‘Het universum is wat niet groter gedacht kan worden’

HET ABSURDE UNIVERSUM, van Patrick Chatelion Counet, zullen veel lezers als overrompelend en absurd ervaren. Consequent ironisch schrijft de wetenschapsfilosoof en theoloog over ‘wetenschap’ en mystiek. ‘Wetenschap’ tussen aanhalingstekens want voor hem is wetenschap veelal fictie en fantasie. Toch is het een in alle opzichten uiterst boeiend essay, waarin de auteur bij wijze van samenvatting ‘in het besef dat ik daarmee het geloof in de wetenschap van velen ondermijn’, 95 absurdistische stellingen aan ‘de poort van het huidige wetenschapsgebouw’ spijkert. ‘God is een absurdum in het kwadraat’.

‘Dit boek is een uitnodiging om het mysterie te omarmen en te erkennen
dat geloof voortkomt uit het besef van het onverklaarbare’
(Het absurde universum)

Leibniz
Het absurde universum zag 7 maart 2024 het licht. De auteur heeft ‘absurd’ in zijn boek ‘zo eenvoudig als maar kan (sic) gedefinieerd als iets-wat-niet-kan’. Hij parafraseert wiskundige en filosoof Leibniz als hij zegt, dat het absolute weten stukloopt op de absurditeit dat dit universum – tegen alle logica in – er is, omdat het logischer ware geweest indien er niets was.

Het universum kán niet. Hetzelfde geldt voor God. Hij is hooguit de verdubbeling van het probleem: of hij is uit het niets voorgekomen of hij bestaat van eeuwigheid – beiden kunnen niet, dus God kan niet. Toch is er nog hoop voor God, want als iets wat onmogelijk is, toch bestaat – het universum -, waarom God dan niet?’
(Chatelion Counet)

Anselmus
Natuurlijk haalt de auteur Anselmus erbij. Anselmus van Canterbury voor wie ‘God een vat vol tegenstrijdigheden’ is, en ‘tegelijk het onwrikbare uitgangspunt waarover men kennis en inzicht dient te verwerven’. In 1077 formuleerde de middeleeuwse theoloog een definitie van God. Voor Chatelion Counet geldt de uitspraak van Anselmus: ‘God is wat niet groter gedacht kan worden’ met enige (atheïstische) aanpassing ook voor het universum:

Mutatis mutandis: het universum is wat niet groter gedacht kan worden.’
(Chatelion Counet)


Anselmus van Canterbury

Anselmiaans-nostalgische God
Chatelion Counet stelt over de theorie van parallelle universa dat die inhoudt dat er naast het onze nog andere universa bestaan.

Maar dan nog lachen we met de theoloog uit Canterbury al deze universa in hun gezicht uit omdat ze binnen het ene totaal vallen dat we anselmiaans-atheïstisch universum noemen of anselmiaans-nostalgische God!’
(Chatelion Counet)

Kosmologie
Chatelion Counet filosofeert er ironisch op los, en stelt dat als er iets vóór de oerknal bestond, dit eveneens tot het anselmiaanse universum behoort.

Kosmologie is geen natuurkunde. Kosmologie is logica en theologie.’
(Chatelion Counet)

Een voortdurend NU
Onder een artistieke weergave van Einsteins gedachte-experiment over relativiteit, is onder meer zijn commentaar:

Ik help u uit de droom: Einstein relateert (dat is de betekenis van relativiteit) waarneming aan de snelheid in het inertiaalstelsel* van de waarnemer, maar dat neemt niet weg dat alles in het heelal sequentieel simultaan gebeurt. Eenvoudiger gezegd: er is (‘is’ in de zin van zijn en bestaan) geen verleden en toekomst. Er bestaat alleen een voortdurend NU, een simultaan heden. Ook al kunnen u en ik dat niet gelijktijdig waarnemen.’
(*Intertiaalstelsel: een assenstelsel dat met constante snelheid voortbeweegt, of stilstaat, PD)


Patrick Chatelion Counet ‘Wij scheppen een universum naar ons eigen beeld’

Het kind van de theologie
De auteur noemt zijn boek filosofisch. ‘Over wetenschap. Over wat we weten, denken te weten en niet weten’. Met veel toepasselijke, originele foto’s met bijschriften en schema’s. En ruim vijftig bladzijden bibliografie en dito eindnoten. Met ook weer absurde en ironische verwijzingen, zoals naar Herman Finkers, waarmee Chatelion Counet het hoofdstuk Fysica, het kind van de theologie begint.

Vóór God was er niets, en Maria is zijn moeder.’
(Herman Finkers)

Geloof dat begrip zoekt
De auteur zegt de oude kerkvaders niet te begrijpen als zij zeggen dat God zonder oorsprong is. Begrijpen is onmogelijk, je kunt hooguit geloven dat het waar is. En zo komen we uit bij weer andere adagia van Anselmus die de auteur verder uitwerkt in het hoofdstuk Geloof dat begrip zoekt. Geloof ligt naast wetenschap, geloof in big bang naast God.

Uiteraard mag je ten eeuwigen dage naar bewijs en begrip blijven zoeken, maar je geraakt nooit verder dan het anselmiaanse fides quarens intellectum: geloof dat naar begrijpen zoekt.’ (…) Of credo ut intelligam: dat betekent dat men ‘gelooft opdat men tot begrip moge komen.’
(Chatelion Counet)

Het absurdum
Logica (en wiskunde) noemt de auteur het instrument waarmee we naar de werkelijkheid kijken. Volgens hem bezitten we niets dan logica en daarmee zien we het grootste deel van de werkelijkheid.

Wanneer de logica ons naar gebieden brengt waar we met ons verstand niet meer bij kunnen – ‘oneindigheid’ of ‘niets’, of dingen buiten ruimte en tijd, of nieuwe universa (achter of ín zwarte gaten), of in de tijd terugreizende antideeltjes – dan betreden we het terrein van het absurdum.’
(Chatelion Counet)

Wij zijn een zin- en betekenisgevend wezen
Voor de mens is het onmogelijk geen orde of patronen te zien. Onze geest, zegt Chatelion Counet, creëert overzichtelijkheid en werkelijkheid. Niet in de filosofisch-idealistische zin: er is daar iets, out there (but not the truth).

We creëren werkelijkheid in semiotische zin. Wij zijn een zin- en betekenisgevend wezen (homo semioticus). Achter onze betekenisgevende theorieën, beelden, voorstellingen, verschuilt zich iets wat we nooit zullen kennen (ignorabimus). Wij géven de werkelijkheid betekenis (religieus, wetenschappelijk). Het is een misverstand te denken dat de werkelijkheid betekenis bezit of hééft, en dat we die ontdekken. Zonder ons heeft niets betekenis – en omgekeerd: op zichzelf bestaat er geen betekenis.’
(Chatelion Counet)


Heino Falcke

Het ‘fotogenieke gat’
Het ‘fotogenieke gat’ van hoogleraar astrodeeltjesfysica en radioastronomie Heino Falcke: het bewijs van het bestaan van een zwart gat, geleverd in de vorm van een foto, vindt de auteur verbijsterend. Dit kan helemaal niet, want uit een zwart gat ontsnapt geen licht en kan niet gefotografeerd worden. ‘Zo’n vage afbeelding waarin men van alles kan zien’.

Het is een computercompilatie, die met behulp van kunstmatige intelligentie fotonen per golflengte, radiogolven en andere data analyseert en deze tot een ‘ingekleurde foto’ componeert. (…) Een serieuze bedenking bij de afbeelding is dat het licht dat men waarneemt niet de waarnemingshorizon van een zwart gat is (het gat zelf is sowieso onzichtbaar), maar ander omgevingslicht. Het licht en de radiogolven kunnen voor hetzelfde (dure) geld afkomstig zijn van andere sterren, objecten en nevels in het gefotografeerde gebied en zelfs van sterren achter dat gebied.’
(Chatelion Counet)

Geen bewijs voor de oerknal
Als laatste voorbeeld van het absurde universum van Chatelion Counet nog even over ontstaan en herkomst van de maan, waarover in de wetenschap volgens de auteur nog steeds geen algehele consensus bestaat.

Ontstaan en oorsprong van de rest van het heelal vormt evenwel geen probleem. De oerknal kan ook buiten de wetenschap op brede consensus rekenen. Hoe groot deze consensus ook is, bewijs voor de oerknal is er niet. Het is een geloof.’
(Chatelion Counet)

Bron:
Het absurde universum – Hoe de wetenschap stukloopt op de ongrijpbare werkelijkheid | Patrick Chatelion Counet | VBK Media | KokBoekencentrum | 352 pagina’s | € 27,99 | E-book € 14,99

Gerelateerd:
* En God ontstak de Oerknal – Er was eens… in het TijdRuimteloze, God, die besloot samen met miljarden engelen de kosmos te scheppen. (2015)
* ‘God is veel groter dan je kunt denken’ – De foto van het zwarte gat voelde voor Falcke alsof hij keek naar ‘de poorten van de hel’, naar ‘het einde van ruimte en tijd’. (2021)
* De duizelingwekkende diepten in de kwantumfysica – ‘Het lijkt dat men bestanddelen heeft gevonden van wat men vroeger ‘geest’ noemde.’ (2022)

Noot van de redactie: Met dank aan KokBoekencentrum die GODENENMENSEN spontaan een recensie-exemplaar van Het absurde universum toestuurde. – Binnenkort verschijnt – na bovenstaande eerste indruk van dit essay – de recensie op RELIFILOSOFIE.
! UPDATE: Recensie van bovenstaand boek blijkt ondoenlijk, er staat zo veel informatie in, allemaal zeer de moeite waard, maar niet in een adequate recensie samen te vatten helaas. Tip: Lees zelf het boek: verrassend en boeiend op iedere pagina. (November 2025)

Beeld: Wereldschildpad Atuin de Grote (Hebban.nl)
Beeld Anselmus: Bibliotheek Brugge
Foto Patrick Chatelion Counet: De Brug Nijmegen 
Foto Heino Falcke: Bert Beelen (De Gelderlander)

‘Christelijk geloof totale miskenning van Jezus’ eigen boodschap’

Boekrecensie Jezus van Bethanië. Auteur dr. Jan Lodder benadert Jezus niet geloofsmatig, maar literair en historisch. Wat er dan van Jezus overblijft, zegt hij, is ‘een historische figuur met een geloofwaardige, eigentijdse boodschap, die evenwel tijdloze geldigheid heeft’. Lodder zet verhalen en woorden over Jezus kritisch naast verhalen en woorden van Jezus. – Zijn onderzoek moet werkelijk monnikenwerk geweest zijn, met veel literatuuronderzoek. Het is puur onderzoeksjournalistiek: ‘Follow the Jesus’. Oprecht factchecked, tekst-vergelijkend onderzoek. The Jesus blijkt niet Jezus Christus van Nazareth, maar Jezus van Bethanië. ‘Een andere Jezus? In zeker zin: absoluut!’

‘Geloof je niet, of niet langer, of heb je de kerk achter je gelaten, dan heeft Jezus van Bethanië je misschien iets te vertellen.
En als je wel gelooft, vertelt hij je iets anders’
(Jan Lodder)

Drie Jesaja’s
J
esaja speelt duidelijk een hoofdrol in Jezus van Bethanië. Er zijn zelfs drie Jesaja’s: ‘Het Bijbelboek is een redactionele samenstelling van tenminste drie afzonderlijke schrijvers’. De auteur geeft aan de hand van ‘Deutero-Jesaja’ een uitgebreid tekst-vergelijkend onderzoek weer tussen het Oude Testament en het Nieuwe Testament.
Hij stelt dat het christendom de fundamentele overtuiging heeft dat het altijd ‘door God gewild’ werd. En dat Jezus als lijdende en zaligmakende Christus al in de boeken van het Oude Testament voorspeld werd: ‘met name door de profeet Jesaja’. Ook onderzoekt hij of Jesaja de komst voorspelde van een christelijke Messias. Lodder laat zien dat niet alles uitkomt wat Deutero-Jesaja profeteerde, ‘maar wel de essentie’.

‘Was Jesaja daadwerkelijk een waarzegger over een toekomst vijfhonderd jaar vooruit, of hebben zijn profetieën eerder een geheel eigentijdse betekenis? Een nauwe samenhang echter tussen met name Jesaja 40-55 en Jezus’ boodschap is onmiskenbaar. Welke betekenis blijft er dan nog over als Jesaja niet het lijden en sterven van de Christus voorspelde?’

Historiografie
J
ezus van Bethanië
lees je niet in één adem uit, eerder is het een slow page-turner. Slow, omdat anders je veel ontgaat. Het is historiografie: geschiedenis gebaseerd op het kritisch bestuderen van bronnen. En van historische Jezuswoorden uit het Thomasevangelie, ‘zonder verhalende elementen; de woorden staan op zich’. Naast het onafhankelijk bewijs van het bestaan van de historische Jezus in Thomas, is er ook het Testimonium Flavianum van de Joodse geschiedschrijver Flavius Josephus, die in het beschrijven van de Joodse geschiedenis over een bepaalde periode, melding maakt van Jezus. Jezus zelf heeft nooit iets opgeschreven.

‘Het Testimonium is authentiek, en geeft ons in de context waarin Josephus het plaatst de waarschijnlijk enig juiste informatie waarom Jezus ter dood werd gebracht’.

Afgewezen historische Jezuswoorden
L
odders onderzoek laat zich niet beperken door de nieuwtestamentische canon. Die werd ‘overigens ruim 350 jaar na Jezus’ dood (in 397 CE op het derde concilie van Carthago) door de toenmalige geestelijke en wereldlijke leiders vastgelegd’. De auteur voegt hieraan toe dat hoewel ‘de geloofstraditie historische Jezuswoorden ook vandaag de dag op geloofsinhoudelijke gronden afwijst, dit niets afdoet aan de historische waarde van die woorden’. De auteur kent daarom aan het Thomasevangelie dezelfde historische waarde toe als aan de Bijbelse evangeliën.


Jezus van Bethanië

Meelopen met Jezus
J
e loopt voortdurend mee met Jezus. Daar waar ‘de boodschap van de historische Jezus ontstond op het Galileïsche platteland tussen wijngaarden, graanvelden, vijgenbomen en keuterboeren’.  En zo ontmoet je behalve Jezus’ volgelingen ook de Romeinse prefect Pilatus, Joodse autoriteiten, het Hogepriesterlijk gezag, de Galileïsche heerser Herodes, en vele anderen.

‘Jezus leefde in een mondiale wereld waar in ieder geval de Hebreeuwse, Helleense en Romeinse sferen elkaar beïnvloeden. (…) Bovendien zwierven boeddhistische missionarissen al eeuwen door de Levant. We kunnen daarom a priori niet uitsluiten dat Jezus invloed heeft ondervonden vanuit andere denkrichtingen dan alleen het judaïsme van zijn dagen’.

Rationaliteit belangrijk criterium
L
odder raadpleegde veel literatuur; in ruim tien bladzijden geeft hij een keuze eruit. Jezus van Bethanië is niet geanalyseerd vanuit een bepaalde geloofsovertuiging. Wel is het een doorwrocht boek dat leest als een openbaring: nogal onthullend. Belangrijk is nog op te merken dat voor de auteur, bij het bestuderen en interpreteren van gepresenteerde informatie, rationaliteit een belangrijk criterium is voor de grootste kans op een uiteindelijk meest objectieve synthese.

‘Vanuit de geloofsbeleving hoor je vaak precies het tegenovergestelde: omdat er geen ‘objectieve Jezus’ te definiëren valt, blijft alleen de Jezus Christus van het geloof als enige ‘ware Jezus’ overeind. Voor mij [JL] is dat de omgekeerde wereld, en daarom een niet-valide argumentatievorm, die niet overtuigd.’

‘Redelijkheid der argumenten’
D
e auteur onderzocht eveneens de ‘redelijkheid der argumenten’ van vele theologen, historici, taalkundigen, en sociaal wetenschappers die in het Jesus Seminar via een duidelijk omschreven methode navorsten wat er nou precies ‘historisch’ was aan de woorden en werken van Jezus. Ook verwijst hij in het hoofdstuk De Q-missie hypothese regelmatig naar Q-teksten (de eerste letter van het Duitse woord Quelle, wat ‘bron’ betekent). (In de moderne theologie is dat de aanduiding voor een geschrift dat gezien wordt als een bron voor de evangeliën van Mattheüs en Lukas, naast het evangelie van Markus als bron voor beide).


dr. Jan Lodder

Verrassende resultaten
H
et voert helaas te ver om de talrijke, vaak verrassende resultaten van Lodders tekst-vergelijkend onderzoek in deze recensie de aandacht te geven die ze verdienen. Maar Jezus van Bethanië zit er boordevol mee. Een enkele noem ik.
– Bijvoorbeeld over de rol die Paulus in de geschiedenis speelt, en tot de conclusie leidt dat het Christendom niet de leer verkondigt van Jezus, maar van Paulus. ‘De Kerk predikt Paulus, niet Jezus!’.
– Was Jezus een door God zelve, bij monde van een van Israëls grootste profeten, Jesaja, in het verre verleden aangekondigd als de ‘Paulinische Christusfiguur’?
– Jezus sprak van ‘het “koninkrijk”, met hooguit als toevoeging “van de Vader”, maar nooit “van God”. Jezus zou met ‘het koninkrijk’ nooit bedoeld hebben ‘wat Paulus op het oog had met “het Koninkrijk van God”, wat de evangelisten overnamen, en de Kerk predikt.

‘Jezus heeft zijn eigen verdienste, los van christelijk geloven en de christelijke kerk. Wat hij uitdroeg was geen “geloof” of irrationaliteit, terwijl zijn boodschap nog steeds een fundament kan vormen voor de zin in en de zin van de menselijke existentie.’

De keuze voor Jezus
J
an Lodder maakt, zoals hij zegt, ‘de keuze voor Jezus als een tot Schriftgeleerde opgeleide, ultiem altruïstische weldoener en een mystiek belever van de “alom aanwezige goddelijkheid aller dingen”.’

‘Bovendien was hij [Jezus] een geniaal poëet. Hij verkondigde vanuit de Joodse wijsheidstraditie, maar gaf wel een geheel eigen draai aan die klassiek Joodse wijsheid. Het is een draai die geloofwaardig is en haar eigentijdsheid niet verliest. Het is een draai die de goddelijkheid van de menselijke existentie blootlegt. Het is een draai met eeuwigheidswaarde.’ 

Jezus van Bethanië | Jan Lodder | Uitgeverij Van Warven | paperback | 274 blz. | €24,95

Gerelateerd o.a.:
* Geert Groote predikte Jezus’ leer en kreeg preekverbod
* Jezus als blokkade op de weg tot God
* ‘Jezus’ historiciteit staat niet ter discussie en heeft ook nooit ter discussie gestaan’
* ‘Christus is niet de achternaam van Jezus’
*
Jezus rees op uit ‘duizelingwekkend ingewikkeld religieus laboratorium’
*
God koning door executie van Jezus?

Foto: Portret van Christus (tussen 1490 en 1499 – olieverf op paneel – kunstenaar onbekend) Museum Catharijneconvent, Utrecht, foto: Ruben de Heer (Rechterdeel van tweeluik met Lentulusbrief en portret van Christus)
Foto: Jan Lodder – (De auteur schreef ook: Het goede zoeken – De zin van het leven volgens Prediker en Jezus

“Jan Lodder sneller dan AI…😉 (Met dank aan JanD)

UPDATE 22 01 2024 / 17.00 uur: In Trouw: ‘Kunstmatige intelligentie werpt nieuw licht op de Dode Zeerollen‘ (19 01 2024)
‘Eén man die de in Qumran gevonden Jesajarol heeft geschreven? Dat beeld is achterhaald, blijkt uit onderzoek met hulp van AI. ‘Onderzoekers kunnen vooroordelen hebben. Mijn AI is niet bevooroordeeld.’
– Conclusie Maruf Dhali, AI-specialist uit Bangladesh en verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen: ‘De Jesaja-rol is door minstens twee mensen geschreven. En dat zegt veel over de manier waarop deze boekrol tot stand is gekomen. “Het idee dat één man in een grot heeft zitten schrijven, is achterhaald. Hier zijn meerdere schrijvers aan het werk geweest”
.
Update 29-04-2025: (Lay-out, links)

‘OPENAI ondermijnt ons begrip van de mens’

Een fundamentele dreiging die uitgaat van OpenAI is zijn vermogen om ons begrip van de mens te ondermijnen. OpenAI liet dat 25 september 2023 zien door de aankondiging dat ‘het algoritmische taalmodel en beeldplatform van OpenAI “nu kan zien, horen en spreken”.’ – Dit stelt medisch geesteswetenschapper Charles C. Camosy in het artikel The real threat of AI isn’t what you think in Religion News Service. Hij verwijst naar Maggie Makar, die op de Universiteit van Michigan ‘de toekomst vormgeeft met de kracht van computers’. Op X vraagt zij te stoppen met het gebruik van antropomorfe taal om modellen te beschrijven.

‘The real threat of AI isn’t what you think’
(Charles C. Camosy)

ChatGPT kan niet zien, horen en spreken
Stop met het gebruik van antropomorfe taal om modellen te beschrijven. Het kan niet zien, maar wel de beeldinvoer analyseren. Het kan niet horen, maar wel spraaksignalen analyseren. Het kan niet spreken, maar kan wel hoorbare output produceren. Stop. Alsjeblieft.’
(X:
Maggie Makar not @NeurIPS)


Maggie Makar

Taalmodel
C
amosy definieert AI als een reeks algoritmen en neurale netwerken met toegang tot een zeer grote database die door mensen (anthropoi) is gemaakt.

Daar heb je dat Griekse woord ‘anthropos’ – mens – weer. De professor [Maggie Makar] maakt zich zorgen dat wanneer we taal gebruiken die de vorm of structuren van de mens aanneemt, we impliciet de manier waarop we over AI denken corrumperen. We houden onszelf voor de gek door te denken dat een taalmodel of een beeldplatform net zo zou kunnen zijn als wij.’
(Charles C. Camosy)

Fiets
Volgens Camosy gaat er een fundamentele dreiging die uit van AI die we allemaal lijken te negeren, een dreiging die ‘sterk verband houdt met theologie en een betoverende kijk op wat academici soms morele antropologie noemen’. AI heeft het vermogen om ons begrip van de menselijke persoon te ondermijnen, stelt hij. Hij geeft er een voorbeeld van.

Laat AI bijvoorbeeld een afbeelding van een fiets zien en vraag hem hoe hij het zadel lager kan zetten: het platform van Open AI kan de afbeelding analyseren, bepalen wat voor soort fiets er op de afbeelding staat, de databases doorzoeken en het waarschijnlijke antwoord terugspugen, in tekst of stemgeluid.’
(Camosy)


Fiets als voorbeeld bij OpenAI

Organische machine
AI
denkt echt niet na over die fiets. Hoewel sommigen, volgens Camosy, zich afvragen of AI net als wij is, zijn er al meer mensen die geloven dat wij op AI lijken. De mens geeft betekenis aan machines, computers, algoritmen, neurale netwerken – eigenlijk alle vormen van materie in beweging, zegt Camosy. De afgelopen eeuwen en vooral de laatste decennia hebben ons voorbereid om onszelf voor te stellen als zeer vergelijkbaar met AI.

Veel studenten in mijn lessen hebben de afgelopen jaren zelfs zoiets gezegd als: ‘Zijn we niet in wezen organische machines? Wat is er wezenlijk anders aan de manier waarop we een foto analyseren, een database gebruiken en een antwoord op een vraag terugspugen?’
(Camosy)

Begrip van onszelf
H
et onderliggende probleem hierbij is de geavanceerde staat van onze cultuur van wat filosoof Charles Taylor ‘ontgoocheling’ noemde, stelt de geesteswetenschapper, vooral als het gaat om ons begrip van onszelf.

In het seculiere tijdperk van het postchristelijke Westen heeft onze culturele subjectiviteit niet langer een manier om betekenis te geven aan bovennatuurlijke concepten, zoals gemaakt zijn naar het beeld en de gelijkenis van God, van de ziel, genade, een wil die transcendent en vrij, of (in sommige extreme gevallen) zelfs bewustzijn.’
(Camosy)


Charles Taylor

Ontgoocheld, niet betoverd
I
n Public Discourse stelt Carl R. Trueman dat, terwijl de middeleeuwse wereld was betoverd, de moderne wereld waarin wij leven, ontgoocheld is. (Elk jaar geeft hij een les over de ineenstorting van het christendom in de westerse samenleving, waarbij hij de vraag stelt waarom het zo gemakkelijk was om in God te geloven in het jaar 1500 en toch zo moeilijk vandaag de dag. En bij het helpen van studenten om die vraag te beantwoorden, was zijn nuttigste gids de Canadese filosoof Charles Taylor. De vraag zelf is ontleend aan een van zijn belangrijkste werken: Een seculiere tijd.)

While the medieval world was enchanted, the modern world in which we dwell is disenchanted. A disenchanted age is not necessarily characterized by complete repudiation of the supernatural. Rather, it is characterized by a fundamental shift in the function of the supernatural. At the heart of this disenchantment for Charles Taylor is not the traditional science-versus-religion narrative. Instead, he sees the key as being a transformation in the way in which the self is understood.’
(Uit: Charles Taylor, Psychological Selfhood, and Disenchantment, in: Public Discourse)

‘Lichtgevende wezens’
C
amosy zegt het fundamenteel oneens te zijn met onze 21e-eeuwse reductionistische visie op de menselijke persoon. In plaats daarvan kiest hij ervoor om de wijsheid van Jedi Master Yoda te volgen. Yoda leerde Luke Skywalker in The Empire Strikes Back dat we niet louter ‘ruwe materie’ zijn, maar eerder ‘lichtgevende wezens’: bezielde schepselen die het beeld en de gelijkenis van God weerspiegelen.


Jedi Master Yoda

Verzet tegen het idee dat wij op AI lijken
Laten we op dezelfde manier met voorzichtigheid en zorg op AI reageren, zonder de levensveranderende goede dingen die ermee gepaard gaan af te wijzen, noch kritiekloos elke gevaarlijke of destructieve toepassing te accepteren. Maar laten we ons vooral verzetten tegen het idee dat AI op ons lijkt, of (nog erger) dat wij op AI lijken. Geen van beide kan verder van de waarheid zijn.’
(Camosy)

Bronnen:
*
The real threat of AI isn’t what you think Charles C. Camosy 29092023 (Camosy is hoogleraar medische geesteswetenschappen aan de Creighton University School of Medicine en heeft de Monseigneur Curran Fellowship in Moral Theology aan het St. Joseph Seminary in New York.)
* Maggie Makar (X)
*
Computer Science and Engineering at Michigan (X)
* Charles Taylor, Psychological Selfhood, and Disenchantment  (Public Discourse)

Beeld: OpenAI aankondiging van nieuwe functies. (Schermopname)

Beeld Maggie Makar: University of Michigan
Beeld Charles Taylor: Makhanets – Own work. 
Beeld Jedi Master Yoda: starwars.fandom.com

Doctrinevrij denken & geloven in 2024

Geloven en denken voor beginners – Zingeving als tegengeluid van ‘X-gekwetter in een Insta-tijd’. Luchtig raakt NRC-journalist Gijsbert van Es metafysica aan, transcendentie en immanentie, zelfs Spinoza en Einstein, en natuurwetenschappers als de ‘theologen van deze tijd’, en eveneens de ‘Natuur die Goddelijk’ is. – God is in de hemel en hier op aarde leeft Hij niet, zegt Van Es, een probleem waarvan de oplossing voor het grijpen ligt: ‘Mensen zijn kinderen van God. Maar welke God?’

‘De Natuur is Goddelijk. En mensen? Nietig klein en kwetsbaar zijn allen,
als een pasgeboren baby’

(Gijsbert van Es)

Blogs, kranten, TV-programma’s, podcasts en ook ‘X- en Facebookgekwetter’ te over rondom zingeving, niet in de laatste plaats in Van Es’ eigen NRC. Daar kan je je zelfs abonneren via ‘Mijn nieuws’ op ‘Religie’. (Op ‘Filosofie’ (nog) niet(!).)

Mensen zijn te klein, vindt de journalist, en vooral: te kleingeestig, en geestelijk afgestompt. Waarschijnlijk daarom zijn dringende overpeinzingen? Grootgeestig worden en geestelijk aanscherpen zal de opzet zijn van de 6 Overpeinzingen. Daar ga ik dieper op in met inzichten die gelukkigerwijs al meer en meer verspreid worden, zelfs via ‘X- en Facebookgekwetter’. 🌟

Wij praten alleen tegen onszelf. We praten niet tegen de rivieren, we luisteren niet naar de wind en de sterren. Dit grote gesprek hebben we afgekapt. Daardoor hebben we [ons eigen] universum verbrijzeld. Alle rampen die nu over ons komen, zijn een gevolg van deze geestelijke afstomping.’
(Amerikaans theoloog en cultuurhistoricus Thomas Berry, geciteerd door Van Es)


Zie niet slechts die ene ster, zie ze allemaal 

1. Durf te geloven
De bovennatuur’ is dat: metafysica, zegt Van Es. – Bladerend door mijn blogs kom ik neuropsycholoog Sarah Durston tegen. Zij zegt hierover dat we vanuit het materialistische denken heel veel dingen [‘bovennatuur’] hebben geparkeerd als onmogelijk en onwetenschappelijk. Die zijn daardoor taboe geworden.

Dat heeft allemaal te maken met de metafysica die we hanteren. Als je ervan uitgaat dat we allemaal in een groter bewustzijnsveld met elkaar verbonden zijn, dan zijn zaken als synchroniciteit maar ook telepathie niet raar en ook niet paranormaal, ze passen dan heel goed binnen de normale werkelijkheid.’
‘Ze [gebeurtenissen en toevalligheden] zijn onderdeel van onze dagelijkse werkelijkheid. Binnen een andere, niet-materialistische metafysica zijn die dingen gewoon mogelijk. Ik denk dus dat wat we als wetenschappelijk beschouwen, moeten oprekken.’
🌟
(Sarah Durston, in: ‘Ons wereldbeeld is toe aan een drastische herziening’)


Ons wereldbeeld

2. Durf je te uiten over je geloof
De journalist haalt Martin Heidegger aan: ‘Durf te leven!’ En dat doe je ‘zonder angst voor eenzaamheid, tegenslag, ziekte en per slot de dood’. (…) ‘Door een onderzoekend leven te leiden en vragen over zingeving niet uit de weg te gaan’.
– Inderdaad, volgens Heidegger kom je, vooral door de confrontatie met onze sterfelijkheid, dichter bij ‘de zin van het zijn’, dichter bij de betekenis van het bestaan.

Heidegger roept zelfs op om voortdurend te leven met het einde voor ogen: Sein zum Tode. Dit lijkt een vrijwel onmogelijke opgave. Juist uit angst onze eigen dood te ontmoeten, willen we liever het leven door onze aderen voelen stromen en ervan genieten. We moeten van de filosoof wel voorkomen af te glijden naar ‘vrijblijvend’ leven: beter zou het zijn ons ‘onverwisselbaar leven’ te verwerkelijken. De dood roept ons op tot bezinning. Heidegger: ‘Hij [de dood] openbaart de onherroepelijkheid van onze beslissingen en roept ons tot het eigenlijke en eigen leven in vrijheid en zelfverantwoordelijkheid.’
🌟
(Uit: ‘Is er leven vóór de dood? Dát is de kwestie!’)


Is er leven vóór de dood? Dát is de kwestie!

3. Durf moeilijke woorden te gebruiken
Z
oals ‘transcendent’ en ‘immanent’, die volgens van Es staan voor totaal verschillende perspectieven in geloofsbeleving: ‘De eeuwige vraag hier is: wáár huist nu toch die goddelijke kracht? Staat die – transcendent – buiten deze aarde, en zelfs buiten het heelal? Of is die – immanent – vindbaar en voelbaar in alles wat ons vormt en omringt?’

De Duitse liberale theoloog Jörg Lauster betoogt in het boek Levensduiding in het licht van transcendentie dat een ervaring van transcendentie licht werpt op het bestaan, en dat religie in staat stelt om bij te dragen aan de duiding van het leven. Transcendentie staat voor ‘God’, of het ‘heilige’, soms ook voor ‘het andere’ of ‘iets dat in de mist van een weinig verplichtende vaagheid blijft hangen’. Voor hem is de ervaring van transcendentie het centrale element van religie, en niet slechts ‘het vreemde’ en ‘andere’. Hij noemt het ‘datgene wat ons draagt en vervult’.
🌟
(Uit: Transcendentie is datgene wat ons draagt en vervult)


The Cloud of Unknowing (detail)

4. Probeer Spinoza te begrijpen
V
oor een beginnend gelovige, stelt de journalist, laat de immanente God zich eerder bevatten dan de transcendente. ‘Hierbij helpt een stelling van de filosoof Spinoza (1632-1677). Verbluffend eenvoudig en diepzinnig tegelijk formuleerde hij deze stelling: ‘Deus sive natura.’ Vertaald: ‘God is gelijk aan de Natuur.’ Van Es: ‘Interpreteer het woord ‘Natuur’ hier niet smal, als flora en fauna, maar juist breed, als de Natuur die alomvattend is: van de oneindige kosmos tot en met de diepst verborgen kwantumdeeltjes, en alles wat daar tussenin gloeit en broeit’.

En Einstein las zo’n 300 jaar later Spinoza en kon zich in zijn God vinden, laat de journalist weten en beveelt aan Einsteins inzicht niet weg te poetsen: ‘Ik geloof in de God van Spinoza, die zichzelf openbaart in wetmatige harmonie, en niet in een God die zich bemoeit met het lot en de handelingen van mensen.’

Einstein vond inderdaad dat de hele kosmos zich openbaart in zulk een ordelijke harmonie, en wel zó dat hij dat met zijn beperkte kennis – zoals hij zelf zei(!) – amper kon bevatten: “Toch zijn er mensen die beweren dat er geen God is. Ik word echt boos dat ze mij aanhalen als verdediger van hun standpunt. Ik ben geen atheïst.” Mensen die de Schepper afwezen noemde hij ‘fanatieke atheïsten’.

De religie van de toekomst zal een kosmische religie zijn. Het zou een persoonlijke God moeten transcenderen, en dogma en theologie vermijden. Zowel het natuurlijke als het spirituele betreffende, zou het gebaseerd moeten zijn op een religieuze intuïtie, afkomstig van de ervaring van alle natuurlijke en spirituele dingen als een betekenisvolle eenheid. Het boeddhisme beantwoordt deze beschrijving. Als er een religie is die om zou kunnen gaan met de moderne wetenschappelijke behoeften, zou dat het boeddhisme zijn.’
🌟
(Einstein in: ‘Atheïsme was goed genoeg voor deze idioten’)


Albert Einstein

5. Maak kennis met natuurwetenschappers, als de theologen van deze tijd
Spinoza en Einstein doorzagen, zegt Van Es, al wat grote geleerden nu ontdekken: exacte wetenschappen leiden, via fundamentele kennis, tot nóg dieper inzicht. ‘Zoals het besef dat de letterlijk onbegrensde ruimte en eindeloze tijd zich niet laten vangen in lichtjaren en nanometers’.
Hij verwijst naar de Britse fysicus Julian Barbour die zei: ‘Ik interpreteer mijn theorie (..) in de betekenis die de oosterse mystiek eraan geeft: dat je oplost in het geheel der dingen, dat je deel uitmaakt van de kosmos, en daar leg ik me bij neer. Maar voor veel [mensen] is hun ego te belangrijk om op te geven. Het is een psychologische kwestie.’

IKosmologische wetenschap en godsgeloof gaat emeritus-hoogleraar Russisch Christendom Wil van den Bercken concreet in op de vraag of heelalwetenschap en godsgeloof samen kunnen gaan. Hij beargumenteert dat dit mogelijk is zonder dat de twee zaken in elkaars vaarwater komen. Geloof en wetenschap zijn gescheiden maar zijn wereldbeschouwelijk niet incompatibel met elkaar. Ook enkele Nederlandse kosmologen komen aan het woord met een respectievelijk atheïstisch, gelovig en agnostisch standpunt.

Wetenschap is niet enkel verenigbaar met spiritualiteit, het is een diepe bron van spiritualiteit. Als wij onze plaats erkennen in de immensiteit van lichtjaren en in het verloop van de aeonen, als wij de complexiteit, schoonheid en subtiliteit van het leven beseffen, dan is dat zweverige gevoel, die gecombineerde ervaring van vervoering en nederigheid, beslist spiritueel.

Een religie, oud of nieuw, die de pracht van het universum benadrukt, zoals geopenbaard door de moderne wetenschap, zou een potentieel aan verering en ontzag kunnen opwekken die conventionele geloven nauwelijks kunnen oproepen.’
🌟
(Carl Sagan in: Uit sterrenstof gemaakt, in hoofdstuk Kosmologisch bewustzijn – in: Heelalwetenschap en godsgeloof)


Stervorming

6 Durf klein en kwetsbaar te zijn
H
et lijkt eenvoudig: geloven in één levende God ‘die in de hemelen zijt’, maar hier op aarde leeft godsdienstige eenheid niet, overpeinst Van Es tot slot. ‘Het is een probleem waarvan de oplossing voor het grijpen ligt. ‘God is gelijk aan de Natuur.’ Natuurlijk zijn mensen ‘kinderen van God’. Maar welke God?’

En mooi besluit Van Es: ‘Zie daarom, midden in de winternacht, als de hemel opengaat, niet slechts die ene ster, die daagt in het oosten. Zie ze allemaal! De Natuur is Goddelijk. En mensen? Nietig klein en kwetsbaar zijn allen, als een pasgeboren baby’.

Kinderen zijn klein en kwetsbaar. Kinderen, zo denken bijvoorbeeld wetenschappers als Richard Dawkins, zouden daardoor religieuze denkbeelden bijna letterlijk met de paplepel ingegoten krijgen en op die manier geïndoctrineerd worden door hun gelovige ouders. Echter, recent onderzoek in de ontwikkelingspsychologie toont aan dat het indoctrinatiemodel fundamenteel onjuist is.

Zo blijken jonge kinderen geneigd om te redeneren in termen van intelligent design. Ze verkiezen een doelgerichte verklaring –zoals: de wolk is gemaakt om te regenen – boven een naturalistische – bijvoorbeeld: regenen is nu eenmaal iets wat een wolk toevallig doet. Kinderen blijken ‘intuïtieve theïsten’ met een natuurlijke aanleg voor religie, ongeacht hun opvoeding.’
🌟
(Filosoof Leon de Bruin in Kinderen blijken ‘intuïtieve theïsten’)


Intuïtief tekenen

Bron: (Gijsbert van Es in: Zie niet slechts die ene ster, zie ze allemaal, NRC)
Beeld: Journey of the Human Spirit (johns-consciousness.com)
Illustratie ‘Zie niet slechts die ene ster, zie ze allemaal: Indra Bangaru (NRC)   
Illustratie Ons wereldbeeld: worldviewyourneys.com
Beeld Is er leven vóór de dood? Dát is de kwestie!: Civis Mundi, tijdschrift voor Sociale Filosofie en Cultuur
Beeld The Cloud of Unknowing (detail): © Evan Mann 2016 – Referencing a mystic text (The Cloud of Unknowing) written by an anonymous monk in the 14th century, this exhibition is the product of Evan Mann’s explorations of faith in a post-modern world, where knowledge abounds and the reverence for mystery shrivels away in the corner. 
Beeld Albert Einstein: Canon van Nederland
Beeld stervorming: allesoversterrenkunde.nl
Foto intuïtief tekenen: Rosa KokWerkatelier voor persoonlijke ontwikkeling & creativiteit
Update: 10.51 uur

🌟💝 Doctrinevrij denken & geloven gewenst in 2024 💝🌟