid, niet alleen in kloosters maar ook bij particulieren. Ze komen veel pelgrims tegen die alleen op stap zijn, en soms ontmoeten ze elkaar weer op slaapplaatsen onderweg. Sommige bomen bieden ook gastvrijheid, aan de maretakken die erop groeien. Een pelgrim lijkt op een maretak: je maakt gebruik van de ander, want je bent te gast.

Als Ignace De Haes verdwaalt in de Ardennen stuit hij op een omgevallen boom waardoor hij een beekje kan oversteken en zo de weg terugvindt. Een wonder of toeval? Het doet de pelgrim aan synchroniciteit denken, aan Carl Jung. Bomen staan voor verbinding, zoals in Saint-Louis-en-l’isle waar twee platanen door aanraking van elkaars bladeren ‘met elkaar in de echt verbonden zijn: twee liefdevolle platanen’. Het is voor mensen ook de kunst de verbinding te blijven zoeken met elkaar, zegt De Haes.

Betekenis
Betekenis vindt De Haes in de bomen, dankzij verhalen. Zijn eigen verhalen en die van andere pelgrims. Het woord mare betekent ook verhaal. Toepasselijk omdat zowel de pelgrims als de gastvrouwen en -heren een verhaal hebben te vertellen. De pelgrim is onderweg van het oude naar het nieuwe, en reflecteert via de bomen zowel op het oude als op het nieuwe. Hij voelt ‘een mengeling van emoties die gepaard gaan met het afscheid van de naasten, het loslaten van het bekende en de nieuwgierigheid naar wat komen gaat’.

De stamboom van Jezus
Na de donkere Ardennen komt het lege Franse land verlaten over en de pelgrim voelt zich teruggeworpen op zijn eigen existentie. Het doet hem denken aan Albert Camus en Jean-Paul Sartre, die vinden dat je in essentie je zinloze bestaan zelf zin moet geven, wat een enorme verantwoordelijkheid met zich meebrengt. In de Dordogne doen de platanen hem denken aan de filosofen in Athene. Die discussieerden met elkaar onder deze bomen die meestal op centrale pleinen stonden. In Frankrijk wordt in hun schaduw nu jeu de boules gespeeld.

Een van de belangrijkste bomen is geen echte boom, maar een gebeeldhouwde. De boom van Jesse. Deze staat in Santiago bij de ingang van de kathedraal en laat de stamboom van Jezus zien. De boom is helemaal uitgesleten vanwege de vele handen die er eeuwenlang op zijn gelegd.

Socrates
Bomen over de weg naar Santiago is mooi vormgegeven. Een fraaie lay-out met veel foto’s en op iedere bladzijde cursiefjes met extra informatie over de route, ook weer met foto’s. In het boek vind je bespiegelingen over ontmoeting, alleen zijn en samenzijn, liefde en verlangen, over ruimte voor niet-weten, zingeving, troost en verzoening, leven en dood. Veelal zijn de beschouwingen gekoppeld aan de bomen op de weg naar Santiago. Dat maakt de weg boeiend.

Jammer is wel dat sommige bespiegelingen van de pelgrim weinig te maken hebben met de pelgrimsweg. Af en toe dwaal je mee af van die weg naar Santiago de Compostella en loop je ineens op zijwegen, weliswaar met (filosofische) herinneringen en gedachten.
Misschien komt dat omdat boven de boomgrens in de Pyreneeën een wolk hing, waarop Socrates naar hem keek, zegt De Haes. ‘Laat los die bomen,’ verzuchtte Socrates, ‘het verengt je blik. De wereld bestaat uit meer dan bomen alleen’.

Bomen over de weg naar Santiago | Ignace de Haes | 2019 | Berne Media | € 19,90
Beeld: cover Plantaardig (detail) – Boom Filosofie
Foto: De boom van Jesse (Leo Jacobs, santiago.nl)
(Oorspronkelijk gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)

Nederland als het enfant terrible van de katholieke kerk

De jaren 60 waren een van de meest revolutionaire én religieuze periodes uit de Nederlandse geschiedenis. Vrouwen gingen massaal aan de pil, heiligen werden overboord gegooid en homoseksualiteit werd voorzichtig bespreekbaar. Een roerig tijdperk dat misschien ver weg lijkt maar doorwerkt tot op de dag van vandaag. Raakte Nederland van God los? De tentoonstelling Van God los? in Museum Catharijneconvent Utrecht laat de grote religieuze veranderingen van de jaren zestig zien.

Een breuk die de geschiedenis van Nederland meer veranderde dan de Tweede Wereldoorlog, zo wordt het tijdperk van de jaren zestig wel omschreven,’ vertelt tentoonstelling Van God los? ‘De economie groeide, de welvaart steeg, de sociale zekerheid werd uitgebreid, er kwam een grotere seksuele vrijheid en jongeren begonnen zich te roeren.’

In 1960 behoorde Nederland nog tot de meest christelijke landen van Europa, maar nergens waren de veranderingen zo tumultueus. Zo werd Nederland van het braafste jongetje van de klas zelfs het ‘enfant terrible’ van de katholieke kerk. Dit alles onder grote belangstelling van de internationale pers. Maar wie denkt dat religie in dit onstuimige decennium met een sneltreinvaart uit Nederland verdween, heeft het mis.’

Van God los? vertelt dat de jaren zestig ook de tijd was van invloedrijke tv-dominees, religieuze bestsellers, beatmissen, zenboeddhisme, opzwepende evangelische bijeenkomsten en experimentele kerkbouw. Zelfs Provo’s bedienden zich van christelijke taal en ook de Reformistische zuil kwam in deze periode op. Nederland was veel religieuzer dan vaak wordt gedacht.

In Van God los? toont het museum de hand van fotografie, muziek, kunst, radio- en tv-fragmenten een wereld waarin het geloof en de traditionele invulling daarvan ter discussie werden gesteld. De eeuwenoude hechte band tussen het instituut kerk en het geloof bleek niet langer vanzelfsprekend. In de tentoonstelling komen zowel de ludieke en vernieuwende geluiden van deze periode (denk aan Gerard Reve en Godfried Bomans ) als de conservatieve tegenbewegingen aan bod.’

Museum Catharijneconvent Utrecht | Tentoonstelling Van God los? – de onstuimige jaren 60 | 19 feb – 28 aug 2022 | Lange Nieuwstraat 38 3512 PH Utrecht | Dinsdag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur | Zaterdag, zondag en feestdagen van 11.00 tot 17.00 uur

Info:
Museum Catharijneconvent
Beeld: Simon Vinkenoog
1966 (Catharijneconvent)
Foto: Beatmis Venlo 1967 (Catharijneconvent / Nationaal Archief)
Foto: Op naar Roermond 1968 – Protest tegen ontslag Ed Miedema. Fotograaf onbekend. (ANP / Catharijneconvent) ‘Al voor hij pastoor van ’t Eikske werd, liep Ed Miedema al voor de muziek uit van het beroemde Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) waarin opgeroepen werd tot modernisering en meer openheid binnen de kerk.’ (Zout Magazine)

Tip: Zie ook – nog tot 6 maart 2022 in Museum Krona (Uden): Vrijheid & Verwarring – Kloosterleven in de jaren zestig.


De Clarissen van Megen, 1961. Foto Guus Bekooy. Collectie Museum Krona

De zin van het leven en je wereldbeeld

Niet voor niets is er door de gehele geschiedenis heen geworsteld met de existentiële vraag naar de zin van het leven, stelt filosoof Emanuel Rutten in zijn artikel Over de zin van redelijke wereldbeelden. De onvermijdelijke vraag naar de zin van het bestaan kan volgens hem niet op wetenschappelijke wijze worden beantwoord. Daarom is het aan de filosofie om in elk geval te proberen deze vraag te verhelderen en waar mogelijk wegen aan te reiken voor de beantwoording ervan.

Dit is volgens mij zelfs een cruciale verantwoordelijkheid voor de filosofie. De filosofie zou niet trouw zijn aan haar telos, het doel dat alle mensen nastreven, en aan haar oorsprong wanneer ze zich niet langer op deze grote vraag zou richten.’

Onbewuste materie of bewuste geest
De relatie tussen wereldbeelden (al dan niet rationeel) en de vraag naar de zin van het leven lijkt de filosoof voldoende duidelijk, daar ieder religieus of seculier wereldbeeld een eenduidig antwoord op deze vraag inhoudt.

Men kan bijvoorbeeld een materialistisch wereldbeeld aannemen, volgens welke alles wat er is bestaat uit atomaire, materiële deeltjes. Het geheel van de werkelijkheid wordt hier begrepen als ontstaan uit onbewuste en levenloze materie. Men neemt aan dat er niets bestaat voorbij het materiële.

Maar de werkelijkheid kan ook begrepen worden als ontstaan uit bewuste geest. De wereld wordt hier ervaren als bezield en als de schepping van iets goddelijks.’

De ons omringende wereld begrijpen
Elke wereldbeschouwing omvat een bepaald holistisch beeld van de aard en oorsprong van de werkelijkheid en ieder mens geeft zijn of haar leven uiteindelijk vorm door het expliciet dan wel impliciet omarmen van een wereldbeeld, zoals humanisme, theïsme of naturalisme.

Dit stelt ons in staat betekenis toe te kennen aan onze alledaagse en existentiële ervaringen. Een wereldbeeld stuurt ons leven en informeert de wijze waarop wij onszelf, de ander en de ons omringende wereld begrijpen.’

Ons bestaan richting geven
Al vanaf onze jeugd ontwikkelen we een een richtinggevend wereldbeeld, vrijwel onbewust, in en door onze interpretatieve omgang met de wereld, aldus de filosoof. Een levensbepalend verhaal helpt ons om sturing te geven aan ons leven en dient als leidraad om te kunnen navigeren in de wereld. Een dergelijk narratief of wereldbeeld bepaalt hoe wij ons oriënteren en ons bestaan richting geven.

Het wereldbeeld van waaruit wij leven is bepalend voor wat wij waardevol, zinvol, belangrijk en relevant vinden om na te streven in dit leven. Kortom, wereldbeelden, oftewel levensoriënterende verhalen, helpen ons onze leefwereld leefbaar en betekenisvol te maken.

Als mensen hebben wij geen andere keus dan het omarmen van een levensoriënterend verhaal. Wij kunnen niet anders dan ons leven vormgeven vanuit een bepaald seculier of religieus wereldbeeld. Alleen zo kunnen wij ons leven richting geven en de wereld waarin wij als mens geworpen zijn betekenisvol maken.’

De onvermijdelijke vraag naar de zin van het leven
Wanneer we werkelijk redelijke antwoorden willen onderzoeken op de onvermijdelijke vraag naar de zin van het leven, stelt Rutten, dienen we ons te gaan bezighouden met het reflecteren op wereldbeelden.

Elk religieus of seculier wereldbeeld impliceert namelijk – of beter: is – een specifiek antwoord op deze vraag.’

Het artikel gaat uitgebreid in op de relatie tussen (alternatieve) wereldbeelden en de vraag naar de zin van het leven. Samen met andere artikelen en syllabi maakt het tevens deel uit van een nieuwe collegereeks die de filosoof verzorgt aan de Vrije Universiteit van Amsterdam.

Zie:
Over de zin van redelijke wereldbeelden (gjerutten.nl)

Nieuwe collegereeks voor Symbolische leven I
Vanaf 8 maart 2022 zal Emanuel Rutten voor de master Filosofie van cultuur en bestuur aan de Vrije Universiteit wederom een collegereeks verzorgen voor het vak Symbolische leven 1.
Interesse? Mail naar: e.rutten@vu.nl

Beeld: Hassan Nawaz (Pixabay)

NASA, 24 theologen en buitenaards leven

Ruimtevaartorganisatie NASA is medefinancier van een onderzoeksprogramma dat als doel had om het raakvlak tussen religie en mogelijk buitenaards leven te bestuderen. Meer dan 20 theologen onderzochten hoe aanhangers van wereldreligies zouden reageren op de ontdekking van buitenaards leven. Resultaten van het onderzoek suggereren dat aanhangers van religies wellicht beter voorbereid zijn op buitenaards gezelschap dan niet-gelovigen.

Andrew Davison, priester en theoloog van Cambridge University met een doctoraat in de biochemie uit Oxford, behoort tot de 24 religieuze experts. NASA wil weten hoe mensen zullen reageren als buitenaards leven wordt gevonden op andere planeten en hoe de ontdekking van invloed kan zijn op onze ideeën over goden en schepping.

Om die reden maakt het deel uit van NASA’s voortdurende doel om het werk aan ‘de maatschappelijke implicaties van astrobiologie’ te ondersteunen, in samenwerking met verschillende partnerorganisaties, waaronder het Center of Theological Inquiry in Princeton.’

Davison brengt dit jaar een boek uit, getiteld Astrobiology and Christian Doctrine, waarin wordt opgemerkt dat hij gelooft dat we dichter bij de ontdekking van leven op andere planeten komen. Religieuze tradities zouden een belangrijk kenmerk zijn van hoe de mensheid zou functioneren door zo’n bevestiging van het leven elders, vertelt hij in een blogpost op de website van de Universiteit van Cambridge. In zijn boek zal hij kijken naar grote vragen als:

Zou God elders in het universum leven hebben kunnen scheppen? Zou hij een verlosser hebben kunnen sturen om te sterven voor de zonden van een uitheemse soort? Zou de ontdekking van buitenaards leven van religies vereisen dat ze hun scheppingsverhalen herschrijven? Of zou het gemakkelijk door religies worden aanvaard? Als je gelooft dat een God of goden alle grote en kleine wezens hebben geschapen, waarom zou je dat dan niet over het hele universum toepassen?

De ontdekking van buitenaards leven zou over een decennium, over honderden jaren of misschien wel helemaal nooit kunnen komen,’ schrijft Davison. ‘Maar als het gebeurt, is het nuttig om van tevoren over de implicaties te hebben nagedacht.’ Een rabbijn, een priester en een imam doen ook mee aan het onderzoeksprogramma om te praten over het raakvlak tussen God en buitenaardse wezens.

Het is niet het begin van een religieuze grap; het is precies wat er gebeurde in het Center for Theological Inquiry van Princeton University. Daar kwamen in 2016 meer dan 20 theologen bijeen om deel te nemen aan een programma dat gedeeltelijk werd gefinancierd door ruimtevaartorganisatie NASA. Gezamenlijk onderzochten ze hoe mensen zouden kunnen reageren op de ontdekking van buitenaards leven.’ 

Carl Pilcher, tot 2016 hoofd van NASA’s Astrobiology Institute, zei dat NASA wilde dat theologen ‘de implicaties overwegen van het toepassen van de instrumenten van de late 20e [en vroege 21e]-eeuwse wetenschap op vragen die al honderden of duizenden jaren in religieuze tradities werden overwogen. Hij zei dat het ‘onvoorstelbaar’ was dat de aarde de enige plek in het universum is waar leven is. Dat is gewoon ondenkbaar als er meer dan 100 miljard sterren in dit sterrenstelsel en meer dan 100 miljard sterrenstelsels in het universum zijn.’

Zie:
* Hoe zouden mensen reageren op de ontdekking van buitenaardse wezens? NASA riep de hulp in van een rabbijn, een priester en een imam
(Business Insider, 30 december 2021)
* British priest to advise NASA on what to do if alien life is discovered on another planet (Mirror, 23 december 2021)
* NASA huurt 24 theologen in om te beoordelen hoe de wereld zou reageren op de ontdekking van buitenaards leven op verre planeten
(Forex Updates NL, 26 december 2021)

* Tip: In de afgelopen maanden heeft Taede A. Smedes een boek geschreven om de omwentelingen te beschrijven die zich in onze tijd voltrekken. In We zijn misschien niet alleen, dat eind februari / begin maart verschijnt, gaat de godsdienstfilosoof en theoloog uitgebreid in op de recente ontwikkelingen in de Verenigde Staten vanaf 2017 en ook op de inhoud en implicaties van het Pentagon-rapport. Om duidelijk te maken hoe revolutionair de ontwikkelingen zijn, laat hij eveneens zien hoe het ufofenomeen al ruim 70 jaar de gemoederen bezighoudt. En… beschrijft ook zijn eigen ufo-waarneming.

Zie ook: “We zijn (misschien) niet alleen: Ufo’s toen en nu” (Taede A. Smedes)

Beeld: NASA

‘Misschien is echte verlossing zoiets als verlichting’

Literatuurcriticus en journalist Tjerk de Reus praat met de cabaretier bij De Nieuwe Koers in het artikel We zijn de taal van het geweten kwijtgeraakt. In Kom verder!, Memoires 1, brengt De Jonge kerkgeschiedenis, vaderlandse geschiedenis en de vorming van een gezin bijeen, op een ernstige en vrolijke toon. De Jonge wil ook een bevrijdend, troostend woord spreken, zij het met een ietwat andere lading dan zijn vader of grootvader.

Bevrijding, dat is essentieel,’ zegt De Jonge. ‘Losraken van wat je gevangenhoudt, wat je vastpint op verkeerde verlangens en behoeftes. Je moet helemaal niet vier keer per jaar op vakantie, met het vliegtuig! Van dergelijke heilloze ideeën moet je je bevrijden, steeds weer.’

Je snapt wel, verlossing is een stap vérder dan bevrijding. Het is iets groters, iets wat we niet voor elkaar krijgen. Bevrijding, dat moet iedereen steeds weer opnieuw doen. Omdat je jezelf er steeds in laat luizen. Maar verlossing… Dan is dat menselijke geworstel dus weg, je bent eraan ontheven. Misschien is echte verlossing zoiets als verlichting.’

Verlossing
M
et verlossing ben je voorbij het menselijk lijden, zegt De Jonge, je hebt geen deel meer aan de narigheid van het hier-en-nu.

Maar kijk er ook mee uit, zou ik zeggen. Het kan pure hoogmoed zijn dat je streeft naar perfectie, naar het volmaakte. In die zin is verlossing voor je het weet een verleiding.’

Toch is het, zuiver menselijk gesproken, verstandiger om de ‘onverloste’ situatie te accepteren, de eerlijkste ook.

We hebben die hunkering naar totale verlossing, maar het gaat mis als we dat rationeel invullen en mikken op maakbaarheid.’

Morele orde
O
ver godsdiensten zegt De Jonge dat die altijd ook kwalijke kanten hebben gehad, maar de evolutie die ons brein gevormd heeft, door de millennia heen, voor negentig procent te danken is aan de theologie of de dogmatiek.

Op dat vlak werden steeds de stappen gezet, werd een morele orde geschapen. Een paar honderd jaar later zei men: nu zien we het anders, nu treden we het leven zó tegemoet. In die ontwikkeling zijn we echter van de natuur steeds meer in het brein terechtgekomen. We zijn gaan redeneren en rationaliseren, totdat men zei: als je echt rationeel bent, dan kun je je niet voorstellen dat er leven na de dood is. Of dat er een God is.’

Geesteswetenschappen
M
aar zijn we erop vooruitgegaan, in geestelijke zin, met de secularisatie, met het idee dat God dood is? Freek zegt niet terug te kunnen naar het idee dat er een God is. Als het gaat om een ‘weg terug’, uit de kaalslag van de secularisatie, denkt hij aan iets anders.

De splitsing tussen geesteswetenschappen en de fysica, die moet ongedaan worden gemaakt. Er moet een brug tussen die twee zijn, tussen gevoel en ratio, tussen technische beheersing en moraal. Ethiek moet simpelweg weer een hoofdrol gaan spelen in de cultuur. Dan gaat het niet om een stel regels, maar om de menselijke maat. Ooit hadden we die discussie met de atoombom. Moesten we daarmee doorgaan? Nee! En nu, een bedrijf als McDonald’s, is dat ethisch verantwoord? Ook niet. Dan moeten we het ook niet willen. Moreel besef, gevoed door de geesteswetenschappen, zou een grote stem moeten krijgen in de samenleving.’

Kom verder! Memoires 1 | Freek de Jonge | Atlas Contact | ISBN 9789025452896 | 336 pagina’s | november 2021 | € 22,99 | E-book € 6,49

Zie: We zijn de taal van het geweten kwijtgeraakt (De Nieuwe Koers) of via Blendle.

Gerelateerd: Gesprekken en gedachten over een nieuwe tijd (godenenmensen.com)

Beeld:
pxhere

Het verlangen ons (niet) te bevrijden van religie

De Nederlandse worsteling met religie springt in het oog wanneer je grasduint in het recente nieuws, de opinies en de (journalistieke) duidingen van zaken die onze samen­leving bezighouden. ‘Paradoxaal genoeg blijkt juist de drang om ons te bevrijden van religie ons verlangen ernaar te bevestigen’. – Journalist en schrijver Jasper van den Bovenkamp en godsdienstfilosoof en theoloog Taede Smedes stellen bij Reporters Online dat we – anders dan statistici beweren en ondanks onszelf – hartstikke religieus zijn.

Dan moet je wel voorbij het clichédebat over God en zijn gevolg willen kijken, zeggen zij. De suggestie dat er in Nederland nauwelijks nog aan religie wordt gedaan – zoals het CBS stelt – heeft enige relativering nodig.

Menig godsdienstwetenschapper wees er al op dat dat te kort door de bocht is. Religie is niet identiek aan godsgeloof. Religiositeit speelt zich de laatste jaren steeds vaker in minder vaste vormen ook buiten de heilige gebouwen af.’

Kerkelijke hoogtijdagen worden ingeruild voor vieringen van ‘levensgebeurtenissen omdat we door het jaar heen tóch behoefte hebben aan betekenisvolle en gemeenschappelijk beleefde markeringsmomenten’. Theoloog Stefan Paas ziet nog meer ‘levensgebeurtenissen’ en twittert:

Er ontstaat langzaamaan een seculiere feestkalender, die te herkennen is aan telkens terugkerende discussies het jaar door: rondom vuurwerk, paaseieren, de uitgelekte miljoenennota en Zwarte Piet.’

In de huidige maatschappelijke discussies over genderongelijkheid, dierenrechten, racisme, klimaat en de macht van witte heteroseksuele cis-mannen onderscheiden degenen die daarin het hoogste woord voeren, zich nauwelijks van de godsdienstige fundamentalist in fanatisme en vasthoudendheid, eindeloos gedrein, bekeringsdrang en een totale ongevoeligheid voor nuance. Bekeringsijver en de neiging tot moraliseren liggen daarbij als een relict op onze postchristelijke schouders.

Van schuld – ‘dat oer-religieuze mechanisme waarmee mensen enigszins van hogerhand in bedwang werden gehouden’ – lijken we nog lang niet verlost, merkt Wilfred M. McClay ironisch op in het Amerikaanse academische tijdschrift The Hedge­hog Review.

Eens leefden we in de veronderstelling dat met Gods dood de schuldvraag automatisch zou verdwijnen en in principe zou alles dan zijn toegestaan. Maar het tegendeel is gebleken. McClay constateert dat we schuldiger zijn dan ooit tevoren. Vanwege onze ecologische voetafdruk, het slavernijverleden, discriminatie en genderongelijkheid, om maar iets te noemen.’

Het grote probleem, aldus Van den Bovenkamp en Smedes, is echter dat we met onze schuld nergens meer naartoe kunnen.

Kon God voorheen nog wel dienen als afvoerputje van onze morele tekortkomingen, nu we hem morsdood hebben verklaard, kijken we schuldig in de spiegel waarin we alleen onszelf zien staan. Die schuld kan verstikkend werken. Een passende formule voor vergeving, zoals de kerk die ooit bood, ontbreekt.’

En als we van die zonde verlost willen worden, zullen we dat zelf moeten doen. We zullen zelf ons paradijs moeten creëren, om het in de woorden van de Vlaamse psychiater Dirk De Wachter te zeggen. Zijn analyse in een notendop:

Ons leven op aarde is het paradijs. We moeten het hier leuk hebben, het leven is een feestje, een evenement, een festival, we moeten er alles uithalen. De Wachter ziet in zijn eigen praktijk steeds meer patiënten die daardoor depressieve klachten hebben ontwikkeld. We vinden er eigenlijk geen bal aan, aan ons zelfbedachte aardse paradijs. Om het een beetje vol te kunnen houden, gaan we massaal aan de antidepressiva.’

Het gevoel van schuld speelt een rol, namelijk de schuld jegens man, vrouw en gezin door het niet kunnen vinden van een balans tussen privé en werk. Met uiteindelijk vaak een burn-out tot gevolg. De oplossing zoeken we in consumeren. ‘Het is het gevoel van leegte dat ons doet consumeren.’ Maar uiteindelijk openbaart zich daarin juist des te schrijnender de leegte van ons bestaan.
Eveneens komt het verlangen naar het paradijs op aarde ook tot uiting in de extreme hang naar zuiverheid.

Ons voedsel moet vandaag vooral echt en puur zijn, vegetarisme wordt ingeruild voor het extremere veganisme, het handelen van bedrijven en over­heden moet transparant zijn en ons hele persoonlijke voorkomen liefst zo authentiek mogelijk.’

René ten Bos – destijds ‘Denker des Vaderlands’ – beschouwt in Trouw deze hang naar zuiverheid als een religieuze trek:

Natuurlijke zuiverheid is zo’n belangrijk gevoel geworden, het lijkt bijna een vervanging te zijn voor het geloof in God. Die vergoddelijking van de zuiverheid verklaart ook waarom de huidige discussie niet alleen speelt in religieuze, maar zeker ook in seculiere kringen: niet de wil van God is hier doorslaggevend, maar onze hang naar zuiverheid. Dat geeft weer aan dat de scheiding tussen een religieus en een atheïs­tisch wereldbeeld minder groot is dan we meestal veronderstellen.’

De religieuze ontwikkelingen die we tot dusver beschreven, zeggen Van den Bovenkamp en Smedes, hebben een hoog gehalte aan constructie: het is de mens die ze probeert te maken, te realiseren, precies om de controle en het overzicht te kunnen bewaren.

Maar aangezien menselijke constructen feilbaar zijn, stellen alle traditionele religies dan ook dat ze illusies zijn – en misschien staan die religies ons moderne mensen daarom ook zo tegen, omdat ze ons confronteren met ‘een waarheid’ die we liever niet onder ogen zien.’

Zie het uitgebreide artikel: We denken dat we steeds minder religieus zijn, maar – spoiler alert – dat is helemaal niet zo (Reporters Online, 2 december 2021) of via Blendle

Beeld: Daria Nepriakhina (Pixabay)

‘De samenleving snakt naar betekenis’

De laatste verhalen over de wereld en onze plaats in de wereld hebben we samen met God, Jezus en de Heilige Maagd weggegooid. Nu zoeken mensen hun heil bij de wetenschap. En dat is niet verwonderlijk, want de wetenschap – dezelfde wetenschap die ons tot machines heeft gereduceerd – heeft de grootste bek.  – Voor HP/DE TIJD las journalist Oswin Schneeweisz Leven als een mens van Charles Foster. De natuuronderzoeker ging terug naar het laatpaleolithicum waarin de mens nog onderdeel was van alles om hem heen.

Nu we de wereld om ons heen gereduceerd hebben tot machinale objecten, is de betekenis van alles verloren gegaan. In het laatpaleolithicum had alles betekenis en die betekenissen vertelde men door in verhalen. Maar we hebben geen verhalen meer.’
(Charles Foster)

De samenleving snakt naar betekenis, zegt Charles Foster. Maar wetenschappers zijn slechte verhalenvertellers. Het belangrijkste verhaal van dit moment – het sombere, letterlijk vernederende verhaal van de homo economicus en de vrije markt – is ons in de verste verte niet waardig.

Er zijn veel betere verhalen. Ze zijn allemaal erg oud. En ze gaan over de relatie van de mens met de natuur, over de verbinding tussen alle levende wezens, tussen planten en dieren. Onze opgave is die verhalen te herontdekken. Als we dat niet doen, voorspel ik je dat het afgelopen is met de mensheid. Dan gaan we aan ons eigen reductionisme en rationalisme ten onder.’
(Charles Foster)

Het is volgens Foster fout gegaan toen we onder invloed van het reductionisme de mens zijn gaan zien als een verzameling atomen, DNA en cellen.

Als iets wat je in onderdelen uit elkaar kunt halen en vervolgens kunt analyseren. Een dergelijke wetenschap kan met een fenomeen als bewustzijn niets. Daarom wordt het genegeerd. De wetenschap is slachtoffer geworden van wat ik noem de linguïstische tirannie: alles moet benoembaar zijn. En daarmee ontkent de wetenschap het belangrijkste wat ons mensen tot mens maakt: het onderbewuste, het gevoel, de intuïtie. Het zijn allemaal menselijke eigenschappen die in het laatpaleolithicum tot bloei zijn gekomen.’
(Charles Foster)

De natuuronderzoeker stelt dat door het reductionisme – het gevolg van de verlichting – de ziel uit de niet-menselijke wereld werd gedreven, waarna mensen als de enige bezielde wezens overbleven. Kwade genius in dezen is volgens Foster filosoof René Descartes die de werkelijkheid in twee niet-communicerende rijken verdeelde: dat van de materie en dat van de geest.

Eerst moet dit heel onschuldig geleken hebben. Het was niet meer dan een pedant stukje filosofische taxonomie, maar de gevolgen waren verpletterend. Geest of ziel – noem het zoals je wilt – bestond ineens niet meer in niet-menselijke materie.’
(Charles Foster)

Desgevraagd verduidelijkt de auteur waarom een steen geen ziel zou kunnen hebben, of een boom of een hond. Omdat het materie is, zeggen de discipelen van Descartes.

‘Maar diezelfde negen-tot-vijfwetenschappers komen na het werk op kantoor of in het lab thuis, aaien de hond en zien dat hij vrolijk kwispelt.’
(Charles Foster)

Hoe kun je dan volhouden dat een hond geen bewustzijn heeft? Dat het niet, net als wij, een bezield wezen is? Als alles om je heen op de een of andere manier bezield is, heeft dat ongelofelijke consequenties. Dan ga je, net als de oermensen, respectvol om met je omgeving. Je verzint rituelen om het dier dat je net voor eigen consumptie hebt gevangen te eren, je offert een lam voor de riviergodin of je snijdt mooie Venusbeeldjes van hout.

De honger brengt mij naar de plek waar bewustzijn en onderbewustzijn bij elkaar komen. Waar bomen, stenen en wolken bezield raken en waar ik verschrompel tot een onderdeel van dat alles. Die verbinding met de buitenwereld, met het mystieke, is misschien wel het grootste verlies dat de mens heeft geleden in zijn opmars naar moderniteit.’
(Charles Foster)

Foster spreekt van woke, dat over maatschappelijk bewustzijn gaat, verantwoordelijkheid en waakzaamheid: ‘het is de gebalde vuist van de zwarte protestbeweging, de kritische woorden van klimaatmeisje Greta Thunberg’. Zo gaat Fosters uitstapje gaat naar de oertijd als onderdeel van een groter geheel.

Het gaat over verantwoordelijkheid dragen voor je omgeving en respect voor je medemens en de natuur. Het gaat over het universele in plaats van het individuele.’ 
(Oswin Schneeweisz)

Zie: Handleiding voor een verweesde mensheid (Oswin Schneeweisz, HP/DE TIJD, 30-11-2021) – of via Blendle

Leven als een mens | Charles Foster | A.W. Bruna | € 24,99 | oktober 2021
Charles Foster is rechtsgeleerde, dierenarts, buitengewoon natuuronderzoeker en een Fellow van Green Templeton College aan de Universiteit van Oxford. Hij schreef vele publicaties en boeken. Leven als een beest werd een internationaal succes: het werd genomineerd voor diverse prijzen en wordt verfilmd. Leven als een mens is het briljante en onvermijdelijke vervolg.

Illustratie: Comfreak (Pixabay)