
Ooit was de ziel vanzelfsprekend, in de filosofie, de poëzie, de religie en in de dagelijkse ervaring. Dat niet alleen, ze voerde ook het woord. Ze sprak met zichzelf – op fluisterende toon. Ze ontdekte zichzelf in tweegesprekken, met een andere ziel, of met God.
‘Ziel, verlangen, God, schoonheid. Het zijn woorden uit een voorbije tijd. Grote woorden, maar verloren woorden. Ze spreken niet meer vanzelf en tegelijkertijd begeleiden ze ons nog altijd. Eerst leken zij op sterven na dood te zijn, als meubelstukken die we geërfd hebben, maar die het niet uithouden in de nieuwe inrichting. Is God niet vooral een obstakel voor de menselijke vrijheid?’
Bovenstaande woorden komen uit het boekje De ziel opnieuw van filosoof en dichter Renée van Riessen; docent godsdienstfilosofie aan de PThU in Groningen en bijzonder hoogleraar christelijke filosofie aan de Universiteit Leiden. Van Riessen vraagt zich hier onder meer in af of de ziel nog bestaat en zoekt daarvoor bij Plato, Levinas en Kierkegaard, maar ook bij dichters en schrijvers.
‘Het denken van Kierkegaard en Levinas over onderwijs geeft aanleiding tot nieuw denken over de ziel, vanuit joods en christelijke inspiratie. Daarom kreeg dit boekessay de titel De ziel opnieuw. In de ondertitel komen de woorden terug die dit betoog verbinden met de oratie die er de kiem van was: innerlijkheid, inspiratie en onderwijs.’
Het essay is een uitwerking van de oratie die Van Riessen heeft gehouden bij de aanvaarding van de bijzondere leerstoel Christelijke Filosofie aan de Universiteit Leiden: Verder gaan dan Socrates? Over onderwijs, innerlijkheid en inspiratie bij Kierkegaard en Levinas. (Van Riessen, 2012)
‘De ziel is een van de grote verloren woorden van onze tijd – schreef de cultuurfilosoof Alessandro Baricco in zijn recente boek De Barbaren. Maar wat zijn we dan precies verloren? Is het de toegang tot ons innerlijk, of het besef dat dit innerlijk ertoe doet? Of raakten we de ziel al eerder kwijt, in de tijd dat Descartes een scherp onderscheid begon te maken tussen bewustzijn en materie? Bewustzijn is onzichtbaar en wordt tegenwoordig bij voorkeur via de zichtbare weg (de hersenen, ‘het brein’) bestudeerd en besproken.’
Renée van Riessen (foto: PThU) is filosoof en dichter; ze doceert godsdienstfilosofie aan de PThU in Groningen en is bijzonder hoogleraar christelijke filosofie aan de Universiteit Leiden. Van Riessen is auteur van Man as a Place of God, Levinas’ Hermeneutics of Kenosis (Springer, 2007) en publiceerde vier dichtbundels bij Uitgeverij Prometheus, waarvan de laatste (Krekels in de keuken) verscheen in 2008.
Op vrijdagmiddag 15 november a.s. houdt de PThU van 14 tot 17 uur een studiemiddag, getiteld Het gewicht van de ziel. De bijeenkomst vindt plaats in de filmzaal van de vestiging in Groningen, Oude Ebbingestraat 25. Sprekers zijn o.a. Renée van Riessen en Désanne van Brederode. Aanleiding voor de studiemiddag is de verschijning afgelopen zomer van het boek-essay De Ziel opnieuw door Renée van Riessen bij uitgeverij Sjibbolet in Amsterdam.
De ziel opnieuw | Renée Van Riessen | ISBN10 9491110136 | ISBN13 9789491110139 | € 15,50












