‘Spiritualiteit taboe in academische kringen’

heavensgates-229

Volgens prof. Hans Gerding gaat het bij spiritualiteit en mystiek in de eerste plaats om ervaringen en die ervaringen maken deel uit van een heel spectrum van verschillende soorten buitengewone ervaringen. En die kunnen meer zijn dan wanen, verkeerd geïnterpreteerde zintuiglijke indrukken of hersenprocessen. Gerding spreekt vrijdag 9 december 2016 op de Universiteit Leiden over empirische metafysica, tijdens een symposium ter gelegenheid van 15 jaar Filosofie & Spiritualiteit.

Wie grensoverschrijdende ervaringen opvat als empirische metafysica, verplicht zich aannemelijk te maken dat die ervaringen (soms) meer kunnen zijn dan wanen, verkeerd geïnterpreteerde zintuiglijke indrukken of (zieke) hersenprocessen. Als vervolgens empirische metafysica verbonden kan worden met zingeving, kan de filosofie daar verdieping zoeken en zal de psychologie de implicaties ervan moeten nagaan in onderzoek, theorievorming en therapie.’ (Universiteit Leiden)

Gerding stelt – in zijn rede Filosofische bespiegelingen rond spiritualiteit – dat wie op zoek gaat naar beschouwingen over dit onderwerp rijkelijk beloond wordt. Hij komt dan onder meer uit bij Plato over een bijna-doodervaring; visioenen van Plotinus; Immanuel Kant over de buitengewone ervaringen van mysticus Swedenborg. Maar ook bij Schopenhauer en zijn empirisch bewijs voor zijn metafysica; de mystiek van Henri Bergson, en bij grensoverschrijdende buitengewone ervaringen die voor Otto Duintjer onderwerp zijn van diepgaande filosofische reflectie.

Mensen rapporteren ervaringen waarin heel verschillende grenzen overschreden worden. Het kan bijvoorbeeld gaan om de grens van leven en dood, de grenzen van ruimte en tijd, of om grenzen rond het vertrouwde besef van identiteit. In deze grensoverschrijdingen, waarvoor ik ook het woord ‘transcendentie’ gebruik, zijn aspecten van spiritualiteit of mystieke verbinding te ontdekken.’ (Gerding)

Prof. dr. Hans Gerding, die in 2013 afscheid nam als bijzonder hoogleraar Metafysica in de Geest van de Theosofie aan de Universiteit Leiden, stelt dat al die buitengewone ervaringen voor filosofen niet zomaar een interessant gegeven zijn om hun denken aan te scherpen, maar dat in deze ervaringen inzichten naar voren kunnen komen die door denken alleen niet kunnen worden bereikt. Hij verwijst naar Schopenhauer, die dit zegt:

‘…die intrede in het rijk van de vrijheid (kan) niet bewust worden afgedwongen; zij komt (…) plotseling, als van buitenaf, aanwaaien. … Als gevolg van die genadestaat ondergaat het hele wezen van de mens een fundamentele verandering en ommekeer: hij wil niets meer van al datgene wat hij tot dusverre zo fel begeerde, en een nieuw mens neemt als het ware de plaats in van de oude … in plaats van het rusteloze dringen en drijven … zien we dan die vrede verschijnen die verhevener is dan alle rede, die volslagen luwte van het gemoed, die diepe rust, dat onwankelbare vertrouwen en die intense blijmoedigheid…’ (Schopenhauer)

Gerding stelt dat wat Schopenhauer hier schrijft, duidelijk niet bedacht is, maar beleefd. Hij heeft die ‘…verheven vrede, vrijheid, en luwte van het gemoed…’ ervaren en heeft geprobeerd om die ervaring achteraf in woorden filosofisch te duiden.

1152721905-arthur-schopenhauer-quote-everyone-takes-the-limits-of-his-own-vision

Mystici rapporteren, zo zegt Geldring, een onbelemmerd contact met ‘heel het zijn’, en ervaren dit als ‘genade’ en ‘bevrijding’ van begrensdheid. Grensoverschrijdende ervaringen worden volgens Gerdien in de samenleving massaal gerapporteerd, en zijn alleen maar uitzonderlijk tegen de achtergrond van een ‘denkklimaat’ dat niet in staat is recht te doen aan het grensoverschrijdende karakter van deze ervaringen.

In de mystieke beleving, zo leren we van de fenomenologie van deze ervaringen, treden er processen en functies van ons systeem in werking die buiten onze rationele controle liggen. Overgave en meegeven aan wat zich voltrekt is wat er dan van je gevraagd wordt.’ (G)

Kant formuleerde een toetsingscriterium om de ervaringen zoals Schopenhauer die beleefde, te toetsen. Gerding beschrijft als voorbeeld uitgebreid het verhaal van de inktpot van Schopenhauer, en stelt dat waar het hem om gaat dat deze ervaringen, ook los van de filosofie van Schopenhauer of welke filosofische of spirituele context dan ook, gezien kunnen worden als aanwijzingen voor transcendentie, het overschrijden van grenzen. Gerding werkte dit in zijn rede verder uit. Om met enige spijt ook te constateren dat wie over spiritualiteit begint, gemakkelijk tegen een taboe aanloopt dat vergelijkbaar is met het taboe op seks in de Victoriaanse tijd.

Dit taboe op spiritualiteit, zo bleek onlangs nog uit een enquête, leeft vooral in academische kringen die zich daarmee niet alleen isoleren van de rest van de bevolking maar ook, zo blijkt uit hedendaags historiografisch onderzoek, van hun eigen geschiedenis.’ (G)

De rede werd  door Gerding uitgesproken ter gelegenheid van zijn afscheid als bijzonder hoogleraar Metafysica in de Geest van de Theosofie aan de Universiteit Leiden op vrijdag 1 februari 2013. Opmerkelijk en uitermate boeiend.

Zie voor de complete rede: Filosofische bespiegelingen rond spiritualiteit

Beeld: Bestaan hemel en hel? Voor religieuze mensen vormt de onzichtbare, metafysische wereld een krachtige inspiratiebron waardoor ze soms ver boven hun beperkte zelf uit kunnen stijgen. (picturesofheaven.net)

Het mini-symposium vindt plaats op vrijdag 9 december 2016 in het Lipsiusgebouw, Cleveringaplaats 1, Leiden (zaal: 011) | Aanvang: 13.00 uur | Toegang: gratis + feestelijke borrel na afloop in De Grote Beer | Andere sprekers: theoloog Barbara Swaan over Simone Weil en vriendschap | antropoloog Rico Sneller over Tussen extase en hysterie. Ludwig Klages en de filosofie | filosoof Angela Roothaan over De hermeneutiek van Bomen in een Afrikaanse context | filosoof Gerard Visser over De Moeder de vrouw.

UPDATE 11-12-2016: Bijlage Studium Generale Maastricht 1 december 2016
UPDATE 15-93-2024: Lay-out

Waarom geen oneindige reeks goden?

shellperry

‘De kennistheoretische vraag of God bestaat is triviaal – ja, natuurlijk bestaat God: onze logische denkwijze zal vroeg of laat stuiten op ‘het grootst denkbare’, dat is onvermijdelijk zo,’ zegt de Lachende Theoloog die een nieuwe studierichting ingeslagen en is zich nu Pseudo Theoloog noemt. De docent filosofie is blijkbaar uitgelachen. In Triviaal 2 zoekt hij een goede reden waaruit blijkt dat God noodzakelijk bestaat.

Jan-Auke Riemersma (de Pseudo Theoloog) gaat in op de argumenten van theoloog Stefan Paas en filosoof Rik Peels uit hun boek God bewijzen. Op hun uitspraak dat God noodzakelijk bestaat.

God is de grond van de werkelijkheid. Hij kan er niet níét zijn, hij moet er zijn, zijn bestaan is noodzakelijk. Dat is inherent aan het hele concept van God dat de meeste gelovigen hanteren. En daar is niets raars aan, want je moet ergens een streep trekken: een reeks verklaringen kan niet oneindig zijn, er moet op een gegeven moment iets fundamenteels zijn dat niet verder verklaard kan worden.

Dat is in het geval van God veel plausibeler dan in het geval van het universum, want als God bestaat dan bestaat hij noodzakelijkerwijs en is hij de grond van de werkelijkheid, terwijl we geen enkele reden hebben om te denken dat het universum noodzakelijkerwijs bestaat en de grond van de werkelijkheid is.’
(Paas & Peels)

godbewijzenMaar meer nog bespreekt de docent filosofie de (beperkte) denkwijze van de mens. Daar is hij nogal sceptisch over en om zijn argument kracht bij te zetten, haalt hij Immanuel Kant erbij die stelde dat zodra mensen echt diep gaan nadenken ze verdwalen: vroeg of laat stuiten wij op antinomieën, onbegrijpelijke ‘knopen’ in onze alledaagse denkwijze. Riemersma stelt dat als ons verstand beperkt is, dat dit betekent dat wij niet in staat zijn om de samenhang in de werkelijkheid te beschrijven.

Indien de samenhang ontbreekt, kun je geen onjuiste of onzinnige beweringen doen: je mag daarom geloven dat God zichzelf geschapen heeft (uit het volstrekte niets) of dat God er eenvoudigweg altijd geweest is. 

Als wij nadenken over God, dan moeten we toegeven dat God onbegrijpelijke eigenschappen moet hebben: hij moet wel uit het niets ontstaan zijn of altijd bestaan hebben (het scheppende dat zichzelf schept of het zijnde dat als zichzelf bestaat.)’ (Riemersma)

Het zou, zo schreef hij eerder eens, zelfs mogelijk kunnen zijn dat ‘alles’ (de gehele werkelijkheid zoals wij die kennen) een oneindig aantal oorzaken heeft. Filosofen noemen dat infinitisme.

Kortom, zou een atheïst vragen: maar wie heeft God dan weer veroorzaakt, dan zegt de gelovige infinitist: ‘Goede atheïst, dat weet ik niet; het is zeker zo dat ik geloof dat ook God veroorzaakt is door iets, maar ik heb geen idee door wie of wat God veroorzaakt is. Feitelijk doet dat er ook weinig toe: waar het om gaat is dat God zeker oorzaak is van deze werkelijkheid (of: waar het om gaat is dat God zeker voorkomt in de oneindige keten van ‘s werelds oorzaken’.)’ (R)

Terug naar Paas en Peels. Hoe kunnen we weten dat God het goede wil, vraagt Riemersma zich af, als P & P eveneens veronderstellen dat we van God weinig tot niets begrijpen.

Ze zeggen dat God allerlei redenen kan hebben waarom wij het kwaad toestaan – kan God redenen hebben? Hoe weten we dat – en dat we slechts kunnen gissen naar zijn ware redenen. Daarentegen weten ze wel zeker dat God het goede wil.’ (R)

Wat Riemersma het meest verbaast is de nogal kritiekloze wijze waarop wordt geponeerd dat God noodzakelijk bestaat: als je dat echt vindt, begin daar dan je boek mee, of geef een goede reden waaruit blijkt dat God noodzakelijk bestaat.

Het is niet vreemd dat God noodzakelijk bestaat, want je moet ergens een streep trekken, schrijven de auteurs. Maar dat is niet waar. Tegenwoordig verdedigen filosofen zelfs de meest verrassende opvattingen, zoals het infinitisme. Waarom zou er geen oneindige reeks van goden kunnen zijn?’ (R)

Zie:
Triviaal
Triviaal 2

Beeld: De Nautilusschelp is maar een van de ontelbare voorbeelden uit de natuur, waaruit blijkt dat de natuur de Fibonacci-reeks als vanzelfsprekend gebruikt; een prachtige demonstratie van oneindigheid in eindigheid! (wanttoknow.nl) – (Fibonacci-reeks: een serie van getallen waarvan het nieuwe getal telkens verkregen kan worden door de voorgaande twee getallen bij elkaar op te tellen, ook wel DE blauwdruk van de schepping genoemd, PD.)

Update 19-11-2016: Inmiddels heeft de Pseudo Theoloog zijn naam weer gewijzigd. Nu heet zijn blog Wider Útsjoch. Dat betekent Wijder Uitzicht, met berichten over wijsbegeerte, God, religie en de zin van het leven.

De waarheidsvraag in het licht van religieuze diversiteit

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

‘Er staat veel onzin in publicaties over godsdienst. Dat is slecht voor de samenleving. Het publieke debat verhardt meer en meer en mensen zijn niet meer bereid om naar elkaar te luisteren. Daarom is het zo belangrijk dat Tussen waarheid en wijsheid verschijnt. Dit boek zegt wijze dingen over religie en de samenleving en gaat in tegen de polarisatie van het publieke debat.’ Dit zei Jan-Peter Wissink, directeur van Amsterdam University Press, tijdens de presentatie van het boek over de waarheidsvraag in het licht van religieuze diversiteit.

De combinatie van waarheid en religie lijkt in de hedendaagse samenleving meer dan ooit tot conflict en afscheiding te leiden. Of het nu gaat over fundamentalistische christenen in het Westen, radicale moslims in het Midden-Oosten, extremistische boeddhisten in Myanmar, joodse kolonisten in Hebron of militante hindoes in India, het is alsof de claim op religieuze waarheid zorgt voor een wij-zij-denken dat mensen tegen elkaar uitspeelt.’ (Wissink)

Volgens de uitgever komt in dit boek de vraag naar religieuze waarheidsaanspraken aan de orde. En de vraag of het omarmen van meerdere religieuze tradities ook het aanvaarden van meerdere waarheden betekent. Of religieuze waarheid er niet meer toe doet en we toe moeten naar een ruimer waarheidsbegrip. Voorbij het ‘Eigen Groot Gelijk’?

tussenwaarheidenwijsheid

De oudkatholieke aartsbisschop van Utrecht, Joris Vercammen, lijkt dat waarheidsbegrip naar transcendentie te verleggen. Hij wil het eigen groot gelijk transcenderen. Vercammen verwijst hiertoe naar Jonathan Sacks en Václav Havel. Volgens Sacks is transcendentie een noodzaak. Hij noemt ‘de veronderstelling van het universele’ een groeifase in de menselijke visie op mens en wereld. Hij bedoelt dan met ‘het universele’ de afwezigheid van diversiteit. Over Havel zegt Vercammen dat hij het goed gezien had dat zonder  transcendentie verzoening en vrede niet mogelijk zijn.

Transcendentie is dan een uitgestoken hand naar mensen om ons heen, naar vreemdelingen, naar de mensengemeenschap, naar alle schepselen, naar de natuur, naar het universum. Transcendentie is dan een diepe en met vreugde ervaren behoefte om in harmonie te zijn zelfs met datgene wat we niet zijn, met wat we niet begrijpen, met wat in tijd en plaats ver van ons verwijderd lijkt, maar waarmee we op geheimzinnige wijze verbonden zijn omdat dit alles samen met onszelf één enkele wereld vormt.’ (Havel)

Soms zul je God tegenkomen in de mens die anders is, die niet is zoals wij.’ Het monotheïsme van de Bijbel betekent wel dat er maar één God is, maar niet dat er slechts één weg naar de ontmoeting met deze God zou zijn. ‘Integendeel’, zegt Sacks, ‘het is de opvatting dat de eenheid van God gevonden wordt in de diversiteit van de schepping.’ (Vercammen)

Volgens Vercammen zoekt schrijven over het religieuze altijd de afstemming op Gods eigen handelen, als het schrijven zelf een geloofsact wil zijn.

Het is zoeken naar Gods waarheid. Het veronderstelt daarom een liefdevol willen waarnemen waarbij de egoïstische neiging om de werkelijkheid naar de eigen hand te zetten zoveel mogelijk wordt vermeden. Daarbij trekt de schrijver zich echter niet terug in passiviteit.’ 

Schrijver en columnist Mohammed Benzakour sprak ook tijdens de presentatie van Tussen waarheid en wijsheid. Hij verwees naar de Talmoed die stelt dat de mens wijs is zolang hij de waarheid zoekt, maar zodra hij meent haar gevonden te hebben, hij een dwaas is. En ook naar Kierkegaard die vond dat waarheid de titel is van een zeer dik boek met blanco pagina’s. Hij was dan ook reuze benieuwd naar het boek dat gepresenteerd werd, vol gedrukte pagina’s.

Zie NieuwWij:

* Tussen waarheid en wijsheid
* Een waarheid als een koe
* Waarheid vinden, waarheid ontvangen

Beeld: Soefigebeden, aangebracht op de muur van de Dargah. Een van de hoofdelementen bestaat uit de heilige geschriften en andere boeken uit de verschillende religieuze tradities die een affiniteit vertonen met het idee van de eenheid van religieuze idealen. (spiridoc.nl)

Tussen waarheid en wijsheid – de waarheidsvraag in het licht van religieuze diversiteit | Redactie Manuela Kalsky & André van der Braak | ISBN: 9789462983823 | € 19,95 | Ook verkrijgbaar als: eBook (ePub)eBook (PDF) € 9,99