De onmiskenbare Joodse identiteit van Jezus

In zijn boek Jezus – Reconstructie en revisie schrijft theoloog Henk Bakker over de bronnen die er over het leven van Jezus zijn, zoals de evangelieboeken en geschriften die daar direct en indirect verband mee houden. Ook geeft hij een reconstructie en interpretatie van opvattingen die in de loop van de eerste eeuw over Jezus zijn ontstaan. Hij zegt goed te luisteren naar Nederlandse en internationale onderzoekers die belangrijke bouwstenen voor het onderzoek naar de historische Jezus hebben aangedragen.

 ‘Dit boek brengt je dichter op de huid van Jezus’

‘Jezus jood-zijn ondergeschikt gemaakt’
Volgens de auteur hebben christenen de neiging om Jezus’ identiteit buiten het Jodendom te verankeren, in aannames over Gods eeuwige op-Zichzelf-zijn, of sterker nog: in de grenzeloze verbeelding van modieuze theologie.

Jezus’ jood-zijn is vrij snel na zijn dood en opstanding ondergeschikt gemaakt aan een hogere identiteit, die tot speculeren uitnodigde. Dit speculeren leidde volgens [theoloog Arnold Albert, PD] Van Ruler tot ‘gedrochtelijkheden’, maar niet alleen in de theologie.
Ook werden gedrochtelijkheden bedacht die hun oorsprong hadden in volksreligie en persoonlijke vroomheid. De kerk zelf was hier verantwoordelijk voor, omdat de verankering van haar christologie niet uit te leggen was. Het ging om een hogere wiskunde, vol paradoxen en tegenstellingen, die onnavolgbaar was.
Zo leidden gedrochtelijkheden tot gedrochtelijkheden (‘Waar geen goden zijn, daar heersen spoken’, Novalis). Nog altijd zijn er beelden van Jezus die (letterlijk en figuurlijk) van enig verband met het evangelie zijn losgezongen.’
(Deel I, Hfst. 2)

Bakker ziet ook om naar (een deel van) de bronteksten om in het licht van recente discussies opnieuw gericht naar de bronnen te vragen.

Christologisch onderzoek
In deel I: Kritisch onderzoek naar Jezus, bespreekt de auteur een aantal visies uit het moderne onderzoek naar de historische Jezus, en geeft een exemplarische inleiding in de discussie, waarbij hij in sommige kwesties aan Nederlandse bijdragen de voorkeur geeft. Dit om de inhoudelijke kwaliteit, daar Nederlandse exegeten en theologen wezenlijk hebben bijgedragen aan het christologisch onderzoek.

‘[De joods-Duitse theoloog en godsdienstfilosoof, PD] Franz Rosenzweig schreef dat de historische Jezus onze geïdealiseerde Jezus altijd van zijn sokkel zal stoten. Mentale fabricages die in fantasieën wortelen – hoe oprecht en gemeend ook – en niet in historische christelijke bronnen, hebben in het christelijk belijden niets te zoeken.
Om aan de schijn voorbij te komen heeft de christelijke kerk een joodse historische bedding nodig, niet alleen bij haar exegese, maar ook bij haar handelen in het heden.’
(Deel II, Hfst. 9)

‘Waar geen goden zijn, daar heersen spoken’
(Novalis)

De betekenis van Jezus
Het tweede deel van het boek is getiteld: Getuigen van het eerste uur. Het gaat de auteur daarin om vroege teksten die vertellen wat christenen hebben meegemaakt, wat Jezus volgens hen zei, deed en teweegbracht, en hoe zij die gebeurtenissen binnen de Joodse wereld van toen betekenis gaven.

Jezus – Reconstructie en revisie. Het poogt een reconstructie en revisie te geven van de persoon, de geschiedenis en de betekenis van Jezus. Reconstructie en de revisie zijn met het historisch onderzoek gegeven. Een reconstructie van de gebeurtenissen die plaatsvonden, waaronder Jezus’ woorden en daden, is uitgebreid aan de orde geweest.
Ik heb daarbij steeds naar gebeurtenissen, ervaringen en duidingen teruggevraagd, zoals bij Jezus’ conflict in de tempel, maar ook bij zijn doop en zijn dood. In mijn methodologie heb ik uitgelegd dat historische reconstructie en narratieve betekenisgeving niet los van elkaar kunnen worden gezien.’
(Deel II, Hfst. 9)

Jezus’ relatie tot God
Volgens Wolter Huttinga, in Trouw, brengt dit boek je ‘dichter op de huid van Jezus’. Volgens deze krant kiest Bakker een helder en consequent uitgangspunt om over Jezus’ identiteit te spreken en was Jezus een Joodse man die in de brede stroom aan Joodse verwachtingen stond over het komen van God tot zijn volk Israël. ‘Zo en niet anders kunnen we aan hem recht doen,’ aldus Trouw, dat het boek vier **** geeft.  

Dus overal waar het denken en spreken over Jezus los komt te staan van deze Joodse bedding wordt verraad gepleegd aan wie Jezus werkelijk was. Niet alleen aan zijn concrete menszijn, maar juist ook aan de specifieke manier waarop zijn relatie tot God ervaren en beleden werd, door hemzelf en door de gelovigen van de vroege kerk.’
(Trouw)

Inzicht in Jezus
Hoe wetenschappelijk het boek ook is, aldus Tjerk de Reus in het Friesch Dagblad, het is zeker ook geschikt voor een breder publiek dan alleen vakgenoten. Wie er voor wil gaan zitten, wordt met dit boek rijk beloond.

Bakker vertelt vanuit de context van het Israël van toen, en je ziet het voor je ogen gebeuren: Jezus’ optreden, zijn omgang met mensen en natuurlijk zijn verkondiging. Tegelijk zorgt de brede blik van Bakker ervoor dat het inzicht in Jezus, ondanks alle complexiteit, een heldere theologische diepgang krijgt.
(Friesch Dagblad)

Jezus – Reconstructie en revisie | Henk Bakker | KokBoekencentrum | 296 blz. | € 27,50 | E-book € 14,99 | ‘Wie altijd al een goed boek over Jezus had willen lezen, moet nu zijn slag slaan. Deze week [22 september 2020, PD] verscheen Jezus – Reconstructie en revisie, geschreven door Henk Bakker, theoloog aan de Vrije Universiteit. Een verrassend en informatief boek.’ (Friesch Dagblad)

Zie ook:

* Dit boek brengt je dichter op de huid van Jezus (Trouw)
* Theoloog Henk Bakker denkt breed: het gaat om de joodse Jezus
(Friesch Dagblad)

Beeld:
Cover Jezus – Reconstructie en visie
(detail)
Update: 21122024 (Layout)

‘Het gaat niet om wat je gelooft, maar hóé je dat doet’

‘Alle fundamentalisten, of ze nou religieus zijn of extreemrechts of radicaal-links, baseren zich op een tekst of een autoriteit die ze als hun fundamentals beschouwen en waar ze blind op varen,’ zegt filosoof en theoloog Rik Peels. Hij kreeg vorig jaar 1,5 miljoen euro van de Europese Onderzoeksraad voor een onderzoek naar fundamentalisme. Inmiddels heeft hij daarmee voor wel drie miljoen aan deelprojecten kunnen uitzetten. Filosofen, theologen, religiewetenschappers, historici, juristen, sociale wetenschappers, economen, criminologen, psychologen en psychiaters worden erbij betrokken.

Gedeeltelijk worden fundamentalistische overtuigingen geïnspireerd door persoonlijke oorzaken, maar de groepsdynamiek is tegelijk belangrijk. Kijk naar fundamentalistische jongeren die zich afkeren van hun moskee en zelf op internet op zoek gaan naar interpretaties van Koranteksten, en zo deel uit gaan maken van een virtuele gemeenschap.’ 

Een team van zes onderzoekers staan klaar, maar evenveel buitenpromovendi werken mee in hun eigen tijd en doen op eigen kosten promotieonderzoek, zei Peels afgelopen woensdag in Ad Valvas in een interview met Peter Breedveld. Veel studenten als stagiair, en werkend aan hun masterscriptie, draaien in het project mee. In de groep zitten christenen, moslims, atheïsten, hindoes en agnosten, jongeren en ouderen.

‘Het gaat niet zozeer om wat je gelooft, maar hóé je dat doet.’
(Rik Peels)

Peels sluit niet uit dat enkele teamleden, verdeeld over de faculteit Religie en Theologie en de faculteit Geesteswetenschappen van de VU Amsterdam, in bepaalde opzichten zelf naar fundamentalisme neigen, maar dat ziet hij niet als een risico dat het project ondermijnt.

Het kan juist een kracht zijn dat mensen hun eigen ervaringen meebrengen in het onderzoek. Het risico zit ’m juist in onderzoek dat louter vanuit het perspectief van de derde persoon wordt gedaan. Zoals ik al zei: fundamentalisten zijn niet zo heel anders dan wij. Als een deel van de onderzoekers zich in hen kan verplaatsen, maakt dat het alleen maar spannender.’

Peels onderzoeksgroep kijkt ook naar de zogeheten intellectual vices: intellectuele ondeugden, zoals dogmatisme, narrow-mindedness en intellectuele hoogmoed.

‘Dan zie je dat er een zekere overlap is met de neiging om in samenzweringstheorieën te geloven, wat je vaak bij fundamentalisten ziet: zij tegen de rest van de wereld.’

Volgens Peels hebben veel fundamentalisten, of ze nou religieus zijn of niet, met elkaar gemeen dat ze geloven dat er ooit een paradijselijke toestand is geweest, dat er toen een val kwam waardoor de wereld gebroken is. 

Fundamentalisten zien het als hun taak die paradijselijke toestand te herstellen, dat zie je bij sommige orthodoxe gereformeerden en salafisten, maar bijvoorbeeld ook bij de actievoerders van Extinction Rebellion en bij een bepaalde aanhang van Forum voor Democratie die gelooft dat er ooit een blank-boreaal Europa was waar hij weer naar terug wil.’ 

Wat zou er uit het onderzoek komen als Peels zijn licht erop heeft laten schijnen? Het onderzoek duurt vijf jaar. In Trouw zei Peels een jaar geleden dat ‘het doel is om ideeën en concepten te ontwikkelen die precies dit doen: onderzoekers dichter bij de geest van een fundamentalist brengen’.

Filosofie Magazine vroeg vorig jaar aan Peels hoe zijn onderzoek uiteindelijk zal uitmonden in een beleidsstuk dat de wetenschappelijke resultaten vertaalt naar de praktijk; hoe dat er uit zal zien.

Als je radicalisering wilt aanpakken door die te voorkomen of te genezen, moet je eerst begrijpen hoe radicalisering in het hoofd van een fundamentalist werkt. Daar ligt mijn taak als wetenschapper. Het is mijn expertise om onderzoek te doen, de literatuur te kennen, en hierdoor mensen die een wending hebben gemaakt naar het fundamentalisme beter te begrijpen. Naarmate mijn onderzoek vordert, zal ik veel gaan praten met mensen die aanzienlijk dichter op de praktijk zitten, zoals de veiligheidsdiensten. Bij de vertaling van de resultaten naar de concrete praktijk heb ik hen hard nodig.’

Zie:
* ‘Fundamentalisten zijn niet zo heel anders dan wij’ (Ad Valvas, onafhankelijk platform van de Vrije Universiteit Amsterdam)
* Wat is eigenlijk een fundamentalist? (filosofie.nl)
* Deze filosoof kruipt in het hoofd van fundamentalisten (Trouw)

Collage: Paul Delfgaauw
, maart 2017.

Faith for Earth – A call for action

Faith for Earth: De Verenigde Naties en wereldreligies vestigden in oktober 2020 de aandacht op eerbied en verantwoordelijkheid voor het milieu in het boek Faith for Earth – A call for action. Het beschrijft hoe wereldreligies de natuurlijke wereld zien en hun plicht die te beschermen. Deze op geloof gebaseerde perspectieven gaan gepaard met wetenschappelijke verklaringen van de veelheid aan crises die de oceanen, de atmosfeer, de ecosystemen en de mensen van de planeet bedreigen.

De wereld herbergt veel religies, maar er is een gemeenschappelijke basis in de overtuiging dat de aarde, zelf een gemeenschappelijk huis, moet worden gerespecteerd en beschermd in het licht van toenemende bedreigingen voor het milieu.’

Veel religies delen, over hun verschillen heen, de overtuiging dat de aarde moet worden beschermd tegen de groeiende ecologische bedreigingen. Het Milieuprogramma van de Verenigde Naties en het Parlement van de Wereldgodsdiensten roepen samen op tot actie in Faith for Earth: A Call to Action.

‘We zien een golf van gelovig geïnspireerde actie overal ter wereld.’
(David Hales)

Volgens David Hales, voorzitter Klimaatactie van het Parlement van de Wereldreligies, bieden de komende decennia ons een smeltkroes van morele keuzes.

Scientific evidence documenting the crisis is undeniable and grows with every passing day. At the same time, there has been a surge of faith-based action and advocacy on behalf of the environment from religious groups everywhere. The response is coming from every corner of the world, reflecting both the diversity of the ways we define our relationship with nature and the essential unity of values at the core of all our hope.’
(Uit: Faith for Earth)

Faith for Earth stelt dat er een golf van op geloof gebaseerde actie en belangenbehartiging bestaat van veel religieuze groeperingen. De respons komt uit alle hoeken van de wereld.

‘Het is tijd, als nooit tevoren, om een ​​beroep te doen op ons geloof, onze waarden, onze religieuze leringen en tradities. En het is tijd voor actie.’

Iyad Abumoghli, directeur van het Faith for Earth Initiative van het VN-milieuprogramma zegt dat onze uitdaging niet is dat we niet weten wat we moeten doen, maar dat het erom gaat hoe snel we het kunnen doen.

‘We roepen iedereen op – landen, steden, de privésector, individuen en op geloof gebaseerde organisaties om deel uit te maken van de bloeiende wereldwijde interreligieuze beweging die steeds meer mensen samenbrengt om het leven op aarde te beschermen en in stand te houden.’

Faith for Earth werd gepresenteerd door het VN-Milieuprogramma en het Parlement van de Wereldreligies tijdens de Faith for Nature Global Conference, gehouden in Skálhol, IJsland. 

Beeld: Faith for Action – ncronline.org – Licht verlicht een krater tijdens de zonsopgang in Haleakala National Park op het Hawaiiaanse eiland Maui, 9 oktober 2018. (CNS / Navesh Chitrakar, Reuters)

Zie: World religions, UN unite for book on faith and action for the Earth
en:
VN-uitgave ‘Geloof voor de Aarde’: religies in actie voor planeet

Beeld: Jasmin Sessler (Pixabay)

Download hier Faith for Earth

Architectuur van het onzichtbare

IDe architectuur van het onzichtbare laat Carlijn Kingma bij het thema Religie zien ‘hoe het menselijke geloof in geesten en goden wordt gewoven tot een stevig instituut’. ‘Neem het christendom’, zegt zij, ‘wat begon als een rebelse filosofie stolde in een hiërarchische organisatie. Wat begon als een levende, orale traditie, wordt vastgelegd in geschreven teksten.’ Kunstenaar en cartograaf Kingma laat de geschiedenis van de mensheid zien als het weven en ontrafelen van sociale netwerken en structuren. ‘Het weefsel der mensheid’.

Andere thema’s zijn Wetenschap; De vloek van de beschaving; De pers; De rede; In de greep van de staat; Het machtsorgaan; Samenwerking en afhankelijkheid en Uitvindingen en ontwikkelingen.

Nog tot 10 januari 2021 is Het weefsel der mensheid in Rijksmuseum Twenthe te zien als onderdeel van Carlijn Kingma’s overzichtstentoonstellingArchitectuur van het onzichtbare’. Voor al haar kaarten werkt Kingma intensief samen met schrijvers, wetenschappers en ervaringsdeskundigen. Dit werk is ontstaan in nauwe samenwerking met historicus Rutger Bregman en is mede geïnspireerd op diens boek De meeste mensen deugen. Het is een verhaal over de noodzaak van afhankelijkheid en samenwerking om te kunnen koersen naar een duurzame en inclusieve toekomst.

Met kaarten van denkwerelden onderzoekt Kingma de vaak onzichtbare structuren, mechanismen en organisaties die bepalen hoe we hier kwamen, en laat ze zien waar we naartoe kunnen. De kaarten vol metaforen en symboliek zijn een uitnodiging tot verwondering over en verdieping in sociaal-politieke geschiedenissen, menselijke ambities en de grote ideeën van vroeger en nu. Kingma gebruikt de metaforische taal van de architectuur – torens en tunnels, pleinen en silo’s, bruggen en doolhoven – om haar denkwerelden mee te bouwen.’ 

In het museum kun je kiezen voor een audiotour. Ook is er begeleidende tekst, zoals bij Religie, dat onderverdeeld is in Het alziend oog; Het labyrint en Hechting

Neem het christendom: wat begon als een rebelse filosofie stolde in een hiërarchische organisatie. Wat begon als een levende, orale traditie, wordt vastgelegd in geschreven teksten. In het midden zien we hoe priesters een deken weven uit strofen van de Bijbel. Het is een deken met een labyrint erop: het pad van het vrome leven. Daarboven zien we het alziend oog van God, die al onze gedachten kan lezen.



In Het alziend oog zegt Kingma onder meer dat religie, net als de uitvinding van de staat, een manier werd om de samenleving te sturen.

Wat ooit begon als een orale traditie, als een verhaal doorverteld en aangevuld door vele personen, eindigde als een hiërarchisch instituut met een verhaal vereeuwigd in een boek. De kerk. (…) Door een combinatie van regels, afgedwongen met geweld, en de continue controle door het alziend oog van God, werd de sociale stabiliteit gegarandeerd. De in elkaar gevouwen handen konden gemakkelijk worden gebonden en het alziend oog ontging niets.

In de natuur, aldus Kingma, vinden we de vorm van een labyrint terug in schelpen, de ingewanden van dieren, spinnenwebben en de kolking van water.

In veel tradities weerspiegelen deze labyrintische spiralen de symbolische doorgang van het zichtbare rijk van de mens naar de onzichtbare dimensie van het goddelijke.’

In de Correspondent vertelt Kingma dat zij de wereld wil begrijpen, maar voor veel verhalen is tekst niet toereikend, want een boek lees je door op de eerste pagina te beginnen en op de laatste pagina te eindigen. Een kaart lees je volgens haar heel anders: je kunt zoeken en dwalen, vinden en ontdekken, dwarsverbanden zien die in een boek niet zouden opvallen, of zelfs afwezig zijn. 

Op Carlijns werk zie je geen landen en wegen, bergen en rivieren, aldus Rutger Bregman. Je ziet metaforen. Carlijn illustreert ideeën die, als je ze naast elkaar ziet, nieuwe inzichten kunnen opleveren. Daarvoor werkt ze samen met andere kunstenaars of schrijvers, omdat ze gelooft dat er iets extra’s kan ontstaan in die interactie.’ 

Rijksmuseum Twenthe |  Tentoonstelling: Architectuur van het onzichtbare, met Het weefsel der mensheid | Nog tot 10 januari 2021|

Zie ook:
Een duizelingwekkende reis door de geschiedenis van de mens (de Correspondent)

Rondleiding: Met journalistiek platform de Correspondent ontwikkelde Kingma een speciale website waarop zij de bezoeker meeneemt op een exclusieve tour door dit werk.

Beeld: Het weefsel der mensheid, Carlijn Kingma, 2019-2020, aangekocht door Rijksmuseum Twenthe met steun van het Mondriaan Fonds.

Beeld in tekst: Een geschiedenis van de utopische traditie (2016), Carlijn Kingma.