De Bijbel in feministisch perspectief

De Bijbel is vermoedelijk uitsluitend door mannen geschreven: alleen mannen redigeerden de teksten, maten zich het gezag aan om de teksten te interpreteren, de canon samen te stellen en de kerk te institutionaliseren. Zo constateren feministisch theologen. – Mariecke van den Berg schrijft een drieluik over feministische theologie. ‘In een notendop houdt christelijke feministische theologie een engagement met het christendom in, waarbij patriarchale structuren en beelden van de traditie worden bekritiseerd en de perspectieven van vrouwen, in al hun diversiteit, centraal worden gesteld’.

Als het goddelijke mannelijk is, dan is het mannelijke goddelijk.’
(Theologe Mary Daly)

De gevolgen van die eenzijdigheid zijn groot: het spreken over God gebeurt in overwegend mannelijke termen, de helden uit de Bijbel zijn bijna allemaal mannen en de kerk werd voor het allergrootste gedeelte van de geschiedenis door uitsluitend mannen geleid. Dit ging ten koste van de perspectieven van vrouwen, vrouwelijke helden en vrouwelijk leiderschap. Feministisch theologen hebben verschillend gereageerd op deze scheve verhoudingen.’

Van den Berg schrijft over enkele feministisch theologische perspectieven, en verwijst naar de Amerikaanse filosofe en theologe Mary Daly die stelde dat het christendom niet meer te redden was.

In haar bekende boek Beyond God the Father (1973) stelt ze: ’Als het goddelijke mannelijk is, dan is het mannelijke goddelijk.’ Daly voorzag daarin geen noemenswaardige verandering. Ze verliet de rooms-katholieke kerk, maar bleef zich van buiten de traditie wel altijd kritisch verhouden tot het christendom.’

Anderen probeerden volgens Van den Berg – bijzonder hoogleraar feminisme en christendom aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (Catharina Halkes Leerstoel) en universitair docent interreligieuze studies aan de Vrije Universiteit Amsterdam – van binnenuit de traditie te veranderen.

Dat vrouwen in de Bijbel en aanverwante literatuur minder vaak aan de orde komen, wil volgens hen niet zeggen dat je kunt stellen dat ze helemaal niet meedoen of geen stem hebben. Dan doe je hen eigenlijk een tweede keer onrecht aan. De kunst is juist om teksten te bestuderen die doorgaans de leesroosters niet halen, daarbij heel voorzichtig te lezen en een antenne te ontwikkelen voor wat er niet gezegd wordt.’

Ook verwijst Van den Berg naar theologe Elisabeth Schüssler Fiorenza. Zij stelde zich een ‘ecclesia of wo/men voor, waarin men een ‘discipelschap van gelijken’ nastreeft, een bottom-up structuur van kleine gemeenschappen waarin gelovigen zeggenschap hebben over hun eigen spirituele ontwikkeling’.

Ze nam daarbij de Jezusbeweging als voorbeeld. Volgens Fiorenza kenmerkte de groep mensen die zich verzamelde rond Jezus zich door een dergelijke gelijkwaardige manier van samenleven, die teloorging toen het christendom groeide, maar die nog wel als inspiratie kan dienen voor mensen nu.’

Tijdens de derde feministische golf, die inzette in de jaren negentig, begonnen feministisch theologen zich dezelfde kritische vragen te stellen die breder in de feministische beweging aan de orde kwamen. De nadruk op het ontwikkelen van een vrouwelijk perspectief maakte plaats voor een analyse van gender als zodanig, vaak in samenhang met seksualiteit, klasse, ras/etniciteit, lichamelijke beperkingen en mogelijkheden, opleiding, burgerschap, etc.


Volgens de orthodoxe theologie is de androgyne engel Sofia een voorstelling van Christus

Er kwam erkenning voor het feit dat mensen kunnen worden achtergesteld of weggedrukt omdat zij vrouw zijn, maar evengoed omdat zij tot een seksuele minderheid behoren, vluchteling zijn, van kleur zijn, met een accent spreken, hulpmiddelen nodig hebben, of uit een arbeidersmilieu komen.’

Door verbreding in kritisch perspectief ontwikkelt feministische theologie volgens Van den Berg steeds meer connecties met (bijvoorbeeld) bevrijdingstheologie en theologie die is beïnvloed door antiracisme theorieën, postkoloniale theorie, crip-theorie, queer studies, transgender studies en mannelijkheidsstudies.

Zie: Wat is feministische theologie? (theologie.nl)

Beeld: meetyouinthefield.nl
Cartoon: Marc-Jan Janssen
Icoon: PThU: Sofia: hen of hun?‘De orthodoxe iconen van Sofia bestaan in meerdere types. In het eerste type, de ‘Novgorod’ variant, is Sofia voorgesteld als een androgyne engel, met vleugels. Deze zit ook op een stoel. Volgens de orthodoxe theologie is die engel, Sofia, een voorstelling van Christus. Wie de afbeelding ziet, denkt wellicht niet meteen aan Christus. Of toch wel?’

Fascinerende geschiedenis van de westerse esoterie

Boekrecensie – Esoterie is kennis van de werkelijkheid met behulp van inzicht in de bovenzinnelijke wereld. Het is de tegenhanger van natuurwetenschappelijke kennis, die is gebaseerd op waarnemingen, logica en verifieerbaarheid. – Voor wie zich nog weinig verdiept heeft in esoterie kan Geschiedenis van de westerse esoterie een indrukwekkende inwijding zijn. Het boek behandelt een groot aantal esoterische stromingen. De lezer wordt ingewijd in een ‘zo volledig mogelijk én toegankelijk overzicht van de rijke westerse esoterische traditie door de eeuwen heen’. En daarmee zeggen de auteurs niets te veel.

‘Van de lezer vragen wij een open opstelling: ‘Just say oh, don’t say no!’
(John van Schaik, Jacob Slavenburg)

Esoterische werkelijkheidsbeleving
D
e auteurs, godsdienstwetenschapper dr. John van Schaik en cultuurhistoricus dr. Jacob Slavenburg, schetsen hoe Plato van mening was dat de waarheid/werkelijkheid in de geestelijke wereld is te vinden en hoe vanaf de achttiende eeuw het rationele/materialistische paradigma ging domineren. Wat in de Oudheid algemene en openbare kennis was wordt vanaf dan weggezet als ‘obscuur, zweverig en buiten het mainstream-denken staande’. Dat betekende dat een aanzienlijk deel van het religieuze sindsdien wordt genegeerd. Historici en andere wetenschappers blijven daardoor onwetend van de omvangrijke westerse esoterische traditie. Neem de Bijbel; die alleen al staat bol van de ‘esoterische werkelijkheidsbeleving’.

Wiskunde
V
erhelderend vind ik de vergelijking van esoterie met wiskunde. Niet gauw zullen mensen wiskunde obscuur, zweverig of niet-mainstream noemen. Toch kan voor velen ook wiskunde esoterisch en onbegrijpelijk zijn. Wiskundige formules blijven esoterisch (geheim) totdat je er kennis van krijgt door middel van inzicht (gnosis). ‘Kennis verkrijgen kan iedereen. Dat is openbaar. Inzicht verkrijgen: daar moet je iets voor doen.’

Oorspronkelijke eenheid
V
anaf het moment dat de mens uit het paradijs is geworpen zoekt hij de weg terug naar de oorspronkelijke eenheid. Die zoektocht loopt van de verre Oudheid, waar de geschiedenis van de westerse esoterie begint, tot de Nieuwe Tijd. In de Oudheid al trachtte de mens de breuk tussen ‘boven en beneden’ te herstellen. In de Nieuwe Tijd uit dit streven zich in het besef dat gevoel en intuïtie belangrijker zijn dan ratio, geld en macht. Of, zoals de auteurs stellen: ‘Nooit is de “esoterische werkelijkheidsbeleving” uit de westerse cultuur verdwenen’.

De vier pijlers van esoterie
D
e geschiedenis van de westerse esoterie begint dus in de verre Oudheid. Vier kenmerken zijn de rode draden door alle eeuwen heen: religie, kosmologie, magie en alchemie. Religie is per definitie verbonden met gnosis, met inzicht. Ze is tegelijk filosofie en theologie. Kosmologie is kennis van de hemellichamen, waarin astronomie en astrologie samenvallen, en wordt gezien als kennis van het goddelijk plan. De oude wereld is doortrokken van magie en onlosmakelijk verbonden met kosmologie en religie. In de alchemie (de voorloper van de moderne scheikunde) zijn religie, kosmologie en magie eveneens met elkaar verbonden.


Jacob Slavenburg (li) en John van Schaik

Fascinerende stromingen
I
Geschiedenis van de westerse esoterie komen deze kenmerken steeds weer terug, in allerlei vormen. Met de kennisname van de ‘esoterische werkelijkheidsbeleving’ gaat voor de lezer een bijzonder boeiende wereld open. Het voert te ver om de talrijke opmerkelijke mensen en fascinerende stromingen te noemen. Om een idee te geven noem ik slechts enkele hoofdstuktitels, zoals Esoterie in het Oude Egypte, Ketterse kerken langs de zijderoute, Natuurfilosofie in de Renaissance, De joodse esoterie, Esoterie in de Gouden Eeuw, Vital spirit of elektriciteit? en Het spirituele in de kunst.

Nieuw elan?
I
n het midden van de negentiende eeuw valt het doek voor welke vorm van esoterie of spiritualiteit dan ook. Andere geluiden klinken: Darwin verkondigt dat de mens van de aap afstamt, Het Nieuwe Testament wordt weggezet als mythe en het idee dat er alleen materie is wordt heersend. Maar in de tweede helft van de negentiende eeuw en de overgang naar de twintigste begint de esoterie aan een nieuw elan. Onder meer de theosofie doet haar intrede, met Helena Blavatsky als grondlegster. Een van haar lijfspreuken luidt: ‘Er is geen godsdienst hoger dan de Waarheid’. Tegen het einde van de negentiende eeuw laten ook magische inwijdingsorden van zich horen, zoals de vrijmetselarij en de romantische natuurfilosofie. Ook ontstaan er nieuwe bewegingen, zoals het neo-katharisme, de neo-tempeliers en de neo-graalbeweging.

De inspirerende twintigste eeuw
H
et laatste deel van Geschiedenis van de westerse esoterie beschrijft ‘De inspirerende twintigste eeuw’, met stromingen waarover velen wel iets over hebben gehoord, zoals de antroposofie, de psychologie van Carl Gustav Jung, de leringen van Gurdjieff over de innerlijke mens en de spirituele nalatenschap van Ouspensky. Het symbolisme wordt geboren ofwel kunst als uitdrukkingsmiddel voor de geest. Wat  betreft de Nieuwe Tijd besteden de auteurs aandacht aan onder andere de hippies, de kabouterbeweging, new age, ufo’s en eco-spiritualiteit. Wel zijn zij auteurs teleurgesteld over het esoterische landschap van de Nieuwe Tijd: zij noemen deze periode ‘verschrikkelijk onoverzichtelijk’. Bovendien lopen ‘door de toenemende individualisering de kerken leeg en neemt het ledental van esoterische verenigingen af’. De auteurs vragen zich af of er anno nu nog plaats is voor traditionele religieuze en esoterische instituties.

Geschiedenis van de westerse esoterie| John van Schaik en Jacob Slavenburg | Uitgeverij van Warven | 713 blz. | € 44,99 | Deel I: Bronnen – deel II: De eerste vijf eeuwen – deel III: De middeleeuwen – deel IV: Renaissance en Gouden Eeuw – deel V: Verlichting en Romantiek – deel VI: De zinderende negentiende eeuw – deel VII: De inspirerende twintigste eeuw.

‘Er zijn mensen die zich afvragen wat de schreeuw van Edvard Munch op de cover doet van een boek over esoterie. Ik heb me dat ook afgevraagd toen de auteurs dit schilderij voorstelden. Toen me werd uitgelegd dat de figuur op het schilderij reageert op de schreeuw van de natuur, werd het me duidelijk. Munch is een esotericus….net als velen van ons. Als we luisteren naar wat er binnen ons leeft, horen we ook wat de ons omringende wereld vertellen wil. Blavatski, Swedenborg, Blake, Munch en vele, vele anderen, ze komen allemaal voorbij…. Teveel om op te noemen.’ (Rinus van Warven)

Tip! Zie ook: Hét geschiedenisboek over de westerse esoterie: “Het schrijven hiervan is een soort afsluiting” (Koorddanser)

Foto Jacob Slavenburg en John van Schaik: Koorddanser
Eerder gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht

Sterven als je er klaar voor bent

Geloof in God en kiezen voor euthanasie kunnen heel goed samengaan, stelt arts Ad Nuijten. ‘Een mens die kiest voor euthanasie zit in een noodsituatie. En Jezus rekent mensen nooit af op hun nood. Hij stapt met hen in hun nood.’ De mogelijkheid bestaat ook, zegt oud-Denker des Vaderlands Marli Huijer, dat je artsen en coassistenten treft die alles weten van chemo, maar bijna niets van het sterven. Helderziende theoloog Hans Stolp zegt veel van sterven te weten en beweert dat euthanasie schadelijk kan zijn voor het leven na de dood.

Stolp stelt dat euthanasie soms ‘een voortijdige geboorte van een nog niet volgroeide geest betekent’: dat zagen mensen met een nabij-de-doodervaring. Een euthanasieverklaring heeft hij niet getekend, zal er niet om vragen en heeft er ook geen. Dat vertelde hij lang geleden aan Trouw en onlangs publiceerde de theoloog dat weer op Facebook.

Overigens kan het best zo zijn dat ik om euthanasie vraag als het mijn beurt is om te gaan, als de pijn groot is en ik weet dat ik ‘klaar’ ben. Ik wil mijzelf en anderen de ruimte gunnen om in de situatie zelf te beslissen. Alleen, laten we dan zorgen dat we het verantwoord doen, voor onszelf en voor anderen.
Er over nagedacht hebben, dat is eigenlijk op zijn allersimpelst gezegd waarvoor ik pleit.’

(Hans Stolp)

Weet Stolp ook hoe het zit met het eindeloos rekken van het leven door de medische benadering waardoor ‘de strijd tegen de dood het meestal wint van de goede dood’, zoals Huijer stelt? Daarover reflecteert de theoloog niet. Wellicht zou hij die vraag ook neer kunnen leggen bij de mensen met een nabij-de-doodervaring. Hoe zit het met de ‘spirituele wetten’? Als je volgens die wetten te laat in de hemel komt, loopt het dan mis met je leven na de dood?

Euthanasie is een heet hangijzer onder christenen, stelt Nuijten in het AD. Samen met emerituspredikant Piet Schelling schreef hij het boek Als het niet meer gaat – Een goede boodschap over een goede doodwaarin zij de boodschap uitdragen dat je de weg van je eigen leven bepaalt, dus ook van je levenseinde.

In hun boek gaan Nuijten en Schelling in op de medisch-ethische kwesties van euthanasie, maar ook over de Bijbelse visie op dit onderwerp. Vaak wordt het zesde gebod – ‘Gij zult niet doden’ – aangehaald in de discussie, vertelt Schelling. ‘Ik vind dat je heel voorzichtig moet omgaan met het gebruik van de Bijbel in die discussies. Teksten die in 500 voor Christus zijn geschreven, nu, 2500 jaar later in deze tijd uitleggen. Dat kan bijna niet.’
(AD)

Schelling is aanhanger van het zelfbeschikkingsrecht. Immers, elke dag nemen wij beslissingen die een wending geven aan ons leven, zegt hij. ‘In het geval van ziekte beslissen we om naar de dokter te gaan, ons te laten behandelen’. En… ‘de horizon van het leven is de dood,’ zegt Nuijten.

Onvermijdelijk wordt die horizon langzaam anders. In je denken schuif je de dood soms ook zo eindeloos ver weg. Maar op een gegeven moment bén je bij het einde. Ik denk dat onze beperkte tijd op aarde zin geeft aan ons leven. Als alles zonder einde zou zijn, is er geen uitdaging meer in het leven.
(Ad Nuijten)

Sterven is een zaak van de dokter geworden, stelt oud-Denker des Vaderlands Marli Huijer: ‘Dat heeft op maatschappelijk en persoonlijk vlak geleid tot een verwaarlozing van de omgang met de sterfelijkheid.’ Zij doet een schot voor de boeg om daarin verandering te brengen.

In diens [dokters] medische benadering wint de strijd tegen de dood het meestal van de goede dood. Op maatschappelijk en persoonlijk vlak heeft dat tot een verwaarlozing van de omgang met de sterfelijkheid geleid. Wat kunnen we persoonlijk en als samenleving doen om het huis van de sterfelijkheid opnieuw in te richten en weer meer regie over de dood te nemen?’
(Marli Huijer)

Huijer lijkt het belangrijk om ons af te vragen wat een juiste duur van leven is en wat het ons als persoon en samenleving waard is om steeds ouder te worden. Ook wil zij de sterfelijkheid weer meer zien als iets wat bij het leven hoort. Een van de adviezen van Huijer is om tijdig te bedenken hoe het sterven zelf eruit kan zien. Ook heeft zij het in de Volkskrant over die ‘pil van Drion’.

Dat mag een eng idee lijken, maar in een samenleving waarin de sterfelijkheid weer bij het leven hoort en de dood gedurende het leven aanwezig mag zijn, kan de geruststelling dat we zelf de regie hebben over het moment en de omstandigheden van het sterven ervoor zorgen dat we zo’n pil niet uit wanhoop slikken maar uit een weloverwogen en gedeeld inzicht dat ons levensverhaal niet alleen een begin maar ook een einde heeft.’
(Marli Huijer)

Marli Huijer is emeritus hoogleraar publieksfilosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en voormalig arts. Op 31 mei jl. verscheen haar boek De toekomst van het sterven, een handreiking voor het gesprek over het sterven.

Bronnen:
Opinie: Goed sterven, laten we dat proberen terug te veroveren op medisch overleven (Marli Huijer, de Volkskrant, 25 mei 2022)
Euthanasie en christen? Dat gaat prima samen volgens deze arts: ‘Mens bepaalt zelf einde van leven’ (Lex Bezemer, Rianne de Zeeuw-Heus, AD, 30 april 2022)
Euthanasie kan schadelijk zijn voor het leven na de dood (Dora Rovers, Trouw, 3 mei 2012 en Facebook Hans Stolp Community (Zie bij 16 mei 2022, 13.03 uur)
Artsen en verpleegkundigen krijgen les in de kunst van vreedzaam sterven: ‘Van chemo weet ik alles, van sterven bijna niks’ (Haro Kraak, de Volkskrant, 15 mei 2022)

Als het niet meer gaat | Piet Schelling, Ad Nuijten | KokBoekencentrum | 176 blz. | € 16,99 | ‘In dit essay ga ik op zoek naar wat zo’n juist moment van sterven zou kunnen zijn. Hoelang duurt een betekenisvol leven? Is het belangrijk dat je geliefde, ouders of grootouders zo oud mogelijk worden? Of zijn er grenzen aan de groei van de levensduur?’ 

De toekomst van het sterven | Marli Huijer | Uitgeverij Pluim | 160 blz. | € 16,99 | ‘Is de zorglast van de laatste levensfase nog op te brengen als de hele samenleving ouder wordt? Zijn er grenzen aan de groei van de levensduur? Bestaat er zoiets als een juist moment van sterven? In De toekomst van het sterven onderzoekt Huijer onze omgang met veroudering en de dood, zowel op persoonlijk als maatschappelijk en politiek vlak.

Stervensbegeleiding in een nieuwe tijd | Hans Stolp | AnkhHermes | 144 blz. | € 15,50 | ‘Euthanasie betekent soms een voortijdige geboorte van een nog niet volgroeide geest. Stervensbegeleiding die tegelijkertijd geboortebegeleiding wil zijn, ziet er dan ook heel anders uit dan meestal onder dat begrip verstaan wordt.’

Beeld: hospice-info.nl

Zin. Zoeken. Vinden. De weg.

Boekrecensie: Geestkracht – Frans Croonen. Geestkracht is een inzichtelijke en aantrekkelijk geschreven geschiedenis van zingeving en spiritualiteit in de afgelopen decennia in Nederland. Maar dat niet alleen. Het gaat diep in op zin zoeken en de weg vinden. In vier hoofdstukken onderzoekt cultuurfilosoof en geestelijk begeleider Croonen zingeving en spiritualiteit: Zin. Zoeken. Vinden. De weg.

De filosoof ziet in ons spirituele landschap een ‘boeiend transitieproces dat zich nog volop aan het voltrekken is’. Daarnaast vertelt hij inspirerend over hoe hij gestalte geeft aan zijn werk als geestelijk begeleider. Een boeiende reisgids die veel wegen bewandeld, met als toegift zeven wegwijzers voor op je eigen levensweg.

Betekenis en bestemming
De auteur beschrijft zingeving als ‘zoeken naar betekenis en bestemming’. Het is vooral een proces van bewustwording. Inmiddels een belangrijk thema binnen de positieve psychologie en op het werk. Maar eveneens binnen de marketing, waar een managementgoeroe leiders en bestuurders oproept zingeving en betekenis centraal te stellen en groei en winst secundair. De nadruk in onze maatschappij op perfectie is al te groot. Het leven moet steeds maar ‘mooier, sneller en beter’ gaan. Met de ‘mindere en moeilijke kanten van ons bestaan’ kunnen veel mensen echter slecht omgaan.

Idealen, visioenen en dromen
IGeestkracht vertelt Croonen dat de grote, richtinggevende verhalen niet meer voldoen. Het zijn allemaal kleine verhalen geworden die voor ieder individu een eigen waarheid bevat en ‘iedere waarheid is evenveel waard als de andere’. In de menselijke geschiedenis is een einde gekomen aan de ideologische vooruitgang. Oude levensbeschouwelijke beschouwingen en idealen vervagen. De meritocratie komt opzetten: de mens wordt nog slechts gewaardeerd om zijn prestaties.

In dit boek zoekt hij – en vindt – interessante antwoorden op de vraag hoe zingeving en spiritualiteit kunnen bijdragen aan een nieuw leven inblazen van geestkracht. Idealen zijn ervoor nodig, visioenen en dromen. Die kunnen immers leiden tot een nieuw groot verhaal dat mensen met elkaar verbindt en richting geeft aan de toekomst.

Het nieuwe geloven
H
et gat dat de ontkerstening heeft geslagen is niet gedicht, zegt de auteur. We willen weer zin zoeken, zowel in ‘het kleine en alledaagse’ als naar ‘wat ons ten diepste beweegt of draagt’. Er ontstaat een zoektocht in alle richtingen naar ‘het nieuwe geloven’. Van alles wordt hierbij gehaald: astrologie, boeddhisme, sjamanisme en esoterie; dromen, edelstenen en energie op bijzondere plekken. De zoektocht wordt ook door de commercie omarmd die dat vormgeven door een scala aan business- en vele andere coaches. Nieuwe, seculiere, rituelen ontstaan, zoals stille tochten en het klappen voor passerende rouwauto’s. Het zoeken naar het ‘zelf’ staat centraal, maar vergeten we intussen niet het gemeenschappelijke hoger doel?

Bronnen van geestkracht
W
e hebben spiritualiteit nodig, ‘het zusje van zingeving’. ‘Spiritus’ betekent ‘geest’ of ‘ziel’, de kern van wie je bent. Spiritualiteit helpt je diepste kern ontdekken en verkennen. Het brengt beweging, daagt uit en werkt verbindend. Traditionele vormen van spiritualiteit veranderen, worden anders-religieus, of seculier. Progressieve katholieken beginnen de Acht Mei Beweging, gelovigen worden meervoudig religieus, er ontstaat een lappendeken aan christelijke spiritualiteiten. Seculiere bronnen van geestkracht worden actief. Stadskloosters ontstaan, in meer of mindere mate christelijk of kerkelijk. Kerkelijke en niet-kerkelijke zinzoekers kan je overal vinden. Op zoek naar rust en stilte, naar structuur en balans vanwege de drukte in het leven, naar betekenisvolle inhoud.

Sacrale ruimten
S
ommigen worden ‘heel seculier’ en zoeken andere woorden voor God, genade en voorzienigheid. Toch doet de ‘ogenschijnlijke ongodsdienstigheid niets af aan de zingevingsvragen en het religieus verlangen waar een steeds grotere groep mensen mee rondloopt’. Daar zijn ook letterlijk ruimten voor nodig. Plaatsen voor verbinding en verdieping. Voor bezielende bijeenkomsten. Die plekken worden ‘genereuze ruimten’ genoemd: een ruimte die mensen stil laat staan, maar ook in beweging brengt.

Tweeduizend jaar christendom
D
e auteur deelt zijn eigen levenslijn en al gauw wordt duidelijk dat zijn vindplaats van geestkracht het ‘Rijke Roomsche Leven’ blijkt te zijn. Het is het vertrekpunt van zijn spirituele ontwikkeling dat er uiteindelijk toe leidt dat hij van zingeving zijn werk maakt. De joods-christelijke traditie is de bedding waarin hij staat en rijk genoeg als referentiekader voor zijn innerlijke ontwikkeling.

Hoe ook wij dit kunnen ‘herwaarderen en op een positieve manier kunnen inzetten in onze zoektocht naar geestkracht’ en dus ‘niet voorbijgaan aan de expertise, ervaring en infrastructuur die we in tweeduizend jaar christendom wereldwijd voor elkaar gebracht hebben’, laat Croonen ook zien. De traditie reikt hem iets aan dat onmiddellijk bruikbaar is en dat laat hij vooral in het hoofdstuk Vinden zien. Hierin staat zijn eigen werk als geestelijk begeleider en hoe hij dat praktisch vormgeeft centraal.

Als het leven een reis is
Ga op reis! Geestkracht is ook een aantrekkelijke reisgids voor op je levensweg. Als goede raad geeft de auteur als toegift zeven ‘wegwijzers’ mee om op weg te gaan. Op ‘je levensweg als een voortdurend op weg zijn’. Je kunt ermee op reis gaan, zonder doel, bestemming of finish. Je gaat gewoon op weg. Want, zo zegt de auteur, ‘als het leven een reis is, is het zonde om thuis te blijven of langs de weg te gaan zitten’.

Geestkracht – Zingeving en spiritualiteit in het Nederland van nu | Frans Croonen | Uitgeverij Zilt | Paperback |  9789493198142 | Druk: 1 | oktober 2021 | 192 pagina’s | € 20,99 | E-book € 12,50

(Eerder gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)

Een duurzame en ‘dierzame’ samenleving     

De grootsheid van een natie kan worden beoordeeld naar de manier waarop haar dieren worden behandeld, zei Mahatma Gandhi vele jaren geleden. ‘In het besef van hoe we tegenwoordig met dieren en de natuur omgaan, confronteert deze uitspraak ons op een ontnuchterende wijze met onszelf.’ – Dit zegt hoogleraar Duurzame Ontwikkeling Pim Martens in De heilige natuur dat hij samenstelde met Marloes van de Goor (International Institute for Animal Ethics).

In De heilige natuur interviewen Martens en Van de Goor twaalf inheemse en religieuze leiders uit verschillende werelddelen over de heiligheid van de natuur. Hun eeuwenoude wijsheden inspireren ons om anders te gaan denken over onze omgang met alles wat leeft.

Aan het woord komen de Groenlandse sjamaan Angakkorsuaq, de Amerikaanse indianenleider Chief Lane Jr., masaileider Mwarabu, de boeddhistische geestelijke Shih, de dichtende islamgeleerde Ur Rehman Chishti, orthodox rabbijn Slifkin, Maya-priester Sac Coyoy, hindoe-prins Jhala, Aztekenleider Sanchez, leider van de Canadese Bear Clan Wawatie, bisschop Smeets van Roermond en theoloog Valerio van Rochester Cathedral. Oeroude natuurwijsheden uit alle streken!’

Religie speelt een belangrijke rol als het gaat om de houding van de mens ten opzichte van de dieren waarmee hij de wereld deelt, stelt Martens.

Aan de ene kant kan het geloof in een goddelijke identiteit of de identificatie met een bepaalde religie leiden tot een positieve waardering voor de natuur, aan de andere kant kan religie ons minder met de natuur verbonden laten voelen. Dit hangt samen met de geloofsovertuiging die men aanhangt.’


De twaalf inheemse en religieuze leiders

Martens noemt bijvoorbeeld het confucianisme, een vertegenwoordiger van de traditionele cultuur en heersende filosofie van veel Aziatische landen. Het beïnvloedt zowel Chinese als Japanse sociale waarden, inclusief de houding van het publiek tegenover dieren.

In het confucianisme worden mensen beschouwd als de heer van de schepping en kunnen dieren worden opgeofferd voor het voortbestaan van de mens.’

Naast het confucianisme dragen ook het boeddhisme en het traditionele shintoïsme bij aan de Japanse sociale waarden, zegt Martens.

De leerstellingen van het boeddhisme en het shintoïsme benadrukken de wederzijdse zorg en compassie in relaties tussen mensen en niet-menselijke dieren. Maar hoe we uiteindelijk met dieren omgaan is sterk afhankelijk van de diersoort en de situatie. Een ding is duidelijk: onze dominante huidige sociaaleconomische en politieke systemen raken losgekoppeld van de ecologie van het leven.’

Er lijkt geen sprake te zijn van een ‘dierzame’ ontwikkeling in de evolutie van de westerse mens.

De scheiding tussen mens en natuur leidde tot een afnemende betrokkenheid bij dierenwelzijn, en tot de wereldwijde milieuproblemen die we vandaag de dag zien. De ‘dierzaamheid’ verdween en we gingen dierenleed moreel aanvaardbaar vinden.’

Gandhi had natuurlijk gelijk toen hij zei dat de grootsheid van een natie kan worden beoordeeld naar de manier waarop haar dieren worden behandeld, zegt Martens.

Daarom hebben we een vorm van duurzaamheid nodig die ook voor het dier en de natuur geldt: dierzaamheid dus. Dit boek laat zien hoe verschillende religieuze en inheemse leiders onze rol ten opzichte van dieren en de natuur zien.’

Veel traditionele wereld- en mensbeelden zijn – in tegenstelling tot het modern-westerse wereld- en mensbeeld – gebaseerd op een diep begrip en doorleefde ervaring van de aard van het leven als een onderling afhankelijk, onderling verbonden en wederkerig geheel, vertelt Martens.

In traditionele culturen wordt de mens als onderdeel van de natuur gezien. Gelijkwaardigheid, wederkerigheid en co-evolutie worden beschouwd als leidende principes voor de evolutie en ontwikkeling van de samenleving.’

Zo kunnen we bijvoorbeeld leren van veel oude inheemse culturen op onze planeet, en krijgen we via hen ook meer inzicht in wat een duurzame en dierzame samenleving nu zou kunnen inhouden. Aangezien we midden in onze grootste duurzaamheidsuitdaging zitten, is zulke reflectie noodzakelijk.’

Citaten uit: De heilige natuur – Niet-westerse stemmen over dier, mens en klimaat | Pim Martens, Marloes van de Goor | Uitgeverij Noordboek | 144 blz. | Paperback | € 19.90 | Komt uit in juni 2022 | ‘De tekst is gebaseerd op interviews die we met ze [de inheemse en religieuze leiders] hebben gehouden. We hebben ze in spreektaal weergegeven. Ze bevatten soms filosofische bespiegelingen, maar zijn vaak ook luchtig van toon. Zie het alsof de geïnterviewde religieuze en inheemse leiders bij je op de koffie komen.’ (Uit: De heilige natuur)

Foto: Charolais runderen (Lage Vuursche, Zomer 2021, PD)
Foto twaalf leiders: pimmartens.com

De valse god van tsaar Vladimir Poetin

Rusland heeft sinds 2020 een enorme orthodoxe kathedraal: De Kathedraal van de Strijdkrachten. De legergroene, 95 meter hoge kathedraal is gewijd aan de 75e verjaardag van de Sovjetoverwinning in de Tweede Wereldoorlog. De kathedraal bevindt zich even buiten Moskou, in Patriot Park, een uitgestrekt militair themapark met een museum. Zes gouden koepels zijn elk gewijd aan een andere tak van de strijdkrachten en het interieur is versierd met afbeeldingen van militaire beschermheiligen en afbeeldingen van historische veldslagen.

Engelen zweven boven artillerie, religieuze afbeeldingen zijn versierd met kalasjnikovs; de Maagd Maria neemt een pose aan die doet denken aan een Sovjet-poster ‘Grote Patriottische Oorlog’ en het hele gebouw is bekleed met kakikleurig metaal.’
(The Center for European Policy Analysis (CEPA)

Sinds Vladimir Poetin aan de macht kwam, zijn de banden tussen patriarch Kirill van de Russisch-orthodoxe kerk en de strijdkrachten steeds hechter geworden. Volgens het Centre tor European Policy Analysis (CEPA) bereiden in combinatie met gemilitariseerde jeugdgroepen zoals het Jeugdleger (Yunarmiia), de kathedraal en het omliggende Patriottische Park, de Russen voor op heroïsche oorlogen in de toekomst.


De Kathedraal van de Strijdkrachten

De kathedraalmozaïeken suggereren dat God niet alleen het Rode Leger in de Tweede Wereldoorlog zegende, maar ook Russische militaire acties in Hongarije 1956, Tsjechoslowakije 1968, Afghanistan en – de avonturen van president Poetin – in Tsjetsjenië, Georgië, de Krim en de ‘strijd tegen het internationale terrorisme in Syrië.’
(CEPA)

Bij de bouw was de bedoeling om het interieur te versieren met mozaïeken van president Vladimir Poetin en Sovjetleider Josef Stalin. Maar dat vonden de gelovigen toch te gortig. Poetin stond op een mozaïek naast gemaskerde en zwaar bewapende ‘groene mannetjes’ die in 2014 het Oekraïense schiereiland de Krim innamen.

Gelovigen bleken tegen de verering van Poetin in het huis van God. Uiteindelijk gaf Poetin opdracht om zijn beeltenis uit het mozaïek te slopen, vertelt [de belangrijkste kunstenaar van de kerk, Vasili] Nesterenko. ‘Hij zei dat hij het nog te vroeg vindt voor een mozaïek van hem. Nou, oké, dat kan.’
(
de Volkskrant)

De binnenornamenten zijn voornamelijk samengesteld uit mozaïeken als eerbetoon aan militaire campagnes, de trots van het Russische leger. Muurschilderingen en andere orthodoxe afgoden herinneren aan de religieuze functie van het gebouw. Buiten het religieuze monument is een replica van de slagvelden van de Tweede Wereldoorlog geïnstalleerd, met loopgraven, tanks en andere vliegtuigen die op de vijand zijn buitgemaakt.


De tandem Kirill-Poetin levert de patriarch geen windeieren op:
zijn vermogen wordt geschat op 4 tot 8 miljard dollar.

Patriarch Kirill is ook hoofdpriester van de strijdkrachtenkathedraal (eveneens bekend als lange tijd KGB-agent en baas van een illegale sigarettensmokkelbende) en hield er de eerste liturgie. Voor de patriarch is de oorlog in Oekraïne een kruistocht, omdat hij vreest dat het ‘afvallige’ Oekraïne te ver afdrijft van de Russische cultuur. 

De kathedraal ‘hoopt dat toekomstige generaties het spirituele stokje van vorige generaties zullen overnemen en het vaderland zullen redden van interne en externe vijanden,’ zei hij [Kirill] in de preek.’
(
The Moscow Times, juni 2020)

De  russkii mir-visie, (een verklaring over de Russische wereld), onderschreven door Kirill, sluit aan bij Poetins campagne om de Oekraïense staat en het Oekraïense volk te vernietigen. ‘Een valse leerstelling die velen in de orthodoxe kerk bekoren en zelfs is overgenomen door extreemrechts en katholieke en protestantse fundamentalisten’.
Kirill ‘maakte een plan voor Vladimir Poetin om de ‘Russische wereld’ te doen herrijzen’. De Russische kerk lijkt, zoals hoogleraar politieke wetenschappen aan Rutgers University-Newark, Alexander Motyl, suggereert, haar ziel te hebben verloren: ‘De Russisch-Orthodoxe Kerk steunt de oorlog van Poetin in Oekraïne.’


Collignon (de Volkskrant)

Het document zegt niets over de universele waarden die veel religies gemeen hebben. Het [document dat in mei 2022 door Poetin zal worden ondertekend] beweert dat Russische waarden voortkomen uit meer dan duizend jaar waarin de religieuze en spirituele waarden van de vele volkeren die in de Russische Federatie wonen, zijn samengekomen in iets dat de ‘Russische wereld (Russkii mir)’ wordt genoemd.
De meeste christelijke kerken en andere grote religies beweren universele – niet nationale – idealen belijden. Deze tekst spreekt echter nooit over het dienen van God. Integendeel, het heiligt het vaderland.’
(Walter Clemens, Associate, Harvard University Davis Center for Russian and Eurazian Studies CEPA)

Bronnen:
* Russia Consecrates Grandiose Armed Forces Cathedral (The Moscow Times)
*
The false God of tsar Vladimir Centrum voor Europese Beleidsanalyse (CEPA)
*
Een ‘kitscherige kathedraal’ gewijd aan oorlog, communisme en Poetin, president voor het leven (de Volkskrant)
* De schatrijke patriarch die voor Poetin een plan maakte (Nieuwsblad (B))
*
A Declaration on the ‘Russian world’ (Russkii mir) teaching (Public Orthodoxy, Fordham University)
*
Sad Reality: The Russian Orthodox Church Supports Putin’s War In Ukraine (19fortyfive.com)
* ‘Ook in de dorpen rond Tsjernihiv zijn oorlogsmisdaden gepleegd, een teken dat het op systematische schaal gebeurde’ (de Volkskrant)

Foto: Patriarch Kirill van de Russisch-Orthodoxe Kerk met president Poetin in 2019 (AP)
Foto Kathedraal van de Strijdkrachten: De Standaard (B)
Foto Kirill: Belga (Nieuwsblad (B)