‘Philosofische bedenkingen over de conjunctie van de planeten’

Een bijzondere samenstand van planeten voorspelde op 8 mei 1774 – volgens predikant Eelco Alta – het ‘einde der tijden’: enkele planeten aan de hemel zouden dan dicht bij elkaar staan. ‘Verlichtingsdenker’ Eise Eisinga (1744-1828), destijds amateur-astronoom in Franeker, bouwde daarom – dit jaar 250 jaar geleden – een bewegend model van het zonnestelsel om te laten zien hoe het werkelijk zit. In het plafond van zijn woonkamer.

Het ‘einde der tijden’ bestreden met kosmische kennis

Sinds 2023 staat het Koninklijk Eise Eisinga Planetarium op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Dankzij Eise Eisinga, ‘wolkammer’ en amateur-astronoom in Franeker. Het begon allemaal in 1774 door een advertentie in de Leeuwarder Courant waarin een anoniem pamflet werd aangeprezen met de titel Philosophische bedenkingen over de conjunctie van de planeten. De advertentie benadrukte het komende ‘einde van de tijden’.


Leeuwarder Courant 1774 – Conjunctie der vyf Planeeten (detail)

De hoogbegaafde Eisinga kreeg het in zeven jaar voor elkaar om in één oogopslag te laten zien waarom een samenstand van planeten op schijn berust: vanaf de aarde gezien, lijkt het alsof de planeten op een kluitje staan, maar in werkelijkheid staan Mercurius, Venus, Mars, Jupiter en de maan verre van dicht bij elkaar.


De leergierige en hoogbegaafde Eise Eisinga op 15-jarige leeftijd (1744-1828)

 Al maanden gebruikt Eise nu ieder vrij moment om de plannen voor zijn planetarium uit te werken. Eerst dacht Pietje [zijn vrouw] dat haar man een bescheiden tafelmodel wilde maken. Maar al snel was Eise begonnen over een voortdurend bewegend systeem, aangedreven door een staartklok.

Ook toen had Pietje nog niet echt begrepen wat haar boven het hoofd hing. Ze had Eise gevraagd hoe dat dan zou moeten als de kinderen groter werden. Zelf kon ze dat kwetsbare apparaat immers niet de hele tijd in de gaten gaan houden. Maar tot haar schrik had Eise haar geruststellend aangekeken en gezegd: ‘Dat hoeft ook niet. Ik bouw alles in het plafond!’
(Uit: Planeten aan het plafond, Academie van Franeker)


Portret van Eise Eisinga uit 1827, geschilderd door Willem Bartel van der Kooi

Het planetarium lijkt klein van de buitenkant, maar binnen blijf je je verbazen over de talrijke kamertjes en kamers, links, rechts, boven, beneden, die je met veel trapjes kunt bereiken. Een aantrekkelijk doolhof waarin je veel zicht krijgt op het technisch vernuft van Eisinga om het zonnestelsel in zijn woonkamer perfect te kunnen laten draaien. Hij maakte ook een compleet handboek met een nauwkeurige beschrijving: nog altijd kan daardoor het planetarium functioneren.

Vol ongeloof had Pietje uitgeroepen: ‘… Een hele sterrenhemel!? Hier in míjn kamer?’ En opnieuw had Eise haar doodkalm en in volle ernst geantwoord: ‘Nee hoor. Wees maar gerust. Alleen ons zonnestelsel maar. En een paar klokken …’.

Inmiddels heeft Eise al zijn spullen van tafel gehaald. Hij bergt de papieren op in de voorkamer. Ondertussen zet Pietje dochter Trijntje in de kinderstoel. Het eten staat op tafel en ze kijkt de kamer rond. Binnenkort is haar man klaar met zijn berekeningen. Hoe lang zal het nog duren voor hij de zaag in het plafond zet?’
(Uit: Planeten aan het plafond, Academie van Franeker)


Tarantula Nebula NGC 2070

Bronnen:
* Koninklijk Eise Eisinga Planetarium Franeker, Eise Eisingastraat 3, Franeker.
* Koninklijk Eise Eisinga Planetarium Franeker: ‘Planeten aan het plafond laat niet alleen zien hoe Eisinga’s meesterwerk in elkaar steekt, maar geeft tevens een indruk van de tijd waarin Eisinga leefde. Het boek is fraai geïllustreerd en voorzien van twee uitklapkaarten met toelichting op de werking van het planetarium en het raderwerk’.

Beeld: Het plafond van de woonkamer van Eise Eisinga in het planetarium – PD
Beeld Conjunctie der vyf Planeeten: 1774 Leeuwarder Courant
Beeld Eise Eisinga 15 jaar: Academie van Franeker
Portret van Eise Eisinga uit 1827, – geschilderd door Willem Bartel van der Kooi (Omropfryslan.nl)
Beeld Tarantula Nebula NGC 2070: James Webb Space Telescope (Eise Eisinga Planetarium) – PD

NPO2 – Documentaire Sterrennacht: Het Eise Eisinga Planetarium in Franeker is sinds 2023 UNESCO werelderfgoed. Maar hoe gaat het met het hemelse erfgoed zelf? Zien wij nog wel dezelfde sterrennacht als Eisinga in zijn tijd? ( 11 mei 2024)
NTR – Het Klokhuis: Eise Eisinga
Het Planetarium is verkozen tot Kidsproof museum.
Doeboek voor kinderen (8-12 jaar)‘Kinderen stappen de Planetariumkamer binnen en je ziet, net als bij volwassenen, de monden opengaan van verwondering. Na zo’n bezoek willen ze natuurlijk een herinnering mee naar huis. Daarom is er nu een Planetarium-doeboek, boordevol puzzels, weetjes en meer over de bouwer van het oudste nog werkende planetarium ter wereld’.

Brandende nieuwgierigheid naar het Absolute

Kluizenaar Pater Hugo is, als monnik en aan de universiteit (KU Leuven), gespecialiseerd in het ontcijferen van mystieke teksten. Je kan hem nu gerust een hightech theoloog noemen die op professionele wijze online colleges Mystieke Theologie presenteert. Teksten, podcasts, YouTube-filmpjes, videocolleges, muziek: hij maakt alles zelf. – Een van zijn studenten is Herman Finkers: ‘Het is de bedoeling dat je ervan weet hebt, en niet als een kip zonder kop hier op de wereld rond te lopen. Je vormt je òòk mystiek. En de mystiek is de bron van de katholieke kerk. Als de kerk de mystiek nog verder overboord gooit, kan ze de winkel sluiten.’

‘Gelukkig worden in tien stappen’ of: ‘Gelukkig worden voor dummies.’
Nee, dat is helemaal niet de bedoeling’
(Herman Finkers)

Iedereen heeft te maken met mystiek
D
e kluizenaar die – paradoxaal genoeg – midden in de wereld staat, heeft van jongs af aan altijd een brandende nieuwgierigheid gehad naar het Absolute. Naar het fundament onder de werkelijkheid. Niet alleen wat we hier doen. Maar ook waarom er überhaupt iets bestaat. Dat gaf hem niet zo zeer een kerkelijke, maar wel een grote religieuze belangstelling: een soort spirituele aanleg.

Iedereen heeft te maken met mystiek. Mystiek is in feite de vraag naar je bewustzijn. Naar de ervaring van het Absolute en de ervaring van God. Niet zozeer het beredeneren van theologische werkelijkheden door filosofische redeneringen toe te passen. Of door Bijbelteksten uit elkaar te peuteren.
Dus ook mensen die niet zo veel met het fenomeen ‘kerk’ hebben of die niet zo helemaal vol zitten van het hele Jezus-idee, die zijn toch nieuwgierig naar dit soort vragen. Wat als ik helemaal overvallen word door een gevoel dat ik niet kan beschrijven. Maar wat voor mij heel fundamenteel is. Een soort absoluut moment. Wat gebeurt er dan eigenlijk?’
(Pater Hugo)

Allergisch voor theologie
W
e zitten nu, vertelt de monnik, in een tijdsgewricht waarin mensen allergisch zijn voor alles wat theologisch is. Maar dèze tak van theologie gaat ‘gewoon’ over de ervaring van God.

En daar zijn alle mensen nieuwsgierig naar. Zelfs mensen die verder nooit een kerk van binnen zien. Er zijn weinig mensen die mystiek studeren. Het is dankbaar dat het een onderwerp is waar mensen ook echt naar verlangen.’
(Pater Hugo)


Een van de cursussen, samengesteld door Pater Hugo

Geestelijke voeding
Pater Hugo (48) vertelt ook over identiteit: wie ben ik, waar hoor ik thuis? Wat zijn mijn wortels? Waar ga ik naartoe? Over dat wat een mens is, wat een mens smoel geeft. Dat groeit niet meer automatisch, omdat alles vormeloos is en iedereen geacht wordt zichzelf tot een soort van stralend individu te kleien. En dat kàn helemaal niet als je geen materiaal hebt om mee te kleien.

Dus als je kinderen totaal geen cultuur meegeeft, geen smoel, totaal geen identiteit, dan wòrden ze ook niks. Een zaadje heeft ook humus en grond nodig om er voedingssappen uit te trekken. Waar moeten die kinderen geestelijk van eten? Je kan wel al die ouwe meuk uit het raam gooien. Maar als er dan verder niks voor in de plaats komt, vind je het dan raar dat ze opbranden? ’
(Pater Hugo)

Mysterie van ons bewustzijn
A
chter zijn hek, in zijn ‘kluis’, een 19e-eeuws kerkje in Warfhuizen, maakt de theoloog cursusmateriaal over mystieke theologie. Over het mysterie van ons bewustzijn. In filmpjes van zo’n half uur wordt telkens een thema behandeld. Hij zegt geen geestelijke topsporter te zijn die zich ‘met zware ascese en allerlei wilde geestelijke kunsten tot heiligheid wil lanceren’. Hij heeft wel de stilte nodig om zich te kunnen concentreren op de vragen waarop hij een antwoord verlangt.


Pater Hugo aan het werk

Het prettige is, het is heel compact. Het is niet kinderachtig. Het gaat behoorlijk diep, zonder moraal of wat dan ook. De filmpjes zijn heel knap in elkaar geknutseld. Dat je denkt: och, mijn hemel, dat moet verschrikkelijk veel werk geweest zijn. Het is absoluut niet saai, maar heel onderhoudend verteld. En in een heel heldere, duidelijke taal. Met een verstandig accent.’
(Finkers)

Vragen waar elk mens mee zit
Z
olang de grondtoon van zijn leven de regelmaat in de stilte is dan is de kluizenaar tevreden, zo vertelde hij onlangs op Kruispunt-tv van KRO-NCRV. Op het moment dat het een grote chaos wordt en hij loopt overal rond te fladderen, hoeft pater Hugo zich niet zo’n zorgen te maken, want dan begint hij acuut niet lekker te functioneren: en dat corrigeert zichzelf, is de ervaring.

Volgens Herman Finkers gaat het in de cursus om dezelfde vragen waar elk mens mee zit: Waarvoor zijn we hier? Is er hiervoor iets? Noem maar op, al die levensvragen. Waartoe zijn wij op aard?


Pater Hugo Beuker en Herman Finkers

Die worden eigenlijk doorgenomen. Je oefent je geest. De mensen zijn heel erg bezig met het ontwikkelen van het lichaam. Dat vind ik heel knap, hoe ze dat gedisciplineerd doen. Men gaat naar de sportschool om de spieren te trainen. Maar je kunt ook je geest trainen om daarmee diep te kunnen denken en verder te komen.’
(Finkers)

Bronnen:
* Kruispunt tv – Lessen van een kluizenaar, 14 april 2024, 25 minuten, KRO-NCRV
*
Sanctificium, School voor Mystieke Theologie. Lab voor Mystieke Theologie – De Theologie van het Bewustzijn onderzocht en uitgelegd. (Ook wel ‘School voor de Ziel’ genoemd.)
*
YouTube: Mystieke theologie met Pater Hugo – Het Nederlandstalige kanaal van Sanctificium. Pater Hugo, kluizenaar, vertelt over het deel van de traditionele theologie dat gaat over de directe ervaring van het Absolute. Geen beschouwingen over dogmatiek of Bijbeluitleg, maar getuigenissen uit de verschillende religieuze tradities over de rechtstreekse ontmoeting met God.

Beelden: Kruispunt tv KRO-NCRV / Sanctificium
Beeld Pater Hugo aan het werk: Still uit Kruispunt tv. (PD)

‘Wie de mensen leert te sterven, leert ze te leven’

Religie kan in de laatste fase van ons leven troost bieden. Zelfs degenen die niets hebben met religie hopen dat er ‘toch iets is’. Bij gelovige mensen kan troost echter veranderen in twijfel: ‘Misschien is er toch niets na de dood.’ Mensen hebben soms ‘geloof’ in de medische wetenschap. Hooguit biedt dat voor korte of langere tijd troost, en hoop. – Waarom zou je je eigenlijk alleen richten op die laatste fase van je leven? “Wie zijn heden verprutst, is de slaaf van zijn toekomst,” zegt filosoof en meesterschrijver Seneca.

‘Voor niets krijgen we zo veel voorbereidingstijd als voor de dood.
Is het dan niet vreemd dat vrijwel niemand erop voorbereid is?’

(Pedagoog Ferdinand Hellers)

‘We weten niets van de dood’
V
olgens de Vlaamse filosofe Patricia de Martelaere (1957-2009) zetelt de doodsangst in het lichaam. Daarnaast bezit de mens de geest en die beschikt over een ‘wonderlijke kracht’, namelijk het vermogen om los te laten. Een levenslang oefenproces.

‘Een voorbeeld van deze oefening in loslaten is het kritisch onderzoeken van onze vooroordelen over de dood. We zijn vaak geneigd om de dood als iets verschrikkelijks te zien, terwijl we er eigenlijk niets van weten. Wie afstand van dit vooroordeel doet, kan geruster sterven.’
(Simone Bassie en Michel Dijkstra, in Filosofie Magazine)

‘Hun hele leven staat stil’
D
e Vlaamse psycholoog Manu Keirse (78), hoogleraar verliesverwerking aan de Katholieke universiteit Leuven, zegt dat iedereen doodgaat en we het onszelf alleen maar moeilijker maken door ons daar niet bewust van te zijn.

‘Je ziet het ook bij mensen die hun hele leven als een wagon vasthangen aan de locomotief die hun partner is. Als die locomotief plots stopt met rijden, staat hun hele leven stil.’
(Manu Keirse)

Besef
I
n de hedendaagse literatuur kom je meer en meer verhalen, romans en essays tegen over leven en dood. Schrijver en kunstenaar Jan Cremer (84) zei onlangs:

‘Je komt alleen, je leeft alleen en gaat alleen. Als je dat beseft, kun je alles aan in het leven.’
(Jan Cremer)


‘De kunst van het sterven’

The Meaning of Life
C
remer heeft zíjn manier gevonden om goed om te gaan met leven en dood. Het gaat inderdaad om besef; het leven leren begrijpen om beter voorbereid te zijn op de dood. Filosoof Terry Eagleton (81), schrijver van The Meaning of Life, zegt dat als je ouder wordt, en veel meemaakt, je verandert. Hij krijgt daardoor juist meer gevoel voor het geloof waarin hij ruimte vindt voor verdriet en kwetsbaarheid, en voor de dood. Hij probeert te leven met de dood.

Dat wil niet zeggen dat ik niet bang ben. Dat ben ik wel. Maar je moet het op een akkoordje gooien met de dood, zoals je dat moet doen met alles wat onvermijdelijk is: of je raakt verbitterd en boos als je mensen om je heen ziet sterven, of je komt tot een relatie met de dood, een modus vivendi – dat is een centraal uitgangspunt in het christendom.’
(Terry Eagleton)

De kunst van het sterven
H
oogleraar filosofie Simon Critchley (64), van New School for Social Research in New York, schreef Over mijn lijk – Wat filosofen en hun dood ons leren. Volgens de auteur is het de hoogste tijd om ons opnieuw te verdiepen en te bekwamen in de kunst van het sterven.

De moderne mens probeert de dood uit alle macht te negeren, waardoor hij des te meer gebukt gaat onder doodsangst.’
(Simon Critchley)

Vrijheid
Critchley werd onder anderen geïnspireerd door filosoof en schrijver Michel de Montaigne (1533 – 1592): “Wie geleerd heeft te sterven, heeft afgeleerd slaaf te zijn.” Hij trekt daaruit de conclusie dat ‘je instellen op de dood niets minder is dan je instellen op vrijheid’.

‘Wie de mensen leert te sterven, leert ze te leven’
(Montaigne)


‘The Teaching of Buddhism’ (Hilma af Klint)

De laatste levensfase kan je vóór zijn
A
nderen ontdekken het vrije van de filosofie juist als welkom alternatief voor het rigide geloof waarvan ze zich hebben losgeworsteld. Filosoof Seneca (4 v. Chr. – 65 n. Chr.) bijvoorbeeld, biedt verrassende inzichten waarmee je je tijdens je leven al goed kunt voorbereiden op de laatste levensfase. Die fase kan je vóór zijn. Ruim vóór zijn. Hij schreef Levenskunst. Filosofische essays over leven en dood. Daarmee duidde hij er eeuwen geleden al op dat je niet moet wachten op je laatste levensfase. Over senioren zegt hij:

Als een aandoening ze weer bewust gemaakt heeft van hun sterfelijkheid, wat sterven ze dan in panische angst! (…) Ze zijn stom geweest, roepen ze, ze hebben niet geleefd, o, als ze deze ziekte overleven, dan gaan ze het echt rustig aan doen’.’
(Seneca)

Beter is het nú te leven
M
et Seneca kom je onvermijdelijk tot de conclusie dat het beter is nú te leven, en daar schrijft de filosoof bijna vrolijk, laconiek en troostend over. De filosoof bereidt je uitnodigend voor op je laatste levensfase en onze tijd niet te verspillen.

‘Het leven is lang genoeg. We krijgen royaal de ruimte om dingen af te maken, als we al die tijd maar goed besteden. Maar als het leven door onze vingers glipt in onze zucht naar luxe en door desinteresse, als we er niets goeds mee doen, zien wij de feiten pas onder ogen in uiterste nood: eerst beseften we niet hoe het voortging, daarna merken we dat het voorbij is’.’
(Seneca)

Anders omgaan met je doodsangst
Levenskunst 
staat vol met de kunst hoe te leven. Seneca’s vele ‘lessen’ kunnen je wijzer maken. Je leert anders om te gaan met je angst voor de dood, bij velen sluimerend aanwezig. Maar uiteindelijk kan je Seneca misschien ook nazeggen:


Lucius Annaeus Seneca – Peter Paul Rubens

‘En wanneer de laatste dag is aangebroken, aarzelt de wijze niet: met ferme tred loopt hij de dood tegemoet’
(Seneca)

Beeld: Altaarstuk nr. 1, deel van een drieluik, Hilma af Klint (1862 – 1944) – ‘Diegenen die de gave hebben dieper te zien, kunnen voorbij de vorm kijken en zich concentreren op het wonderlijke aspect dat schuilgaat achter elke vorm, leven genaamd.’ (Hilma af Klint)
Beeld de kunst van het sterven: Typex, de Volkskrant
Beeld The Teaching of Buddhism, Hilma af Klint, No. 3d, 1920, oil on canvas, 37.5 x 28 cm, 14.76 x 11.02 in., © Stiftelsen Hilma af Klints Verk.
Beeld Afraid of the dark of of the light? Facebook
Beeld Seneca: The Dying Seneca, Peter Paul Rubens (1577 – 1640), Wiki.

Cees Dekker schept leven uit levenloze materie

Moleculair biofysicus Cees Dekker wil zelf leven maken met behulp van artificiële intelligentie (AI). En dat in tijden van oorlogen en klimaatcrisis waarin mensen het leven laten. ‘Een ongelooflijk prestigieus project waar de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) 40 miljoen euro voor over heeft.’ Meer dan honderd wetenschappers gaan tien jaar lang van levenloze moleculen levende cellen proberen te scheppen scheppen. – Terecht dat dit onderzoek ethische en religieuze vragen oproept. 

‘We hebben de verantwoordelijkheid voor God te spelen;
ìk voel zelfs een verantwoordelijkheid om voor God te spelen’
(Cees Dekker)

Voor God spelen?
Z
ondagnacht 26 mei was hierover een Ongelooflijke Podcast te beluisteren. #195: ‘Baanbrekend onderzoek naar het ontstaan van leven, gaat christelijke wetenschapper Cees Dekker voor God spelen?’ De gedrevenheid van de universiteitshoogleraar TU Delft is goed te horen. Hij ‘gaat op in iets wat groter is dan hijzelf’, zou Pierre Teilhard de Chardin (1851-1955) zeggen. Op zich mooi, maar dat moet niet te groot worden. De voor veel natuurwetenschappers onbekende paleontoloog en theoloog Teilard de Chardin dacht in zijn tijd diep na over de ‘stuwende kracht van de evolutie’, waaronder een van de drie ‘geboorten’: de biogenese, de sprongmutatie van levenloze naar levende materie.


Cees Dekker

Laboratorium-evolutie’
Wat is leven? Kunnen we levende cellen maken van levenloze moleculen?’ vroeg een multidisciplinair team van Nederlandse wetenschappers zich af. Om deze vragen te beantwoorden wil het onderzoeksteam, onder leiding van TU Delft, een levende synthetische cel bouwen van levenloze biomoleculen, waarbij ze voor het eerst gebruik maakt van laboratorium-evolutie en kunstmatige intelligentie.
Het tienjarige onderzoeksprogramma daartoe, getiteld ‘Evolving life from non-life’ (EVOLF) kreeg van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) 40 miljoen euro toegekend in het kader van de Summit-subsidieregeling.’
(Uit: Leven creëren uit levenloze biomoleculen met AI en lab-evolutie, TU Delft)

Andere scheppers
I
n De Ongelooflijke Podcast vindt Dekker het jammer dat Stefan Paas en David Boogerd naar ‘schepper’ Frankenstein (van het monster) en ‘vader van de atoombom’ Oppenheimer verwijzen. Toch is hun associatie niet onterecht. De biofysicus gaat wellicht iets scheppen dat pootjes kan krijgen of anderszins uit de hand kan lopen. Een ‘schitterend ongeluk’? Het Cees Dekker Lab hermetisch beveiligd…


‘…iets scheppen dat pootjes kan krijgen…’

Filosofisch en ethisch onderzoek’
Dekker benadrukt: “In ons ‘living lab’ zullen filosofen en geesteswetenschappers samen met natuurwetenschappers werken aan een nieuwe definitie van wat leven is, en aan richtlijnen voor ‘verantwoordelijk onderzoek’ om de omstandigheden te scheppen waaronder mensen de volledige controle behouden over synthetisch leven.’
(Uit: Leven creëren uit levenloze biomoleculen met AI en lab-evolutie, TU Delft)

Nieuwe definitie van leven
Een ‘nieuwe definitie van leven’. Filosofen en geesteswetenschappers worden ingehuurd om hierover diep na te denken. Zullen die denkers ook de ethiek bewaken rond het scheppen van leven? Of wordt het hun taak dat tienjarig project met mooie woorden aan te kleden om het ethisch te laten klinken? Het meest ethische zou zijn de schepping zoals die zich ontwikkelt met rust te laten, de evolutie haar eigen gang te laten gaan.

Voor God spelen
I
n De Ongelooflijke Podcast zegt Dekker echter dat in het eerste boek van de Bijbel de mens de opdracht krijgt om voor de schepping te zorgen; de wereld verantwoordelijk te beheren.

We hebben de verantwoordelijkheid voor God te spelen; ìk voel zelfs een verantwoordelijkheid om voor God te spelen. Om de schepping te onderzoeken en de kennis te benutten ten dienste van de naaste’.
(Cees Dekker)


Jonathan Sacks – Verantwoordelijk leven in tijden van crisis

‘Mens, waar ben je?’
D
e Britse emeritus opperrabbijn Jonathan Sacks (1948-2020) legt die uitspraak van Dekker anders uit. Sacks toont zich meer betrokken bij de wereld van vandaag. In Een gebroken wereld heel makenover verantwoordelijk leven in tijden van crisis, luidt Sacks commentaar dan ook:

Zolang naties oorlog voeren, mensen elkaar haten en corruptie rondwaart door de gangen van de macht is onze opdracht nog niet klaar en horen we, als we goed genoeg luisteren, hoe de stem van God ons vraagt, zoals hij dat gevraagd heeft aan de eerste mensen: ‘Waar ben je?’
(Jonathan Sacks, in: Een gebroken wereld weer heel maken)

Vrede scheppen
Misschien kan die 40 miljoen aangewend worden om bestaande levens eerst maar eens levend proberen te houden. Wetenschappers zouden de subsidie van NWO kunnen inzetten om in het ‘living lab’ van Dekker een intelligente onderhandelingstafel te maken. Waaromheen mensen uit levenloze oorlog levende vrede kunnen scheppen: dàt is leven maken èn in stand houden. Maar Dekker heeft een andere droom…

Droom
Onze droom is een levende cel te creëren uit levenloze moleculen. Met behulp van AI kunnen we veel effectiever parameters scannen om complexe netwerken van biochemische reacties te optimaliseren. Ons doel is om cellulaire functies in één synthetische cel te integreren die autonoom kan repliceren, communiceren en evolueren.’
(Uit: Leven creëren uit levenloze biomoleculen met AI en lab-evolutie, TU Delft)

Experimenteren met de evolutie
Kunstmatige intelligentie. Iets dat onnatuurlijk is intelligent noemen, klinkt plausibel. Het zal dan wel goed zijn, zou je denken. Maar of het intelligent is van wetenschappers dat zij kunstmatig zelf leven willen scheppen? Met de evolutie experimenteren? God wordt er in ieder geval niet overbodig door. Zonder die door God geschapen ‘levenloze materie’ kunnen wetenschappers niet eens leven maken. Ze brengen hooguit leven in de brouwerij.

Bronnen:
* Leven creëren uit levenloze biomoleculen met AI en lab-evolutie, TU Delft
* #195: ‘Baanbrekend onderzoek naar het ontstaan van leven, gaat christelijke wetenschapper Cees Dekker voor God spelen?’  De Ongelooflijke Podcast, 26 mei 2024
* Een gebroken wereld heel makenover verantwoordelijk leven in tijden van crisis, Jonathan Sacks, 2016, Skandalon

Beeld: TU Delft
Foto Cees Dekker: TU Delft
Foto ‘iets dat pootjes kan krijgen’: PD, Lage Vuursche, 2024