Outside the box en terug naar jezelf

think_outside_the_box Rene Schutte Kunstkopie.nl

‘Het zijn vooral (geloofs)overtuigingen en dogma’s die ons belemmeren om vrij te leven en te doen wat goed voor ons is.’ Dat zegt Marnix van Rossum, psycholoog en meditatiebegeleider. Hij wil ‘out of the box’, bedoelt waarschijnlijk ‘outside the box’: buiten bestaande kaders denken. Voor hem speelt de werkelijkheid zich niet af in een begrensde omgeving, maar is die werkelijkheid voortdurend in beweging, met vele dimensies, grijstinten en… ze blijft veranderen. De mens is voor Van Rossum meer dan een rechtlijnige box.

Van Rossum kwam hier achter na een lange zoektocht in zowel het Oosten als in de westerse wetenschap. Als voorbeeld noemt hij het boeddhisme. Hij ergert zich aan een te eenzijdige benadering van het boeddhistisch onderwijs en heeft het vermoeden dat dit hetgeen is waardoor er weinig aansluiting is bij jonge mensen. Die zijn volgens hem systeem- en doctrinemoe.

Pas geleden was ik weer op een retraite en het ging over de drie karakteristieken. Uitvoerige uitleg over vergankelijkheid, lief bedoeld, fijne sfeer, maar niets over dat dingen ook terugkomen en hoe belangrijk het is dingen te creëren. Een heel verhaal over geen-zelf, maar niets over hoe te zorgen voor je ikje en hoe die niet af te keuren. Over compassie, maar niet over jezelf toestaan boos te zijn etc. Ik mis de nuance en merk dat deze benadering mensen niet zozeer wijs maakt, maar eerder volgers creëert. Het zoeken naar wat waar is, is echter juist waarom ik zoveel respect heb voor de dhamma.’

De Boeddha wilde volgens Van Rossum niet dat er een box van zijn leer werd gemaakt. Hij wees bewust geen opvolger aan.

Hij [Boeddha] wilde dat wij zelf checken wat voor ons werkt. Hij zei ook: mijn leer is als een boot die je over de rivier brengt. Een kist of boxje waarin je kan zitten, die je helpt oversteken, maar die je natuurlijk na het bereiken van die overkant niet blijft meeslepen. En hij zei: mijn lessen zijn als een vinger die naar de maan wijst. Als je de maan wilt zien, blijf dan niet naar mijn vinger staren. Ga af op waar mijn vinger naar wijst. Met andere woorden, neem mijn teksten niet te letterlijk.’

Ook Boeddha ging dus outside the box. Sommige boeddhistische academici of trouwe volgers bleven meer inside the box. Zij schreven boeken vol met ingewikkelde uitleggen

over termen, principes en modellen, of het aanhalen van teksten/sutta’s, om duidelijk te maken waarom precies dit boeddhisme ons naar die maan kan laten kijken, of ingewikkelde discussies over waarom de een het wel heeft begrepen en een ander niet. Of over waarom het wel, of juist niet gecombineerd mag worden met andere vormen van healing, spiritualiteit, of therapie.’

Het boeddhisme kan je helpen om uit de omgeving, jouw en onze boxen te stappen. Van Rossum bespreekt in het Boeddhistisch Dagblad verschillende boeddhistische begrippen

die naar zijn idee te eenzijdig worden gepresenteerd, met als doel om ze beter te kunnen gebruiken voor een weg out of the box en terug naar onszelf/niet-zelf/de kern/truth/how you call it.’

Zie 4 februari: Out of the Boeddhabox- de Boeddha wilde helemaal niet dat er van zijn leer een box werd gemaakt – de serie

6 Februari: The box, de serie (1) – Stap uit je compassiebox in 8 stappen

12 februari: The box, de serie (2) – stap uit je vergankelijkheidsbox in 6 stappen

Beeld: Rene Schutte – Outside the box (2008) – kunstkopie.nl

About Paul Delfgaauw

‘Zinzoeker’ Paul Delfgaauw, opleiding Religiestudies – richting Media & Cultuur (2014 – 2019) – aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (eindexamenscriptie: ‘Het draagbare Joodse vaderland’), verkent sinds jaar en dag de gebieden religie en filosofie. Vanaf de eerste dag dat op de lagere school in de catechismusles de vraag werd voorgelegd waartoe de mens op aarde is, werd dat het zingevend en -zoekend levensthema. Grasduinen door boeken, tijdschriften en kranten en later de digitale media met verhalen over 'Meer' – met het innerlijk weten dat God, De Eeuwige, het Al, op Zijn wijze deel uitmaakt van al het leven. Op kritische wijze wordt zin en onzin van religie en filosofie beschouwd en eveneens het gedachtegoed van ‘niet-religieuze’ levensbeschouwingen. In deze tijd bieden internet en de sociale media wereldwijd toenemend stof tot nadenken over goden en mensen, en hun zoektocht naar elkaar. Dit blog staat niet bol en vol van de eigen ‘mening’, maar vooral van wat tot nadenken stemt. Minder toegankelijke stof wordt wat toegankelijker gemaakt door samenvattingen en/of doorverwijzingen naar relevante links, zo nodig aangevuld met passende en aanvullende teksten van anderen.

11 Responses

  1. Jan

    Internettoerist.
    Mijn reactie aan Zwerver van 16 februari 2020 at 15:27 was al geschreven voordat ik jouw reactie van 16 februari 2020 at 14:58 had gelezen.
    Ik heb de indruk dat we het wel aardig eens zijn.
    De drie Azijnproevers heb ik ten tonele gevoerd om in dit onderwerp “Outside the box en terug naar jezelf” het dominante boeddhisme wat te relativeren. Wat betreft het Taoïsme, dat is geen eigenlijk geen filosofie of religie maar een praktische levenshouding die meegat met de cycli der natuur. De siniloog Ulrich Libbrecht heeft een vergelijkende filosofie het licht doen zien van het Taoïsme, het boeddhisme en de Griekse denken. Dat is erg relativerend.
    Hartelijke groet van Jan

    Liked by 1 persoon

  2. Zwerver

    Jan, we begrijpen elkaar even niet, maar dat is geen probleem verder. Ik wil even ingaan op dat ” Het “do ut des” (ik doe wat om er wat voor terug te krijgen) ” Dat is wel de kern van spiritualiteit in algemene zin. Wij als zelf-personen zitten vast in een concept-box (om dat woord toch maar even te gebruiken) die het zelf gevangen houdt. En daarmee zit de zelf-persoon ook gevangen in een persoons-bewustzijn. Iedere poging van de zelf-persoon om dit persoons-bewustzijn te ontlopen is gedoemd te falen: hij doet immers iets om er wat voor terug te krijgen. Erger nog: de leerlingen van het boeddhisme kunnen de illusie oplopen dat zij ontsnapt zijn aan dat persoons-bewustzijn, maar dat ze in werkelijkheid in een soort van “kalm gemoed” zijn.

    Mijn persoonlijke mening is dat bovenstaande kwestie niet louter middels meditatie is op te lossen. Om in het niet-zelf te geraken is er m.i. een morele kracht nodig welke ik liefde noem (Ik weet dat dat jouw ding niet is). D.w.z. dat er een universele kracht aanwezig is welke de mens kan helpen. Maar waar ik ‘liefde’ schrijf daar mag men ook best Christus, Dharma invullen of zoiets. Alles is goed, als die innerlijke kracht maar herkent kan worden op enig moment. En dat is ook een leerweg, niet iets wat concreet benoemd kan worden. Maar omdat het onzelfzuchtig van aard is noem ik het liefde.

    En ja, het tegendeel van lijden is geluk welke tot grote hoogte kan stijgen. Iemand geluk wensen is eigenlijk raar, want je wenst tegelijkertijd het lijden mee. Maar we zijn soms zo graag aardig voor elkaar;-)

    Like

  3. Jan

    Zwerver

    “Ik vind het boeddhisme maar niks: het leven is lijden zeggen ze.”
    We leven, volgens mij, in dualiteit. In dat leven bestaat o.a. lijden en het tegenover gestelde: niet-lijden.

    Gautema, de historische boeddha, had naar mijn mening teveel aandacht voor het lijden. Zijn filosofie komt in allerlei verschillende “boxen” voor. De schrijver waar het hier over gaat, Marnix van Rossum, heeft teveel in de boeddhistische box gezeten naar mijn mening. Vandaar zijn weerstand tegen het boeddhisme en aversie tegen boxen. Ik merk wel dat hij de mens Gautema nog steeds op een voetstuk heeft staan. Ten onrechte vind ik.

    In die Vipassana cursus werd ik dood gegooid met de indoctrinatie: het leven is lijden, lijden lijden. annica, annica, annica. Het “do ut des” (ik doe wat om er wat voor terug te krijgen) dat zo kenmerkend is voor het Theravada boeddhisme was prominent aanwezig. De meditatie mantra”We wensen alle wezens geluk!” En bijna alle aanwezigen waren het ermee eens. Want als je dat doet, is het goed voor jezelf. Wat ze vergaten is, dat deze wens een einde maakt aan het leven. Want stel dat iedereen gelukkig is geworden door die wens. Dan is geen ongeluk meer: de dualiteit geluk en ongeluk is opgeheven. Door alle wezens geluk te wensen is er automatisch geen geluk meer.

    Die van Rossum, na een lange zoektocht in zowel het Oosten als in de westerse wetenschap. Als voorbeeld noemt hij het boeddhisme. Hij ergert zich aan een te eenzijdige benadering van het boeddhistisch onderwijs en heeft het vermoeden dat dit hetgeen is waardoor er weinig aansluiting is bij jonge mensen. Ik denk dat hij zelf erg systeem- en doctrine moe is. Hij schrijft in het
    Boeddhistisch Dagblad: “dhamma (waarheid / het pad)”. Maar dhamma (Pali) is de leer van Gautema. Dat is geen waarheid! Het is slechts één waarheid. Erg reductionistisch boeddhistisch. De oorspronkelijke achtergrond van dit woord is totaal anders: veel rijker en spiritueler naar mijn mening. Het wordt in het HindoeÏsme gekend als dharma(Sanscriet). Dat is niet vertaalbaar in het westen: het is tijds, cultuur, persoonlijk, intentioneel steeds anders. Het is geen deontologie geen waarheid geen leer het lijkt op de structuur van de onbegrijpelijke essentie van de contradictoire identiteit die ten grondslag ligt aan het tijdruimtelijke bestaan. Om maar met wat onzin termen te gooien voor hen die te diep willen nadenken.

    Ik heb de indruk dat we elkaar niet begrijpen Zwerver.

    groet van Jan

    p.s. dankzij het grote lijden is er onuitsprekelijk geluk in de wereld. De een komt voort uit het andere. En de melancholie is de zachte zalf voor de wonden die zowel liefde als haat kunnen veroorzaken.

    Like

  4. internettoerist

    Jan,
    Een reactie op jouw schrijven van 15 FEBRUARI 2020 AT 23:01.

    Ik maak onderscheid tussen de Dharma (de leer van de Boeddha) en het “boeddhisme”. Het boeddhisme vervalt meestal in een geloof (net als alle andere stromingen), omdat de meeste van de “boeddhisten” geen idee hebben wat de Dharma inhoudt (waar ik al naar verwees op 12 FEBRUARI 2020 AT 15:39). Hoewel ik (na een jarenlang onderzoek) de Dharma beaam, ben ik alles behalve “boeddhist”.

    De allegorie van de azijndrinkers moet duidelijk de Tao bovenaan plaatsen. Als jehovah getuigen zo’n allegorie gebruiken, dan weet je al op voorhand dat de Boeddha en Lao Tse “des duivels” zijn (moet je maar eens testen). Terwijl de oorspronkelijke leren van Gautama en Jezus elkaar niet tegenspreken. Het zijn de gelovigen, die er onzin van maken, die elkaar tegenspreken. Elke GELOVIGE plaatst zijn eigen GELOOF bovenaan. Dat is ook het vergif van gelovig zijn, de rede is niet langer werkzaam.

    Ik moet eerlijk toegeven dat ik niet echt een grens kan trekken tussen de Tao, het confucianisme en de Dharma. Geen idee waar het ene begint en het andere eindigt. Er kan een verschil zijn in de praktijk, wat ook tussen Dharma-studenten merkbaar is (hangt af van de geestesgesteldheid). Maar qua wijsheid zie ik geen verschil. De allegorie van de azijndrinkers klopt dan ook niet, want de voorstelling van Boeddha’s leer klopt langs geen kanten. Dat zou duidelijk moeten zijn als men Boeddha’s allegorie begrijpt over de RELATIEVE waarneming (allegorie van bloeddrinkers, hellewezens, enzovoort). Die relatieve waarneming is de oorzaak van het ervaren lijden, die veel wezens ondergaan. Aangezien lijden uit het relatieve voortkomt, kan er ook een einde aan gemaakt worden. Dat is heel wat anders dan de voorstelling van de Dharma bij de azijndrinkers, die totaal niet klopt. De allegorie van de azijndrinkers is duidelijk opgesteld door gelovigen die de Tao bovenaan willen plaatsen. Dergelijke “taoïsten” hebben mijns inziens niet veel van de Taoïstische wijsheid begrepen. Op die manier gaat de wijsheid, waar ELKE stroming uit voortkomt, verloren. Op die manier krijgen mensen die er (nog) niet veel van kennen, een totaal verkeerde indruk.

    Een oprechte zoeker moet zich dan ook de vraag stellen of hetgeen hem verteld wordt, ook klopt. Die vraag zou ook gesteld moeten worden bij bijvoorbeeld de 10-daagse Vipassana meditatie die jij gevolgd hebt, of dat geloof is of werkelijk de Dharma. En zelfs bij de allegorie van de azijndrinkers zou men die vraag moeten stellen.

    Vriendelijke groet

    Liked by 1 persoon

  5. Zwerver

    Ik vind het boeddhisme maar niks: het leven is lijden zeggen ze.

    Jan, misschien ervaar jij het leven niet als (geestelijk) lijden. Maar vele mensen ervaren dat anders.
    Waaronder ik zelf. Het meevoeren van een zelf brengt lijden met zich mee. Welke soms behoorlijk kan oplopen. Eenmaal gegaan door de poort waar geen iemand door kan ligt het allemaal eenvoudiger.
    Afwezigheid van een zelf betekent ook afwezigheid van lijden, want alleen een zelf kan lijden.

    Blijf je alleen met het kenvermogen over dan rest er nog slechts vrolijkheid voor het individu.
    Maar dat kenvermogen leeft niet in zijn eentje, het is verbonden met al dat andere kenvermogen. In dat diepte-kennen kan wederom lijden gekend worden. Maar dan geen persoonlijk lijden meer.

    Dus wat mij betreft heeft het boeddhisme wel een beetje gelijk. Misschien niet voor jou persoonlijk. Maar wel voor mensen die daadwerkelijk lijden. Deze mensen kunnen aangespoord worden om te gaan zoeken naar dat zelf.

    Like

  6. Jan

    http://blog.seniorennet.be/stilheid/archief.php?ID=621579

    Plaatje van de azijn drinkers.
    Deze afbeelding is in heel China bekend. Je ziet drie mannen rond een vat azijn staan. Ze hebben elk hun vinger in een vat azijn gedoopt. Uit de gezichtsuitdrukking van ieder blijkt hun individuele reactie. Dit zijn geen gewone azijnproevers, maar vertegenwoordigers van de drie geestelijke stromingen in China. De azijn die ze proeven staat voor de essentie van het leven. De drie meesters zijn Confucius, Boeddha en Lao-Tse.

    Confucius kijkt zuur. Voor hem deed het leven nogal zuur aan. Alles was nogal strikt en volgens voorgeschreven regels. Het Confucianisme bestaat uit een buitengewoon ingewikkeld stelsel van rituelen die elk op een bepaald tijdstip een bepaald doel dienden. Dit werd zeer ver doorgevoerd.

    Voor Boeddha, de tweede figuur op de voorstelling, was het leven op aarde bitter, hij kijkt ook bitter, vervuld van gehechtheid en begeerten wat het lijden voortbracht. De wereld werd beschouwd als een illusie, een rondwentelend wiel van pijn voor alle schepselen. Om vrede te bereiken, moesten de Boeddhisten boven ‘de wereld van het stoffelijke’ uit stijgen.

    De derde man, Lao-tse (Laozi), glimlacht als hij de azijn proeft. Volgens Lao-tse kon de natuurlijke harmonie die vanaf het eerste begin bestond tussen hemel en aarde door iedereen worden gevonden, op ieder willekeurig tijdstip. De aarde was een afspiegeling van de hemel en werd geregeerd door dezelfde wetten. Lao-tse was van mening; hoe meer de mens ingreep in het natuurlijk evenwicht van de universele natuurlijke wetten, hoe meer de harmonie verdween. De wereld was voor Lao-tse een leermeester die waardevolle lessen leerde.

    Lao-tse glimlacht op deze afbeelding terwijl de azijn toch vies moet smaken. Door in harmonie te werken met de levensomstandigheden verandert de Taoïstische opvatting datgene wat anderen misschien als negatief ervaren in iets positiefs. Zuurheid en verbittering komen voort uit de geest, die verstorend werkt en geen waardering kent. Het leven zelf is zoet, wanneer dit wordt begrepen.

    Ik vind het boeddhisme maar niks: het leven is lijden zeggen ze. Kortzichtig vind ik. Ik heb onlangs een 10-daagse Vipassana meditatie gevolgd van Goenka volgens het Theravada boeddhisme. Met in de avond indoctrinatie. Ik heb me goed kunnen oefenen in verdraagzaamheid. 🙂

    Like

  7. Carla

    Laat ik maar zeggen dat ik er ietsje anders tegenaan kijk. 😉 Het gaat m.i. niet zo zeer over het Boeddhisme als wel dat Marnix van Rossum zijn ervaringen in en met het Boeddhisme in Azië, gebruikt om te laten zien dat (geloofs) overtuigingen en dogma’s, je kunnen belemmeren om vrij te kunnen leven. Hij is immers ook psycholoog. 😉
    Precies dát is het wat mij erin aanspreekt. Naar ik meen probeert hij mensen, die vast zitten in hun ‘eigen box’, verruimende inzichten aan te reiken, om uiteindelijk uit ‘die box’ te kunnen/durven stappen. En dan niet als volgeling ( pas op de volgende box, waar je zo maar weer in kan kruipen vanwege het veilige gevoel )….waardoor je wederom kan vervallen in nieuwe dogma’s, maar als een ‘bevrijd’ mens.
    Wellicht blijvend zoekend ….. en bij elkaar blijvend sprokkelend naar groei en zelfontplooiing.

    Zijn zicht op de nuance, de vele grijstinten ( die ik zelf liever de schitterende kleurenpracht zou willen noemen ) de beweging en de veranderingen, deel ik van harte.

    Van Rossum denkt dat jongeren systeem-en doctrine moe zijn……ik ( geen jongere ) ook. ;-))

    Liked by 1 persoon

  8. @Armand: Het Boeddhisme is geen religie maar een intelligente levensfilosofie die je op jezelf terugwerpt, vandaar ook de uitspraak: “If you meet the Buddha on the way, kill him”, dat betekent in feite dat je je niet zou moeten blijven conformeren aan een rolmodel welke je misschien een eindje op weg heeft geholpen maar het uiteindelijk zelf uit moet zien te vinden.
    Verder kan ik me wel in de visie van Zwerver hierop vinden.

    Like

  9. Zwerver

    Armand, het gaat hier over het boeddhisme en m.i. was het niet de bedoeling van de Boeddha om morele waarden over te brengen. Ik heb wel eens gelezen dat hij sterk getwijfeld heeft om zijn bevindingen te openbaren. Het boeddhisme is dan ook geen geloof maar een leerweg. Een leerweg die dan weer wel naar waarheid kan leiden. Het gaat dan ook niet over alles weten, maar weten wat je nu eigenlijk bent. Beter gezegd, niet bent.

    Boeddhisme gaat ook al niet over out(side) of the box DENKEN. Ten diepste gaat het zelfs helemaal niet over het denken, hoewel dat natuurlijk wel aan bod komt. Feitelijk gaat het over het begrijpen van de persoon die je zelf (niet) bent en over de macht die diezelfde persoon over jou heeft.

    Boeddhisme gaat dus niet zo zeer over iets weten, het stelt je onwetendheid aan de kaak. Zodat je uiteindelijk noch buiten de box bent, noch binnen de box. In het boeddhisme is het zelf een illusie, zodat men uiteindelijk in een toestand van niet-zelf kan geraken met alles wat er bijhoort.

    Je dient dus de Boeddha nergens te geloven, maar zijn leer te volgen en controleren op waarheid.
    En verder is het verstandig om het boeddhisme niet te beoordelen op zijn volgers.
    Maar dat geldt eigenlijk voor veel religies.

    Like

  10. Waarom geloof je beweringen van iemand?
    1. Omdat je zelf die beweringen niet kan controleren.
    2. Je kan niet alles weten. Je moet dus verder werken met de beweringen van iemand die je vertrouwd en waarvan je denkt dat hij het kan weten.
    Wil dat zeggen dat je je inzichten niet kan wijzigen? Zeker niet. Als een ander iets anders beweerd en je van zijn standpunt overtuigd, waarom zou zou je dan niet van mening (geloof) veranderen?
    Ik geef een vb.
    Als kind werd ons wijsgemaakt dat we de bijbel letterlijk moesten geloven. Als we de bijbel dan zelf begonnen te lezen, ontdekten we snel dat veel van die verhalen mythisch waren of helemaal niet geschiedkundig correct waren. Later ontdekten we dat veel beweringen helemaal niet wetenschappelijk juist konden zijn. Als we dan ook nog met andere geloofsovertuigingen in contact kwamen, beweren die weer andere zaken, die ook, gedeeltelijk, aanneembaar zijn op moreel gebied, dan werd ons zicht op de wereld weer anders. Ik ben dan zelf e. e. a. zelf gaan onderzoeken.
    Zie armandmaes.wordpress.com.

    Ik kwam tot het inzicht dat zowat alle godsdiensten ontstonden door de inzichten van 1 persoon, die morele waarden wou bijbrengen aan anderen. De volgelingen, interpreteerden de woorden van hun leermeester verschillend en korte tijd later ontstonden verschillende afscheuringen van de originele groep. Godsdiensten steunen dan meestal op geschriften die gedeeltelijk historisch, gedeeltelijk mythisch en gedeeltelijk moreel belerend zijn.

    Bovenstaand houdt niet in dat we actueel de waarheid kennen. Het is onmogelijk dat 1 persoon, alles kan weten. Het is tevens onmogelijk dat we alles kunnen verklaren. We weten een onooglijk klein gedeelte van de mens, de natuur, de wereld en nog minder van het heelal.

    Like

  11. internettoerist

    Het boeddhisme lijdt aan dezelfde ziekte als alle andere stromingen: de meeste aanhangers zijn gelovigen die niet eens weten waar de leer over gaat.
    Om te beginnen was Gautama geen boeddhist, zoals vele volgelingen zichzelf wel noemen. Dat zien we ook bij bijvoorbeeld Jezus. Geloof en naïviteit kunnen nooit de Dharma weerspiegelen. Geloof betekent namelijk het einde van het denken, van het onderzoeken, van het kritisch zijn.

    Maar ook “geleerden” maken dezelfde fout. Zo zijn er westerse “hoogleraren” in het boeddhisme die de Dharma komen “uitleggen”. Maar voor die “uitleg” gaan ze te rade bij “boeddhistische” GELOVIGEN (mensen die niet eens begrijpen waar Gautama naar verwees). Op die manier verkondigen die “hoogleraren” behoorlijk wat onzin en degraderen ze de originele leer tot een achterlijk geloof, een godsdienst. Het is dan ook normaal dat veel westerlingen denken dat de Dharma een achterlijk geloof is.

    Begrijp me niet verkeerd. Ik heb niets tegen boeddhistische gelovigen, maar als hun dogma’s de leer van de Boeddha moeten voorstellen, dan houdt men de wereld voor de gek. Daarom, ik moet weer in herhaling vallen, is zelf op onderzoek gaan de sleutel. Dat betekent: je niet laten beperken door een leraar, geleerde, commune, kerk of schrift. Het betekent: zelf, vrij, los van alles, op onderzoek gaan en vooral praktisch testen, zoals Gautama deed. Dan kunnen we hetzelfde ontdekken of net zijn leer verwerpen.
    Ik heb de indruk dat Van Rossum ook een beetje te rade ging bij gelovigen. Dat leid ik af uit bepaalde passages, bijvoorbeeld:
    *****”Een heel verhaal over geen-zelf, maar niets over hoe te zorgen voor je ikje en hoe die niet af te keuren.”*****
    Hieruit krijg ik de indruk dat Van Rossum niet goed begrepen heeft wat de Boeddha verkondigde. Hoe kun je out of the box gaan als je vasthoudt aan je conceptuele “ikje”? De Boeddha verwierp het “ikje” ook niet, hij beschreef hoe het ogenschijnlijk kan bestaan en het gevaar om je daaraan vast te klampen, het gevaar om dat ‘je zelf’ te noemen. Natuurlijk mag je je daaraan vastklampen, maar dat brengt consequenties met zich mee, onder andere vast geraken IN the box. Van Rossum heeft Boeddha’s ‘Middenweg’ niet begrepen.

    Vriendelijke groet

    Liked by 2 people

Reacties welkom. Er kan gemodereerd worden.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.