Spiritueel humanisme dat zich verweven weet met de planeet 

Totaalfilosoof William E. Connolly heeft een eigen metafysica en ethiek. Zijn werk wordt gevoed door een krachtig spiritueel engagement, waarmee hij bondgenootschappen probeert te stichten tussen mensen van goede wil, of ze nu religieus zijn of atheïst. Ze hoeven het niet eens te zijn op het gebied van de geloofsleer; belangrijker is dat ze gedreven worden door dezelfde, diepe gehechtheid aan het leven, nodig om een toekomst vol ‘tragische mogelijkheden’ een mensvriendelijk gezicht te helpen geven. 

Connolly gelooft hartstochtelijk in de toekomst van het leven en is er eerlijk over: dat is een gelóóf. Hij vindt ervoor brede steun bij aanhangers van grote wereldgodsdiensten en inheemse culturen, bij humanisten en christenen. Geloof in het leven rust in een diep gevoel van dankbaarheid voor het feit dat je er bent en bewust en creatief deel mag nemen aan het open wordingsproces van deze wereld.’
(Frits de Lange)

Theoloog Frits de Lange is gelukkig met het feit dat Hans Alma en Caroline Suransky een bundel over de visionaire denker Connolly schreven, waarin vanuit verschillende vakgebieden de relevantie van zijn – nog steeds onvertaalde – oeuvre wordt getoond.

In een uitvoerige in- en uitleiding presenteren de redacteuren de kern van Connolly’s filosofie. Ze laten overtuigend zien hoe zijn spiritueel humanisme dat zich verweven weet met de planeet inspireert tot een verbindende politieke beweging.’
(Frits de Lange)

In dit boek onderzoeken de auteurs hoe mensen die verwevenheid creatief kunnen inzetten om te komen tot goed (samen)leven op planetair niveau.

Het moderne paradigma van de autonome mens die de wereld naar zijn hand kan zetten, maakt daarbij plaats voor een paradigma van partnerschap in de context van complexe ecosystemen. Hoe kunnen wij zinvol en rechtvaardig participeren in een dynamische wereld waarin grote verschuivingen plaatsvinden waarover de mens maar zeer ten dele controle heeft?’ 
(Uit: VERWEVENHEID, Essays over een verbindend humanisme)

Volgens De Lange komt Connolly tot een nieuwe kosmologie, waarvan de omtrekken er ongeveer zo uit zien: het universum kun je zien als een veelheid van krachtenvelden die zichzelf met verschillende snelheden organiseren.

Klimaatpatronen, warme golfstromen, de evolutie van soorten, tektonische aardplaten, tornado’s zijn zulke krachtenvelden. Maar ook het neoliberale kapitalisme is er een. Omdat ze elk hun eigen zelf-organiserend vermogen hebben en hun eigen tijdsschaal hanteren kunnen ze elkaar behoorlijk dwars zitten.
We merken het aan tsunami’s, bosbranden, aardbevingen en overstromingen: er bestaat geen centrale regie die zorgt dat krachtenvelden niet botsen. Asteroïden, gletsjers, rivieren, mensen en eendagsvliegjes: ze hebben elk hun eigen snelheid waarin ze hun weg zoeken, opgaan, blinken en verzinken.’
(Fits de Lange)

De vraag is hoe wij zinvol en rechtvaardig kunnen participeren in een dynamische wereld. Een wereld waarin grote verschuivingen plaatsvinden waarover de mens maar zeer ten dele controle heeft.

Verbindend humanisme gaat er van uit dat mensen hun kwaliteiten zinvol kunnen inbrengen wanneer zij hun superioriteitsaanspraken opgeven en ruimte maken voor de ander in diens unieke waarde (of het daarbij nu om een mens, dier, plant of ding gaat). Creativiteit en verbeelding spelen daarbij een centrale rol.’
(Uit: VERWEVENHEID, Essays over een verbindend humanisme)

Zie: William E. Connolly – politiek filosoof van het Antropoceen (Frits de Lange)

VERWEVENHEID, Essays over een verbindend humanisme | Hoogleraar geestelijke zorg en religieus-humanistische zingeving aan de Vrije Universiteit Amsterdam Hans Alma & universitair hoofddocent en opleidingscoördinator van de Graduate School aan de Universiteit voor Humanistiek te Utrecht Caroline Suransky | Uitgever ASP | € 25,00 | E-book € 16,00

Beeld: ecoone.org

‘Overeenkomsten neoliberale ideologie met moslimfundamentalisme’

neoliberalisme

De mens heeft onzichtbare en niet meetbare emotionele behoeftes die onderkend en beleden moeten worden om de geest gezond te houden. ‘De visie op de mens met zijn emotionele en dus immateriële behoeftes wordt in onze materialistische, door toetsen, testen, statistieken en breinonderzoeken geobsedeerde maatschappij in het beste geval genegeerd en in het ergste geval als achterlijk weggezet.’ – Dit zegt schrijfster Sana Valiulina in de NRC over de moraalvrije ideologie die de mens tot een louter rationeel wezen heeft gereduceerd.

Nu religie samen met Maria van de eeuwigdurende bijstand is weggevallen, blijven de grote vragen voor de meeste mensen onbeantwoord. Evenmin kunnen ze worden beantwoord door de nieuwe technologieën, laat staan door plat amusement.’

Maar die vragen ontstaan vanuit de diepste emotionele behoeften van de mens, vanuit zijn donkere, irrationele kanten. Valiulina stelt nu dat die donkere kanten door het neoliberalisme worden ontkend en genegeerd.

Het lijkt alsof die predikers nooit een behoorlijk boek hebben gelezen waarin de complexe menselijke conditie uiteen wordt gezet.’

Het neoliberalisme moet volgens Valiulina ook niets van kunst en literatuur hebben omdat deze zich bezighouden met die donkere, onvoorspelbare kanten en laten zien dat de mens meer is dan alleen een economische eenheid, gedreven door zijn maag en libido, of, zoals het nationalisme ons wil doen geloven, door de angst en achterdocht naar de ander.

In haar afkeer voor kunst en literatuur vertoont de neoliberale ideologie interessante overeenkomsten met uitgerekend het moslimfundamentalisme. Dat immers, keurt ook alle uitingen van de menselijke ziel, zoals muziek, dans en poëzie, kortom alles wat niet in de pas loopt met die enige grote waarheid, af of verbiedt het.’

Valiulina stelt ook dat de humaniora, de zogenaamde menswetenschappen, een steeds kleinere rol krijgen toebedeeld in onze kennismaatschappij. Zij verwijst naar de Leidse professor (historicus) Johan Huizinga die in In de schaduwen van morgen al in 1935 stelde dat ethiek, het domein van de geesteswetenschappen, hopeloos bij de techniek was achtergebleven en in razend tempo veel van zijn glans verloor in het licht van de nieuwe, krachtige ideologieën.

Wat ons nekt, is de ondraaglijke platheid van het bestaan, gepredikt door de ideologen van eigen bodem.’

Zie: Ach toe, mag het bestaan iets minder plat?

Beeld: The American Dream, Salvador Dali (Pinterest)

Sana Valiulina (Tallinn, 1964) studeerde in Moskou Noorse taal- en letterkunde en woont sinds 1989 in Amsterdam. Ze schreef eerder Het kruis (2000), Vanuit nergens met liefde (2002), Didar en Faroek (2006, nominatie Libris Literatuurprijs), Honderd jaar gezelligheid (2010) en Kinderen van Brezjnev (2015)

In de huidige economie dansen we om het gouden kalf

goudenkalf

Het kapitalisme en het socialisme laten het allebei afweten. Kan het ‘Bijbelisme’ de oplossing brengen? Universitair docent Roel Jongeneel vindt van wel. ‘Vandaag de dag is het de met schulden gefinancierde kapitalistische dynamiek die aan zichzelf ten onder dreigt te gaan. De financiële sector zit zwaar in de problemen en overheden gaan gebukt onder gapende tekorten en groeiende staatsschuld.’ Jongeneel zegt dat in zijn artikel ‘Laat Bijbels geluid horen in debat over economische crisis’. 

‘Is er een derde weg, die we nog niet hebben bewandeld, maar die mogelijk een uitweg kan bieden? Die vraag is urgenter dan ooit. Zonder een blauwdruk voor een andere economie op zak te hebben, wil ik ervoor pleiten dat christenen zich bezinnen op wat de Bijbel zegt over de economie en dat ze dat in het maatschappelijk debat inbrengen.’ 

roeljongeneelVolgens Jongeneel is er geen goede band tussen vrijheid en verantwoordelijkheid en is het achterliggende mensbeeld van het nog steeds dominante neoliberale denken veel te positief.
(foto: wageningenur.nl)

‘Het debacle dat we nu mee­maken in de economie heeft alles te maken met de haast ongelimiteerde en onverantwoorde schuldfinanciering van onroerend goed, consumptiepatronen en overheidsuitgaven.’

De economie is verzelfstandigd tot een autonome sfeer, zegt Jongeneel, waar eigen wetten en regels gelden: in de Bijbel echter ligt het accent op de inbedding van de economie in de samen­leving en de lokale gemeenschap.

‘En als het fout loopt, wordt de rekening bij het brede publiek gelegd. Van haar, niet het minst van de zwakken, worden dan offers gevraagd, terwijl degenen die leidinggeven aan dit proces, de CEO’s en de bankiers, alleen in het nieuws komen vanwege hun exorbitante beloningen en bonus­regelingen.’

Jongeneel pleit voor een Bijbelse economie: een economie waarin het draait om rechtvaardige verhoudingen en wederzijds dienstbetoon.

Zie: Laat Bijbels geluid horen in debat over economische crisis’

Illustr: jw.org