De Bijbel in feministisch perspectief

De Bijbel is vermoedelijk uitsluitend door mannen geschreven: alleen mannen redigeerden de teksten, maten zich het gezag aan om de teksten te interpreteren, de canon samen te stellen en de kerk te institutionaliseren. Zo constateren feministisch theologen. – Mariecke van den Berg schrijft een drieluik over feministische theologie. ‘In een notendop houdt christelijke feministische theologie een engagement met het christendom in, waarbij patriarchale structuren en beelden van de traditie worden bekritiseerd en de perspectieven van vrouwen, in al hun diversiteit, centraal worden gesteld’.

Als het goddelijke mannelijk is, dan is het mannelijke goddelijk.’
(Theologe Mary Daly)

De gevolgen van die eenzijdigheid zijn groot: het spreken over God gebeurt in overwegend mannelijke termen, de helden uit de Bijbel zijn bijna allemaal mannen en de kerk werd voor het allergrootste gedeelte van de geschiedenis door uitsluitend mannen geleid. Dit ging ten koste van de perspectieven van vrouwen, vrouwelijke helden en vrouwelijk leiderschap. Feministisch theologen hebben verschillend gereageerd op deze scheve verhoudingen.’

Van den Berg schrijft over enkele feministisch theologische perspectieven, en verwijst naar de Amerikaanse filosofe en theologe Mary Daly die stelde dat het christendom niet meer te redden was.

In haar bekende boek Beyond God the Father (1973) stelt ze: ’Als het goddelijke mannelijk is, dan is het mannelijke goddelijk.’ Daly voorzag daarin geen noemenswaardige verandering. Ze verliet de rooms-katholieke kerk, maar bleef zich van buiten de traditie wel altijd kritisch verhouden tot het christendom.’

Anderen probeerden volgens Van den Berg – bijzonder hoogleraar feminisme en christendom aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (Catharina Halkes Leerstoel) en universitair docent interreligieuze studies aan de Vrije Universiteit Amsterdam – van binnenuit de traditie te veranderen.

Dat vrouwen in de Bijbel en aanverwante literatuur minder vaak aan de orde komen, wil volgens hen niet zeggen dat je kunt stellen dat ze helemaal niet meedoen of geen stem hebben. Dan doe je hen eigenlijk een tweede keer onrecht aan. De kunst is juist om teksten te bestuderen die doorgaans de leesroosters niet halen, daarbij heel voorzichtig te lezen en een antenne te ontwikkelen voor wat er niet gezegd wordt.’

Ook verwijst Van den Berg naar theologe Elisabeth Schüssler Fiorenza. Zij stelde zich een ‘ecclesia of wo/men voor, waarin men een ‘discipelschap van gelijken’ nastreeft, een bottom-up structuur van kleine gemeenschappen waarin gelovigen zeggenschap hebben over hun eigen spirituele ontwikkeling’.

Ze nam daarbij de Jezusbeweging als voorbeeld. Volgens Fiorenza kenmerkte de groep mensen die zich verzamelde rond Jezus zich door een dergelijke gelijkwaardige manier van samenleven, die teloorging toen het christendom groeide, maar die nog wel als inspiratie kan dienen voor mensen nu.’

Tijdens de derde feministische golf, die inzette in de jaren negentig, begonnen feministisch theologen zich dezelfde kritische vragen te stellen die breder in de feministische beweging aan de orde kwamen. De nadruk op het ontwikkelen van een vrouwelijk perspectief maakte plaats voor een analyse van gender als zodanig, vaak in samenhang met seksualiteit, klasse, ras/etniciteit, lichamelijke beperkingen en mogelijkheden, opleiding, burgerschap, etc.


Volgens de orthodoxe theologie is de androgyne engel Sofia een voorstelling van Christus

Er kwam erkenning voor het feit dat mensen kunnen worden achtergesteld of weggedrukt omdat zij vrouw zijn, maar evengoed omdat zij tot een seksuele minderheid behoren, vluchteling zijn, van kleur zijn, met een accent spreken, hulpmiddelen nodig hebben, of uit een arbeidersmilieu komen.’

Door verbreding in kritisch perspectief ontwikkelt feministische theologie volgens Van den Berg steeds meer connecties met (bijvoorbeeld) bevrijdingstheologie en theologie die is beïnvloed door antiracisme theorieën, postkoloniale theorie, crip-theorie, queer studies, transgender studies en mannelijkheidsstudies.

Zie: Wat is feministische theologie? (theologie.nl)

Beeld: meetyouinthefield.nl
Cartoon: Marc-Jan Janssen
Icoon: PThU: Sofia: hen of hun?‘De orthodoxe iconen van Sofia bestaan in meerdere types. In het eerste type, de ‘Novgorod’ variant, is Sofia voorgesteld als een androgyne engel, met vleugels. Deze zit ook op een stoel. Volgens de orthodoxe theologie is die engel, Sofia, een voorstelling van Christus. Wie de afbeelding ziet, denkt wellicht niet meteen aan Christus. Of toch wel?’

De ‘heilige oorlog’ van Vladimir Poetin

UITGELICHTWesterse elites hebben geloof en traditionele waarden overboord gezet en proberen ‘hun wil aan alle maatschappijen op te leggen’, verklaarde Vladimir Poetin in een presidentiële toespraak. Hun afwijzing van ‘alles wat menselijk is krijgt de trekken van een omgekeerde religie, van puur satanisme’. – Een projectie van jewelste, deze bizarre oorlogsretoriek van Poetin, die zelf alle menselijkheid allang is verloren en nu zijn eigen terroristische gedrag projecteert op de ‘westerse elites’, nota bene met een citaat van Jezus uit de Bergrede. Volgens journalist Hella Rottenberg (NRC) is dit Poetins ‘nieuwe rechtvaardiging voor de oorlog’: de strijd tegen de duivel.

‘Niets minder dan het satanisme, het metafysisch kwaad,
besloot Poetin daartoe van stal te halen’
(Hella Rottenberg)

Ik herhaal dat de dictatuur van de westerse elites alle samenlevingen treft, ook de burgers van de westerse landen zelf. Dit is een uitdaging voor iedereen. Deze volledige verloochening van wat het betekent om mens te zijn, de omverwerping van geloof en traditionele waarden, en de onderdrukking van vrijheid beginnen te lijken op een ‘religie in omgekeerde volgorde’ – puur satanisme. Jezus Christus ontmaskerde valse messiassen en zei in de Bergrede: ‘Aan hun vruchten zult gij hen kennen’. Deze giftige vruchten zijn de mensen al duidelijk, en niet alleen in ons land maar ook in alle landen, ook in het Westen zelf.’
(President of Russia, 2022)

Voor het Kremlin was het zaak om de bevolking te motiveren de oorlog voort te zetten en degenen die weigerden mee te vechten te bestempelen tot landverraders. Poetin presenteerde daarom als alternatieve theorie dat we te maken hebben met satanisten, aldus Rottenberg.

Hij bracht daarmee de oorlogsretoriek op een ander plan, die van een religieuze strijd tussen goed en kwaad. (…) Aan de notie van satanisten die Rusland bedreigen zit een hele leer vast, die de meest reactionaire en chauvinistische figuren in en rond de Russisch-Orthodoxe Kerk verspreiden en die Poetin nu omarmt.’
(Rottenberg)

Duistere ondergangsvisioenen van het demonische Westen dat Rusland belemmert zijn lotsbestemming te bereiken en dat van Oekraïne een anti-Rusland heeft gemaakt, is het hoofdthema van ideologen zoals Aleksandr Doegin en Aleksandr Prochanov, aldus Rottenberg.

Al meer dan tien jaar schildert Poetin het Westen met zijn liberale waarden en politieke correctheid af als een bedreiging van de Russische patriarchale, christelijk conservatieve tradities en collectivistische cultuur. Daarbij richt hij zijn pijlen onder meer op homorechten, volgens hem een wapen van een neoliberale samenzwering tegen traditionele samenlevingen.’
(Rottenberg)

Rottenberg verwijst naar vicevoorzitter van de veiligheidsraad Dmitri Medvedev, die zich sinds de invasie onderscheidt door rabiate haatberichten op zijn Telegramkanaal, en schreef dat Rusland als opdracht heeft ‘de heerser over de hel te stoppen, of zijn naam nu Satan, Lucifer of Iblis is’ en liet daar het dreigement op volgen dat ‘wij al onze vijanden naar het brandende Gehenna [hel] kunnen sturen’. 

De termen demilitarisering en denazificatie sloegen niet erg aan en werden op aanwijzing van het Kremlin steeds minder vaak gebruikt. De Russische strijd tegen de duivel, waarachter zich ook de islamitische leider Kadyrov [de leider van Tsjetsjenië] heeft geschaard, lijkt bedoeld om het afnemende geloof in de noodzaak van de oorlog een nieuwe impuls te geven.’

Een ‘heilige oorlog’ gebaseerd op verdediging van het duizendjarige Russische christendom tegen de goddeloze horden, zou de bevolking waarvan 70 procent zich als Russisch-orthodox beschouwt wellicht kunnen opwekken de oorlog te blijven steunen.’

(Rottenberg)

Zie:
*
Waarom Poetin de strijd in Oekraïne omdoopt tot een heilige oorlog (NRC)
* Het Kremlin, Moskou, 30 september 2022
Ondertekening van verdragen over de toetreding van de volksrepublieken Donetsk en Lugansk en de regio’s Zaporozhye en Kherson tot Rusland – 30 september 2022 (en.kremlin.ru)

Z. Hoe Poetin Rusland weer groot wilde maken | Hella Rottenberg | Nederlands | Alfabet Uitgevers | Paperback | 2022-10-25 | 160 pagina’s | € 19,99 | E-book: € 9,99

Beeld: On the Rise – Russisch-orthodoxe kerk gesteund door in het geheim gedoopte Vladimir Poetin (2016) – patheos.com
Beeld: Vladimir Poetin / Hoofd van de Russisch-Orthodoxe Kerk, patriarch Kirill (2018, asianews.it)

‘Christendom mede schuldig aan ontkenning van wie we ten diepste zijn’

Het christendom kan alleen dan relevant zijn wanneer het stopt met het dogmatisch cultiveren van gevoelens van minderwaardigheid. Wanneer het ons stimuleert niet weg te lopen van onszelf, maar voluit te aanvaarden dat wij kostbare en geliefde mensen zijn. – Theoloog Dirk van de Glind schrijft over bevrijdende humaniteit; verrijkende openheid; menselijke verantwoordelijkheid, en pleit voor universele humaniteit.

‘Vele gelovigen zijn opgegroeid met gevoelens van
onvermogen, schuld en schaamte.’
(Dirk van de Glind)

De erfenis die Jezus van Nazareth heeft nagelaten is volgens hem met vertrouwen onze humaniteit exploreren en ons dagelijks oefenen in liefde en menselijkheid die sterker zijn dan het grofste geweld, sterker dan de dood. In de collectie Universele humaniteit in Volzin verkent Van de Glind de verschillende aspecten van de stelling:

Christelijk geloven bevindt zich op een breuklijn tussen wat onherroepelijk voorbij is en wat meer dan ooit nodig is. Wil het relevant zijn voor het menselijk bestaan en wil het bijdragen aan herstel en voortbestaan van onze planeet, dan zal de focus verlegd moeten worden van aanbidding en gehoorzaamheid naar de ontwikkeling van universele humaniteit.’ 

Van de Glind moest in zijn jonge jaren uit zijn hoofd leren dat hij ‘onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad is’. Hij ziet dat nu als een vorm van kindermishandeling.

Het trieste is dat deze in wezen uiterst negatieve en ontwrichtende visie op de mens direct voortvloeit uit het centrale leerstuk van de christelijke dogmatiek: de verlossing van zonde door het offer van Jezus Christus.’


Erich Fromm

De theoloog stelt dat gelovigen opgegroeid zijn met gevoelens van onvermogen, schuld en schaamte; de verlammende angst niet goed genoeg te zijn en het leven eigenlijk niet te verdienen. Zo constateert filosoof en psychoanalyticus Erich Fromm (1900-1980) dat Calvinisten zich in een ongezonde spagaat bevinden:

Ze zijn gerustgesteld zolang ze ervanuit gaan dat ze niet deugen en straf verdienen, maar ze gaan zich zorgen maken over hun zielenheil zodra ze positief over zichzelf beginnen te denken.’

Door al zijn ervaringen – als recalcitrante puber kwam Van de Glind bijvoorbeeld in conflict met de dominee die hem de Heidelberger Catechismus trachtte bij te brengen – kreeg hij een verwrongen gods- en mensbeeld mee. Daarbij werd het hem steeds duidelijker dat hij afscheid zou moeten nemen van het negatieve mensbeeld dat ‘in zijn grondwater was gaan zitten’. Hij schetst in zijn artikel een glashelder, maar wrang beeld over een ‘geflipte benadering van rechtvaardigheid’.

Van de Glind ontwikkelde uiteindelijk een fundamenteel andere kijk op de mens, moest ook zijn geloof fundamenteel veranderen, maar wist aanvankelijk niet hoe hij dat moest doen. En al helemaal niet hoe hij dat zou kunnen zonder het christendom vaarwel te zeggen.

Maar m’n geloof in de innerlijke goedheid van de mens groeide en daarmee ook het vermoeden dat het christendom in haar ontwikkeling een verkeerde weg was ingeslagen.’

De theoloog beweert echter niet dat de mens alléén maar goed is, maar dat onze kérn, ons diepste wezen – oneindig en niet te bevatten – uit pure goedheid en liefde bestaat, aan God zelf raakt. Maar daar kunnen we wel van vervreemden.


Dirk van de Glind

Het is dan ook geen zooitje in de wereld omdat zoveel mensen maar doen wat ze willen. Het is vaak een zooitje omdat maar weinig mensen de moed hebben voluit te doen wat ze werkelijk willen: te leven naar wat ze werkelijk zijn.’

Zie:
*
Van verlammend mensbeeld naar bevrijdende humaniteit (Volzin – UPDATE: 07112022 – inmiddels ook achter betaalmuur)
* Collectie Universele humaniteit
(Volzin – Premium: 3 artikelen achter betaalmuur)


Beeld: Volzin
Beeld Heidelberger Catechismus: deoudewijnboeken.nl
Beeld Erich Fromm: humanistischecanon.nl
Beeld Dirk van de Glind: dirkvandeglind.nl

Sterven als je er klaar voor bent

Geloof in God en kiezen voor euthanasie kunnen heel goed samengaan, stelt arts Ad Nuijten. ‘Een mens die kiest voor euthanasie zit in een noodsituatie. En Jezus rekent mensen nooit af op hun nood. Hij stapt met hen in hun nood.’ De mogelijkheid bestaat ook, zegt oud-Denker des Vaderlands Marli Huijer, dat je artsen en coassistenten treft die alles weten van chemo, maar bijna niets van het sterven. Helderziende theoloog Hans Stolp zegt veel van sterven te weten en beweert dat euthanasie schadelijk kan zijn voor het leven na de dood.

Stolp stelt dat euthanasie soms ‘een voortijdige geboorte van een nog niet volgroeide geest betekent’: dat zagen mensen met een nabij-de-doodervaring. Een euthanasieverklaring heeft hij niet getekend, zal er niet om vragen en heeft er ook geen. Dat vertelde hij lang geleden aan Trouw en onlangs publiceerde de theoloog dat weer op Facebook.

Overigens kan het best zo zijn dat ik om euthanasie vraag als het mijn beurt is om te gaan, als de pijn groot is en ik weet dat ik ‘klaar’ ben. Ik wil mijzelf en anderen de ruimte gunnen om in de situatie zelf te beslissen. Alleen, laten we dan zorgen dat we het verantwoord doen, voor onszelf en voor anderen.
Er over nagedacht hebben, dat is eigenlijk op zijn allersimpelst gezegd waarvoor ik pleit.’

(Hans Stolp)

Weet Stolp ook hoe het zit met het eindeloos rekken van het leven door de medische benadering waardoor ‘de strijd tegen de dood het meestal wint van de goede dood’, zoals Huijer stelt? Daarover reflecteert de theoloog niet. Wellicht zou hij die vraag ook neer kunnen leggen bij de mensen met een nabij-de-doodervaring. Hoe zit het met de ‘spirituele wetten’? Als je volgens die wetten te laat in de hemel komt, loopt het dan mis met je leven na de dood?

Euthanasie is een heet hangijzer onder christenen, stelt Nuijten in het AD. Samen met emerituspredikant Piet Schelling schreef hij het boek Als het niet meer gaat – Een goede boodschap over een goede doodwaarin zij de boodschap uitdragen dat je de weg van je eigen leven bepaalt, dus ook van je levenseinde.

In hun boek gaan Nuijten en Schelling in op de medisch-ethische kwesties van euthanasie, maar ook over de Bijbelse visie op dit onderwerp. Vaak wordt het zesde gebod – ‘Gij zult niet doden’ – aangehaald in de discussie, vertelt Schelling. ‘Ik vind dat je heel voorzichtig moet omgaan met het gebruik van de Bijbel in die discussies. Teksten die in 500 voor Christus zijn geschreven, nu, 2500 jaar later in deze tijd uitleggen. Dat kan bijna niet.’
(AD)

Schelling is aanhanger van het zelfbeschikkingsrecht. Immers, elke dag nemen wij beslissingen die een wending geven aan ons leven, zegt hij. ‘In het geval van ziekte beslissen we om naar de dokter te gaan, ons te laten behandelen’. En… ‘de horizon van het leven is de dood,’ zegt Nuijten.

Onvermijdelijk wordt die horizon langzaam anders. In je denken schuif je de dood soms ook zo eindeloos ver weg. Maar op een gegeven moment bén je bij het einde. Ik denk dat onze beperkte tijd op aarde zin geeft aan ons leven. Als alles zonder einde zou zijn, is er geen uitdaging meer in het leven.
(Ad Nuijten)

Sterven is een zaak van de dokter geworden, stelt oud-Denker des Vaderlands Marli Huijer: ‘Dat heeft op maatschappelijk en persoonlijk vlak geleid tot een verwaarlozing van de omgang met de sterfelijkheid.’ Zij doet een schot voor de boeg om daarin verandering te brengen.

In diens [dokters] medische benadering wint de strijd tegen de dood het meestal van de goede dood. Op maatschappelijk en persoonlijk vlak heeft dat tot een verwaarlozing van de omgang met de sterfelijkheid geleid. Wat kunnen we persoonlijk en als samenleving doen om het huis van de sterfelijkheid opnieuw in te richten en weer meer regie over de dood te nemen?’
(Marli Huijer)

Huijer lijkt het belangrijk om ons af te vragen wat een juiste duur van leven is en wat het ons als persoon en samenleving waard is om steeds ouder te worden. Ook wil zij de sterfelijkheid weer meer zien als iets wat bij het leven hoort. Een van de adviezen van Huijer is om tijdig te bedenken hoe het sterven zelf eruit kan zien. Ook heeft zij het in de Volkskrant over die ‘pil van Drion’.

Dat mag een eng idee lijken, maar in een samenleving waarin de sterfelijkheid weer bij het leven hoort en de dood gedurende het leven aanwezig mag zijn, kan de geruststelling dat we zelf de regie hebben over het moment en de omstandigheden van het sterven ervoor zorgen dat we zo’n pil niet uit wanhoop slikken maar uit een weloverwogen en gedeeld inzicht dat ons levensverhaal niet alleen een begin maar ook een einde heeft.’
(Marli Huijer)

Marli Huijer is emeritus hoogleraar publieksfilosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en voormalig arts. Op 31 mei jl. verscheen haar boek De toekomst van het sterven, een handreiking voor het gesprek over het sterven.

Bronnen:
Opinie: Goed sterven, laten we dat proberen terug te veroveren op medisch overleven (Marli Huijer, de Volkskrant, 25 mei 2022)
Euthanasie en christen? Dat gaat prima samen volgens deze arts: ‘Mens bepaalt zelf einde van leven’ (Lex Bezemer, Rianne de Zeeuw-Heus, AD, 30 april 2022)
Euthanasie kan schadelijk zijn voor het leven na de dood (Dora Rovers, Trouw, 3 mei 2012 en Facebook Hans Stolp Community (Zie bij 16 mei 2022, 13.03 uur)
Artsen en verpleegkundigen krijgen les in de kunst van vreedzaam sterven: ‘Van chemo weet ik alles, van sterven bijna niks’ (Haro Kraak, de Volkskrant, 15 mei 2022)

Als het niet meer gaat | Piet Schelling, Ad Nuijten | KokBoekencentrum | 176 blz. | € 16,99 | ‘In dit essay ga ik op zoek naar wat zo’n juist moment van sterven zou kunnen zijn. Hoelang duurt een betekenisvol leven? Is het belangrijk dat je geliefde, ouders of grootouders zo oud mogelijk worden? Of zijn er grenzen aan de groei van de levensduur?’ 

De toekomst van het sterven | Marli Huijer | Uitgeverij Pluim | 160 blz. | € 16,99 | ‘Is de zorglast van de laatste levensfase nog op te brengen als de hele samenleving ouder wordt? Zijn er grenzen aan de groei van de levensduur? Bestaat er zoiets als een juist moment van sterven? In De toekomst van het sterven onderzoekt Huijer onze omgang met veroudering en de dood, zowel op persoonlijk als maatschappelijk en politiek vlak.

Stervensbegeleiding in een nieuwe tijd | Hans Stolp | AnkhHermes | 144 blz. | € 15,50 | ‘Euthanasie betekent soms een voortijdige geboorte van een nog niet volgroeide geest. Stervensbegeleiding die tegelijkertijd geboortebegeleiding wil zijn, ziet er dan ook heel anders uit dan meestal onder dat begrip verstaan wordt.’

Beeld: hospice-info.nl

Anti-theologie radicaler dan atheïsme

Radicale theologie zaagt de poten onder de tafel van de theologen vandaan en probeert kerk en wereld zijn ingebeelde zekerheden te ontnemen. ‘Radicale theologie ontketent dus een kritiek op kerk, christendom, theologie en maatschappij. Maar het gaat tegelijkertijd verder dan een atheïstisch ‘nee’ tegen god omdat na de verdwijning van god, de goden van onze hersenspinsels toch springlevend blijven in ideologieën en denksystemen. Dus er is een grondiger ‘nee’ nodig dan het atheïsme.’ – Zo begint religiewetenschapper Josh de Keijzer zijn theologische drieluik Wat is radicale theologie?

Is radicale theologie dan nog wel theologie? Ja, maar het is anti-theologie. Het maakt de weg vrij voor een authentiek mens-zijn. Verrassend vaak (maar niet altijd) zie je bij radicale theologen een heroriëntatie op Jezus. Maar dan wel zo dat die het christelijk geloof ontstijgt. Bonhoeffer voorzag een godsdienstloos christendom. Radicale theologie geeft er inhoud aan.’

Radicale theologie is dodelijk voor goden, stelt De Keijzer, want er is een theologische noodzaak om god zijn bestaansrecht te ontnemen.

Westerse theologie heeft al vroeg een verkeerde afslag genomen. Theologen gaven zich over aan een geforceerde integratie van de god van Jezus in een allesomvattend filosofisch systeem. Cognitieve obsessie was het gevolg. En nog steeds gaat het er telkens om het juiste ding te weten om erbij te horen: ‘insider knowledge’, de juiste leer, catechese, systematische theologie, ‘wat de bijbel zegt’, etc.’


Josh de Keijzer

Het christelijke geloof verloor, aldus de religiewetenschapper, na de Verlichting langzaam de grip op de maatschappij. De christelijke god is toen incognito gegaan.

Hij [de christelijk god] dook weer op in de vorm van ideologieën als kapitalisme, marxisme, consumentisme, hedonisme, fascisme, populisme, neoliberalisme, etc. Het geloof als zodanig aanvallen is daarom voor radicale theologen niet interessant; dat doen zelfovertuigde atheïsten al. Het gaat erom god—of het structurele denkprincipe achter ideeën—bloot te leggen.

De Keijzer stelt dat radicale theologie op de religieuze drijfveer focust die ook (en juist) in een geseculariseerde maatschappij achter de schermen aanwezig is.

De mens is ten diepste religieus. We zijn niet zozeer homo sapiens maar homo religionis. We wijden ons leven toe aan een doel, een god, een ideologie en dat kan positieve of negatieve gevolgen hebben, maar aanbidden zullen we. Ook de moderne mens is een religieus bevlogen mens.’

De religiewetenschapper zegt hiermee een stap verder te gaan dan het recente boek Onzeker weten, waarin een poging gedaan wordt om radicale theologie te introduceren in Nederland. – Onzeker weten zegt mensen wakker te schudden. De Keijzer lijkt ze nog wakkerder te willen schudden…

Ik beveel het boek van harte aan. Toch wil in mijn volgende twee blogs (dit is de eerste van een drieluik) een stap verder zetten. Onzeker weten is al beter dan zeker weten. Zeker! Maar misschien is ook onzeker weten te veel van het goede. Stoppen met onze cognitieve obsessie is één; het weten zelf een trap onder de kont geven is twee. Is te veel willen weten niet dé verleiding waar Adam en Eva voor vielen?’

Zie: Wat is radicale theologie? (theologie.nl)
Foto Josh de Keijzer: medium.com

Beeld: Vrij naar: De schepping van Adam – Fresco van Michelangelo Buonarroti (vromepraatjes.nl)

Tip! (Update 3 juni: Let op: alle volgende afleveringen zijn 1 week verschoven.) Van het theologische drieluik verschijnt bij theologie.nl blog 2 (over deconstructie) en 3 (over goed nieuws) resp. op 10 en 24 juni. Op 8 juli regeert religiewetenschapper en antropoloog Bram Kalkman: mede-auteur van Onzeker weten (een inleiding in de radicale theologie).

Het humanisme heeft ook iets transcendents

Het is niet verbazend dat ieder totalitair systeem als kern heeft het opheffen van het transcendente. Het communisme en fascisme waren ten diepst materialistisch. Zij beseften dat als je de mens zijn vrijheid wilt ontnemen, je het transcendente moet laten verdwijnen.Openstaan voor transcendentie vergt een bepaalde houding en oefening. Leren het geestelijke ‘licht’ te zien. Dat licht is in zekere zin nergens en dus overal, en straalt een mens als het ware toe in en vanuit alle dingen, terwijl de bron van dat licht verborgen en duister blijft.

De term transcendentie is een goed alternatief voor het nogal beladen en daardoor conflictueuze begrip ‘God’ waarbij iedereen andere gedachten (dogma’s) heeft, variërend van God op een wolkje tot het AL. Zo is er ook geen sprake van een christelijke God, islamitische of vrijgemaakte gereformeerde God, maar noemen we het transcendentie. Bij het zenboeddhisme is eveneens het transcendente te vinden:

‘Net zoals de oceaan zich in de golven toont, openbaart het Wonder zich in het subject. Zoals de golf de zee in zich draagt, kan de mens het goddelijke in zich terugvinden, zonder er ooit de vinger op te kunnen leggen. We zouden het, met een knipoog naar Levinas, de paradox van de immanentie van de transcendentie kunnen noemen.’
(Sophie Veulemans, KU Leuven)

De idee van transcendentie duidt ook aan dat mensen denken dat er in de religieuze beleving van de werkelijkheid een grond van alle dingen wordt ervaren die de dingen die we gewoonlijk ervaren te buiten gaat.

Het humanisme heeft ook iets transcendents. Hoewel een seculiere levensbeschouwing gespeend is van transcendentie, heeft het toch een transcendent aspect, want er wordt iets aangenomen buiten de gerealiseerde werkelijkheid. De marxistische verwachting van de heilsstaat bijvoorbeeld, kan dan quasireligieus genoemd worden, daar die heilsstaat ‘hemelse dimensies’ heeft.

Het humanisme heeft als opdracht de mythe van de menswording tot leven te brengen, niet in de zin van een vlucht uit een weerbarstige werkelijkheid, maar als de hoop op vervulling van menselijke mogelijkheden.‘
(Geestelijk vader van de humanistiek Jaap van Praag in Menswording van de mens.) 

Humanisten gaan ervan uit dat mensen zelf zin en vorm aan hun leven geven. Zij hechten bijzonder aan zelfbeschikking: de vrijheid om op een manier te leven waar je zelf achterstaat. Deze individuele vrijheid gaat samen met verantwoordelijkheid voor en betrokkenheid bij anderen en je omgeving. Menselijke waardigheid, rechtvaardigheid en vrijheid staan centraal. Humanisten hechten veel belang aan zelfontplooiing, vorming en cultuur.

Jij bent aan geen enkele beperking onderworpen. Jij zult voor jezelf je natuur bepalen naar je eigen vrije wil waaraan ik je heb toevertrouwd. Midden in de wereld heb ik jou geplaatst, zodat je van daaruit alles wat er om je heen in de wereld is gemakkelijker kunt bekijken. Ik heb je niet hemels en niet aards, niet sterfelijk en niet onsterfelijk gemaakt. Als vrij en soeverein kunstenaar moet jij als het ware je eigen beeldhouwer zijn en jezelf uitbeelden in de vorm die je verkiest.’
(Pico in Rede van de menselijke waardigheid, ook wel de ‘onafhankelijkheidsverklaring van de mens’ genoemd. In dit citaat laat humanist en filosoof Pico della Mirandola God tegen Adam spreken.)

Humanisten zien de aardse werkelijkheid en het leven in het licht van de mens zelf. Hun levensbeschouwing gaat over een manier van leven, het omvat inzichten in mens-zijn, in mens, wereld en het geheel der dingen. Het gaat om inzichten die iemands leven richting geven, inzicht in het leven en idealen van goed-mens-zijn. Ze geven de voorkeur aan dialoog in plaats van dogmatiek. Er is sprake van de Gulden Regel: Wat gij niet wilt wat u geschiedt, doe dat ook een ander niet’.

Binnen religies is die regel ook te vinden. Zoals Hillel, een joodse leraar onderwees: ‘Doe anderen niet aan wat je zelf hatelijk vindt’. En uit de Mahabaratha, een hindoe-epos: ‘Dit vat alle plichten samen: doe anderen niets aan dat je kwetsend vindt als het jou wordt aangedaan’. En Jezus: ‘Behandel de mensen in alles zoals je wilt dat ze jou behandelen’.
Een duizenden jaren oude regel van Confucius luidt: ‘Wat wij niet willen dat anderen ons aandoen, moeten wij ook anderen niet aandoen’. Ook de Boeddha was die mening toegedaan: ‘Kwets anderen niet met wat jou kwetst’. ‘Niemand van jullie is een gelovige tenzij hij zijn naaste toewenst wat hij zichzelf toewenst,’ zei profeet Mohammed.

Totalitair dictator en zakenman Vladimir Poetin, die natuurlijk niets op heeft met het transcendente, komt het niet uit de Gulden Regel te kennen.

Poetin presenteert zich als een orthodoxe gelovige, maar hij heeft het nooit over het liefhebben van je naasten.’
(Russisch-orthodoxe geestelijke Cyril Hovorun, hoogleraar ecclesiologie en oecumene aan het University College Stockholm, in Trouw, 4 maart 2022) 

Tot de speech van Poetin van vorige week – daar was hij zelf de vertolker van deze ideeën. Stoeckl: ‘Hierna durf ik met recht te zeggen: Poetin zet religie in als wapen.’
(Sociologe Kristina Stoeckl, van de Universiteit van Innsbruck, gespecialiseerd in de relaties tussen de kerk en staat in Rusland, in Trouw, 4 maart 2022)

Beeld: Vitruviusman van Leonardo da Vinci, ca. 1490, Gallerie dell’Accademia, Venetië. (Wiki Commons) De Vitruviusman wordt gezien als een symbool van het humanisme, met de mens als het middelpunt van het heelal.

Cartoon: KU Leuven – hetdorp.pauljansen.eu