Waarheid nastreven leidt tot inzicht, steeds opnieuw

20170316_114622 (1)

Religie wordt volgens filosoof Heidi Dorudi vooral dan problematisch als er absolute waarheidsclaims worden gemaakt. Ongeacht of die komen vanuit de seculiere of godsdienstige kant. Werkelijk religieus denken is voor haar in eerste instantie een metafysisch denken, en metafysica heeft voor haar alles te maken met kritiek en een kritisch individu.

Dorudi vraagt zich af of de taak van journalisten werkelijk ‘waarheidsvinding’ is en of dat überhaupt mogelijk is. Voor Dorudi gaat het eerder om ‘feitenvinding’. Als filosoof denkt zij namelijk niet dat waarheid iets is dat wij — als de begrensde en eindige mensen die we nou eenmaal zijn — ooit kunnen claimen.

Over waarheid beschikken we simpelweg niet. Wel over de feiten van onze substantiële realiteit.’

Dorudi stelt dat waarheid een thema is waar filosofen altijd naar streven, zoals al blijkt uit het woord ‘filosofie’, dat van het Griekse philosophia komt en ‘liefde voor wijsheid’ betekent.

Daarbij gaat het om een streven naar inzicht – of naar waarheid zo je wilt – omtrent zaken zoals het bestaan, kennis, moraliteit, de rede, de geest, de taal en al die dingen waar je als mens mee geconfronteerd wordt en waar je over nadenkt, of na kunt denken.’

Volgens Dorudi houdt het verlangen van de filosoof naar waarheid in dat je die waarheid niet hebt – of zoals Socrates dat zegt: je weet dat je niet weet, maar desondanks poog je in je vragen en denken tot waarheid te komen.

Dit pogen iets te verkrijgen dat je niet hebt, veronderstelt dat je reeds betrokken bent geraakt op in dit geval de waarheid die je vooralsnog niet bezit. En betrokken te zijn op iets betekent in relatie te staan tot iets. Bij het verlangen naar waarheid gaat het dus om het tot stand komen van deze relatie, terwijl je weet dat je de waarheid zelf nooit zult bezitten. Daar zit dan ook het voortdurende verlangen van de filosoof in.’

De grootste vijand van het streven naar waarheid is zelfgenoegzaamheid, parafraseert Dorudi Socrates, en dat komt tot uitdrukking in een overmoed te denken te weten, zonder te weten dat men niet weet.

Uiteindelijk gaat het bij het streven naar waarheid om het komen tot inzicht – met daarbij het weten dat zo’n inzicht nooit iets blijvends is – en dat je voortdurend opnieuw tot inzicht moet komen.’

Ook de wetenschap is volgens de filosoof niet in staat de absolute waarheid in haar eenheid te kunnen vatten, omdat zij daarvoor te groot is en we altijd slechts delen van de algehele waarheid kunnen bevatten.

Als mens zijn we volgens Dorudi niet in staat om een soort onafhankelijke absolute buitenpositie — niet alleen buiten de aarde, maar zelfs buiten de kosmos — in te nemen en van daaruit álles te overzien, te bevatten en te beoordelen.

Iets dat absoluut is, valt met niets samen — het heeft dus geen voorafgaande oorzaak, maar is de oorzaak van zichzelf. Dit is de betekenis van het woord ‘absoluut’. Zoiets is voor ons mensen simpelweg niet mogelijk. We zijn altijd belichaamd en derhalve verbonden met een geschiedenis en een gemeenschap en bovendien zijn we veranderlijk, vergankelijk en sterfelijk.’

Zie:

Een portret: “Religie wordt vooral problematisch als er absolute waarheidsclaims worden gemaakt” 

* Filosofie (1): Beschikken we wel of niet over absolute waarheid? (Nog 3 delen volgen)

Foto: PD – Duizenden boeken in een hemelse ambiance, dat is Boekhandel Dominicanen in Maastricht, gevestigd in de ruim 700 jaar oude Dominicaner Kerk. Door The Guardian uitgeroepen tot The fairest bookshop of the world, a bookshop made in heaven. Een prachtige locatie met een rijke geschiedenis die zorgt voor een indrukwekkende en bovenal unieke sfeer.

God en de absolute waarheid van Antoine Bodar

antoinebodar (1)

Antoine Bodar weet precies hoe het zit met de waarheid. Voor de mediagenieke katholieke priester bestaat er een waarheid buiten ons. En voor die waarheid staat Bodar pal. Dat is actueel in een tijd van feiten en meningen, waarheden en nepnieuws. Bodar, een man van de prikkelende stellingen en massieve zekerheden. Niets moet hij hebben van het moderne relativisme en gruwt van de waarheid die teruggebracht is tot een afspraak, de afspraak dat de meeste stemmen gelden.

Als de meerderheid vindt dat God dood is, is Hij al bijna dood. Die opvatting van de waarheid als democratisch principe is niet de mijne. Ik ben ervan overtuigd dat er een absolute waarheid bestaat, onafhankelijk van ons denken. De bijbel leert dat ook. Christus zegt het zelf: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven.’ (uit: Bodar) 

De naam die Bodar aan de waarheid geeft, is dus Christus. Achter die waarheid kom je op twee manieren. Via het geloof en via het redenerend vermogen. Alleen wordt volgens Bodar het belang van de ratio bij het achterhalen van de waarheid enorm overschat. Hij citeert bij deze uitspraak Frans Kellendonk die in Geschilderd eten schreef:

Alle wetenschappelijke ondernemingen hebben aangenomen dat de wereld rationeel geordend is rond een geheim, een kern.’ (uit: Bodar) 

Bodar concludeert dat de waarheid zich door het verstand wel laat benaderen, maar nooit omvatten. Voor hem wordt de waarheid vooral gekend in geloof. Het verstand moeten we op zijn plaats terugzetten, dan komt er meer ruimte voor het hart en gevoel: het niveau van de geloofsopenbaring. Het hart kan zich dan meer openstellen voor het mysterie en derhalve ook voor God.

Waar geloof louter menselijk wordt, doet ongeloof zijn intrede. Niet de realiteit die toegankelijk is voor de zintuigen en het redenerend vermogen, maar juist hetgeen verborgen blijft vormt de bron van het leven. Uiteindelijk zijn het niet de zichtbare, maar de onzichtbare dingen die er werkelijk toe doen, omdat zij het eeuwige openbaren.’ (uit: Bodar) 

Als geloof en verstand botsen, volgt Bodar het geloof. Hij snapt niets van de maagdelijke geboorte van Christus. Zijn verstand blijft achter bij dat mysterie en dan neemt zijn geloof het over. Het geloof benadert het mysterie meer dan het verstand ooit zal kunnen, is zijn verklaring.

Bodars waarheid staat op gespannen voet met andere godsdiensten. De rooms-katholieke kerk benadert volgens Bodar de waarheid het meest zuiver, ook al zegt de kerk niet dat de waarheid niet ook elders te vinden is. Andere godsdiensten hebben volgens Bodar ook deel aan de waarheid. Daar schuilt gelijk het addertje in het gras, want ‘deel hebben aan’, blijkt volgens de priester iets anders dan ‘de waarheid bezitten’.

Er is dus een rangorde in het deelhebben aan de waarheid. Die wordt volgens Bodar het meest zuiver gevonden in de rooms-katholieke kerk en de oosters-orthodoxe kerken die over belangrijke zaken dezelfde opvattingen hebben. Minder zuiver zijn andere godsdiensten, zoals de verschillende protestantse kerken, de joden en de moslims. In het boeddhisme en hindoeïsme zijn volgens Bodar glimpen van de waarheid te vinden, maar de vele goden van het hindoeïsme blijken uiteindelijk losgemaakte eigenschappen van die ene, ware God te zijn…

Relativisme is volgens Bodar overal op zijn plaats, maar niet in het geloof. Als hij niet meer in de eucharistie zou geloven, verwordt dat tot ‘dippen en delen’. Als hij zich met een orthodoxe protestant vergelijkt, laat hij het aan de Heilige geest over wie het bij het rechte eind heeft.

En toch kan Bodar aangenaam relativeren. Er zijn volgens hem niet-katholieken die dichter bij God leven dan katholieken. Van sommige orthodox-protestantse studenten denkt hij dat hij daar nog heel wat van kan leren. De waarheid blijkt dan toch zoiets te zijn als een beslagen spiegel, zoals Bodar Paulus parafraseert. De waarheid kunnen we dus slechts zo goed mogelijk benaderen, uiteindelijk praat je toch over een mysterie, aldus Bodar.

Maar toch, maar toch… Als je Bodar goed leest, heeft de rooms-katholieke kerk als enige de absolute waarheid in pacht. Bodar denkt sterk Rome-centrisch als hij – weliswaar glimlachend – zegt dat er veel wegen naar Rome leiden, alle wegen zelfs.

Lang geleden dachten we dat de aarde het centrum van het heelal was.

Bron: Bodar | De binnenzijde van een omstreden priester | door Petra Pronk | Hoofdstuk 4. Waarheid.

Foto: Antoine Bodar (pers.kro-ncrv.nl)

De relevantie van Godsargumenten

emauelrutten-1

Overdenkingen, zo heet het nieuwe boek van filosoof Emanuel Rutten, dat in maart verschijnt. Eerder schreef hij met Jeroen de Ridder En dus bestaat God, waarin acht Godsargumenten worden beschreven. In Overdenkingen maakt hij de stap van het algemeen theïsme naar het christendom, gericht op zijn wijsgerig denken over het Christendom. Student Rahib Khawaja interviewde Rutten over samenwerking tussen moslims en christenen, naar aanleiding van Ruttens gastcollege over Godsargumenten op de Islamitische Universiteit Rotterdam.

In het interview wordt gesproken over de herleving – vooral in Amerika – van het geven van rationele argumenten voor het bestaan van God. Rutten zegt dat de klassieke argumenten sterk verbeterd zijn, en stelt dat alle kritiek van met name Immanuel Kant, David Hume en Bertrand Russell op de klassieke argumenten grotendeels is weerlegd, en er nieuwe interessante argumenten zijn bijgekomen.

Zo heeft bijvoorbeeld Alvin Plantinga een moderne versie uitgewerkt van het klassieke ontologische Godsargument van Anselmus. En Alexander Pruss heeft enkele bestaande Godsargumenten sterk verbeterd. Ik heb hem wel eens de Aquino van onze tijd genoemd. Het is een buitengewoon interessant filosoof.’

In Nederland houdt eigenlijk alleen de VU zich ermee bezig. En dan vooral Rutten, die het modaal-epistemisch Godsargument, het argument vanuit atomisme en causalisme, en meer recent ook het zogenaamde semantische argument ontwikkelde.

Khawaja vraagt Rutten of theïsten zoals moslims en christenen samen kunnen werken inzake godsdienstfilosofie en meer specifiek op het gebied van het onderzoeken en ontwikkelen van rationele Godsargumenten. Rutten bevestigt dat want die Godsargumenten zijn geldig voor álle theïstische tradities, of dat nou de islam, het christendom of het Jodendom is.

De filosoof van de Godsargumenten zegt iets meer te willen weten over de klassieke Godsargumenten uit de islamitische traditie, daar bijvoorbeeld versies van het Leibniziaanse Godsargument ook geformuleerd werden door islamitische geleerden.

Rutten zegt het eens te zijn met prof. William Lane Craig, dat het van belang is dat gelovigen zich wat meer verdiepen in de rationele argumenten voor het bestaan van God, al was het maar om niet gelijk uit het veld geslagen te worden bij de eerste de beste tegenwerping van een atheïst.

Als ze geen énkele kennis hebben van Godsargumenten en op geen enkele manier kennis hebben opgedaan over de weerleggingen van atheïsme, dan worden ze vaak snel onzeker. Ze raken dan uit het veld geslagen. Bij de eerste de beste tegenwerping heeft men dan geen repliek. Ik heb ook gezien dat veel van die jongeren daardoor hun geloof opgeven. Dat vind ik zonde, want dat is gewoon niet nodig. Er zou dus meer kennis moeten zijn over de Godsargumenten.’

De filosoof verwijst naar En Dus Bestaat God, waarin acht Godsargumenten op een vrij toegankelijke wijze worden uitgelegd, ook voor niet-ingewijden. Het is geïllustreerd met allerlei plaatjes en uitleg. Volgens Rutten zou dit boek binnen de islamitische geloofsgemeenschap óók gewoon behandeld kunnen worden, want het betreft algemeen theïsme en gaat niet over het christendom noch over de islam maar simpelweg om goede argumenten voor het bestaan van God.

In het interview gaat het ook over de weerleggingen van de Godsargumenten door de atheïstische filosoof Dr. Herman Philipse, in het boek God in the age of science. Rutten toonde zijn falen aan, meent zelfs dat alle pogingen van Philipse om de Godsargumenten te weerleggen falen.

Khawaja stelt dat sommige gelovigen niets hebben met Godsargumenten, godsdienstfilosofie en dat soort ‘logisch geneuzel’. Rutten antwoordt hierop dat Godsargumenten niet noodzakelijk zijn om intellectueel verantwoord te geloven en dat je ook zonder die argumenten kan geloven.

Ik denk echter wèl dat die argumenten belangrijk zijn om de redelijkheid van het geloof te laten zien. Vooral als je er ook over bevraagd wordt. Hierbij kan ik vanuit de christelijke traditie verwijzen naar een uitspraak van Petrus. Hij schrijft in de bijbel dat je als Christen ten allen tijde bereid moet zijn om de hoop die in je is te verdedigen. Daarnaast schrijft Paulus in brieven aan de Romeinen dat het bestaan van God reeds uit de schepping kan worden afgeleid.’

Ten slotte stelt Rutten dat gelovigen vaak weggezet worden als irrationeel, intellectueel onverantwoord of onzinnig. Goede argumenten zijn dan toch belangrijk.

Er wordt hierdoor weer ruimte geschapen om het geloof in God als een redelijke optie te zien. Het wordt dan weer een optie onder de opties. Het wordt dan weer een mogelijkheid die op tafel kan komen in plaats van te worden weggezet als irrationeel of onzinnig.’

 Zie: Fides Quaerens Intellectum (Geloof op zoek naar inzicht)

Foto: YouTube (Video gastcollege Emanuel Rutten)

Dr. ir. Emanuel Rutten (1973) is filosoof en als onderzoeker en docent verbonden aan de Faculteit Geesteswetenschappen van de Vrije Universiteit in Amsterdam. In de tweede helft van dit jaar komt er nog een boek van de filosoof uit: Het Retorische Weten. Daarin wordt Ruttens volledige filosofische systeem behandeld. Het omvat kennisleer, metafysica en esthetiek.

Nedermoslims tussen islam en Verlichting

wie-is-er-bang-voor-mohammed-marcel-hulspas

Marcel Hulspas schreef Wie is er bang voor Mohammed? Hierin stelt hij vragen die in feite zijn gericht aan de islamitische minderheid in Nederland. De leden daarvan hebben het privilege in twee culturen te wonen: een privilege dat niet altijd makkelijk is maar hun wel de mogelijkheid geeft bewust keuzes voor zichzelf te maken. Hulspas legt de Nedermoslims voor waar de spanningen zitten tussen islam en Verlichting en zij zullen daarop vroeg of laat een antwoord moeten formuleren. Lendering las met hem mee.

Is de islam gevaarlijk? Wil ze echt de wereld veroveren? Kunnen terroristen hun gruwelijke daden écht rechtvaardigen met een beroep op de Koran? En zaken als eerwraak, kledingvoorschriften, uithuwelijken, lijfstraffen, jihadisme… hoe zit het daar mee? Is dat allemaal islam? Of is de islam een religie van vrede? En hoeveel vrouwen mag een moslim eigenlijk hebben?’ (Atheneum)

Hulspas stelt volgens Lendering belangrijke vragen en biedt onderbouwde antwoorden. Lendering vertelt op zijn weblog over het boek en zegt dat in iets meer dan 200 pagina’s Hulspas de lezer meeneemt langs een reeks aspecten van de islam: de Koran, de profeet Mohammed, de duivelsverzen, de sharia.

En daarna een reeks thema’s waarmee de islam tegenwoordig het nieuws haalt. De status van vrouwen dus, en homoseksualiteit, slavernij, alcoholgebruik, het jodendom, vrouwenbesnijdenis, huwelijk en echtscheiding, het tijdelijke huwelijk. En ook: jihadisme en het beledigen van Mohammed.’ (Lendering)

Lendering hoopt dat het antwoord eerder vroeg dan laat komt. Wie is er bang voor Mohammed? vindt hij in feite een discussiestuk in een debat dat vooralsnog te vaak wordt gegijzeld door religieuze kwezelarij aan de ene kant en botte onbeschoftheid aan de andere. Hopelijk kan Wie is er bang voor Mohammed? die patstelling doorbreken.

Voor wie nieuwsgierig is naar de islam. Voor wie niet bang is voor de islam, maar ook geen boodschap heeft aan zoete verhaaltjes. Voor wie wil weten hoe de islam ‘werkt’, en waarom veel moslims problemen hebben met moderne westerse waarden. Terwijl andere moslims uit naam van datzelfde geloof onschuldige burgers vermoorden. Voor wie niet gelooft dat ‘de islam’ identiek is aan geweld en onderdrukking. Dat moslims ook maar gewone mensen zijn, maar weet dat de islam in een diepe crisis verkeert. Kortom, voor wie zelf durft na te denken.’ (Uit: Wie is er bang voor Mohammed? – Inleiding)

In zijn vorige boek Mohammed en het ontstaan van de islam beschreef Hulspas hoe Mohammed dertien eeuwen geleden een nieuwe religie schiep, een eigen Arabische variant op het jodendom en christendom.

In zijn nieuwste boek Wie is er bang voor Mohammed? gaat hij in op actuele ontwikkelingen. Hij legt uit hoe de islam ‘werkt’. Hoe imams omgaan met de bronnen van de islam, en zo tot controversiële uitspraken kunnen komen.’ (Atheneum)

Zie: Wie is er bang voor Mohammed? 

Wie is er bang voor Mohammed? – Alles wat u wilde weten over de islam | Uitgeverij Atheneum – Polak & Van Gennep | ISBN 9789025304980 | Verschenen: november 2016 | 216 pag. | € 15,00 | E-book | ISBN: 9789025304997 | Prijs: € 9,99