
Geloven doe je in de kerk, zeiden we vroeger. Dat kan niet meer, want de kerken verdwijnen. Nu doen we dat vooral in de wetenschap en filosofie. Daarin wordt Gods bestaan bewezen (beargumenteerd) maar je kunt er ook terecht voor argumenten tegen het bestaan van God en die laatste schijnen zich zelfs op te stapelen. De discussie woedt momenteel in de Volkskrant en omstreken. Wat opvalt is dat het niet meer over God gaat maar vooral over hoe vaak Hij al of niet voorkomt in wetenschap en filosofie.
‘Aan het begin van de vorige eeuw dachten de meeste filosofen dat godsargumenten definitief ten grave waren gedragen door denkers als Immanuel Kant en David Hume. Maar dat beeld is inmiddels volledig achterhaald. Amerikaanse en Britse filosofen als Alvin Plantinga, Richard Swinburne, Robert Koons en Alexander Pruss ontwikkelden nieuwe argumenten voor het bestaan van God, die niet vatbaar zijn voor de traditionele bezwaren ertegen.’ (Emanuel Rutten, Jeroen de Ridder)
Beide docenten aan de afdeling Wijsbegeerte van de Vrije Universiteit zijn van mening dat de kentering die zich ongeveer de laatste veertig jaar heeft voltrokken, buiten de ivoren toren nauwelijks doordringt. Maar volgens Maarten Boudry, postdoctoraal onderzoeker wetenschapsfilosofie aan de Universiteit Gent, is het sterk overdreven dat God springlevend zou zijn in de ijle abstracties van de hedendaagse filosofie.
‘Godsdienstfilosofen zoals Alvin Plantinga en Richard Swinburne worden door een kleine schare gelovigen op handen gedragen, maar door de meeste filosofen nauwelijks ernstig genomen. Theologie is de grootste intellectuele verliespost van de westerse geschiedenis: nergens is zoveel breinkracht verspild aan zo weinig inhoud. Filosofen houden zich er beter ver van.’ (Maarten Boudry)
Volgens Pouwel Slurink, freelancedocent filosofie, stapelen argumenten tegen het bestaan van God zelfs op. Hij komt met ‘drie nieuwe bewijzen’ tegen Zijn bestaan, al noemt hij ze in zijn artikel ‘argumenten’. De goede schepper blijkt een misplaatste hypothese; er is sprake van een ‘geest-zelden’-filosofie en Slurink geeft een argument tegen het bestaan van God dat gebaseerd is op een soort weegschaal voor theorieën.
‘De beide VU-filosofen winkelen selectief in zowel wetenschap als filosofie. Zoals ik in mijn boek Aap zoekt zin heb proberen aan te tonen, moet een filosofie die zich modern noemt vooral rekening houden met onze enorm gegroeide kennis van de evolutie. Die kennis heeft sterke filosofische implicaties, ook voor vragen over het bestaan van God, de aard van geest en bewustzijn, en de vraag naar religie en zingeving.’ (Pouwel Slurink)
Op Twitter was zaterdag en zondag een levendige, zij het beperkte, discussie tussen onder anderen Stefan Paas (foto li: Twitter), Emanuel Rutten, Jeroen de Ridder (en waaraan Maarten Keulemans, chef wetenschap de Volkskrant, ook actief deelnam met zijn blog) over hoeveel God al of niet voorkomt in het filosofendebat of elders in de wetenschap, gebaseerd op steekwoorden als ‘God proof’, ‘God evidence’, ‘miracles’ en ‘teleological’. (Grafiek MK)
UPDATE 04/01/2015 23:38 uur: De laatste ontwikkeling is dat Stefan Paas rectificaties verzoekt op het blog van Maarten Keulemans (foto re: Twitter). Zijn antwoord: ‘Rectificatie? Kom zeg, het is een blog.’
‘Huh? ‘Levendige discussie’ over het wel of niet bestaan van God? Ook al raar. Meer dan één filosoof liet weten zich daar helemaal niet in te herkennen. Wie moeten we nou geloven, de meneren van de VU, of de rest? ‘Het is natuurlijk niet hét hot topic voor iedereen’, aldus De Ridder. ‘Maar zie bijvoorbeeld de aantallen artikelen per deelgebied.’ (Maarten Keulemans)
God zelf lijkt zo wel uit het beeld te verdwijnen. Hoewel het boeiende discussies zijn over argumenten en bewijzen – wellicht opgekomen als tegenhanger van de ‘bewijzen’ van gelovigen die hun ‘bewijs’ vaak stoelen op onbewezen zaken uit de Bijbel. Misschien moeten we God weghalen van bewijzen en argumenten, bevrijden van wetenschap en filosofie. Misschien moet we weer ‘gewoon geloven’? Zonder meer! Mysticus Meister Eckhart wilde over God zelfs zwijgen. (Hoe wel hij er een dik boek vol over schreef: Over God wil ik zwijgen.) Eckhart wilde echter God wel begrijpen en dat willen wetenschap en filosofie natuurlijk ook.
‘De godheid omschrijft hij (Meister Eckhart, PD) als ‘niet-zijn boven alle zijn’. Wil je tot haar geraken, dan zul je je moeten losmaken uit elke aardse gebondenheid en je moeten ontworstelen aan al je gedachten en gewoonten, zo ook van al je gewone gedachten over God.’ (Jan Oegema)
Wetenschap en filosofie moeten dus ophouden met denken en polemiseren… als zij tenminste echt tot de Godheid willen raken.
‘Je moet niet verwachten dat jouw intellect zo kan groeien dat je God zou kunnen kennen. Integendeel, zal God goddelijk in jou lichten, dan draagt het natuurlijke licht daartoe helemaal niets bij; sterker nog: dat moet tot een louter niets worden en zich van zichzelf ontdoen.’ (Meister Eckhart)
‘Heb je God lief als God, als persoon en als beeld – dat moet alles weg! Hoe moet ik haar dan liefhebben? – Je moet haar liefhebben zoals zij is: een niet-god, een niet-geest, een niet-persoon, een niet-beeld, verder: zoals zij is een puur, rein, louter Een, afgezonderd van alle tweeheid, en in dat Ene moeten wij verzinken van iets tot niets. Daartoe helpe ons God, amen.’ (Meister Eckhart)
Zie:
* God is springlevend in de moderne filosofie
* Oorlog tussen God en moderniteit allang afgelopen
* Argumenten tegen God stapelen zich op
* Het onderzoek naar God is springlevend! (zegt de VU)
Schilderij: Godenbijeenkomst op de wolken | Cornelis van Poelenburch 1630 | Olieverf op koper | Mauritshuis Den Haag
Update 19 03 2024: lay-out













