Kabbala als leidraad voor spirituele zelfontplooiing

Kabbala

De joodse mystiek biedt de diamanten die het leven op deze aarde draaglijk kunnen maken. Kabbala is meer dan ooit noodzakelijk,’ schreef Juliaan van Acker, emeritus hoogleraar orthopedagogiek aan de Radbouduniversiteit Nijmegen, een half jaar geleden in The Post Online. In deze Maand van de Spiritualiteit (‘Opnieuw beginnen’) een speurtocht naar die Kabbala.

In De kabbalist van Geert Kimpen zijn boeiende omschrijvingen te vinden die ertoe aanzetten je meer te verdiepen in wat kabbala nu eigenlijk inhoudt. Een eenduidig antwoord op deze vraag is echter niet zomaar voorhanden. Als je zoekt naar omschrijvingen en betekenissen van kabbala stuit je op zeer uiteenlopende informatie.

Chaim Vital, een jongeman in De kabbalist, moet kiezen tussen ultieme wijsheid en ultieme liefde. Hij is de zoon van de beroemde Thoracommentator Yosef Vital en in het boek volg je de eigenzinnige en boeiende zoektocht van Chaim, die al zijn vrije tijd besteed aan de studie van kabbala. Hij wil er God mee leren kennen, meer nog, Hem ontmoeten. En ook wil hij de grootste kabbalistische schrijver aller tijden worden. Door kabbala wil Chaim onder meer de wetten, het universele principe, van het heelal leren kennen.

In De Kabbala van Daniel C. Matt kom je op het spoor van de ‘goddelijk geïnspireerde’ auteur van de Zohar. De Zohar die uiteindelijk uitgroeide tot ‘de heilige Zohar’, (Ha-Zohar ha Kadosj), de canonieke tekst van kabbala.

Rond het jaar 1280 begon de Spaanse joodse mysticus Mozes de Léon beknopte geschriften te verspreiden onder zijn collega-kabbalisten. Ze bevatten lyrische teksten in het Aramees, vol gelegenheidswoorden, mysterieuze symboliek en erotische beeldspraak. (…) De brontekst zou afkomstig zijn uit de kringen van rabbi Sjimon bar Jochai, een beroemde discipel van rabbi Akiva die in de tweede eeuw na Christus in Israël woonde en er zijn ideeën verkondigde.’ (Daniel C. Matt)

Matt stelt dat De Léon de verschillende bronteksten tot een meesterwerk weefde: een commentaar op de Tora in de vorm van een mystieke roman waarin rabbi Sjimon en de chavrajja door Galilea zwerven en kabbalistische inzichten verwerven. Bij Matt wordt het er niet eenvoudiger op. Kabbala komt over als zeer complex, compleet met schema’s als De Tien Sefirot (de boom des levens.) Niet een-twee-drie zijn alle ins and outs van kabbala te begrijpen.

De Groene Amsterdammer schreef ooit dat kabbala een filosofische theologie is, gebaseerd op het geloof dat elk woord, elk cijfer en elk accent in de Tora aanwijzingen bevat waarmee de geheimen van het universum en de menselijke ziel kunnen worden ontrafeld. Dat is nogal wat. Dat maakt nieuwsgierig. Waar kan je nu lezen hoe het universum en de ziel in elkaar zitten? Dat zou groot nieuws moeten zijn in de media, maar daarin lees je meestal ‘slechts’ nieuwe informatie die wetenschappers opdoen door onderzoek en nooit wordt verwezen naar de Tora of kabbala waaruit ze putten. Over de ziel kom je alleen filosofen en theologen tegen.

Matt stelt dat de Italiaanse renaissance-humanist Pico della Mirandola beweerde dat ‘geen andere wetenschap ons beter kan overtuigen van de goddelijkheid van Jezus Christus dan magie en kabbala’. Della Mirandola had zich verdiept in de Latijnse transcripties van kabbala omdat hij geloofde dat ze de oorspronkelijke goddelijke openbaring waren.

Met Chaim uit De kabbalist kan je je afvragen of kabbala ooit te begrijpen valt, maar je wordt wel, al lezende en je metgezel voelend van Chaim, gestimuleerd om kabbala te leren doorgronden. Het besef dringt zich wel op dat je hier wel enige jaren van studie voor mag uittrekken.

In Kabbala van Joseph Dan staat dat de term kabbala nog nooit zo vaak en in zo veel verschillende contexten gebruikt is als vandaag de dag. Hij heeft het over de ‘stortvloed aan nieuwe betekenissen in de hedendaagse cultuur’. De term wordt ook op tegenstrijdige manieren gebruikt. Zowel bedoeld als strikt joods orthodox, als radicale vernieuwde levensbeschouwingen. Er zijn honderden kabbalistische werken en daarnaast duizenden geschriften waarin kabbalistische termen en ideeën worden gebruikt. Hij noemt ook de Zohar als belangrijkste werk van de middeleeuwse kabbala waarin ieder denkbaar onderwerp aan bod komt.

Bij Dan betekent kabbala ‘ontvangen’ en hij stelt dat de eerste overdracht reeds plaats vond aan Mozes die de Tora ontving op de berg Sinaï en deze doorgaf aan Jozua, die haar vervolgens overleverde aan de oudsten van Israël. Mondeling werd de Tora overgeleverd aan de richteren; de profeten en de eerste wijsgeren van de Talmoed. Bijzonder is om te lezen dat 2000 jaar geleden kabbala door God aan Mozes zou zijn geopenbaard.

Kabbala wordt ook wel omschreven als een millennia oude, goddelijke waarheid. Joseph Dan zegt echter dat hoewel kabbalisten beweren dat kabbala één waarheid is, wetenschappers iedere kabbalist als een originele schrijver beschouwen die uiting geeft aan zijn eigen wereldbeeld dat in meer of minder mate verschilt van dat van andere kabbalisten.

Tree_of_Life,_Medieval

Joseph Dan stelt dat kabbala ook werd aangeduid als gnosticisme, joods of niet joods. Anderen identificeren het als mystiek. Weer anderen ontdekte kabbala in de oude Assyrische godsdienst. Carl Gustav Jung ontdekte in kabbala de universele archetypes. De term kom je ook tegen als synoniem voor mystiek en magie en voor spiritualiteit in het algemeen. Het begrip kabbala is dus erg veralgemeniseerd en wordt breed uitgelegd of toegepast.

Volgens Joseph Dan is er geen antwoord op de vraag wat kabbala nu eigenlijk is. De beantwoorders van de vraag hebben met elkaar gemeen dat ze er een vaag idee van hebben en denken tevens dat er ergens iemand anders is die precies weet wat kabbala inhoudt…

Kabbala is een ervaring. Zoals chocola. Iemand kan je in geuren en kleuren uitleggen wat chocola is maar als je het niet werkelijk geproefd en ervaren hebt, weet je nog niets.’ ( Uit: De Kabbalist)

Kabbala blijft vooral nog een mysterie, dat niet direct opgehelderd zal worden door de literatuur. En het wordt er niet gemakkelijker op als je in De kabbalist leest dat je kabbala eigenlijk moet ervaren. Misschien gebeurt dat als je je er eerst uitgebreider in verdiept en daarna lange tijd erover mediteert. Het sluit wel aan bij het religieuze besef dat er meer is tussen hemel en aarde. Dat meer kan je associëren met de Eeuwige, met God.

Volgens Sjef Laenen, schrijver van Kabbala voor beginners, heeft het geen zin kabbala te bestuderen zonder je eerst te verdiepen in het jodendom, de (joodse) mystiek, de stromingen binnen de joodse mystiek en wat het systeem van De Sefirot inhoudt. Met die basiskennis zou je pas verder kunnen gaan met de zoektocht naar de (betekenis) van kabbala. De eerste stap kan je dan zetten naar wat Daniel C. Matt noemt ‘een schitterende leidraad voor spirituele zelfontplooiing’.

Bronnen o.a.:
* De kabbala: waarom mystiek noodzakelijk is
* De kabbalist: korte inhoud
* De boom des levens van de kabbala
* Kabbala
* Kabbala voor beginners

Beeld: De Tien Sefirot (hiveminer.com)
Tekening: Kabbalistische boom des levens met de Tien Sefirot (Wikimedia)

(Update: 13 4 2019) (03-11-2024: lay-out)

Meister Eckhart, vrijzinnig avant la lettre

UITGELICHT (2018) – De laatmiddeleeuwse theoloog, filosoof en mysticus Meister Eckhart laat God op een bijzondere manier zien, kijkt kritisch naar het instituut kerk, denkt na over de essentie van het bestaan, en zet vraagtekens zet bij kerkelijke, religieuze en kloosterlijke leefregels. Hoe je God God kan laten zijn in jezelf, zonder voorschriften van de kerk. Volgens Eckhart moet ‘die hogere waarheid je wel tegemoet komen’.

‘Als we Eckhart lezen, we begrijpen waarom God zich meer voor de afzonderlijke mens interesseert dan voor alle kerkstructuren samen’ 

‘ Achterlaten allerlei Godsbeelden’
E
ckhart wordt wel eens een van de meest briljante geesten genoemd die het Westen ooit heeft gekend. Zijn mystieke inzichten staan echter op gespannen voet met de officiële kerkelijke opvattingen over God en de essentie van het bestaan. Hij wordt gezien als iemand die het waagt de waarde van het kerkelijke gezag en de kerkelijke rituelen te kleineren. Een deel van zijn werk wordt als ketters beschouwd. Hem wordt verweten dat de mens zich amper meer hoeft te bekommeren om kerkelijke rituelen en voorschriften.

Eckhart relativeert kerkelijke, religieuze en kloosterlijke leefregels. Alle nadruk legt hij op het ‘laten’: achterlaten van allerlei Godsbeelden waaraan we gehecht zijn, maar juist je verlaten op God, op het toelaten van God die verborgen is achter God: de verborgen Godheid.

‘God en mens nooit gescheiden geweest’
D
e gedachte van Eckhart is dat we God slechts in fragmenten kunnen kennen en dat juist in het niet-weten de ware sterkte van het geloof steekt. Als we ons onthechten van alle door de kerk voorgeschreven hechtingen, aan zowel God als kerkelijke voorschriften, zijn we – volgens Eckhart – in staat God toe te laten die verborgen is achter God.

Eckhart staat mystieke eenwording voor, dat er vanbinnen iets gebeurt. Of liever gezegd: mystieke eenheid, want in zijn ogen gaat het erom wat ìs, want God en mens zijn in de kern nooit gescheiden geweest en zullen dat ook nooit zijn. De mysticus stelt dat de mystieke eenwording onmogelijk door een mens gevonden of bereikt kan worden om de eenvoudige reden dat God en mens in de kern nooit van elkaar gescheiden zijn geweest en ook nooit zullen zijn. Radicaler gesteld: De mens hoeft niets te doen.

‘Eckhart: ‘God is zo ontzaglijk nabij, dat de mens, in zijn diepste grond of wezen, zelfs volledig met hem samenvalt. We hoeven helemaal nergens naartoe, er valt niets te bereiken, want we zijn er al. En je kunt nu eenmaal niet bereiken wat er al is.’

‘Beseffen dat men God kent en weet’
E
chter, in een van zijn preken zegt hij toch dat de mens zelf wel iets moet doen:

‘Want de mens moet in zichzelf één zijn en moet dat zoeken in zichzelf en in het ene en het verwerven in eenheid, dat wil zeggen: enkel God schouwen; en terugkomen betekent: weten en beseffen dat men God kent en weet.’

Eén goddelijk wezen
Z
elf put Eckhart zijn inspiratie uit het christendom, en dan vooral uit de Bijbel. De opponenten van Eckhart stellen niettemin dat zijn godsbeeld niet deugt. Ze stellen dat Eckhart elk onderscheid binnen God ontkent: de drie personen vormen één goddelijk wezen. Hiermee hangt ook zijn mensbeeld samen, zeggen zijn bestrijders. Zij zeggen dat er volgens hem ‘geen onderscheid tussen mens en God bestaat en dat hij naastenliefde even hoog acht als het liefhebben van God; kerkelijke voorschriften en rituelen zijn niet meer nodig. Het gezag van de religieuze leiding wordt te veel aangetast’.

Bad_Wörishofen_Meister_Eckhart_(Skulptur)_2012

Er gebeurt iets met je
E
r wordt wel gezegd dat de teksten van Eckhart moeilijk zijn en uitleg verdienen, maar ze worden ook wel ‘heel direct en aansprekelijk’ genoemd. De teksten zouden beeldend zijn, er gebeurt iets met je. Filosoof André van der Braak zegt:

‘Als we Eckhart lezen, we begrijpen waarom God zich meer voor de afzonderlijke mens interesseert dan voor alle kerkstructuren samen.’ 

Eeuwige mystieke kern
E
r wordt ook gesuggereerd dat het werk van Eckhart een traditie-overschrijdende, eeuwige mystieke kern raakt die het institutionele christendom overstijgt. Hij lapt de dogma’s van zijn kerk aan zijn laars en komt daardoor in conflict met de conservatieve autoriteiten van zijn kerk.

‘Als radicale vrije geest, die puur vanuit de eigen levende ervaring spreekt en getuigt, alle vaste beelden en voorstellingen achterlatend en op losse schroeven zettend, tart de mysticus steeds weer de religieuze autoriteiten van zijn eigen traditie.’

‘Ook je in jezelf verdiepen’
D
e hogere waarheid is in de Bijbel gegeven, volgens Eckhart, want die openbaart wat de mens uit zichzelf niet kan bereiken. De menselijke geest alleen is er niet toe in staat, er moet kennis van buiten komen. De gelovige die God – of het Hogere – zoekt, kan dat volgens Eckhart dus niet helemaal uit zichzelf voor elkaar krijgen. Voor hem is het christendom de basis, vooral de Bijbel. Maar dat niet alleen, want hij zegt vervolgens ook dat je je in jezelf dient te verdiepen.

‘Laat God God in je zijn.’

Ook voor de heidenen’
W
e hebben daarbij de rede nodig. Mystiekkenner Alois M. Haas en zijn voormalig student en journalist Thomas Binotto stellen dat, als de mens echt gelooft dat God in hem aanwezig is en dat Hij door en door zijn schepper is, de mens een optimisme krijgt waarin het verstandelijk werken al ingeprent is, dus ook de handelingen van de mens in de tijd met het oog op de eeuwigheid.

‘De rede is dan reeds in mij aanwezig als een goddelijke rede. Die rede is tegelijk goddelijk doordrongen en verlicht de geest – en omdat het sinds mensenheugenis zo is, geldt dat ook voor de heidenen.’ (Haas/Binotto)

Innerlijke ontvankelijkheid
E
n hoe gaan we dan om met die God in ons? Want er is geen weg, geen manier of mogelijkheid om de goddelijke werkelijkheid bewust te ervaren. Toch kunnen we deze wel in onszelf, ons bestaan, tot uitdrukking laten komen, niet door iets te doen, maar juist te laten, door leeg en ontvankelijk te zijn. Filosoof Welmoed Vlieger:

‘Haaks op de innerlijke ontvankelijkheid staat de geestelijke activiteit van het denken, ervaren, associëren, herinneren, verlangen, willen etc., kortom: het reflexieve, ‘invulling-zoekende-en-gevende’ ik. Want dat is waar we voortdurend mee bezig zijn: op voorhand invulling geven aan alles wat we op onze weg tegenkomen. Denk bijvoorbeeld aan die buurman of buurvrouw ‘die altijd zoveel praat’; aan de ‘worsteling’ van het alweer in de file moeten staan; of aan de ingesleten gedachte dat je éérst dit of dat moet doen voordat je aan de dingen waar je werkelijke energie of vreugde bij ervaart kan toekomen. En ga zo maar door.’

2012.07.12_.5082._BW_Meister_Eckhart_.Skulptur

‘Weten dat God in je werkt’
M
et Meister Eckhart kan je concluderen dat als je God God in je laat zijn, en je zelf leeg en ontvankelijk kunt zijn, je vanuit een goed gevoel, met het ‘weten’ dat God in je werkt, je inderdaad kunt ‘worden’; je ‘invulling-zoekende-en-gevende’ ik vorm kunt geven.

‘Ontvankelijk zijn houdt dus een radicale omdraaiing in van de wijze waarop wij ons normaal gesproken verhouden tot de dingen: van een actieve, invulling gevende gerichtheid op, naar een passieve, open ontvankelijkheid voor.’ (Vlieger)


‘Nadenken over wat je bent
‘De mensen zouden niet zo veel moeten nadenken over wat ze moeten doen; ze zouden veel meer moeten nadenken over wat zij zijn. Zouden zij goed zijn en zou hun levenswijze goed zijn, dan zouden zij licht uitstralen, en dan zou er een heerlijk licht uitgaan van al hun werken. Als je rechtvaardig bent, dan is ook wat je doet rechtvaardig. Denk niet dat je heiligheid kunt grondvesten op daden; veeleer groeit heiligheid uit de grond van je hele wezen. Want niet de daden heiligen ons, maar wij moeten de daden heiligen.’
(Meister Eckhart)


Spiritueel verbonden met God
A
ls mens tussen de mensen, misschien (ver) buiten de kerk, maar dichtbij anderen en samen met hen van de wereld een wat mooiere plek maken, ongebonden, maar spiritueel verbonden met God, die ‘onmiddellijk, spontaan en absoluut present in ons denken binnenbreekt’, dat altijd al deed en blijft doen. Dan zou het uiteindelijk toch goed moeten komen met de mens en de wereld.

Bronnen o.a:
*  ‘De Godsgeboorte bij Eckhart, Welmoed Vlieger, in de bundel De spiritualiteit van Meister Eckhart. Een Dominicaanse mysticus in een multireligieuze samenleving, Braak, A. van der (red.), Parthenon, 2014
* Leven zonder waarom – eenvoud bij Meester Eckhart, Welmoed Vlieger, welmoedvlieger.nl
*    Zoek en je zult gevonden worden, Auke Jelsma
*   Meister Eckhart: Leven in het eeuwige nu, zonder waarom, debezieling.nl
*   Meister Eckhart, op zoek naar de goddelijke essentie, Alois M. Haas, Thomas Binotto

N.B. Tip van Valentiniaan (uit de reacties):
* Boek met preken en traktaten van Meister Eckhart zelf: OVER GOD WIL IK ZWIJGEN.
‘Ik houd liever van de bron zelf. En niet van “over” de bron.’


Beeld: eckhart.de
Beeldhouwwerk / Boek: © Lothar Spurzem – Meister Eckhart, Bad Wörishofen, Kneippstraße.
Update 27-04-2025 (Layout)

Mensheid gelooft in hogere kosmische macht

eenreislangsdemysterien‘Zolang er aan de hand van bronmateriaal nagegaan kan worden, heeft de mensheid religieuze belangstelling gehad en geloofd in een hogere kosmische macht. Via onder meer de Griekse mysteriescholen werden mensen ingewijd in de geheimen van het Zijn en zocht men via symbolen, rituelen en oefeningen contact met het bovennatuurlijke. Deze menselijke zoektocht naar een verbinding met het hogere, van het Oude Egypte tot de twintigste eeuw, vormt het kernthema van Jacob Slavenburgs nieuwe boek Een reis langs de mysteriën.’

Zo begint de recensie in Historiek, een online geschiedenismagazine, dat ook van gisteren wil zijn. Volgens uitgever Walburg Pers loopt er een gouden draad door de mensheidsgeschiedenis.


In eenentwintig hoofdstukken beschrijft en analyseert Slavenburg in zijn nieuwe boek tal van alternatieve en mystieke bewegingen uit de geschiedenis, beginnend bij het Oude Egypte en uitlopend op de twintigste eeuw. Aan de orde komen onder andere de scheppingsverhalen uit de Oudheid, de mysteriën van Isis, het Gilgamesj-epos, de Griekse mysteriënscholen en de gnostiek. Verder lezen we over thema’s als de christelijke en islamitische mystiek, alchemie, vrijmetselarij, occultisme, magnetisme, esoterie en spiritisme. (Historiek)


Op de ‘reis langs de mysteriën’ neemt Jacob Slavenburg de lezer mee naar een deels verborgen geschiedenis die vaak in het geheim werd doorgegeven van ingewijde tot ingewijde. Wat was het mysterie van de heilige bruiloft? Wat vond er plaats tijdens de rituelen van Isis? Wat gebeurde er in de mysteriën van Orpheus, Demeter en Mithras? Welk geheim droeg Maria Magdalena met zich mee? Wie was Hermes Trismegistus en wat betekende de hermetisch gesloten geheimtaal van de alchemisten? Wat gebeurde er in de loges van vrijmetselaren en rozenkruisers? Zijn er nog steeds geheime genootschappen waar de oude mysterietaal tot leven wordt gebracht? Dit rijk geïllustreerde boek probeert, met behulp van uniek overgeleverd materiaal, antwoorden te vinden op al deze vragen.’ (Walburg Pers)

Naast het rijk geïllustreerde boek bestaat ook de mogelijkheid de reis langs de mysteriën met gefilmde hoorcolleges te ondersteunen.

De filmcolleges van Jacob Slavenburg behandelen deze deels verborgen geschiedenis van de westerse cultuur in 72 etappes. De films vormen introducties tot de vele boeiende onderwerpen die in het boek aan de orde komen, ondersteund door beelden en muziek. Reis langs de mysteriën – college is chronologisch opgebouwd: beginnend in het oude Egypte en eindigend bij Carl Gustav Jung. Kopers van het boek kunnen, via een speciale code, de filmcolleges met korting aanschaffen.’ (Walburg Pers) 

Volgens Slavenburg leerden we op school iets over de geschiedenis van Griekenland, het oude Egypte, de Renaissance, de Verlichting, de moderne tijd, etc. Maar veel kennis uit die tijden is verloren gegaan, en ook werd er veel in het geheim doorgegeven, van ingewijde op ingewijde. In deze serie neemt Slavenburg je mee op een reis door deze geschiedenis.

Wat was het mysterie van de heilige bruiloft? Wat vond er nu werkelijk plaats tijdens de rituelen van Eleusis en Mithras? Waarom werd Maria Magdalena ten onrechte als prostituee afgeschilderd? Wie was Hermes Trismegistus en welke diepe wijsheden openbaarde hij? Hoe ontstond de theosofie, wat was de erfenis van de vroege Rozenkruisers en wat hebben Rudolf Steiner en andere ingewijden erover gezegd?’ (Slavenburg)

Zie:

* Een reis langs de mysteriën (Historiek)

* Reis langs de mysteriën (Slavenburg)

Een reis langs de mysteriën | Jacob Slavenburg| Walburg Pers | ISBN10 9462492395 | ISBN13 9789462492394 |november 2017 | Hardcover | 320 pagina’s | € 29.50 | ‘Ongelooflijk, een mooi gebonden boek, 320 pagina’s en meer dan 300 kleurenillustraties en dat voor die prijs… Een boek met een rijke inhoud. Je voelt je echt een reiziger door de nauwelijks bekende geschiedenis van de geheimen in zogenaamde mysteriën. Je volgt de boeiende lijn van de mens naar een hogere bewustzijnsfase door de eeuwen heen.’ (bol.com)

Jezus, mens onder de mensen

jezuseenmensenleven

‘De Bijbel is geen ethisch, geografisch of historisch handboek, maar een worsteling met de zin van het bestaan. Prachtig! God is niet op afroep beschikbaar. Prediker weet het uiteindelijk ook niet meer. Hij komt op het volgende uit: ‘Drink een goed glas wijn, geniet van het leven. En zet je in voor gerechtigheid.’ Aldus Cees den Heyer, ooit hoogleraar aan de theologische universiteit van Kampen. Hij voltooide onlangs zijn boek Jezus, een mensenleven. Het wordt 16 december in de Lutherse kerk in Kampen gepresenteerd.

Bovenstaand citaat sprak Den Heyer al in 2006 uit bij Het Vermoeden. Hij vertelde toen ook dat hij aan de Bijbel – naast een heleboel andere inspirerende teksten – graag het Thomasevangelie zou willen toevoegen, en dan met name vanwege de boodschap dat het eeuwig leven niet bestaat, maar dat het leven in het hier en nu is. ‘Het Koninkrijk van God is onder ons, alleen de mensen zien het niet.’


Het is algemeen bekend dat de voormalige hoogleraar de dogmatische leer rondom Jezus heeft afgezworen. In zijn nieuwe boek wil hij op minutieuze wijze de vele gezichten van Jezus beschrijven. In het ruim 600 pagina’s tellende boek gaat hij er velen langs: van de bronnen die iets over de man van Nazareth vertellen, via de dogma’s die daarop ontstonden naar vrijzinnige theologen die het oude Jezusbeeld aan stukken braken. (VVP)


Nu is er dus Jezus, een mensenleven. Volgens boekhandel Paagman heeft Den Heyer afscheid genomen van klassieke dogma’s. In het persoonlijk nawoord in Jezus, een mensenleven schrijft hij onder meer dat Jezus geen godenzoon is geweest.

Jezus was een mens van vlees en bloed, ‘een mens onder de mensen’, een mens die door zijn doen en laten de aandacht trok, een charismatische persoonlijkheid die indruk maakte op zijn tijdgenoten en volgelingen. Een man die pas veel later een mythische status kreeg.’ (Den Heyer)

Zijn uitgever, Rinus van Warven, is ervan overtuigd dat Den Heyer met dit boek een spraakmakend historisch monument heeft neergezet: het resultaat van een levenslange fascinatie voor het onderzoek naar de betekenis van het leven van Jezus van Nazareth.

Het gedachtegoed dat Jezus een mens onder de mensen was, begint steeds meer aan betekenis te winnen. Dat maakt Jezus zo’n fascinerende figuur. (…) Den Heyer zet alle beelden die de afgelopen tweeduizend jaar over Jezus de revue zijn gepasseerd op een rij: van Jezus als godenzoon, Jezus als mens onder de mensen en Jezus als revolutionaire oproerkraaier.’

Fred Sollie schrijft in zijn artikel dat Jezus, een mensenleven het reisverslag is van een persoonlijke zoektocht, waarin voor Den Heyer duidelijk is geworden dat zijn visie op de man uit Nazareth gaandeweg fundamenteel is veranderd, afscheid heeft genomen van klassieke dogma’s en de weg terug volgt naar de bronnen, naar de Bijbel en naar de theologische traditie.


‘Ik heb nooit gesnapt waar het om ging. Dankzij Den Heyer begrijp ik het nu beter. Ik ben zelfs anders tegen mijn eigen ongelovigheid aan gaan kijken. Het gaat om bevrijding, vrede en liefde. Het kostte wat moeite om me door zo’n dikke pil heen te lezen, maar voor mijn proces was alle inspanning de moeite waard.’ (Een niet-gelovige meelezer van het manuscript)


Jezus, een mensenleven | Dr. Cees den Heyer | Uitgeverij Van Warven | ISBN 9789492421395 | december 2017 | Blz. 606 | € 32,50
In Jezus, een mensenleven volgt Den Heyer de weg terug naar de bronnen, naar de bijbel en naar de theologische traditie. In zijn zoektocht staat de vraag centraal: hoe heeft het beeld van Jezus zich ontwikkeld in de tweeduizend jaar na zijn geboorte? Talloze beelden passeren de revue. Jezus krijgt vele ‘gezichten’.

Evolutietheorie en de Godsvraag

evolutietheorie-natuurlijke-selectie-ontdekgodnl

In de 46e Huizingalezing Leven alsof God bestaat stelt Antoine Bodar dat voor christenen de evolutietheorie geen wapen is tegen het geloof in de schepping; dat de beide scheppingsverhalen uit het boek Genesis geschreven zijn door verschillende auteurs en uit verschillende tijden stammen. En dat de teksten geen natuurhistorische feiten betreffen maar een theologische vertelling. 

God heeft de wereld zo geschapen dat die zich zelf zou ontwikkelen. In de schepping heeft Hij de evolutie gegeven. De menswording van de mens is zo het werk van God en van de natuur. Dat de mens een ziel heeft gekregen is aldus volledig Godsgeschenk. De evolutietheorie kan de Godsvraag derhalve volkomen open laten.’

Aan de hand van Joan Huizinga en andere denkers pleit Bodar ervoor de metafysische dimensie van de maatschappij te heroverwegen en godsdienst royaal ruimte terug te geven in de openbaarheid en dus ook in de media. Hij vraagt zich af of de Godsvraag niet eigen en tevens voorbehouden is aan de menselijke soort.

Bestaat God wel of bestaat Hij niet? Volgens George Steiner zijn we met die vraag niets verder gekomen dan Parmenides of Plato. Of misschien zijn we  verder van dat raadsel verwijderd dan zij. Zouden we de vragen over bestaan, sterfelijkheid en het goddelijke voortaan achterwege laten, we zouden de kern en de dignitas (waardigheid) van ons mens-zijn uitdoven. Aldus Steiner.’

Hoezeer wij ook willen beseffen, aldus Bodar, dat dieren en mensen allebei achtenswaardig zijn, toch kent het dier het metafysisch denken niet: dat komt de mens toe.

Ik vraag om begrip voor het metafysische denken dat dus transcendentie toelaat, al was het maar alleen om ons mensen wat bescheidener te doen zijn en het onzichtbare naast het zichtbare te kunnen bevroeden.’

Bodar stelt dat het de taak van een mens is in een geseculariseerde cultuur aan het bovennatuurlijke vorm te geven.

Wie eens is geraakt door het absolute dat ons te boven gaat of aangeraakt is door de Absolute Die ons wenkt, die is geroepen daarvan getuigenis af te leggen en niet na te laten daarover te spreken.’

Volgens Bodar is het zo dat waar de godsdienst verdwijnt de ideologie opduikt die altijd alleen hoogst tijdelijk blijkt.

Duurzaam verbindt ons onderling het ideale doel dat buiten ons zelf ligt en dat verder reikt dan tijdelijkheid om ten minste uitzicht te houden op eeuwigheid, zoals al het zichtbare zich zelf niet genoeg is omdat in het onzichtbare eerst de diepte van hetgeen we waarnemen wordt bevroed en tot helderheid leidt. Anders zijn de vlaggen wel wapperend en de machines wel draaiend, terwijl de over niets meer gaande bezetenheid blijft en de geest dienovereenkomstig geweken.’

Liever wil Bodar plaats laten aan de cultus die naar de oorsprong leeft uit verticaliteit die tot buiten en vooral boven ons voert en als gevolg daarvan eerst leeft uit horizontaliteit die mensen onderling verbindt. Die verdient overweging bij filosofen en andere denkers zoals dichters en componisten, bij hen althans die durven dromen voorbij aan de eigen tijd.

Muziek geeft stem aan eeuwigheid en brengt de kosmos in het midden die naar Plato en Pythagoras de maat in muziek bepaalt die zo als echo van eeuwigheid God eert en ons beroert en vermaakt.’

De priester en hoogleraar stelt dat van al wat wij hebben verloren de zin voor het heilige, het ons te boven gaande dat niettemin wenkt en fascineert en aangrijpt, het meest wezenlijke is.

Hervinding van het heilige, dat van ons zelf afleidt en naar de originele cultus terugleidt, is begin van nieuwe dienstbaarheid, nieuw benul van maat, nieuwe levensvreugde in wederkerig gunnen, nieuw élan God niet uit te sluiten maar in te sluiten, nieuwe betovering om goedheid en schoonheid en waarheid die om onze verdere ontdekking roepen.’

Bron: ‘Leven alsof God bestaat’ (KRO)

Beeld: ontdekgod.nl