Nabij-de-doodverhalen blijven fascineren

Morgen verschijnt Daarna, de vertaling van After, dat twee weken eerder verscheen, geschreven door psychiater dr. Bruce Greyson, over wat nabij-de-doodervaringen onthullen over het leven en ons bewustzijn. De betere Belgische titel luidt: Hierna. De Britse nieuws- en mediawebsite The Guardian schreef er 7 maart jl. over in het artikel What do near-death experiences mean, and why do they fascinate us? Over wat er gebeurt als we sterven, en hoe we moeten kiezen om te leven. ‘Zijn dit de laatste momenten van bewustzijn? Of de beginmomenten van het hiernamaals?’

Hij kon ‘horen en zien als nooit tevoren’, herinnerde hij zich later. En ondanks dat hij onder water vastzat, voelde hij zich kalm en op zijn gemak. Hij herinnerde zich dat hij dacht dat zijn zintuigen vóór dit moment op de een of andere manier afgestompt moesten zijn, want pas nu kon hij de wereld volledig begrijpen, misschien zelfs de ware betekenis van het universum.‘

Het lijkt Greyson zeer waarschijnlijk dat de geest op de een of andere manier gescheiden is van de hersenen, en als dat waar is, kan hij misschien functioneren als de hersenen afsterven. 

Dan voegt hij eraan toe: ‘Maar als de geest er niet in de hersenen is, waar is die dan wel? En wat is het?’

Greyson is nu 74, aldus The Guardian. In de loop der jaren heeft hij honderden nabij-de-doodervaringen verzameld van mensen die, op de hoogte van zijn onderzoek, hun verhalen vrijwillig hebben aangeboden. In de jaren tachtig ontwikkelde hij een enquête, de Greyson Scale, om NDE-onderzoek te formaliseren. Die is in meer dan 20 talen vertaald en nog steeds in gebruik. Greyson presenteert zijn onderzoek in een nieuw boek, After

Wetenschap is van nature altijd werk in uitvoering. Ongedacht hoe goed gefundeerd we denken dat ons wereldbeeld is, we moeten bereid zijn om het opnieuw onder het licht te houden als er door nieuw bewijs twijfels ontstaan. Een van de vruchten van die open houding is waardering voor zaken die we niet kunnen verklaren. Het onderzoeken van dingen die bij onze vooropgezette ideeën passen, helpt ons om de finesses beter te begrijpen. Maar onderzoek naar dingen die niet bij onze vooropgezette ideeën passen, leidt vaak tot doorbraken in de wetenschap.’
(Uit: Daarna)

In The Guardian zegt de psychiater opgegroeid te zijn zonder enige spirituele achtergrond en nog steeds niet zeker weet of hij begrijpt wat ‘spiritueel’ precies wil zeggen. Nu is hij is ervan overtuigd, na 40, 50 jaar als psychiater te hebben gewerkt, dat er meer in het leven is dan alleen ons fysieke lichaam. 

Ik erken dat er een niet-fysiek deel van ons is. Is dat geestelijk? Ik weet het niet zeker. Spiritualiteit houdt meestal een zoektocht in naar iets groters dan jezelf, naar betekenis en doel in het universum. Nou, dat heb ik zeker.’

In Het geheim van Elysion is ook een artikel opgenomen van Greyson: Met de dood in de ogen. Hierin schrijft de psychiater over NDE’s, psychologische en emotionele stoornissen. Hierin vertelt hij onder meer dat hij het verrassend vond dat van degenen die bijna waren te komen overlijden en die een NDE hadden gehad, minder psychisch leed vermeldden dan zij die geen NDE hadden gehad.

Met andere woorden, het bewijsmateriaal duidt erop dat een NDE in feite enige bescherming biedt tegen psychisch lijden, nadat iemand de dood in de ogen heeft gekeken.’
(Uit: Het geheim van Elysion, blz. 152)

Zie: What do near-death experiences mean, and why do they fascinate us? (The Guardian, 7 maart 2021)

After
| Bruce Greyson | Uitgever: Transworld Publishers Ltd | ISBN 9781787634626 | 11 maart 2021 | 272 pagina’s | Hardcover € 16,99 

Daarna | Bruce Greyson | Spectrum | 304 pagina’s | Paperback € 20,99 |
‘Als arts zonder religieuze overtuiging benadert hij nabij-de-doodervaringen vanuit een wetenschappelijk perspectief. Greyson laat zien aan de hand van verhalen van zijn patiënten hoe wetenschappelijke onthullingen over het sterfproces een alternatieve theorie kunnen ondersteunen. Sterven zou de drempel kunnen zijn tussen de ene vorm van bewustzijn en de andere – geen einde maar een overgang.’ (Cover)

Hierna | Bruce Greyson | Unieboek / Het Spectrum | 288 pagina ‘s | € 20,99

Het geheim van Elysion | Uitgeverij Van Warven | Redactie: Rudolf H. Smit / Rinus van Warven | 3 september 2020 | ISBN 978 94 93175 44 0 | NUR 728 | € 32,50

About Paul Delfgaauw

Paul Delfgaauw is freelance tekstschrijver voor de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht. Opleiding Religiestudies – richting Media & Cultuur (2014 – 2019) – aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (eindexamenscriptie: ‘Het draagbare Joodse vaderland’), verkent sinds jaar en dag de gebieden via zijn blog Goden en Mensen religie en filosofie.

9 Responses

  1. Jan, als de subject-object relatie is opgeheven dan is het laatste stukje dualiteit verdwenen.
    Het subject is op het object gericht (bewustzijn is zich bewust van iets).
    Haal dat wat richt er uit ( het licht) en je zit boven het kennen.
    Het onkenbare wat toch gekend kan worden, is dat niet mystiek?
    Het is de zuiverste potentialiteit waaruit alles ontspringt.
    Ja, dat kan alleen uit kennis van het hart voortkomen.
    Die zuiverste potentialiteit is zowel binnen de tijd als er buiten.
    Aanwezig noch afwezig, de enige verwantschap kan bestaan door er één mee te zijn.
    En dan is dat verlangen naar een bestaan na de dood ook verdwenen.
    Het enige verlangen wat er dan nog kan zijn is om na de dood er definitief mee ter verenigen.
    De wens om naar een plaats te verhuizen is opgelost. Dan zou ik namelijk iets of iemand van zijn plaats verdringen en uit de ongedeeldheid vallen.

    Een hartelijke groet voor jou en alle andere goden en mensen hier.

    Geliked door 1 persoon

  2. Ik speel niet vals Zwerver. Het is dat mijn woord gebruik tekort schiet om te zeggen wat ik bedoel.
    Ik bedoel iets dat je eigenlijk zelf dient te ervaren. Het is niet het ervaren van de tijdloosheid of de eeuwigheid of de absolute volmaaktheid. Dat kan niet. Dan is n.l. de subject-object relatie opgeheven: god en mens zijn dan één in alles. Een levende-doodservaring kan niet in woorden uitgedrukt worden. Wat wel kan is de ervaring van het verdwijnen in- of het uitkomen van die on-toestand. En dat is dan bijvoorbeeld een BDE, bijna dus: op het randje. Men spreekt dan van licht en een tunnel en van alles en nog wat (cultuurafhankelijk). Maar de gevoelskennis, de “kennisse van het hart” ofwel de gnosis wordt dan des te meer geraakt: onbekend voor het talige rationele weten. Men spreekt dan na zoń BDE over een zeer diep heimwee, van weer thuisgekomen te zijn. Daar draaide mijn woorden omheen met contradicties. Contradicties die kenmerkend zijn voor mystieke of bepaalde BDE ervaringen. En vooral het transcendente gevoel ofwel: Numineus. In het Tibetaanse boedhisme noemt men het wel het “bardo” mijn vertaling is daarvan zoiets als “spleten in de tijd”. Daar kan men een glimp of afspiegeling gewaar worden van het niet duale tijdloze.

    Wat ik in jouw bijdrage lees is een ander zeer interessant fenomeen. En wel fenomeen, omdat het behoort tot de “verschijningen”. In mijn vorige bijdrage verwees ik daar naar met het woord parampara. als een lijn van wijsheid en kenneis die als kralen op een ketting zijn geregen: een soort spiritueel lint. Een zwakke afspiegeling hiervan is de realtie tussen goeroe en chela, of meester en leerling. Die door de tijd als een ketting wijsheid doorgeeft van verschillende hiërarchische niveaus.
    Dat kan men zien als geheugen of informatie, en op de ouderwetse manier als verschillende zielen of lichamen of dragers. Of engelen van verschillende spirituele hoogtes. het is maar een naam, Voor de illusoire indelingen die bestaan in het hele levende universum.

    In het gnosticisme ken men zo tot wel honderden indelingen van grof stoffelijk tot zeer fijnstoffelijk geestelijk (ook maar een manier van voorstellen). Dat deden ze om een grote afstand te maken tot het puur goddelijke en het zwaar materiële. Maar al die hemelen en hellen zij geen gebieden maar geestelijke toestanden die IN DE TIJD en in het dualisme plaats vinden.

    Jouw beschrijving van een leuke BDE anekdote die je ooit hoorde. De verschijning in kwestie zag zichzelf als verschijning liggen als een dode op het aardse.

    Dat duidt ik als het waarnemen van het grofstoffelijke lichaam door het fijnstoffelijk lichaam. Dat laatste wordt ook wel het “vorm”-lichaam genoemd. In het boeddhisme kent men die als lingua sarira en sthula sarira. Bij de dood gaat eerst het stoffelijke lichaam dood en verteerd, maar afhankelijk van de vitale en emotionele energie die nog “over” is, blijven het vitale lchaam en het emotionele lichaam wat langer leven. Daar komen al die verhalen van vampiers en klopgeesten vandaan. Ik ken persoonlijk nogal veel mensen met deze ervaringen: omdat men mij vertrouwd en ik er vrij over spreek. Het komt meer voor dat je denkt. De meeste mensen met dit soort buiten-lichamelijk ervaringen zwijgen daarover en weten er niet veel van. Ik ben me hele leven al daarmee bezig.

    https://en.wikipedia.org/wiki/Three_Bodies_Doctrine
    Sarira (Sanskriet) : Lingasarira, Sthulasarira
    https://www.theosofie.net/onlineliteratuur/ow/s.html#7

    Maar waar het werkelijk om gaat, is niet al deze occulte toestanden, van lichamelijkheden en toestanden van hemelen en hellen. We leven hier in het NU. de echte vraag is: to be or not to be is the question. En dan zeg ik maar het antwoord is beiden buiten de tijd.

    Groetjes van Jan

    Like

  3. Jij speelt vals Jan, dat begrijp je zelf toch zeker ook wel? Eenmaal aangekomen in de eeuwige actualiteit is de behoefte weggevallen om ergens te verschijnen. Verschijnen moet je over laten aan stervelingen, het woord zegt het al! Verschijningen zijn gedoemd om te sterven. Is de dood geen mooi geschenk voor een verschijning? Wie zou er nou eeuwig willen verschijnen? Ik zie er nu al naar uit.

    Onderwijl kunnen we fantaseren over de dood. Wat zou er toch zijn aan de andere kant? Jij weet het al, je kunt niet zijn waar het licht schijnt zonder eerst dood te zijn gegaan. Verschijningen kunnen er nu eenmaal niet bestaan. Nabij de dood is niks, een mens dient helemaal dood te gaan.

    Nog een leuke BDE anekdote die ik ooit hoorde. De verschijning in kwestie zag zichzelf als verschijning liggen als een dode op het aardse. Toch begreep die mens niet wat hij zelf meemaakte. Vind je dat nou niet fascinerend?

    Like

  4. Hoi

    Hier ben ik weer even, om te kijken of er een reactie is… maar nee: geen reactie.
    Misschien dat niemand het aanspreekt of snapt wat ik bedoel.

    Het relativeert het geloof aan een ziel, maar concentreert zich op de geest (gods), zoals in Prediker 12:8 staat- over Levensadem: (god blaast de levensadem in de stoffelijke mens…. Bij de baby de eerste ademtocht tot de laatste adem van de stervende.

    “Wanneer het stof terugkeert naar de aarde, weer wordt zoals het was, wanneer de adem van het leven weer naar God gaat, die het leven heeft gegeven. Vanitas, zegt Prediker, alles is Vanitas” (gebakken lucht)(leegte)(ijdelheid).

    Want wij allen zijn “kinderen gods” en tevens van stof gemaakt. Halfgoden dus: van een geestelijke vader en een stoffelijke moeder. Zoals Jezus echt god is en ook echt mens is.

    Dan heeft het geen zin over “straks” te spreken. Het goddelijke LEEFT overal, Het spreken over een leven na de dood is het hechten aan de ziel als iets dat de dood overwint. En dat heeft de christelijke kerk de afgelopen 2000 jaar gedaan, om macht uit te oefenen.

    Wees een ketter zoals de Valentinianen: die voelen dat ze god zijn en ook helemaal niks.

    Straks bestaat niet: het is altijd NU. Ik spreek niet in paradoxen, schijn tegenstellingen: ik heb het over contradictoire identiteiten, ware tegenstellingen: iets dat wel en niet kan tegelijk.

    Mens ken uzelve, en doorzie dat u alles en niks tegelijk bent: het licht en de duisternis, het leven en de dood.

    Nou tot ziens maar weer mensen. Doei doeii.

    p.s. er is hoop voor de zwerver die geen ego-zwerver is, maar die slechts zwerft in het eeuwige NU: er zijn vele bestaansvelden om die allemaal samenhangen in een lange reeks “parampara” als kralen aan een ketting.

    Ik klets graag, dat is mijn droeve lot,

    Like

  5. Bruce Greyson schrijft over “Daarna”

    Jammer hij schrijft niet over NU. Hij denkt over leven na de dood: waarom?
    Dood is dood en leven is leven.
    Zoals de dag en de nacht elkaar afwisselen, zoals de seizoenen elkaar afwisselen, zoals leven en dood elkaar afwisselen zo draait alles rond als planeten en zonnen en sterrenstelsels. Ronddraaien in cirkels: Samsara !

    Hoezo: “erna”? Prediker zei: alles keert terug en herhaald zich: alles is zo onuitsprekelijk vermoeiend.
    De eigenschap van TAO is terugkeer.

    Op een zeker moment wordt alles uitgegumd. Het heet: “pralaya !” ontbinding.
    Na de nacht komt weer een nieuwe dag: nieuw leven. Na de winter komt de lente.
    Op zeker moment daalt de stof neer op de aarde: plof!
    De adem stijgt op… omhoog.
    Op zeker moment trekt een cel stof aan en neemt vorm aan en gaat ademen.
    Dat zijn de processen van het leven in de tijd.

    Ik lees hierboven citaat:
    ‘Ik erken dat er een niet-fysiek deel van ons is.’
    Van ons? Wie is die “ons”? Of bestaat de illusie dat er een ‘ons’ is?
    Zijn wij niet gewoon een verschijnsel in en van de kosmos?
    Hebben wij een onafhankelijk bestaan? Hebben we “ons” zelf?
    Hebben we een minuscuul deel van ons lichaam in “eigendom”?
    Wat is dat zelf?
    Ooit sprak men:
    “Mens ken uzelve, en u de kosmos kennen!”

    Maar nu schijnt dat niet meer belangrijk te zijn.
    Het is vervangen door hetzoeken naar betekenis en doel van ons leven en zelfs (lees ik hier) in het universum? We kennen onszelf niet, we hebben nog niet eens het moment NU en denken al aan: “Daarna”.

    Is dat nu Hybris? Hoogmoed, omdat we menen dat we een afgescheiden stukje zijn van de natuur/god ?

    Laten we maar zwerven, zwerver of niet. Het was weer eens leuk om hier even aan te wippen. Bij godenenmensen.

    Ik zeg maar zo: het leven heeft geen zin. Dat geeft rust: je hoeft de zin ervan niet te zoeken. Alles is al reeds volmaakt: dus je hoeft niets na te streven. Je ademt lucht in en weer uit: en straks.. straks bestaat niet.

    Voor de diepdenkertjes onder ons: de tijd is niet werkelijk: dus straks bestaat niet eens. Lees McTaggart en de onwerkelijkheid van de tijd:
    https://mens-en-samenleving.infonu.nl/filosofie/158816-mctaggart-en-de-onwerkelijkheid-van-de-tijd.html

    Het leuke van deze filosoof is dat hij op dit idee gekomen is na een mystieke ervaring.

    Allemaal de groeten van Jan.

    Like

  6. Zwerver

    Dan voegt hij eraan toe: ‘Maar als de geest er niet in de hersenen is, waar is die dan wel? En wat is het?

    —————-

    Zo’n zin vind ik dan wel weer grappig. De geest niet in de hersens? Akkoord. Maar waarom dan die vraag: “waar is die dan wel?” Ik zie dat het over nabij de dood gaat en ook ‘daarna’?

    Zolang het denken over de dood gaat in termen van ‘daarna’ en dat de vraag is ‘waar’ de geest naar toe gaat ben je katafatisch (bekennend) bezig.

    In het verleden is er een groot theofilosoloof geweest die het bekennen en ontkennen mixte.
    Zijn teksten zijn nog altijd een weldaad voor het intellect. En lost alle vragen op over dood en leven.
    Waarheid als zelfmededeling als men ontkent, Waarheid als zelfbevestiging als men bekent.

    Like

  7. Dag stem uit het verleden. Het apofatische spreken dient vooral betrekking te hebben op zichzelf. Wie zichzelf als een niet-wetende weter ziet, die weet toch nog weer wat. Verder weet ik er natuurlijk ook niks van. Ik schrijf ook zomaar wat. Ik twijfelde zelfs of ik mijn eigen bestaan wel wist. En toen ik buiten het weten van mijn eigen bestaan trad, toen wist ik het! Er valt niks daadwerkelijk te weten als je niet weet wat weten is. Nu ben ik zelfs een niet-zwerver geworden, het zwerven in de tijd en de gestaltes viel me te zwaar. Zelfs het licht ben ik niet meer, dat bleek alleen maar noodzakelijk om te zien waar ik zwerfde.

    Vriendelijke niet-groeten.

    Like

  8. Hallo gaat t hier nog steeds goed?
    Groetjes van een stem uit het verleden.

    Even bij schakelen…Ik lees;

    “Het lijkt Greyson zeer waarschijnlijk dat de geest op de een of andere manier gescheiden is van de hersenen, en als dat waar is, kan hij misschien functioneren als de hersenen afsterven. ‘Dan voegt hij eraan toe: ‘Maar als de geest er niet in de hersenen is, waar is die dan wel? En wat is het?’”

    In het verre Oosten en in het ver voorbije verleden zei men:
    “Het heeft geen zin om te vragen naar dat waar geen antwoord op is.”

    Tegenwoordig is dit de ziekte der cultuur. En zoals ik begrepen heb uit de tao teh tsjing:
    Als men ziek is van deze ziekte is men niet ziek.
    Dit komt nogal paradoxaal over. Daarom heb ik even gekeken op interent en ik heb mijn zeer oude kennis Hans Van Dam terug gevonden die helemaal gek is van het niet weten. Citaat uit
    https://nietweten.nl/03.html:

    De Tao Te Tjing bestaat uit 81 hoofdstukken. Mijn favoriet is een hele korte, nummer 71. Daarin staat in klassiek Chinees:

    知不知上、不知知病。夫唯病病、是以不病。聖人不病、以其病病。是以不病

    Kristofer Schipper vertaalt het zo:

    Weten dat je niet weet, dat is het hoogste.
    Dit niet weten, dat is een kwaal.
    De wijze, door deze kwaal als een kwaal te beschouwen, is hiervan gevrijwaard.
    Want alleen op deze manier kun je aan de kwaal ontkomen.

    In de vertaling van Henri Borel:

    Te weten dat wij niet weten is superieur.
    Niet te weten en denken te weten is de ziekte van de mensen.
    Als men om deze ziekte lijdt, zal men haar ontkomen.
    De Wijze heeft deze ziekte niet, juist omdat hij er het lijden van weet.
    Daarom is hij er niet ziek van.

    Hoofdstuk 71 over niet-weten is voor mij de essentie van de Tao Te Tjing, de kern van het taoïsme en de grond van niet-doen. De eerste twee regels zijn weer de kern van hoofdstuk 71:

    知不知上、不知知病。

    In pinyin:

    Zhī wùzhī shàng, wùzhī zhī bìng

    Letterlijk vertaald:

    weten (知) niet (不) weten (知) op (上)
    niet (不) weten (知) weten (知) ziek (病)

    dus:

    weten niet weten op
    niet weten weten ziek

    Voor mij is dit zelfs in het Nederlands Chinees. Het is een wonder dat vertalers er kaas van konden maken, zoals Schipper en Borel hierboven en Burggraaff/Schweitzer hieronder:

    Van weten naar niet weten dat is het beste.
    Van niet weten naar weten, dat is dom.

    En Ir. Blok:

    Weten het niet-weten, dat is hoog.
    Niet weten het weten, dat is een ziekte.

    Omdat een simpele nevenschikking als weten niet weten niet-Chinezen in verwarring brengt, wordt 知不知 vaak vertaald als wetend niet-weten of weten zonder weten en is 不知 kortweg niet-weten gaan heten.*

    * De uitdrukkingen wetend niet-weten en weten zonder weten zijn gebaseerd op een innerlijke tegenspraak en heten daarom oxymorons. Het oxymoron is voor apofatische sprekers een onmisbare stijlfiguur. De term niet-weten kan je zien als een verkorte vorm ofwel een ellips van het oxymoron wetend niet-weten.

    Met vriendelijke onwetende kennis van Jan

    Like

  9. Citaat 1:*****”‘Wetenschap is van nature altijd werk in uitvoering. Ongedacht hoe goed gefundeerd we denken dat ons wereldbeeld is, we moeten bereid zijn om het opnieuw onder het licht te houden als er door nieuw bewijs twijfels ontstaan.”*****
    Zo zou het inderdaad moeten zijn. Helaas is het meestal anders.

    Citaat 2:*****‘Met andere woorden, het bewijsmateriaal duidt erop dat een NDE in feite enige bescherming biedt tegen psychisch lijden, nadat iemand de dood in de ogen heeft gekeken.’ (Uit: Het geheim van Elysion, blz. 152) *****
    Mijns inziens is die “bescherming” gewoon de bewustwording van wat men werkelijk is en dat is GEEN lichaam. Men wordt zich er ook van bewust dat de “dood” niet bestaat en dat psychische “problemen” een eigen creatie zijn, natuurlijk vallen die weg.

    Citaat 3:*****”…Spiritualiteit houdt meestal een zoektocht in naar iets groters dan jezelf, naar betekenis en doel in het universum. Nou, dat heb ik zeker.’”*****
    Spiritualiteit is op zoek gaan naar de Waarheid/Werkelijkheid, niet naar iets “groters” of naar het “doel”. Dat zijn zelfgecreëerde concepten, die de openheid van de geest verduisteren. Dat is geloof, geen spiritualiteit. Spiritualiteit is zonder enig concept of verwachting aan het onderzoek beginnen. Enkel met zo’n openheid kan men tot de kern doordringen. Dat brengt ons terug bij citaat 1.

    Het is goed dat men tot die inzichten komt, maar dit is al sinds 2500 voor Christus uitgebreid beschreven, op basis van onderzoek en ervaring. Ik zie het als een gemiste kans dat de “wetenschap” die kennis zo lang negeert. Zelfs deze psychiater zou, mits de nodige experimenten, tot een veel dieper inzicht kunnen komen. Waarom men dit blijft negeren is mij een raadsel. Misschien zit het ego en de prestige daar voor iets tussen, wat averechts werkt bij dergelijke onderzoeken/experimenten.

    Vriendelijke groet

    Like

Reacties welkom.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.