Zin. Zoeken. Vinden. De weg.

Boekrecensie: Geestkracht – Frans Croonen. Geestkracht is een inzichtelijke en aantrekkelijk geschreven geschiedenis van zingeving en spiritualiteit in de afgelopen decennia in Nederland. Maar dat niet alleen. Het gaat diep in op zin zoeken en de weg vinden. In vier hoofdstukken onderzoekt cultuurfilosoof en geestelijk begeleider Croonen zingeving en spiritualiteit: Zin. Zoeken. Vinden. De weg.

De filosoof ziet in ons spirituele landschap een ‘boeiend transitieproces dat zich nog volop aan het voltrekken is’. Daarnaast vertelt hij inspirerend over hoe hij gestalte geeft aan zijn werk als geestelijk begeleider. Een boeiende reisgids die veel wegen bewandeld, met als toegift zeven wegwijzers voor op je eigen levensweg.

Betekenis en bestemming
De auteur beschrijft zingeving als ‘zoeken naar betekenis en bestemming’. Het is vooral een proces van bewustwording. Inmiddels een belangrijk thema binnen de positieve psychologie en op het werk. Maar eveneens binnen de marketing, waar een managementgoeroe leiders en bestuurders oproept zingeving en betekenis centraal te stellen en groei en winst secundair. De nadruk in onze maatschappij op perfectie is al te groot. Het leven moet steeds maar ‘mooier, sneller en beter’ gaan. Met de ‘mindere en moeilijke kanten van ons bestaan’ kunnen veel mensen echter slecht omgaan.

Idealen, visioenen en dromen
IGeestkracht vertelt Croonen dat de grote, richtinggevende verhalen niet meer voldoen. Het zijn allemaal kleine verhalen geworden die voor ieder individu een eigen waarheid bevat en ‘iedere waarheid is evenveel waard als de andere’. In de menselijke geschiedenis is een einde gekomen aan de ideologische vooruitgang. Oude levensbeschouwelijke beschouwingen en idealen vervagen. De meritocratie komt opzetten: de mens wordt nog slechts gewaardeerd om zijn prestaties.

In dit boek zoekt hij – en vindt – interessante antwoorden op de vraag hoe zingeving en spiritualiteit kunnen bijdragen aan een nieuw leven inblazen van geestkracht. Idealen zijn ervoor nodig, visioenen en dromen. Die kunnen immers leiden tot een nieuw groot verhaal dat mensen met elkaar verbindt en richting geeft aan de toekomst.

Het nieuwe geloven
H
et gat dat de ontkerstening heeft geslagen is niet gedicht, zegt de auteur. We willen weer zin zoeken, zowel in ‘het kleine en alledaagse’ als naar ‘wat ons ten diepste beweegt of draagt’. Er ontstaat een zoektocht in alle richtingen naar ‘het nieuwe geloven’. Van alles wordt hierbij gehaald: astrologie, boeddhisme, sjamanisme en esoterie; dromen, edelstenen en energie op bijzondere plekken. De zoektocht wordt ook door de commercie omarmd die dat vormgeven door een scala aan business- en vele andere coaches. Nieuwe, seculiere, rituelen ontstaan, zoals stille tochten en het klappen voor passerende rouwauto’s. Het zoeken naar het ‘zelf’ staat centraal, maar vergeten we intussen niet het gemeenschappelijke hoger doel?

Bronnen van geestkracht
W
e hebben spiritualiteit nodig, ‘het zusje van zingeving’. ‘Spiritus’ betekent ‘geest’ of ‘ziel’, de kern van wie je bent. Spiritualiteit helpt je diepste kern ontdekken en verkennen. Het brengt beweging, daagt uit en werkt verbindend. Traditionele vormen van spiritualiteit veranderen, worden anders-religieus, of seculier. Progressieve katholieken beginnen de Acht Mei Beweging, gelovigen worden meervoudig religieus, er ontstaat een lappendeken aan christelijke spiritualiteiten. Seculiere bronnen van geestkracht worden actief. Stadskloosters ontstaan, in meer of mindere mate christelijk of kerkelijk. Kerkelijke en niet-kerkelijke zinzoekers kan je overal vinden. Op zoek naar rust en stilte, naar structuur en balans vanwege de drukte in het leven, naar betekenisvolle inhoud.

Sacrale ruimten
S
ommigen worden ‘heel seculier’ en zoeken andere woorden voor God, genade en voorzienigheid. Toch doet de ‘ogenschijnlijke ongodsdienstigheid niets af aan de zingevingsvragen en het religieus verlangen waar een steeds grotere groep mensen mee rondloopt’. Daar zijn ook letterlijk ruimten voor nodig. Plaatsen voor verbinding en verdieping. Voor bezielende bijeenkomsten. Die plekken worden ‘genereuze ruimten’ genoemd: een ruimte die mensen stil laat staan, maar ook in beweging brengt.

Tweeduizend jaar christendom
D
e auteur deelt zijn eigen levenslijn en al gauw wordt duidelijk dat zijn vindplaats van geestkracht het ‘Rijke Roomsche Leven’ blijkt te zijn. Het is het vertrekpunt van zijn spirituele ontwikkeling dat er uiteindelijk toe leidt dat hij van zingeving zijn werk maakt. De joods-christelijke traditie is de bedding waarin hij staat en rijk genoeg als referentiekader voor zijn innerlijke ontwikkeling.

Hoe ook wij dit kunnen ‘herwaarderen en op een positieve manier kunnen inzetten in onze zoektocht naar geestkracht’ en dus ‘niet voorbijgaan aan de expertise, ervaring en infrastructuur die we in tweeduizend jaar christendom wereldwijd voor elkaar gebracht hebben’, laat Croonen ook zien. De traditie reikt hem iets aan dat onmiddellijk bruikbaar is en dat laat hij vooral in het hoofdstuk Vinden zien. Hierin staat zijn eigen werk als geestelijk begeleider en hoe hij dat praktisch vormgeeft centraal.

Als het leven een reis is
Ga op reis! Geestkracht is ook een aantrekkelijke reisgids voor op je levensweg. Als goede raad geeft de auteur als toegift zeven ‘wegwijzers’ mee om op weg te gaan. Op ‘je levensweg als een voortdurend op weg zijn’. Je kunt ermee op reis gaan, zonder doel, bestemming of finish. Je gaat gewoon op weg. Want, zo zegt de auteur, ‘als het leven een reis is, is het zonde om thuis te blijven of langs de weg te gaan zitten’.

Geestkracht – Zingeving en spiritualiteit in het Nederland van nu | Frans Croonen | Uitgeverij Zilt | Paperback |  9789493198142 | Druk: 1 | oktober 2021 | 192 pagina’s | € 20,99 | E-book € 12,50

Update 09022024

Wonderlijke verhalen van een mysticus

Boekrecensie Merakels – Droomconsulent en hypnotherapeut Jacques Caron heeft een goede, misschien wel een bevoorrechte basis voor zijn merakelse ervaringen. Opgegroeid in een christelijk gezin met Bijbelse verhalen voelde hij op zijn veertiende al een ‘persoonlijke relatie met het goddelijke’. Wonderlijk snel deed hij inzichten en ervaringen op die hoger en dieper gingen dan religie hem leerde. Later ontmoette hij in de vader van zijn Indische vriendin zijn eerste leermeester op het spirituele vlak. Urenlange gesprekken volgden, over filosofie, religie, mystiek, geesten, en veel meer.

‘Dark night of the soul’
Uiteindelijk bracht een vastenweek in een grot hem inzichten die fundamenteel waren voor een nieuwe koers in zijn leven. Hij ervaarde onder meer de ‘dark night of the soul’, een spirituele crisis in de reis naar de vereniging met het goddelijke, en ontwikkelde een relatie met het onbewuste. Dat hij ook zijn licht opstak bij ‘leermeester’ Carl Jung wordt duidelijk als je zijn boek leest.  

Synchroniciteit
I
s het synchroniciteit of niet? Op de ochtend waarop ik het boek Merakels van Jacques Caron opensla, vind ik een grote witte veer. In zijn boek wordt een veer omschreven als ‘een geschenk uit de hemel’, symbolen van hogere gedachten en spirituele groei. Veren op je pad, zegt Caron, betekent dat je op een hoger spiritueel pad bent beland, of dat er een beschermengel bij je is.

Een duale octahedron
C
aron schrijft overvloedig over wonderlijke ‘incubatie’-dromen, die hij zelf ‘aanvraagt’ voor het slapengaan. Tijdens afdalingen in meditaties krijgt hij vreemde beelden en ingevingen, visioenen, fantasieën en trances als poorten naar het onbewuste. Het zijn soms onvoorstelbare dromen, zeker wanneer hij beelden ziet van een ‘lingam in een yoni’ (vereniging van mannelijke en vrouwelijke energie) of van een ‘duale octahedron’ (de vereniging van hemel en aarde). De auteur put uit uiteenlopende bronnen, van het hindoeïsme tot Carl Jung (synchroniciteit, unio mystica, individuatie), van Joseph Campbell tot de Ziggurat (de bovenpersoonlijke reis) en van zielsgesprekken tot beschermengeltjes.

Je droomt wie je bent
D
ie vele bronnen staan ongetwijfeld aan de basis van zijn bijzondere dromen, ingevingen en visioenen. Iemand die zich daar niet of nauwelijks mee bezighoudt, zal dit soort ervaringen waarschijnlijk zelden (bewust) opdoen, want kort door de bocht gezegd, je droomt wie je bent. Zijn vele ervaringen bieden Caron in ieder geval ‘zin in ons schijnbaar zinloze leven’. Hij noemt ze in Merakels ‘een inkijkje in het leven vanuit een ruimer bewustzijn’, en zegt te leven ‘in verbondenheid met het mysterie’.

‘Mystic call’
W
at kan Merakels de ‘gewone man of vrouw’ bieden? Lang niet iedereen verkeert regelmatig in bewustzijnstoestanden als die van Caron. De een wordt geboren met een ruimer bewustzijn, de ander ontwikkelt dat of overkomt het spontaan. ‘Wonderlijke zaken gebeuren iedereen, maar niet iedereen herkent ze’, schrijft hij in de inleiding. ‘Lastig alleen dat ze vaak symbolisch zijn en vertaling nodig hebben.’ Om Carons merakels ook te ervaren moet je toch wel een behoorlijk gevulde spirituele rugzak hebben. Hoe hoor je anders zo luid de ‘mystic call’ die de mysticus in je wakker roept?


Symboliek
T
och kan je spiritueel groeien, dat maakt dit boek wel duidelijk, maar dan dien je vooral bewust met je leven om te gaan. Caron beschrijft in de inleiding over een vriendin die zwaarmoedig in het bos loopt. Ze vindt een leeggelopen, hartvormige ballon aan een touwtje. Ze gaat er niet aan voorbij en beseft de symboliek: ‘ik sleep mijn leeggelopen hart achter me aan’. Volgens Caron onderstreept dit haar situatie en ziet zij plotseling helder in hoe die is, om vervolgens een heldere keuze te kunnen maken.

Lantaarns die je bijlichten
H
et boek blijft merakels, want sommige verhalen lijken wel van heel ver weg of erg diep uit het onbewuste te komen. Het zijn dan ook verhalen van een mysticus. Ze bevestigen wel de gedachte dat er meer is tussen hemel en aarde en dat we daar soms – de een meer dan de ander – een glimp van mogen ontvangen in onze dromen. ‘Om je eigen schatten te ontdekken. Ze zijn er daar voor jou. Ze liggen op je te wachten.’ Als ‘lantaarns die je bijlichten op je pad’. Je moet er wel voor openstaan, het toeval toelaten, niet aan je ingevingen, dromen of visioenen voorbijgaan, ze binnenlaten komen. Ook als je niet droomt, maar ‘gewoon’ in het bos wandelt.

Merakels – wonderlijke verhalen | Jacques Caron | Uitgeverij Van Warven | Verschenen op 6 mei 2020 | 203 blz. | € 16,95

Beeld: Lingam in een yoni –‘De Yoni wordt meestal symbolisch weergegeven in de vorm van een horizontaal geplaatste vierkante, ellips of ronde basis met een rand en een opening in het midden. Meestal zie je een cilindrische Lingam (de mannelijke tegenhanger van de Yoni) in het midden rechtop staan. Men kan Yoni-iconen tegenkomen in de Vedische literatuur, in veel Indiase kunstvormen, heiligdommen en in hindoetempels.’ (traditionalbodywork.com)

(Eerder gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)

Parels van de westerse esoterie

WesterseEsoterie2

Vier cursusavonden vanaf woensdag 16 september 2020 over De verlossing van Faust; over De Grote Ingewijden; over Het Oude Egypte, bakermat van het Jonge Christendom, en over het Evangelie van Thomas, brontekst van de gnosis. Tjeu van den Berk, Bram Moerland, Jacob Slavenburg en Hein van Dongen. Vier grote kenners van de westerse esoterie in één cursus bij de Academie voor Geesteswetenschappen in Utrecht. 

De verlossing van Faust
Volgens musicus en filosoof Hein van Dongen houdt, net als andere grote literaire werken, het drama Faust ons een spiegel voor – maar ook een weg naar bevrijding uit onze situatie. Over het belang van de archetypische figuur Faust schreef Jung ooit: ‘Niet Goethe schiep Faust, maar Faust schiep Goethe’. En misschien moeten we nog verder gaan: de chronisch onvoldane heer Faust schiep ook de moderne westerse mens.

De volksverhalen van de alchemist Faust, die zijn ziel aan de Duivel verkoopt, zijn waarschijnlijk in de late middeleeuwen ontstaan. Goethe (1749-1832) verwerkte deze verhalen tot een klassiek drama. Hij heeft het grootste deel van zijn leven, met al zijn inzichten in de menselijke psyche, aan het boek gewerkt. 

De Grote Ingewijden
Cultuurhistoricus Jacob Slavenburg legt het accent van het tweede college op de evolutie van de mensheid, waarbij inwijdingen altijd een belangrijke rol hebben gespeeld: er loopt een gouden draad door de mensheidsgeschiedenis van inwijdingen. Vroeger gingen deze gepaard met veel (geheime) rituelen. In deze tijd, waarin de mensheid een grote bewustzijnssprong meemaakt heeft de inwijding een heel ander karakter. Wat kan de mens vandaag doen om tot bewustzijn te komen? Is het daarvoor nodig dat je wordt ingewijd?

De titel van het college is ontleend aan een boek van Edouard Schuré, Les grands initiés (De Grote Ingewijden) uit 1889. Het behelst de biografieën van Hermes, Jezus Christus, Krishna, Mozes, Orpheus, Pythagoras, Plato en Rama. In zijn boek behandelt Schuré onder meer onderwerpen als de mysterieuze dageraad van het prehistorische Europa.

Het Oude Egypte, bakermat van het Jonge Christendom
In dit college gaat theoloog Tjeu van den Berk terug naar de bronnen van de Nijl. De mythe van Christus blijkt een geschenk van de Nijl. Niet in het orthodoxe Jeruzalem, het klassieke Athene of het wettische Rome maar in de smeltkroes van het hermetische Alexandrië ontstonden de grote mythen van het jonge christendom. Daar ontleenden een groep niet-orthodoxe joden, zij het meestal onbewust, hun identiteit aan een drie duizend jaar oude Egyptische religie.

Hebben we ons niet eens afgevraagd waar die typisch onjoodse thema’s vandaan komen in het christendom: een drie-ene godheid, een vader die een zoon voortbrengt, een kind dat uit een maagd geboren wordt, een god die mens is, sterft, afdaalt in de onderwereld en na drie dagen verrijst? Al deze archetypische symbolen kwamen niet uit het beeldloze Judea maar uit het beeldrijke Oude Egypte. De evangelist zei het al: ‘Uit Egypte heb ik mijn Zoon geroepen.’

Evangelie van Thomas, brontekst van de gnosis
Filosoof Bram Moerland verzorgt het vierde college. Hij zegt dat het een opzienbarende vondst in 1945 was, die van een kruik vol gnostische teksten uit de eerste eeuwen. In één keer bijna vijftig tot dan onbekende manuscripten. We kennen ze nu als de Nag Hammadi-geschriften. En daaronder trok één tekst meteen de meeste aandacht, het Evangelie van Thomas. Vrijwel meteen ontstond daarover een felle strijd. Werd Thomas geschreven lang na de teksten uit het Nieuwe Testament, als een soort vervalsing? Of is het omgekeerd, en dateert Thomas van vóór de teksten in het Nieuwe Testament? Bevat Thomas misschien zelfs het oorspronkelijke boodschap van Jezus en is het Nieuwe Testament een latere verbastering daarvan?

Dat is de arena waarbinnen zich de strijd om de datering van het Thomas evangelie afspeelt. Het belang van die datering is groot. De rol die in Thomas aan Jezus wordt toegekend is namelijk heel anders dan die van het Nieuwe Testament. In Thomas wordt niet gesproken over de kruisdood van Jezus, terwijl de kruisdood van Jezus in het traditionele kerkelijke christendom de hoofdrol speelt. Het is onmiskenbaar duidelijk dat in Thomas een geheel andere visie op de betekenis van Jezus tevoorschijn komt. Wat is die andere visie op Jezus van het Thomas evangelie?

Informatie en inschrijven: Parels van westerse esoterie (16, 23, 30 september, 7 oktober 2020) 

Beeld:
Met de klok mee: Tjeu van den Berk, Bram Moerland, Jacob Slavenburg, Hein van Dongen (Compositie: PD, foto’s: AVG)

UPDATE: 08092020