Zoektocht naar een leven na ons aardse bestaan

Hoe mensen de hemel zien en waarom we het er al duizenden jaren ideeën over hebben, zijn vragen die de kern van onze menselijkheid vormen, zegt de auteur van Hierna – een cultuurgeschiedenis van de hemel, Catherine Wolff. Zij beantwoordt deze vragen in haar boek met fascinerende details. ‘Prachtig geschreven, vakkundig onderzocht en meesterlijk gepresenteerd: deze reis langs hoe de hemel door de geschiedenis heen is begrepen, is absoluut fascinerend,’ zegt schrijver en priester James Martin.

In het leven van ieder mens zijn er van die momenten waarop de sluier aan de horizon van het bekende wordt opgelicht en we een blik slaan in de eeuwigheid. We verlaten de kust van het bekende, niet omdat we op zoek zijn naar avontuur en spanning of omdat ons verstand onze vragen niet kan beantwoorden. We zeilen uit omdat onze geest op een geweldige zeeschelp lijkt, en als we ons oor daartegen leggen om te luisteren, horen we het eeuwige ruisen van de golven ver bij de kust vandaan.’
(Rabbijn Abraham Joshua Heschel, in Hierna)

In Hierna beschrijft Catherine Wolff hoe verschillende religies en geloofsovertuigingen het idee van een hemel hebben ingekleurd en hoe niet-religieuze invloeden vanaf de Verlichting tot de hedendaagse niet-religieuze visies op de hemel daarop hebben ingewerkt.

Het leven hierna kan een bestaan in de tijd of in de eeuwigheid zijn. Het kan de plaats zijn waar we vandaan komen – zoals Plato geloofde – of de plaats waar we in een mystieke ervaring heen kunnen gaan. Het kan onze bestemming zijn als we sterven of misschien pas later. Het kan om opeenvolgende stadia gaan, waardoor we geestelijk volwassen worden, zodat we kunnen ontsnappen aan de cyclus van de wedergeboorte, zoals in oosterse religies, maar het kan ook zijn dat we maar één kans op verlossing hebben. Misschien bereiken we het leven hierna zodra we sterven of misschien moeten we wachten tot het einde van de kosmos.‘
(Uit: Hierna)

Wolff vertelt dat een aanzienlijk deel van het westerse gedachtegoed pleit vóór het bestaan van God.

Eén zo’n redenering stelt dat er een God moet zijn, omdat er vanaf het begin van het universum een waarneembare, ordelijke keten van oorzaak en gevolg is. Die kan alleen worden verklaard door een eerste oorzaak, een zelfgeschapen wezen dat eenvoudig ìs.’
(Uit: Hierna)

Charles Darwin lijkt naar een schepper te hebben verlangd, zegt Wolff, een bron voor het wonder dat hij in de natuurlijke wereld opmerkte.

Zijn [Darwins] geschriften laten een groeiend besef zien dat het bij de evolutie niet alleen om fysieke eenheden ging, maar dat er religieuze en morele implicaties mee verbonden waren. Toch was er daarin geen plaats voor filosofie of een godheid – God was een projectie die tot regels leidde om door te geven. Niettemin was Darwin geïntrigeerd door het idee van onsterfelijkheid en erkende hij dat je zo’n instinctief geloof overal ter wereld aantrof.’
(Uit: Hierna)

In de vroegste uitingen van godsdienst zijn er, volgens Wolff, verhalen en gebruiken waarin bepaalde levende mensen de geestenwereld bezoeken, die wijzen op geloof in een leven na dit leven.

James George Frazer, een van de vaders van de moderne antropologie, bestudeerde het begrip onsterfelijkheid bij oervolken in Noord-Amerika, Azië en Oceanië. In elk van deze drie werelddelen geloven mensen dat er twee verschillende zielen of geesten zijn. Zij maken onderscheid tussen een ‘vrije ziel’, die tijdens een droom of trance het lichaam verlaat, en een ‘lichaamsziel’, die achterblijft. Ze onderscheiden ook een levensziel, die het lichaam van levenskracht voorziet, en een ‘doodsziel’, die bij de dood wordt bevrijd.’
(Uit: Hierna)

Hierna – Een cultuurgeschiedenis van de hemel | Catherine Wolff | KokBoekencentrum Non-Fictie | 328 blz. | Verschenen: 21-09-2021 | € 27,99

Beeld: Paradiso, Canto 14: Dante en Beatrice vertaald naar de sfeer van Mars, illustratie van Gustave Doré, uit De Goddelijke Komedie van Dante Alighieri, 1885
(meisterdrucke.nl – digitaal ingekleurd)

‘Ons verbonden voelen is het meest zinvolle in ons leven’

Het leven op aarde vormt één groot ecosysteem waarin alles op elkaar inwerkt en van elkaar afhankelijk is, en waarvan wij onderdeel zijn. Volgens The Web of Meaning is alles met elkaar verbonden. Ecologisch denker Jeremy Lent pleit voor een wereldbeeld dat moderne wetenschap en inzichten uit oude wijsheidstradities integreert. The Web of Meaning is opgebouwd aan de hand van vijf existentiële vragen: wie ben ik, waar ben ik, wat ben ik, hoe moet ik leven en waarom ben ik? In VN een interview met Lent.

Lent weet uitzonderlijk helder te schrijven over complexe en fundamentele zaken als bewustzijn, evolutie, entropie (het streven van systemen naar wanorde), fractals, genenexpressie, moraal en mystiek en de overlap tussen de taoïstische principes qi (energie) en li (principes die qi laten werken) met de ideeën van systeemtheoretici.’

Onze relatie met de natuur, zegt Lent, is totaal uit balans doordat we die zien als een machine, de mens zien als apart van de rest van het leven en de aarde als een hulpbron die we kunnen gebruiken voor onze menselijke doelen.

We zien het lichaam als gescheiden van de geest en zien verschillende groepen mensen als apart van elkaar. Dat wereldbeeld bevordert uitbuiting: van mensen onderling en van de natuurlijke wereld, en het vormt de basis voor kolonialisme, racisme en kapitalisme.’

Als de belangrijkste waarden in ons huidige wereldbeeld die bepalen hoe wij in onze cultuur ons leven leiden, noemt Lent materiële welvaart en status.

Maar die veroorzaken een enorme afgescheidenheid en vervreemding. Dat geldt vooral voor de mensen die gebukt gaan onder de toenemende ongelijkheid, maar ook voor degenen die daar oppervlakkig gezien van profiteren. Ook zij verlagen daarmee de kwaliteit van hun eigen leven, al zijn ze zich daar misschien niet zo van bewust.’ 

Voor ons als mensen is ons verbonden voelen het meest zinvolle in ons leven, zegt Lent, maar ons huidige wereldbeeld heeft dat verbroken en veroorzaakt veel wat in het boeddhisme dukkha heet. Hij kwam ook in aanraking met mindfulness meditatie. Dat voelde voor hem als thuiskomen, en achteraf vond hij het onbegrijpelijk dat hij zijn leven tot dan geleid had zonder die meditatie.

Dat [dukkha] wordt vaak vertaald als lijden, maar het betekent een bredere ontevredenheid en onvermogen om welzijn te ervaren. We hebben daarom niet alleen een transformatie op systeemniveau nodig, maar ook in ieder van ons. Als we leven vanuit andere waarden, komt er ruimte voor wat Aristoteles eudaimonia noemt: het nastreven van je volledige potentie, zodat je leven tot vervulling komt. Dat is een wezenlijk ander soort geluk dan het hedonisme in onze consumentenmaatschappij.’

Veel mensen hebben het gevoel dat onze ondergang zo goed als onvermijdelijk is, zegt Lent, gezien de ernst van de klimaatopwarming, de macht van de grote corporaties en de toenemende haat en polarisatie in de wereld.

Ik voel dat allemaal en realiseer me dat goed. Maar in plaats van daardoor te verlammen, moeten we ons realiseren dat onze betrokkenheid bij de wereld ertoe doet, omdat we deel uitmaken van het verbonden web dat onze samenleving vormt. Wat we denken, zeggen en doen is deel van de wereld die we creëren. Dat brengt grote verantwoordelijkheden met zich mee.’

Zie: Ecologisch denker Jeremy Lent: ‘Ons verbonden voelen is het meest zinvolle in het leven’ (VN)

The Web of Meaning | Jeremy Lent | Profile Books Ltd | Hardcover €26,00 | 528 pp. | 17 juni 2021

‘The Web of Meaning van Jeremy Lent is zowel een diepgaande persoonlijke meditatie over het menselijk bestaan ​​als een hoogstandje van historisch en hedendaags wereldwijd seculier en spiritueel denken over de diepste vraag van allemaal: waarom zijn we hier?’
(Gabor Maté M.D, auteur van In The Realm of Hungry Ghosts: Close Encounters With Addiction)

‘We moeten nu meer dan ooit uitzoeken hoe we allerlei verbindingen kunnen maken.
The Web of Meaning kan helpen bij veel van de dringende taken waarmee we worden geconfronteerd.
(Bill McKibben, auteur van Falter: Has the Human Game Begun to Play Itself Out?)

Beeld: Gert Altmann (Pixabay)

Spiritueel humanisme dat zich verweven weet met de planeet 

Totaalfilosoof William E. Connolly heeft een eigen metafysica en ethiek. Zijn werk wordt gevoed door een krachtig spiritueel engagement, waarmee hij bondgenootschappen probeert te stichten tussen mensen van goede wil, of ze nu religieus zijn of atheïst. Ze hoeven het niet eens te zijn op het gebied van de geloofsleer; belangrijker is dat ze gedreven worden door dezelfde, diepe gehechtheid aan het leven, nodig om een toekomst vol ‘tragische mogelijkheden’ een mensvriendelijk gezicht te helpen geven. 

Geloof in het leven rust in een diep gevoel van dankbaarheid voor het feit dat je er bent en bewust en creatief deel mag nemen aan het open wordingsproces van deze wereld.’
(Frits de Lange)

Connolly gelooft hartstochtelijk in de toekomst van het leven en is er eerlijk over: dat is een gelóóf. Hij vindt ervoor brede steun bij aanhangers van grote wereldgodsdiensten en inheemse culturen, bij humanisten en christenen. Geloof in het leven rust in een diep gevoel van dankbaarheid voor het feit dat je er bent en bewust en creatief deel mag nemen aan het open wordingsproces van deze wereld.’
(Frits de Lange)

Theoloog Frits de Lange is gelukkig met het feit dat Hans Alma en Caroline Suransky een bundel over de visionaire denker Connolly schreven, waarin vanuit verschillende vakgebieden de relevantie van zijn – nog steeds onvertaalde – oeuvre wordt getoond.

In een uitvoerige in- en uitleiding presenteren de redacteuren de kern van Connolly’s filosofie. Ze laten overtuigend zien hoe zijn spiritueel humanisme dat zich verweven weet met de planeet inspireert tot een verbindende politieke beweging.’
(Frits de Lange)

In dit boek onderzoeken de auteurs hoe mensen die verwevenheid creatief kunnen inzetten om te komen tot goed (samen)leven op planetair niveau.

Het moderne paradigma van de autonome mens die de wereld naar zijn hand kan zetten, maakt daarbij plaats voor een paradigma van partnerschap in de context van complexe ecosystemen. Hoe kunnen wij zinvol en rechtvaardig participeren in een dynamische wereld waarin grote verschuivingen plaatsvinden waarover de mens maar zeer ten dele controle heeft?’ 
(Uit: VERWEVENHEID, Essays over een verbindend humanisme)

Volgens De Lange komt Connolly tot een nieuwe kosmologie, waarvan de omtrekken er ongeveer zo uit zien: het universum kun je zien als een veelheid van krachtenvelden die zichzelf met verschillende snelheden organiseren.

Klimaatpatronen, warme golfstromen, de evolutie van soorten, tektonische aardplaten, tornado’s zijn zulke krachtenvelden. Maar ook het neoliberale kapitalisme is er een. Omdat ze elk hun eigen zelf-organiserend vermogen hebben en hun eigen tijdsschaal hanteren kunnen ze elkaar behoorlijk dwars zitten.
We merken het aan tsunami’s, bosbranden, aardbevingen en overstromingen: er bestaat geen centrale regie die zorgt dat krachtenvelden niet botsen. Asteroïden, gletsjers, rivieren, mensen en eendagsvliegjes: ze hebben elk hun eigen snelheid waarin ze hun weg zoeken, opgaan, blinken en verzinken.’
(Frits de Lange)

De vraag is hoe wij zinvol en rechtvaardig kunnen participeren in een dynamische wereld. Een wereld waarin grote verschuivingen plaatsvinden waarover de mens maar zeer ten dele controle heeft.

Verbindend humanisme gaat er van uit dat mensen hun kwaliteiten zinvol kunnen inbrengen wanneer zij hun superioriteitsaanspraken opgeven en ruimte maken voor de ander in diens unieke waarde (of het daarbij nu om een mens, dier, plant of ding gaat). Creativiteit en verbeelding spelen daarbij een centrale rol.’
(Uit: VERWEVENHEID, Essays over een verbindend humanisme)

Zie: William E. Connolly – politiek filosoof van het Antropoceen (Frits de Lange)

VERWEVENHEID, Essays over een verbindend humanisme | Hoogleraar geestelijke zorg en religieus-humanistische zingeving aan de Vrije Universiteit Amsterdam Hans Alma, en universitair hoofddocent en opleidingscoördinator van de Graduate School aan de Universiteit voor Humanistiek te Utrecht Caroline Suransky.

Beeld: ecoone.org
Update 10 12 2024: Lay-out, links

Al-Ghazali, inspiratiebron voor miljoenen moslims

De bevlogen middeleeuwse denker Al-Ghazali is nog altijd een bron van inspiratie voor miljoenen moslims. In Verlost van onzin komt Al-Ghazali zelf aan het woord, in de toegankelijke vertaling van Al-Ghazali’s autobiografie. Hij wordt gewaardeerd om de manier waarop hij filosofie, theologie en mystiek samenbrengt. De lancering van het boek is 20 september 2021 in de Openbare Bibliotheek Amsterdam. Verlost van onzin biedt een fascinerende kennismaking met het islamitisch denken dat ontstond in de gouden eeuwen van de islam.

‘De onenigheid onder mensen is een diepe oceaan waarin de meeste mensen verdrinken en waaruit slechts enkelen gered worden.’
(Al-Ghazali)

Ook in de westerse literatuur duikt de naam van Al-Ghazali geregeld op: bij filosofen als Bertrand Russell en Nicholas Taleb en in de boeken van Salman Rushdie en Dan Brown. Daarin wordt hij eensgezind aangewezen als een strenge dogmaticus.
Wie was deze Al-Ghazali en waar komt zijn reputatie vandaan? Kan het echt zo zijn dat hij het einde van het vrije denken in de islam inluidde? In dit boek wordt – onder veel meer – beschreven hoe het mogelijk is dat iemand die binnen zijn eigen traditie tot de grootste denkers wordt gerekend, in het Europese denken zo’n beroerde reputatie heeft gekregen.

De onenigheid onder mensen is een diepe oceaan waarin de meeste mensen verdrinken en waaruit slechts enkelen gered worden.’
(Al-Ghazali)

Aan het woord is theoloog, filosoof en later mysticus Al-Ghazali, die zijn leven wijdde aan God. Een van de grootste denkers uit de geschiedenis. Zijn hele leven heeft Al-Ghazali een brandend verlangen gehad om de wereld om zich heen te begrijpen. Maar El-Ghazali wist ook wat wij vandaag weten: het valt niet mee om de wereld te begrijpen. En daar komt bij dat er altijd méér te weten valt, méér te begrijpen, méér te onderzoeken, zo leert Verlost van onzin.

Sinds de bloei van mijn jeugd stort ik mij in het getier van deze diepe oceaan. Ik waag mij dapper in de diepe wateren, zonder al te bang en voorzichtig te zijn. Ik dring door tot elke onduidelijkheid, stuit op elk probleem, en dring aan op elke moeilijkheid.’
(Al-Ghazali)

Verlost van onzin is een toegankelijke en vlotte vertaling van een beroemd werk uit de islamitische filosofie: de autobiografie van Abu Hamid Al-Ghazali (1058‑1111). Het werk is vertaald door dr. Cornelis van Lit, onderzoeker op het gebied laatmiddeleeuwse ontwikkelingen in filosofie en theologie van de islamitische beschaving, en filosoof, theoloog en docent islamitische filosofie Gerko Tempelman.

Al-Ghazali geloofde dat de waarheid wáár is en één is, ongeacht of je die tegenkomt via een spiritueel inzicht of via een rationele overweging, in de Koran of in de wetenschap.

Als iets waar is, is het waar, en alles wat waar is, is consistent met zichzelf. Dit verklaart waarom Al-Ghazali in Verlost van onzin filosofische overwegingen moeiteloos afwisselt met citaten uit de belangrijkste bronnen van de islam: de Koran en de Tradities (de overgeleverde uitspraken en gedragingen van Mohammed, de profeet van de islam). Dat betekent echter niet dat verschillende wegen hetzelfde of zelfs maar inwisselbaar zijn, zo benadrukt Ghazali voortdurend in zijn werk. Maar verschillende wegen kunnen wel naar dezelfde conclusie leiden.’
(Uit: Verlost van onzin)

Verlost van onzin | Abu Hamid Al-Ghazali | Vertaling: Cornelis van Lit en Gerko Tempelman | Boom uitgevers | ISBN: 9789024438297 | Tijdelijk € 20,00 | ‘Al-Ghazali zet zichzelf in zijn boek neer als een twijfelende zoeker en allesbehalve de dogmatische betweter zoals hij zo vaak wordt geportretteerd.’ (Gerko Tempelman)

*** Boeklancering: De belangrijkste moslim na Mohammed – 20 september:  Openbare Bibliotheek Amsterdam – 20 uur – Gratis toegang | Ter gelegenheid van de verschijning van Verlost van onzin organiseren de Volksuniversiteit en de OBA organiseren een inhoudelijke boeklancering, met bijdragen van Alaeddine Touhami (Huis van Vrede), Kamel Essabane (Fahm instituut), Rinse Kruithof (Boom Filosofie) en van de vertalers en inleiders Cornelis van Lit en Gerko Tempelman. Het boek Verlost van onzin is voor een speciale kortingsprijs te verkrijgen. (info en tickets) ***

*** Cursus: Op 4 november begint een 4-delige cursus over Verlost van onzin – door Gerko Tempelman, in Amsterdam. ***

Beeld: Imam Al-Ghazali (yenihaberden.com)
Update 14012025

‘Ons bewustzijn bevindt zich in de wereld om ons heen’

Neurowetenschappers kunnen helemaal geen bewustzijn in het hoofd aanwijzen, zegt schrijver en hoogleraar literatuur Tim Parks in Out of My Head: On the Trail of Consciousness. VN noemt dat een persoonlijk, boeiend en helder boek. De titel van dit blog komt van hoogleraar robotologie, filosoof en psycholoog Riccardo Manzotti, naar wie Parks verwijst.

Manzotti zet zich in The Spread Mind af tegen het zogeheten internalisme van de meeste filosofen en neurowetenschappers. Zij vatten bewustzijn op als iets dat in het brein zetelt. Volgens Manzotti zit het bewustzijn niet in het brein, maar in de wereld om ons heen. De hersenen faciliteren ervaring, maar slaan niets op.

In The Spread Mind betoogt Riccardo Manzotti overtuigend dat ons lichaam geen subjectieve ervaring bevat. Toch is bewustzijn echt en, net als elk ander echt fenomeen, fysiek. Waar is het dan? De radicale hypothese van Manzotti is dat bewustzijn één en hetzelfde is als de fysieke wereld om ons heen.

Op basis van Einsteins relativiteitstheorieën, bewijsmateriaal over dromen en hallucinaties, en de geometrie van licht in waarneming, en aan de hand van levendige, praktijkvoorbeelden om zijn ideeën te illustreren, betoogt Manzotti dat bewustzijn geen ‘film in het hoofd’ is. Ervaring zit niet in ons hoofd: het is de werkelijke wereld waarin we ons bewegen.’
(Uit: The Spread Mind)

Volgens de G10 van de economie & filosofie zochten mensen als Richard Dawkins en ook Dick Swaab lange tijd in de hersens naar de plaatsen waarmee we gedachten of beelden konden vasthouden. ‘Nonsens volgens de nieuwe aanpak: die zijn er niet.’
The spread mind is een theorie die voortkomt uit observatie waartoe ons bewustzijn in staat is. Onze mind is onze trouwste metgezel maar zowel de filosofie als de wetenschap hebben grote moeite met dit ongrijpbare fenomeen. Niemand zag ooit een ‘mind’, of een ziel, zoals die vroeger heette.

The Spread mind, het sensationele boek Van Manzotti en Out of my head – On the trail of consiousness van Tim Parks  laten zien dat ‘connectie’ met de wereld’ geen leeg politiek of soft begrip is maar fundamenteel in ons bestaan om überhaupt iets waar te kunnen nemen. 

Net als Schopenhauer en Nietzsche de filosofie wisten te keren door naar de oorsprong van waardes te vragen, doen Manzotti en Tim Parks dit met de neuroscience met allerlei sociale en politieke implicaties die daar het gevolg van zijn. Hun onderzoek wat ons brein werkelijk is en hoe het functioneert  gebruikt eerder de metafoor van een brug dan een opslagplaats van beelden en emoties.’
(Persbericht G10)

Parks vertelt in VN dat Manzotti je diepgaand laat nadenken over onze ideeën over de aard van ons leven en wie we zijn als mens. Het kostte hem weinig moeite zich te realiseren dat de gangbare verklaringen van de werkelijkheid helemaal niet kloppen.

Juist als schrijver besef ik goed dat veel verhalen die we hanteren gebaseerd zijn op allerlei onjuiste aannames. We zijn vaak meer vertrouwd met verhalen dan met het leven zelf. Dat is een risico als we de wereld willen zien zoals die is.’
(VN)

Zie: Ons brein is helemaal niet zo interessant als we denken, zegt schrijver Tim Parks (VN)

Zie ook: De geest buiten mijn hoofd – door Tim Parks (Koorddanser)

*** Talk: On the trail of conciousness | Zuiderkerk | Amsterdam | Zaterdag 25 september 2021 | 17:45-18:45 uur | Tim Parks (in-person appearance) ***

Out of My Head: On the Trail of Consciousness | Tim Parks | 311 pages | New York Review Books | Paper, $18.95

Beeld: Kalhh (Pixabay)

Met zen de christelijke mystiek herontdekken

Mysticus Thomas Merton wil in Zen en de gretige vogels laten zien dat er analogieën zijn tussen zen en vormen van christelijke mystiek en dat het christendom hiervan kan leren. Dit boek verschijnt op 14 september in een nieuwe Nederlandse vertaling. ‘Op de achtergrond geraakte wijsheid uit de eigen traditie kan je herontdekken, met name de mystieke traditie,’ aldus vertaler Willy Eurlings in het voorwoord. (Zen and the birds of appetite verscheen in 1968; een Nederlandse vertaling daarvan als Zen, wijsheid en leegte in 1973.)

Zen, wijsheid en leegheid verscheen in een tijd dat er bij veel christenen veel wantrouwen bestond tegenover het boeddhisme, en dat vaak van nihilisme werd beticht, vertelt Eurlings. Dit veranderde in de jaren ’70 en ’80, toen steeds meer mensen in oosterse religies geïnteresseerd raakten.

Monnik, trappist, vredesactivist en interreligieus bewogen zoeker Merton onderzoekt, vaak in samenspraak met zenmeester D.T. Suzuki, de rationele ongerijmdheden van zen. Met Japanse kunst en filosofie, de geschriften van woestijnvaders, Augustinus, Eckhart en anderen, verkent hij overeenkomsten en verschillen tussen christelijke mystiek en zen.

Regelmatig worden de woestijnvaders genoemd en ook namen als Augustinus, Cassianus, Gregorius van Nyssa, PseudoDionysius, Johannes Scotus Erigena, Eckhart en Ruusbroec passeren de revue.’
(Uit: Zen en de gretige vogels)

Verwijzend naar analogieën tussen zen en christelijke mystiek laat Merton zien dat zen ons kan helpen om ons christelijk geloof veel meer te zien als een levende ervaring.

Merton is ervan overtuigd dat zen ons kan helpen om ons christelijk geloof veel meer als een levende ervaring te zien. De nadruk op de leer speelt in de geloofsbeleving van katholieken zo’n overheersende rol dat die aandacht voor de ervaringskant van religie vaak ondersneeuwt. Zen kan ons leren verder te gaan dan de formulering van het geloof, niet om deze te verwerpen, maar om tot grotere innerlijke diepte te komen.’
(Uit: Zen en de gretige vogels)

Om een antwoord te vinden op het oude mysterie van het transcendente ‘zelf’ van de mens richtte Merton de blik naar Azië, schrijft Trouw. ‘Daar houdt men zich al eeuwen bezig met het mysterie van de ‘niemand’ die door mede-lijden, zuivere liefde en nederigheid het eigen individu ondergeschikt maakt aan het geheel en zo verenigd is met alles’.

We hebben geen westerling gevonden die zo’n inzicht had in de moeilijke wijsheid van het Oosten als hij. Merton kwam niet, als veel westerlingen, om ons te vertellen hoe de zaken er hier voorstonden. Hij kwam om te luisteren en te leren. Zonder zijn christelijke wortels te verloochenen, was hij een der eersten die inzag dat kennisneming van de oosterse spiritualiteit die van het westen kon verrijken.
(Uitspraak Dalai Lama, zenmeesters en boeddhisten over Merton – Trouw)

Zen en de gretige vogels | Thomas Merton | ISBN: 9789463403061 | Prijs: € 19,90 | 216 pagina’s | Uitgeverij: Damon | Verschijnt 14 september 2021 | ‘Het is ongelooflijk hoe weinig van zijn sociaalkritische en religieuze ideeën achterhaald blijken. Ook de jeugd kan bij hem nog veel van haar gading vinden. Er zijn maar weinig moderne schrijvers die zo helder en toch zo diep over zingevingsvragen schrijven als hij.’ (Ton Crijnen in Trouw)

N.B. In het Limburgse Steyl vindt van 15 tot 17 oktober 2021 het Merton-weekend plaats. Theoloog, filosoof en sociaal activist Jonas Slaats (nieuwste boek: Religie herzien) is gastspreker rondom het thema Religie: tussen mythe en werkelijkheid.

Beeld: Zengebaar, biddende handen, namaste (dxoptical.com)

Jezus als het authentieke gezicht van de liefde

Theoloog en psychotherapeut Eugen Drewermann schreef een Marcus-commentaar: Wegen naar menselijkheid. Deze zielzorger brengt psychologie en theologie met elkaar in verbinding via een symbolische uitleg van de Bijbelverhalen. Godsdienstfilosoof en theoloog Taede Smedes interviewde hem. Onder meer over zijn Marcus-commentaar (nu vertaald in het Nederlands), waar ik in dit blog op focus. Drewermann presenteert Jezus hierin als het authentieke gezicht van de liefde: hij toont compassie met menselijk lijden en bevrijdt van angst.

D
e Duitse theoloog maakt bij zijn uitleg volop gebruik van inzichten uit de dieptepsychologie, de filosofie, andere religies en zijn eigen therapeutische praktijk als psychoanalyticus. Drewermann stelt in zijn boek Wegen naar menselijkheid dat we ons gedragen naar de mate waarin we onszelf gevonden hebben. Hij zegt dat Plato gelijk had: iedere mens draagt een bepaald idee in zich mee, een innerlijke waarheid die hij gedurende zijn leven moet uitvogelen.

Dat kan een mens alleen als hij iemand ontmoet die vanuit liefde meer in hem gelooft dan hij in zijn eentje gedurende zijn leven had kunnen leren. Wanneer men een mens liefheeft, lossen verwarring op, verhulling en vervreemding in het wezen van de ander. Iedere dag neem je een stuk meer van zijn of haar ware innerlijke schoonheid waar, van het eigenlijke zelf. Dat is de weg der menselijkheid die we zouden moeten gaan.’

Volgens Drewermann kunnen we door liefde de angst voor anderen overwinnen, het gevoel niet goed genoeg te zijn, de innerlijke aanpassingsdwang aan uiterlijke normen.

En als we meer we in de waarheid van anderen geloven, die versterken en levend maken, dan gaan we op de weg van Jezus op de weg waarvoor God ons volgens de Bijbel geschapen heeft: terug naar het paradijs. De man van Nazareth neemt ons aan de hand mee terug naar de boom die in het midden van de Tuin uit Genesis staat en die zijn takken uitspreidt over een wereld vol vertrouwen en geborgenheid. Dat is een leerweg en het is een moeilijke weg. Vandaar al die verhalen over hoe Jezus zieken heelt, in discussie gaat met tegenstanders en aanklagers.’

Heel het Marcusevangelie is betrokken op de vraag naar zijn of niet te zijn, stelt de theoloog, want als we alleen maar bang zijn dat ons iets kan overkomen, dan houden we meteen op de waarheid te leven die in ons ligt. 

Dan passen we ons aan, vluchten we, vluchten we ook voor onszelf, dan leven we niet meer op de juiste manier, maar passen we ons aan uit louter overlevingsdrang. Daar gaat het hele Marcusevangelie zoals ik dat begrijp lijnrecht tegenin.’

Drewermann kwam iedere keer weer mensen tegen die vertelden hoe ze vanuit de religie van hun kindertijd door angst gebonden zijn. Vandaag gaat het erom, zegt hij, dat we aan de hand van Jezus leren zo in God te geloven dat men van al deze manieren waarop mensen elkaar vastleggen, elkaar tot slaaf maken, bevrijd wordt.

De auteur van het Marcus-commentaar stelt dat wij moeten leven wat Jezus ons gezegd heeft, en dan is alles wat de kerk zegt secundair: in de geschiedenis is het christelijk geloof misvormd, met name de katholieke kerk met haar leer dat ze de voortlevende Christus is en dat we dus naar haar moeten luisteren om te begrijpen wat Jezus gezegd heeft. 

Daarom hecht ik ook zo aan de interpretatie van de evangeliën, zoals het Marcusevangelie. Jezus wordt bijvoorbeeld gevraagd wat je onder ‘groot’ moet verstaan als het over mensen gaat. Natuurlijk zijn we dan geneigd om te denken aan mensen die macht uitoefenen, aan een mens die de ander ontzag inboezemt, die geld verzamelt, rijk genoeg is, wie in het middelpunt staat. Dat is een groot mens. Toch? In de ogen van Jezus is dat volledig fout. Wie bij hem groot wil zijn, moet een dienaar van allen worden.’

Wegen naar menselijkheid – Dieptepsychologische lezing van het Marcus-evangelie | Eugen Drewermann | Skandalon Uitgeverij B.V. | Hardcover | 9789492183989 | Druk: 1 | oktober 2020 | 1400 pagina’s | € 99,50  

Lees hier het volledige, uitgebreide interview: Interview met Eugen Drewermann (Taede A. Smedes)

Beeld: ontdekgod.nl

‘De mens overstijgt de evolutie’

Charles Darwin schreef ooit: ‘Wanneer wordt aangetoond dat er een complex orgaan bestaat dat niet kan zijn gevormd door vele, kleine, opeenvolgende veranderingen, dan valt mijn theorie in duigen’. Dat moment lijkt nu aangebroken te zijn volgens wetenschapper Gregg Braden, zoals hij stelt in zijn boek De mens als ontwerp. Volgens de auteur lijken steeds meer bewijzen aan te geven dat we meer zijn dan het product van willekeurige mutaties en een toevallige biologische samenstelling.

‘De ontdekking dat we het product zijn van iets wat de evolutie overstijgt – hoogstwaarschijnlijk een bewuste en intelligente scheppingsdaad – is misschien wel alles wat nodig is om ons in een nieuwe, eerlijke en gezonde richting te sturen wat betreft het verhaal over ons mensen.’
(Uit: De mens als ontwerp)

Sanne Broekhuis (AnkhHermes), liefhebber van taal, oosterse filosofie en natuur, en grenzeloos nieuwsgierig naar alles wat voorbij de waan van de dag ligt, las dit boek over de mens. Het presenteert een radicaal andere zienswijze en omzeilt het vastgeroeste, onverwoestbare 19e-eeuwse evolutieverhaal. ‘De onjuistheden en onverklaarbaarheden in Darwins theorie zijn niet langer te negeren’.

We zijn niet slechts het resultaat van een toevallige samenloop van biologische omstandigheden, maar ‘ontworpen’ vanuit een diepere intelligentie. Pas als we dit inzien en aanvaarden, kunnen we onze buitengewone vermogens als empathie, intuïtie en zelfgenezing inzetten voor al het leven om ons heen. De principes van strijd en competitie maken dan plaats voor een samenleving gestoeld op samenwerking en mededogen.’
(Sanne Broekhuis, AnkhHermes)

Braden zegt in zijn boek dat als we eerlijk tegen onszelf zijn en erkennen dat de wereld verandert, het niet meer dan logisch is dat ons verhaal mee verandert.

Naar alle waarschijnlijkheid zal het nieuwe verhaal over de mens een mengeling zijn van reeds bestaande theorieën. Deze weven samen een nieuw wandkleed, een indrukwekkende kroniek, die een buitengewoon en episch verleden beschrijft . Dit nieuwe verhaal zal ook dat deel van onze geschiedenis omvatten dat door de afzonderlijke, reeds bestaande theorieën nog niet verklaard kan worden.’
(Uit: De mens als ontwerp)

Omdat we zo overtuigd zijn van de evolutietheorie, aldus Braden, laten we ons hierdoor leiden bij het nemen van beslissingen, en dus verkiezen we onderlinge competitie en krachtig optreden boven samenwerken en mededogen.

We blijven – om er iets uit te lichten – maar proberen om rassenkwesties, religieuze problemen en zaken rondom seksuele diversiteit op te lossen met een verouderde manier van denken over competitie en het survival of the strongest-idee, twee sleutelgedachten uit de evolutietheorie.’
(Uit: De mens als ontwerp)

Volgens Broekhuis kunnen de thema’s die Braden aanhaalt op het eerste gezicht los van elkaar lijken te staan, maar dragen stuk voor stuk bij aan een nieuw verhaal over wie we zijn als mens: geen toevallig geëvolueerde schepsels voortgekomen uit een strijd om het recht van de sterkste, maar het doelbewuste product van een diepe intelligentie.

Het waarom hoeft misschien niet beantwoord; de kwaliteiten van ons hart – mededogen, wijsheid, intuïtie en zelfgenezing – herinneren ons eraan dat we voor méér bedoeld zijn dan enkel overleven.’
(Sanne Broekhuis, AnkhHermes)

Zie: Geen evolutie volgens Gregg Braden, maar intelligente transformatie

De mens als ontwerp | ISBN: 9789020214819 | 256 pagina’s | 07-08-2018 | € 25,00 | E-book: € 12,99 | ‘Gregg Braden is een zeldzame mix van wetenschapper, visionair en geleerde met het vermogen om tot onze geest te spreken, terwijl hij de wijsheid van ons hart raakt’. (Deepak Chopra)

Beeld: DNA – Wageningen University & Research

Gregg Braden
is vijfvoudig New York Times-bestsellerauteur, wetenschapper, internationaal pedagoog en staat bekend als een pionier in het opkomende paradigma gebaseerd op wetenschap, sociaal beleid en menselijk potentieel.

‘Mystiek is om te beginnen vrijheid’

Mystiek heeft de naam nogal zweverig te zijn: ‘Het ervaren van God ‘die ronddoolt tussen de potten en de pannen,’ zei Theresa van Avila ooit. God heeft de naam nogal abstract te zijn. Alleen al het woord ‘God’. Dat beladen, misverstandelijke woord. Theoloog Wim Jansen zegt dat wie moeite heeft met dat woord, hij iedereen van harte uitnodigt om de titel vrijelijk aan te passen aan het eigen levensgevoel: Brandend verlangen om op te gaan in liefde. Jansen schreef Brandend verlangen, opgezet als een mystiek dagboek in de periode van mei 2019 tot mei 2020. ‘Mystiek is om te beginnen vrijheid,’ meldt uitgever Van Warven op de boekomslag.

Z
ijn boek Brandend verlangen – om op te gaan in God/Liefde verscheen 18 juni. Als inspiratiebron noemt Jansen de drieledige bron waaruit hij leeft: de verwondering over de schoonheid en het mysterie van het aardse leven; het geheim van de liefde, dat hij God noemt: GOD achter God; en contemplatie, dat voor hem betekent: stilte, mediteren, dagelijks oefening in onthechten.

De theoloog, schrijver en dichter vindt inspiratie in de liefdesmystiek, in het bijzonder de middeleeuwse christelijke mystiek van Hadewych, Jan van Ruusbroec en Meister Eckhart; de filosofie van de oude Grieken, met name de stoïcijnen en de cynici; de oosterse mystiek van het soefisme, boeddhisme en taoïsme; en poëzie, in het bijzonder Hans Andreus, J.C. van Schagen, Gerrit Achterberg.

Mystiek van alledag
Het ervaren van God ‘die ronddoolt tussen de potten en de pannen’, zoals Theresa van Avila het noemde [in haar boek De innerlijke burcht, PD]. Hoe verhoudt Godverlangen zich tot simpele levensvreugde en alledaagse zorgen? Geen flauw idee had hij [Jansen] hoe bewogen dat jaar zou zijn. Niet alleen vanwege de maatschappelijke stikstofonrust en wereldwijd de coronacrisis, maar ook persoonlijk, toen hij te horen kreeg dat een ongeneeslijke kanker zich in zijn lichaam had uitgezaaid. Wat blijft erover van een ‘brandend verlangen om op te gaan in God’ met de dood op je hielen? Een spannend relaas over hectiek en stilte, crisis en mystiek.’
(Uitgeverij Van Warven)

Predikant Bert Altena schreef een recensie en vertelt dat Jansen zijn dagelijkse beslommeringen, mijmeringen en belevenissen beschrijft, dat hij telkens zoekt naar de verbinding met God, wat voor hem niet moeilijk is.

Jansen ervaart zijn leven als een bestaan in God, lezen we al in de eerste bijdrage, zegt Altena, een werkelijkheid die Jansen altijd omringt. Het is een zeker weten dat hem van jongs af aan begeleidt. Voor hem zo vanzelfsprekend, dat hij zich soms verwondert over wie dat niet zo beleeft. Dat zijn opgetogen godsbeleving weleens fronsende reacties oproept onder generatiegenoten en in zijn omgeving, deert hem niet. 

Niettemin weet ik mij geroepen om het te blijven proberen, juist vanuit de verdeeldheid en het verschil. De Godervaring uitstralen, uitdragen, vertalen, vertellen. Het is geen keuze. Ik kan het niet laten.’
(Wim Jansen)

Het is de paradox, zegt Altena, dat Jansen zoekt naar een mystieke godsbeleving waarin de hoogste wijsheid is zichzelf verliezen in God…

Dit is het wat ik het aller allerliefste wil. Mijzelf uitvlakken, verdwijnen, opgaan in het niets zodat alleen God overblijft’.’
(Wim Jansen)

maar dat hij tegelijkertijd juist daarin zijn eigen ego ultiem bevestigd ziet:

Het verdwijnen van dat ‘ik’ is niet minder, maar meer. Het is geen verlies, maar winst. Want ik word God. Wat kan een mens meer verlangen dan God zijn?’
(Wim Jansen)

Zie: Wim Jansen, Brandend verlangen (Bert Altena)

Brandend verlangen | Wim Jansen | 300 pagina’s | Met illustraties | 18 juni 2021 | Uitgeverij Van Warven | € 19,95

Beeld: Pixabay 
Update 14 06 2024

Ontwaken uit de droom van ‘ik’

Meditatieleraar Björn Natthiko Lindeblad schreef het boek Geloof niet alles wat je denkt – wijsheden van een moderne monnik voor een betekenisvol leven. Lindeblad ging zeventien jaar in de boeddhistische leer in kloosters in Thailand, Groot-Brittannië en Zwitserland. Afgelopen dinsdag verscheen Geloof niet alles wat je denkt, waarin hij op een nuchtere manier de lessen deelt die hij heeft geleerd en hoe hij omgaat met zijn diagnose, toen in 2018 de ziekte ALS werd geconstateerd. Björn is ervan overtuigd dat liefde het belangrijkste in het leven is. ‘Geloof niet alles wat je denkt’ is een van de meest waardevolle lessen.In 2020 het best verkochte Zweedse non-fictie boek.

Soms zeggen mensen als ze mijn verhaal horen zoiets als: ‘Goh, je hebt vast veel geleerd!’ Misschien is dat zo, maar het voelt niet alsof ik een grote tas tijdloze wijsheid met me meedraag. Integendeel, zou ik bijna zeggen. Ik reis met minder bagage dan ooit door het leven. Er is minder van mezelf en meer plaats voor het leven… Langzaam maar zeker ontdekte ik dat er een wijzere stem is om naar te luisteren, dat ik met het leven kan dansen in plaats van dat ik probeer het onder controle te houden. Dat ik met een open hand kan leven, en minder met een bange gebalde vuist.
(Boeddhistisch Dagblad)

In het Boeddhistisch Dagblad vertelt filosoof Erik Hoogcarspel dat Lindeblad het onderricht volgde van Steven Gray, die zichzelf Adyashanti noemt, een Amerikaanse leraar die tijdens het beoefenen van zenmeditatie bijzondere ervaringen heeft gehad en voor zichzelf is begonnen. Een uitspraak die veel indruk op Lindeblad maakte was: ‘Je zult weten wat je moet weten wanneer je het moet weten’.

In The Sun, waarnaar het dagblad verwijst, staat een mooi verhaal over Adyashanti. Hij heeft een gesprek met een verdrietige vrouw. Ze had het grootste deel van de avond tijdens zijn lezing met de handen in haar schoot zitten friemelen. Ze zei dat ze enorm verdrietig was, en bang dat ze nooit een ontwakingservaring zou hebben. Adyashanti vroeg wat haar diepste spirituele verlangen was. De vrouw antwoordde: ‘Ik wil God leren kennen.’

Adyashanti vroeg de vrouw, die Nancy heette, om even te stoppen met zoeken naar God en in plaats daarvan op zoek te gaan naar Nancy. ‘Waar is Nancy?’ hij vroeg. ‘Wat is Nancy? Als ik je vraag waar je hand is, waar is je voet, dan kun je antwoorden. Maar als ik vraag waar Nancy is, waar is ze dan? Ze doet alsof ze het middelpunt van dit hele leven is, maar waar is ze? Is dit Nancy meer dan een gedachte?’ ‘Nee,’ zei ze.

Adyashanti beschreef haar de neiging van de menselijke geest om te geloven in een beperkte notie van ‘ik’, een afgescheiden zelf in de kern van ons wezen: als we op zoek gaan naar dat ‘ik’, ontdekken we iets diepers en groters. 

Wat kijkt er nu door je ogen?’ vroeg hij aan de vrouw. Na een pauze antwoordde ze: ‘Het voelt als leven.’

Het gesprek eindigt met de vraag van Adyashanti, daar ze op zoek is naar God: ‘Wat als we het woord leven vervangen door God? Is God niet het leven, de essentie van al het bestaan?’
‘Ja’, antwoordde de vrouw.
‘God tuurt er nu doorheen’, zei Adyashanti. ‘Op dit moment.’

De vrouw leek diep ontroerd. ‘Ho,’ zei ze met grote ogen.

Houd dit een tijdje vol,’ zei Adyashanti tegen haar terwijl ze rustig ging zitten en de volgende vraagsteller naar de microfoon liep. Hij merkte dat Nancy’s handen niet meer wiebelden en vredig in elkaar gevouwen in haar schoot lagen.

Geloof niet alles wat je denkt | Björn Natthiko Lindeblad | Het Spectrum | gebonden | 224 pagina’s | Verschijningsdatum 8 juni 2021 | € 20,99 | Lindeblad (1961) studeerde bedrijfskunde in Stockholm, maar besloot op zijn zevenentwintigste monnik te worden in kloosters in Thailand, Groot-Brittannië en Zwitserland. Na zeventien jaar keerde hij terug naar Zweden en ontwikkelde zich tot veelgevraagd spreker en meditatieleraar. In 2018 kreeg hij de diagnose ALS. | ‘Dit boek is zo belangrijk, zo kwetsbaar en zo gevuld met emotie en wijsheid.’ (Aftonbladet, Zweden)

Zie:
* Geloof niet alles wat je denkt (Boeddhistisch Dagblad)
* Who Hears This Sound? (The Sun – Adyashanti over het ontwaken uit de droom van ‘ik’)

Beeld: radioviainternet.nl