Waar zijn de positieve moslimstemmen?


Trendwatcher Gerald Celente voorspelt dat er, door de toenemende haat tegen de moslims, tussen 2012 en 2016 een etnische zuivering zal plaatsvinden in Europa. Deze haat zou ontstaan door de werkloosheid en de misdaad.  ‘Gerald Celente zal ongelijk krijgen. Althans, dat is de grote hoop van mezelf en velen,’ zegt Bahattin Koçak. Hij schrijft dit in De Standaard naar aanleiding van de steekpartij in het Brusselse metrostation Beekkant en de rellen rond Fouad Belkacem. 

Het is nu 2012. Sharia4Belgium, beter bekend als ‘haatzaaiende partij’ in Vlaanderen, stuurt aan op criminaliteit. Een vrouw met een nikab geeft een kopstoot aan de politie omdat ze niet wil gefouilleerd worden. Sharia4Belgium speelt in op de situatie. Met als gevolg dat er wat rellen ontstaan in Molenbeek. Later op de week komt een moslim uit Frankrijk tot hier. Soldaatje spelen, want in België worden moslims slecht behandeld. Hij verklaart de Heilige Oorlog.

‘Het succes van de ‘gekke moslims’ is de titel van het opinieartikel van islamleraar Koçak. De voorzitter van het Intercultureel Dialoog Platform (IDP) vraagt zich af waar de positieve moslimstemmen zijn. De gematigde moslims krijgen in de media aandacht, maar helaas niet zoveel ruimte als aan Fouad van Sharia4Belgium gegeven wordt.

Het evenwicht tussen de negatieve berichtgeving en de positieve stemmen is duidelijk zoek. Maar goed: ieder doet zijn job. De haatzaaier doet zijn ding, de media doen hun ding.(…) Waarom zijn de moslimjongeren gevoelig voor uitspraken van Fouad Belkacem? Vandaag hebben de ‘gekke moslims’ succes omdat de religie en cultuur van deze jongeren vaak negatief in beeld komen. Duw iemand constant in een hoek en noem hem daarbij ook nog constant ‘uitschot’. Ga naar een uitzendkantoor waar je meerdere keren te horen dat er geen werk is voor jou omwille van je naam of achtergrond. Na een tijdje zal je je ook zo gedragen.

Het artikel van Koçak is eigenlijk een oproep, een dringend verzoek aan de ‘gekke moslims’, als hij schrijft niet in zijn naam te spreken en niet in naam van zijn religie te handelen. ‘Wie ben ik? Ik ben een gewone moslim die wil samenleven.’

Is de ‘moslim’ (?) die helemaal uit Frankrijk tot hier komt om de boel op stelten te zetten een moslimextremist? Neen. Het is een extremist die niet moet beoordeeld worden op zijn religie, maar gewoon vanuit zijn daden en motieven. 

Koçak eindigt zijn artikel met de woorden:’ Wie zijn de slachtoffers van het extremisme? Dat zijn wij, allemaal.’ Hij heeft gelijk, veel moslims zijn ook slachtoffer van het extremisme, van de ‘gekke moslims’.

Zie: Het succes van de ‘gekke moslims‘ 

Illustr: ejbron.wordpress.com 

‘Godsdienstvrijheid is geen fundamentele vrijheid’


Er bestaat eigenlijk geen ‘boerkaverbod’ in België. De wettekst beoogt volgens moraalfilosoof Patrick Loobuyck alle kledij in publieke toegankelijke plaatsen ‘die het gezicht volledig, dan wel grotendeels bedekt’. Deze maatregel kan neutraal verantwoord worden in termen van openbare orde en veiligheid. De godsdienstvrijheid vermag daar niets tegen. Het debat over de boerka zou in dat opzicht aanleiding kunnen zijn om een meer diepgaande discussie te voeren over de plaats van de godsdienstvrijheid in een seculiere rechtstaat. 
 

Dat de godsdienstvrijheid een van de eerst verworven rechten is, maakt haar niet tot de meest fundamentele vrijheid. Er is geen reden om godsdienstvrijheid als een bijzonder en apart terrein te beschouwen waar de overheid zo goed als nooit mag op ingrijpen. Wie dit toch doet, suggereert dat mensen die een godsdienst aanhangen, dankzij de godsdienstvrijheid, meer mogen dan mensen die geen godsdienst aanhangen. Dit druist in tegen het basisprincipe van onze democratische rechtstaat, namelijk dat de overheid haar burgers als vrije en gelijke individuen moet behandelen, wat ook hun levensbeschouwelijke achtergrond is.

Loobuyck reageert hiermee op een spraakmakend interview van Wouter Verschelden met Etienne Vermeersch. Deze laatste had ook al eerder die week samen met Dirk Verhofstadt de verdediging van het boerkaverbod op zich genomen.

Zowel in zijn edito als in het gesprek met Vermeersch over het boerkaverbod legt Verschelden veel nadruk op de godsdienstvrijheid als grondrecht. Verschelden, die tegen het boerkaverbod is, wijst erop dat ‘het ontstaan van mensenrechten nauw verweven is met de bescherming van religieuze minderheden’. Hij waarschuwt voor het gevaar om in het religieuze in te grijpen en verwijt Vermeersch dat hij met zijn positie ‘de godsdienstvrijheid met één klap van tafel veegt’. Net als vele andere tegenstanders van het boerkaverbod overschat Verschelden hier echter het belang van de godsdienstvrijheid. 

Uiteindelijk stelt Loobuyck dat de vraag inzake de boerka de volgende is: moeten we alle mensen, wat ook hun levensbeschouwelijke overtuiging is, de vrijheid geven om volledige geanonimiseerd de publieke ruimte te betreden?

Indien we dit niet wenselijk vinden, en ik ben die mening toegedaan, dan kunnen we dit verbieden als daar een democratische meerderheid voor te vinden is.

In Nederland zet het kabinet het verbod door, ondanks kritiek van de Raad van State. Minister Spies vindt dat mensen elkaar open tegemoet moeten kunnen treden. Gezichtsbedekking in het openbaar hoort daar volgens haar niet bij. 

Zie: Boerkaverbod is niet strijdig met de godsdienstvrijheid

Illustr: digitalehofstad.wordpress.com

In de politiek zijn sommige christenen gelijker dan andere christenen


Nog altijd hebben de ChristenUnie en de SGP in hun grondslag de eeuwenoude ‘Drie Formulieren van Enigheid’, dat zijn de protestantse belijdenissen waarin de mis ‘vervloekte afgoderij’ wordt genoemd.
Nu 12 september nadert, laait de discussie hierover weer op, vooral in orthodoxe kringen, zoals in het Katholiek Nieuwsblad. Sommige katholieke kiezers
 – toch ook christenen? – mijden deze partijen in het stemhokje. Andere katholieken stemmen er bewust op. 

Volgens dr. C.S.L. Janse, socioloog en oud-hoofdredacteur van het Reformatorisch Dagblad, roepen bepaalde onderdelen, zoals de voorzienigheidsleer en de veroordeling van de ‘paapse mis’ in de Heidelbergse catechismus en de leer van de dubbele predestinatie in de Dordtse leerregels, in bepaalde sectoren van de gereformeerde gezindte in toenemende mate bezwaren op.

Water bij de wijn
Katholieken als Arnout van Kempen en Remco van Mulligen, respectievelijk oud-voorzitter en oud-secretaris van de werkgroep voor katholieken binnen de ChristenUnie (opgeheven na voltooiing van haar werkzaamheden), hebben daar geen moeite mee. Zij vinden dat als dé katholiek, als deze al ooit bestaan heeft, in overeenstemming met het katholieke geloof wil stemmen, altijd water bij de wijn zal moeten doen. Immers, de KVP bestaat niet meer.

Iedere katholiek stelt vanuit zijn geloof normen en spiegelt de politieke partijen daaraan. Voor sommigen valt de keuze dan op het CDA of de SGP. Wijzelf voelen ons thuis, en kunnen ook volwaardig participeren, in de ChristenUnie. (Van Kempen, Van Mulligen)

Heiligenbeelden
Volgens Anthony Ruijtenbeek, van het Katholiek Nieuwsblad, zal het niet zo zijn dat als de SGP ooit 76 zetels zou halen, nog in de verkiezingsnacht busjes met SGP-jongeren uitzwermen om met mokers alle heiligenbeelden in katholieke kerken te vernietigen. Een herhaling van 1566 lijkt niet waarschijnlijk, ook al…

… stelt de SGP dus ook in de meest recente uitwerking van haar grondslag nog dat de overheid dient te strijden tegen de katholieke kerk, die volgens deze partij een ‘valse godsdienst’ is. (Ruijtenbeek)

Vervolgde christenen
Ook al ziet de SGP het als een hoge verantwoordelijkheid om op te komen voor vervolgde christenen wereldwijd, zelf strijdt zij volgens haar beginselen eigenlijk nog altijd tegen katholieken als een vals soort christenen. De SGP beschermt met één van haar tien speerpunten de democratische rechtsstaat tegen ondermijnende krachten, waaronder blijkbaar niet alleen die van radicale islamisten, maar dus ook die van valse christenen: de katholieken.

Christelijke politiek
‘Een katholiek’ – volgens de katholieke historicus en bestuurslid politiek van het CDJA, Hans Van den Heuvel – ‘die op de hoogte is van zijn eigen geloofstraditie kan geen SGP stemmen.’ Volgens Jan Mark ten Hove, beleidsadviseur van de SGP-jongeren, kan dat wel, ‘want een stem op de SGP is een garantie voor christelijke politiek’.

De SGP is antikatholiek. Dat is het primaire argument voor mijn stelling. Anthony Ruijtenbeek vermeldt dat ook in zijn artikel; de SGP onderschrijft de Drie Formulieren van Enigheid, inclusief het onverkorte artikel 36 uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis die oproept om valse godsdiensten (inclusief die van de ‘vervloekte paapse Mis’) te weren. (Hans van den Heuvel)

‘Dat zij allen één zijn’ (Joh. 17:21) Wanneer zal de oecumene eindelijk eens echt en waarachtig doorpakken binnen het christendom? Dan wordt die christelijke politiek heel misschien ooit nog eens één èn geloof-waardig.

Zie: SGP stemmen, kan dat eigenlijk wel?

en: Een katholieke SGP-stem? Ja, dat kan

en: Een katholiek stemt geen SGP

en: Op zoek naar de C

Foto: oecumenedenhaag.nl