‘De God na God is springlevend’

IBoven is onder ons – Denken over God na God laat Rick Benjamins zien hoe we – zonder terug te vallen in een ‘God van daarboven’ – over God kunnen denken. Hij vertrekt vanuit de theologie van Harry Kuitert, die afscheid nam van oude godsvoorstellingen. Kuitert maakte een scherpe tegenstelling tussen ‘boven’ en ‘onder’. Een aantal grote denkers en theologen voor en na hem zien die tegenstelling juist niet of minder absoluut. De belangrijkste bedoeling van Benjamins is om een overzicht te bieden over het gesprek dat gaat over God na God, deels vanuit een religie die niet als godsdienst is georganiseerd.

‘De God na God is springlevend’
(Theoloog Frits de Lange)

Centraal in dat gesprek staat voor mij de vraag hoe er over God kan worden gedacht na het theïsme, dus nadat een God van daarboven is verdwenen, terwijl het heilige, transcendente of verhevene zich nog steeds aan ons kan voordoen, ook buiten kerkelijke kaders.’
(Benjamins)

Hoofdlijnen
Docent Dogmatiek (PThU) en bijzonder hoogleraar vrijzinnige theologie vanwege de VVP (RuG), prof. Dr. H.S. Benjamins, zegt in dit boek – dat 15 september ’22 verschijnt – op hoofdlijnen in twee stappen het volgende te beweren:

In de eerste stap betoog ik dat wij over God kunnen denken zonder dat woord te gebruiken, als we in plaats daarvan spreken over de Geest of het Zijn. Verkapt hebben wij het dan nog steeds over God. (…)
In een tweede stap pleit ik ervoor om God op te vatten als een werkelijkheid die mede door mensen vorm krijgt. God en mens zijn wederzijds afhankelijk van elkaar. God is wat mensen hun bestaan geeft en in hun bestaan mogelijkheden aanreikt. Omgekeerd kunnen mensen God belichamen en tot een werkelijkheid maken.’
(Benjamins)

Diversiteit van gedachten
De auteur heeft twee bedoelingen: enerzijds het theologische gesprek over God na God toe te lichten, anderzijds in dat gesprek een positie in te nemen en eraan bij te dragen, zonder ‘het gesprek naar zijn hand te zetten’. Proberen te voorzien in een lacune is wat de auteur zegt te doen, door weer te geven hoe het academische theologische gesprek, voor zover het gaat over God na God, zich nà de jaren zeventig en tachtig heeft ontwikkeld. Om zo’n overzicht te bieden geeft hij een ‘behoorlijk aantal theologen’ weer, onderverdeeld in drie stromingen, om de diversiteit van hun gedachten zo zorgvuldig mogelijk weer te geven.

Natuurlijk geef ik het gesprek niet alleen weer, maar orden ik het ook, waardoor mijn eigen stem voortdurend aanwezig is. In de structurering van het gesprek voer ik natuurlijk zelf een betoog, ook al probeer ik meer vanuit het bestudeerde materiaal te denken dan mijn eigen denken aan dat materiaal op te leggen of het te gebruiken als illustratie.
(Benjamins)


Rick Benjamins

Reflectie
Benjamins stelt dat wie een nadere reflectie zoekt over God, bij de theologie terecht kan. Soms denk ik dat theologie vaak ver van mensen afstaat of veel te theoretisch is voor veel gelovigen, maar de vrijzinnige theoloog stelt dat de theologie wel kan verduidelijken wat er met dat woord God wordt bedoeld.

Zo’n reflectie heeft ook een cultureel belang, zoals de filosofie, de kunsten en de wetenschappen dat hebben, omdat ze onder woorden brengt hoe mensen zich kunnen verhouden tot hun eigen wereld op grond van dat wat zelf en wereld overstijgt.’
(Benjamins)

Denken over God
Boven is onder ons gaat niet over de primaire beleving die wij hebben over God, zoals diepgaande ervaringen of ingrijpende gebeurtenissen. Wel gaat het over de concepten en begrippen waarmee en waarin wij over God kunnen denken. Zij staan weliswaar niet los van de beleving, maar zijn van een andere orde.

Over God spreken wij altijd in een bepaalde context en vanuit filosofische, theologische of religieuze achtergronden. (…) Inmiddels vormt het vrijzinnig protestantisme nauwelijks meer dan een verwaarloosde grootheid. Toch denk ik dat vanuit die achtergrond opvattingen over God aangereikt kunnen worden die van belang zijn voor wie wil denken over God in een postchristelijke, postmoderne en postseculiere context.’
(Benjamins)

Bron:
Boven is onder ons |
Rick Benjamins | Skandalon | 15 09 2022 | blz. 288 | € 29,99 | Inleiding 1. God als betekenisvol begrip | blz. 9 – 20
| ‘Een verrijkende bezinning op het spreken over God. Nergens vind je zulke heldere inleidingen in de belangrijke (post)moderne denkers over God. Benjamins onderstreept een inzicht dat in kerk en samenleving van cruciaal belang is: het woord ‘God’ verwijst naar een geheim dat ons draagt, maar dat tegelijkertijd nooit in ons bezit is.’ (Theoloog en rector PThU Maarten Wisse)

Beeld: Charlotte 202003 (Pixabay)
Foto Rick Benjamins: PThU

UPDATE oktober 2022:
STUDIEMIDDAG Amsterdam 8 november 2022: HELPT GOD NA GOD ONS VERDER?
Boven is onder ons: Denken over God na God
Rick Benjamins, hoogleraar vrijzinnige theologie aan de PThU, schreef het boek Boven is onder ons: Denken over God na God. Hij beschrijft hoe het academisch theologische gesprek over God na God zich de laatste decennia heeft ontwikkeld. Dit boek is daarmee de aanleiding voor deze middag. Onder leiding van prof. dr. Petruschka Schaafsma gaan theologen in gesprek over de denkbeelden die Benjamins in dit boek presenteert.


Koninkrijk van God is in u, maar niet in de NBV21

Op de vraag van de farizeeën wanneer het Koninkrijk van God zal komen, antwoordt Jezus volgens de Herziene Statenvertaling: ‘Het Koninkrijk van God komt niet op waarneembare wijze. En men zal niet zeggen: Zie hier of zie daar, want, zie, het Koninkrijk van God is binnen in u.’ Toch zegt Jezus in het Thomasevangelie dat ‘het Koninkrijk van God binnen in jullie’ is. In de BasisBijbel staat eveneens: ‘het Koninkrijk van God is binnenín jullie’. Niet zo gek dat auteur Susan Smit en tekstdichter Jan Rot zich dat ook zo herinneren: ‘Het koninkrijk van God is in u’. Een van de NBV21-vertalers, Cor Hoogerwerf, betitelt dat onterecht als ‘spookcitaat’.

Totaal twaalfduizend correcties en wijzigingen zijn er in de NBV21 te vinden. Sommige commentaren spreken van een vertaling die ‘prekerig, platgeslagen, niet meer poëtisch, en zielloos’ is.

De Farizeeërs vroegen aan Jezus wanneer het Koninkrijk van God zou komen. Jezus antwoordde: (20) “Het Koninkrijk van God komt niet zó, dat je het kan zien. (21) Je zal niet kunnen zeggen: ‘Kijk, hier is het,’ of: ‘Kijk, daar is het!’ Want het Koninkrijk van God is binnenín jullie.” (Lukas 17)
(Basisbijbel)

Entos: ‘binnen in u’
Sommige theologen stellen dat het Griekse woord entos dat in sommige Bijbels vertaald wordt met ‘binnen uw bereik’, ook vertaald kan worden als ‘binnen in u’. Wie er dan beslist tot ‘binnen uw bereik’ in plaats van ‘binnen in u’ blijkt helaas afhankelijk van de toevallige theologen en de tijdgeest. Totaal twaalfduizend correcties en wijzigingen zijn er in de NBV21 te vinden. Sommige commentaren spreken van een vertaling die ‘prekerig, platgeslagen, niet meer poëtisch, en zielloos’ is.

Ziel weggerationaliseerd
Het tienkoppig team van vertalers lijkt de ziel niet echt aantrekkelijk meer te vinden. Die lijkt wel weggerationaliseerd door de brede (wetenschappelijke) basis voor vertaalkeuzes. Ettelijke malen is de Bijbel vertaald en telkens worden er wijzigingen aangebracht.
Voortschrijdend inzicht kan er wellicht ooit toe leiden dat over zeventien jaar de ‘NBV38’ zal spreken van het ‘Koninkrijk van God dat in u’ is. Nieuwe inzichten zijn immers al binnen het bereik van de mens via onder meer de Nag Hammadi-geschriften. Luther schreef trouwens ook al: ‘Das Reich Gottes ist inwendig in euch’ (in de oorspronkelijke Luther-vertaling).

Anders dan de kerkelijke overlevering
In Het Evangelie van Thomas, dat opdook in 1945 in de Nag Hammadi-geschriften, is de rol die aan Jezus wordt toegekend geheel anders dan die van de kerkelijke overlevering. Onder wetenschappers bestaat volgens cultuurfilosoof Bram Moerland de heersende opvatting dat Thomas een onafhankelijke tekst is, en dus niet achteraf uit de nieuwtestamentische evangeliën is samengevat.

Logion 3: ‘Jezus heeft gezegd: Indien zij die u leiden u zeggen: ziet, het Rijk is in de hemel, dan zullen de vogels van de hemel u vóór zijn; indien zij u zeggen: ziet, het is in de zee, dan zullen de vissen u vóór zijn. Maar het Rijk, het is het binnenste en het is het buitenste van u.
Wanneer gij uzelf zult kennen dan zult gij gekend zijn en zult gij weten dat gijzelf de zonen van de levende Vader zijt. Maar indien gij uzelf niet kent, dan zijt gij in armoede en gijzelf zijt armoede.’
(Uit: Het evangelie van Thomas)

‘Jezus-woorden’
De ‘oer-Thomas’, aldus Moerland, zou zijn opgetekend zo’n tien jaar na de dood van Jezus. Het zijn de geheime woorden die Jezus de Levende gesproken heeft, opgeschreven door Didymus Judas Thomas. Deze gegroepeerde ‘Jezus-woorden’ behoren volgens cultuurhistoricus Jacob Slavenburg tot de oudste tradities van het christendom.


NBV21

Zielloos
In de oude Bijbel kan je lezen: ‘Wat zou het een mens baten, als hij de gehele wereld won maar schade leed aan zijn ziel?’ Echter in de NBV21 staat nogal prozaïsch: ‘Wat heeft een mens eraan de hele wereld te winnen als dat ten koste gaat van zijn leven?’ Martine Oldhoff, die onlangs cum laude promoveerde op een zoektocht naar de ziel, vindt dat terecht wat platgeslagen, zielloos. Ook in de Bijbel in gewone taal, van NBG de Bijbel, komt de ziel in de Psalmen nauwelijks meer voor, zegt Oldhoff. ‘Dat is wel een gemis, hoor.’

‘Onder gods vleugel’: piano?
De vertalers van de NBV21 houden duidelijk niet van poëzie. In het Nederlands Dagblad zegt theoloog en schrijver Ad van Nieuwpoort dat zij te veel willen uitleggen. Volgens het bijbelblog van de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) waren de vertalers bang dat vleugel begrepen zou worden als piano(!):

’Zo zegt Boaz in Ruth 2 vers 12 dat zij onder Gods vleugels is komen schuilen. Verderop, in hoofdstuk 3 vers 9, staat er nu: ‘laat mij bij u schuilen’, want de vertalers vinden het te moeilijk als Ruth zegt ’Spreid uw vleugel over mij uit’. Dat vind ik echt onbegrijpelijk. Datzelfde woord ‘vleugel’ stáát er in het Hebreeuws gewoon. Dat is poëzie! In het dagelijks leven gebruikt iedereen zulke metaforen. Nee, ook deze editie is een prekerige vertaling. Dat vind ik niet wenselijk.’
(Ad van Nieuwpoort)

Spookcitaat: Het spookcitaat van Susan Smit en Jan Rot (NBG de Bijbel, 18 november 2021)
Beeld NBV21 De Bijbel Kunsteditie: Met kunstwerken uit de Lage landenNederlands-Vlaams Bijbelgenootschap (NBV)
Cartoon: (Deel uit strip Anton Dingeman van Pieter Geenen, Trouw – 23 november 2021)
Beeld NBV21 De Bijbel – Literaire editie: Omslag, met het schilderij Agnus Dei van de Spaanse kunstenaar Francisco de Zurbarán 1640 – Cover NBV21
Upgrade augustus 2025: (Lay-out, illustr., herstel links, tekstverduidelijking)

Zeg maar je, glimlacht de Hij-God

Doe toch niet zo afstandelijk, maant God mij vriendelijk als ik hem weer eens met U aanspreek in de bossen van Lage Vuursche. Hij moet lachen en geeft me vriendschappelijk een paar stompen tegen de schouders. Niet letterlijk, want God is geest, maar toch voel ik hem om me heen, vooral als hij stompt. Dan weet ik dat Hij… eh… hij het is, en geen fantasievriendje.

Ik ben geen U of Gij of Hij, zeg maar je tegen U, sprak God. ‘Al die eerbiedskapitalen, dat schept maar afstand, terwijl ik juist zo dichtbij ben. Dat hijgerige ge-Hij. Waarom moet het beeld van mij zo patriarchaal zijn? Ik ben niet eens een hij. En ook geen zij zoals sommigen dat liever zien. Ik ben geen mens, dus geen man, en ook geen vrouw.’
‘Godzijdank.’
‘Ook geen vrouw, zei ik.’ Weer een stomp tegen mijn schouder.
‘Sommigen willen natuurlijk Godhijdank horen.’

Matthijs de Jong bijvoorbeeld, projectleider – ook weer een man – van de revisie van de Nieuwe Bijbelvertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap, zal eisen dat je GodHijdank zegt. ‘De hoofdletter laat Gods ‘andersheid’ zien,’ vindt De Jong… Zo lust ik er nog wel een. Er zijn mensen die wijzer zijn, die zeggen al jaren goddank, altijd goed,’ lacht God, zo uitbundig dat de dennenbomen ervan ruisen.

In de bronteksten zijn helemaal geen eerbiedskapitalen te vinden,’ zeg ik. ‘Het Hebreeuws kent zelfs geen hoofdletters. En nu moet je ineens weer U en Hij worden.’
‘Ken je nagaan! Wat is er mis met de bronteksten?’ Pats! God slaat met een hand keihard op een boomstronk. Ik zie tenminste zand en bladeren overal van de stronk afstuiven. ‘Heremetijd. Stelletje eerbiedskapitalisten!’
‘Hij staat voor mannelijk, patriarchaal, zeker als hij in kapitaal wordt geschreven. Die hoofdletter schijnt voor veel mannen extra belangrijk. Er is een studie (al in 1994) verschenen, en er zijn er meer, die de trieste en schadelijke gevolgen van een patriarchaal Godsbeeld en het doorgeven daarvan voor voornamelijk vrouwen in kerk en samenleving heeft aangetoond,’ vertel ik God. Overbodig natuurlijk, want Hij, eh… hij weet alles.
‘Ik weet het, te triest voor woorden. Daarom zien veel vrouwen mij liever als zij. Dat komt omdat mannen ervoor gezorgd hebben dat ik een patriarchale God ben. Zo konden zij hun ‘man-zijn’ kracht bijzetten. Zonde. Doodzonde. Als God ben ik voor gelijkwaardigheid. Zij is van net zo veel waarde als hij, en dat geldt ook voor iedereen die zich hij of zij voelt en alle gradaties daaromheen.’

De nieuwe Bijbel ligt al bij de drukker, dus het wordt Hij,’ zucht ik. ‘En na het drukken mag een groep vrouwelijke religiewetenschappers en theologen erover komen praten. Voor spek en bonen dus. Het boek is al drukklaar!’
‘Ineens moet de Bijbel snel klaar zijn, terwijl deze al eeuwen oud is. Dan kan je toch wel even wachten en goed overleggen of het Hij of hij moet worden? Maar eigenlijk kan het allebei niet. Zoals ik zei, ik ben geen mens, dus geen man en geen vrouw.’
Die vrouwen willen ook dat je niet mannelijk of vrouwelijk bent, maar ‘boven onze beelden uitgaat’.’
‘Beeldig! Maar wat voor beeld? Wie ben ik? Ik raak potverdrie helemaal in een identiteitscrisis.’
‘Je bent toch die je bent?’, knipoog ik.
God knipoogt terug door de zon in een flits tussen de wolken te laten schijnen. ‘O ja, natuurlijk, ik ben die ik ben. Dat zei ik nog tegen Mozes. Dat moet genoeg zijn.’
Met een high five nemen we afscheid. Mijn arm slaat door de windstoot achterover.
‘Adieu,’ zeg ik. ‘Voor mij ben je hem altijd.’
‘Hem?’ God moet zo hard lachen, dat een fikse storm opsteekt.

Beeld: Genesis 2:1-3 in de Statenvertaling (druk: Kampen, S. van Velzen Jr, 1868) – ‘De Statenbijbel uit de familie van mijn grootvader (gedrukt in 1868) is mij dierbaar en ademt grote eerbied voor God. Toch heeft die Bijbel op veel plaatsen geen eerbiedshoofdletters. Wat opvalt is dat die oude Statenbijbel eerbiedshoofdletters vooral gebruikt in teksten waar verwarring mogelijk is. Zoals bijvoorbeeld in Genesis 22:1, waar niet meteen duidelijk is of Abraham of God spreekt. Maar in Genesis 1 en 2, waar God de enige is die spreekt, staat ‘hy’ zonder hoofdletter. Hoofdlettergebruik dus in die gevallen waar dat behulpzaam is.’ (Universitair Hoofddocent Oude Testament Marjo Korpel)