Het revolutionaire van christelijke waarden

passion-congerdesign-pixabay

De Britse historicus Tom Holland zegt in zijn pas vertaalde boek Heerschappij, dat we ons vaak niet realiseren hoe christelijk we met z’n allen zijn. Holland verwijst naar de Canadese socioloog Charles Taylor die in Een seculiere tijd stelt dat het wetenschappelijk wereldbeeld, zelfs het idee van seculariteit, pas mogelijk werd door de kerstening(!) van de maatschappij. In De Groene Amsterdammer schrijft historicus en onderzoeker Frank Mulder een interessant artikel over de toekomst van het christendom. ‘Irrelevante dingen gaan naar de rommelmarkt, het geleefde geloof blijft over.’

De heidense kosmos vol was van gevaarlijke en grillige machten. Pas toen door het geloof in een goede god die machten en angsten werden overwonnen, ontstond ruimte voor vrij denken, ontstond de mogelijkheid tot vrij kiezen, ja zelfs tot een reëel geleefd atheïsme.’

Gelijkwaardigheid van alle mensen
I
n een meeslepend betoog, zo vertelt Mulder, onderzoekt Holland van Athene tot de #MeToo-beweging, de wortels van onze humanistische waarden, zoals universaliteit en gelijkwaardigheid van alle mensen. Die waarden zijn niet uit de lucht komen vallen en ook niet pas tijdens de Verlichting bedacht. Maar waar komen ze vandaan?

Als kenner van de Grieken en Romeinen weet Holland als geen ander dat naastenliefde en gelijkheid daar geen deugden waren. Men streefde naar status en onderwerping, de goden zowel als de mensen. Dat opstandige slaven gekruisigd mochten worden en dat vrouwen zich gewillig moesten geven aan de man was common sense.

Tot zijn eigen verbazing ontdekt Holland dat deze pijlers van de antieke wereld pas omver gingen toen een kleine joodse sekte begon te verkondigen dat één van die gekruisigden God zelf was. Dat hij alle geweld en vernedering in zich had opgenomen om een nieuw volk te scheppen waar man en vrouw, jood en Griek, slaaf en vrije, Romein en barbaar, gelijk zouden zijn.’

Universeel geloof
V
olgens Holland, aldus Mulder, is dit de eerste keer dat er een werkelijk universeel geloof ontstaat waar iedereen bij mag horen.

Dat werd heus niet netjes nagevolgd door iedereen, ook door gelovigen niet, maar het zaad was gezaaid en de opmars van dit idee door de wereldgeschiedenis was onstuitbaar. Holland is er zelf vooral verbaasd over dat hij dit in zijn hele carrière over het hoofd heeft gezien. Het komt, zegt hij, doordat we zo zijn omgeven door christelijke waarden dat we niet meer zien hoe revolutionair ze zijn, hoe vreemd.’

heerschappij

Vrije, open samenleving
I
n het artikel Christendom: Geloven over twintig jaar – Een nieuwe familie, in De Groene Amsterdammer, geeft Mulder onder meer ook een boeiende impressie van (de toekomst van het christelijk geloof in) het Utrechtse Overvecht – misschien wel van cruciaal belang voor iedereen die een vrije, open samenleving een warm hart toedraagt.

De katholieke priester van Overvecht is al op leeftijd, maar fietst kwiek de hele wijk door, op sandalen, met een witte boord en een kruisje om zijn nek. Hij overlegt met de gemeente, heeft een kennismaking in de moskee en bezoekt iemand in een verzorgingstehuis, overal waar hij kan bijdragen aan verbondenheid. Hij lijkt er niet onder te lijden dat de traditionele kerk uitsterft. ‘Veel kerkgangers zijn verdrietig als een kerk moet sluiten, want ze waren eraan gehecht. Maar waren ze ook gehecht aan God? Voor een groot deel gaat het om een cultuurchristendom waar mensen naar de kerk gaan voor de gemeenschap.’ Dus of het erg veel zegt, de kerkverlatingscijfers?’

Zie: Christendom: Geloven over twintig jaar – Een nieuwe familie (De Groene Amsterdammer)

Heerschappij – hoe het christendom het Westen vormde | Tom Holland | Uitgeverij : Athenaeum | ISBN : 9789025305673 | Pagina’s: 640 | februari 2020 | Hardcover € 29,99 | E-book € 16,99

Luisteren: De Ongelooflijke Podcast: Tom Holland over hoe het christendom het Westen vormde

Beeld: congerdesign – Pixabay

‘Dat ik, dat is de ziel, waardoor ik ben wat ik ben’

Dat ik, dat is de ziel, waardoor ik ben wat ik ben-robertcollins

Dat schreef de Franse filosoof René Descartes in 1637. ‘Zelfs als we de immaterialistische opvatting van Descartes over de ziel afwijzen, hebben we nog steeds een sterk gevoel bij ‘dat ik’, dat zelf waardoor ik ben wie ik ben. Allemaal proberen we te doorgronden wat de ‘ziel’ in deze betekenis inhoudt.’ Aan het woord is filosoof John Cottingham. ‘De zoektocht naar manieren om uitdrukking te geven aan het verlangen naar een diepere betekenis in ons leven schijnt een onuitwisbaar deel van onze natuur te zijn, of we onszelf nu als religieuze gelovigen beschouwen of niet.’

Betere versie van onszelf
‘W
at is de ziel anders dan de betere versie van onszelf?’ zegt Cottingham, emeritus professor in de filosofie aan de universiteit van Reading (VK) en professor filosofie en godsdienst aan de Universiteit van Roehampton (Londen). Cottingham vraagt zich af wat voor zin het heeft het om de hele wereld te veroveren als je je ziel daarbij kwijtraakt. Het artikel verscheen in maart 2020 in Aeon, in samenwerking met Princeton University Press, en nu ook ook in het Financiële Dagblad.

Tegenwoordig zijn er vergeleken met vijftig jaar geleden veel minder mensen die gevoelig zijn voor het bijbels tintje aan deze vraag. Maar toch is de vraag nog steeds urgent. We weten misschien niet precies meer wat we met de ziel bedoelen, maar intuïtief begrijpen we wel wat met dat verlies wordt bedoeld: de morele desoriëntatie en het morele verval waarbij wat waar en goed is uit het zicht raakt, en we erachter komen dat we ons leven hebben verspild aan een illusoir profijt dat uiteindelijk zonder waarde is.’

Moderne wetenschap
M
aar wat is de ziel, vraagt Cottingham zich ook af en stelt dat de moderne wetenschap de neiging heeft om occult of ‘spookachtig’ geachte concepten, zoals zielen en geesten, terzijde te schuiven, en in plaats daarvan ons volledig als een deel van de natuurlijke wereld te zien. Hij wil daarbij echter niet de waarde van het wetenschappelijk perspectief ontkennen.

Maar er zitten veel aspecten aan de menselijke ervaring die niet gemakkelijk te vangen zijn in de onpersoonlijke, op kwantiteiten gebaseerde terminologie van wetenschappelijk onderzoek. Het concept ‘ziel’ maakt dan misschien geen deel uit van de taal van de wetenschap, maar de bedoeling van de term in poëzie, romans en gewone taal zien we direct en lokt ook een onmiddellijke reactie uit.’

Harmonie
D
e filosoof stelt, dat om ons te realiseren wat ons zo volledig mens maakt, we onze aandacht moeten richten op de rijkdom en de diepte van de emotionele weerklank die ons met de wereld verbindt.

Het in harmonie brengen van ons emotionele leven met onze met ons verstand gekozen doelen en projecten is een essentieel bestanddeel van de genezing en de integratie van de menselijke ziel.’

Menselijk verlangen naar transcendentie
C
ottingham vindt dat het menselijk verlangen naar transcendentie niet zo goed tot uitdrukking komt in de abstracte taal van een theologische leer of filosofische theorie. Over onze zoektocht naar manieren om uitdrukking te geven aan het verlangen naar een diepere betekenis in ons leven, zegt hij dat dit een onuitwisbaar deel van onze natuur schijnt te zijn, of we onszelf nu als religieuze gelovigen beschouwen of niet.

Het beste krijg je er grip op in de praktijk, dat wil zeggen in de manier waarop die theorie wordt toegepast. Traditionele spirituele praktijken – de vaak simpele manieren om uiting te geven aan devotie en overtuiging bij overgangsrituelen die bij geboorte en dood van een dierbare horen, of rituelen zoals het uitwisselen van ringen – vormen een krachtig vehikel om zulke verlangens mee uit te drukken. Een deel van hun kracht en hun weerklank is erin gelegen dat zij op veel niveaus werkzaam zijn, waardoor de morele, emotionele en spirituele respons op diepere lagen wordt aangesproken dan waar alleen het verstand toe in staat is.’

In de kern op het goede gericht
W
at we onder andere bedoelen als we zeggen dat we een ziel hebben, zo stelt Cottingham, is dat wij mensen ondanks al onze tekortkomingen in de kern op het goede zijn gericht.

We willen zo graag boven de verspilling en futiliteiten uitstijgen die ons zo gemakkelijk naar beneden trekken, en in de transformerende, menselijke, met de term ‘spiritueel’ aangeduide ervaringen en praktijken vangen we een glimp op van iets dat een transcendente waarde en belang heeft dat ons aantrekt. Als reactie op deze roep proberen we ons echte ik te verwezenlijken, de ik die onze bestemming is. Dit is waar de zoektocht naar de ziel naartoe leidt, en het is op deze plek dat deze betekenis, als het menselijk bestaan betekenis heeft, moet worden gezocht.’

Zie:
* What is the soul if not a better version of ourselves? (Aeon)
* Wat is de ziel anders dan een betere versie van onszelf? (Het Financiële Dagblad, 18042020)

Foto: Robert Collins – ‘Four boys playing ball on green grass’ (Jakarta, Indonesia)
Update 18092024 (Lay-out)

Resilience: ferm antwoord op religieus analfabetisme

Dante_Domenico_di_Michelino_Duomo_Florence_commons_wiki

Resilience wordt omschreven als het vermogen van individuen, gemeenschappen, instituten, bedrijven en systemen (lees: religies) binnen een stad om te overleven, zich aan te passen en te groeien ongeacht de soort chronische stress en acute schokken die zij ondervinden. Dit klinkt ferm, zegt Jack Kruf van Strategy & Design. Officieel is Resilience nu een ‘wetenschappelijke onderzoeksinfrastructuur voor alle religieuze studies’. Letterlijk betekent resilience ‘veerkracht’. Het woord is creatief opgebouwd uit een aantal (hoofd)letters uit de volgende begrippen: REligious Studies Infrastructure: tooLs, Innovation, Experts, conNections and CEntres in Europe.


Wat is Resilience?
Twaalf academische instellingen uit tien landen hebben hun krachten gebundeld om dit tweejarige project uit te voeren met als uiteindelijk doel een Europees antwoord op de uitdagingen van religieuze diversiteit op te bouwen. Het Resilience-project vond zijn kick-off meeting op 6/7 september 2019 in Bologna.

Momenteel richt Resilience zich op het voorbereiden van een voorstel voor een gevestigde onderzoeksinfrastructuur in religieuze studies. Het voorstel zal op 5 mei 2020 aan het ESFRI-forum worden voorgelegd om deel uit te maken van de ESFRI-routekaart 2021. [Vanwege COVID19 nu uitgesteld tot 9 september 2020.]


Voor vier jaar wordt het project gesubsidieerd vanuit de Europese Unie, door Horizon2020, hét Europese subsidieprogramma voor Onderzoek en Innovatie in Europa. De reden van het project is het toenemend religieus analfabetisme.

Resilience is geen kerkelijk, oecumenisch of interconfessioneel project, maar zuiver een dienstencentrum voor onderzoek. De vraag naar religie wordt in de samenleving steeds groter. Daarom is brede samenwerking zo hard nodig. Dat geldt bijvoorbeeld voor de kennis van islam en jodendom. Goede kennis van de islam voorkomt populisme en kennis van joodse bronnen is van groot belang met het oog op het groeiend antisemitisme,’ legt Selderhuis [hoogleraar kerkgeschiedenis aan de TUA] uit.’
(Friesch Dagblad, 16 april 2020)

Excellente wetenschappers
R
esilience omschrijft zichzelf als een ‘unieke, interdisciplinaire en verkwikkende wetenschappelijke onderzoeksinfrastructuur voor alle religieuze studies, die een krachtig platform bouwt en evoluerende tools en big data levert aan wetenschappers uit alle wetenschappelijke disciplines die religies doorkruisen in hun diachronische en synchrone variëteit’.

12 Europese academische instellingen hebben de kwalificatie van het ESFRI-forum opgepikt dat religieuze studies een potentieel hoog strategisch gebied zijn en hebben een consortium opgericht dat voorziet in de behoeften van een grotere en meer gestructureerde betrokkenheid van excellente wetenschappers.’
(Resilence)

Religie digitaal ontsluiten
V
anuit Nederland participeert de Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA) en werkt samen met rooms-katholieke, islamitische en seculiere universiteiten. Vanuit België doet de KU Leuven mee. Volgens kerk- en religiejournalist Klaas van der Zwaag is er steeds minder kennis van religie, en is er in Europees verband behoefte aan een religieuze infrastructuur, die kennis over godsdienst ontsluit: Resilience. ‘Het is de bedoeling om alle mogelijke onderwerpen die met religie te maken hebben digitaal te ontsluiten,’ zegt woordvoerder prof. dr. H. J. Selderhuis.

De reden van het project is het toenemend religieus analfabetisme, zegt Selderhuis. ‘Het gaat vaak om de gewone dingen in het alledaagse leven die met religie te maken hebben en die misverstanden kunnen oproepen. Neem een lopende tentoonstelling over doopvonten in de Dom van Maagdenburg. Daar zijn gidsen werkzaam die voor een groot deel afkomstig zijn uit de voormalige DDR en meestal geen kennis van religie hebben. Maar neem ook de gezondheidszorg in deze tijd van coronacrisis: hoe ga je met moslims om en wat doe je als je een boeddhist moet verplegen?’

Bronnen o.a.:
* Breed Europees antwoord op religieus analfabetisme
* Resilience
* Jack P. Kruf

Beeld: Dante met de Divina Commedia in de hand, tempera op doek (1465), Domenico di Michelino, Santa Maria del Fiore, Florence (commons wiki)
Tussen 1308 en 1321 schrijft de Italiaanse dichter Dante Alighieri een episch gedicht getiteld De goddelijke komedie, dat de overgang markeert tussen de late Middeleeuwen en de Renaissance. Dante beschrijft hierin een imaginaire reis door de drie rijken van het hiernamaals: de hel, de louteringsberg en het paradijs.
Het zijn drie voorstellingen uit de westerse ideeëngeschiedenis die meekomen met een middeleeuws wereldbeeld. Die reis voert Dante van de diepste ellende van het kwaad naar de uiteindelijke aanschouwing van God. Wie het boek allegorisch leest, kan er ook de pelgrimage van de ziel naar God in zien. In ‘het paradijs’ waarin tal van extatische, mystieke passages staan, poogt Dante uit te tekenen wat hij nauwelijks kan meedelen.
De religieuze expressie voor die nauwelijks bespreekbare ervaring of onbepaaldheid is dat een mens ‘Gods gelaat aanschouwt’. Kun je nagaan, iemand die een literair geschrift produceerde, dat uit ruim veertienduizend verzen bestaat, iemand die met verbeeldingskracht schrijft en zowel een persoonlijke als een universele taal schept – en die dát onuitspreekbaar vindt! Bladzijde na bladzijde beleed Dante dat er een werkelijkheid was, die hij met geen pen kon beschrijven!’
(
Suzan ten Heuw, ambulant predikant, PhD-kandidaat en veganist)