De wijsheid van Mohamed El Bachiri

Moslim Mohamed El Bachiri brengt een boodschap van liefde en medemenselijkheid, niet op de laatste plaats als reactie op islamitische terroristen en hun destructieve en manicheïstische visie. Sinds een aantal jaren roept hij westerse moslims op tot een meer humanistische benadering van de islam. Het resultaat is een sobere tekst van een ongelooflijke wijsheid, opgetekend door cultuurhistoricus David Van Reybrouck in Een jihad van liefde. ‘Ik zie verbroedering echt als een basis voor de toekomst’, zei El Bachiri vorig jaar in een interview met De Kanttekening.

Een jihad van liefde werd een bestseller in Vlaanderen en Nederland, en El Bachiri werd benoemd tot Pax Christi’s Ambassadeur voor de Vrede. In 2019 won de door Pax Christie uitgeroepen Ambassadeur van de Vrede (2017) in Duitsland de Konstanzer Konzilspreis voor het uitdragen van de Europese waarden van verbondenheid en tolerantie.

Zou God het ons kwalijk nemen indien wij mensen liefhebben die anders denken dan wij? Hij heeft toch alle volkeren en naties zelf geschapen. Zoals de Koran het zo mooi verwoordt: ‘O gij mensen! Wij hebben u geschapen uit man en vrouw en Wij hebben u gemaakt tot volksgroepen en stammen opdat gij elkander zoudt leren kennen.’
(Uit: Een jihad van liefde)

Volgens El Bachiri zijn de meeste moslims niet geradicaliseerd. Hij zegt zelf een normale moslim te zijn en waarden en principes te hebben, waarin het doden van mensen geen deel van uitmaakt. Die boodschap van liefde heeft hij met schrijver Van Reybrouck in Een jihad van liefde verwoord.

Ik krijg daar weer liefde en hoop voor terug, want sinds het verschijnen van dat boek krijg ik veel steun, van mensen met allerlei geloofsovertuigingen. Dat helpt. Het is een mooie vorm van erkenning. Ik zie verbroedering ook echt als een basis voor de toekomst.’

El Bachiri zegt dat de islam een religie is als alle andere, maar bij hen is het dogma sterker, een keurslijf dat hen verhindert om vooruit te gaan en te denken.

De islam was ooit heilzaam voor het volk van het Arabische schiereiland, waar het ontstond in de zevende eeuw. Het was een grote beschaving, waar filosofie en wetenschap bloeiden. Maar nu heeft het aartsconservatieve Saoedi-Arabië te veel invloed, ook op de islam in Europa. Hier betalen wij nu de prijs voor.’

Ik ben zeer spiritueel,’ zegt El Bachiri. Hij heeft God als een liefdevol persoon leren kennen, een universele God die liefde heeft voor zijn totale schepping en in de verste verte niet lijkt op een dogmatische God die mensen in een keurslijf dwingt.

Ieder mens heeft een eigen beeld van God. Mijn beeld is nooit veranderd.’

Veel landen in Europa hebben de waarden verloren die hen groot hebben gemaakt, zegt El Bachiri. Hij vertelt dat de grote filosofen van de Verlichting, in het bijzonder Voltaire, door de huidige situatie beledigd zouden zijn.

We verliezen een deel van onze menselijkheid en nemen onze toevlucht in onwaardige wetten ten aanzien van vluchtelingen, maar ook ten aanzien van kinderen die gerepatrieerd moeten worden. Ik vind dat er internationaal gezien een verantwoordelijkheid bestaat naar die kinderen toe.’

Tot slot citeert El Bachiri Voltaire, die ooit zei: ‘Als er maar één godsdienst in Engeland zou bestaan, dan zouden de mensen bang zijn voor despotisme; als het er twee zouden zijn dan zouden ze elkaar de keel doorsnijden; maar zijn het er dertig dan leven ze in vrede en geluk.’

Het vermogen om te denken is een Godsgeschenk. Dat moet je koesteren, daar mag je gebruik van maken. Zo veel mensen hebben interessante inzichten ontwikkeld om de mensen vooruit te helpen; dat is een Godswonder. Om dat allemaal terzijde te schuiven omdat het niet islamitisch is, is echt een gebrek aan respect voor de rest van de mensheid, waardoor je allerlei waardevols links laat liggen.’
(Uit: Een jihad van liefde)

Bronnen:
* Het uitgebreide interview: ‘Liefdes-jihadist’ Mohamed El Bachiri bepleit verzoening en tolerantie (De Kanttekening – januari 2020)

* Een jihad van liefde | Mohamed El Bachiri | Paperback | 9789023471622 | Druk: 1 | maart 2017 | 93 pagina’s | € 9,99 | E-book: € 4,62 | ‘Een hartstochtelijk pleidooi tegen haat, wraaklust en vernietigingsdrift.’ (de Volkskrant) | ‘Mohamed El Bachiri is een Marokkaanse Belg, moslim en Molenbekenaar. Hij is ook de man van Loubna Lafquiri, zijn grote liefde en moeder van zijn kinderen, die op 22 maart 2016 bij de aanslagen in Brussel om het leven is gekomen. Zijn liefdevolle speech in het tv-programma De Afspraak eind december beroerde miljoenen en werd het meest bekeken filmpje ooit op de Vlaamse televisie.’ (Cover)

Foto: De Morgen (België)

Kauthar Bouchallikht laat zich niet monddood maken


Tunnelvisies en onbekendheid met nuances over religie en godsdienst blijken momenteel veelal de basis van alternatieve feiten en beschuldigingen richting klimaatactivist Kauthar Bouchallikht. Sinds haar plaats op de kandidatenlijst van GroenLinks voor de verkiezingen van de Tweede Kamer, struikelen critici bevooroordeeld over haar hoofddoek, omdat dat schijnt te staan voor het omarmen van de grondbeginselen van de islam. Critici snappen niet dat Kauthar Bouchallikht zowel moslima als actief GroenLinkser kan zijn. Politicoloog en journalist Theo Brand schreef een genuanceerd en treffend artikel als antwoord op de kortzichtige kritiek van oud-politicus Meindert Fennema van GroenLinks(!).

Ik kreeg nachtmerries: alles wat ik doe of zeg wordt in twijfel getrokken. Als ik mensen ontvolg op Twitter zijn het ‘moslimbroeders’. Als ik een grap maak in mijn bio zend ik geheime boodschappen uit. Als ik zwijg is het omdat ik iets verberg, als ik spreek omdat ik lieg.’
(Kauthar Bouchallikht op Twitter)

Kritische vragen mogen er zijn, stelt de politicoloog. En die mogen (moeten) ook beantwoord worden. Maar hij legt ook kritisch uit aan Fennema dat er in de moslimwereld of christenwereld natuurlijk allerlei dwarsverbanden bestaan, en er linken zijn te leggen met conservatieve bewegingen, maar dat dit nog geen reden is om Bouchallikht af te serveren. Fennema spreekt over ‘de islam’. Dat is natuurlijk een gotspe, vindt Brand, ‘de Islam’ bestaat niet, wel zijn er talloze moslims die ieder op hun eigen wijze vorm geven aan hun geloof. 

Voor eens en voor altijd: ik ben geen lid van de moslimbroederschap en heb niets met hun gedachtegoed. Ik sta voor vrijheid en democratie en tegen uitsluiting en onderdrukking. En ik sta helemaal achter het programma van GroenLinks. Net als alle andere kandidaten op onze lijst. Zullen we het dan nu hebben over hoe we Nederland samen eerlijker, socialer en groener gaan maken?’
(Kauthar Bouchallikht, op de website van GroenLinks)

Fennema, aldus Brand, stelt Bouchallikht suggestief in een kwaad daglicht over lidmaatschappen van organisaties zoals FEMYSO, een organisatie van moslimstudenten, gesubsidieerd door de EU en een officieel gesprekspartner van de Europese Commissie.

Zelf ben ik als linkse en vrijzinnige christen actief lid van de Protestantse Kerk in Nederland en overigens ook van GroenLinks. Binnen de Protestantse Kerk is één predikant die onbeschaamd Forum voor Democratie steunt, terwijl die partij weer banden heeft met fanatieke antisemieten. Ik zou dus als lid van de Protestantse Kerk zomaar een antisemiet kunnen zijn, maar ben dat allerminst – hoewel ik (om het sommigen nóg moeilijker te maken) wel zeer kritisch ben over de huidige politiek van Israël.’
(Theo Brand)

Ook, zo argumenteert Brand verder, is er binnen zijn Protestantse Kerk een stroming waar vrouwen geen functie als predikant of kerkelijk bestuurslid kunnen vervullen en waar SGP gestemd wordt.

Zelf hoor ik echter bij de andere, grotere stroming binnen de Protestantse Kerk waar dit juist wel kan. Enfin, door te associëren en generaliseren kun je iemand makkelijk verdacht maken, zeker als iemand moslima is.’
(Theo Brand)

Wat Meindert Fennema doet, volgens Brand, is mensen vastpinnen op een gestolde, vermeende groepsidentiteit.

Een moslima met een hoofddoek zou niet progressief kunnen zijn. Sterker nog: iedereen die niet zo zuiver seculier en areligieus is als Fennema, past niet bij GroenLinks. Precies van dit ouderwetse denken moet GroenLinks afscheid nemen en daarom is het goed dat oude, witte mannen als Fennema afzwaaien en jonge, idealistische vrouwen de partij komen versterken.’
(Theo Brand)

Door flink te associëren kun je karaktermoord op iemand plegen, zonder dat iemand zijn of haar eigen verhaal heeft kunnen vertellen, stelt Brand als reactie op de valse suggestie van Fennema. De politicoloog zegt alle vertrouwen te hebben dat Bouchallikht haar verhaal goed voor het voetlicht kan brengen.

GroenLinks is immers een partij waar mensen vanuit diverse tradities en inspiratiebronnen willen werken aan een groene, sociale en vrijzinnige maatschappij. Voorbij elke vorm van religieuze of seculiere zelfgenoegzaamheid.’
(Theo Brand)

Als we écht naar Bouchallikht luisteren, zegt Nadine Ridder in Het Parool, en kijken naar haar gedrag, zien we dat ze een aanwinst is voor de Nederlandse politiek. En dan kunnen we haar op een eerlijke manier beoordelen op ambitie, ideeën, ervaring, netwerk en profiel. Dat zou iedereen die democratie hoog in het vaandel heeft belangrijk moeten vinden, ongeacht politieke kleur of persoon­lijke voorkeur.

Doordat de ophef rondom Bouchallikht persoonlijk wordt gemaakt, lijkt het alsof het om een incident gaat, maar als je beter kijkt zie je dat het onderdeel is van een patroon van het systematisch monddood maken van vrouwen van kleur op plekken van macht.’
(Nadine Ridder)

Zie:
* Waarom GroenLinks Kauthar ondubbelzinnig moet steunen (Theo Brand)
* ‘Vrouwen van kleur staan niet 1-0, maar 3-0 achter’ (Nadine Ridder)

Foto: Kauthar Bouchallikht (Twitter)Kauthar Bouchallikht is o.a. intersectioneel klimaatactivist; auteur bij Amsterdam University Press; voorzitter Stichting Groene Moslims; auteur bij One World; lid van de Faculteitsraad REBO (Universiteit Utrecht)

‘Vrede slechts bereikbaar via het multiculturalisme’

RumiPainting-masnavi.nl

In Waarom de islamitische mysticus Roemi nog steeds relevant is, vertelt islamoloog Emrullah Erdem over een van de grootste mystieke dichters van de islam. Roemi’s boodschap van vrede en tolerantie sprak in zijn tijd mannen en vrouwen van allerlei groeperingen en geloofsrichtingen aan. En ook in onze tijd vinden de teksten van Roemi weerklank in de harten van veel mensen.


Het morele oordeel van gelovigen over of je van het ware geloof bent, heeft me altijd zwaar op de maag gelegen. Bij christenen, maar ook bij moslims. De moslims pretenderen, net als Nederlanders, verdraagzaam te zijn, maar in de praktijk zijn ze vaak teleurstellend intolerant. Daarom trof Roemi’s oproep me zo: ‘Kom, kom, wie je ook bent, kom weer. Heiden, afgodendienaar, vuuraanbidder, wie of wat je ook bent, kom! Onze plaats is geen plaats van wanhoop. Al heb je honderd keer je eed van berouw verbroken, kom!’ Er ging een deur voor me open.’ (Abdulwahid van Bommel, in Trouw)


Het poëtische werk van Djalaal-ad-Dien Roemi (1207-1273), zegt Erdem, leert ons dat de zogenaamde ‘botsing tussen de beschavingen’ zeker niet onvermijdelijk is.

Wie zijn gedichten leest, krijgt het inzicht in hoe we – ondanks onze verschillen – kunnen komen tot hoop, vernieuwing en verzoening, in plaats van wanhoop, angst en vijandigheid. Roemi nodigt ons uit om ons voortdurend te herinneren dat we één zijn. Wij komen allen van God en tot God zullen wij terugkeren.’ (Erdem)

Erdem leest dat in Roemi’s gedichten, onder meer ook in het gedicht waardoor voor Van Bommel een deur openging. De verschillende vertalingen zijn soms net even anders, maar de essentie blijft. Van Bommel vertaalde destijds rond ruim 25.000 versregels van Roemi, door Trouw een ‘goudmijn van metaforen’ genoemd.


‘Kom, kom, wie je ook bent,
of je een zwerver bent, een gelovige, of graag op reis gaat,
onze karavaan is geen karavaan van wanhoop.
Kom, zelfs als je je beloften duizend maal hebt verbroken.
Kom, kom, kom toch weer.’
– Roemi


Echte vrede kan volgens Roemi – door Trouw eens ‘als spirituele sauna’ genoemd – slechts bereikt worden, vat Erdem samen, door degenen die de diversiteit van het multiculturalisme beleven, die nederig en zuiver van hart zijn en zich openstellen voor de goddelijke zingeving en inspiratie.


Je kunt het boek [Masnawi] zien als een exegese van de Koran. Roemi heeft zich veel vrijheid veroorloofd in het denken over de verhouding tussen God, mens en de wereld. Daarmee heeft hij de orthodoxie flink in de kuif gepikt. Hij was in zijn tijd een spiritueel bevrijdingstheoloog. Niet voor niets staan er in de Masnawi zoveel anekdotes over bevrijding, zoals een prachtige fabel over hoe een papegaai uit zijn kooi ontsnapt. Roemi wilde het onzegbare zeggen, en voor mij is dat gelukt.’ (Van Bommel in Trouw)


Islamoloog Erdem vindt de islamitische mysticus Roemi nog steeds relevant omdat de grensoverstijgende, mystieke poëzie van de leermeester en dichter in een smeltkroes van culturele en religieuze achtergronden ontstond. In een stad die wel wat lijkt op onze wereld.


‘Ik ben geen Christen, geen Jood, geen Moslim.
Ik ben niet het Oosten, noch het Westen.
Ik heb de dualiteit achter me gelaten, de twee werelden gezien als Éen.
Het is het één dat ik zoek, één dat ik ken, één dat ik zie, één dat ik roep.’
– Roemi


Roemi wist een sfeer te creëren van dialoog, medeleven en begrip, stelt de islamoloog en geestelijk verzorger.

Als leermeester en mysticus pleitte Roemi voor tolerantie, rationaliteit, goedheid en naastenliefde, alsook voor het aanzien van moslims, joden, christenen en andere gelovigen met één en dezelfde liefdevolle blik.’ (Erdem)

Ondanks het feit dat de vrome moslim Roemi tijdens zijn leven geliefd was bij de christenen in zijn directe omgeving, leerde het westen hem pas eeuwen later kennen.

Deels is dat te danken aan de beroemde Duitse dichter Goethe, die enkele werken van Roemi leerde kennen en erdoor beïnvloed werd. Hierdoor is Roemi’s denken indirect van invloed geweest op het religieuze, culturele en politieke leven in Europa en later in de Verenigde Staten. Nog altijd legt Roemi een spirituele band tussen Oost en West. Hij zou de laatste jaren zelfs de meest gelezen dichter in de Verenigde Staten zijn, wat het grote potentieel van deze mysticus aangeeft voor culturele ontmoetingen.’ (Erdem)

Bronnen o.a.:
Waarom de islamitische mysticus Roemi nog steeds relevant is (Igniswebmagazine)
Roemi is als een spirituele sauna (Trouw)
Roemi vandaag

Beeld: Schilderij Roemi (masnavi.nl)

‘Godsdienst inherent aan menselijke natuur’

AlhambraFotoPD

Godsdienst, in welke variant dan ook, is inherent aan de menselijke natuur, zo stelde rechtsgeleerde Gerard Noodt al in 1706, in een invloedrijke rede over ‘religie, vrij van heerschappij’. Daarom mag een bepaalde gezindheid niet door een overheid of samenleving worden afgedwongen of verboden. Noodt maakte zich hard voor de godsdienstvrijheid, schrijft historicus Geerten Waling. ‘Toentertijd behelsde godsdienstvrijheid veel meer dan alleen religie: het ging over wat wij tegenwoordig noemen de vrijheid van vereniging, van geweten en ja, ook van meningsuiting. Kortom, de zuurstof voor de open samenleving’.

We moeten dus vooral niet met wetten of wapens proberen om de gedachten van mensen te beheersen. Ook hun meningsuiting en hun recht om zich te verenigen moeten we beschermen, alleen al omdat we zelf nooit de waarheid in pacht hebben. Dat geldt voor religie, maar in bredere zin voor alle opvattingen die mensen kunnen koesteren.’

De vrijheid van meningsuiting staat continu onder druk. Het is goed om af en toe uit te zoomen en te beseffen dat die vrijheid al eeuwenlang wordt bevochten, schrijft Waling in Elsevier Weekblad. Rond 1706 mogen in de Nederlandse Republiek joden hun religie in sommige steden hooguit beleven in eigen kring of buurt, katholieken mogen op veel plekken niet eens kerken bouwen.

Het land is diepgelovig en overgevoelig voor alles wat het gereformeerde wereldbeeld kan aantasten. Des te dapperder was het dat iemand als de rechtsgeleerde Gerard Noodt, bij zijn afscheid als rector magnificus van de Universiteit Leiden in 1706, tegen een aantal heilige huisjes durfde te schoppen.’

Alhambra2

De islam roept oude vragen op over godsdienstvrijheid, stelt het weekblad: ‘Wat te doen met de islam?’ en refereert aan de moeizame positie van de islam in Nederland.

Volgens Geert Wilders is de islam een vijandige politieke ideologie die moet worden bestreden. En inderdaad, salafisme en jihadisme zijn levensgevaarlijk, maar het valt niet te ontkennen dat veel moslims de islam belijden als een vreedzame, zingevende levensbeschouwing. Hoe gaan we daar mee om? Hoe beschermen we de godsdienstvrijheid van vreedzame medeburgers, zonder een vrijbrief te geven voor gewelddadige elementen? Dat is in Nederland een betrekkelijk nieuwe en zware uitdaging, waarover het laatste woord nog lang niet is gezegd.’

Alhambra3

Hij die een bepaalde religie verplicht stelt, en met straf afdwingt, maakt inbreuk op andermans soevereiniteit. Hij doet hierbij niets ten goede, maar kan zich niet vrijpleiten van het verwijt een tiran te zijn. (Gerard Noodt)

Noodts toespraak, die hij in het Latijn hield in 1706, is als paperback uitgegeven: Over de vrijheid van godsdienst. Het is in hedendaags Nederlands vertaald door Hans van Cuijlenborg, en prof. dr. Joris van Eijnatten, hoogleraar cultuurgeschiedenis aan de Universiteit Utrecht, heeft de tekst voorzien van een uitvoerige wetenschappelijke inleiding.

Een mijlpaal in de Europese ideeëngeschiedenis. Zo kenschetst historicus Joris van Eijnatten de rede over de vrijheid van godsdienst die Gerard Noodt in 1706 hield bij zijn afscheid als rector van de Leidse universiteit. Noodt besefte terdege dat hij sprak over een heikel thema, een onderwerp ‘vol nijd, haat en laster’. Maar dat belette hem niet om een hartstochtelijk pleidooi te houden voor een vrije keuze van geloof of juist voor afvalligheid.’

Foto’s: La Alhambra, Granada, september 2018 (PD)

Zie: De islam roept oude vragen op over godsdienstvrijheid