Van verdeeldheid in religies naar universele spiritualiteit

tijdschriftcover287 (1)
‘We leven in een enorm spannende tijd die een algeheel ontwaken laat zien in de gehele wereld. Oude waarheden blijken opeens niet zo waar meer te zijn. Problemen lijken niet opgelost te kunnen worden met het oude bewustzijn. Verdeeldheid in religies maakt langzaam plaats voor een universele spiritualiteit die in het hart wordt gevoeld. De wereld is in beweging, want het bewustzijn van de mensheid is in beweging. Nieuwe visies, vergezichten, ontdekkingen en initiatieven duiken overal op.’

bresplaneteZo begint de welkomstpagina van Bres, Bewustzijn in beweging. Het magazine noemde zichzelf vroeger Kroniek van de beschaving, het ‘eerste tijdschrift voor andersdenkenden’. De boekjes (Bres Planète, foto: delcampe.net)) lagen altijd op mijn nachtkastje en soms nog steeds. Een verlichtende verademing toen ik het jaren geleden voor het eerst ontdekte en stuk las. Het is sinds een jaar vernieuwd, verschijnt nu full colour en telt 96 pagina’s.

Verder kijken dan je neus lang is, daar gaat het om. We zijn zeker niet zweverig, wel spiritueel. We proberen dieper te graven dan andere bladen over spiritualiteit. Dat kan doordat wij werken met themanummers.’ (Emy ten Seldam in Elsevier)

bres
V
olgens Elsevier biedt BRES (foto: Bres) al een halve eeuw – sinds 1965 – een podium aan onorthodoxe auteurs met eigenzinnige, en af en toe wat curieuze, opvattingen op het raakvlak van religie, wetenschap en cultuur. Het was een commercieel succes en behandelde kwesties van geestelijke aard waarvoor aanzienlijke belangstelling bleek te bestaan.

bressimonvinkenoogVrije geesten als de schrijver Simon Vinkenoog (foto li: Vinkenoog – Bres) konden er hun ei kwijt, net zoals rozenkruisers en aanhangers van ufo’s. De buitenwacht keek soms met verbazing toe. Maar wat betreft tal van onderwerpen, van bijna-doodervaringen tot reïncarnatie, kan niet anders worden vastgesteld dan dat BRES een pioniersrol vervulde.’ (Elsevier)

Volgens Gerry van de List (Elsevier) probeert Bres al een halve eeuw lang het inzicht in ons geestelijk leven te vergroten, volgens Bres zelf zonder zweverig te zijn. Het blad is opgericht door een oud-medewerker van Elsevier, Teddy Klautz (1904 – 1990), toen al uit zijn opgebloeide interesse in spiritualiteit. Bres oefende grote invloed uit in een tijd dat de kerken begonnen leeg te lopen.

tijdschriftcover292Doordat elk nummer een ander thema behandelt, kan diep op het onderwerp worden ingegaan, vanuit verschillende invalshoeken en met de visie van de huidige tijd. Daarbij vormt telkens een serieuze spiritualiteit de rode draad in het themanummer, een spiritualiteit die voor iedereen herkenbaar is omdat ze universeel is, niet gebonden aan uiterlijke dogma’s en rituelen, en innerlijk beleefd en ontwikkeld wordt.’ (Bres)

BRES Magazine verschijnt 6 x per jaar en elk nummer behandelt een specifiek thema.

Zie: Pioniersblad voor andersdenkenden viert vijftigste verjaardag

en: Bres, Bewustzijn in beweging

Foto: Detail cover Bres

Impliceert informatie in DNA een Schepper?

GrantCeesDekker
Over de (grijze) cellen van bioloog René Fransen en moleculair bioloog Peter Borger. In een discussie tussen wetenschappers over de cel lees je en passant dat de informatie in ons DNA – de grote verzamelstructuur van genetische informatie in de cel  – een Schepper impliceert. Dit dispuut volgt op een interview met bionanowetenschapper Cees Dekker die een ‘paar babystapjes’ wil zetten in de ontrafeling van het leven. In het RD is de discussie losgebarsten.

Fransen ontkent dat het DNA werkelijk een informatieopslag en verwerkingssysteem is, vergelijkbaar met een computer. Dat er geen informatie in het DNA zit, is de opvatting die met name door de atheïstische gemeenschap wordt gehuldigd, omdat informatie een Schepper impliceert. Maar we hebben echt te maken met gecodeerde informatie, en niet met metafoor als we over informatie in het DNA praten.’ (Borger)

renefransenVolgens René Fransen (foto li: RF) is de uitspraak van Peter Borger (foto onder: cip.nl) dat informatie een ‘immateriële component’ van het leven is, niet wetenschappelijk maar puur metafysisch.

Borger beweert verder dat volgens het ‘mainstreamparadigma’ in de biologie het leven simpel is. Dit is onjuist: de evolutietheorie stelt slechts dat leven simpel begonnen is. We weten niet hoe het leven begon, maar experimenten met chemische evolutie laten zien hoe niet-levende systemen zichzelf al kunnen namaken en daarbij ook kunnen veranderen.’ (Fransen)

Een leuk ander metafysische duwtje komt van Bart van den Dikkenberg in het Reformatorisch Dagblad, in gesprek met oeuvreprijswinnaar Dekker, die een beurs van 3,5 miljoen krijgt voor kunstmatige celdeling: ‘Als het wetenschappers lukt een kunstmatige cel te maken, hebben ze op zijn minst aangetoond dat daar intelligentie voor nodig is’.

Dekker lacht. ‘Je moet onderscheid maken tussen wetenschappelijk onderzoek en de metafysische duiding die je daaraan geeft. Wetenschappers onderzoeken de natuur en zien daarachter misschien een goddelijk plan of louter toeval. Dat verschil in duiding was er 2500 jaar geleden al bij de Griekse filosofen. Deze discussie zal door dit onderzoek niet opeens heel anders lopen.’ (RD)

peterborgercipnlToch gaat Van den Dikkenberg door en vraagt zich af of de cel dan niet a priori op te vatten is als het werk van een schepper. Daar is niets mis mee, vindt Dekker die als christen ook de hand van God ziet in de schepping. God was er volgens hem bij toen de eerste moleculen de eerste cellen vormden die aan het begin stonden van een lange keten van de evolutie van het leven die ten slotte uitliep op de mens; was er zelfs de schepper van.

Ik zie het als een geschenk van God. Ik geloof dat Hij de wereld heeft geschapen door middel van evolutie. Het is echter nog volslagen onbekend hoe de eerste cellen ooit zijn ontstaan. Het mechanisme daarachter kennen we nog niet.’ (Dekker)

cees_dekkerHet woord scheppen leidt bij mij even tot religieuze verwarring als Cees Dekker (foto li: twitter) zegt dat hij als nanobioloog een (kunstmatige) cel gaat scheppen. Gelukkig bedoelt hij met dat scheppen zoiets als een architect doet die een gebouw ‘schept’. De wetenschapper waant zich gelukkig geen god. 🙂

Genoemde biologische discussie is voor geïnteresseerden te volgen – zonder betaalmuur, niet op zondag, dat heeft de Schepper liever niet 😉 – in het RefDag. De redetwist heeft eigenlijk als onderliggende agenda of God als Schepper iets met de cel – en dus met het hele leven – te maken heeft. Metafysica en wetenschap als strijdtoneel, een wedstrijd tussen de grijze cellen van de wetenschappers…

Volgens Borger, gisteren in zijn laatste bijdrage, hebben Fransen en ForumC zich ten doel gesteld om ‘survival of the fittest’ te combineren met ‘heb je naaste lief als jezelf’. Hij noemt dat een onzinnig, tegenstrijdig compromis.

De data spreken tegen universele gemeenschappelijk afstamming en tonen dat selectie geen rol van betekenis speelt om biologische oorsprongsvraagstukken te verklaren. Dit is ook het geluid dat steeds meer evolutiewetenschappers laten horen, zoals Andreas Wagner en James Shapiro. Als christen is er dus geen enkele reden achter Darwin aan te (blijven) lopen.’ (Borger)

Hoe dan ook, volgens Fransen doet Borger het onderzoek dat Dekker gaat uitvoeren geen recht.

‘Dit onderzoek zal ons meer leren over de schoonheid van de schepping en over manieren waarop wij die schepping kunnen gebruiken voor nuttige toepassingen.’ (Fransen)

Zie voor meer: over o.a. Encode, RNA, evolutietheorie en ‘junk-DNA’:

* Cees Dekker: Babystapjes om het leven te begrijpen
* Bouwen van levende cel op voorhand mislukt
* Te snelle conclusies over de cel
* Grootste deel DNA is functioneel
* Encode wel degelijk doorslaggevend

Foto: Dekker group TU Delft

Geen schoonheid en troost in atheïstisch wereldbeeld Waldo Swijnenburg

parallel-universes

Dat toonaangevende atheïsten vaak een negatief mens- en wereldbeeld verkondigen is een van de redenen dat het atheïsme wereldwijd zo weinig populair is. Zo vervangen zij een zinvol leven door een doelloos bestaan en zetten de mens neer als een ‘omhooggevallen aap’ in plaats van een ‘gevallen engel’. Aldus de achterflap van het boek De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God. Toch kan volgens schrijver Waldo Swijnenburg een werkelijkheid zonder God wel degelijk mooi, menselijk en zelfs magisch zijn.

Filosoof Jan-Auke Riemersma leest zijn boek en vindt dat filosoof, socioloog en psycholoog Swijnenburg de mens echter niet veel te bieden heeft als het om levensbeschouwelijk goed gaat en maakt hij de titel van zijn boek niet waar.

De onsterfelijkheid wordt bij hem betaald met een enorme vermenigvuldiging van het leed en de term ‘rechtvaardigheid’ komt in zijn woordenboek niet voor. Het werk van Swijnenburg valt tegen, althans voor iemand die enige levensbeschouwelijke diepgang verwacht. De woorden ‘troost’ en ‘schoonheid’ zijn eigenlijk niet van toepassing op zijn levensbeschouwelijke visie.’

Swijnenburg

Riemersma vindt de toon van Swijnenburg wel verfrissend, hij heeft ook niet dat neerbuigende toontje waarmee de nieuwe atheïsten zich vaak bedienen. Maar een ‘knock-out’ argument tegen het geloof in God bestaat niet volgens Riemersma.

Swijnenburgs afhandeling van de vraag waarom God het kwaad toelaat komt echter aardig dicht in de buurt van een knock-out argument. Met zijn argumenten dwingt hij de theïst op de knieën. Het probleem van het kwaad blijft de achilleshiel van het theïsme en Swijnenburg maakt optimaal gebruik van deze zwakte.’

Het fine-tuningargument komt ook ter sprake. Swijnenburg vindt dat het sterkste argument voor het theïsme en beschrijft de argumenten van voor- en tegenstanders. Riemersma noemt dit, en zijn behandeling van het kwaad, een van de beste delen van De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God. De atheïst blijkt de beste papieren te hebben voor dit argument.

quantum_cartoon

Uiteindelijk komt hij tot de conclusie dat de atheïst de beste papieren heeft daar die zich geruggensteund weet door het zogenaamde multiversum: wie uit een zeer groot kledingmagazijn kan kiezen, zo citeert Swijnenburg de astronoom Martin Rees, zal altijd wel een pak vinden dat hem als gegoten zit. Tussen de vele universa vinden we er altijd wel een die geschikt is voor leven. We hebben daarom geen God nodig die de werkelijkheid zo inricht dat er op termijn leven zal ontstaan.’

waldoswijnenburgVolgens Waldo Swijnenburg (foto: uitgeverij Balans) sterven we misschien alleen maar in dit universum, maar gaan we door in andere. Volgens hem bestaan er mogelijk oneindig veel versies van onszelf, waarbij de geschiedenis net een andere wending heeft aangenomen. Riemersma vindt dit geen troostrijke gedachte en vindt het jammer dat de schrijver dit probleem niet oplost en uitwerkt.

Hij verstrekt ons een technische oplossing voor het probleem van de sterfelijkheid, maar bekommert zich niet om het levensbeschouwelijke probleem van het ‘lijden’ dat inherent is aan de vele werelden-theorie. Voor iemand die zegt ons een volwaardige levensbeschouwing te kunnen verschaffen is dit niet voldoende. Het laat zich gemakkelijk raden dat het menselijk lijden, als we dat met vele werelden vermeerderen, eenvoudigweg moet worden afgewezen.’

Zelf vindt Riemersma dat wie het bestaan van vele werelden verdedigt, er rekening mee moet houden dat het bestaan van God wellicht ook mogelijk is…

Bron Swijnenburg, een wereldbeeld zonder god – Update: Blog opgeheven

De schoonheid en de troost van een wereldbeeld | Waldo Swijnenburg Paperback | 290 blz. | Uitgeverij  Balans | 2014 | EAN: 9789460039065 

Illustr: achterdesamenleving.nl
QuantumCartoon: space.mit.edu
UPDATE: 10.34 uur