‘Het zo-zijn van dit moment’, en dan?

Boeddha spreekt over ‘het zo-zijn van dit moment’, en wanneer je daar wrevel of onvrede bij voelt, ben je (een beetje of erg) ongelukkig. De eerste stap is daarom altijd ‘ja’ zeggen tegen hoe-het-nu-eenmaal-op-dit-moment-al-is. Ook al heb je kiespijn of speelt de buurman weer saxofoon. – Psycholoog Vincent Duindam is op zoek naar de bron. Spiritueel leven vanuit je innerlijke bron, hoe doe je dat? Hij gaat op die centrale vraag in en geeft tot slot tien tips als medereiziger op de spirituele weg. ‘Begin altijd met ‘ja’ zeggen tegen ‘zoals-het-op-dit-moment’ nu eenmaal al is.’

Het is een heel mooi idee dat er diep in ons een bron is, licht, misschien wel God. Maar hoe kom je daar? Hoe maak je er contact mee? Wat moet je doen? Hoe kom je dan bij die bron?’

‘Onvoorwaardelijk ja’ zeggen
Onze eerste reactie is volgens Duindam vaak: Oké, contact met die bron, dat wil ik graag, maar nu heb ik duidelijk geen contact. Wat moet ik dan doen om straks, morgen, later misschien wél dat contact te hebben? Paradoxaal genoeg is het juist die manier van denken, die mindset van ‘op zoek gaan’, die voorkomt dat je vindt.

Dus mijn eerste antwoord zou zijn: ga niet ‘op zoek naar die bron’, want dan ben je op zoek en vind je niet. Het voelt tegen-intuïtief, maar de eerste stap is een ‘onvoorwaardelijk ja’ zeggen tegen de vorm die dit moment aanneemt. Ook als die vorm niet optimaal is, wat natuurlijk vaak het geval is. Misschien wacht je op een diagnose, misschien heb je ruzie met je partner, lekt je huis. Of wat er ook is – er is altijd wel wat.’

Duindam geeft in zijn artikel Op zoek naar de bron concrete voorbeelden, deels uit zijn eigen leven. Maar ook christendom, boeddhisme, hindoeïsme en islam komen langs. En een rabbi. Ten slotte geeft hij een top 10 met tips, ook al neemt dat het risico met zich mee dat ze zonder context al gauw op ‘tegeltjeswijsheden’ lijken.

De psycholoog zegt ook dat je beter niet gaat zitten wachten op een beter moment in de toekomst.

Stel je leven niet uit tot alles misschien ooit oké is. Als je vizier niet goed staat (niet op het NU gericht), mis je je/het hele leven. Dan ben je altijd met het verleden of de toekomst bezig en heb je niet echt geleefd als je straks honderd bent …’

Maar hoe dan?
Over het ‘maar hoe dan’ gaat het lange maar inspirerende artikel bij de Bezieling. Duindam verwijst, behalve naar de Amerikaanse spirituele leraar Adyashanti, de Bhagava Gītā, Meister Eckhart en Roemi, onder meer ook naar een van de meest geliefde en inspirerende spiritueel leraren van dit moment, Eckhart Tolle. ‘Allow this moment to be’, zegt deze leraar:

Als je geen ‘goede relatie’ hebt met ‘nu’, heb je ruzie met het leven zelf, dat zich altijd en uitsluitend op dit moment afspeelt. Dan ben je zelf dus actief de kwaliteit van je leven aan het verminderen.
Als je écht ‘ja’ zegt, kom je aan in ‘het nu’, ontspant je lichaam zich, zie je je omgeving veel beter. Je ziet meer, hoort meer, ruikt meer. Je bent meer aanwezig, minder in gedachten verzonken of verdwaald. Er komt ruimte, creativiteit.’

Zie: Op zoek naar de bron (de Bezieling)
Foto: PD (Heempark Heimanshof, Zuiderpark, Den Haag)

Een bezielde zomer gewenst, en – Deo volente – tot blogs op 1 september!

‘Mystiek is om te beginnen vrijheid’

Mystiek heeft de naam nogal zweverig te zijn: ‘Het ervaren van God ‘die ronddoolt tussen de potten en de pannen,’ zei Theresa van Avila ooit. God heeft de naam nogal abstract te zijn. Alleen al het woord ‘God’. Dat beladen, misverstandelijke woord. Theoloog Wim Jansen zegt dat wie moeite heeft met dat woord, hij iedereen van harte uitnodigt om de titel vrijelijk aan te passen aan het eigen levensgevoel: Brandend verlangen om op te gaan in liefde. Jansen schreef Brandend verlangen, opgezet als een mystiek dagboek in de periode van mei 2019 tot mei 2020. ‘Mystiek is om te beginnen vrijheid,’ meldt uitgever Van Warven op de boekomslag.

Z
ijn boek Brandend verlangen – om op te gaan in God/Liefde verscheen 18 juni. Als inspiratiebron noemt Jansen de drieledige bron waaruit hij leeft: de verwondering over de schoonheid en het mysterie van het aardse leven; het geheim van de liefde, dat hij God noemt: GOD achter God; en contemplatie, dat voor hem betekent: stilte, mediteren, dagelijks oefening in onthechten.

De theoloog, schrijver en dichter vindt inspiratie in de liefdesmystiek, in het bijzonder de middeleeuwse christelijke mystiek van Hadewych, Jan van Ruusbroec en Meister Eckhart; de filosofie van de oude Grieken, met name de stoïcijnen en de cynici; de oosterse mystiek van het soefisme, boeddhisme en taoïsme; en poëzie, in het bijzonder Hans Andreus, J.C. van Schagen, Gerrit Achterberg.

Mystiek van alledag
Het ervaren van God ‘die ronddoolt tussen de potten en de pannen’, zoals Theresa van Avila het noemde [in haar boek De innerlijke burcht, PD]. Hoe verhoudt Godverlangen zich tot simpele levensvreugde en alledaagse zorgen? Geen flauw idee had hij [Jansen] hoe bewogen dat jaar zou zijn. Niet alleen vanwege de maatschappelijke stikstofonrust en wereldwijd de coronacrisis, maar ook persoonlijk, toen hij te horen kreeg dat een ongeneeslijke kanker zich in zijn lichaam had uitgezaaid. Wat blijft erover van een ‘brandend verlangen om op te gaan in God’ met de dood op je hielen? Een spannend relaas over hectiek en stilte, crisis en mystiek.’
(Uitgeverij Van Warven)

Predikant Bert Altena schreef een recensie en vertelt dat Jansen zijn dagelijkse beslommeringen, mijmeringen en belevenissen beschrijft, dat hij telkens zoekt naar de verbinding met God, wat voor hem niet moeilijk is.

Jansen ervaart zijn leven als een bestaan in God, lezen we al in de eerste bijdrage, zegt Altena, een werkelijkheid die Jansen altijd omringt. Het is een zeker weten dat hem van jongs af aan begeleidt. Voor hem zo vanzelfsprekend, dat hij zich soms verwondert over wie dat niet zo beleeft. Dat zijn opgetogen godsbeleving weleens fronsende reacties oproept onder generatiegenoten en in zijn omgeving, deert hem niet. 

Niettemin weet ik mij geroepen om het te blijven proberen, juist vanuit de verdeeldheid en het verschil. De Godervaring uitstralen, uitdragen, vertalen, vertellen. Het is geen keuze. Ik kan het niet laten.’
(Wim Jansen)

Het is de paradox, zegt Altena, dat Jansen zoekt naar een mystieke godsbeleving waarin de hoogste wijsheid is zichzelf verliezen in God…

Dit is het wat ik het aller allerliefste wil. Mijzelf uitvlakken, verdwijnen, opgaan in het niets zodat alleen God overblijft’.’
(Wim Jansen)

maar dat hij tegelijkertijd juist daarin zijn eigen ego ultiem bevestigd ziet:

Het verdwijnen van dat ‘ik’ is niet minder, maar meer. Het is geen verlies, maar winst. Want ik word God. Wat kan een mens meer verlangen dan God zijn?’
(Wim Jansen)

Zie: Wim Jansen, Brandend verlangen (Bert Altena)

Brandend verlangen | Wim Jansen | 300 pagina’s | Met illustraties | 18 juni 2021 | Uitgeverij Van Warven | € 19,95

Beeld: Pixabay 

Ontwaken uit de droom van ‘ik’

Meditatieleraar Björn Natthiko Lindeblad schreef het boek Geloof niet alles wat je denkt – wijsheden van een moderne monnik voor een betekenisvol leven. Lindeblad ging zeventien jaar in de boeddhistische leer in kloosters in Thailand, Groot-Brittannië en Zwitserland. Afgelopen dinsdag verscheen Geloof niet alles wat je denkt, waarin hij op een nuchtere manier de lessen deelt die hij heeft geleerd en hoe hij omgaat met zijn diagnose, toen in 2018 de ziekte ALS werd geconstateerd. Björn is ervan overtuigd dat liefde het belangrijkste in het leven is. ‘Geloof niet alles wat je denkt’ is een van de meest waardevolle lessen.In 2020 het best verkochte Zweedse non-fictie boek.

Soms zeggen mensen als ze mijn verhaal horen zoiets als: ‘Goh, je hebt vast veel geleerd!’ Misschien is dat zo, maar het voelt niet alsof ik een grote tas tijdloze wijsheid met me meedraag. Integendeel, zou ik bijna zeggen. Ik reis met minder bagage dan ooit door het leven. Er is minder van mezelf en meer plaats voor het leven… Langzaam maar zeker ontdekte ik dat er een wijzere stem is om naar te luisteren, dat ik met het leven kan dansen in plaats van dat ik probeer het onder controle te houden. Dat ik met een open hand kan leven, en minder met een bange gebalde vuist.
(Boeddhistisch Dagblad)

In het Boeddhistisch Dagblad vertelt filosoof Erik Hoogcarspel dat Lindeblad het onderricht volgde van Steven Gray, die zichzelf Adyashanti noemt, een Amerikaanse leraar die tijdens het beoefenen van zenmeditatie bijzondere ervaringen heeft gehad en voor zichzelf is begonnen. Een uitspraak die veel indruk op Lindeblad maakte was: ‘Je zult weten wat je moet weten wanneer je het moet weten’.

In The Sun, waarnaar het dagblad verwijst, staat een mooi verhaal over Adyashanti. Hij heeft een gesprek met een verdrietige vrouw. Ze had het grootste deel van de avond tijdens zijn lezing met de handen in haar schoot zitten friemelen. Ze zei dat ze enorm verdrietig was, en bang dat ze nooit een ontwakingservaring zou hebben. Adyashanti vroeg wat haar diepste spirituele verlangen was. De vrouw antwoordde: ‘Ik wil God leren kennen.’

Adyashanti vroeg de vrouw, die Nancy heette, om even te stoppen met zoeken naar God en in plaats daarvan op zoek te gaan naar Nancy. ‘Waar is Nancy?’ hij vroeg. ‘Wat is Nancy? Als ik je vraag waar je hand is, waar is je voet, dan kun je antwoorden. Maar als ik vraag waar Nancy is, waar is ze dan? Ze doet alsof ze het middelpunt van dit hele leven is, maar waar is ze? Is dit Nancy meer dan een gedachte?’ ‘Nee,’ zei ze.

Adyashanti beschreef haar de neiging van de menselijke geest om te geloven in een beperkte notie van ‘ik’, een afgescheiden zelf in de kern van ons wezen: als we op zoek gaan naar dat ‘ik’, ontdekken we iets diepers en groters. 

Wat kijkt er nu door je ogen?’ vroeg hij aan de vrouw. Na een pauze antwoordde ze: ‘Het voelt als leven.’

Het gesprek eindigt met de vraag van Adyashanti, daar ze op zoek is naar God: ‘Wat als we het woord leven vervangen door God? Is God niet het leven, de essentie van al het bestaan?’
‘Ja’, antwoordde de vrouw.
‘God tuurt er nu doorheen’, zei Adyashanti. ‘Op dit moment.’

De vrouw leek diep ontroerd. ‘Ho,’ zei ze met grote ogen.

Houd dit een tijdje vol,’ zei Adyashanti tegen haar terwijl ze rustig ging zitten en de volgende vraagsteller naar de microfoon liep. Hij merkte dat Nancy’s handen niet meer wiebelden en vredig in elkaar gevouwen in haar schoot lagen.

Geloof niet alles wat je denkt | Björn Natthiko Lindeblad | Het Spectrum | gebonden | 224 pagina’s | Verschijningsdatum 8 juni 2021 | € 20,99 | Lindeblad (1961) studeerde bedrijfskunde in Stockholm, maar besloot op zijn zevenentwintigste monnik te worden in kloosters in Thailand, Groot-Brittannië en Zwitserland. Na zeventien jaar keerde hij terug naar Zweden en ontwikkelde zich tot veelgevraagd spreker en meditatieleraar. In 2018 kreeg hij de diagnose ALS. | ‘Dit boek is zo belangrijk, zo kwetsbaar en zo gevuld met emotie en wijsheid.’ (Aftonbladet, Zweden)

Zie:
* Geloof niet alles wat je denkt (Boeddhistisch Dagblad)
* Who Hears This Sound? (The Sun – Adyashanti over het ontwaken uit de droom van ‘ik’)

Beeld: radioviainternet.nl

De spirituele levenskracht van Jane Goodall

Primatoloog Jane Goodall gelooft dat alle levende wezens een ‘vonk van goddelijke energie’ hebben die een ‘ziel’ zou kunnen worden genoemd, inclusief niet alleen het dierenleven maar ook het plantenleven: ‘Ze hebben een vonk van die goddelijke energie.’ In Evolution News & Science Today van het Discovery Institute’s Centre for Science & Culture, schrijft wiskundige en freelance schrijver Elisabeth Whately over haar: Jane Goodall Meets the God Hypothesis. ‘De grens tussen religie en wetenschap kan inderdaad ‘vervaagd’ zijn, zoals Goodall enthousiast opmerkt.’ Zaterdag 14 juni komt Goodall naar de Balie in Amsterdam.*

20 mei kondigde de Templeton Foundation Jane Goodall aan als haar Templeton Prize-laureaat voor 2021. De Foundation – opgericht ter ere van degenen die wetenschap gebruiken om de plaats en het doel van de mensheid in het universum te verkennen – noemt haar een ‘unieke figuur’ en een baanbrekende onderzoeker in de zoektocht naar een antwoord op ‘de grootste filosofische vraag van de mensheid: ‘Wat betekent het om mens als onderdeel te zijn van de natuurlijke wereld?’ Spirituele taal overspoelt Goodall’s spreken als ze de prijs in ontvangst neemt. 

Ze geeft toe dat de echt ‘diepe mysteries van het leven’ ‘voor altijd buiten de wetenschappelijke kennis liggen’. Ze onderstreept dit met een citaat uit de beroemde uitspraak van apostel Paulus op de hemel: ‘Nu zien we donker door een glas; dan van aangezicht tot aangezicht.’

Goodall’s spirituele instinct groeide terwijl ze haar baanbrekende onderzoek deed in de Tanzaniaanse bossen van Gombe. Ze vertelt Templeton dat ze zich hier ‘heel, heel dicht bij een grote spirituele kracht voelde’. Ze put opnieuw uit de brieven van Paulus om te verwijzen naar dat ‘waarin we leven en bewegen en ons bestaan ​​hebben’. 

De primatoloog ziet ook een doel in het ‘tapijt’ van de natuur: ‘Het belangrijkste onderdeel van het zijn in het regenwoud is het begrip van de onderlinge verbinding, hoe elke kleine soort een rol te spelen heeft.’ Als een soort uitsterven, is het alsof er een draad uit het tapijt is getrokken. Trek te veel draden uit, zegt ze, en het grootse ontwerp van het tapijt zal ontrafelen. ‘Magie’ is het woord dat in haar opkomt als ze de grootsheid van dit ontwerp probeert te beschrijven. Alleen spirituele taal is voldoende als ze naar het omringende bos kijkt:

Het is iets dat zo krachtig is en zoveel verder gaat dan wat zelfs het meest wetenschappelijke, briljante brein had kunnen creëren.’

Wetenschap kan niet alles verklaren, daar is Goodall van overtuigd. ‘We hebben een eindige geest,’ zegt ze tegen Religion News Service, ‘en het universum is oneindig. Als de wetenschap zegt: ‘We hebben het allemaal voor elkaar gekregen, dan is er de oerknal die het universum heeft geschapen.’ Welnu, wat heeft de oerknal veroorzaakt?’ 

Goodall gelooft dat verzoening tussen religie en wetenschap alleen kan worden bereikt door het materialisme te verwerpen. Ze is het met haar vriend Francis Collins eens dat ‘toevallige mutaties onmogelijk kunnen leiden tot de complexiteit van het leven op aarde’. Ze is blij dat wetenschappers ‘meer bereid’ worden om te praten over de mogelijkheid van een intelligent doel achter het universum.’

Goodall lijkt te neigen naar een soort pantheïstische ‘levenskracht’ die de wereld doordrenkt met ‘energie’. Eveneens kan gemakkelijk worden aangetoond hoe deze hypothese verbleekt in vergelijking met de verklarende kracht van het traditionele theïsme. 

En het theïsme verklaart niet alleen de structuur van het universum beter, het biedt ook een manier om de uitzonderlijke aard van de menselijke soort te funderen die we instinctief aanvoelen, ook al hebben briljante wetenschappers zoals Goodall zichzelf helaas geconditioneerd om het te verwerpen.’

Whately besluit haar artikel met de opmerking dat de grens tussen religie en wetenschap inderdaad ‘vervaagd’ kan zijn, zoals Goodall enthousiast opmerkt. 

En toch zijn er veel manieren om religieus te zijn. Er zijn veel manieren om te aanbidden. Goodall aanbidt zeker, op haar eigen manier. Ze zou je zelfs kunnen vertellen dat ze een ontwerpende kracht aanbidt. De vraag is, heeft het haar gemaakt naar haar beeld? Of heeft ze het in de hare gehaald?’

* Zaterdag 14 juni is Goodall in de Balie in Amsterdam, waar zij spreekt over onze samenleving en de planeet. Hoe zou de wereld eruit kunnen zien na de COVID-19-pandemie? Zal deze crisis een andere manier van omgaan met de aarde inluiden? Hoe kunnen we een sterkere inzet voor het herstel en het behoud van de planeet bevorderen?
De bijeenkomst is uitverkocht, maar een livestream is dan vrij toegankelijk.

Zie:
* Jane Goodall Meets the God Hypothesis (Evolution News)
* ‘Religion entered into me’: A talk with Jane Goodall, winner of the 2021 Templeton Prize (Religion News Service)

Foto:
news.janegoodall.org