Nabij-de-doodervaring ziet voorbij het zichtbare

Theoloog Rinus Van Warven vindt de bijna-doodervaring (BDE) een lastig begrip. De mensen om wie het gaat zijn wel in de buurt van of nabij de dood, maar niet bijna dood. Hij noemt het een verlichtende, eenheids- of mystieke ervaring. Hij spreekt liever van de nabij-de-doodervaring (NDE), maar handhaaft de afkorting BDE omdat deze zo is ingeburgerd. De theoloog vindt dat als je BDE wilt uitleggen, dat dan te doen met de woorden ‘Bewustwording Door Ervaring’.

Pim van Lommel definieert BDE als ‘de (gemelde) herinnering van alle indrukken tijdens een bijzondere bewustzijnstoestand, met enkele specifieke elementen zoals het ervaren van een tunnel, het licht, een levenspanorama, het ontmoeten van overleden personen of het waarnemen van de eigen reanimatie’.

Geen aardgebonden dromen
I
n de zestiger jaren hield psychiater Raymond A. Moody zich al bezig met de grens van leven en dood in zijn grootschalig onderzoek naar BDE en beschreef dit in De tunnel en het licht (1991). Cardioloog Van Lommel schreef Eindeloos bewustzijn (2007 / 2017) en neurochirurg Eben Alexander Na dit leven (2012). Alexander zegt nu dat wat er met hem gebeurde niets weg had van de duistere verwarring van onze aardgebonden dromen.

Ervaringen van alle tijden
Van Lommel stelt dat vormen van BDE ‘niets nieuws onder de zon’ zijn. Ervaringen blijken van alle tijden en in alle culturen voor te komen. Wat opvalt is dat ze veel op elkaar lijken. Zo verhaalt Van Lommel over ervaringen in het hindoeïsme, boeddhisme, jodendom, christendom en de islam. Maar ook uit het oude Egypte, Griekenland en het Romeinse Rijk.

De BDE wordt door van Lommel ook gekoppeld aan het al eeuwenoude idee dat de ziel na de dood blijft voortbestaan, en dat de ziel onafhankelijk van ons lichaam kan worden ervaren. Plato en andere Griekse wijsgeren hadden al gedachten over een onstoffelijke en onsterfelijke ziel. Op grond hiervan lijkt het me niet zo gek als je buiten bewustzijn toch iets kan ervaren, waarschijnlijk door toedoen van de ziel: de atma, de bron van bewustzijn, het waarnemende ‘ik’.

Ingrijpend
H
et effect op mensen na een BDE wordt vaak beschreven als ingrijpend. Begrijpelijk als je buiten bewustzijn – maar eigenlijk op een andere manier bewust – jezelf bevindt richting hemel of in een andere gelukzalige toestand verkeert, waaruit je niet eens meer terug wilt. Dit vertelde Van Warven over zijn eigen ervaring ook: hij moest toch terug, werd teruggestuurd. Hij had blijkbaar nog wat te doen: genoeg mensen om te onderwijzen, om deelgenoot te maken van zijn ervaringen, maar ook om mensen te helpen na hun nabij-de-doodervaringen.
Het is dan ook pijnlijk als je na een BDE krijgt te horen dat het slechts een hallucinatie is, dat je je aan interessant-doenerij schuldig maakt of dat je BDE gewoon het gevolg is van zuurstoftekort, zoals Van Warven zegt, terwijl Van Lommel juist beschrijft dat de bijna-dood ervaring een authentieke ervaring is, niet te herleiden tot fantasie, psychose of zuurstoftekort.

Wetenschap
D
e BDE staat haaks op de wetenschappelijke manier van denken. Van Lommel zegt – in het boek van Alexander – dat volgens de huidige inzichten in de westerse wetenschap het onmogelijk is om een goede verklaring te vinden voor het optreden van een BDE, zolang men van mening is dat bewustzijn slechts een bijeffect is van functionerende hersenen. Bewustzijn zou dan ook verdwenen moeten zijn bij het uitvallen van de hersenen. Maar de BDE weerspreekt dat. Er moet dus iets anders aan de hand zijn.

Bewustzijn kan blijkbaar soms toch los van het lichaam worden ervaren. Volgens Van Lommel is het zelfs op wetenschappelijke gronden aannemelijk te maken dat bewustzijn zowel non-lokaal als bovendien overal aanwezig is. Alexander is door zijn ervaring ervan overtuigd geraakt dat bewustzijn na de dood van hersenen en lichaam doorgaat, dat de menselijke ervaring dus niet ophoudt. Het zijn niet de hersenen die bewustzijn creëren (al formuleert hij dat als hypothetisch en voorlopig.) Mensen die een BDE hebben gehad, beseffen volgens Van Lommel vaak dat de dood niet het einde is.



(Tekening: Jeroen Henneman)

Religieuze component
W
at mij aantrekt bij verhalen over BDE is de religieuze component. Mensen betrekken het geloof erbij of de gedachte dat er meer is dan dit leven. Blijkbaar is de dood een overgang naar iets anders; het leven gaat dóór. Zeker als mensen zoiets ervaren als ontmoetingen met overleden familieleden of zelfs met het Hogere. Dan kom je inderdaad al gauw bij God terecht, of bij het ‘Al’ zoals Alexander het formuleert. ‘Al’ staat dan voor God, Allah, Jehovah, Brahman, Vishnu, Schepper of Bron.

Van Lommel zegt het woord ‘God’ in zijn boek bewust niet te hebben gebruikt, omdat iedereen er in onze cultuur z’n eigen concept erbij heeft. Volgens Van Warven is de BDE-er religieuzer na zijn ervaring dan daarvoor. Vooral Alexander laat dit zien in zijn boek. Hij is er zelfs van overtuigd dat de menselijke ervaring doorgaat, zelfs onder het toeziend oog van een God die voor ons zorgt en van een ieder van ons houdt, evenals van de plek waar het universum zelf en alle wezens die zich daarin bevinden uiteindelijk naartoe gaan.

Ook op anders-levensbeschouwelijk denken kunnen de (wetenschappelijke) onderzoeken naar BDE en bewustzijn een grote impact hebben. Het is immers bijzonder dat veel BDE-ers na hun ervaringen het gevoel hebben – of zelfs de zekerheid – dat iedereen en alles met elkaar verbonden is, dat elke gedachte invloed heeft op zichzelf en de ander, en dat ons bewustzijn na de lichamelijke dood blijft bestaan. Van Lommel stelt dat het besef dat alles non-lokaal verbonden is niet alleen wetenschappelijke theorieën verandert, maar ook ons mens- en wereldbeeld.

Er zijn veel mensen die deze ervaring hebben gehad en daarna religieuzer zijn geworden. Het feit dat Van Lommel zijn onderzoek naar bijna-doodervaringen in het gerenommeerde medische tijdschrift The Lancet (2001) kon publiceren, was van groot belang. Nieuwe inzichten over ons bewustzijn hebben nogal wat gevolgen voor onze manier van denken over dit leven nu en na dit leven. Veel mensen zullen anders om kunnen gaan met hun doodsangsten als zij beseffen dat de dood niet het einde is, maar wellicht zelfs een nieuw begin; dat het leven toch door blijkt te gaan na de dood.

Kritiek
D
e BDE is natuurlijk ook onderhevig aan kritiek. In 2013 kwam er bijvoorbeeld een kritische wetenschappelijke verklaring voor de bijna-doodervaringen. Volgens een team Amerikaanse artsen is er weinig bovennatuurlijks aan bijna-doodervaringen, schrijven zij in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS: Surge of neurophysiological coherence and connectivity in the dying brain (2013).
Er zou enkel sprake zijn van een hoge elektrische activiteit in de hersenen na de klinische dood. Althans, bij ratten. ‘De onderzoekers constateren hersenactiviteit die sterker is dan bij levende ratten. Ook zijn er signalen dat de visuele cortex grote activiteit vertoont net na de dood. Dit zou het grote witte licht kunnen verklaren dat mensen met een BDE vaak zien.’ Dit lijkt dan een puur lichamelijke reactie.

Maar mensen met een BDE rapporteren meer dan alleen wit licht. In het artikel wordt als kritiek op de Amerikaanse artsen door de Radboud Universiteit wel de vraag gesteld in hoeverre dit ‘andere’ bewustzijn vergelijkbaar is met het bewustzijn zoals wij dat kennen. Vooralsnog lijkt dat niet duidelijk. Niet te onderzoeken is natuurlijk wat die ratten ervaarden, ook al werd er melding gemaakt van een sterk gesynchroniseerde hersenactiviteit met functies die verband hielden met een sterk opgewonden brein. Niet te testen of zij een rattenhemel zien.

Het is te verwachten dat de wetenschap vraagtekens zet. In het boek Na dit leven wordt over onvoorstelbare en wonderlijke zaken geschreven, soms bijna grotesk. De ervaringen van Alexander gingen nog verder, hij zag niet alleen maar ‘groot wit licht’. Hij zag een oogverblindend landschap; mensen in een dorp; engelachtige wezens; een metgezellin die met hem mee vloog boven dat landschap; duizelingwekkende muziek; een hemellichaamachtige lichtbal.


45 jaar studie naar nabij-de-doodervaringen

Zien voorbij het zichtbare
H
et is bijzonder dat mensen met BDE-ervaringen onthouden wat ze hebben ervaren. Het lijkt erop dat dat ‘andere’ bewustzijn zelfs een ‘eigen’ geheugenfunctie heeft, dat mensen die een BDE-ervaring hebben gehad weer kunnen oproepen, als ze weer ‘op aarde zijn geland’. Het menselijk brein zou dan zelf niet eens een geheugenfunctie nodig hebben – ook niet in het gewone dagelijkse leven – omdat het immers alles uit het bewustzijn kan halen, dat non-lokaal èn overal aanwezig is, zoals verondersteld wordt. Nieuwe onderzoeken zullen dat misschien ooit uitwijzen.

Als er meer (wetenschappelijke) inzichten over bewustzijn en BDE worden gevonden, en door onderzoeken als die van Van Lommel bekrachtigd, dan zal dat beslist invloed hebben op onze inzichten van ons aardse leven, op ons denken en geloven. Zeker als die onderzoeken en ervaringen bevestigen van mensen als Raymond A. Moody, Pim van Lommel en Eben Alexander.

De BDE zal veel impact hebben over onze manier van denken, over onder andere het omgaan met de aarde, met elkaar en met name met religieuze mensen die al langer diep vanbinnen ‘weten’ dat er meer is tussen hemel en aarde. Mooi zal het zijn als de wetenschap over de BDE voortschrijdende inzichten krijgt. Het zal religieus en seculier denken wellicht kunnen overstijgen. Voor de wetenschap zou er wel eens een hele nieuwe wereld open kunnen gaan. Zien voorbij het zichtbare.

Bronnen:
* Na dit leven, Eben Alexander, 2013, Bruna
* Hand-out over NDE, Rinus van Warven, Intern document van de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht
* Eindeloos bewustzijn, Pim van Lommel, 14e druk, uitgeverij Ten Have, 2009
* Welingelichte kringen: Toch wetenschappelijke verklaring voor bijna-doodervaring (bronnen: de Volkskrant en Universiteit van Michigan)
* PNAS: Surge of neurophysiological coherence and connectivity in the dying brain
* The Lancet
: Near-death experience in survivors of cardiac arrest: a prospective study in the Netherlands
* YouTube: Hoe verandert je leven na een bijna-doodervaring (Jacobine, NCRV-KRO, Rinus van Warven, Lucia Prinsen, Pim van Lommel, 2018)

Tip! Gerelateerd: Boekrecensie Het geheim van Elysion – 45 jaar studie naar nabij-de-doodervaringen (NDE), over ‘bewustzijn in liefde zonder waarheen’.

Beeld: Knack (B)

Zin. Zoeken. Vinden. De weg.

Boekrecensie: Geestkracht – Frans Croonen. Geestkracht is een inzichtelijke en aantrekkelijk geschreven geschiedenis van zingeving en spiritualiteit in de afgelopen decennia in Nederland. Maar dat niet alleen. Het gaat diep in op zin zoeken en de weg vinden. In vier hoofdstukken onderzoekt cultuurfilosoof en geestelijk begeleider Croonen zingeving en spiritualiteit: Zin. Zoeken. Vinden. De weg.

De filosoof ziet in ons spirituele landschap een ‘boeiend transitieproces dat zich nog volop aan het voltrekken is’. Daarnaast vertelt hij inspirerend over hoe hij gestalte geeft aan zijn werk als geestelijk begeleider. Een boeiende reisgids die veel wegen bewandeld, met als toegift zeven wegwijzers voor op je eigen levensweg.

Betekenis en bestemming
De auteur beschrijft zingeving als ‘zoeken naar betekenis en bestemming’. Het is vooral een proces van bewustwording. Inmiddels een belangrijk thema binnen de positieve psychologie en op het werk. Maar eveneens binnen de marketing, waar een managementgoeroe leiders en bestuurders oproept zingeving en betekenis centraal te stellen en groei en winst secundair. De nadruk in onze maatschappij op perfectie is al te groot. Het leven moet steeds maar ‘mooier, sneller en beter’ gaan. Met de ‘mindere en moeilijke kanten van ons bestaan’ kunnen veel mensen echter slecht omgaan.

Idealen, visioenen en dromen
IGeestkracht vertelt Croonen dat de grote, richtinggevende verhalen niet meer voldoen. Het zijn allemaal kleine verhalen geworden die voor ieder individu een eigen waarheid bevat en ‘iedere waarheid is evenveel waard als de andere’. In de menselijke geschiedenis is een einde gekomen aan de ideologische vooruitgang. Oude levensbeschouwelijke beschouwingen en idealen vervagen. De meritocratie komt opzetten: de mens wordt nog slechts gewaardeerd om zijn prestaties.

In dit boek zoekt hij – en vindt – interessante antwoorden op de vraag hoe zingeving en spiritualiteit kunnen bijdragen aan een nieuw leven inblazen van geestkracht. Idealen zijn ervoor nodig, visioenen en dromen. Die kunnen immers leiden tot een nieuw groot verhaal dat mensen met elkaar verbindt en richting geeft aan de toekomst.

Het nieuwe geloven
H
et gat dat de ontkerstening heeft geslagen is niet gedicht, zegt de auteur. We willen weer zin zoeken, zowel in ‘het kleine en alledaagse’ als naar ‘wat ons ten diepste beweegt of draagt’. Er ontstaat een zoektocht in alle richtingen naar ‘het nieuwe geloven’. Van alles wordt hierbij gehaald: astrologie, boeddhisme, sjamanisme en esoterie; dromen, edelstenen en energie op bijzondere plekken. De zoektocht wordt ook door de commercie omarmd die dat vormgeven door een scala aan business- en vele andere coaches. Nieuwe, seculiere, rituelen ontstaan, zoals stille tochten en het klappen voor passerende rouwauto’s. Het zoeken naar het ‘zelf’ staat centraal, maar vergeten we intussen niet het gemeenschappelijke hoger doel?

Bronnen van geestkracht
W
e hebben spiritualiteit nodig, ‘het zusje van zingeving’. ‘Spiritus’ betekent ‘geest’ of ‘ziel’, de kern van wie je bent. Spiritualiteit helpt je diepste kern ontdekken en verkennen. Het brengt beweging, daagt uit en werkt verbindend. Traditionele vormen van spiritualiteit veranderen, worden anders-religieus, of seculier. Progressieve katholieken beginnen de Acht Mei Beweging, gelovigen worden meervoudig religieus, er ontstaat een lappendeken aan christelijke spiritualiteiten. Seculiere bronnen van geestkracht worden actief. Stadskloosters ontstaan, in meer of mindere mate christelijk of kerkelijk. Kerkelijke en niet-kerkelijke zinzoekers kan je overal vinden. Op zoek naar rust en stilte, naar structuur en balans vanwege de drukte in het leven, naar betekenisvolle inhoud.

Sacrale ruimten
S
ommigen worden ‘heel seculier’ en zoeken andere woorden voor God, genade en voorzienigheid. Toch doet de ‘ogenschijnlijke ongodsdienstigheid niets af aan de zingevingsvragen en het religieus verlangen waar een steeds grotere groep mensen mee rondloopt’. Daar zijn ook letterlijk ruimten voor nodig. Plaatsen voor verbinding en verdieping. Voor bezielende bijeenkomsten. Die plekken worden ‘genereuze ruimten’ genoemd: een ruimte die mensen stil laat staan, maar ook in beweging brengt.

Tweeduizend jaar christendom
D
e auteur deelt zijn eigen levenslijn en al gauw wordt duidelijk dat zijn vindplaats van geestkracht het ‘Rijke Roomsche Leven’ blijkt te zijn. Het is het vertrekpunt van zijn spirituele ontwikkeling dat er uiteindelijk toe leidt dat hij van zingeving zijn werk maakt. De joods-christelijke traditie is de bedding waarin hij staat en rijk genoeg als referentiekader voor zijn innerlijke ontwikkeling.

Hoe ook wij dit kunnen ‘herwaarderen en op een positieve manier kunnen inzetten in onze zoektocht naar geestkracht’ en dus ‘niet voorbijgaan aan de expertise, ervaring en infrastructuur die we in tweeduizend jaar christendom wereldwijd voor elkaar gebracht hebben’, laat Croonen ook zien. De traditie reikt hem iets aan dat onmiddellijk bruikbaar is en dat laat hij vooral in het hoofdstuk Vinden zien. Hierin staat zijn eigen werk als geestelijk begeleider en hoe hij dat praktisch vormgeeft centraal.

Als het leven een reis is
Ga op reis! Geestkracht is ook een aantrekkelijke reisgids voor op je levensweg. Als goede raad geeft de auteur als toegift zeven ‘wegwijzers’ mee om op weg te gaan. Op ‘je levensweg als een voortdurend op weg zijn’. Je kunt ermee op reis gaan, zonder doel, bestemming of finish. Je gaat gewoon op weg. Want, zo zegt de auteur, ‘als het leven een reis is, is het zonde om thuis te blijven of langs de weg te gaan zitten’.

Geestkracht – Zingeving en spiritualiteit in het Nederland van nu | Frans Croonen | Uitgeverij Zilt | Paperback |  9789493198142 | Druk: 1 | oktober 2021 | 192 pagina’s | € 20,99 | E-book € 12,50

(Eerder gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)

Wonderlijke verhalen van een mysticus

Boekrecensie Merakels – Droomconsulent en hypnotherapeut Jacques Caron heeft een goede, misschien wel een bevoorrechte basis voor zijn merakelse ervaringen. Opgegroeid in een christelijk gezin met Bijbelse verhalen voelde hij op zijn veertiende al een ‘persoonlijke relatie met het goddelijke’. Wonderlijk snel deed hij inzichten en ervaringen op die hoger en dieper gingen dan religie hem leerde. Later ontmoette hij in de vader van zijn Indische vriendin zijn eerste leermeester op het spirituele vlak. Urenlange gesprekken volgden, over filosofie, religie, mystiek, geesten, en veel meer.

‘Dark night of the soul’
Uiteindelijk bracht een vastenweek in een grot hem inzichten die fundamenteel waren voor een nieuwe koers in zijn leven. Hij ervaarde onder meer de ‘dark night of the soul’, een spirituele crisis in de reis naar de vereniging met het goddelijke, en ontwikkelde een relatie met het onbewuste. Dat hij ook zijn licht opstak bij ‘leermeester’ Carl Jung wordt duidelijk als je zijn boek leest.  

Synchroniciteit
I
s het synchroniciteit of niet? Op de ochtend waarop ik het boek Merakels van Jacques Caron opensla, vind ik een grote witte veer. In zijn boek wordt een veer omschreven als ‘een geschenk uit de hemel’, symbolen van hogere gedachten en spirituele groei. Veren op je pad, zegt Caron, betekent dat je op een hoger spiritueel pad bent beland, of dat er een beschermengel bij je is.

Een duale octahedron
C
aron schrijft overvloedig over wonderlijke ‘incubatie’-dromen, die hij zelf ‘aanvraagt’ voor het slapengaan. Tijdens afdalingen in meditaties krijgt hij vreemde beelden en ingevingen, visioenen, fantasieën en trances als poorten naar het onbewuste. Het zijn soms onvoorstelbare dromen, zeker wanneer hij beelden ziet van een ‘lingam in een yoni’ (vereniging van mannelijke en vrouwelijke energie) of van een ‘duale octahedron’ (de vereniging van hemel en aarde). De auteur put uit uiteenlopende bronnen, van het hindoeïsme tot Carl Jung (synchroniciteit, unio mystica, individuatie), van Joseph Campbell tot de Ziggurat (de bovenpersoonlijke reis) en van zielsgesprekken tot beschermengeltjes.

Je droomt wie je bent
D
ie vele bronnen staan ongetwijfeld aan de basis van zijn bijzondere dromen, ingevingen en visioenen. Iemand die zich daar niet of nauwelijks mee bezighoudt, zal dit soort ervaringen waarschijnlijk zelden (bewust) opdoen, want kort door de bocht gezegd, je droomt wie je bent. Zijn vele ervaringen bieden Caron in ieder geval ‘zin in ons schijnbaar zinloze leven’. Hij noemt ze in Merakels ‘een inkijkje in het leven vanuit een ruimer bewustzijn’, en zegt te leven ‘in verbondenheid met het mysterie’.

‘Mystic call’
W
at kan Merakels de ‘gewone man of vrouw’ bieden? Lang niet iedereen verkeert regelmatig in bewustzijnstoestanden als die van Caron. De een wordt geboren met een ruimer bewustzijn, de ander ontwikkelt dat of overkomt het spontaan. ‘Wonderlijke zaken gebeuren iedereen, maar niet iedereen herkent ze’, schrijft hij in de inleiding. ‘Lastig alleen dat ze vaak symbolisch zijn en vertaling nodig hebben.’ Om Carons merakels ook te ervaren moet je toch wel een behoorlijk gevulde spirituele rugzak hebben. Hoe hoor je anders zo luid de ‘mystic call’ die de mysticus in je wakker roept?


Symboliek
T
och kan je spiritueel groeien, dat maakt dit boek wel duidelijk, maar dan dien je vooral bewust met je leven om te gaan. Caron beschrijft in de inleiding over een vriendin die zwaarmoedig in het bos loopt. Ze vindt een leeggelopen, hartvormige ballon aan een touwtje. Ze gaat er niet aan voorbij en beseft de symboliek: ‘ik sleep mijn leeggelopen hart achter me aan’. Volgens Caron onderstreept dit haar situatie en ziet zij plotseling helder in hoe die is, om vervolgens een heldere keuze te kunnen maken.

Lantaarns die je bijlichten
H
et boek blijft merakels, want sommige verhalen lijken wel van heel ver weg of erg diep uit het onbewuste te komen. Het zijn dan ook verhalen van een mysticus. Ze bevestigen wel de gedachte dat er meer is tussen hemel en aarde en dat we daar soms – de een meer dan de ander – een glimp van mogen ontvangen in onze dromen. ‘Om je eigen schatten te ontdekken. Ze zijn er daar voor jou. Ze liggen op je te wachten.’ Als ‘lantaarns die je bijlichten op je pad’. Je moet er wel voor openstaan, het toeval toelaten, niet aan je ingevingen, dromen of visioenen voorbijgaan, ze binnenlaten komen. Ook als je niet droomt, maar ‘gewoon’ in het bos wandelt.

Merakels – wonderlijke verhalen | Jacques Caron | Uitgeverij Van Warven | Verschenen op 6 mei 2020 | 203 blz. | € 16,95

Beeld: Lingam in een yoni –‘De Yoni wordt meestal symbolisch weergegeven in de vorm van een horizontaal geplaatste vierkante, ellips of ronde basis met een rand en een opening in het midden. Meestal zie je een cilindrische Lingam (de mannelijke tegenhanger van de Yoni) in het midden rechtop staan. Men kan Yoni-iconen tegenkomen in de Vedische literatuur, in veel Indiase kunstvormen, heiligdommen en in hindoetempels.’ (traditionalbodywork.com)

(Eerder gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)

Parels van de westerse esoterie

WesterseEsoterie2

Vier cursusavonden vanaf woensdag 16 september 2020 over De verlossing van Faust; over De Grote Ingewijden; over Het Oude Egypte, bakermat van het Jonge Christendom, en over het Evangelie van Thomas, brontekst van de gnosis. Tjeu van den Berk, Bram Moerland, Jacob Slavenburg en Hein van Dongen. Vier grote kenners van de westerse esoterie in één cursus bij de Academie voor Geesteswetenschappen in Utrecht. 

De verlossing van Faust
Volgens musicus en filosoof Hein van Dongen houdt, net als andere grote literaire werken, het drama Faust ons een spiegel voor – maar ook een weg naar bevrijding uit onze situatie. Over het belang van de archetypische figuur Faust schreef Jung ooit: ‘Niet Goethe schiep Faust, maar Faust schiep Goethe’. En misschien moeten we nog verder gaan: de chronisch onvoldane heer Faust schiep ook de moderne westerse mens.

De volksverhalen van de alchemist Faust, die zijn ziel aan de Duivel verkoopt, zijn waarschijnlijk in de late middeleeuwen ontstaan. Goethe (1749-1832) verwerkte deze verhalen tot een klassiek drama. Hij heeft het grootste deel van zijn leven, met al zijn inzichten in de menselijke psyche, aan het boek gewerkt. 

De Grote Ingewijden
Cultuurhistoricus Jacob Slavenburg legt het accent van het tweede college op de evolutie van de mensheid, waarbij inwijdingen altijd een belangrijke rol hebben gespeeld: er loopt een gouden draad door de mensheidsgeschiedenis van inwijdingen. Vroeger gingen deze gepaard met veel (geheime) rituelen. In deze tijd, waarin de mensheid een grote bewustzijnssprong meemaakt heeft de inwijding een heel ander karakter. Wat kan de mens vandaag doen om tot bewustzijn te komen? Is het daarvoor nodig dat je wordt ingewijd?

De titel van het college is ontleend aan een boek van Edouard Schuré, Les grands initiés (De Grote Ingewijden) uit 1889. Het behelst de biografieën van Hermes, Jezus Christus, Krishna, Mozes, Orpheus, Pythagoras, Plato en Rama. In zijn boek behandelt Schuré onder meer onderwerpen als de mysterieuze dageraad van het prehistorische Europa.

Het Oude Egypte, bakermat van het Jonge Christendom
In dit college gaat theoloog Tjeu van den Berk terug naar de bronnen van de Nijl. De mythe van Christus blijkt een geschenk van de Nijl. Niet in het orthodoxe Jeruzalem, het klassieke Athene of het wettische Rome maar in de smeltkroes van het hermetische Alexandrië ontstonden de grote mythen van het jonge christendom. Daar ontleenden een groep niet-orthodoxe joden, zij het meestal onbewust, hun identiteit aan een drie duizend jaar oude Egyptische religie.

Hebben we ons niet eens afgevraagd waar die typisch onjoodse thema’s vandaan komen in het christendom: een drie-ene godheid, een vader die een zoon voortbrengt, een kind dat uit een maagd geboren wordt, een god die mens is, sterft, afdaalt in de onderwereld en na drie dagen verrijst? Al deze archetypische symbolen kwamen niet uit het beeldloze Judea maar uit het beeldrijke Oude Egypte. De evangelist zei het al: ‘Uit Egypte heb ik mijn Zoon geroepen.’

Evangelie van Thomas, brontekst van de gnosis
Filosoof Bram Moerland verzorgt het vierde college. Hij zegt dat het een opzienbarende vondst in 1945 was, die van een kruik vol gnostische teksten uit de eerste eeuwen. In één keer bijna vijftig tot dan onbekende manuscripten. We kennen ze nu als de Nag Hammadi-geschriften. En daaronder trok één tekst meteen de meeste aandacht, het Evangelie van Thomas. Vrijwel meteen ontstond daarover een felle strijd. Werd Thomas geschreven lang na de teksten uit het Nieuwe Testament, als een soort vervalsing? Of is het omgekeerd, en dateert Thomas van vóór de teksten in het Nieuwe Testament? Bevat Thomas misschien zelfs het oorspronkelijke boodschap van Jezus en is het Nieuwe Testament een latere verbastering daarvan?

Dat is de arena waarbinnen zich de strijd om de datering van het Thomas evangelie afspeelt. Het belang van die datering is groot. De rol die in Thomas aan Jezus wordt toegekend is namelijk heel anders dan die van het Nieuwe Testament. In Thomas wordt niet gesproken over de kruisdood van Jezus, terwijl de kruisdood van Jezus in het traditionele kerkelijke christendom de hoofdrol speelt. Het is onmiskenbaar duidelijk dat in Thomas een geheel andere visie op de betekenis van Jezus tevoorschijn komt. Wat is die andere visie op Jezus van het Thomas evangelie?

Informatie en inschrijven: Parels van westerse esoterie (16, 23, 30 september, 7 oktober 2020) 

Beeld:
Met de klok mee: Tjeu van den Berk, Bram Moerland, Jacob Slavenburg, Hein van Dongen (Compositie: PD, foto’s: AVG)

UPDATE: 08092020

Carl Jungs duik in het onbewuste

rodeboek

In Het Rode Boek, ‘de graal van het onbewuste’, wordt de dramatische tocht uitgebeeld van de moderne mens op zoek naar zijn eigen mythe. Oorspronkelijk schreef psychiater Carl Gustav Jung zijn vele ervaringen en gevoelens op in zes ‘zwarte boeken’, zoals hij deze noemde, tijdens een diepe identiteitscrisis. Over – soms verschrikkelijke – visioenen en zijn ‘duik in het onbewuste’ en zijn dwaaltocht door de onderwereld, eindeloos op zoek naar zijn ziel. Een zes jaar durende worsteling, van 1913 tot 1919.

Volgens theoloog Rinus van Warven voerde Jung op 5 januari 1922 een gesprek met zijn ziel over zijn roeping. De dialoog tussen Jung (de ‘ik’) en de Ziel is in deze vorm letterlijk te vinden in de Nederlandse vertaling van het Liber Novus (Het Rode Boek) dat onlangs door Van Warven is uitgegeven. (N.B. Echter zonder de kunstwerken uit het oorspronkelijke boek.)

Zijn ziel drong er hier bij Jung heftig op aan om zijn materiaal te publiceren, waartegen hij zich verzette. En zo duurde het decennialang voor zijn woorden in boekvorm verscheen. Het Liber Novus van Carl Gustav Jung lag tientallen jaren in een bankkluis in Zürich. Toen het in 2009 op de wereldmarkt verscheen werd het meteen ‘de graal van het onbewuste’ genoemd. Het boek werd snel bekend als Het Rode Boek: de kleur van de leren omslag van het oorspronkelijke Liber Novus. Het is het verslag dat Jung van zijn crisis van 1913-1916 maakte. Jung beschrijft hoe hij zich overgeeft aan een diepgaand innerlijk proces, waarbij hij uiteindelijk zijn eigen ziel ‘hervindt’. (Van Warven)

Tijdens een van de colleges van de Capita Selectie-serie ‘Parels van de westerse esoterie’ die ik in mei 2019 bezocht bij de Academie voor Geesteswetenschappen in Utrecht vertelde Jungkenner Tjeu van den Berk met passie over Carl Gustav Jungs (oorspronkelijke)  Rode Boek. Dit lag groots – ook qua afmetingen – opengeslagen onder handbereik van de nieuwsgierige cursisten. Voor de Academie schreef ik hierover een verslag.

Van den Berk nam ons mee naar het leven en werk van Jung (1875 – 1961) en vertelde over zijn jarenlange pogingen, eerst samen met Freud, het onbewuste te ontcijferen. Al van jongs af aan was Jung gefascineerd geweest door de menselijke psyche. Cryptomnesie, het ‘verborgen geheugen’, hield hem erg bezig. Het bevat informatie waarvan de bron niet wordt opgeslagen in ons geheugen. De menselijke geest zou ‘op andere plaatsen’ veel informatie bewaren. ‘We weten het allemaal, diep vanbinnen,’ zei Jung. Daarom was hij zo gefascineerd door het onbewuste. Ons bewuste komt er volgens Jung immers volledig uit voort.’
(AVG)

Prachtige beelden liet Van den Berk zien, met uitgebreid commentaar, van de schilderijen en tekeningen die Jung in zijn Rode Boek maakte. Compleet met gekalligrafeerde teksten waarin Jung over hermetische gnosis schrijft, en er ook teksten toevoegde die verwijzen naar Sumerische, Egyptische, Scandinavische, Griekse, Hindoeïstische en christelijke mythen.

Van den Berk raakte niet uitverteld en deed dat op meeslepende wijze. Hij kreeg dan ook na afloop terecht een luid applaus.
De originele uitgave van Het Rode Boek ligt opgeslagen in een kluis in Zürich. Van den Berk heeft dat tweemaal mogen inzien, vertelde hij trots. September 2019 verschijnt de Nederlandse vertaling – wel zonder alle mooie kunstwerken die zeker een kwart van het boek beslaan.’
(AVG)

IKoorddanser schrijft Van Warven over De ‘graal van het onbewuste’ – Jung in gesprek met zijn ziel. Jung zou uiteindelijk door de ontmoeting met de ziel ingewijd worden in de geheimen van de menselijke psyche. – Een deel van het gesprek luidt:

Ik: ‘Ik ben bereid. Wat is het? Spreek!’
Ziel: ‘Luister: Om geen christen meer te zijn is gemakkelijk. Maar hoe nu verder?  Want er staat meer aan te komen. Alles wacht op jou. En Jij? Jij blijft zwijgzaam en hebt niets te zeggen. Maar je zult moeten spreken. Waarom heb jij het plotselinge inzicht ontvangen? Dat moet je niet verbergen. Jij bekommert je om de vorm? Is de vorm belangrijk als het om het plotselinge inzicht gaat?’
Ik: ‘Maar wat is mijn roeping?’
Ziel: ‘De nieuwe religie en haar verkondiging.’
Ik: ‘Oh God, hoe moet ik dat doen?’
Ziel: ‘Wees niet zo kleingelovig. Niemand weet dat zo goed als jij. Niemand, die het zó zou kunnen zeggen als jij.’
(Uit: Het Rode Boek)

Alle dromen, ervaringen en inzichten noteerde Jung nauwgezet, vertelt Van Warven. Zijn aantekeningen werden een procesverslag dat uiteindelijk resulteerde in Het Rode Boek.

Zie:
* Koorddanser, februari 2020
:
De ‘graal van het onbewuste’ – Jung in gesprek met zijn ziel

* Academie voor Geesteswetenschappen: Capita Selecta 21 mei 2019: Tjeu van den Berk

Beeld: Het oorspronkelijke Rode Boek – met illustraties (foto: PD)

Het Rode Boek | Carl Gustav Jung | Vertaald door Hans Huisman | ISBN 978-94-92421-86-9 | 581 blz. | Verschijningsdatum 02-09-2019 | € 38,50 | Geen verzendkosten

Ubuntu, filosofie van de dialoog

ubuntuikbenomdatwijzijn (1)

Onze westerse wereld schreeuwt om aandacht voor immateriële vraagstukken, voor onze omgang met de aarde en met elkaar; een omwenteling van ratio naar relatie. Volgens de auteur van Opsoek naar Ubuntu, Annette Nobuntu Mul, heeft de westerse wereld in de afgelopen eeuwen enorme technologische realisaties neergezet en voor grote materiële welvaart gezorgd. Echter diezelfde wereld schreeuwt nu om aandacht.

We staan in onze samenleving en organisaties voor complexe sociale vraagstukken die we niet meer opgelost lijken te krijgen met individualisering, gefragmenteerd denken, protocollering, afsplitsing en vergelding.’ (Uit: Opsoek naar Ubuntu)

De omgang met elkaar, de Ubuntu-filosofie van: ‘Ik ben, omdat wij zijn’, daar gaat het in wezen om, en ook: ‘Een mens is een mens omdat er anderen zijn’. In de lezing Opsoek naar Ubuntu, die Annette Nobuntu Mul 11 september gaf op de Academie voor Geesteswetenschappen, stond het omgaan met elkaar dan ook centraal. Het gaat om het daadwerkelijk zien van elkaar, om de relatie tussen mensen. Maar ook over de omgang met de aarde: ‘Wij zijn omdat onze planeet is’. Ubuntu is het pad van gedeelde menselijkheid.

There is a word … in South Africa … Ubuntu!’, sprak Barack Obama op de begrafenis van Nelson Mandela en een emotioneel gejuich barstte los in het stadion in Soweto. Het was voelbaar dat hij een schat, een diamant van het land en volk had aangeraakt en erkend. (Uit: Opsoek naar Ubuntu)

Annette Nobuntu Mul schreef Opsoek naar Ubuntu – Zuid-Afrika onder mijn huid. Een visie op een humane wereld die, zoals Ad Maas schrijft in een recensie, vooral ‘door de beschouwingen van president Nelson Mandela en bisschop Desmond Tutu een internationale beweging aan het worden is’. Zuid-Afrika, bakermat van Ubuntu.


In her writing, Annette reflects her sincere understanding of Ubuntu in referencing the people of South Africa. The world will be richer for it.’ (Desmond Tutu, emeritus aartsbisschop en Nobelprijswinnaar)


ubuntuwhattheworldneedsnowmore

People respond in accordance to how you relate to them. If you approach them on the basis of violence, that’s how they will react. But if you say, we want peace, we want stability, we can then do a lot of things that will contribute towards the progress of our society.’ (Nelson Mandela – in: Opsoek naar Ubuntu) – (Beeld: Ubuntu Society)

Leven vanuit Ubuntu
I
n Opsoek naar Ubuntu vind je indrukwekkende en inspirerende verhalen over vergelding of verzoening, herstelrecht, vergeving, onderwijs, leiderschap vanuit mens-zijn, de kracht van de gemeenschap, hoop, geloof en liefde, moeder Aarde en leven vanuit Ubuntu.

In haar zoektocht naar menselijkheid in de omgang – in alle facetten van het leven – met medemensen, draagt Annette een belangrijk steentje bij aan het pad van gedeelde menselijkheid in onze samenleving. Dit betekent in haar ogen dat we in elke persoonlijke, professionele, organisatorische, religieuze of politieke ontmoeting of discussie elkaar, boven alles, als mens kunnen zien en onze gemeenschappelijke menselijkheid erkennen: Ik ben omdat wij zijn. Met haar ontmoetingen in Zuid-Afrika geeft ze dit verscheurde land, de bakermat van Ubuntu, de liefdevolle erkenning die het verdient.’ (Uit: Opsoek naar Ubuntu)

In het nawoord van Opsoek naar Ubuntu wordt volgens Elly Stroo Cloeck door prof. dr. Jo Caris de relatie gelegd tussen Ubuntu en het realiseren van een duurzame samenleving in ecologische, economische en sociaal-politieke zin.


Leerzaam en indringend’
‘Door onze focus op economische groei (met een verwijzing naar het gedachtegoed van econome Kate Raworth) is er competitie tussen mensen. Het gaat niet meer om wat je bezit, maar om wat je bezit in vergelijking met anderen. Het nu voor jezelf is belangrijker dan het later voor anderen, dus putten we de aarde uit. Dit alles in tegenstelling tot Ubuntu, waarin we er voor elkaar zijn en de omgeving er is voor iedereen. Deze relatie maakt het boek ook zo relevant: hoe kunnen we een beetje Ubuntu toevoegen aan onze westerse levensstijl?’ (Elly Stroo Cloeck, ESCIA)


OpsoekNaarUbuntu


Opsoek naar Ubuntu – Zuid-Afrika onder mijn huid | 
ISBN 9789491757648 | BigBusinessPublishers | Vanaf 1e druk | Verschenen 18-07-2018 | 192 pp. € 22,95 | 
‘Een boek ontstaan uit de liefde voor een complex land met veel schoonheid en harde tegenstellingen. Een land dat zichzelf nog moet leren kennen en een van de sleutels daarvoor ligt in de Ubuntu gedachte. Een gedachte die de afgelopen twintig jaar flinke averij heeft opgelopen door de politieke realiteit. Maar ook een gedachte die zo sterk is dat ze elke realiteit zal overleven. En tenslotte… een gedachte die wereldwijd omarmd zou moeten worden om oorlog en conflict de wapens uit handen te slaan.’
(Stef Bos, zanger en acteur)

UPDATE 22 09 2019: – Zie ook mijn reflectie op de lezing van Annette Nobuntu Mul op de Academie voor Geesteswetenschappen: Ubuntu, een krachtige, menselijke filosofie uit Afrika.

Op de Academie voor Geesteswetenschappen in Utrecht bestaat de mogelijkheid vanaf 24 september 2019 in de avonduren de vierdelige cursus Ubuntu, het pad van de gedeelde menselijkheid te volgen.
!UPDATE 19 09 2019: De cursus is uitgesteld naar later dit jaar – of naar voorjaar 2020 – om meer mensen de gelegenheid te kunnen bieden deze  cursus bij te wonen. 

Beeld: mindfulnessvoorelkedag.nl