Kan je een transcendente God logisch bewijzen?

universe anthropic
‘Er is een oneindig machtige tovenaar die de aarde gemaakt heeft en die alles kan wat wij niet kunnen en die aanbeden moet worden op woensdagen en die wel móet bestaan want dat is naar zijn ‘absolute’ aard.’ Dit is de conclusie uit de premissen: de aarde bestaat en de aarde komt ergens vandaan. Met deze schalkse, door hemzelf als onzinnig (lees: ongeldig) bestempelde redenering verbeeldt filosoof Jan-Auke Riemersma zijn ‘algemeen intuïtief bezwaar tegen godsbewijzen’. Hij geeft nog enkele parodieën op premissen en hun wonderlijke conclusies.

En dus bestaat GodBetekent dit dan dat alle godsbewijzen onzinnig zijn? Dat is lastig te zeggen. Maar het is op voorhand duidelijk dat het logisch onmogelijk is om uit een ‘natuurlijke’ wereld af te leiden dat er een ‘transcendente’ God moet bestaan.’

Volgens Riemersma (alias de Lachende Theoloog) heeft zeggen dat ‘de eerste oorzaak’ de transcendente God is, niets te maken met ‘eerlijke, ouderwetse’ logica, maar alles met de denkbeelden die behoren tot het geloof dat je aanhangt. Hij vindt het niet logisch om het bestaan van God logisch aan te tonen: wie gelooft dat God het meest perfecte wezen is dat wij kennen, ziet in dat het niet ‘logisch’ is om God ‘tevoorschijn’ te halen uit gewone, ‘aardse’ premissen. We veronderstellen immers dat God de wereld die Hij geschapen heeft, overtreft: God is transcendent.

In zijn recensie – in een ander artikel – van het boek En dus bestaat God, van Emanuel Rutten en Jeroen de Ridder, stelt Riemersma dat de vraag of God bestaat in goede handen is bij de filosoof. Immers, de vraag of God bestaat kan niet worden beantwoord door de bioloog, de wiskundige of de fysicus. ‘Filosofen kunnen antwoord geven!’ stelt Riemersma.

Godisnooittevinden-Loesje-large
Hij is van mening dat filosofen werken aan argumenten die het geloof kunnen versterken, maar vraagt zich af hoe sterk of overtuigend de godsbewijzen zijn. De Lachende Theoloog gaat vooral in op het argument van de natuurwetten, waarin gesteld wordt dat de werkelijkheid geordend is.

Maar dat is werkelijk een al te optimistisch en gemakkelijk uitgangspunt. Hoe wéét de theist dat de gehele wereld geordend is? Is het niet mogelijk dat de mens voornamelijk de soort orde (logisch) ziet die hij nodig heeft? Vooralsnog beschikken we niet over een sluitende fysische beschrijving van de ‘gehele werkelijkheid’.’ 

Zijn volgende vraag is waar de natuurwetten dan vandaan komen: wie heeft de logische orde ingesteld? Volgens de schrijvers van En dus bestaat God is de verklaring… het bestaan van God. Volgens Riemersma komt dit bovennatuurlijke antwoord letterlijk uit de lucht vallen. De filosofen moeten van hem naar meerdere verklaringen zoeken. Misschien naar de duivel, suggereert de Lachende Theoloog, de natuurwetten zorgen immers ook voor bosbranden, vulkaanuitbarstingen en aardbevingen.

janriemersmafacebookWaarom denkt De Ridder dan dat God de enige redelijke verklaring is voor het bestaan van een natuurlijke orde? Omdat God zeer goede redenen had, volgens De Ridder, om onze wereld te voorzien van een logische orde: alleen in een wereld met een orde als de onze kunnen vrije, zelfstandig denkende mensen ontstaan. En dat is de bedoeling geweest van God.’ 

Jan-Auke Riemersma (foto: J-AR) noemt dit speculeren, want hoe kunnen wij weten welke redenen God had? De theïst zegt dat God noodzakelijk bestaat, en lijkt hiermee een denkfout te maken. Het beroep op Gods ‘noodzakelijk’ bestaan is niet toegestaan om de natuurlijke orde te verklaren. Je moet het bestaan van een logische orde veronderstellen om te kunnen bepalen dat God noodzakelijk bestaat. Maar dan is God als verklaring voor de orde in de werkelijkheid uiteindelijk ‘circulair’…

 Zie: 

Illustr: NPOwetenschap.nl

Volgens Sigmund Freud is het atheïsme een troostrijke illusie

atheists
Theepotisme is de ideologie die stelt dat in God geloven hetzelfde is als geloven in een vliegende theepot. Er is voldoende bewijs tegen theepotisme. Dus als volgens filosoof Bertrand Russell theïsme hetzelfde is als theepotisme, dan moet de atheïst, om zijn overtuiging te rechtvaardigen, net als de a-theepotist, krachtig bewijs tegen theïsme hebben.

Op de site Godsbewijzen staan een tiental ‘keukentafelargumenten’ op een rijtje die veelvuldig en gretig door atheïsten en relativisten worden gebruikt. De site noemt ze zwak, onsamenhangend en ze beargumenteren eigenlijk niets. Echter, de slechtste argumenten worden het meest gebruikt.

De waarheid’ bestaat gewoonweg niet, is er ook zo een. Filosoof Roger Scruton zegt hierover dat als iemand zegt dat er geen waarheden zijn, of dat alle waarheid ‘slechts negatief’ is, hij jou vraagt ​​om hem niet te geloven: Doe het dus niet!

loesje1Een ander argument van de keukentafel: Waarheid is gewoon een machtsmiddel om andere mensen mee te controleren. Theoloog Tim Keller zegt hierover dat als je zegt dat alle waarheidsaanspraken machtsspelletjes zijn, dat ook geldt voor je eigen bewering.

Als je (net als Freud) zegt dat alle beweringen over God en religie niet meer zijn dan psychologische projecties om je schuld en onzekerheid te hanteren, geldt dat ook voor je eigen bewering… Foucault probeerde anderen te overtuigen van de waarheid van zijn analyse, ook al ontkende hij het bestaan van de categorie waarheid.’ 

Over het argument dat de atheïst geen bewijslast moet dragen omdat atheïsme slechts de afwezigheid van geloof is, zegt filosoof William Lane Craig dat volgens deze nieuwe definitie atheïsme niet langer meer een visie of overtuiging is.

Als atheïsme wordt benaderd als een standpunt, namelijk het standpunt dat er geen God is, dan moeten atheïsten hun deel van de bewijslast dragen, die dit standpunt ondersteunt. Maar veel atheïsten geven openlijk toe dat ze een dergelijke bewijslast niet kunnen dragen. Dus proberen ze zich van hun epistemische verantwoordelijkheid te onttrekken door het atheïsme opnieuw te definiëren, zodat het niet langer een standpunt is, maar gewoon een psychische conditie, die als dusdanig niets beweert.’ 

Nog een laatste argument en dan verwijs ik naar de link die alle argumenten helder op een rijtje heeft staan. Atheïsten en relativisten zijn stil de laatste tijd, misschien hebben ze het tegenwoordig te druk met hun atheïstische kerkbezoek, dat heilzaam kan zijn en rust geeft. Dit argument luidt: Geloof in God is een waanidee, een troostrijke illusie voor mensen met een infantiele mentaliteit. Ofwel de freudiaanse/(neo)marxistische visie op het geloof in God. Sigmund-Freud-1936Hierover zegt wiskundige en wetenschapsfilosoof John Carson Lennox in zijn bestseller God: A Brief History of the Greatest One, dat Manfred Lütz erop wijst dat de freudiaanse kijk op religie uitstekend werkt, mits God niet bestaat. (Sigmund Freud – foto: skepticism.org.) 

Maar volgens dezelfde logica, vervolgt Lütz, als God wel bestaat, laat hetzelfde freudiaanse argument zien dat het atheïsme de troostrijke illusie is, de vlucht voor de realiteit, een projectie van het verlangen om God nooit te hoeven ontmoeten en dan verantwoording te moeten afleggen voor je leven… De echte vraag is dan ook: bestaat God?’

Schrijver en Nobelprijswinnaar literatuur (1980) Czesław Miłosz voegt hier aan toe dat de ware opium van het volk het geloven is in (het) niets na de dood, de gigantische troost van denken dat we niet berecht zullen worden voor ons verraad, onze hebzucht, lafheid of moordpartijen.

Zie: Keukentafelargumenten

Foto: bertaltena.com

Een God die niet bestaat zou nòg groter zijn

excuseme
De Australische filosoof Douglas Gasking liet zien dat als we ‘bestaan’ als eigenschap zouden rekenen, men op dezelfde wijze zou kunnen bewijzen dat God niet bestaat. Richard Dawkins verwijst naar hem in zijn boek God als misvatting. Gasking stelt dat een bestaande God niet het grootste wezen zou zijn dat men kan bedenken, want een nog geduchter en ongelofelijker schepper zou een God zijn die niet bestaat.

douglasgaskingDouglas Gasking (foto: University Melbourne) stelt dat als we veronderstellen dat het universum het product is van een bestaande schepper, wij een grootser wezen kunnen bedenken, namelijk een schepper die alles schiep zonder te bestaan.
Zijn redenering luidt:

‘De schepping van de wereld is de meest wonderbaarlijke prestatie die voorstelbaar is. De verdienstelijkheid van een prestatie is het product van (a) haar intrinsieke hoedanigheid en (b) van de bekwaamheid van haar schepper. Hoe groter de onbekwaamheid (of de handicap) van de schepper, hoe indrukwekkender de prestatie.

De meest geduchte handicap voor een schepper zou diens niet-bestaan zijn. Derhalve, als we veronderstellen dat het universum het product is van een bestaande schepper, kunnen wij een grootser wezen bedenken, namelijk een schepper die alles schiep zonder te bestaan.

Een bestaande God zou derhalve niet het grootste wezen zijn dat men kan bedenken, want een nog geduchter en ongelofelijker schepper zou een God zijn die niet bestaat.
Ergo: God bestaat niet.’ (Wiki)

janriemersmaEen en ander is te lezen op een boeiende Wikipagina over Godsbewijzen en anti-Godsbewijzen. Overigens zijn daar een aantal bronnen voor beweringen niet gegeven. Wie ze kent, mag ze aanvullen.
De Lachende Theoloog, docent filosofie Jan Riemersma (foto: JR), stelt trouwens dat voor ieder logisch Godsbewijs er een logisch anti-Godsbewijs is, omdat we niet beschikken over een meta-logische rekening die ons helpt een keuze te maken tussen de Godsbewijzen en de anti-Godsbewijzen.

‘De godsdienstwijsgeer kan daarom met de beste wil van de wereld niet beweren dat hij het bestaan van God bewezen heeft. Meent hij, op grond van één godsbewijs (dat bovendien nog nader onderzocht wordt) dat God bestaat, dan gaat hij zijn boekje te buiten.’ (JR)

De godsdienstwijsgeer betoont zich volgens Riemersma dan een intellectuele oplichter en verwijst naar de kritiek van Daniel Denneth op de theorie van Alvin Plantinga (foto: Wikipedia).

AlvinPlantinga‘Het is alsof je een schaakpartij probeert te winnen door nieuwe, onduidelijke spelregels te gebruiken (bijvoorbeeld dat je op de vijftiende zet alle stukken op het bord opnieuw mag ordenen: het is dan gemakkelijk om de zwarte koning mat te geven). De beste schakers van de wereld hebben geen verweer tegen een dergelijke aanpak van de problemen.’ (JR) 

Riemersma stelt dat het eigenlijk onbetrouwbare filosofie is en dat de naturalist gelijk heeft als hij er bezwaar tegen maakt. Hij zegt aan het slot van zijn artikel De Godsdienstwijsgeer als Oplichter:

‘Toch zijn dit praktijken waarop men met name godsdienstwijsgeren gemakkelijk kan betrappen. Wie mild is, neemt het hen niet kwalijk: de schoorsteen moet roken en de wijsgerige problemen zijn groot.’ (JR) 

Waaruit ik de conclusie trek dat Douglas Gaskings bewijs dat God niet bestaat, ook rammelt. En Goddank stelt Riemersma elders in een blog dat wij (beneden, pd) God alleen zelf kunnen bedenken als er boven écht iets is…. 🙂

Zie:

Godsbewijs (Wikipedia) 

De Godsdienstwijsgeer als Oplichter (Jan Riemersma) 

Alles van Beneden is van Boven (Jan Riemersma)

Foto: Atheist Memes (Facebook)