‘Politieke, sociale of economische factoren bepalen of religies tot agressie leiden’

Dossier: God en Geweld – Religies en rituelen zijn sociaal gezien een oerkracht die een habitat scheppen, een wereld, waarin we als groep kunnen samenleven. Een leefwereld van gewoonten waarin we ons thuis voelen. Zodat wie opgegroeid is met het geluid van klokken nostalgie kan voelen telkens als hij klokken hoort luiden. De door de eeuwen heen ontwikkelde rituelen worden een mentaal huis voor het volk dat ze beleeft.

Aldus Dossier: God en Geweld van Mondiaal Nieuws in het artikel De mens, zijn (af)goden en zijn geweld. Hierin wordt gesteld dat godsdienst helemaal terug lijkt als politieke factor, waarbij soms erg gewelddadige actoren zich beroepen op hun variant van hun geloof voor hun acties. John Vandaele sprak daarover met Johan Braeckman, moraalfilosoof, en Jakob De Roover, van de afdeling vergelijkende cultuurwetenschap van de Universiteit van Gent.

Hoe moeten wij Europeanen, wonend in het minst religieuze continent van de wereld, dat begrijpen? Is de mens van nature een religieus wezen? Waarom vertonen zoveel mensen ritueel gedrag? We dachten dat de wetenschap hierin helderheid kon brengen, maar stootten al snel op onenigheden. Zo bleek het nog niet zo eenvoudig een definitie te geven van religie.’

Volgens Braeckman lenigen religies en rituelen allerlei noden en kunnen zij angst verkleinen, troost geven en zorgen voor sociale samenhang, al leiden ze soms ook tot conflicten, maar is dat onvoldoende als verklaring waarom mensen religieus zijn. Braeckman heeft begrip voor wat religies en rituelen te bieden hebben, maar dat belet hem niet wetenschappelijk proberen te begrijpen waarom mensen aan rituelen doen en waarom er tienduizenden religies zijn.

god_en_geweld


V
olgens de schrijver van het artikel in Dossier: God en Geweld (illustr: MN), John Vandaele, zijn religies een enorme sociale kracht: ze maken deel uit van de identiteit van mensen en liggen mee aan de basis van gemeenschappen: als je erin slaagt ze te politiseren, kun je een conflict, en zelfs een botsing der beschavingen in het leven roepen – temeer omdat er vaak al een verleden van conflicten is. In een vijandige wereld kan religie een identiteit zijn waarop mensen terugvallen.

Wat er ook van zij: duidelijk is dat andere factoren, van politieke, sociale of economische aard, bepalen of religies tot agressie leiden. Religie is geen voldoende of noodzakelijke voorwaarde voor geweld, maar ze kan wel de verbetenheid vergroten als de strijd eenmaal begint – wordt men dan immers niet gesteund door de enige echte Almachtige?’

In het Dossier: God en Geweld wordt uitgebreider dan ik hier summier weergeef, geschreven over geweld en godsdienst, in verschillende artikelen, waaronder onder meer ook: Het geweld ligt niet aan de godsdienst, maar aan de menselijke natuur.

‘John Locke meende dat de scheiding van kerk en staat de sleutel tot vrede was, maar de natiestaat is zeker niet afkerig van oorlog gebleken. Het probleem ligt dan ook niet in de veelzijdige activiteit die we religie noemen, maar in het geweld dat besloten ligt in onze menselijke aard en in de aard van de staat, die vanaf het allereerste begin de gewelddadige onderwerping van minstens negentig procent van de bevolking vereiste.’

Zie: De mens, zijn (af)goden en zijn geweld

Illustr: © Fatinha Ramos – Mondiaal Nieuws
Update: 23-10-2024

Geloof als kosmologische visie

dyn003_original_1032_1024_pjpeg_2621310_f274dfa08b8d822c744bcd0b49527896
De God van de Amerikaanse filosoof John Dewey heeft niets met geloof in iets bovennatuurlijks te maken, noch met zoiets als aanbidding of verering. Het heeft alles te maken met een kosmologische visie, waarin de mens een diep existentieel besef heeft van haar ingeweven-zijn in het tapijt van het universum. – Aldus godsdienstfilosoof en theoloog Taede A. Smedes in Bezieling, in een recensie van Het religieuze bevrijd van religie. Onlangs weer vertaald en heruitgegeven.

images.jpeDe werkelijk areligieuze houding schrijft prestaties en doelen toe aan de mens als losstaand van de fysieke werkelijkheid en van zijn medemens. Onze successen zijn afhankelijk van de medewerking van die werkelijkheid. Het gevoel van menselijke waardigheid is even religieus als ontzag en eerbied, als het berust op een opvatting van de mens als samenwerkend deel van een groter geheel.’

Volgens  Carel Peeters, in VN, is het boek Het religieuze bevrijd van religie (A Common Faith) een geschrift dat om misverstanden vraagt. John Dewey (foto: bibliofilosofiamilano.wordpress.com) is volgens Peeters geen gelovig filosoof, heeft geen religieuze of mystieke neigingen, heeft niets met wonderen of met bovennatuurlijke zaken. Dewey gebruikt het woord ‘religie’ omdat het oorspronkelijk ‘gebonden zijn’ betekende.

COVER.DEWEYDewey wil die gebondenheid uitbreiden naar alle seculiere houdingen die staan voor gebondenheid aan een ideaal, aan geloof in mogelijkheden, aan iets wat nog onzichtbaar is, maar dat met inspanning zichtbaar gemaakt, gerealiseerd, kan worden: ‘Kunstenaars, wetenschappers, burgers, ouders, allemaal laten ze zich, in zoverre ze gedreven worden door de geest van hun roeping, leiden door het onzichtbare.’

Volgens Smedes had  Dewey ooit een religieuze ervaring waardoor hij religie niet vaarwel wil zeggen. – We hebben het hier trouwens wel over een geschrift van Dewey uit 1934(!) Dr. Alma Lanser-van der Velde & prof. dr. Siebren Miedema schreven in Filosofie ook over A Common Faith:

johndeweyDewey  spreekt in ‘A Common Faith’ over het geloof van mensen, over de ervaring. Hij laat zien hoe gevaarlijk en tot stilstand leidend het is als sommigen op geloofsgebied over anderen heersen en doet een poging ruimte te scheppen voor geïnspireerd en creatief, ethisch juist handelen in deze wereld.’

Lanser–van der velde en Miedema stellen dat Dewey (design: jbarker) vond dat praten over een transcendente God mensen er kan van weerhouden dat te doen waarvoor zij verantwoordelijk zijn: het Goede na te streven, in afhankelijkheid van elkaar en op elkaar aangewezen.


Is this the end?
A past with a closing door
Thru which I hardly grasp
From out of time’s jealous clasp
A scant fleeting store
Of memories retreating:

A future all hope defeating
Closing in with tight shut door.
Twixt the two the present penned.

Great God, I thee implore
A little help to lend:-
I do not ask for much,
A little space in which to move,
To reach, perchance to touch;
A little time in which to love;
A little hope that things which were
Again may living stir
A future with an op’ning door:
Dear God, I ask no more
Than that these bonds may rend,
And leave me free as before.

John Dewey


acommonfaithBoeiend allemaal. Het komt mij voor dat het diep existentieel besef van de mens ingeweven te zijn in het ‘tapijt van het universum’ en de kosmologische visie: de mens als samenwerkend deel van een ‘groter geheel’, heel religieus klinkt. Sommigen noemen dat ‘God’.
Het religieuze atheïsme van John Dewey
De godsdienstfilosofische visie van John Dewey
God, een beetje nietszeggend begrip

John Dewey | Het religieuze bevrijd van religie | Vertaald en ingeleid door Kees Hellingman | ISVW Uitgevers | 128 pag | ISBN 978-94-91693-29-8Euro 22,50 

Foto: cosmology.skynetblogs.be

Vier atheïstische ‘ruiters van de non-apocalyps’

newatheistthreat-324x193
Godsdienst is een plaag, een irrationeel virus dat mensen van jongs af aan indoctrineert om in sprookjes en bijgeloof te geloven, hen inprent dat wetenschap en vooruitgang maar gevaarlijk zijn, en hun vermogen fnuikt om zelf kritisch na te denken over moraliteit. Zo ongeveer luidt de gemeenschappelijk stelling van Richard Dawkins, Christopher Hitchens, Daniel Dennett en Sam Harris.

Volgens Sargasso is atheïsme zich aan het ontwikkelen als missionaire beweging, met internationale beroemdheden die wereldwijd het evangelie van het ongeloof aan de man proberen te brengen, compleet met conferenties, lezingen, podcasts en navolgelingen.

Critici vragen zich echter af in hoeverre deze missionaire vorm van atheïsme zelf niet net zo intolerant en bevooroordeeld is als de religieuze orthodoxie die zij zegt te bestrijden.’

Filosoof dr. Jeffrey Nall zegt over het ‘fundamentalistisch atheïsme’ dat ze door haar apocalyptische kijk op godsdienst zelf in de valkuil van fanatisme trapt. Sargasso schreef een vierluik over het atheïsme met de vraag hoe intolerant het neo-atheïsme is.

Met name ten aanzien van de islam hebben neo-atheïsten er een handje van te generaliseren, alsof de meest fanatieke, wrede en bloeddorstige elementen onder de gelovigen eenvoudigweg de ware doctrine uitvoeren, alsof Al Qaida of de Taliban of ISIS geen mutaties op mutaties op mutaties zijn in een lange keten van evoluerende tradities.’

41h1DI2oouL._SX322_BO1,204,203,200_Sargasso haalt vooral journalist en ex-new-atheist CJ Werleman (foto: Twitter) aan. Hij schreef het op 1 september verschenen boek The New Atheist Threat: The Dangerous Rise of Secular Extremists, over de intolerante achterkant van de missionaire atheïstische beweging die de afgelopen vijftien jaar is ontstaan.

cjwerlemanAtheïsten zoals Harris, beschouwen zichzelf als de voorhoede, net zoals christelijke fundamentalisten zichzelf zien. Zij zijn de uitverkoren enkelingen. Zij zien en kennen de waarheid. Zij claimen, zoals alle uitverkorenen door de geschiedenis heen, de wil van God uit te kunnen voeren of ons de middelen in handen te geven die de menselijke bestemming vooruit zal brengen. Hen is het recht gegeven, door hun eigen superioriteit en inzicht, om hun visie aan de rest van ons op te leggen. Deze visie is even verleidelijk als absurd. En de absurditeit ervan is deel van haar aantrekkingskracht,’ aldus Hedges.

four-horsemen-of-atheism-300x225
In het derde deel stelt Sargasso dat het atheïsme zich de afgelopen vijftien jaar in reactie op de invloed van christelijk rechts in de VS en de dreiging van wereldwijd jihadisme heeft ontwikkeld tot een missionaire beweging, met een polemische, fel antigodsdienstige inslag. Volgens Sargasso schept een en ander ook vruchtbare grond voor een luidkeelse sekte. ‘Harris zou wel eens de eerste persoon kunnen zijn die een religie uit het atheïsme heeft gemaakt,’ citeert Prediker Reza Aslan die Harris interviewde voor zijn podcast Foreign Object.

Alle sekten koesteren een klasse van hogepriesters die over menselijke mogelijkheden en vooruitgang spreken in obscuur, gespecialiseerd jargon,’ merkt Chris Hedges op. ‘Ze beloven een gezond, lang en geweldig leven, een waar menselijk lijden overwonnen zal zijn en vrede en geluk zullen zegevieren. Jezus maakt dit mogelijk voor fundamentalisten; wetenschap maakt dit mogelijk voor de neo-atheïsten.’

Zie:

Hoe intolerant is het neo-atheïsme? (1)
Hoe intolerant is het neo-atheïsme? (2)
Hoe intolerant is het neo-atheïsme? (3)
Hoe intolerant is het neo-atheïsme? (4)

The New Atheist Threat: The Dangerous Rise of Secular Extremists Paperback – September 1, 2015 | by CJ Werleman (Author)

Adieu Geloof en Wetenschap, hallo Spiritualiteit

mondriaan15
De academici hebben volgens godsdienstfilosoof Taede A. Smedes geloof en wetenschap uit handen gegeven en ten prooi overgelaten voor de meningen van de hoi polloi: geloof en wetenschap is opnieuw het terrein van hobbyisten geworden. Hierover mijmert Smedes, die ook theoloog is, in zijn nieuwste blog Langzaam afscheid van ‘geloof en wetenschap’? Maar zijn boeken over geloof en wetenschap doet hij nog niet weg. Ergens hoopt hij dat ze op zekere dag toch nog van nut zullen zijn.

Men wist waarover het ging wanneer het over God ging. Die vanzelfsprekendheid is weg. Daarmee is ‘God’ een vaag begrip geworden dat zich voor vele invullingen leent. De theologie is niet in staat gebleken de erosie van het godsbegrip het hoofd te bieden en is dan ook in rap tempo bezig haar bestaansgrond en academische legitimering te verliezen.’ (Smedes)

Taede A. Smedes (foto: TAS) vindt dat het niet echt goed gaat met geloof en wetenschap. Hij noemt een viertal factoren, zoals de outreach en groei van het vakgebied geloof en wetenschap: die is minimaal, om nog maar te zwijgen van het banenperspectief. De weinig inhoudelijke vernieuwing: veel recycling en zelfcitatie. De verdamping van de plausibiliteitsstructuur van het christelijk geloof: het theïstisch godsidee erodeert; en de invloed van extremistische en fundamentalistische denkrichtingen in het publieke domein: het creationisme staat ineens weer op de kaart.

taedeasmedesDe academici hebben geloof en wetenschap uit handen gegeven en ten prooi overgelaten voor de meningen van de hoi polloi (gepeupel, PD). Geloof en wetenschap is opnieuw het terrein van hobbyisten geworden.’ (Smedes)

Volgens mij spelen nog meer factoren een rol. De hoi polloi gelooft niet altijd meer op gezag. God wordt zo inderdaad een vaag begrip. Mensen verwachten meer van de wetenschap. Kort door de bocht gezegd: men hoopt op een godsbewijs. Maar dat blijft steken bij argumenten die het brein bezighouden, maar het hart leeg laten. De wetenschap heeft dus ook geen antwoorden. Mensen zoeken verder en (her)ontdekken meer en meer de spiritualiteit. ‘Ken uzelve’ is het adagium. Weg van het collectief: de individualiteit hervonden. De hoi polloi gaat zelf nadenken en bij het eigen hart te rade.

Het lijkt erop dat we dan misschien weer uitkomen bij iets van lang geleden, bij de Spiltijd bijvoorbeeld, waarin filosofen geen belangstelling hadden voor doctrines of metafysica. Over theologie praten leidde maar af en werd zelfs schadelijk gevonden.

degrotetransformatieAnderen voerden aan dat het onvolwassen, onrealistisch en pervers was om te zoeken naar het soort absolute zekerheid dat veel mensen van religie verwachten.’ (uit: De grote transformatie)

Of  van de (religie)wetenschap verwachten… In de Spiltijd (tussen 900 en 200 v. C.) verschoven alle tradities die toen ontwikkeld werden de grenzen van het menselijk bewustzijn en legden een transcendente dimensie in de kern van ons wezen bloot, maar ze beschouwden dat niet noodzakelijkerwijs als iets bovennatuurlijks en weigerden meestal erover te praten.

De wijzen waren er in elk geval niet op uit hun eigen visie op deze ultieme werkelijkheid aan anderen op te dringen. Integendeel, niemand mocht ooit religieuze leerstellingen in goed vertrouwen of uit de tweede hand aanvaarden, vonden zij.(Uit: De grote transformatie)

karenarmstrongDe grote transformatie vertelt dat het er niet om ging wat je geloofde, maar hoe je je gedroeg. Religie betekende dingen doen die je diepgaand veranderde.

De wijzen predikten een spiritualiteit van empathie en mededogen; ze stonden erop dat de mensen hun egoïsme en hebzucht, hun gewelddadigheid en liefdeloosheid lieten varen. (…) Elke traditie ontwikkelde haar eigen formulering van de Gulden Regel: wat gij niet wil dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. Voor de wijzen uit de Spiltijd draaide religie om respect voor de heilige rechten van anderen en niet om orthodox geloof. Als mensen zich vriendelijk en grootmoedig gedroegen tegenover anderen, konden ze de wereld redden.’ (uit: De grote transformatie)

Wij moeten dit ethos uit de Spiltijd herontdekken, stelt Karen Armstrong (foto: ncrv), de schrijfster van De grote transformatie, door de Volkskrant indertijd beschreven als ‘een monumentaal epos van de geest, een intrigerende speurtocht’. Misschien is er toch nog genoeg werk voor theologen en (religie)wetenschappers? Nadenken over een Tweede Spiltijd?

Zie: Langzaam afscheid van ‘geloof en wetenschap’? (Taede A. Smedes)

Boek: De grote transformatie, Karen Armstrong 

Foto: Evolutie (1911), Piet Mondriaan. Het drieluik verbeeldt het spirituele ontwaken van de mens in drie stadia. (rudedo.be) – Arend Landman: ‘Dit drieluik symboliseert de reis die de ziel moet maken om los te komen van het materiële aardse bestaan (linker-paneel), via innerlijke contemplatie (rechter paneel) naar het ervaren van het goddelijk licht (midden-paneel).’

Godsargumenten en de God van de Gaten

earth.at.sunrise

De God van de Gaten kwam weer eens voorbij. Ditmaal opgevoerd door Jonathan – op een foto zichtbaar met de tekst: ‘I’m an atheist, debate me’. Hij daagt filosoof Emanuel Rutten uit door te stellen dat zijn Godsargumenten varianten zijn op de aloude God van de Gaten theorie. Rutten repliceert met behulp van het Kalam argument.*

Het Kalam argument voor het bestaan van God is gebaseerd op twee uitgangspunten. De eerste is dat alles wat ontstaat een ontstaansoorzaak heeft. De tweede is dat de kosmos is ontstaan. Hieruit volgt dat de kosmos een oorzaak heeft voor zijn ontstaan.’

Vervolgens stelt Rutten – in zijn artikel Gaan oorzaken altijd in de tijd vooraf aan hun gevolgen?dat daarna dan beredeneerd wordt dat deze oorzaak God moet zijn.

Jonathan (foto: godsbewijzen.be) stelt het volgende, op de site Godsbewijzen:

JonathanHet grote punt is, Emanuel, dat alle ‘argumenten’ voor Godsbestaan die je aanstipt in je stuk, eigenlijk varianten zijn op de aloude God van de Gaten theorie. Weten we iets als mensheid (nog) niet te verklaren, dan poneren we maar weer een metafysisch, altijd bestaand, algoed en almachtig, bewust wezen als verklaring. De geschiedenis heeft echter al talloze malen laten zien dat dit (dat poneren) een misvatting bleek.’

Rutten antwoordt dat geen van de argumenten voor het bestaan van God die hij noemt, gekarakteriseerd kunnen worden als God van de Gaten argumenten.

Neem het Kalam argument. Dit argument bestaat uit twee premissen. De eerste luidt dat alles wat begint te bestaan een ontstaansoorzaak heeft. Dit is een metafysische premisse waarvoor uitstekende gronden bestaan. Met een God van de Gaten heeft deze premisse dan ook niets te maken.’

Emanuel Rutten (foto: godsbewijzen.be) stelt vervolgens dat de tweede premisse luidt dat de kosmos is begonnen te bestaan; een natuurwetenschappelijke premisse waarvoor zoals bekend eveneens uitstekende ondersteuning bestaat.

Emanuel RuttenOok hier is geen sprake van een God van de Gaten benadering. De conclusie dat God bestaat wordt vervolgens uit deze premissen afgeleid door gebruik te maken van een ‘Inference to the Best Explanation’. Ook daar kom je dus geen God van de Gaten methodologie tegen. Kortom, het Kalam argument is alles behalve een God van de Gaten argument. En hetzelfde geldt dus voor de overige Godsargumenten.’

* Het Kalam kosmologisch godsbewijs is samen met Plantinga’s modaal-logische herformulering van het ontologisch godsbewijs één van de meest besproken godsbewijzen in het hedendaagse filosofische discours.

Zie:
* Jonathan zei
*  Gaan oorzaken in de tijd altijd vooraf aan hun gevolgen?
*  Het Kalam kosmologisch godsbewijs

Foto: Earth at sunrise – The existence of God: The Kalam cosmological argument (Dean’s Dialogue)