De Bijbel vanuit evolutionair perspectief

DevloedJeroenBosch
Het oerboek van de mens is erg boeiend. Vooral op het Oude Testament werpen de agnosten Carel Van Schaik en Kai Michel een verrassend licht. Ze zetten in elk geval meer aan het denken dan Richard Dawkins, die in zijn beschouwingen over godsdienst blijft steken in schimpscheuten.’ Dat constateert Elseviers Gerry van der List in de recensie Dagboek van de mensheid. ‘Fascinerend boek van de Nederlandse evolutiebioloog Van Schaik biedt een verrassend perspectief op de Bijbel.’

Met de Duitse wetenschapsjournalist Kai Michel schreef hij Het oerboek van de mens (Uitgeverij Balans), een fascinerende kijk op het boek der boeken vanuit evolutionair perspectief. Van Schaik en Michel zien in de Bijbel het ‘dagboek van de mensheid’. ‘(Van der List)

Balans stelt dat de schrijvers verrassende betekenissen ontdekken in oude, soms raadselachtige geschiedenissen en tot een nieuwe visie komen op de culturele ontwikkeling van de mens sinds het begin van onze beschaving.

Gewapend met de laatste inzichten uit de cognitiewetenschappen, de ontwikkelingsbiologie, de archeologie en de godsdienstgeschiedenis zijn biologisch antropoloog Carel van Schaik en historicus Kai Michel op reis gegaan door het boek der boeken, van de Hof van Eden tot de heuvels van Jeruzalem.’ (Uitgeverij Balans)

hetoerboekvandemensIn de inleiding van hun boek stellen de auteurs dat er meer dan duizend jaar geschreven is aan de Bijbel, dat het bijna 2000 jaar lang de lotgevallen van een groot deel van de wereldbevolking heeft bepaald en dat meer dan twee miljard mensen hem nu nog als heilige schrift vereren.

‘De evolutiewetenschappen richten zich al geruime tijd op de menselijke cultuur. Sinds enkele jaren doen ze ook onderzoek naar de aard en functie van religie. Constaterend dat geen enkele cultuur zich op enig moment zonder vormen van geloof wist te redden, kwam de afgelopen jaren interdisciplinair geloofsonderzoek op gang. En op één punt lijken de onderzoekers het eens te zijn: religiositeit hoort bij de standaarduitrusting van de mens. De aangeboren neiging om achter alles het werk van bovennatuurlijke krachten te vermoeden, is eigen aan de condition humaine.’ (Uit: Het oerboek van de mens)

Het boek houdt de chronologische volgorde van de Bijbel aan. Daarbij concentreren de auteurs zich op de centrale episodes, zodat de lezers tevens een overzicht krijgen van de belangrijkste verhalen uit de Bijbel. Zij vragen zich tegelijk af of zij nu echt als eersten een Bijbel zouden weten bloot te leggen die verborgen inzichten bevat over de evolutie van de mens.

Het ontbreekt nog altijd aan godsdiensthistorisch onderzoek vanuit evolutionair perspectief. Nog steeds heeft geen enkele evolutiewetenschapper de Bijbel grondig geanalyseerd en nagegaan of de Heilige Schrift zijn theorieën bevestigt. Vanuit antropologisch perspectief wordt hooguit een enkele afzonderlijke passage bestudeerd.’

Het boek concentreert zich vooral op het Oude Testament. Volgens Van Schaik en Michel heeft dit Bijbeldeel meer dan het Nieuwe Testament betrekking op de fundamentele verandering in het gedrag van de mens, een verandering die het verloop van de menselijke geschiedenis niet eerder en ook later nooit meer zo ingrijpend heeft bepaald.

Daarmee leggen we meteen de fundamenten voor het begrijpen van het Nieuwe Testament, dat ons met Jezus niet alleen een persoonlijkheid opleverde wiens charisma nog altijd doorwerkt, maar ook een nieuwe visie op de verborgen wetmatigheden in de wereld om ons heen.’

Aan de overige vier boeken van Mozes, die de uittocht van het volk Israël uit Egypte als thema hebben, besteden de auteurs het tweede deel.

Daar laten we zien wat een cultureel meesterwerk de wetboeken van Mozes eigenlijk zijn. Ook gaan we in op de bijzondere omstandigheden die ervoor zorgden dat hier überhaupt monotheïsme kon ontstaan. Verder beschrijven we waarom de idee dat er nog maar één God zou zijn, van wie ook nog eens geen beeld meer gemaakt mocht worden, de mens in hevige geloofsnood bracht – en nog altijd brengt.’

In het derde deel gaat het over de Nevie’iem, de Profeten, waartoe de boeken Jozua, Richteren, Samuel, Koningen en de geschriften van de profeten zelf worden gerekend.

Daarin rijzen niet alleen vragen over hemelse gerechtigheid en moraal, maar komt ook het heikele thema boven van de goddelijke macht. En draait het om het kunnen bewaren van sociale samenhang en hoe voorkomen kan worden dat het egoïsme van een enkeling de samenleving ten onder doet gaan.’

In het vierde deel, dat over de Ketoeviem gaat, stuiten de schrijvers op teksten zoals de Psalmen of het boek Job en komen zij een persoonlijk soort geloof tegen dat gelovigen ook in onze tijd ervaren, waarbij God hun gesprekspartner is.

Maar hier gaat het ook om existentiële vragen: waar komt het lijden vandaan? Wat maakt dat we bang zijn om dood te gaan? We verdenken de monotheïstische God ervan dat hij hier zelf een handje heeft geholpen door de problemen te veroorzaken waarvoor hij tegenwoordig vaak te hulp geroepen wordt.’

Het laatste deel betreft het Nieuwe Testament dat zijn speciale karakter pas echt goed kan ontvouwen tegen de achtergrond van de Hebreeuwse Bijbel. Er zijn duidelijke continuïteiten te zien, maar ook hoe de culturele evolutie in een voortdurend verrijkingsproces een verbazend wonderwerk creëerde, waarin de menselijke natuur volledig aan haar trekken komt.

Het feit dat God met Jezus van Nazareth een menselijk gezicht krijgt, speelt hierbij een wezenlijke rol. Maar daar blijft het niet bij. Van Maria tot aan de duivel, van de opstanding tot aan de Apocalyps: het Nieuwe Testament heeft veel meer achter de hand. Als een hybride religie die uiterst rijk is aan facetten zal het christendom carrière maken, maar ook tegemoet moeten komen aan de meest tegenstrijdige aanspraken.’

De auteurs stellen dat zij in essentie zeker niet uit zijn op het presenteren van een nieuwe theologische of godsdienstwetenschappelijke Bijbelinterpretatie.

Wij willen vooral laten zien wat de Bijbel verder nog allemaal te bieden heeft. We zijn er vast van overtuigd dat er een verborgen Bijbel bestaat, een die ontdekking verdient, die helpt bij het oplossen van mysterieuze vraagstukken, zoals dat van de woede van de oudtestamentische God of van het wonderlijke fenomeen dat zelfs mensen die helemaal niet in God geloven zich tot Jezus aangetrokken voelen.’

UPDATE 21 03 2016 17:16 uur: VPRO Boeken – Wim Brands in gesprek met Carel van Schaik
http://www.vpro.nl/boeken/programmas/boeken/2016/20-maart.html

Het oerboek van de mens | Kai Michel, Carel van Schaik | Uitgeverij Balans | 448 pagina’s | februari 2016 | ISBN: 9789460030475 (e-book, € 9,99) | 9789460030468 (paperback, € 27,50)

Zie:
Het oerboek van de mens (Uitgeverij Balans)
Dagboek van de mensheid (Elsevier – € 0,29 via Blendle)

Beeld: De zondvloed, Jeroen Bosch (ca. 1450–1516) – collectie.boijmans.nl

Update: Zondag NPO 1 20 maart 11.20 uur VPRO Boeken – Wim Brands in gesprek met Carel van Schaik over Het oerboek van de mens.

Laat de wetenschap God binnen?

the_astronomer_1668_xx_louvre_paris_france4
‘De wetenschap heeft de verre ruimte, de verre tijd en de verre materie verkend, en geen plek voor of behoefte aan God aangetroffen. Nu voor het eerst het bewustzijn wordt bestudeerd, is er een koers ingeslagen die tenslotte zal leiden tot de beschouwing van de ‘verre geest’. En al doende kan de wetenschap zich uiteindelijk gedwongen zien om God binnen te laten.’ – Dit schreef de Britse natuurkundige Peter Russell al in 1996 in The Optimist. Volgens Filosoof Emanuel Rutten, nu in Wijsgerig Perspectief, wijst bewustzijn inderdaad naar boven.

The Optimist – een onafhankelijk opinietijdschrift over mensen en ideeën die de wereld veranderen – stelt dat de wetenschap toentertijd weinig raad wist met het bewustzijn en voor God was er al helemaal geen plaats in de natuurwetenschappen. Maar Peter Russell denkt dat onderzoek naar het raadsel van het bewustzijn, de natuurkundigen ook bij God zal brengen.

Niet het concept van God dat we bij de hedendaagse religies tegenkomen – die onvermijdelijk blootgesteld waren aan vervorming en verlies bij de overdracht van de ene generatie op de volgende, maar de God die het wezen vormt van ons eigen zelf, de kern van het bewustzijn.’ (Russell)

Russell stelt dat deze mogelijkheid absoluut taboe is binnen het hedendaagse wetenschappelijke superparadigma en trekt een vergelijking met Galileo die het Vaticaan meedeelt dat de Aarde niet het centrum van het heelal vormt.

Maar als er een ding zeker is in de wetenschappen, dan is het dat alle zekerheden gaandeweg verschuiven. De wetenschappelijke modellen van vandaag zijn op vrijwel elk onderzoeksterrein radicaal verschillend van die van twee eeuwen geleden. Wie weet hoe de paradigma’s van het volgende millennium eruit zullen zien.’ (Russell)

Rutten doet alvast een – filosofische – poging en stelt dat het duidelijk is dat op enig moment in de ontstaansgeschiedenis van de kosmos het bewustzijn zijn intrede deed. De herkomst van natuurlijk bewustzijn is volgens de filosoof niet gelegen in onbewuste materie, want het is onredelijk om te stellen dat het natuurlijk bewustzijn in de kosmos wordt veroorzaakt of geproduceerd door onbewuste stof.

De suggestie dat stof of materie bewustzijn kan voortbrengen, gaat diepgaand in tegen onze intuïtie. (…) Dat natuurlijk bewustzijn hetzelfde zou zijn als materie is buitengewoon onwaarschijnlijk. Onze gevoelens en gedachten hebben immers geen massa, geen volume en geen dichtheid. Omgekeerd hebben bewuste mentale ervaringen allerlei eigenschappen die bewegende materiedeeltjes niet hebben, zoals het in zichzelf verwijzen naar iets anders en het geladen zijn met betekenis.’ (Rutten)

Rutten stelt dat de herkomst van het natuurlijk bewustzijn gelegen moet zijn in een bewustzijn dat zelf niet natuurlijk is en redelijkerwijs is gelegen in een bewust wezen dat buiten de kosmos bestaat en op enig moment bewustzijn in de kosmos bracht.

Dit bovennatuurlijke bewuste wezen is de ultieme verklaringsgrond en oorsprong van al het natuurlijk bewustzijn in de kosmos en mag dan ook met recht God genoemd worden. Het bestaan van bewustzijn in de kosmos geeft dus aanleiding tot een redelijk argument voor het bestaan van God. In elk geval levert het er een buitengewoon sterke aanwijzing voor op.’ (Rutten)

Zie:
God staat op de drempel van de wetenschap (Peter Russell)
Bewustzijn wijst naar boven (Emanuel Rutten)

Beeld: Johannes Vermeer, De astronoom, 1668 (Louvre, Parijs) – Het schilderij toont een man die een hemelglobe bestudeert. Op de werktafel ligt de Institutiones Astronomicae et Geographicae van Adriaan Metius (1621) opengeslagen, die de onderzoeker in dat hoofdstuk III adviseert om behalve op mechanische instrumenten en kennis van geometrie ook op inspiratie door God te vertrouwen. (Civis Mundi)

Roger Scruton en het transcendente in een goddeloze wereld

transparant (1)

Ook ‘in onze goddeloze tijd’ is er een verlangen naar verlossing, zo stelt Oxfords professor filosofie Roger Scruton in zijn nieuwe boek Eindeloos verlangen naar het heilige. En ja, die verlossing is ook nu mogelijk, denkt Scruton. Daar heb je geen God voor nodig. ‘Neem religie: zodra we die dreigen te verliezen, ontwikkelen we er een gevoel voor.’ En: ‘We maken het transcendente misschien als mens, maar het is daardoor niet minder werkelijk.’

Volgens Scruton komt alles neer op de ‘ervaring van transcendentie’, het heilige – ‘dat wat zich niet laat definiëren’. In onze seculiere tijd blijkt er niet meer te zijn dan het hier en nu, dan het al te materiële. Het gevolg is een gevoel van existentiële eenzaamheid.

Juist op het moment van dreigend verlies ervaren we de waarde van alles. Zoals Hegel al zei, vliegt de uil van Minerva pas in de schemering uit. Neem de natuur. Als we inzien hoezeer die wordt bedreigd, worden we er heel teder voor, zoals je tegenover je eigen kinderen bent. We zien in de wereld een groot verlangen om de natuur te beschermen. Of neem religie: zodra we die dreigen te verliezen, ontwikkelen we er een gevoel voor. En liefde gaat ons pas echt aan het hart als die ten einde dreigt te komen. Verlies en tederheid gaan samen.’ 

Transcendentie is volgens Scruton dat waardoor alle mensen verlangen, datgene waarnaar ze zich richten, de gedachte dat ze op de een of andere manier naar buiten kunnen; een ander perspectief, een punt waar ze verenigd kunnen worden met het eeuwige en het sacrale.

Het verlangen daarnaar is eigen aan alle mensen, maar we hebben ons ervan afgewend. In de moderne wereld, waarin jegens religie scepsis overheerst, willen we er niet meer aan dat er zoiets is als het transcendente. Als we dat opgeven, geven we de helft op van wat ons tot mens maakt.’

In Filosofie Magazine verwijst Engelands ‘meest conservatieve en meest elegische filosoof’ Scruton naar de Duitse filosoof ten tijde van de Verlichting, Immanuel Kant, die stelde dat het transcendente in diepe zin aanwezig is in ons morele en esthetische leven en wilde zelfs de christelijke religie reconstrueren op deze manier.

Het idee van het transcendente is dat er een ander gezichtspunt op de wereld mogelijk is dan dat van ons beperkte schepselen, en in dat gezichtspunt wordt de hele wereld gerepresenteerd. Niet alleen de kleine delen die we verklaren in termen van elkaar, maar als een geheel. In die visie van het geheel kunnen wij mensen ook op een andere manier verschijnen, niet als een toevallig product van de geschiedenis, maar als iets noodzakelijks: we zijn gered van ons toevallige bestaan; we moeten bestaan, het is goed om te bestaan, zo is zelfs verlossing mogelijk.’

Scruton noemt de wetenschap een van de grootste bedreigingen voor dat gevoel van transcendentie. Dat is volgens hem zelfs de essentie van wetenschap.

De wetenschapper beschrijft de mens eerder als dier, een wezen dat gehoorzaam is aan wetten die we nog niet hebben ontdekt. In die beschrijving ontbreekt een cruciaal feit, namelijk dat we personen zijn die vrij handelen en verantwoordelijkheid nemen voor hun daden. Dat schema van beschrijven mag niet verdwijnen uit ons dagelijks leven, want zonder die dingen kunnen we niet leven.’

God hebben we volgens Scruton niet nodig.

Natuurlijk, het concept van God dat wij monotheïsten hebben is precies dit transcendente perspectief. Er is iets wat ons observeert vanuit een ander punt, en ons beoordeelt. Als we juist zijn in zijn ogen, dan zijn we dat ook. En dat is een erg troostrijke visie.’

Ook zonder geloof in God kunnen we volgens de filosoof bidden.

Dan richten we ons tot het andere. We dragen allemaal een schuld met ons mee, een existentiële schuld waarvan we ons willen bevrijden.’

Interviewer Florentijn van Rootselaar van Filosofie Magazine vindt dat die God door mensen is gemaakt, maar volgens Scruton is niet alles wat door ons geschapen is onwerkelijk.

We maken het transcendente misschien als mens, maar het is daardoor niet minder werkelijk. Het is een mystieke visie, zeker, maar iedereen kan het op sommige momenten voelen in zijn leven.’

Zie het uitgebreide en boeiende interview in Filosofie Magazine: ‘Op het moment van dreigend verlies ervaren we de waarde van alles’  (Filosofie Magazine – Blendle € 0,95)

Eindeloos verlangen naar het heilige | Roger Scruton | € 29,95 | AUP | 296 blz. |

Illustratie: Transparant voor het transcendente. – Een van de meest belangrijke elementen van de mystiek is de overgang van het geloven in een God, ginds, ergens buiten mij, ver weg, naar een besef, of ervaring van de ‘plaats’ van God binnen in mijzelf. Want ieder mens ‘schept’ zijn of haar eigen God. Zoals Meester Eckhart het in een preek formuleerde: ‘God wordt God. Als de schepselen God zeggen, dan wordt God.’ (…) Transparantie dus in twee richtingen. Zoals een schoongemaakt venster zowel het licht van binnen naar buiten, als het licht van buiten naar binnen kan doorlaten, zo kunnen de vensters van onze menselijke geest transparant worden gemaakt voor de oplichtende aanwezigheid van werkelijkheid in mij en rondom mij. (hetsteiger.nl)  

‘Wilders, de meest effectieve evangelist van de islam’

WAM.architecten_EssalamMoskee_Rotterdam_06.1.000

Aldus Bernhard Reitsma, hoogleraar aan de VU voor de bijzondere leerstoel kerk in de context van de islam. ‘Hoe harder er wordt geroepen dat we moeten oppassen met moslims, dat we vluchtelingen buiten de deur moeten houden, hoe meer jonge moslims zich afvragen: ‘Waarom? Wat is er zo erg aan mijn geloof dat mensen dit roepen?’ Ze gaan zich dan juist in de islam verdiepen, worden omarmd door een warme gemeenschap en raken overtuigd.’

Hoe bizar: Wilders, de meest effectieve evangelist van de islam. Tijd voor een politieke koerswijziging?’  (Reitsma)

Het lijkt een variant op wat je wel hoort in coachingsgesprekken: ‘Wat je veroordeelt en bevecht, wordt sterker.’ ‘Minder, minder, minder’ leidt zo uiteindelijk tot meer, meer, meer.

wildersspotprent.001 (5)

Reitsma, tevens docent bij de academie Theologie aan de Christelijke Hogeschool Ede, geeft als voorbeeld de tweeduizend moslims die naar het vrijdagmiddaggebed gaan bij Azzedine Karrat (29), imam van de grootste moskee in Nederland, de Essalam-moskee in Rotterdam-Zuid. (Momenteel zijn er plannen voor een moskee in Rotterdam-West die drie keer zo groot wordt.) Veel jongeren met een islamitische achtergrond zijn intensief op zoek naar wat het betekent om moslim te zijn.

Karrat studeerde aan de Islamitische Universiteit in Rotterdam (IUR) en is daar ook docent. Bij de Essalam-moskee werden afgelopen november de slachtoffers van de aanslagen in Parijs herdacht door joden, christenen en moslims samen.

Betekent een sterke islamitische geloofsgemeenschap het einde van mijn geloof? Wat zegt dat dan over je eigen identiteit? Is die zo kwetsbaar? Het getuigt ook van weinig geloof in de Almachtige. Misschien is het juist wel heel leerzaam wat er in de Essalam-moskee gebeurt en doen we nieuwe inzichten op over secularisatie en kerkverlating.’ (Reitsma)

In het artikel Nieuwe kijk op secularisatie citeert Reitsma Karrat die stelt dat de secularisatie voorbij is en de islam weer gaat groeien. Overigens vervult hij een voortrekkersrol in het bouwen van bruggen tussen moslims en andere groepen in de Nederlandse samenleving.

Op de vraag of de islamitische gemeenschap ook te maken heeft met secularisatie, reageerde Karrat heel beslist: ‘Niet meer, dat is voorbij. Jonge moslims zijn op zoek naar de betekenis van hun eigen geloof. Vooral de laatste jaren wordt dat steeds sterker.’ (Reitsma)

Op Reitsma’s vraag of het tijd is voor een politieke koerswijziging geeft hij niet echt antwoord. Hij laat het bij de suggestie dat Wilders zijn kritiek op de islam eens op het christendom en hun heilige boek richt zodat christenen straks ook kunnen zeggen: ‘Secularisatie? Dat hebben we gehad.’

Zie: Nieuwe kijk op secularisatie

Foto: Essalam-moskee (wam-architecten.nl)

Spotprent (nos.nl): Moskeeën publiceren cartoon over Wilders (juni 2015.) Op de spotprent is Wilders te zien als een ontevreden kind, dat ‘Minder, minder’ schreeuwt, tegen de achtergrond van een bom. In de schaduw van de bom lopen andere mensen rustig door, het geschreeuw negerend. Zij bouwen ondertussen rustig verder aan Nederland, zegt woordvoerder Aissa Zanzen van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN). 

Vrijheid van godsdienst en de Marrakesh Verklaring

Marrakesh-decl

Honderden prominente soennitische en sjiitische islamitische geleerden pleitten onlangs tijdens een conferentie in het Marokkaanse Marrakesh, samen met vertegenwoordigers van andere levensovertuigingen, voor bescherming van religieuze minderheden in moslimlanden. Dit resulteerde in de zogenaamde Marrakesh Verklaring, gebaseerd op het Handvest van Medina èn de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Volgens Ayman Ibrahim, docent Islamstudies aan het Southern Baptist Theological Seminary in Louisville, Kentucky (VS), heeft het Handvest van Medina ten tijde van profeet Mohammed weinig betekend voor de religieuze minderheden, ondanks de afspraken over vrijheid van godsdienst. Enis Odaci en Arnold Yasin Mol, van de denktank voor islamitisch humanisme en samenleving, stellen echter dat Ibrahim een en ander uit zijn context haalt en dat als hij bronnen citeert, dat dan goed moet doen en niet die context weglaten.

In alle drie de situaties was het Handvest van Medina inderdaad van kracht, maar de joodse stammen, die in deze periode zijn verdreven of waar oorlog mee is gevoerd, hadden ook allen eenzijdig dit vredesverdrag geschonden. In klassieke islamitische teksten wordt dit punt altijd benadrukt en ook gold dat executies alleen werden uitgevoerd op die strijders die ‘muqattil’ waren: zij die daadwerkelijk de wapens hadden gebruikt.’

The-constitution-of-Madina-208x300Maar, move on! Volgens Odaci en Mol is het tijd om de handen ineen te slaan; is de Marrakesh Verklaring een signaal dat in Nederland aandacht verdient en door christelijke organisaties ingezet moet worden in de dialoog met moslims.

Niet om te bekeren, maar om te co-existeren. Wat dat betreft gaat de Verklaring van Marrakesh ons allen aan, omdat we allemaal verbonden zijn in de droom van een vreedzaam samenleven.’

Zij stellen dat de oproep om de Shari’a volgend te laten zijn op universele mensenrechten (dus gelijkheid van ras, cultuur, religie en gender, inclusief afvalligheid en bekering) in vele delen van de islamitische wereld een verregaande en unieke uitspraak is.

Bedek positieve ontwikkelingen niet met een deken van wantrouwen. Waarom zou je? Je hebt in plaats van sommige hadith uit een andere tijd en totaal onbekend bij bijna alle moslims, nu een heel actueel intra-religieus (!) opgesteld en voor religieuze minderheden zeer welkom statement van geleerden in de huidige tijd. Doe er je voordeel mee.’ (Commentaar Odaci)

Die droom van vreedzaam samenleven zou m.i. in Nederland zijn eigen betekenis kunnen krijgen. Andersom zijn in onze joods-christelijk-seculiere samenleving de moslims immers een minderheid en dient de Marrakesh Verklaring hier te betekenen dat moslims als religieuze minderheid ook beschermd dienen te worden. Evident geldt dat dan ook voor alle andere religieuze en anders-levensbeschouwelijke minderheden. Het is, zoals Odaci en Mol zeggen: de Marrakesh Verklaring gaat ons allen aan, omdat we allemaal verbonden zijn in de droom van een vreedzaam samenleven.

Zie:
Marrakesh: pleidooi ter bescherming van minderheden
Tijd om de handen ineen te slaan
Vrome woorden uit Marrakesh

Illustrs: humanislam.com en constitutionofmedina.com