‘Wat wil iemand die zegt dat hij dood wil?’

girl-holding-key-to-heaven-stewartblackburn

Over het taboe van de grens tussen leven en dood. ‘Wat wil iemand die zegt dat hij dood wil?’ Dat is de vraag die filosoof en theoloog Paul van Tongeren uitvoerig uitdiept in Willen sterven. Met dit essay, over autonomie en het voltooide leven, staat de auteur op de shortlist voor De Socratesbeker 2019 die in april wordt uitgereikt. In 2013 won Van Tongeren met Leven is een kunst. De Socratesbeker wordt ieder jaar uitgereikt aan de auteur van het ‘meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek’.  

Willen sterven
Wat wil iemand die zegt dat hij dood wil?’ vraagt Van Tongeren in Willen sterven. In het essay houdt hij consequent vast aan deze vraag en hoopt dat de lezer het geduld kan opbrengen om zijn verbazing over de vraag niet onmiddellijk te laten leiden tot een afwijzing van zijn verwondering over die wens. De auteur wil duidelijk proberen iets meer te begrijpen van wat iemand wil, als hij zegt dat hij dood wil.

Alleen al het stellen van de vraag lijkt een belediging voor degene die deze wens of wil kenbaar maakt. Het antwoord is toch met de vraag gegeven? Iemand die dood wil, wil immers gewoon dat: dood!’

Duiteindelijke vraag van Willen sterven is de vraag naar wat het betekent als iemand zegt dat hij dood wil. De eerdere vraag is echter die naar de redenen om die uiteindelijke vraag te blijven stellen: met welk recht kan ik denken dat iemand die dood wil, niet alleen maar en gewoonweg dat wil wat hij zelf aangeeft, namelijk er niet meer zijn, de dood? Van Tongeren is evenwel van mening dat evenmin als een mens tegen zijn zin gedood mag worden, hij gedwongen mag worden om tegen zijn zin voort te leven.

Als het leven zelf een last wordt, mag niemand ons verbieden die last van ons af te werpen. Als we willen voorkomen dat we op een onwaardig geachte manier wegkwijnen, moeten we het recht hebben het heft in eigen hand te nemen. Wie anders dan elke mens zelf zou mogen beslissen over het eigen leven en sterven – uiteraard binnen de condities waarmee de wet de rechten van andere mensen beschermt. En het eigenlijke punt bij dat alles is natuurlijk, dat wie zijn leven wil beëindigen daarbij de hulp moet kunnen krijgen die hij nodig acht. Want, met de woorden van een Zuid-Afrikaanse ethicus: ‘een verbod op hulp bij zelfdoding is een finale aanslag op mijn zelfbeschikking’.’ (Van Tongeren verwijst naar de woorden naar Willem Landman, als geciteerd in Van Niekerk, 2017, p. 239)

Wat is eigenlijk ‘willen’?
M
aar de auteur  – die zich met dit essay richt op een breder publiek dan zijn collega’s in de filosofie – vraagt zich vooral af wat dat eigenlijk is, die wil van ons, dat we die zelf kunnen bepalen? Wat is eigenlijk ‘willen’? En wat betekent dat in het geval van ‘dood willen’. De vraag ‘Waar komt toch die vraag vandaan naar wat dat willen betekent?’ tekent de zoektocht van Van Tongeren: ‘Waarom kunnen we niet simpelweg aannemen dat iemand die zegt dat hij dood wil, gewoon niets anders wil dan dat: dood-zijn, niet meer leven? Klaar!’  

Wie anders dan ik zelf zou het recht hebben om zelf te beslissen over mijn leven? In dit essay ‘Willen sterven’ van Paul van Tongeren wordt die notie autonomie nader onderzocht, evenals het begrip van de wil, dat immers een centrale rol speelt in die veronderstelde autonomie. In existentiële keuzesituaties stuit de autonomie op haar grenzen. Paul van Tongeren zet de filosofie in voor een verheldering van de problemen die schuilgaan achter de vanzelfsprekendheden van de eigen tijd.’ (Uitgeverij Kok)

Kan dat wel: dood willen
V
an Tongeren heeft het vermoeden dat er iets niet klopt als iemand zegt dat hij dood wil, als hij tenminste denkt dat dit niets anders betekent dan dat wat hij zegt. Anders en misschien nog vreemder gezegd: de auteur wil nagaan of dat wel kan: dood willen.

De vraag wat ‘willen’ eigenlijk betekent is veel te groot voor een essay, zegt Van Tongeren. Hij richt zich daarom vooral op wat er aan het licht komt omtrent de wil op het moment dat hij ‘ontdekt’ wordt. Filosofe Hannah Arendt (van de trilogie: Het leven van de geest, waarvan Willen deel 2 is) neemt hij daarbij mee als gids. Van Tongeren gaat op zoek naar de ‘voorgeschiedenis’ van de wil – en de autonomie – en komt bij zijn speurtocht onder meer terecht bij de Grieken en de Romeinen; bij Aristoteles (de Ethica); bij de filosofen van de Stoa; Sophokles met zijn Antigone; Paulus; Augustinus (Belijdenissen); Immanuel Kant; Friedrich Nietzsche. In het vijfde hoofdstuk diept Van Tongeren het begrip ‘dood willen’ verder uit. (‘De wil kruipt waar hij niet kan gaan’)

Laten we luisteren naar mensen van nu die uitdrukking geven aan hun wens om te sterven en vragen naar wat die wens ons leert over de wil, zijn autonomie, zijn vastbeslotenheid en zijn rechten. Enerzijds met het ‘theoretische’ doel om te zien of er een verband is tussen die stervenswens en wat we over de wil gezien hebben. Maar anderzijds natuurlijk ook met een praktisch doel. Want om te weten hoe we moeten antwoorden op een vraag, moeten we op de eerste plaats proberen die vraag zo goed mogelijk te verstaan.’

Willensterven

Voltooid leven
D
e auteur gaat in op het promotieonderzoek (Universiteit voor Humanistiek) van Els van Wijngaarden Voltooid Leven – over leven en willen sterven, naar mensen die hun leven willen beëindigen, omdat zij het als ‘voltooid’ beschouwen. Ze zijn er ‘helemaal klaar mee’. Dat laatste klinkt voor Van Tongeren als een negatieve connotatie bij de ‘montere en bijna rooskleurige term ‘voltooid leven’.’ Bij hem blijft het vermoeden doorwerken dat er iets niet klopt in de wil om te sterven.

Die wil wordt geprikkeld door elke grens die aan hem wordt opgelegd, elke macht die zich aan hem opdringt, bijvoorbeeld de macht van de realiteit van ziekte en aftakeling. Maar is juist die wil niet problematisch in geval van de dood? Kan die wil, de wil om zelf het heft in handen te houden, zichzelf willen opheffen?’

Van Tongeren bespreekt het ambivalente en de paradoxen in de interviews die Van Wijngaarden hield. En ook hier betrekt hij het denken van Augustinus erbij. Mensen lijken soms gevangenen te worden van hun eigen autonome beslissing. Van Wijngaarden komt volgens de auteur tot dezelfde conclusie als die wij zouden verwachten op basis van het introspectieve onderzoek van Augustinus: dat het waarschijnlijk veel te simpel is om deze keuze te zien als een vrije zelfbeschikking. (Een nieuw onderzoeksrapport van Van Wijngaarden wordt eind 2019 verwacht.)

Ik wil het wel, doodgaan, maar in mijn gevoel, in mijn ziel, zal ik maar zeggen, kan ik het niet aanvaarden. Daar wringt het.’ (Een uitspraak van een man in genoemd onderzoek.)

In het laatste hoofdstuk En nu? denkt Van Tongeren verder door over ‘een problematisch willen’, over ‘leven doe je niet alléén’ en ‘leven dóe je niet alleen’. En over ‘de wet en het taboe’, waarbij hij duidelijk stelt dat de afsluiting van zijn betoog niet de ‘conclusie’ ervan betekent. Het gaat hem in dit essay vooral om wat er aan vooraf gaat. Wel geeft hij een paar suggesties voor wat ons te doen staat.

Het taboe-karakter van die grens tussen leven en dood betekent niet zonder meer dat er nooit gedood kan worden; het verplicht alleen tot de grootst mogelijke voorzichtigheid, en kan niet eenvoudigweg door onze eigen willekeur worden overstemd.’


‘Zou het geheim van begin en einde niet draaglijker worden, wanneer we erkennen dat we ge­dragen werden voordat we geboren waren, en dat we door anderen gedragen zullen worden nadat we gestorven zijn?’ (Uit: Mens-zijn doe je niet alleen, Paul van Tongeren)


Een opmerkelijk en bijzonder boek dat aanzet tot doordenken. Oppervlakkig gedacht kan je snel een idee hebben over dood ‘willen’, maar bij dit boek gaan je gedachten zeker mee de diepte in en verblijf je langer bij het ‘willen’. ‘Hoe ver reikt de wil?’

Willen sterven | Paul van Tongeren | ISBN 9789043529457 | Uitgeverij Kok | 1e Druk | 12-04-2018 | 80 pag. | Paperback | Filosofie | € 11,99 | E-book € 6,99Paul van Tongeren is hoogleraar wijsgerige ethiek aan de Radboud Universiteit Nijmegen, buitengewoon hoogleraar ethiek aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven (België) en geassocieerd onderzoeker van de Universiteit van Pretoria (Zuid-Afrika). Zijn boek Leven is een kunst (Klement 2012) won in 2013 de Socratesprijs voor het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek.

Beeld: nuvolanevicata (It.)

About Paul Delfgaauw

‘Zinzoeker’ Paul Delfgaauw, opleiding Religiestudies – richting Media & Cultuur (2014 – 2019) – aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (eindexamenscriptie: ‘Het draagbare Joodse vaderland’), verkent sinds jaar en dag de gebieden religie en filosofie. Vanaf de eerste dag dat op de lagere school in de catechismusles de vraag werd voorgelegd waartoe de mens op aarde is, werd dat het zingevend en -zoekend levensthema. Grasduinen door boeken, tijdschriften en kranten en later de digitale media met verhalen over 'Meer' – met het innerlijk weten dat God, De Eeuwige, het Al, op Zijn wijze deel uitmaakt van al het leven. Op kritische wijze wordt zin en onzin van religie en filosofie beschouwd en eveneens het gedachtegoed van ‘niet-religieuze’ levensbeschouwingen. In deze tijd bieden internet en de sociale media wereldwijd toenemend stof tot nadenken over goden en mensen, en hun zoektocht naar elkaar. Dit blog staat niet bol en vol van de eigen ‘mening’, maar vooral van wat tot nadenken stemt. Minder toegankelijke stof wordt wat toegankelijker gemaakt door samenvattingen en/of doorverwijzingen naar relevante links, zo nodig aangevuld met passende en aanvullende teksten van anderen.

16 Responses

  1. FrankB

    @TL: “Het zijn veelal omstanders, familieleden of (para)medici die een beslissing nemen voor jou.”
    Hoe juist. Daarom is het voor mij al decennia beleid om slechts een zeer beperkt groepje vertrouwelingen toe te staan invloed op mij uit te oefenen als ik zwaarwegende beslissingen moet nemen. Van Tongeren zal daar niet snel bijhoren.

    @RG: “Hebben mensen er moeite mee als ik zeg nog iets langer te willen leven ?”
    Ik niet iig. Ik mag hopen dat ik net zo weinig voor u beteken in dit opzicht (nl. helemaal niets) als Van Tongeren voor mij. Een dergelijke verantwoordelijkheid wil ik helemaal niet op mij nemen. Ik wantrouw hen die dat ongevraagd wel doen.

    “Als je voelt dat je een taak voor anderen hebt is dat waard om voor te leven.”
    Ook dit, hoe juist. Ga alleen wel even na of die anderen het waarderen en er op vooruit gaan als je dat doet.

    @Jan: “Wie bepaalt of een leven voltooid is?”
    Ik, in overleg met dat handjevol vertrouwden. God en mammon volstrekt niet.

    Like

  2. FrankB

    “met welk recht kan ik denken dat iemand die dood wil, niet alleen maar en gewoonweg dat wil wat hij zelf aangeeft, namelijk er niet meer zijn, de dood?”
    Dat recht is niet mijn probleem. Als ik zeg dat ik dood wil weet ik precies wat ik bedoel – waarom zou ik me druk moeten maken om wat Van Tongeren daarvan denkt? Iemand die ik niet ken, nooit enige rol in mijn leven heeft gespeeld?

    “Waarom kunnen we niet simpelweg aannemen …..”
    Waarom is dat mijn probleem? Het lijkt mij dat ik er al genoeg heb van mijzelf, zoals de vraag of en wanneer die wil om te zetten in de daad. Het is nogal een stap.

    “Van Tongeren heeft het vermoeden dat er iets niet klopt als …..”
    Dan kan ik weer concluderen dat ik niet bij hem moet zijn als die gedachte weer eens bij mij opkomt. Blijkbaar neemt hij mij bij voorbaat niet serieus als hij zijn persoonlijke vermoedens zo graag op mij projecteert.

    “Zou het geheim van begin en einde niet draaglijker worden ….”
    Niet voor mij. Al die extra ballast maakt het alleen maar zwaarder. Alweer krijg ik bevestigd dat Van Tongeren mij niet serieus neemt.

    Like

  3. @Jan, ik denk wanneer je je echt hondsberoerd voelt, ik heb dat ooit wel eens in mijn jeugd meegemaakt toen ik behoorlijk zeeziek was en na een stevige voedselvergiftiging, gelukkig ging dat snel over, maar in dat geval heb je wel wat anders aan je hoofd dan bespiegelingen over leven en dood en spiritualiteit, dan wil je hoe dan ook gewoonweg verlost worden van dat verschrikkelijke zieke gevoel, gelukkig beschikken we tegenwoordig over goede medicatie om bij mensen die echt ernstig ziek zijn zonder enig perspectief op genezing het lijden te verzachten.

    Ik vond de uitspraken van Sadhguru hieromtrent ook wel interessant:

    Sadhguru: Euthanasia: Is “Mercy-Killing” Right or Wrong? – Prasoon Joshi with Sadhguru

    Sadhguru: The Rules of Life and Death

    Like

  4. Jan

    Vroeger sprak men over zelfmoord en moord. Daarna over euthanasie. Tegenwoordig over “zelfbeschikkingsrecht”. En een humane zo comfortabel mogelijke dood.‘Eigen regie’ en voltooid leven met ‘Stervenshulp’.

    Maar zijn dat geen te mooie woorden, die ellende moeten verbergen? De ellende van gebrek aan zorg of financiële, huisvestings en andere -problemen? Dus naast de lichamelijke klachten het gebrek aan spirituele groei en wijsheid. Spiritualiteit en wijsheid, dat is toch de bekroning van een leven vol ervaring?

    Er is geen aandacht meer voor de groei van spiritualiteit. Dat zou al moeten beginnen voor je 40ste levensjaar. Als de top is bereikt en het verder bergafwaarts gaat. Dat kan de bloem van spiritualiteit ontluiken en schoonheid verspreiden.

    Maar in deze kapitalistische onmenselijke maatschappij, wordt dan nu juist de mens gemarginaliseerd. Je komt niet aan een baan, hypotheken worden niet gegeven, bezit wordt weggeroofd door de kafka-UWV en overheden. De multimijardairs worden rijken en de werkelijk economie wordt uitgezogen zoals vampiers dat zo goed kunnen door de virtuele geldeconomie.
    Als Freud nu leefde spreekt hij dan over thanatos: doosdrift het verlangen naar een spanningsloze toestand, als ontsnapping van deze maatschappij. Van verzorgingsstaat naar participatie maatschappij: wie niet voldoende participeert, kost geld en wordt wegbezuinigd. Huizen worden opgegeten, maar en mens leeft niet van stenen alleen. Of water en brood.

    Daar denk ik aan, als ik hoor over “zelfbeschikkingsrecht”. Wie beschikt over het “zelf”? Wat is het “zelf”.Wat is het verschil tussen Zelf en persoon? Wie heeft zichzelf “gemaakt”? Heeft iemand die zomaar automatisch ontstaan is in de buik van de moeder de volledige beschikking over dat lichaam? Wat is het doel van het bestaan? Wat vind er plaats tussen dood en geboorte? Wie ben ik?

    Deze laatste vragen staan voor mij al mijn hele leven op de voorgrond. En ik constateer dat de waan van alle dag in enkele decennia verandert van moord en zelfmoord, naar hulp bij een comfortabel levenseinde bij een voltooid leven.

    Wie bepaalt of een leven voltooid is? Vroeger god en nu het geld: de mammon. Er is eigenlijk geen verschil: god of de mammon zijn beiden goden.

    Met vriendelijke groet van Jan.

    Like

  5. De wereld als Wil en voorstelling. Er is teveel wil: soms weet je niet meer wat te willen, en als de autonomie over je vrije wilsbeschiikking (keuzes en beslissingen) je uit handen genomen wordt (dus je je handelingsvrijheid verliest , dan denk ik : laat maar: als jij (degene en/óf instantie die je autonome handelen beknot): het beter denkt te weten dan ik,,ja…:: wat dan: ik denk dat de doodwens een hele autonome wilsbekrachtiging is. Als je dood bent is er geen (vrije) wil meer, dan hoeft niets meer, dan hoef je niet meer te willen. Er is teveel wil in de wereld en te weinig voorstelling van hoe het zou moeten zijn.

    Like

  6. Trouwe Lezeres

    ‘Zwerver: In dit verband is het interessant wat Aristoteles zegt over emoties: een moedig mens bevind zich tussen roekeloosheid en lafheid. Beiden zijn nodig om moeilijke, emotionele passages te maken.’
    Dat vind ik mooi gezegd, spreekt me aan.

    Liked by 1 persoon

  7. Carla

    @ Paul, je reactie vind ik van toegevoegde waarde. Dank. Ik las heden, digitaal, het eerste hoofdstuk uit het boek van Van Wijngaarden. Dat boek ga ik verder lezen, het pakte me. Daarna zal het essay van Van Tongeren ook wel volgen, vermoed ik. 😉 ( nieuw jaar, nieuw budget 🙂 )

    Like

  8. Zwerver

    Trouwe Lezeres: Ik zie het dood willen meer als enige mogelijkheid die men ziet om een einde te maken aan een situatie waarin men niet (meer) wil verkeren of waar men niet in terecht wil komen.
    Wat betekent willen (nog) in zo’n situatie?

    ————————–

    Ik denk dat het dood willen, het willen beëindigen van psychische of lichamelijke pijn is. Het is een verbond wat een mens kan sluiten met de dood, waarbij er de verwachting is dat de dood een einde aan de pijn kan maken. Een verwachting welke m.i. terecht is. Betrekking hebbende op de wil betekent dit, dat het dood willen, tevens een einde maakt aan het willen. Zelfdoding is in dit verband het juiste woord: er is de intensieve wens om het zelf te beëindigen.

    Je slotconclusie is terecht. Veelal heeft de mens niets meer te willen en beschikken anderen over het lot. Waarbij veelal de dood niet begrepen wordt. (Dood is fout, zelfdoding is niet goed.) Eigenlijk zijn mensen -die geaard zijn in het leven- niet in staat om te oordelen over de dood. Voor een beter begrip zou men (intuïtief) dienen te begrijpen dat leven en dood uit elkaar bestaan. Of als men niet in staat is om af te dalen in de krochten van het lijden er het zwijgen toe doen.

    In dit verband is het interessant wat Aristoteles zegt over emoties: een moedig mens bevind zich tussen roekeloosheid en lafheid. Beiden zijn nodig om moeilijke, emotionele passages te maken. De mens beschikt over ongekende emotionele krachten welke zuiverend kunnen werken. Deze krachten ontginnen is wel wat anders dan filosofische verhandelingen over de wil. (Die vervolgens nooit uitkomst bieden)

    Like

  9. Carla

    Ik vind dit een zeer teer onderwerp. Mei 2018 stond er een mooi twee gesprek in filosofie magazine tussen Paul van Tongeren en Bert Keizer. Beiden filosoof. Daar waar van Tongeren stil stond bij ‘de wil’ en autonomie, kwam Keizer dichterbij de praktijk en zijn ervaringen. Beiden betraden/betreden een complex ‘speelveld’ van het leven. Waarbij ik mijzelf het meest verbonden voelde met Bert Keizer.
    Zie, eventueel ook: https://www.trouw.nl/samenleving/filosoof-paul-van-tongeren-willen-sterven-is-hoogst-problematisch-~a3297181/

    Like

  10. Trouwe Lezeres

    ‘Bij hem (Van Tongeren) blijft het vermoeden doorwerken dat er iets niet klopt in de wil om te sterven.’
    De mensen die ik ontmoet heb en zeiden dat ze dood wilden, waren mensen die niet langer wilden leven op de manier zoals het leven voor hen op dat moment was of ze wilden niet leven met het vooruitzicht op een door hen ingeschatte (te) moeilijke levenssituatie. Dat betrof dan zowel lichamelijke en/of geestelijke problemen.
    Is het niet willen leven met de huidige (of hoogst waarschijnlijk toekomstige) problematiek hetzelfde als dood willen? Ik zie het dood willen meer als enige mogelijkheid die men ziet om een einde te maken aan een situatie waarin men niet (meer) wil verkeren of waar men niet in terecht wil komen.
    Wat betekent willen (nog) in zo’n situatie?
    Mocht je in een situatie van verschrikkelijk lijden terecht komen in onze maatschappij, wat heb je dan nog te willen? Het zijn veelal omstanders, familieleden of (para)medici die een beslissing nemen voor jou om wel of niet in zo’n situatie te blijven. Er wordt dan ‘naar beste (ge)weten’ gehándeld.

    Like

  11. Valere De Brabandere

    …. Niets anders willen dan “dood zijn” … Is er dan naast ons leven en de dood niets anders , dat “meer is “?

    Like

Reacties welkom. Er kan gemodereerd worden.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.