‘De grootste aanval ooit op onze vrijheid’

Het kapitalisme buit ons en onze planeet genadeloos uit. Filosoof Eva von Redecker ziet in de nieuwe vormen van protest hiertegen ‘het begin van een revolutie voor het leven die de destructieve kapitalistische orde omver zou kunnen werpen en een nieuwe vorm van solidariteit voor onze basisactiviteiten zou kunnen beloven. We zouden kunnen zorgen in plaats van domineren, regenereren in plaats van uitbuiten, deelnemen in plaats van uitbuiten’. 

‘We moeten leren om de bedreiging van de toekomst te zien als de grootste aanval ooit op onze vrijheid’
(Eva von Redecker)

Uitputting van de aarde
D
e filosoof en auteur pleit voor een ‘revolutie voor het leven’. En die vereist meer dan een demonstratie: ‘Wat we moeten doen is laten zien dat leven zoveel meer is dan het zoveelste bezit.’

‘Vrijheid’ wordt meestal opgevat als overal te kunnen gaan en doen wat je wilt, zo maximaal mogelijk. Zo’n ongebreidelde ruimtelijke vrijheid leidt echter tot uitputting van de aarde en klimaatverandering. Eva von Redecker stelt daarom een nieuw begrip voor: vrijheid om de tijd te vullen, een vrijheid die niet gebaseerd is op ruimte, maar op tijd.’
(Nacht van de Filosofie Amsterdam)


Hoe het anders kan: biodiversiteit op de akker

Strijd tegen kapitalistische overheersing
I
n Filosofie Magazine vertelt Eva von Redecker wat protestbewegingen als Black Lives Matter en MeToo, alsook het leven op een biologische boerderij, ons kunnen leren over hoe het anders kan. Daarmee geeft zij een andere blik op protestbewegingen.

‘Bewegingen die in economische analyses vaak worden weggezet als “identiteitspolitiek”, zoals Black Lives Matter of MeToo, zijn in mijn optiek essentieel in de strijd tegen kapitalistische overheersing.
(EvR)


“Zorg dragen voor de wereld is een vorm van zelfbehoud.” (EvR)

Klimaatrechtvaardigheidsbeweging
D
e filosoof richt zich op levensondersteunende praktijken, zoals Black Lives Matter, Latijns-Amerikaans feminisme, de klimaatrechtvaardigheidsbeweging en inheemse protesten. Die bevragen traditionele vormen van toe-eigening en maken ze op een bevrijdende manier ongedaan. ‘We moeten leren om de bedreiging van de toekomst te zien als de grootste aanval ooit op onze vrijheid,’ stelt de filosoof en schrijfster. Dat is wat zij eerder heeft proberen te betogen in haar boek De vrijheid om te blijven.

‘We moeten vrijheid niet zien als de vrijheid om te bewegen, maar om te blijven. Dat geldt ook voor de boeren: hoe kunnen we blijven boeren, op vruchtbare grond en zonder watervervuiling of uitputting?’
(EvR)

‘Ik wil geen innovaties in luxegoederen, ik wil innovaties in duurzaam transport, voedselproductie, huisvesting en waardige zorg’
(EvR)


Eva von Redecker

Eigendomsrecht als barrière
K
apitalistische innovaties zullen volgens Von Redecker alleen diegenen ten goede komen die zich dat kunnen veroorloven. Zij vindt het niet vanzelfsprekend dat kapitalisme op dit moment innovatie aanjaagt.

‘De sector die het meest innovatief heet te zijn, de technologiesector, is dusdanig gemonopoliseerd dat er maar weinig spelers aan kunnen deelnemen. En intellectueel eigendomsrecht is een barrière geworden voor experimenten: veel patenten worden preventief geclaimd, alleen maar zodat de bedrijven die ze bezitten mensen kunnen aanklagen die ze bewust of onbewust schenden.
(…) Wereldwijd zijn in coronatijd veel mensenlevens opgeofferd omdat vrijgave van de patenten bij de Wereldgezondheidsorganisatie een tijdlang geblokkeerd werd.’
(RvD)

Natuur: levend systeem
In het bewerkte fragment van het voorwoord van Thijs Lijster bij de Nederlandstalige editie van Revolutie voor het leven van Eva von Redecker, in Filosofie Magazine, concludeert Lijster dat ‘eigendom de belangrijkste bron is van onze hedendaagse crises.’

‘Het vreemde van modern eigendom is dat het je het recht geeft om te vernietigen wat je bezit; dat verklaart vele vormen van geweld. Als je de natuur niet langer als dode grondstof zou behandelen maar als een levend systeem, zou de productie van goederen zoals we die kennen stoppen. In mijn analyse ligt de nadruk daarom meer op vernietiging dan op uitbuiting, en ik zie de oplossing dan ook niet in opnieuw toe-eigenen, maar in herstel.’
(EvR)

‘Een bekende cartoon in de New Yorker toont een man met drie kinderen bij een kampvuur in een desolaat landschap. De man zegt: ‘Ja, de planeet is verwoest, maar gedurende één prachtig moment in de geschiedenis hebben we veel waarde gecreëerd voor aandeelhouders.’ 
(Uit: Voorwoord Thijs Lijster)

Antwoord
A
ls de waanzin van deze manier van denken – en voor de kinderen uit de cartoon kan het niet anders dan als waanzinnig overkomen – zo zonneklaar is, vraagt Lijster zich af, waarom is het dan zo moeilijk om ons eraan te ontworstelen? ‘En op welke manier zouden we dat niettemin kunnen doen? Op die vragen geeft Eva von Redecker in het boek Revolutie voor het leven een antwoord’.

Bronnen o.a.:
* Eva von Redecker: ‘Het kapitalisme vernietigt het leven’ (Filosofie Magazine, 16 april 2025)
* Eigendom is de belangrijkste bron van onze hedendaagse crises, toont Eva von Redecker (Filosofie Magazine, 25 maart 2025)

Revolutie voor het leven | Eva von Redecker | 288 bldz. | Luxe paperback | NUR: 730 | ISBN: 978-90-834369-3-7 | € 27,95 | Met een inleiding van Thijs Lijster | Vertaald door Peter Huijzer en Jan Sietsma | Eva von Redecker deed onderzoek aan de universiteiten van Berlijn, Cambridge en Verona, voornamelijk in kritische theorie en feminisme. Ze schrijft geregeld voor Philosophie Magazin, The Guardian en Die Zeit.

Beelden: Klimaatverandering vanuit de samenhang (Appeltern)
Foto Leven op een biologische boerderij: “Met het voedselbos willen we op een natuurvriendelijke manier lokaal voedsel produceren en de biodiversiteit op de akker weer terugbrengen.”  Onno Mijs (treesforall)
Foto Eva von Redecker: Sophie Brand (Filosofie Magazine)

Negen planetaire grenzen van de Vérdenker der Nederlanden

Denker der Nederlanden David Van Reybrouck denkt kosmisch. Denkt vérder dan de Nederlanden en vertelt in De wereld en de aarde (april 2025) over grenzen die de mens overschreden heeft. De historicus, denker en schrijver doelt op negen planetaire grenzen, oftewel domeinen die betrekking hebben op de ontwrichting van de aarde. Het klimaat is één van die ontwrichtingen.

‘Planetair denken gaat niet alleen over de bijtjes en de bloemetjes. Het gaat over het grootste veiligheids- en gezondheidsvraagstuk van onze tijd: hoe houden we de planeet bewoonbaar?’
(David Van Reybrouck)

Natuurwetten
De nieuwerwetse eretitel Denker der Nederlanden (DdN), is wonderlijk, juist als een Belg aantreedt. Bedacht door de Stichting Maand van de Filosofie. Voor Marjan Slob (DdN 2023) begon de titel ‘des Vaderlands’ te knellen: “Hoe draag ik bijvoorbeeld als vrouw deze titel?” – Hoe draagt bijvoorbeeld als Belg Van Reybrouck deze titel…?
De denker denkt gelukkig voorbij grenzen: denkt, verdenkt en denkt vér. ‘Vérdenken is naar het heden kijken vanuit de verre toekomst en vanuit het verre verleden’.

‘Misschien is dat wel de tragedie van deze weerbarstige eeuw: dat we zo verblind zijn door het helle licht van de mensenwereld dat we de aarde uit het oog zijn verloren. Nochtans, de planetaire uitdagingen waar we nu voor staan vormen het grootste veiligheidsvraagstuk van onze tijd, en ook het grootste gezondheidsvraagstuk, meer dan alle recente conflicten en geopolitieke aardverschuivingen. De natuurwetten trekken zich niets aan van ons onderling gesteggel.’
(Uit: De wereld en de aarde)

‘Het is ook vérdenken in de ruimte – voorbij geografische grenzen of sociale bubbels. Denken is meer dan filosofie en filosofie is meer dan westerse filosofie’
(David Van Reybrouck)

‘David Van Reybrouck was recent Arne Næss Professor aan de Universiteit van Oslo, vernoemd naar Noorwegens invloedrijkste filosoof uit de twintigste eeuw. Hij verwierf internationale bekendheid met zijn lijvige boeken over koloniale geschiedenis (Congo en Revolusi) en zijn essays over democratische vernieuwing (Pleidooi voor populisme en Tegen verkiezingen). Ter gelegenheid van zijn aanstelling schreef hij De wereld en de aarde.’
(Arminius debatpodium)

Geen zwakte, maar kracht
V
erdénken is volgens de denker eigenlijk de basis van elke filosofische houding, het verwijst naar een soort achterdocht: ‘Durven kritiek hebben, durven twijfelen, ook aan jezelf – je standpunt bijstellen is geen teken van zwakte, maar van kracht’. 

‘Onze aandacht wordt in het heden gezogen, maar ik vind het ook van belang om vanuit het verre verleden naar de verre toekomst te kijken.’
(DVR)


De groene cirkel is het gedeelte dat binnen de planetaire grenzen valt, alles wat daarbuiten valt overschrijdt de grenzen Science Advances 2023

Planetair denken
L
eonie Breebaart (Trouw) hoopt dat Van Reybrouck niet al te planetair zal denken, de columnist denkt dat het mensen kan afschrikken: ‘De “Planeet” is te groot om van te houden’. Goed dat de vérdenker groot denkt. Te veel mensen denken helaas niet verder dan hun neus lang is. Zeker in deze tijd is dat kortzichtig. Het gaat tenslotte om het bewoonbaar houden van de planeet en niet alleen om je achtertuintje.

‘Het grootste veiligheidsvraagstuk van onze tijd is niet de wereld met haar onderlinge conflicten, maar de aarde die meer en meer ontregeld raakt. Steeds heviger gaat de planeet tegen de mensenwereld tekeer. De wereld heeft de fysieke aarde ontwricht en nu ontwricht de aarde de wereld. De moderne diplomatie, dat eeuwenoude overleg tussen landen, moet zich daarom dringend opnieuw uitvinden. Hoe zou dat eruit kunnen zien?’
(Uit: De wereld en de aarde)

Actieve betrokkenheid
D
e Denker der Nederlanden vertelt over socioloog en filosoof Bruno Latour (1947-2022), een van zijn inspirators, net als Jürgen Habermas (1929). Deze Duitse filosoof en socioloog vindt Van Reybrouck van grote invloed op het idee van deliberatieve democratie: ‘een vorm van publieke besluitvorming waarin de uitwisseling van argumenten tussen burgers centraal staat’.

‘We moeten de publieke ruimte zo organiseren, zegt hij [Habermas], dat die onze democratie optimaal kan vormgeven. En leven in een democratie betekent: deelnemen aan de publieke sfeer, een actieve betrokkenheid bij hoe het beleid tot stand komt. Wat dat betreft gaat hij verder op het denken van Hannah Arendt, die hamerde op het belang van actieve participatie.’
(DVR)


De Denker der Nederlanden is afgelopen nacht feestelijk ingehuldigd tijdens de Nacht van de Filosofie

‘Burgers zijn veel ambitieuzer en coherenter met klimaatmaatregelen dan dat de politiek aandurft. De burgers zeggen eigenlijk: help ons de deksel op de koekjestrommel te doen, anders blijven we graaien. En de politiek zegt: oei, we kunnen de koekjestrommel niet dichtdoen, want dan worden ze heel kwaad.’
(DVR)

Het verste denken
D
e DdN zegt aan het slot van een groot interview in Filosofie Magazine dat denkers helpen om een raam te ontdekken in een ruimte die we gesloten achten, maar dat dichters helpen om nog een ander raam open te zetten.

‘Ik heb de poëzie nodig om frisse lucht binnen te laten. Mijn denken kan misschien een aantal mensen helpen om ideeën te ontwikkelen waar ze nog niet eerder aan gedacht hebben. Maar ik heb zelf ook behoefte aan frisse lucht. In de poëzie stuit ik op beelden die ik al denkende nooit had kunnen bedenken. Misschien is poëzie wel het verste denken.’
(DVR)

Bronnen:
* De wereld en de aarde. Hoe houden we het veilig | David Van Reybrouck | 4 april 2025 | Literaire fictie | Uitgeverij De Bezige Bij | 80 blz. |
*
David Van Reybrouck is de nieuwe Denker der Nederlanden. ‘Ik wil dat denken gevolgen heeft’ (Filosofie Magazine, 19 maart 2025)
*
David Van Reybrouck
* Mens heeft aarde over grenzen geduwd, blijkt uit ‘gezondheidscheck voor planeet’ (Science Advances / NOS, 20-09-2023)
*
De ‘planeet’ is te groot om van te houden (Trouw, 20 maart 2025)
* ‘Ouderwetse’ Dichter des Vaderlands wordt Dichter der Nederlanden (NOS Nieuws, 25 februari 2025)

Beeld: PxHere
Illustratie Planetaire grenzen: Earth beyond six of nine planetary boundaries (Science Advances, 13 -09 – 2023)

‘God, een kracht die oproept en aandringt tot bestaan’

Essayrecensie – Theoloog Martijn Rozing schreef Bidden na de dood van God (2024). Bidden? ‘Wanneer het universum zwijgt? Wanneer wij geen antwoord meer kunnen verwachten? En de mens verantwoordelijk is voor de dood van God? God stierf geen natuurlijke dood, wij mensen vermoordden hem’. – Rozing staat met zijn verwijzing naar Nietzsche in zijn essay niet alleen. De dolle mens is sinds enige tijd trending topic bij theologen, filosofen en schrijvers. Dat is welkom, want Nietzsches ‘God is dood’ wordt vaak misverstaan.

‘Het gelaat van God toont zich doorzichtig en dient zich aan als een insisterende kracht, een kracht die oproept en aandringt tot bestaan. Een gelaat dat zowel verontrustend als ook tot leven wekkend is’

Het begint met een ervaring
Z
orgethicus en geestelijk verzorger Martijn Rozing is over het thema bidden na de dood van God begonnen met een promotieonderzoek aan het Arminius Instituut. De theoloog wil de betekenis en de waarde van het gebed, van bidden, uitdiepen. Als de proponent dat net zo gloedvol uitwerkt als dit eindessay voor het Remonstrants Seminarium, dan gaat dat zeker lukken. Recensie over Bidden na de dood van God. Het begint met een ervaring.

‘Ik ben nog niet begonnen met het gebed of ik loop er al in vast. De eenvoudige vraag roept nieuwe vragen op. Tot wie richt ik me eigenlijk? Wat is dit voor gesprek dat ik begonnen ben? Is het wel een gesprek? Maar als het dat niet is, waarom spreek ik hier dan iemand aan? Wat maakt dat ik deze woorden gebruik, alsof ik me wend tot een vertrouwd persoon, terwijl ik werkelijk niet verwacht ook maar enig antwoord te krijgen? Om nog maar te zwijgen over het feit dat ik geen voorstelling heb van die- of datgene tot wie ik me zo persoonlijk wend. Het woord God is voor mij omgeven met het grootst mogelijke ongemak en de overtuiging dat het zeker niet om een persoon gaat.’

Doordenken
B
idden na de dood van God. Een essay waarin het promotieonderzoek al gloeit. Het leest niet zomaar weg. Tussen poëtische zinnen door is het soms kijken in een ‘wazige spiegel’ van de wetenschap. ‘Vol raadselen’, zou Paulus zeggen. Maar als je die spiegel al lezend oppoetst, dan licht de essentie op. Gefascineerd lees je dan hoe Rozing denkt, niet alleen geïnspireerd door Nietzsche, maar ook door anderen die de laatste tijd in het licht staan: John D. Caputo, Charles Taylor en socioloog Hartmut Rosa.


Friedrich Nietzsche | Charles Taylor

De dolle mens
N
ietzsche neemt de persoonlijke identiteit van God radicaal serieus, zegt de proponent. En mede door andere inzichten verklaart de filosoof God dood. In De Dolle Mens wordt de dood van God aangekondigd ‘bij diegenen die al langer niet aan God geloofden’.

‘De inzet van zijn tekst is de betekenis van die ongelofelijke gebeurtenis, zoals het verlies van het geloof in een (persoonlijke) God door Nietzsche wordt genoemd, duidelijk te maken. Hij stelt dat de mens hier zelf verantwoordelijk voor is; de dood van God is geen natuurlijke dood, wij mensen hebben hem gedood.’


Hartmut Rosa | John D. Caputo

Bidden tot wie?
R
ozing richt zich tot ‘wij als vrijzinnigen’ als hij zich afvraagt of ‘wij nog wel kunnen bidden na de dood van God’. Direct in de aanhef is Caputo te vinden: ‘Religie begint en eindigt met gebed; waar gebed is, is religie; waar religie is, is gebed’. Duidelijk. De vraag rijst: Gebed voor wie? en ook: wat is bidden eigenlijk? En ‘op welke manier kan er door vrijzinnigen en andere hedendaagse religieuzen – in onze seculiere, post-theïstische tijd – nog waarachtig gebeden worden?’

Het ‘wilde’ bidden
G
eïnspireerd beschrijft de auteur twee verschijningsvormen: het ‘wilde’ bidden en het ‘gecultiveerde’ bidden. ‘Wild’ bidden past in wilde situaties waarin OMG uitgeroepen wordt, zoals bij een ‘naderend hoogtepunt’. ‘Oh, God!’. Dat gaat minder bewust dan in het ‘gecultiveerde’ gebed, zoals het bidden van het ‘Onze Vader’.

‘In beide gevallen is sprake van een diepe geraaktheid van waaruit zich een stem laat horen. We openen ons of worden geopend voor datgene in ons menselijk bestaan wat ons in positieve of negatieve zin wezenlijk raakt’.

Kernvraag onderzoek
R
ozing vraagt zich af wat we eigenlijk ‘doen’ wanneer we bidden en speelt met de aankondiging: ‘laten we bidden’. Het verandert in ‘sprake van inkeer’ en: ‘laten we inkeren’. Maar waarin, is dan weer de vraag.

‘Maar hoe kan ik hier verder denken over het gebed, wanneer ik dat traditionele Godsbeeld los heb gelaten; wanneer ik leef ‘na de dood van God’? Hiermee komen bij de kernvraag van mijn onderzoek: op welke manier is het nog mogelijk te bidden, dat wil zeggen; tot een aanspreken van God of het Heilige te komen, wanneer dat traditionele Godsbeeld is komen te vervallen?’

‘Het onvoorwaardelijke’
H
et antwoord van Caputo hierop is dat ‘het werkelijke onderwerp niet God is, maar “het onvoorwaardelijke” (“the unconditional”)’. Tegelijk ‘weigert hij afscheid te nemen van het woord God’. Voor Caputo…

…‘blijft er iets in dat woord van betekenis; iets van een gebeuren dat zich lastig in taal laat uitdrukken, maar wel vitaal is. En hierop – op het belichten van wat niet te verhelderen valt, op het beschrijven van wat niet te benoemen is – is een groot deel van zijn denken en schrijven gericht.’


Martijn Rozing

De diepte van God
D
e roep uit de diepte van God komt uit het duister, zegt de auteur. ‘Net als Nietzsche en Rosa komt Caputo met dat beeld van het donker, een leegte… Alleen is er geen sprake van een koude leegte’.

‘Het donker, met zijn richtingloosheid van het niet-weten, staat wel tegenover de mens, maar van de diepte daarvan gaat een appel uit. Het gebed dat hierop antwoordt, is niet langer alleen een gebed tot God, maar tevens tot de aarde, tot het geheel van het leven dat in haar hoedanigheid als “gebeuren”, vitaliteit en intensiteit tot ons spreekt. Het woord “God” vormt een ingang tot spreken; vanuit het aanspreken wordt aan dat gebeuren stem gegeven.’

Het begint met luisteren
R
ozing zegt te hopen dat hij laat zien wat er in het gebed gebeurt. Dat laat hij zeker zien: bidden wordt belicht van veel kanten. Op verrassende wijze. Vooral ook dat ‘het begint met luisteren en vanuit bewogenheid overgaat naar antwoorden’. Het is ‘de kern van een contemplatieve levenshouding die zijn uitdrukking krijgt in de praktijk van bidden’.

‘De in dit eindessay verkende inzichten en oriëntatie op bidden na de dood van God kunnen mij als toekomstig remonstrants predikant helpen nieuwe wegen te verkennen in concrete geleefde praktijken. Voor mij opent het een creatieve ruimte om zowel binnen liturgische settingen als pastorale contacten op nieuwe manieren vorm te geven aan intuïties, stemmen en ervaringen rond wat wezenlijk is in ons leven.’

Antwoorden
M
artijn Rozing begint met luisteren en het gaat over naar antwoorden. Of, zoals hij het zelf formuleert: ‘Vanuit een schaduwrijk niet-weten laat ik woorden opkomen om zo stem te geven aan mijn hart’.

Bronnen:
* Bidden na de dood van God, Ad Rem, Remonstrants tijdschrift, jaargang 36 nummer 2 maart 2025
* Eindessay Remonstrants Seminarium, Martijn Rozing, Utrecht, maart 2024 Bidden na de dood van God Essay over de mogelijkheid en betekenis van het vrijzinnige gebed

Beeld ‘Galaxy’: Robby de Letter
Foto’s: Martijn Rozing: Remonstranten | Friedrich Nietzsche (in 1869): en.wikipedia.org | Charles Talor: thejesuitpost 2021 | Hartmut Rosa: Universiteit Erfurt | John D. Caputo: Syracuse University

Verdieping:
Gefascineerd door het gebed en het fenomeen bidden is Rozing op 1 februari 2025 begonnen met zijn promotieonderzoek aan het Armenius Instituut in samenwerking met Johan Roeland (Universitair Hoofddocent aan de VU en aan het Remonstrants Seminarium). Zo hoopt de promovendus de betekenis en de waarde ervan voor vrijzinnigen verder te kunnen belichten.

‘Rol Averroës in Europese filosofie opzettelijk verdoezeld’

De invloed van de Andalusische filosoof Averroës (1126-1198) op het Europese denken van de 13e tot de 18e eeuw leverde een niet te onderschatte bijdrage, die ons begrip van de geschiedenis van de filosofie ongetwijfeld zal veranderen. – Dit blijkt uit het proefschrift The Influence of Averroes on European Thought (december 2024) van historicus en filosoof Koert Debeuf. Zijn onderzoek laat zien welke ingewikkelde en veelal ‘vergeten’ (lees: ‘verdrongen’) verbindingen er zijn tussen Arabische en Europese intellectuele tradities.

‘Debeufs boeiende schrijfstijl en passie maken dit boek tot een onmisbare bron voor wetenschappers, filosofen en iedereen die geïnteresseerd is in de rijke, complexe geschiedenis van ideeën.’
(Rudi Holzhauer)

‘De rol van Averroës in het vormgeven van de Europese filosofie is opzettelijk verdoezeld’
door Rudi Holzhauer

Het proefschrift The Influence of Averroes on European Thought is een baanbrekende studie die het traditionele verhaal van de westerse filosofie in twijfel trekt. Door minutieus de diepgaande invloed van de Andalusische filosoof Averroës (Ibn Rushd) op het Europese denken van de 13e tot de 18e eeuw op te graven, opent het werk van Debeuf onze ogen voor de complexe, vaak over het hoofd geziene, relaties tussen Arabische en Europese intellectuele tradities.

‘Het centrale argument van historicus en filosoof Koert Debeuf – dat de rol van Averroës in het vormgeven van de Europese filosofie opzettelijk is verdoezeld –
is zowel provocerend als overtuigend’
(Rudi Holzhauer)

Verborgen verhalen
D
ebeufs grondige onderzoek getuigt van zijn passie voor het blootleggen van verborgen verhalen en zijn toewijding aan het bevorderen van een genuanceerder begrip van de geschiedenis van de filosofie. Door een nauwgezette analyse van primaire bronnen legt hij de uitgebreide, maar grotendeels vergeten, invloed van Averroës op Europese filosofen bloot en laat hij zien dat er eeuwenlang over zijn ideeën is gedebatteerd, dat ze zijn verfijnd en dat er op zijn ideeën is voortgebouwd.

Blijvende erfenis Averroës
E
en van de sterkste punten van het boek is het vermogen om de invloed van in het bredere landschap van de Europese intellectuele geschiedenis te plaatsen. Debeuf navigeert behendig door het complexe web van filosofische, theologische en culturele argumenten en perspectieven. We lezen een onthulling van de blijvende erfenis van Averroës in het Europese denken in de middeleeuwse en vroegmoderne perioden, waarbij hij op deskundige wijze de manieren belicht waarop de ideeën van Averroës het werk van prominente Europese denkers kruisten en beïnvloedden.

Provocerend en overtuigend
H
et centrale argument van Debeuf – dat de rol van Averroës in het vormgeven van de Europese filosofie opzettelijk is verdoezeld – is zowel provocerend als overtuigend. Door geschiedenissen van de filosofie van de 17e  tot de 21e eeuw te onderzoeken legt Debeuf de Eurocentrische vooroordelen bloot die hebben geleid tot het systematisch uitwissen van de Arabische filosofie uit de geschiedschrijving. Verdringing dus. Dit proces van weglating, stelt Debeuf, begon in de 18e eeuw, toen christelijke en Europese ideologieën de overhand kregen, en is tot op de dag van vandaag doorgegaan.

Averroës’ ideeën
D
e chronologische structuur van het boek, die verschillende eeuwen omspant, stelt Debeuf in staat om de opmerkelijke hardnekkigheid van Averroës’ ideeën in het Europese denken aan te tonen. Vanaf de scholastieke debatten in de Middeleeuwen tot aan de Verlichting en daarna reconstrueert Debeuf op meesterlijke wijze de complexe, vaak controversiële, dialoog tussen Europese denkers en hun Arabische voorgangers.

Breed scala aan denkers
D
oor het boek heen gaat Debeuf in op een breed scala aan denkers, van Thomas van Aquino en Dante Alighieri tot René Descartes en Immanuel Kant. Zijn analyse van de reacties van deze denkers op de ideeën van Averroës is genuanceerd en inzichtelijk en onthult het ingewikkelde web van invloeden en debatten die de Europese filosofie hebben gevormd.

Het Arabische denken
E
en van de meest opvallende aspecten van het werk van Debeuf is de relevantie ervan voor hedendaagse debatten over de aard van de westerse filosofie en haar relatie tot niet-Europese intellectuele tradities. Door de diepgaande invloed van het Arabische denken op de Europese filosofie te benadrukken. Interculturele filosofie op zijn best. Debeuf daagt lezers uit om hun veronderstellingen over de ontwikkeling van het Westerse denken en de vermeende uniciteit er van opnieuw te bezien en te evalueren.


Koert Debeuf

Het Europese denken
S
amenvattend is De invloed van Averroës op het Europese denken een niet te onderschatte bijdrage die ons begrip van de geschiedenis van de filosofie ongetwijfeld zal veranderen. Debeufs nauwgezette onderzoek, boeiende schrijfstijl en passie voor zijn onderwerp maken dit boek tot een onmisbare bron voor wetenschappers, filosofen en iedereen die geïnteresseerd is in de rijke, complexe geschiedenis van ideeën.

Oost en West
H
et boek is essentiële lectuur voor iedereen die geïnteresseerd is in de uitwisselingen die kenmerkend waren voor de geschiedenis van de filosofie, interpretaties van de westerse filosofie en culturele uitwisselingen tussen Oost en West. Het zal wetenschappers, filosofen en algemene lezers aanspreken die hun begrip van het rijke, diverse erfgoed van het menselijk denken willen verdiepen en verbreden. (Ook) in Nederland is sprake van een Gedeeld Erfgoed.

* Wat leren we uit het onderzoek van Debeuf?
* Voor wie is het onderzoek van Debeuf relevant?

Zie: Addendum

Bronnen:
* Een bespreking door Sahil Raza Al-kashmiri gepubliceerd in de New State Reporter, een krant in India (Jammu en Kasjmir), 20 februari 2025. Ontlening met toestemming: A monumental work of scholarship: Unveiling the Enduring Legacy of Averroes in European Thought
* Bij nader inzien … is er maar één waarheid. Column Vriendenmagazine ISVW, december 2024
* Moslim Archief: Columns voor, over Inbreng, Verdringing en Taal (Holzhauers eigen werk in progress). Hierin vertaalt / thematiseert de auteur visies op de filosofie-geschiedschrijving

Sahil Raza Rudi Holzhauer

Vertaling: Rudi Holzhauer, Erasmus University Rotterdam, Erasmus School of Law, retired. 

Beeld Averroës (Ibn Rushd): alpujarras.nl
Foto Koert Debeuf: Vrije Universiteit Brussel (VUB) – Koert Debeuf is professor internationale politiek en Midden-Oosten aan de VUB en Research Fellow aan de Universiteit van Oxford. Hij woonde in Caïro van 2011 tot 2016 en bezocht het Midden-Oosten intensief. Eerder publiceerde hij Koorddansers van de macht (2009), Waarom dit niet de laatste oorlog is (2022) en dit jaar: Wat je moet weten om het Midden-Oosten te begrijpen (2025) – Rudi kent Koert al een tijdje. Waar het zijn analyses van de verdringing van veel islamitisch gedachtengoed betreft, deelt hij die.
Foto Rudi Holzhauer: (Moslim Archief)

The Influence of Averroes on European Thought The Disappearance of Latin Averroism from the History of Philosophy | Koert Debeuf | Bloomsbury Publishing | 26 december 2024 | Hardback | Extent: 208 | Bloomsbury Studies in World Philosophies – De hoop en verwachting van DeBeuf en Holzhauer is een uitgave in Nederland, in een vertaling door Holzhauer. Wellicht bij Boom Filosofie.
Eindredactie: PD (Update juli 2025, oktober 2025: lay-out)

Het Geheelal draait tot in eeuwigheid voort


Astronoom Copernicus

Filosoof Harald Weidmann werkt aan de dialoog tussen filosofie, kunst en wetenschap. In een glashelder betoog over de zoektocht van de mens verhaalt hij over de crisis in het christelijke middeleeuwse wereldbeeld als gevolg van de Copernicaanse revolutie in de 16de eeuw. ‘Een verhaal met een verrassende hoofdrol voor religie en spiritualiteit, en met onmiskenbare parallellen met onze huidige tijd.’

‘Het Geheelal bevestigt de werkelijkheid en beantwoordt feilloos de middeleeuwse vraag waartoe wij op aarde zijn: Waar leven wij voor?’

‘In filosofie en kunst zien we de contouren van een nieuwe wereld ontstaan. Dit is geen geleidelijke ontwikkeling, maar een worsteling waarin de mens op zoekt gaat naar nieuwe fundamenten voor zijn bestaan nu de oude hun geldigheid steeds meer verliezen. Nietzsche heeft deze toestand gemunt met zijn uitspraak over de dood van God.’
(Harald Weidmann)

Het zoekende zelfbewustzijn
W
eidmann vertelt in zijn lezing Modernisme en het nihilisme met prachtige lichtbeelden van bijbehorende kunstwerken, veel meer dan ik hier weergeef. Over hoe kunst het zoekende zelfbewustzijn van de mens weerspiegelt. En Nietzsche: hij laat ‘De dolle mens’ uitroepen dat God dood is: ‘Wij hebben Hem vermoord!’. Het Humanisme tracht een antwoord te geven. Het geloof in grote verhalen verdwijnt…

‘Een zoektocht die de moderne kunst voorgoed veranderde. De indrukwekkende kunst vertelt het verhaal van een wereld die zichzelf opnieuw moest uitvinden. Een verhaal met een verrassende hoofdrol voor religie en spiritualiteit, en met onmiskenbare parallellen met onze huidige tijd.’
(Harald Weidmann)

Middeleeuws wereldbeeld
H
et middeleeuws wereldbeeld kan je niet primitief noemen omdat het gebaseerd is op kennis van geschriften uit de klassieke Oudheid, op de Bijbel en op de eigen waarneming. Het Geheelal biedt houvast: de natuurlijke orde en de maatschappelijke orde verenigd. Een werkelijkheid bevestigd door de dan aanwezige kennis én door kerk en kathedraal.

‘Tijdens de eerste lezing bespreek ik de crisis in het christelijke middeleeuwse wereldbeeld als gevolg van de Copernicaanse revolutie in de 16de eeuw. De gevolgen van het heliocentrisch wereldbeeld en de daarop volgende natuurwetenschappelijke ontdekkingen, leiden in samenhang met de opkomende industrialisatie vanaf de 18de eeuw tot een breuk in de Europese cultuurgeschiedenis.’
(Harald Weidmann)

Copernicaanse wending
A
ls het christelijke wereldbeeld in gruzelementen valt, eerst in de steden en later op het platteland, ondergaan de gelovigen een schokkende zingevingscrisis. Daarvóór ligt alles nog rotsvast door dé kernwaarde van de middeleeuwen: het christendom. Op middeleeuwse kaarten is Jeruzalem het middelpunt van de aarde. Alles gericht op kerk en het hiernamaals. Copernicus is de boosdoener: de aarde is niet het middelpunt, maar de zon.


De Natuurkunde van het Geheelal, ‘Die mane dapper en snel’, 1465-70

Nihilisme
E
r moet een nieuwe basis voor de samenleving komen, maar hoe? De macht van de kerk wankelt en neemt af. Intussen dringt de industrialisatie tot alles door. Waartoe wij op aarde zijn, weet niemand meer. Die vraag wordt opnieuw gesteld: Waar komen we vandaan, waar gaan we heen? Wat is nog echt van waarde? Er is verdriet om het verlies van de schoonheid van de aarde als gemeenschappelijk wereldbeeld. En buiten de aarde is er niets. Nihilisme dreigt.

‘En toch beweegt ze!’
A
stronoom en filosoof Galileo Galilei vindt een halve eeuw later ondersteunend bewijs voor Copernicus’ heliocentrische theorie. De aarde is het onbewogen middelpunt van het universum, zo luidt echter de leer van de Rooms-Katholieke kerk. De Inquisitie veroordeelt Galilei in 1616 voor ketterij en geloofsdwaling. ‘Eppur si muove’, roept hij desalniettemin uit als hij het vonnis hoort: ‘En toch beweegt ze!’ Ontwikkelingen gaan steeds sneller. Ook door Darwins ontdekkingen is God niet langer de ‘Great Creator’.


Wassily KandinskyOlga Frobe-KapteynSybold van Ravesteyn

Fascisme als ‘nieuw ideaal’
Kunst weerspiegelt ook milieuvervuiling en exploitatie van de aarde. Industrialisatie dicteert het werk door machines. Massaproductie vervreemdt arbeiders van hun werk. Zij verliezen hun autonomie aan de lopende band. ‘Versnelling’ is het Leitmotiv. Het wordt hét thema van het Futurisme: beweging. Van de weeromstuit komt het fascisme op, als ‘nieuw ideaal’. Dat leidt tot de Eerste Wereldoorlog.

‘In De tweede lezing richt ik me op een aantal van de kunststromingen die na de Eerste Wereldoorlog en tijdens het Interbellum het licht zien: van constructivisme en suprematisme tot dada en surrealisme. Aan de hand van kunstwerken uit die periode, waaronder een aantal werken uit de expositie, laat ik zien hoe de crisis in de Europese cultuur zich verder verdiept.
(Harald Weidmann)

Modernisme en het nihilisme
D
e eerste lezing was op 12 februari 2025. In Museum Catharijneconvent geeft Weidmann op 6 maart 2025 de tweede lezing, ook los te volgen van de eerste. Afgelopen vrijdag startte de bijbehorende tentoonstelling Tussen Hemel en Aarde: Kunst en religie in het interbellum.

Harald Weidmann
Bron: Lezing ‘Modernisme en het nihilisme’ deel 1 | 12 februari | Harald Weidmann

Tentoonstelling Tussen hemel en oorlog | 21 februari – 15 juni 2025 | Museum Catharijneconvent, Lange Nieuwstraat 38, Utrecht

Beeld: De Astronoom – ‘Copernicus de astronoom in gesprek met God’, schilderij van Jan Matejko (1872) –  (meisterdrucke.nl)
Beeld: Meester van Evert van Zoudenbalch, De Natuurkunde van het Geheelal, ‘Die mane dapper en snel’, 1465-70. Herzog August Bibliothek, Cod. Guelf. 18.2, Aug. 4o. Op de afbeelding: de personificatie van de maan met daarin Vrouwe Fortuna die verblindt door haar haren aan het rad draait. De stand van de maan houdt direct verband met het lot van mens.
Enkele kunstwerken Museum Catharijneconvent:
1. Strahlenlinien – Wassily Kandinsky, 1927. Collectie Museum Boijmans Van Beuningen
2. Portal of Initiation –
Olga Frobe-Kapteyn, 1920 – Eranos Foundation
3. Gestileerde Christusfiguur –
Sybold van Ravesteyn, Bijlage van De Gemeenschap, juli 1925 (collectie Van de Haterd)


Verwacht: Lezing ‘Modernisme en het nihilisme’ deel 2 | 6 maart 2025 14.00 uur – 15.30 uur |  Harald Weidmann | Gratis toegang met entreebewijs Museum Catharijneconvent
Harald Weidmann: reallygreatphilosophy.com ‘where philosophy meets…well, everything and everyone!’ | Harald Weidmann studeerde filosofie en bestuurskunde en werkte in diverse functies. Na een carrièreswitch richt hij zich op zijn passies: filosofie, antropologie en kunst, en geeft lezingen en workshops waarin deze disciplines samenkomen.

Update 27 februari 2025, 17.50 uur: (Astronoom en filosoof Galileo Galilei vindt een halve eeuw later ondersteunend bewijs voor Copernicus’ heliocentrische theorie.)
– Met dank aan Harald Weidmann.

Neurotransmitters als troost of God, misschien

Boekrecensie van: Op een andere planeet kunnen ze me redden, Lieke Marsman. – Een filosofische queeste naar misschien toch, God. Sprankelende essays en bevlogen (dagboek)verslagen. De auteur als zoeklicht, gevoed door latente spirituele gevoelens die sterk opleven bij de dood voor ogen van de ernstig zieke filosoof en Dichter de Vaderlands 2021-2022. ‘En zo sijpelde de filosofie toch ook de behandelkamer in. Want wie bepaalt wat zinloos lijden is, en wat niet?’ (Update jui 2025: Dichter Lieke Marsman ontvangt dit jaar de Constantijn Huygens-prijs voor haar hele oeuvre.)

‘Hoe gehecht je ook bent aan je eigen rationele wereldopvatting en hoezeer je ook een atheïstische opvoeding hebt genoten, onder de hogedrukspuit van een naderende dood houdt je rationaliteit het niet lang uit’
(Lieke Marsman)

God, misschien
M
et God, misschien, direct na Voorwoord, laat Marsman je onmiddellijk uitnodigend in haar wereld toe. Ze wil, na lang getwijfel, ‘inzichtelijk maken welke dagelijkse praktijken er ten grondslag liggen aan de geestelijke veranderingen’ die zij beschrijft. Een sterke ouverture, waardoor je weet dat je het tot en met de finale wil beleven. Filosoof en psycholoog William James treffen we hier al een paar keer aan. James zullen we nog vaker tegenkomen.

‘Enige tijd later lees ik dat William James, grondlegger van het moderne denken over religieuze ervaringen, drie kenmerken van de geloofstoestand onderscheidt: een gevoel van vrede, een gevoel van waarheid, en de wereld die als nieuw schijnt.’
(Lieke Marsman)

‘Ik móét me wel richten tot God, al heb ik op dat moment nog geen idee wat die ‘God’ voor mij inhoudt. Dat besef dat mijn oude ideeën ontoereikend waren was voor mij trouwens wel een openbaring, eentje die gepaard ging met een enorme last die van mijn schouders viel. Die openbaring herhaalt zich sindsdien bijna wekelijks. En iedere keer is het alsof ik iets vrijer kan ademen, of de uitzaaiingen in mijn longen nou groeien of niet.’
(Lieke Marsman)

‘De wereld is alles wat het geval is’
N
atuurlijk niet onverwacht dat denkers langskomen bij de speurtocht van Marsman. De auteur kent er velen. Filosofen geven antwoord of een begin van antwoord. Zoals taalfilosoof Wittgenstein. Met de Tractatus waarin hij zegt: ‘De wereld is alles wat het geval is.’ In Marsmans woorden: ‘Ik ben het geval. Ik besta.’
Verrassend legt zij Wittgenstein naast de roman Wittgensteins minnares van de Amerikaanse schrijver David Markson. Het spreekt haar aan dat Wittgensteins minnares ‘één lange mislukte poging is om het onuitspreekbare uit te spreken’. Marsman leest hierin de gedachten van hoofdpersoon Kate, die op een ‘oude typemachine typt wat er maar in haar opkomt’.

‘In het boek is er niemand die Kate hoort, niemand die haar rooksignalen beantwoordt. Maar buiten het boek zijn wij er, lezers die hoofdpersonen en hun schrijvers laten voortbestaan zolang we kunnen. Ook na hun dood.’
(Lieke Marsman)


Lieke Marsman

‘Waarover men niet kan spreken…’
M
arsman schrijft in het essay Allemaal kevers over deze zin in de Tractatus: ‘Waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen’. Dat is juist wat Marsman niet doet en niet wil. De essentie van haar boek! Zij schreeuwt het uit. En dat helpt.

‘Voor mij onderstreept het juist de essentie van Wittgensteins minnares, een die het best denkbare antwoord op Wittgenstein vormt. We kunnen soms helemaal niet zwijgen over de dingen waarover we niet kunnen spreken! Er zijn trauma’s die zo groot zijn dat niets ze recht doet en toch hebben we de taal nodig om in ieder geval een poging te doen, een allereerste schreeuw.’
(Lieke Marsman)

‘Maar voor mij was het alles’
E
en boek dat je niet kan wegleggen, een magneet. Eerlijk, open en mooi van taal. De auteur praat tegen zichzelf en de lezer zal luisteren. Marsman typt, net als Kate, eveneens wat er maar in haar opkomt. Intuïtief, recht uit haar angstig hart. Zij denkt mee met andere filosofen die haar van alles te zeggen hebben en denkt erover door. Steeds vanuit haar spirituele gevoel, over leven nu en (na) de dood.

‘Krijgen we onder grote druk als het ware een zintuig bij dat een werkelijk bestaande bovennatuurlijke wereld kan waarnemen – of zorgt zulk verdriet alleen voor wat extra neurotransmitters die ons als troost een beetje voor de gek houden? Eén ding is zeker: het verlangen naar bovennatuurlijke krachten op zulke momenten is echt.’
(Lieke Marsman)

‘Mijn eigen ervaring in de Veluwse bossen is, als ik die zo teruglees, niet heel indrukwekkend. Je liep door de modder, en toen had je het gevoel dat God bij je was? That’s it? Maar voor mij was het alles.’
(Lieke Marsman)

‘Misschien is God daar?’
I
n een ander essay, Een tweede bekering, vertelt Marsman dat de ruimte haar altijd mateloos heeft gefascineerd. Misschien is God daar? Een van haar lievelingsfilms is Stanley Kubricks 2001: A Space Odyssey. Ze vertelt over haar fascinatie voor ufo’s. Onderstaand beeld is een van haar favorieten. Met (vertaald) nieuwspamflet dat onder meer stelt: ‘Wat deze tekenen betekenen, dat weet alleen God.’

Een van Marsmans favoriete ufo’s: Hemels fenomeen boven Neurenberg, 14 april 1561

Westerse wetenschap
‘I
n het kielzog van de ufo’s’ vlogen paranormale zaken haar leven binnen. Zoals uittredingservaringen, bijna-doodervaringen, universeel bewustzijn. En ook wetenschappers die opeens iets meemaken waardoor uitgangspunten van de westerse wetenschap volledig op losse schroeven komen te staan. ‘Het idee van een universeel bewustzijn klinkt aanlokkelijk.’ Er zijn momenten dat zij erin gelooft.

‘Het strookt met het beeld dat ik van God heb, een aanwezige afwezigheid die altijd en overal is en alles mogelijk maakt, maar eenieder wel zijn eigen wil gunt. Op andere momenten zit ik hier met mijn lichaam dat overduidelijk een hoopje falende materie is, geen God te bekennen, en kan ik er helemaal niets mee.
Mijn geloof is als een foton dat tegelijk golf en deeltje is, maar waarvan je altijd maar een van de twee toestanden kunt waarnemen. (…) Wat vaststaat is dat ik het heerlijk vind om in ieder geval tussen de verschillende opties te kunnen schakelen. Ik ben liever geen laser maar een zoeklicht.’
(Lieke Marsman)

Op een andere planeet kunnen ze me redden | Lieke Marsman | dagboek/essays | Uitgeverij Pluim | 4 februari 2025 | 252 pagina’s | € 24,99 | E-book € 14,99

Beeld: Detail cover Op een andere planeet kunnen ze me redden
Foto Lieke Marsman: Zomergasten VPRO 2022
Beeld Hemels fenomeen boven Neurenberg, 14 april 1561: The Public Domain Review

Bas Heijne: ‘Camus zocht de zin van het leven in de mens’

Van de Franse filosoof Albert Camus vind je zijn hele wereldbeeld terug in Een hogere liefde (2024). Bas Heijne licht dit toe in het inleidend essay over Camus’ Brieven aan een Duitse vriend, de oorspronkelijke titel. Zó gloedvol dat je dat boek per se wil lezen. – Camus schrijft over een ‘hogere liefde’ en legt aan zijn Duitse vriend uit (die hem verwijt niet van zijn land te houden) ‘dat hij wel degelijk van zijn land houdt, maar dat zijn liefde niet los kan bestaan van ‘kritische liefde’ op wat er niet goed is en ook niet los van het streven naar een rechtvaardige samenleving’. Heijne noemt het conflict dat Camus (1913-1960) beschrijft ‘schrijnend actueel’.

‘Camus zegt: ‘Mijn opdracht is hoe je zin in het leven kunt ontdekken zonder dat je in het bestaan van God of in de almacht van de rede gelooft.’
(Bas Heijne)

Zonder God?
O
ok in De Ongelooflijke Podcast van 24 november 2024 vertelt Heijne genuanceerd én vol passie over Camus. ‘Camus zocht de zin van het leven in de mens.’

Bas Heijne heeft als missie om grote denkers uit het verleden onder de aandacht te brengen, waaronder de Franse filosoof Albert Camus. Zijn werk is volgens Heijne urgent voor deze tijd. Camus dacht na over hoe je betekenis aan het leven kunt geven zonder God en religie. Hij zag mensen de leegte opvullen met nationalisme of zelfs nazisme, maar zelf vulde hij het met een geloof in de mens: humanisme. Maar kan dat wel zonder God?’
(De Ongelooflijke Podcast #221)

Balans en zuiverheid
I
n zijn romans, essays en krantenartikelen keerde Camus, vertelt Heijne in zijn essay, anders dan zo veel van zijn tijdgenoten, zich tegen het verlangen naar absolute ideologische waarheden. Camus was ‘een rusteloze ziel op zoek naar balans en zuiverheid.’

Bij hem geen sprake van blinde partijdigheid. Het slechte was nooit helemaal slecht, benadrukte hij, het goede nooit helemaal goed. Mensen waren kwetsbare wezens – en dat betekende dat je ze moest helpen waar je kon’.
(Uit: Een hogere liefde)


Bas Heijne

‘Denken vanuit eigen ervaring’
H
eijne maakt in zijn uitgebreide essay – en hierover vertelt hij eveneens in De Ongelooflijke Podcast – duidelijk dat Camus een twijfelaar was, voortdurend nadacht over zijn eigen denken. Als een echte filosoof – ook al ‘ontkende hij filosoof te zijn: hij dacht vanuit zijn eigen ervaring’ – brak Camus bijvoorbeeld in zijn lange, filosofische essay L’homme révolté (1951) zich het hoofd over de vraag ‘waarom de totale vrijheid altijd weer in massale slachtpartijen eindigt’.

Radicale intellectuelen
Dat was tegen het zere been van radicale intellectuelen. Opstandigheid met mate! brieste de surrealist André Breton naar aanleiding van dat boek. Wanneer je de hartstocht uit de opstand haalt, schreef hij honend in een kritiek, wat blijft er dan over?’
(Uit: Een hogere liefde)

Brieven aan een Duitse vriend is een geloofsbelijdenis met het mes op de keel’
(Bas Heijne, in deel 4 van zijn essay)

Hogere liefde essentieel
Voor Camus is zij [de hogere liefde] essentieel. En waard om voor te vechten wanneer dat noodzakelijk wordt. (…) De agressieve vaderlandsliefde van de vriend is uiteindelijk niets anders dan haat en frustratie – er moet een gapende leegte in hemzelf opgevuld worden. En dat kan alleen door middel van overheersing en vernietiging.
(Uit: Een hogere liefde)

Augustinus en Plotinus
C
amus studeerde af op Augustinus, vertelt Heijne in de podcast. ‘Hij is voortdurend aan het dubben of het wel goed is wat hij doet; hij worstelt ook, zou je kunnen zeggen, met de dood van God.’ – Civis Mundi schrijft hierover: ‘Vooral het werk van Plotinus vormt een onderliggende visie bij Camus. Augustinus heeft raakpunten met het werk van Camus’.

De doctoraalscriptie had als titel Christian Metaphysics and Neoplatonism: Plotinus and St Augustine, het derde en vierde hoofdstuk van het eerste filosofische werk van Camus over Plotinus en Augustinus, dat zelden de aandacht krijgt, hoewel het een ander licht werpt op zijn werk, een christelijk en gnostisch licht gevolgd door een neoplatonistische verheldering.’
(Uit: Civis Mundi – Leven en werk van Albert Camus, deel 7: Plotinos en Augustinus)

St. Augustinus Plotinus

P.C.Hooftprijs
Een heerlijk (ruim) uurtje beschouwen met Bas Heijne. Hij is schrijver en essayist voor NRC, winnaar van de prestigieuze P.C. Hooftprijs [2017] en al voor de derde keer te gast bij De Ongelooflijke.
Bas Heijne staat bekend om zijn scherpe analyses van de samenleving en politiek, hoewel hij zich de eerste 40 jaar van zijn leven nauwelijks met politiek bemoeide. Wat is er gebeurd dat hij toch besloot dit te doen? Heijne ziet de maatschappij veranderen; welke culturele en levensbeschouwelijke ontwikkelingen gaan daarachter schuil?’
(De Ongelooflijke Podcast #221, 24 november 2024)

Humanisme
N
et als in Camus’ eigen tijd wordt zijn humanisme vaak als een zwaktebod gezien, even onmachtig als sentimenteel, als onvermogen om klinkklaar stelling te nemen, zijn stem als de veel te zachte stem van het verketterde ‘redelijke midden’.’

Wie dat denkt, heeft Camus niet begrepen. De debatten rondom bootvluchtelingen, de nietsontziende Russische agressie jegens het Westen, de invasie van Oekraïne, de terreuraanval van Hamas en de Israëlische vernietiging van Gaza laten ons vooral zien hoe gemakkelijk het weer is geworden om mensen te ontmenselijken, waardoor hun lijden en dood geen sporen nalaten in ons geweten. Waar gehakt wordt vallen spaanders, om een omelet te maken moet je eieren breken, stelling nemen verdraagt geen kanttekeningen of harde kritiek op het eigen kamp.’
(Uit: Een hogere liefde)

Een Hogere liefde | door Albert Camus | Inleidend essay: Bas Heijne | derde druk september 2024 | Prometheus | Amsterdam | € 12,50 | E-book € 9,99
Camus’ brieven zijn een vlammende verdediging van zijn persoonlijke liefde voor zijn land en de Europese beschaving, die juist vraagt om debat en kritiek en vasthoudt aan het streven naar rechtvaardigheid.
In een tijd waarin het agressieve nationalisme weer hoogtij viert, hebben de lucide woorden van Camus het effect van een mokerslag. Bas Heijne schreef een inleiding, waarin hij deze noodzakelijke tekst onontkoombaar in ons heden plaatst.’

Oorspronkelijke titel
Lettres à un ami allemand | Albert Camus | copyright © Éditions Gallimard | 1945 | renouvelé en 1972 | all rights reserved | © 2024 Nederlandse vertaling Brieven aan een Duitse vriend | Jozef Waanders | © 2024 essay: Bas Heijne | ‘Lorsque l’auteur de ces lettres dit “vous”, il ne veut pas dire “vous autres Allemands”, mais “vous autres nazis”. Quand il dit “nous”, cela ne signifie pas toujours “nous autres Français” mais “nous autres Européens libres”.

Beeld: Maartje de Sonnaville (Filosofie Magazine)
Foto Bas Heijne: NRC
Beeld Augustinus in examen: Sandro Botticelli
Beeld Plotinus: Licentia Poetica

Godsverduistering in gesprekken tussen gelovigen en ongelovigen

Theoloog en filosoof Rik Peels hoopt dat de tijd nu rijp is voor verdieping en dat er ‘gesprekken ontstaan die mensen daadwerkelijk iets brengen’. Hij wil bezielende gesprekken over ‘levensoriëntatie, of die nou religieus of seculier is’. Misschien zoiets als atheïst en filosoof Stine Jensen voorstaat: ‘Cultuuratheïsme, waar atheïstisch culturele bronnen als film of literatuur voor troost en zingeving kunnen zorgen.’ – Schijntroost. ‘De werkelijkheid van God verdwijnt,’ zegt godsdienstfilosoof Martin Buber.

‘Ik zal als gelovige beargumenteren dat we veel van atheïsten kunnen leren’
(Rik Peels)

Atheïsme
Het ‘belang van atheïsme’ stond 25 november 2024 centraal in deBalie in Amsterdam. Peels (met microfoon) vond het ‘eigenlijk fantastisch wat hier gebeurt’ in de bijeenkomst waar het essay Goddeloos van filosoof en atheïst Stine Jensen het licht zag.

Leven zonder God
Opvallend is dat in Leven zonder God (mei 2024) en Goddeloos (oktober 2024) elkaar overlappende, aanvullende teksten en verwijzingen zijn te vinden. Beide zitten vol atheïsme. In zijn Leven zonder God vraagt Peels zich af of er – los van de vraag of de atheïstische argumenten het bestaan van God weerleggen – misschien iets te leren valt van atheïsme.
De samenvatting ervan zegt onder meer: ‘Met deze rijke verkenning van doelbewust leven zonder God transformeert Rik Peels [hoogleraar Analytische en Interdisciplinaire Godsdienstfilosofie] het debat tussen atheïsten en gelovigen tot een streven naar een dieper begrip van elkaar’. Van elkaar? Mooi, en van God?

Eenzaamheid en ontheemding
‘Ook zien jongere generaties de seculiere samenleving steeds meer als leeg en verweesd, zonder een dieper, verbindend verhaal. Een maatschappij in crisis. Terwijl religies draaien om traditie, verworteling en gemeenschap, worden veel jongeren in deze tijd geplaagd door eenzaamheid en ontheemding.’
(Peels in: Leven zonder God)


‘De seculieren zijn in de meerderheid: je kunt tegenwoordig in Nederland prima opgroeien
zonder ooit een wat langer en diepgaander gesprek met een gelovige te hebben.’
(Rik Peels in Leven zonder God)

Religie
Jongere generaties weten vaak nagenoeg niets van religie, zegt Peels in Leven zonder God.

‘Zelfs niet de basics als: waar staat het woord ‘Tenach’ voor, wie schreven het Nieuwe Testament of hoe is de Koran volgens de overlevering ontstaan? In zo’n situatie zijn religieuze mensen interessant: groepjes in de marge die wellicht iets te melden hebben, iets waarvan we kunnen leren en wat ons kan inspireren.’
(Peels in: Leven zonder God)

Geloof
Peels heeft het met de basics over religiewetenschap of religiecultuur. Interessant misschien, maar dat is kennis, ratio. Dan gaat het niet over de relatie tot God, laat staan over een persoonlijke God. De sprong in het geloof,* (waarbij men de rede achter zich laat en zich overgeeft aan het idee God), krijgt geen kans als je interessant met elkaar discussieert over wie, wat, waar en wanneer schreef.

* Een term van ‘antifilosoof’ Søren Kierkegaard: de sprong in het geloof, vanuit het zekere spring je naar het geloof. Door die sprong ga je de wereld echter anders zien, een dieper begrip ontvang je en ook een diepere waarheid die eeuwig is en niet doorontwikkeld hoeft te worden.’ 

‘Verdachtmaking en ontmenselijking’
In de Bijbel ontwaart Peels een ‘soort verdachtmaking en ontmenselijking’ waar hij zich ‘volstrekt niet prettig bij voelt’. Hij doelt op passages die zeggen dat ‘wie oprecht zoekt Hem daadwerkelijk zal vinden’. Nogal heftige woorden gebruikt Peels in Leven zonder God, een ontdekkingsreis naar de kern van het atheïsme. Hem echt vinden, vraagt nogal wat van jezelf. Sommige diehard kloosterlingen hebben Hem zelfs (nog) niet gevonden.

Dat alle atheïsten onoprecht zouden zijn, lijkt me niet geloofwaardig – in elk geval is dat een soort verdachtmaking en ontmenselijking waar ik me volstrekt niet prettig bij voel. Hoe komt het dan dat sommige atheïsten God niet vinden, hoewel ze in alle eerlijkheid naar Hem zoeken? Om een bevredigende oplossing voor dit uitdagende probleem te vinden, moeten we atheïsme eerst beter begrijpen.
(Rik Peels in: Leven zonder God)

 
‘Ik werd overvallen door een diep innerlijk weten dat er geen God is, en dat dit klopte.’
(Stine Jensen, in NRC)

Het recht om niet te geloven
Natuurlijk is het niks om ‘alleen maar te steggelen over het bestaan van God’, zoals Jensen het formuleert. – Steggelen om ongeloof is ook niet ‘gezellig en boeiend’. Jensen strijdt voor het recht om niet te geloven. Wil de hoogleraar Publieksfilosofie met ‘baldadig teder atheïsme’ de strijd aangaan met de dertien landen waar op niet-geloven de doodstraf staat? Gaat zij daar het recht om niet te geloven beschermen? Goddeloos zijn in Nederland is eenvoudig, in de Verenigde Arabische Emiraten zie ik haar nog niet op de barricaden staan. Atheïst zijn in deBalie kan vrijblijvend.

Gebrek aan levenskracht
De Oostenrijks-Israëlisch-joodse godsdienstfilosoof en Bijbelgeleerde Martin Buber (1878-1965) zou nu zeggen dat de god van de filosofen Peels en Jensen ‘alleen voor de rede toegankelijk is en door gebrek aan levenskracht alleen een bedenkelijk moreel surrogaat biedt voor de levende God’.

‘Uiteindelijk leidt de zo gevormde moderne ervaring tot de conclusie dat god dood is. Deze uitspraak van de wijsgeer Nietzsche staat niet op zichzelf, want Nietzsche ziet de afwezigheid van God als een gemis en zijn dood als een moord.’
(Martin Buber)

Godsverduistering
In Godsverduistering stelt Buber dat de afwezigheid van de ontmoeting met God en tussen de mensen onderling het gevolg is van het verlies van de werkelijkheid van God. God is een abstract idee of een ongrijpbaar iets geworden. – En dat is precies wat dreigt in de ‘bezielende gesprekken’ van Peels die wil streven naar een ‘dieper begrip voor elkaar’. Die bezieling zal van korte duur zijn. Eenzaamheid en ontheemding heeft meer nodig dan begrip. Volgens Buber blijft de mens dan toch ‘eenzaam achter met zijn gedachtespinsels’. Peels hoopt intussen dat het ‘atheïsme meer smoel krijgt’.


‘De verduistering van het Godslicht is geen uitdoven,
morgen reeds kan wat tussenbeide trad geweken zijn.’
(Martin Buber – hoopvol – in Godsverduistering)

Martin Buber
In Godsverduistering gaat Buber in op het werk van Nietzsche, Bergson, Heidegger, Sartre en Jung, die in hun filosofie gestalte gaven aan het door hem als Godsverduistering gekenmerkte karakter van de tijd waarin hij leefde (1878-1965).

Vooral is hierbij zijn aandacht en kritiek gericht op de tendens in hun werk om het goddelijke binnen het menselijke te trekken; allengs wordt ons zo uiteengezet hoever het moderne denken in zijn aanmatiging de religieuze werkelijkheid te kunnen beoordelen, de legitieme grenzen heeft overschreden.’
(Cover Godsverduistering, Collectie Labyrint, 1979)

Beeld: Naast de presentator (l.) zitten Rik Peels, Femke Lakerveld en Pooyan Tamini Arab. Deelnemers aan het gesprek in deBalie. (Foto: Ronald Bakker / RD)
Update 10 07 2025 / november 2025

Atheïsme is dood. Leuker kan ik het niet maken

Filosoof Stine Jensen, ‘spiritueel atheïst’, wordt gehinderd ‘door religieuze uitingen die haar niet aanstaan’. Ze noemt zich natuurlijk niet ‘religieus atheïst’ want daarin klinkt te veel God door. ‘Spiritueel’ klinkt veiliger. Dan blijft God gewoon dood (want ‘leuker kan ik het niet maken’, klinkt haar strijdkreet) en geeft zij toch blijk een ziel te hebben, althans minstens een geest. En daarmee schrijft zij Goddeloos. Met als openingsvraag van Coen Simon en Frank Meester of Stine De vrolijke wetenschap wil lezen: ‘Nietzsche verklaarde God simpelweg dood’, stellen zij. – Maar dat is juist wat Nietzsche niet deed en zeker niet simpelweg.

‘Ik werd overvallen door een diep innerlijk weten dat er geen God is, en dat dit klopte’
(Stine Jensen in haar column in NRC: ‘De atheïst lijkt meer op de gelovige dan hij wil toegeven’)*

De boodschap van Nietzsche
I
n De vrolijke wetenschap (1882) laat Nietzsche (1844-1900) de dolle mens, wanhopig en overstuur, uitroepen dat de mens God heeft gedood. Nietzsche zelf verklaart God niet dood. Hij geeft wel de boodschap door dat de mens God heeft vermoord. En dat dit consequenties heeft. Wat gebeurt er als we Hem laten vallen? Waar kunnen we ons wereldbeeld, onze waarheid, dan nog op funderen?

‘Wie wist dit bloed van ons af?
God is dood! God blijft dood! En wij hebben hem gedood! Hoe zullen wij ons troosten, wij moordenaars? Het heiligste en machtigste dat de wereld tot dusver bezeten heeft, is onder onze messen verbloed – wie wist dit bloed van ons af? Met welk water kunnen wij ons reinigen? Welke zoenoffers, welke heilige spelen zullen wij moeten bedenken? Is niet de grootte van deze daad te groot voor ons? Moeten wij niet zelf goden worden om haar waardig te schijnen? Nooit was er een grotere daad – en wie er ook na ons geboren wordt, omwille van deze daad behoort hij tot een hogere geschiedenis dan alle geschiedenis tot dusver geweest is!’
(De dolle mens in De vrolijke wetenschap, Nietzsche – Vertaling:  Pé Hawinkels)

‘Genieten in dit ene leven’
S
tine Jensen, hoogleraar publieksfilosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, identificeert zich na een lange zoektocht als ‘baldadige, tedere, open, spirituele atheïst’. Met haar spirituele ‘reis van hoofd naar hart’ duikt zij in de oosterse filosofie, zingt mantra’s, mediteert en ontpopt zich als yogi. Dit noemt zij ‘niet-religieuze praxis’. En atheïsme vindt zij een ‘zingevingstraditie’. Die zingeving stopt in haar visie wel bij de dood: God is immers dood. Genieten kan slechts in ‘dit ene leven’, zoals zij hopeloos schrijft in Goddeloos.

‘Dit ongelooflijke gebeuren is nog onderweg’
Ik kom te vroeg,’ zei hij [de dolle mens] toen, ‘het is mijn tijd nog niet. Dit ongelooflijke gebeuren is nog onderweg. Het maakt een omweg – het is nog niet tot de oren der mensen doorgedrongen. Bliksem en donder hebben tijd nodig, het licht der gesternten heeft tijd nodig, daden hebben tijd nodig, ook nadat ze gedaan zijn, om gezien en gehoord te worden!’
(Nietzsche in: De dolle mens) 

Achterhaalde godsideeën
In Goddeloos – waarom we atheïsme nodig hebben, zet Jensen zich in haar ‘biografische oefening’ af tegen een god die al jaren dood is, op basis van achterhaalde godsideeën van uitgesproken atheïsten als Richard Dawkins, Christopher Hitchens, Daniel Dennett en Sam Harris. Zij wordt nu nog vrolijk van het al in 2012 door filosoof Emanuel Rutten weerlegde ‘vliegende theepot’-argument van Bertrand Russell. In haar ervaringen komt Jensen God veelal tegen als ‘dogmatisch’, maar tegen zo’n god zetten zich inmiddels veel gelovigen zich ook af: ‘Geen godsdienst, wel God’.

Four Horsemen
De Ongelooflijke Podcast (#98) tussen Jensen en Rutten is boeiend, maar haar ‘tegenargumenten’ getuigen er daarin ook duidelijk van dat zij nauwelijks verder kan of wil denken dan de ‘Four Horsemen’. Zij heeft echt geen idee wat of wie God zou kunnen zijn. Die bestaat immers niet. In Goddeloos refereert zij aan twee podcasts, maar niet aan die met filosoof en wiskundige Emanuel Rutten.

De vraag naar het bestaan van God
Stine gelooft niet in God want waarom houdt hij of zij zich dan zo verborgen? Emanuel ziet wél duidelijke aanwijzingen voor Gods bestaan. De vraag naar het bestaan van God is geen abstracte filosofische vraag’, zegt Stine, het kan volgens haar zelfs een kwestie zijn van leven en dood. Een belangrijke vraag dus om nog eens bij stil te staan. In Tivoli Vredenburg sprak David Boogerd met filosofen Stine Jensen en Emanuel Rutten over God, ‘finetuning’, het lijden in de wereld en heel veel meer.’
(De Ongelooflijke Podcast #98, 29 juni 2022) 

Innerlijk weten
In Goddeloos brengt Jensen de veelzijdigheid van ‘soorten atheïsten’ uitgebreid in kaart. Dat vult veelal haar boek van 96 bladzijden. Nogal eenzijdig. De reden hiervoor ligt bij het feit dat zij diep ‘innerlijk weet’ dat er geen God is. Met dit dogma heeft zij God simpelweg doodverklaard. Geen enkele belangstelling voor de veelzijdigheid van ‘soorten goden’. Haar wereld zou misschien open kunnen gaan als zij ook dat ‘innerlijk weten’ eerst eens diep in kaart brengt.

Voor echt innerlijk weten gunt Jensen zich echter weinig tijd, zó laat zij zich meesleuren in de wervelwind van de samenleving waarin zij haar atheïstische levensbeschouwing moet onderhouden.

Als ik niks doe, glijd ik af naar apatheïsme, onverschilligheid. De moderne samenleving is gericht op productiviteit, consumentisme, snelle meningen, prikkels en competitie, voor zingeving, reflectie en spiritualiteit moet ik ruimte maken.’
(Jensen in Goddeloos)

* Update 09 07 2025 17.16 uur: Correctie van Jensens uitspraak; die staat inderdaad niet in Goddeloos, maar in haar eigen column in NRC. (Ik heb zo veel gelezen over en van Stine Jensen, dat ik het citaat foutief vermeldde als afkomstig in Goddeloos.) Excuus!

Bronnen o.a.:
Goddeloos
, Stine Jensen, Prometheus, 96 pag., oktober 2024.
Beeld: landelijk expertisecentrum sterven
Foto Heaven – Atheism: Tassos Lycurgo (Instagram)(Stephen Hawking (1942 – 2018) was een Brits natuurkundige, kosmoloog en wiskundige; John Lennox (1943) is een Brits natuurkundige en een autoriteit op het gebied van de relatie tussen geloof en wetenschap)
Gerelateerd: ‘Nietzsche verwoestte het atheïsme’, februari 2024

► Tip: De Ongelooflijke podcast #182: Over anti-religieuze millennials en antisemitisme, met Kitty Herweijer en Stefan Paas, februari 2024
Zonder God gaat het niet is de titel van een essay dat Kitty schreef in het jaar dat deze podcast begon: 2019. Zij beschrijft treffend de onverschilligheid van veel millennials ten opzichte van traditionele religie, een onverschilligheid die ze zelf ook had. Kitty is zó niet-gelovig opgevoed dat ze haar hele jeugd niet in contact is gekomen met een religieus iemand. Maar dat is nu nogal anders.
(Kitty Herweijer studeerde politicologie en Midden-Oostenstudies. David Boogerd spreekt haar samen met vaste gast, theoloog Stefan Paas, professor aan de VU in Amsterdam en de Theologische Universiteit Utrecht.)

‘Philosofische bedenkingen over de conjunctie van de planeten’

Een bijzondere samenstand van planeten voorspelde op 8 mei 1774 – volgens predikant Eelco Alta – het ‘einde der tijden’: enkele planeten aan de hemel zouden dan dicht bij elkaar staan. ‘Verlichtingsdenker’ Eise Eisinga (1744-1828), destijds amateur-astronoom in Franeker, bouwde daarom – dit jaar 250 jaar geleden – een bewegend model van het zonnestelsel om te laten zien hoe het werkelijk zit. In het plafond van zijn woonkamer.

Het ‘einde der tijden’ bestreden met kosmische kennis

Sinds 2023 staat het Koninklijk Eise Eisinga Planetarium op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Dankzij Eise Eisinga, ‘wolkammer’ en amateur-astronoom in Franeker. Het begon allemaal in 1774 door een advertentie in de Leeuwarder Courant waarin een anoniem pamflet werd aangeprezen met de titel Philosophische bedenkingen over de conjunctie van de planeten. De advertentie benadrukte het komende ‘einde van de tijden’.


Leeuwarder Courant 1774 – Conjunctie der vyf Planeeten (detail)

De hoogbegaafde Eisinga kreeg het in zeven jaar voor elkaar om in één oogopslag te laten zien waarom een samenstand van planeten op schijn berust: vanaf de aarde gezien, lijkt het alsof de planeten op een kluitje staan, maar in werkelijkheid staan Mercurius, Venus, Mars, Jupiter en de maan verre van dicht bij elkaar.


De leergierige en hoogbegaafde Eise Eisinga op 15-jarige leeftijd (1744-1828)

 Al maanden gebruikt Eise nu ieder vrij moment om de plannen voor zijn planetarium uit te werken. Eerst dacht Pietje [zijn vrouw] dat haar man een bescheiden tafelmodel wilde maken. Maar al snel was Eise begonnen over een voortdurend bewegend systeem, aangedreven door een staartklok.

Ook toen had Pietje nog niet echt begrepen wat haar boven het hoofd hing. Ze had Eise gevraagd hoe dat dan zou moeten als de kinderen groter werden. Zelf kon ze dat kwetsbare apparaat immers niet de hele tijd in de gaten gaan houden. Maar tot haar schrik had Eise haar geruststellend aangekeken en gezegd: ‘Dat hoeft ook niet. Ik bouw alles in het plafond!’
(Uit: Planeten aan het plafond, Academie van Franeker)


Portret van Eise Eisinga uit 1827, geschilderd door Willem Bartel van der Kooi

Het planetarium lijkt klein van de buitenkant, maar binnen blijf je je verbazen over de talrijke kamertjes en kamers, links, rechts, boven, beneden, die je met veel trapjes kunt bereiken. Een aantrekkelijk doolhof waarin je veel zicht krijgt op het technisch vernuft van Eisinga om het zonnestelsel in zijn woonkamer perfect te kunnen laten draaien. Hij maakte ook een compleet handboek met een nauwkeurige beschrijving: nog altijd kan daardoor het planetarium functioneren.

Vol ongeloof had Pietje uitgeroepen: ‘… Een hele sterrenhemel!? Hier in míjn kamer?’ En opnieuw had Eise haar doodkalm en in volle ernst geantwoord: ‘Nee hoor. Wees maar gerust. Alleen ons zonnestelsel maar. En een paar klokken …’.

Inmiddels heeft Eise al zijn spullen van tafel gehaald. Hij bergt de papieren op in de voorkamer. Ondertussen zet Pietje dochter Trijntje in de kinderstoel. Het eten staat op tafel en ze kijkt de kamer rond. Binnenkort is haar man klaar met zijn berekeningen. Hoe lang zal het nog duren voor hij de zaag in het plafond zet?’
(Uit: Planeten aan het plafond, Academie van Franeker)


Tarantula Nebula NGC 2070

Bronnen:
* Koninklijk Eise Eisinga Planetarium Franeker, Eise Eisingastraat 3, Franeker.
* Koninklijk Eise Eisinga Planetarium Franeker: ‘Planeten aan het plafond laat niet alleen zien hoe Eisinga’s meesterwerk in elkaar steekt, maar geeft tevens een indruk van de tijd waarin Eisinga leefde. Het boek is fraai geïllustreerd en voorzien van twee uitklapkaarten met toelichting op de werking van het planetarium en het raderwerk’.

Beeld: Het plafond van de woonkamer van Eise Eisinga in het planetarium – PD
Beeld Conjunctie der vyf Planeeten: 1774 Leeuwarder Courant
Beeld Eise Eisinga 15 jaar: Academie van Franeker
Portret van Eise Eisinga uit 1827, – geschilderd door Willem Bartel van der Kooi (Omropfryslan.nl)
Beeld Tarantula Nebula NGC 2070: James Webb Space Telescope (Eise Eisinga Planetarium) – PD

NPO2 – Documentaire Sterrennacht: Het Eise Eisinga Planetarium in Franeker is sinds 2023 UNESCO werelderfgoed. Maar hoe gaat het met het hemelse erfgoed zelf? Zien wij nog wel dezelfde sterrennacht als Eisinga in zijn tijd? ( 11 mei 2024)
NTR – Het Klokhuis: Eise Eisinga
Het Planetarium is verkozen tot Kidsproof museum.
Doeboek voor kinderen (8-12 jaar)‘Kinderen stappen de Planetariumkamer binnen en je ziet, net als bij volwassenen, de monden opengaan van verwondering. Na zo’n bezoek willen ze natuurlijk een herinnering mee naar huis. Daarom is er nu een Planetarium-doeboek, boordevol puzzels, weetjes en meer over de bouwer van het oudste nog werkende planetarium ter wereld’.