Vrije Geesten: kleine antwoorden op de grote breinvragen

DSCF4052

AMSTERDAM Pia Dijkstra verwoordde het gisterenavond goed in de Rode Hoed: ‘Wat weten we eigenlijk nog weinig.’ En inderdaad, de wetenschap weet nog weinig over de vrije wil, bijna-doodervaringen (BDE), religie en God in het brein. De volle zaal wist het wel. De vrije wil bestaat; BDE bewijst niet dat er leven is na de dood en God is geen product van het brein.

Tweede Kamerlid (D’66) Dijkstra leidde in de Rode Hoed het debat Vrije Geesten over de grote breinvragen. Georganiseerd door ForumC en Brein in Beeld. Maar of de breinen van de aanwezigen er wijzer van zijn geworden? Hun standpunten wijzigden in ieder geval niet na de verschillende discussies tussen hoogleraar filosofie Gerrit Glas, filosoof Leon de Bruin, neurowetenschapper Jeroen Geurts en hoogleraar psychiatrie Iris Sommer (op de foto van links naar rechts.)

Boeiend was het wel, het zet aan tot verder lezen; ook ietwat chaotisch, niet in de laatste plaats door de plagerige en flitsende discussiestijl van Geurts en De Bruin.

De wetenschappers onderschreven de stelling dat we ons brein niet zijn, maar wel een brein hebben. Maar wie dat ‘we’ dan aanstuurt, daar kwamen we vanavond niet uit. De antwoorden op de grote breinvragen blijken klein en soms in het geheel niet te geven. Veel aannames, veronderstellingen en tegenstellingen.

De vrije wil
We zijn beperkt in onze vrije wil, dat wel. We worden gedreven door onbewuste processen, maar dat betekent niet dat er geen vrije wil is. Keuzes maken we soms niet zo bewust, want in verlangens en emoties zit niet veel vrijheid. In de ratio wel. Dus als we langer nadenken, dan maken we beter gebruik van de vrije wil? Nee, want dan spelen onbewuste processen weer een rol. Wie weet kies je ervoor – uit vrije wil? – om pianoles te nemen, maar is er al voor jou gekozen doordat je als kind mooie pianodeuntjes hoorde.

DSCF4048

Bijna-doodervaringen
Unaniem verwezen de wetenschappers Pim van Lommel naar de fabeltjeskrant. Uit BDE kan je niets afleiden: dat je ‘ergens geweest bent’ is geen bewijs, maar een gewone ervaring. De ervaring klopt, de interpretatie niet: geen bewijs dat er nog bewustzijn is na de dood.
We zijn de enige soort die bewust weet dat de dood onontkoombaar is, dus hebben we existentiële angst en daar speelt religie op in: om die doodsangst te bezweren. We willen minstens een beetje bewijs en Van Lommel voorziet in de behoefte aan een eeuwig leven.

Geloof heeft als nadeel dat je minder kritisch bent op het heden. Sommigen kiezen dan eerder voor de dood, zeker als er maagden wachten. Twee van de vier aanwezige wetenschappers zijn gelovig: zij geloven in een persoonlijk voortbestaan, met de nadruk op geloven. Het komt door de ‘onuitroeibare religieuze behoefte’ van de mens. Maar hoe het leven na de dood eruit ziet, weten wetenschappers niet. Blijft het ‘denken’ na de dood ergens? Blijft de informatie bewaard? Het overschrijdt ons begripsvermogen.

God in het brein
God is niet in het brein te vinden, ook al bestaat er een ‘religiekwab’. Maar daarmee kan je God toch niet verklaren. Wetenschappers trekken uiteenlopende conclusies uit de data van het wetenschappelijk onderzoek. Er licht van alles op in de hersenen, maar concrete beelden zie je uiteraard niet. Data bewijzen niets over het bestaan van God. Nonnen werden onderzocht tijdens het denken aan hun diepste religieuze ervaring. Bepaalde hersengebieden lichtten op. Ze waren verrukt, want God maakt contact. Maar de ervaringen zelf zijn niet te scannen. Religie is ook geen ‘afscheidingsproduct’ van het brein. De conclusie was dat de wetenschap eigenlijk niets kan zeggen over religie of God in de hersenen. Geloven is een keuze, zei iemand. Nee, een gave, vond een ander.

Verslag & foto’s: PD

Na het godsargument nu ook een duivelsargument

tarot_duivel (1)
Een duivelse wereld is niet ondenkbaar. Hij kan bestaan. Het argument ‘een persoonlijke eerste oorzaak’ leent zich, naast het godsargument, ook om te bewijzen dat de duivel bestaat. De duivel als schepper van hemel en aarde. Ik ben benieuwd hoe de hemel van de duivel er dan uitziet. Docent filosofie Jan-Auke Riemersma gebruikt het godsargument van Emanuel Rutten om naar het Kwaad in de wereld te kijken.

‘1. niemand weet dat de ‘duivel’ niet bestaat
2. we kunnen alles weten
3. het is absoluut zeker dat de ‘duivel’ bestaat’

Een scheppend wezen kan volgens Riemersma nu eenmaal ook een duivelse wereld scheppen en het is mogelijk om de schepper van hemel en aarde de duivel te noemen. Duivel is volgens hem dan een ‘naam’ voor ‘schepper van hemel en aarde’, zoals ook ‘God’ een naam is voor ‘schepper van hemel en aarde’.

JanRiemersmaJan-Auke Riemersma (foto: J-AR) gaat nog verder en stelt dat ‘God’ die duivelse wereld mogelijk maakt en komt dan tot de conclusie dat ‘God’ slecht is. Hij vindt dat natuurlijk een onwelkome boodschap voor een gelovige. ‘God’ noemt hij duivels en concludeert dat ‘God’ niet God is.

‘Het probleem is dat de definitie van God als ‘schepper van hemel en aarde’ niet uitsluit dat de schepper van hemel en aarde ‘de duivel’ is.’

Die duivelse wereld ziet er – vanzelfsprekend – niet prettig uit. Riemersma, alias De Lachende Theoloog beschrijft die wereld nogal plastisch.

‘Een wereld [is] waarin pasgeborenen onmiddellijk met kokende olie worden overgoten, terwijl hun gevoeligheid door een aanpassing zo fijn is dat de aanraking van één enkel stofje al zorgt voor ondraaglijke pijn, zodat hun lijden onbeschrijfelijk is, terwijl na het wegbranden van de huid en het langzame sterven niet de dood intreedt maar juist het leven zich hernieuwt en het lijden eeuwig wordt gerekt, dan is dát voldoende om te denken dat niet God maar de duivel de schepper is van hemel en aarde.’

Riemersma zegt goede redenen te hebben om eraan te twijfelen dat ‘de persoonlijke eerste oorzaak’ een algoede God is, gezien het feit dat deze ‘eerste oorzaak’ het bestaan van duivelse werelden mogelijk maakt. Hij schrijft het in een andere afleiding zo op, dat het argument geen betrekking heeft op de algoede, aanbiddenswaardige God waar wij van spreken als we het over God hebben.

erEn dan is daar natuurlijk ook Emanuel Rutten (foto: ER) zelf, de filosoof van het godsargument, die stelt dat zijn argument zich er niet voor leent te bewijzen dat de duivel bestaat.

‘Bewijzen doen we in de wiskunde en niet in de filosofie. Het gaat om een redelijk argument, niet om een sluitend bewijs. In de tweede plaats concludeert het argument alléén dat er een persoonlijke eerste oorzaak van de werkelijkheid bestaat. Mijn argument zegt verder helemaal niets over het karakter van deze persoonlijke eerste oorzaak. Je kunt dus niet stellen dat mijn argument impliceert dat de persoonlijke eerste oorzaak slecht is.’

Hiermee is niet gezegd dat het Kwaad niet bestaat. Rutten verwijst wat dit betreft naar de Amerikaanse filosoof Alvin Plantinga die enige tijd geleden heeft laten zien dat de beweringen ‘God is goed’ en ‘Er is kwaad in de wereld’ niet logisch met elkaar in tegenspraak zijn.

Alvin_Plantinga (1)‘In het begin van de jaren zeventig richtte Plantinga zich op het probleem van het kwaad. In zijn boek: God, Freedom and Evil (1974) betoogt hij dat, als mensen in principe moreel vrij en verantwoordelijk zijn, dat dan het bestaan van een almachtige en volmaakt goede God logisch gezien niet strijdig is met het kwaad in de wereld. Het bestaan van God zou daarom niet onwaarschijnlijk zijn door het argument van het kwaad in de wereld.’ (foto & citaat: Wikipedia)

Zie: het artikel en de discussie Godsbewijs en Kwaad

Illustr: loesje.info

‘God is groter dan Koran of Bijbel’

Belluno Vatikan Karol Wojtyla Pope John Paul II kisses the Koran of Islam_Johannes  8_32
‘Dus vinden we Gods geest per definitie ook in anderen.’ Dit zegt Enis Odaci, oprichter van de islamitische denktank Humanislam. ‘Humanislam staat voor humanisme in de islam. De mens vormt voor mij het begin-, middel- en eindpunt van de godsdienst. Ik geloof in iets goddelijks. Iets goddelijks kan leiden tot humaan handelen. Ik wil nadenken over het geloof in dienst van de samenleving. Dat is voor mij de waarde van het geloof.’

Moslim Odaci vindt de boodschap van Bin Laden nergens in de Koran. Dat wist hij natuurlijk al, maar toch is hij de Koran beter gaan lezen na de dag dat twee vliegtuigen met moslimterroristen zich in de Twin Towers boorden. Na die dag moest hij ook antwoord geven op vragen over zijn geloof. 

‘Wat Odaci betreft gaat de discussie tussen gelovigen en ongelovigen, en tussen gelovigen onderling, niet om het verdedigen van de waarheid en geloofsdogma’s. ‘Ik wil weten van jou als christen, waarom het geloof zin geeft aan jouw leven. Ik wil ook weten hoe niet-gelovigen zin geven aan hun leven. Op mijn beurt wil ik ook vertellen wat het geloof voor mij betekent. Doe je dat, dan kom je erachter dat we het allebei hebben over vrede en rechtvaardigheid, over universele waarden. Alleen op die manier komen we uit het verstikkende wij-zij-denken.’ 

Volgens Trouw – waarin genoemd interview (8 oktober jl.) staat en ook te vinden is bij Koetsveld & Odaci – laat Enis Odaci (foto: K&O) zich niet graag in het keurslijf van geloofsdogma’s dwingen. Dat helpt hem als hij met wantrouwen ontvangen wordt in kerken waar hij over de islam vertelt.

moslim-zonder-lange-tenen1‘Enis zegt: ‘Hoe sla je een brug tussen mensen met verschillende opvattingen? Daarmee houd ik mij bezig. Als je alleen zegt – dit geloof ik, punt – dan blijf je bij dogma’s, bij waarheidsclaims. Dan is het niet zo vreemd dat je er samen niet uitkomt.’ 

Volgens Odaci moeten handen en voeten geven aan de grondgedachte dat er één Geest is die ons allemaal het leven inblaast. Ik zeg min of meer hetzelfde: er is één God die de bron is van alles.

‘Dat maakt dat de mensen in hun diverse geestelijke en lichamelijke uitdossingen op een existentiële manier met elkaar verbonden zijn. God is echt groter dan Koran of Bijbel, dus we vinden Gods geest per definitie ook in anderen.’ 

Zie: Moslim zonder lange tenen

Foto: Paus Joannes Paulus II kust de Koran, 14 mei 1999. (state-union.us)

‘God moet een immaterieel persoon zijn’

fohat
Als God bestaat dan is God een lichaamsloze geest, want God, als eerste oorzaak van de werkelijkheid, is de directe of indirecte oorzaak van alle ruimte en tijd, en een materieel ding kan niet de directe of indirecte oorzaak zijn van alle ruimte en tijd. Ieder materieel ding bestaat immers in de ruimte en in de tijd en is dus voor wat betreft zijn of haar bestaan afhankelijk van ruimte en tijd.

‘En iets wat voor zijn of haar bestaan afhankelijk is van het bestaan van ruimte en tijd kan natuurlijk niet de oorzaak zijn van de ruimte en tijd. Oorzaken zijn voor hun bestaan namelijk niet afhankelijk van hun gevolgen. Kortom, als God bestaat dan is God redelijkerwijs een lichaamsloze geest.’

Filosoof Emanuel Rutten (foto: ER) heeft het onlangs allemaal nog eens op een rijtje gezet in het uitgebreide betoog Het kosmologisch argument. Geen eenvoudige kost, maar het geeft op prettige wijze te denken.
erRutten presenteert onder meer een casus die bedoeld is om te beargumenteren dat de wereld uiteindelijk is voortgebracht door een eerste oorzaak en dat de eerste oorzaak redelijkerwijs een lichaamsloos bewustzijn is.

‘De eerste oorzaak is een persoon in plaats van een ding, een iemand in plaats van een iets, zodat God, opgevat als persoonlijke eerste oorzaak van de wereld, dus inderdaad bestaat.’ 

Maar eerst weerlegt Rutten het argument dat het irrationeel is om te denken dat bewustzijn los van materie kan bestaan. Maar wie dat denkt heeft wat uit te leggen en kan niet blijven hangen in het idee: geest is materieel. Mentale toestanden kunnen volgens Rutten niet gelijk zijn aan materiële toestanden.

‘Wij kunnen ons namelijk op geen enkele wijze een voorstelling maken van de wijze waarop onbewuste stof überhaupt in staat zou zijn om bewustzijn te produceren. Hoe zou louter bewegende materie immers ooit zoiets als subjectieve innerlijke ervaringen kunnen voortbrengen?’ 

‘Als bewustzijn niet identiek is aan materie, en ook niet door stof geproduceerd kan worden, dan is bewustzijn een eigenstandige categorie, welke weliswaar met materie verbonden kan zijn, maar daarnaast ook los van materie kan bestaan. Het is dus onredelijk om het bestaan van God op voorhand te willen afwijzen omdat een lichaamsloze geest niet mogelijk zou zijn.’ 

Het artikel behandelt het kosmologisch argument: over dat er een eerste oorzaak van de wereld bestaat, over natuurwetenschappelijke redenen voor het bestaan van een eerste oorzaak, maar ook behandelt Rutten filosofische argumenten voor het bestaan van een eerste oorzaak, en dat de eerste oorzaak van de wereld een bewust wezen is.

Zie: Kosmologisch argumenten

Illustr: Fohat De ‘brug’ waardoor de ‘ideeën’ die in het ‘goddelijke denken’ bestaan, als ‘natuurwetten’ worden afgedrukt op de kosmische substantie. (back2blavatsky.nl.) 

emanuelruttendissertatie-1

Towards a Renewed Case for Theism – a critical assessment of contemporary cosmological arguments
In zijn proefschrift, en in een aantal artikelen en lezingen behandelt Emanuel Rutten verschillende typen kosmologische argumenten.
Deze argumenten heeft hij in zijn artikel Het kosmologisch argument voor het eerst in één doorlopend betoog samengebracht, zodat een geïntegreerde cumulatieve casus van kosmologische argumenten voor het bestaan van God ontstaat.

Niet alleen de Bijbel, ook rede leidt tot God

geloof

Ook los van de Bijbel kan je redelijk inzicht krijgen in God. Filosoof Emanuel Rutten bestrijdt de stellingname dat dit alleen via de Bijbel mogelijk is. Hij haalt hiervoor onder meer Paulus aan – niet de minste – die stelt dat wij met ons verstand alleen uit de natuur kennis over God kunnen verkrijgen, dus zonder dat wij deze kennis eerst nog hebben beoordeeld vanuit wat we weten over Gods speciale openbaring.

‘Bovendien zijn rationele Godsargumenten van belang om intellectuele barrières weg te nemen bij hen die denken dat Godsgeloof volstrekt irrationeel en daarom onacceptabel is, waardoor ze überhaupt niet meer in staat zijn om Bijbelverhalen onbevangen tegemoet te treden. Niet voor niets stelt ook Blaise Pascal in artikel 11 en 12 van zijn Pensées dat we God eveneens met het verstand moeten zoeken en dat geloof in God geenszins met ons verstand in strijd is.’ 

keesvanderkooi

Rutten reageert hiermee op de voordracht Tussen Bijbel en Perfect Being Theology van hoogleraar dogmatiek Kees van der Kooi (foto: VU). Volgens Rutten kan het primaat niet eenzijdig bij de Bijbel liggen, zoals Van der Kooi stelt, want om te komen tot adequate Godskennis is er behoefte aan een reflectief evenwicht tussen enerzijds het luisteren naar Bijbelverhalen en anderzijds wijsgerig overdenking. (Perfect being theology: hierbij is het voornaamste criterium dat men aan God alleen die eigenschappen toeschrijft, die bijdragen aan de grootst mogelijke volmaaktheid.)

‘Zo kunnen we bijvoorbeeld op grond van redelijke argumentaties tot de conclusie komen dat bepaalde Bijbelpassages metaforisch in plaats van letterlijk begrepen moeten worden, wat ons helpt om beter zicht te krijgen op waar het in de Bijbel werkelijk om gaat.’ 

Rutten stelt dat in de loop van vele generaties gelovigen weliswaar in hun schrijven door God geïnspireerd werden, maar tegelijkertijd als eindige wezens ook feilbaar bleken in wat ze opschreven. Bestaat er inderdaad spanning tussen wat ons vanuit de Bijbel en wat ons vanuit filosofische reflectie wordt aangereikt over Gods wezen?

‘Bijbelverhalen ontstonden in een historisch-cultureel contingente context en dit alleen al vraagt van ons een eigenstandig redelijk perspectief op wat deze verhalen ons vertellen. We dienen dus niet alleen wijsgerige claims over Gods aard te beoordelen in het licht van de Bijbel, zoals Van der Kooi wil, maar ook Bijbelverhalen te benaderen vanuit een redelijk denken over Gods wezen.’ 

erPerfect being-denken impliceert volgens Van der Kooi dat God onveranderlijk is, wat in strijd is met veel Bijbelteksten. Maar volgens Rutten (foto: ER) volgt uit perfect beingdenken juist niet dat God onveranderlijk is. Rutten stelt dat God, los van zijn essentie, wel kan veranderen: God is voor zijn bestaan van niets anders afhankelijk, wat volgt uit het gegeven dat God de ultieme oorsprong is van alles buiten God.

Zie: Repliek op Kees van der Kooi’s voordracht Tussen Bijbel en Perfect Being Theology

Bron: Is jouw God ook de mijne?
Op 28 juni jl. vond op de VU het symposium Is jouw God ook de mijne? Theologen en filosofen gingen in gesprek over wie God is en hoe we Hem kunnen kennen. Bovenstaande response van Emanuel Rutten op de lezing van Kees van der Kooi is hier in zijn geheel te lezen.

Foto: protestant.nu