‘Een Godsbewijs moet overtuigen’

En dus bestaat God
‘Een godsbewijs zou eigenlijk overtuigend moeten zijn – en niet plausibel. Plausibel maken dat God ‘zou kunnen’ bestaan –mwah, dit bewijs laat in ieder geval zien dat er toch wel ‘iets’ van Gods bestaan aan is – is niet effectief. Zolang er goede tegenargumenten bestaan is het geloof in God niet redelijk: ook niet een ‘beetje’.’ Dat zegt de Lachende Theoloog, alias Jan-Auke Riemersma op zijn blog Godsbewijzen.
 

Als de argumenten van de ‘moderne’ theïstische godsdienstwijsgeren overtuigend zijn, dan mag men veronderstellen dat vooral goed geschoolde filosofen, die de betekenis van dergelijke krachtige argumenten op waarde kunnen schatten, zich door deze argumenten hebben laten overtuigen.’ (J-AR) 

JeroendeRidder (1)Riemersma stelt dat slechts 14 – 20% van de analytische wijsgeren menen dat het bestaan van God te verdedigen is. Helaas zegt hij er niet bij niet welke filosofen dat zijn. Die kunnen wellicht hun Godsbewijzen, eh… argumenten, misschien meer plausibeler maken dan de filosofen die met hun boek komen En dus bestaat God. De beste argumenten. De beste acht argumenten vanaf 22 januari dus in uw boekhandel. De filosofen Emanuel Rutten (re: foto Twitter) en Jeroen de Ridder (li: foto VU) zijn er in ieder geval zelf wel van overtuigd dat zij met heldere redeneringen kunnen duidelijk maken dat dieemanuelrutten Ene bestaat. Volgens de uitgever schrijven de heren in ieder geval toegankelijk voor een breed publiek, dat ook vakgenoten zal boeien.

God bestaat en daar zijn sterke argumenten voor. Juist de laatste jaren zijn die argumenten nog weer aangescherpt. Emanuel Rutten en Jeroen de Ridder, beiden filosoof, hebben zich in elk geval laten overtuigen: God bestaat en dat valt met heldere redeneringen duidelijk te maken.’ (Cover) 

JanAukeRiemersmaVolgens de uitgever zal dit boek atheïsten verontrusten en gelovigen versterken, en is het een eyeopener voor al die mensen die denken dat geloof geen optie meer is voor wie zijn verstand gebruikt. Maar volgens de Lachende Theoloog (illustr. J-AR) is het probleem nu juist dat geen van de bestaande godsbewijzen zonder meer ‘geldig’ en ‘waar’ is.

Het opvallende verschil met de meeste andere wijsgerige debatten is echter dat er geen onderzoek gedaan wordt aan God. Het debat krijgt geen impulsen van buitenaf. Godsdienstwijsgeren, of ze nu theïst of atheïst zijn, zullen zich moeten verlaten op argumenten.’ (J-AR) 

Ben benieuwd… Volgens schrijver en filosoof dr. Edward C. Feser (1968) is het onder hedendaagse filosofen vrij algemeen bekend dat Thomas van Aquino ervan overtuigd was dat het bestaan ​​van God, de onsterfelijkheid van de ziel, en de inhoud en bindende kracht van de morele wet bewezen kon worden door middel van louter filosofische argumenten.

En dus bestaat God. De beste argumenten | Emanuel Rutten, Jeroen de Ridder | Buijten en Schipperheijn B.V. | ISBN 10: 9058817458 | ISBN 13: 9789058817457 | € 14,50 | Verschijningsdatum: 22 januari 2015

Zie: Godsbewijzen

Moet God bevrijd worden van wetenschap en filosofie?

Geloven doe je in de kerk, zeiden we vroeger. Dat kan niet meer, want de kerken verdwijnen. Nu doen we dat vooral in de wetenschap en filosofie. Daarin wordt Gods bestaan bewezen (beargumenteerd) maar je kunt er ook terecht voor argumenten tegen het bestaan van God en die laatste schijnen zich zelfs op te stapelen. De discussie woedt momenteel in de Volkskrant en omstreken. Wat opvalt is dat het niet meer over God gaat maar vooral over hoe vaak Hij al of niet voorkomt in wetenschap en filosofie.

Aan het begin van de vorige eeuw dachten de meeste filosofen dat godsargumenten definitief ten grave waren gedragen door denkers als Immanuel Kant en David Hume. Maar dat beeld is inmiddels volledig achterhaald. Amerikaanse en Britse filosofen als Alvin Plantinga, Richard Swinburne, Robert Koons en Alexander Pruss ontwikkelden nieuwe argumenten voor het bestaan van God, die niet vatbaar zijn voor de traditionele bezwaren ertegen.’ (Emanuel Rutten, Jeroen de Ridder) 

Beide docenten aan de afdeling Wijsbegeerte van de Vrije Universiteit zijn van mening dat de kentering die zich ongeveer de laatste veertig jaar heeft voltrokken, buiten de ivoren toren nauwelijks doordringt. Maar volgens Maarten Boudry, postdoctoraal onderzoeker wetenschapsfilosofie aan de Universiteit Gent, is het sterk overdreven dat God springlevend zou zijn in de ijle abstracties van de hedendaagse filosofie.

Godsdienstfilosofen zoals Alvin Plantinga en Richard Swinburne worden door een kleine schare gelovigen op handen gedragen, maar door de meeste filosofen nauwelijks ernstig genomen. Theologie is de grootste intellectuele verliespost van de westerse geschiedenis: nergens is zoveel breinkracht verspild aan zo weinig inhoud. Filosofen houden zich er beter ver van.’ (Maarten Boudry) 

Volgens Pouwel Slurink, freelancedocent filosofie, stapelen argumenten tegen het bestaan van God zelfs op. Hij komt met ‘drie nieuwe bewijzen’ tegen Zijn bestaan, al noemt hij ze in zijn artikel ‘argumenten’. De goede schepper blijkt een misplaatste hypothese; er is sprake van een ‘geest-zelden’-filosofie en Slurink geeft een argument tegen het bestaan van God dat gebaseerd is op een soort weegschaal voor theorieën.

De beide VU-filosofen winkelen selectief in zowel wetenschap als filosofie. Zoals ik in mijn boek Aap zoekt zin heb proberen aan te tonen, moet een filosofie die zich modern noemt vooral rekening houden met onze enorm gegroeide kennis van de evolutie. Die kennis heeft sterke filosofische implicaties, ook voor vragen over het bestaan van God, de aard van geest en bewustzijn, en de vraag naar religie en zingeving.’ (Pouwel Slurink) 

stefanpaas
maartenkeulemans

OTwitter was zaterdag en zondag een levendige, zij het beperkte, discussie tussen onder anderen Stefan Paas (foto li: Twitter), Emanuel Rutten, Jeroen de Ridder (en waaraan Maarten Keulemans, chef wetenschap de Volkskrant, ook actief deelnam met zijn blog) over hoeveel God al of niet voorkomt in het filosofendebat of elders in de wetenschap, gebaseerd op steekwoorden als ‘God proof’, ‘God evidence’, ‘miracles’ en ‘teleological’. (Grafiek MK)

UPDATE 04/01/2015 23:38 uur: De laatste ontwikkeling is dat Stefan Paas rectificaties verzoekt op het blog van Maarten Keulemans (foto re: Twitter). Zijn antwoord: ‘Rectificatie? Kom zeg, het is een blog.’

godproof

Huh? ‘Levendige discussie’ over het wel of niet bestaan van God? Ook al raar. Meer dan één filosoof liet weten zich daar helemaal niet in te herkennen. Wie moeten we nou geloven, de meneren van de VU, of de rest? ‘Het is natuurlijk niet hét hot topic voor iedereen’, aldus De Ridder. ‘Maar zie bijvoorbeeld de aantallen artikelen per deelgebied.’ (Maarten Keulemans) 

God zelf lijkt zo wel uit het beeld te verdwijnen. Hoewel het boeiende discussies zijn over argumenten en bewijzen – wellicht opgekomen als tegenhanger van de ‘bewijzen’ van gelovigen die hun ‘bewijs’ vaak stoelen op onbewezen zaken uit de Bijbel. Misschien moeten we God weghalen van bewijzen en argumenten, bevrijden van wetenschap en filosofie. Misschien moet we weer ‘gewoon geloven’? Zonder meer! Mysticus Meister Eckhart wilde over God zelfs zwijgen. (Hoe wel hij er een dik boek vol over schreef: Over God wil ik zwijgen.) Eckhart wilde echter God wel begrijpen en dat willen wetenschap en filosofie natuurlijk ook.

De godheid omschrijft hij (Meister Eckhart, PD) als ‘niet-zijn boven alle zijn’. Wil je tot haar geraken, dan zul je je moeten losmaken uit elke aardse gebondenheid en je moeten ontworstelen aan al je gedachten en gewoonten, zo ook van al je gewone gedachten over God.’ (Jan Oegema

Wetenschap en filosofie moeten dus ophouden met denken en polemiseren… als zij tenminste echt tot de Godheid willen raken. 

meistereckhart

‘Je moet niet verwachten dat jouw intellect zo kan groeien dat je God zou kunnen kennen. Integendeel, zal God goddelijk in jou lichten, dan draagt het natuurlijke licht daartoe helemaal niets bij; sterker nog: dat moet tot een louter niets worden en zich van zichzelf ontdoen.’ (Meister Eckhart)

Heb je God lief als God, als persoon en als beeld – dat moet alles weg! Hoe moet ik haar dan liefhebben? – Je moet haar liefhebben zoals zij is: een niet-god, een niet-geest, een niet-persoon, een niet-beeld, verder: zoals zij is een puur, rein, louter Een, afgezonderd van alle tweeheid, en in dat Ene moeten wij verzinken van iets tot niets. Daartoe helpe ons God, amen.’ (Meister Eckhart)

Zie:
* God is springlevend in de moderne filosofie
Oorlog tussen God en moderniteit allang afgelopen
Argumenten tegen God stapelen zich op
* Het onderzoek naar God is springlevend! (zegt de VU)

Schilderij: Godenbijeenkomst op de wolken | Cornelis van Poelenburch 1630 | Olieverf op koper | Mauritshuis Den Haag
Update 19 03 2024: lay-out

God bestaat, maar is hij ook een goede God?

isgodgoed

God wordt in de traditie van het monotheïsme begrepen als een goed wezen. En hoe zit het dan met het kwaad dat mensen elkaar aandoen, ook in een tijd van vrede op aarde? Volgens filosoof Emanuel Rutten overvalt en ontmoedigt ons het lijden van vele mensen in deze wereld. Hij vertelde hierover in de lezing Is door het enorme lijden in de wereld geloof in een goede God onredelijk?

Woorden schieten vaak tekort bij de afschuwelijke berichten die ons bijna dagelijks in de media bereiken. Hoe kunnen we dit redelijk verenigen met een geloof in een goede God? Als God goed is, waarom is er dan zoveel lijden in de wereld?’ 

De lezing hield Rutten eind november in Theater Brinkhuis in Laren. Hierin vertelde hij onder meer dat atheïsten het argument van het kwaad gebruiken tegen het bestaan van God. Tegen het bestaan van een goede God dan. Hij vindt dit niet geheel ten onrechte, want slechts weinig gelovigen zullen beweren nooit te worstelen met de vraag hoe een goede God al dat lijden in de wereld kan laten voortduren.

Volgens Rutten is het enorme lijden in de wereld geen overtuigende reden om te denken dat God niet goed is. Hij argumenteert voor de goedheid van God, ondanks alles. Het blijkt dan dat de mens naar zichzelf moet kijken: we keerden ons van Hem af en kozen voor het kwaad, met onze vrije wil. Maar God is toch de grond en oorsprong van de mensheid? Het is het vraagstuk van de theodicee.

Het is dus de mens zelf geweest die het kwaad in de wereld heeft gebracht. God gaf ons vrijheid en liet ons zo de keus. En wij kozen in volle vrijheid het kwaad. We zijn daarom zelf verantwoordelijk, aldus het antwoord van Genesis.’

De filosoof haalt Gijsbert van den Brink aan, die de zondeval erbij betrekt. Volgens Van den Brink werd daardoor iets in gang gebracht dat uiteindelijk ontaardde in het radicale kwaad in de wereld.

Maar de vraag blijft waarom God het enorme lijden van de mensheid hier op aarde dan laat voortduren. Is dat te rijmen met zijn goedheid? Juist het christendom is toch een geloof waarin Gods liefde voor de mensheid centraal staat?’ 

emanuelrutten

Een wereld met bewuste wezens zonder lijden lijkt dus inderdaad, los van de vraag of ze vrij zijn, onmogelijk, stelt Emanuel Rutten (foto: PD). Het lijden kan deel hebben aan het in vervulling laten gaan van het goede zelf, en ook geestelijke groei kent vaak lijden. Bovendien is een wereld als schepping van God onvermijdelijk minder volmaakt dan God zelf.

Omdat het goed is dat er zelfbewuste autonome vrije wezens zijn die beschikken over rede en gevoel, omdat het goed is dat deze wezens in vrijheid kunnen kiezen voor het goede, omdat het goed is dat er in vrijheid voor het goede kan worden gekozen.’

In zijn artikel speurt Rutten verder naar antwoorden, onder meer met de film Tree of Life van Terrence Malick uit 2011 en het Bijbelverhaal van Job. Maar ook benadert hij het kwaad dialectisch, vanuit het oogpunt van de Duitse filosoof Hegel en de Franse filosoof Alain Badiou. George Bataille en Rudolf Otto komend eveneens aan bod.

peanuts2

Dan vraagt Rutten zich af waarom God dan niet af en toe ingrijpt om het lijden van iemand te verzachten of zelfs op te heffen. Dit zou leiden tot een wereldbeeld waarin God voortdurend overal aan het ingrijpen is om ons lijden te verzachten of op te heffen. Een dergelijke wereld is existentieel echter niet leefbaar.

Wij zouden niet werkelijk vrij zijn. We zouden niet echt moreel significante keuzes kunnen maken. We zouden in een soort toy universe leven. God zou zich alleen maar bezighouden met het creëren van een comfortabele omgeving voor ons, net zoals wij dat doen voor onze huisdieren.’ 

Volgens Rutten is dit in tegenspraak met de idee dat God de mens juist vrijheid wilde geven om autonoom moreel significante keuzes te maken. En onze vrije morele keuzes kunnen alléén significant zijn indien ze ertoe doen, wat in een wereld waarin onze handelingen nooit ernstige consequenties kunnen hebben niet zo is.

Merk hierbij op dat het in vrijheid kunnen kiezen voor het goede inderdaad een zeer groot goed is. Want als God zelf noodzakelijk bestaat en maximaal goed is, dan heeft God zelf deze vrijheid niet. Het ligt daarom voor de hand om te denken dat God juist deze mogelijkheid zal willen realiseren en precies daarom geen toy universe tot stand brengt. Wij kregen dus werkelijke verantwoordelijkheid. De zorg voor elkaar werd ons echt toevertrouwd. Maar dit in ons gestelde vertrouwen is alleen oprecht als God niet voortdurend overal ingrijpt zodra er gevaar is. Wij zijn niet Gods huisdieren.’ 

Dit blog behandelt summier het thema. In de pdf van de lezing gaat Rutten hier uitgebreid op in; het lezen ervan is de moeite waard. Het komt er op neer dat de filosoof acht argumenten voor Gods goedheid voortbouwt op de argumenten voor Gods bestaan. Rutten geeft ook aan wat het krachtige antwoord is op het lijden van de mens, dat ons vanuit de christelijke traditie wordt aangereikt: het kruis als het finale antwoord op de vraag naar het lijden. Hij hoopt dat de lezing aanzet tot verder denken en vragen.

Zie: Is door het enorme lijden in de wereld geloof in een goede God onredelijk?

Illustr: metgezelinzingeving.com

Cartoon: Schulz

Gerelateerd: Hoe God het lijden van de mensheid kan laten voortduren

De hemel in kaart of de mysteries van het hiernamaals onderzocht

hemelinkaart
De zeventiende-eeuwse wetenschapper Emanuel Swedenborg was de eerste moderne wetenschapper die de hemel als een bestaande plek beschouwde, en de eerste die hem in kaart probeerde te brengen. Eben Alexander verwijst onder meer naar hem in zijn boek De hemel in kaart, dat afgelopen oktober verscheen. ‘Swedenborg was bijzonder geïnteresseerd in de hersenen en heeft jaren besteed aan het zoeken van de locatie van het bewustzijn; de fysieke locatie van wat in zijn tijd nog ziel werd genoemd.’

Na het verschijnen van Na dit leven door dezelfde schrijver, waren er volgens de uitgever mensen die de bijna-doodervaringen waarover hij schreef, afdeden als onmogelijk. Maar er waren nog veel meer lezers die hem schreven dat zijn verhaal hen diep raakte, op allerlei vlakken. In De hemel in kaart deelt Alexander enkele van de verhalen die hem zijn verteld, en linkt deze aan wat de grote spirituele tradities, wereldreligies en filosofen op de wereld ons vertellen over de reis van de ziel. Alexander over de hemel:

De plek is zo echt als de kamer, het vliegtuig, het strand of de bibliotheek waar je nu bent. Er zijn objecten in aanwezig. Bomen, velden, mensen, dieren. Zelfs (als we de Openbaringen uit de Bijbel of de twaalfde-eeuwse Perzische visionair Suhrawardi of de twaalfde-eeuwse Arabische filosoof en mysticus Ibn ‘Arabi moeten geloven) hele steden. 

De Perzische mysticus Najmoddin Kobra schreef, in een taal die schitterend is door zijn onverschrokken directheid, dat de hemel niet de ‘zichtbare lucht daarboven’ is. ‘Er zijn,’ zo zei hij, ‘andere hemelen, die dieper, subtieler, blauwer, puurder, helderder, ontelbaar en onbegrensd zijn.’ Bedoelde hij echt andere hemelen?  Ja, dat bedoelde Kobra.’ (Uit: De hemel in kaart) 

taedeasmedes


Godsdienstfilosoof, theoloog en schrijver Taede A. Smedes (foto: TAS) schreef er op zijn blog een recensie over De hemel in kaart. Hij bleef sceptisch in zijn recensie maar zei open te staan voor de mogelijkheid dat er werkelijk meer is, dat de werkelijkheid groter en dieper is dan ons denkvermogen – dat immers altijd van onze materiële hersenen gebruik maakt – kan vatten.

Een bijna-doodervaring wordt door Alexander in dit boek beschreven analoog aan een inwijdingsritueel uit de oude mysteriegodsdiensten, die ook in het teken van de eigen dood en de opstanding stonden. Volgens Alexander hadden die mysteriegodsdiensten al een idee dat de werkelijkheid groter en dieper is dan het oog kan waarnemen, de hand kan voelen of het oor kan horen.

Dat steeds meer mensen ervoor uitkomen dat ze soortgelijke ervaringen hebben gehad, betekent voor Alexander dat er een soort van bewustwordingsproces gaande is, een transformatie van het menselijk bewustzijn, die echter heel langzaam en met veel tegenwerking verloopt. Dit zijn uiteraard ideeën die verder niet te verifiëren zijn. Toch vond ik de analogie met mysteriegodsdiensten prikkelend en interessant.’ (TAS)

dehemelinkaartVolgens Smedes brengt dit boek vooral troost voor mensen die hier en nu met pijn en in verdrukking leven, die rouwen om een overleden naaste, en houdt dit boek vooral lessen voor levenden in, wil het vooral zin geven aan wat er hier en nu gebeurt, het idee dat wie en hoe wij zijn opgenomen is in een groter, alomvattend en zinvol geheel dat onze individuele levens overstijgt en waar we via het denken of door wetenschappelijk onderzoek geen grip op kunnen krijgen.


Een diepgaander begrip en verdere interpretatie zullen een grondige herziening vereisen van onze ideeën over bewustzijn, causaliteit, ruimte en tijd. Sterker nog, een aanzienlijke versterking van de natuurkunde, die de realiteit van het bewustzijn (ziel of geest) volledig omarmt als de basis van alles, is nodig om het diepe mysterie in de kern van de kwantumfysica te overstijgen.’ (Uit: De hemel in kaart)

Zodra de wetenschap niet-fysieke verschijnselen gaat onderzoeken, zal zij in tien jaar meer vooruitgang boeken dan in alle voorgaande jaren van haar bestaan samen. – Nikola Tesla (1856–1943)’ (Uit: De hemel in kaart)

De hemel in kaart – Een neurochirurg onderzoekt de mysteries van het hiernamaals | Eben Alexander met Ptolemy Tompkins | Oorspronkelijke titel The Map of Heaven | © 2014 by Eben Alexander MD | Vertaling Fabe Bosboom | Omslagontwerp: Pinta Grafische Producties | © 2014 | A.W. Bruna Uitgevers B.V. | Amsterdam | ISBN 978 94 005 0408 0 | nur 728 

EbenAlexanderDr. Eben Alexander (foto: ebenalexander.com) werkt al meer dan vijfentwintig jaar als universitair neurochirurg, waarvan vijftien jaar aan Harvard Medical School in Boston. Hij schreef De hemel in kaart in samenwerking met Ptolemy Tompkins, redacteur voor de tijdschriften Guideposts en Angels on Earth en auteur van vier boeken. Zijn artikelen verschenen onder meer in Harper’s, The New York Times en The Los Angeles Times. Eben Alexanders eerste boek Na dit leven was een internationale bestseller. Het boek is vertaald in bijna veertig talen en wereldwijd werden er meer dan twee miljoen exemplaren verkocht.

Gerelateerd: Een wetenschappelijk argument voor de eeuwigdurende ziel

Zie ook: Neurochirurg Eben Alexander biedt troostrijke boodschap voor de levenden. (boekbespreking)

Illustr:
ad.nl

Het heelal, ontstaan uit intelligentie of chaos

557741187_5_6dpT

Henk Keilman heeft allerlei argumenten gevonden, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, waaruit hij concludeert dat God bestaat. Hij zegt dat wat er de laatste dertig jaar ontdekt is door de wetenschap over de structuur en het ontstaan van het heelal er duidelijk op wijst dat het universum niet bij toeval is ontstaan. Hij vindt dat geen kwestie van waarschijnlijkheid of onwaarschijnlijkheid, maar een kwestie van een mathematische zekerheid.

Het heelal is niet bij toeval ontstaan.’ Tot die conclusie kwam ondernemer Henk Keilman, die een jarenlange zoektocht ondernam naar het ontstaan van de wereld en het bestaan van God. Zijn boek ‘Intelligentie of chaos’ is een verslag van die zoektocht. Hij noemt zichzelf geen christen. ‘Ik geloof in een universele religie.’ Van sektarische vormen van religie ‘als mensen hun religie beschouwen als de enige, absolute waarheid’, moet hij niets hebben. Hij vertelt erover in Dit is de Dag.’ 

Op dertienjarige leeftijd kwam hij in contact met de Oosterse wijsbegeerte. Ook raakte hij erg geïnteresseerd in de natuurkunde, in de relativiteitstheorie van Einstein, en werd nieuwsgierig naar hoe het universum in elkaar zat.

Hij las over de Vedanta, dat sprak hem aan. Het was in de tijd dat de Beatles mediteerden in India. India werd hot en veel Oosterse, Indiase, goeroes kwamen naar het Westen om hier hun visie over de werkelijkheid te verkondigen.

Keilman vond dat allemaal erg boeiend omdat het een religieuze, spirituele benadering betrof, die vooral ook intellectueel erg interessant en bevredigend was. Niet een bepaald geloof of dogma dat hij kon accepteren of niet, nee, hij werd juist aangezet om zelf te denken en kritisch te redeneren en te analyseren.

Hoewel christelijk opgevoed, kon hij het christelijk dogmatische toch niet erg plaatsen in zijn wereldbeeld, voor hem intellectueel en filosofisch niet erg verheffend. Fundamenteel vindt hij het christendom wel een goede religie, maar het filosofische, intellectuele ontbreekt. Dat vond hij wel in de Vedanta, in de Indiase wijsbegeerte. Die is ongeveer zesduizend jaar oud en later kwam daar het hindoeïsme uit voort, en nog later indirect het boeddhisme. Hij vond daarin een wetenschappelijke benadering van het bestaan van een hogere energie in het universum en hoe dat uitgelegd werd in de Vedanta. Dat vond hij adembenemend, ongelooflijk boeiend en inspirerend.

Henk Keilman

Later is Henk Keilman (foto: cityroermond.nl) filosofie en natuurwetenschappen gaan studeren. Leerde over deeltjesfysica, kwantumleer en relativiteitsleer. En zo leerde hij over het antropische principe: het universum dat in zijn diepste kern vanaf zijn eerste milliseconde van zijn bestaan gefinetuned is: het universum wordt geregeerd door vier basiskrachten: de zwaartekracht, de elektromagnetische kracht, de sterke en de zwakke kracht. Die vier krachten zijn constanten en opereren onafhankelijk van elkaar. Ze zijn precies met elkaar in evenwicht waardoor het bestaan van materie op zijn meest fundamentele niveau mogelijk werd gemaakt. (Over finetuning verwees ik eerder naar Emanuel Rutten.)

Over wat voor God hebben we het dan vroeg de interviewer. Daarop antwoordde Keilman dat of het heelal is uit chaos ontstaan, of uit intelligentie. Statistisch, wiskundig, vindt hij het onmogelijk dat het universum bij toeval heeft kunnen ontstaan. Chaos en toeval zijn volgens Keilman geen opties, het enige alternatief dat dan overblijft – bij eliminatie – moet dan ook intelligentie zijn.

God vindt hij een ongelooflijk moeilijk te definiëren begrip. Het is oneindig, bovennatuurlijk, het ligt buiten ons gezichtsveld en ervaringswereld. De energie waarin wij zitten, de schepping, het heelal en de aarde, en wij allemaal als wezens zijn een deel daarvan. Eigenschappen van God kunnen we wel gedeeltelijk kennen, omdat we er zelf een deel van zijn, net zoals een druppel in de oceaan. Aan de hand van een druppel water kan je de chemische samenstelling van de oceaan begrijpen, ook al is die oceaan oneindig en die druppel water beperkt.

God vindt hij persoonlijk, noemt hem bewust en oneindig, een bron van intelligentie, schepper van het stoffelijk universum. Alles wordt bestuurd door God. Keilman zegt dat de wet van karma door God is ingesteld om het universum te reguleren. God helpt degene die zichzelf helpt. Niets is toevallig in je leven. Het leven heeft een doel, je groeit ergens naartoe. Hij gelooft in een universele religie, gelooft in de persoon Jezus, maar noemt God universeel, sektarische religie overstijgend.

Bovenstaande is een enigszins geparafraseerde en gedeeltelijke weergave van een interview dat DIDD 29 november met Henk Keilman hield. Het is hier te vinden. Binnenkort verschijnt als e-book via iTunes zijn boek Intelligentie of chaos.

Beluister: ‘Wetenschappelijk bewijs voor bestaan van God’

Illustr: diamental.nl