Voltooid leven? Doe als Boeddha

Misschien lijden mensen die hun leven voltooid vinden wel het meest ondraaglijk en uitzichtloos. Zij voelen zich levensmoe en vinden dat het leven weinig tot geen perspectief biedt. Maar ze gaan (nog) niet dood. Elke dag moeten ze weer opstaan. Dezelfde dag steeds weer beleven. Ze kennen geen enkel, zelfs geen minimaal, zinvol moment. Het verlenen van hulp bij zelfdoding aan iemand die het leven voltooid vindt, blijft echter verboden.

‘Hoewel het leven zelf pijn brengt, zijn we niet veroordeeld
om hier passief onder te lijden’

(Boeddha)

Anders omgaan met je voltooide leven
De rechtbank Den Haag deed in december 2022 uitspraak over het strafrechtelijke verbod op hulp bij zelfdoding. Het verbod blijft gehandhaafd. Coöperatie Laatste Wil vindt dit teleurstellend voor eenieder die menselijk en waardig wenst te sterven op een zelfgekozen moment en noemt de uitspraak inhumaan.

Maar blijft dit het enige dat ­iemand met een voltooid leven kan doen? Zijn er voorbeelden van mensen die wél in staat zijn met een voltooid leven om te gaan?

Boeddha leefde ‘voltooid’ verder
Het leven van prins Siddhartha Gautama is voltooid op 35-jarige leeftijd. Na een beschermde opvoeding ziet Siddhartha dat het leven lijden is. Vanaf zijn 29ste ziet hij voor het eerst mensen die oud zijn, ziektes krijgen en doodgaan. En dat dit normaal is.

Uiteindelijk besluit Siddhartha te gaan mediteren onder een bodhiboom totdat hij verlichting zou bereiken of zou sterven. Zes jaar later bereikt hij verlichting. Dan wordt hij Boeddha (‘de verlichte’ of ‘de ontwaakte’). Zijn leven is vanaf dan voltooid. Maar hij gaat niet dood. Nog 45 jaar zet hij zich in voor anderen en onderwijst hij zijn nieuw gevonden inzicht. Hij wordt een gerespecteerd spiritueel leider.


Boeddha onderwijst de vier edele waarheden

Er zijn voor de ‘onvoltooide’
Nu zijn de meesten van ons geen Boeddha, maar mensen wier leven voltooid voelt, zouden met de energie die ze toch nog hebben, wel iets voor de ander kunnen betekenen. Sommige ‘voltooiden’ – vaak mentaal nog kraakhelder – zouden anderen kunnen vertellen over hun levenservaring en inzichten.

Het leven is dan minder ondraaglijk en uitzichtloos en kan zelfs weer enig perspectief bieden. Als ‘voltooide’ kan je voor die ander, wellicht een ‘onvoltooide’, iets betekenen en die ander kan er voor jou zijn.

Accepteren
Het leven is lijden, zegt Boeddha, maar de spiritueel leider zegt ook dat te accepteren. Als je er weerstand aan biedt, wordt het alleen maar erger. Je kan elkaars lijden verlichten. Een nobel doel volgens Boeddha: “Want hoewel het leven zelf pijn brengt, zijn we niet veroordeeld om hier passief onder te lijden.”

Op weg gaan met de ander
Ook geestelijk verzorger en pastoraal vormingswerker Marinus van den Berg stelt dat je lijden niet moet ontkennen of onderschatten, want dan wordt het juist zwaarder. ‘De dood hoort bij het leven. Door met elkaar te praten kun je leren op een menselijke manier om te gaan met afscheid en de dood.’ Van den Berg schreef tientallen boeken, waaronder Lijden verlichten.

Elkaars lijden verlichten
Van den Berg heeft het niet expliciet over voltooid leven, maar wel over wat lijden doet. Daar ik in dit artikel stel dat mensen die hun leven voltooid vinden misschien wel het meest ondraaglijk en uitzichtloos lijden, breng ik dit boek onder de aandacht: ‘Het erkennen van lijden kan het lijden verlichten. ‘

Wat doet lijden? Lijden tast mijn concentratie aan, lijden kan heersen als een tiran, lijden kan uitputten, lijden kan mijn nachten eindeloos lang maken, lijden kan me boos maken en onmachtig. Lijden doet een mens geen goed.
(Uit: Lijden verlichten)


Er zijn voor de ander

Tijd, aandacht en empathie
Van den Berg – werkzaam bij het regionaal palliatief centrum Cadenza te Rotterdam – schrijft persoonlijke reflecties en poëtische intermezzo’s. Kerngedachte van Van den Berg is: met mensen optrekken en het lijden met hen uitzitten. Zij bepalen het tempo. Het gaat dan niet om antwoorden, maar om tijd, aandacht en empathie.

Beeld: prins Siddhartha Gautama (npokennis.nl)
Beeld Boeddha: Sanskriet document waarop te zien is hoe Boeddha de vier edele waarheden onderwijst (Publiek Domein – wiki)
Foto Er zijn voor de ander: Ontmoeting

Lijden verlichten | Marinus van den Berg | Uitgeverij Ten Have | E-book € 11,99

Bewerkte (en aangevulde) versie van mijn eerder verschenen opinieartikel in dagblad Trouw onder de kop: ‘Voelt het leven voltooid? Doe als Boeddha’ (In  de rubriek ‘Zinvol leven’, 30 januari 2023)
UPDATE: 06052023 / 04062025 / september 2025 (Lay-out, foto-aanpassingen)

Ontijd ontstijgt meningen over euthanasie


Judith de Graaf signeert haar boek Ontijd

Boekpresentatie Ontijd – Wat betekent ontijd eigenlijk? Auteur van deze familieroman (debuut) over voltooid leven, Judith de Graaf, geeft deze voor haar poëtisch klinkende term twee betekenissen: niet de goede tijd en onheilspellende tijd. Ontijd gaat niet zozeer over voltooid leven, maar voltooid leven is wel de aanleiding van de totstandkoming van deze roman. Het gaat over veel meer dan dat. Meer eigenlijk over ‘zelfeuthanasie’.

Steenhuis merkte op dat er veel geschreven is over voltooid leven, er is al ‘dertig jaar discussie’, vooral in de politiek. Zouden de politici misschien eerst dit boek moeten lezen om te beseffen waar het eigenlijk over gaat?

Een niet autobiografisch verhaal dat in deze polariserende tijd uitstijgt boven meningen, feiten en ethische kwesties. Haar boekpresentatie werd enthousiast vormgegeven door filosofieredacteur bij Trouw, Peter Henk Steenhuis. In de indrukwekkende boekhandel Broese, ingepast in de gerenoveerde ‘tempel’, het oude postkantoor in het centrum van Utrecht.

Woelige perioden
Uitgever Henriette Faas (de Brouwerij | Brainbooks) sprak gisterenavond tijdens de presentatie lovende woorden over haar auteur. Gezegd mag worden dat Faas zelf eveneens mooi werk leverde aan het boek door de vormgeving en binnenwerk. De woelige golven op de omslag van Ontijd doen mij denken aan het schilderij van kunstenaar Hokusai, bekend als ‘de grote golf’. Voor Ontijd staan de golven zeker voor woelige perioden in het leven van de familie van kunstenaar Leo (78) die een beroerte krijgt, niet meer kan schilderen en de bodem onder zijn bestaan weg ziet wegspoelen.


Judith de Graaf leest voor uit eigen werk

‘Meervoudig partijdig’
De Graaf, die de Schrijversvakschool bezocht, vindt dat juist een roman geschikt is voor het onderwerp zelfdoding / zelfeuthanasie / voltooid leven. Een roman kan alles ‘op scherp zetten’, ‘spannend zijn’, want hoe loopt het af? Zo kan zij goed de conflicten in het gezin beschrijven, durft of wil Leo zijn levenseinde wel in eigen hand (te) nemen? Als systeemtherapeut moet zij ‘meervoudig partijdig’ zijn. Dus niet onpartijdig, maar er zijn voor iedereen. Een roman geeft meer vrijheid.

‘Gevoelswerkelijkheden’
Steenhuis merkte op dat er veel geschreven is over voltooid leven, er is al ‘dertig jaar discussie’, vooral in de politiek. Zouden de politici misschien eerst dit boek moeten lezen om te beseffen waar het eigenlijk over gaat? Politiek zou meer fictie moeten lezen, beaamde De Graaf, wellicht komen politici dan dichter bij de ‘gevoelswerkelijkheden’. Ze zouden dan wellicht betere beslissingen nemen.

‘Allure’
Een bijzondere avond in Utrecht. Broese doet in de verte denken aan een boekhandel in Maastricht die gebouwd is in een kerk. Die maakte veel indruk op mij, maar deze ‘tempel’ in hartje Utrecht, maakt minstens zo veel indruk, niet in de laatste plaats door een opmerking van de beheerder van Broese, die glashelder van mening is dat auteurs niet in een groezelig zaaltje hun boeken moeten presenteren, maar dat dit best wat allure mag hebben. Dat vond ik nog zacht uitgedrukt van haar. Wat een ambiance. Wat een schitterende boekpresentatie.

Ontijd – familieroman over voltooid leven | Judith de Graaf  | 2023 | Literaire roman, novelle | Uitgeverij de Brouwerij – Brainbooks | ISBN 9789080564206 | 252 p. | € 21,99

Foto: Judith de Graaf signeert Ontijd
Foto’s boekpresentatie: © PD
Update: september 2025 (Lay-out)

Familieroman over voltooid leven

Vroeg of laat kom je in aanraking met het thema van dit boek. Over de ethische en filosofische dimensies van het zelfgekozen levenseinde is veel gezegd en geschreven. De debuutroman van Judith de Graaf, Ontijd, die ondanks het thema licht van toon is geschreven, duikt in de relationele en psychologische kant ervan. Wat brengt iemand tot een dergelijk besluit en hoe ervaren verschillende naasten deze keuze, ook als ze voorstander zijn van zelfbeschikking en euthanasie?

How much of my mother have my mother left in me?
How much of my love will be insane to some degree?
And what about this feeling that I’m never good enough?
Will it wash out in the water, or is it always in the blood?

John Mayer
(In the blood)

(Opdrachtpagina in Ontijd)

Over het boek: 
Als kunstenaar Leo door een beroerte niet meer kan schilderen, valt de bodem onder zijn bestaan weg. De aankondiging dat hij zijn levenseinde in eigen hand wil nemen, slaat bij zijn drie kinderen in als een bom. Ze reageren ieder op hun eigen wijze; de oudste, arts, blijft proberen haar vader op andere gedachten te brengen en weigert er concreet bij betrokken te worden. Haar broer accepteert de keuze en gaat een noodzakelijke confrontatie aan met zijn vader, vanuit de realisatie: nu of nooit. De jongste dochter voelt zich in de steek gelaten en neemt voor het eerst haar lot in eigen hand. Ook dwingt ze haar vader om een traumatisch verlies uit zijn verleden onder ogen te zien.’

(Boekhandel Broese)

!Donderdag 9 februari is de boekpresentatie van Ontijd bij boekhandel Broese, Oudegracht 112b, 3511 AW Utrecht, 030 – 233 5200, op de plek van het voormalig postkantoor.
Judith de Graaf* wordt geïnterviewd door filosofieredacteur bij Trouw, Peter Henk Steenhuis. De avond begint om 18 uur en eindigt om 20 uur. De toegang is gratis, de inloop is vanaf 17.30 uur.
Aanmelden voor deze boekpresentatie – indien er nog plaats is – kan via klantenservice@broese.nl. 

Bronnen: o.a. Broese.nl

Ontijd – familieroman over voltooid leven | Judith de Graaf  | 2023 | Literaire roman, novelle | Uitgeverij de Brouwerij – Brainbooks | ISBN 9789080564206 | 252 p. | € 21,99

*Judith de Graaf (1964) is een in Utrecht gevestigde psychotherapeut en systeemtherapeut en biedt individuele psychotherapie, partnerrelatietherapie en gezinstherapie aan (jong)volwassen cliënten, alsook leertherapie en supervisie voor de NVRG Nederlandse Vereniging voor Relatie- en Gezinstherapie), NVP (Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie) en ICEEFT (International Centre for Excellence in Emotionally Focused Therapy). De Graaf is daarnaast een gecertificeerd EFT (Emotionally Focused Therapy) therapeut.

Update: 9-2-2023

Helpen leven is ook helpen sterven

helpenstervennrc2012

Gert-Jan Segers creëert een valse tegenstelling als hij telkens benadrukt dat wij onze ouderen moeten helpen leven en niet helpen sterven. Helpen leven is helpen sterven, eenvoudig omdat sterven bij het leven hoort.’ Dit stelt theoloog, schrijver en dichter Wim Jansen. ‘De gerichtheid namelijk op het loslaten van het ik, het leven, de geliefden en verzoening met de dood. Dat heeft niets met ‘ondraaglijk lijden’ te maken maar met bewust leven. Voorbereiding op de dood is daar een onderdeel van.’


‘Nu het rapport Voltooid leven onder leiding van Els van Wijngaarden is verschenen, laait de discussie over de doodswens bij ouderen opnieuw hoog op. Uiteraard vanuit dezelfde stellingen: voor- en tegenstanders van (hulp bij) zelfdoding vanaf 75-jarige leeftijd. Met dezelfde spelers: Gert-Jan Segers van de ChristenUnie en Pia Dijkstra van D66. Het valt me op dat in die discussie één aspect structureel onbelicht blijft: de levensfase waarin mensen verkeren.’ (NieuwWij)


Jansen vertelt over het christendom dat van de aartsvaders zegt dat zij oud waren en ‘van het leven verzadigd’. Dat Prediker beeldend de ouderdom beschrijft als de ‘jaren waarin men weinig vreugde meer vindt’.

‘En Paulus, oud – voor die tijd – en vooral moegestreden vertelt in Filippenzen hoe er van twee kanten aan hem getrokken wordt. Dat hij enerzijds wil blijven leven om nog goed werk te kunnen doen voor zijn naasten, maar dat hij er anderzijds vurig naar ‘verlangt om te sterven en in Christus te zijn’. Verlangen naar de dood wordt door hem blijkbaar als volkomen legitiem gezien. Dit zo geheel anders dan ik signaleer bij zijn christelijke nazaten.’ 

Het is frappant dat Paulus voelt hoe er aan hem getrokken wordt van twee kanten, zegt Jansen. Dat is precies wat de theoloog in zijn omgeving, vooral in het pastoraat, ook vaak heeft waargenomen bij mensen in een min of meer eindfase. Waarbij het trekken van ‘gene zijde’ allengs sterker wordt en zij meer en meer onthecht raken.

‘Houden zij dan niet meer van hun dierbaren? Natuurlijk wel, maar liefde in de vierde levensfase staat op het punt te worden getransformeerd tot een loslatende liefde.  Een pure liefde voorbij de affecties. Dat te accepteren en te respecteren is de weg die de achterblijvende geliefde moet gaan. Het is tevens de weg van de samenleving.’ 

De theoloog vertelt in zijn artikel ook over de vier levensfasen bij het hindoeïsme. Dat men zich in de vierde en laatste periode geheel richt op de ziel die als onsterfelijk wordt beschouwd.

‘Het enige verlangen dat men koestert, is de bevrijding uit de kringloop van geboorte en sterfte. Meditatie, gebed en sociaal werk zijn in deze levensperiode belangrijke waarden. Kenmerkend voor deze fase is een leren loskomen van het ego en het  leven, oftewel onthechting.’

Bij Carl Jung, aldus de theoloog, lopen die fasen meer door elkaar, zijn minder leeftijdgebonden, maar zij komen in grote lijnen overeen.

De eerste fase noemt hij de atleet, sterk gericht op het uiterlijk. De tweede fase de strijder, die zichzelf waar moet maken. De derde fase de betrokkene, die meer en meer oog krijgt voor de ander. De vierde fase is die van de wijze geest, die zichzelf overstijgt in het niet-materiële. Ook hier is onthechting het sleutelwoord.’

Een deel van de reactie van kunstenaar en domineeszoon Gustaaf Rutgers op het artikel van Wim Jansen wil ik de lezer niet onthouden:

‘Samenleving, onthecht u alstublieft! Iedere ziel is in essentie levenslang en in mijn mystieke ogen eeuwig drager van zijn of haar wel of niet integer handelen. In leven en in sterven. In eeuwigheid. Wie zijn wij om een andere ziel te verplichten te blijven? Is de aardse aanwezigheid van het lichaam alhier heiliger dan de hemelse aanwezigheid van de ziel aldaar? Wijze mensen kijken voorbij de materiële perceptie. Doch de perceptie der wijzen is in onze gemeenschap helaas geen gemeengoed.’

Zie: De missing link in de discussie ‘Voltooid leven’  (NieuwWij)

Beeld: nrc.nl

28 maart 2025:
Bericht (Facebookgroep Ongrond, Contemplatie en mystiek) “Vandaag, aan het begin van de middag, is in zijn woning in Vlissingen theoloog, schrijver en dichter Wim Jansen overleden op 74-jarige leeftijd. Op 1 april is er in de Koorkerk in Middelburg een ‘gedachtenisdienst’. Iedereen is welkom. Aanvang: 15.00 uur. Binnenkort een uitgebreider bericht.”

‘Wat wil iemand die zegt dat hij dood wil?’

girl-holding-key-to-heaven-stewartblackburn

Over het taboe van de grens tussen leven en dood. ‘Wat wil iemand die zegt dat hij dood wil?’ Dat is de vraag die filosoof en theoloog Paul van Tongeren uitvoerig uitdiept in Willen sterven. Met dit essay, over autonomie en het voltooide leven, staat de auteur op de shortlist voor De Socratesbeker 2019 die in april wordt uitgereikt. In 2013 won Van Tongeren met Leven is een kunst. De Socratesbeker wordt ieder jaar uitgereikt aan de auteur van het ‘meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek’.  

Willen sterven
Wat wil iemand die zegt dat hij dood wil?’ vraagt Van Tongeren in Willen sterven. In het essay houdt hij consequent vast aan deze vraag en hoopt dat de lezer het geduld kan opbrengen om zijn verbazing over de vraag niet onmiddellijk te laten leiden tot een afwijzing van zijn verwondering over die wens. De auteur wil duidelijk proberen iets meer te begrijpen van wat iemand wil, als hij zegt dat hij dood wil.

Alleen al het stellen van de vraag lijkt een belediging voor degene die deze wens of wil kenbaar maakt. Het antwoord is toch met de vraag gegeven? Iemand die dood wil, wil immers gewoon dat: dood!’

Duiteindelijke vraag van Willen sterven is de vraag naar wat het betekent als iemand zegt dat hij dood wil. De eerdere vraag is echter die naar de redenen om die uiteindelijke vraag te blijven stellen: met welk recht kan ik denken dat iemand die dood wil, niet alleen maar en gewoonweg dat wil wat hij zelf aangeeft, namelijk er niet meer zijn, de dood? Van Tongeren is evenwel van mening dat evenmin als een mens tegen zijn zin gedood mag worden, hij gedwongen mag worden om tegen zijn zin voort te leven.

Als het leven zelf een last wordt, mag niemand ons verbieden die last van ons af te werpen. Als we willen voorkomen dat we op een onwaardig geachte manier wegkwijnen, moeten we het recht hebben het heft in eigen hand te nemen. Wie anders dan elke mens zelf zou mogen beslissen over het eigen leven en sterven – uiteraard binnen de condities waarmee de wet de rechten van andere mensen beschermt. En het eigenlijke punt bij dat alles is natuurlijk, dat wie zijn leven wil beëindigen daarbij de hulp moet kunnen krijgen die hij nodig acht. Want, met de woorden van een Zuid-Afrikaanse ethicus: ‘een verbod op hulp bij zelfdoding is een finale aanslag op mijn zelfbeschikking’.’ (Van Tongeren verwijst naar de woorden naar Willem Landman, als geciteerd in Van Niekerk, 2017, p. 239)

Wat is eigenlijk ‘willen’?
M
aar de auteur  – die zich met dit essay richt op een breder publiek dan zijn collega’s in de filosofie – vraagt zich vooral af wat dat eigenlijk is, die wil van ons, dat we die zelf kunnen bepalen? Wat is eigenlijk ‘willen’? En wat betekent dat in het geval van ‘dood willen’. De vraag ‘Waar komt toch die vraag vandaan naar wat dat willen betekent?’ tekent de zoektocht van Van Tongeren: ‘Waarom kunnen we niet simpelweg aannemen dat iemand die zegt dat hij dood wil, gewoon niets anders wil dan dat: dood-zijn, niet meer leven? Klaar!’  

Wie anders dan ik zelf zou het recht hebben om zelf te beslissen over mijn leven? In dit essay ‘Willen sterven’ van Paul van Tongeren wordt die notie autonomie nader onderzocht, evenals het begrip van de wil, dat immers een centrale rol speelt in die veronderstelde autonomie. In existentiële keuzesituaties stuit de autonomie op haar grenzen. Paul van Tongeren zet de filosofie in voor een verheldering van de problemen die schuilgaan achter de vanzelfsprekendheden van de eigen tijd.’ (Uitgeverij Kok)

Kan dat wel: dood willen
V
an Tongeren heeft het vermoeden dat er iets niet klopt als iemand zegt dat hij dood wil, als hij tenminste denkt dat dit niets anders betekent dan dat wat hij zegt. Anders en misschien nog vreemder gezegd: de auteur wil nagaan of dat wel kan: dood willen.

De vraag wat ‘willen’ eigenlijk betekent is veel te groot voor een essay, zegt Van Tongeren. Hij richt zich daarom vooral op wat er aan het licht komt omtrent de wil op het moment dat hij ‘ontdekt’ wordt. Filosofe Hannah Arendt (van de trilogie: Het leven van de geest, waarvan Willen deel 2 is) neemt hij daarbij mee als gids. Van Tongeren gaat op zoek naar de ‘voorgeschiedenis’ van de wil – en de autonomie – en komt bij zijn speurtocht onder meer terecht bij de Grieken en de Romeinen; bij Aristoteles (de Ethica); bij de filosofen van de Stoa; Sophokles met zijn Antigone; Paulus; Augustinus (Belijdenissen); Immanuel Kant; Friedrich Nietzsche. In het vijfde hoofdstuk diept Van Tongeren het begrip ‘dood willen’ verder uit. (‘De wil kruipt waar hij niet kan gaan’)

Laten we luisteren naar mensen van nu die uitdrukking geven aan hun wens om te sterven en vragen naar wat die wens ons leert over de wil, zijn autonomie, zijn vastbeslotenheid en zijn rechten. Enerzijds met het ‘theoretische’ doel om te zien of er een verband is tussen die stervenswens en wat we over de wil gezien hebben. Maar anderzijds natuurlijk ook met een praktisch doel. Want om te weten hoe we moeten antwoorden op een vraag, moeten we op de eerste plaats proberen die vraag zo goed mogelijk te verstaan.’

Willensterven

Voltooid leven
D
e auteur gaat in op het promotieonderzoek (Universiteit voor Humanistiek) van Els van Wijngaarden Voltooid Leven – over leven en willen sterven, naar mensen die hun leven willen beëindigen, omdat zij het als ‘voltooid’ beschouwen. Ze zijn er ‘helemaal klaar mee’. Dat laatste klinkt voor Van Tongeren als een negatieve connotatie bij de ‘montere en bijna rooskleurige term ‘voltooid leven’.’ Bij hem blijft het vermoeden doorwerken dat er iets niet klopt in de wil om te sterven.

Die wil wordt geprikkeld door elke grens die aan hem wordt opgelegd, elke macht die zich aan hem opdringt, bijvoorbeeld de macht van de realiteit van ziekte en aftakeling. Maar is juist die wil niet problematisch in geval van de dood? Kan die wil, de wil om zelf het heft in handen te houden, zichzelf willen opheffen?’

Van Tongeren bespreekt het ambivalente en de paradoxen in de interviews die Van Wijngaarden hield. En ook hier betrekt hij het denken van Augustinus erbij. Mensen lijken soms gevangenen te worden van hun eigen autonome beslissing. Van Wijngaarden komt volgens de auteur tot dezelfde conclusie als die wij zouden verwachten op basis van het introspectieve onderzoek van Augustinus: dat het waarschijnlijk veel te simpel is om deze keuze te zien als een vrije zelfbeschikking. (Een nieuw onderzoeksrapport van Van Wijngaarden wordt eind 2019 verwacht.)

Ik wil het wel, doodgaan, maar in mijn gevoel, in mijn ziel, zal ik maar zeggen, kan ik het niet aanvaarden. Daar wringt het.’ (Een uitspraak van een man in genoemd onderzoek.)

In het laatste hoofdstuk En nu? denkt Van Tongeren verder door over ‘een problematisch willen’, over ‘leven doe je niet alléén’ en ‘leven dóe je niet alleen’. En over ‘de wet en het taboe’, waarbij hij duidelijk stelt dat de afsluiting van zijn betoog niet de ‘conclusie’ ervan betekent. Het gaat hem in dit essay vooral om wat er aan vooraf gaat. Wel geeft hij een paar suggesties voor wat ons te doen staat.

Het taboe-karakter van die grens tussen leven en dood betekent niet zonder meer dat er nooit gedood kan worden; het verplicht alleen tot de grootst mogelijke voorzichtigheid, en kan niet eenvoudigweg door onze eigen willekeur worden overstemd.’


‘Zou het geheim van begin en einde niet draaglijker worden, wanneer we erkennen dat we ge­dragen werden voordat we geboren waren, en dat we door anderen gedragen zullen worden nadat we gestorven zijn?’ (Uit: Mens-zijn doe je niet alleen, Paul van Tongeren)


Een opmerkelijk en bijzonder boek dat aanzet tot doordenken. Oppervlakkig gedacht kan je snel een idee hebben over dood ‘willen’, maar bij dit boek gaan je gedachten zeker mee de diepte in en verblijf je langer bij het ‘willen’. ‘Hoe ver reikt de wil?’

Willen sterven | Paul van Tongeren | ISBN 9789043529457 | Uitgeverij Kok | 1e Druk | 12-04-2018 | 80 pag. | Paperback | Filosofie | € 11,99 | E-book € 6,99Paul van Tongeren is hoogleraar wijsgerige ethiek aan de Radboud Universiteit Nijmegen, buitengewoon hoogleraar ethiek aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven (België) en geassocieerd onderzoeker van de Universiteit van Pretoria (Zuid-Afrika). Zijn boek Leven is een kunst (Klement 2012) won in 2013 de Socratesprijs voor het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek.

Beeld: nuvolanevicata (It.)

Samen sterven na een lang gedeeld leven

Een goede dood

Ton Vink studeerde filosofie, godsdienstwetenschappen, geschiedenis en psychologieen promoveerde in de filosofie. Daarnaast begeleidde hij jarenlang mensen die overwogen hun leven te beëindigen. Hij schreef een zorgvuldig onderbouwd pleidooi voor gereflecteerde zelfbeschikking. Met Een goede dood laat Vink zien dat we ons minder moeten bezighouden met de procedurele en juridische kant van euthanasie en meer met de vraag wat een goede dood nu eigenlijk inhoudt.

Vink heeft een praktijk voor levenseindevragen. Jarenlang begeleidde hij mensen die overwogen hun leven te beëindigen. Hij schuwt niet om moeilijke vragen te stellen: Wat is een goede dood? En wie bepaalt dat? Vink neemt ons mee in een wereld die ons allemaal aangaat.

Wat is een goede dood? En wie bepaalt dat? De vraag naar het goede van een goede dood wordt vaak verwaarloosd. Ten onrechte, want vraagstukken omtrent een goed levenseinde zijn van groot belang.’ (Vink)

Te vaak wordt het levenseinde beoordeeld vanuit juridisch en procedureel perspectief. In Een goede dood – euthanasie gewikt en gewogen breekt Vink een lans voor een nieuwe manier van denken over euthanasie. Het regisseren van het eigen levenseinde is een moeilijk proces. Vink toont op overtuigende wijze aan hoe en waarom de huidige aanpak van overheid en justitie het proces verder verzwaart. Op basis van een scherpe analyse van concepten als ‘autonomie’ biedt Vink duidelijke handvatten voor broodnodige veranderingen.

‘Thanasiewet’
Een goede dood schuwt moeilijke kwesties niet en verliest ook het individu niet uit het oog. In een gebalanceerd geheel van theoretische en praktische reflectie deelt Vink de vaak ontroerende verhalen van mensen die concreet de regie en zeggenschap over hun eigen levenseinde zochten. Zo neemt hij ons mee in een wereld die ons allemaal aangaat.

Onze wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (hierna ‘WTL’ of ‘euthanasiewet’, maar correcter zou eigenlijk zijn: ‘thanasiewet’, want aandacht voor het goede van de dood die conform de regels van de WTL bezorgd wordt, is er niet. In mijn ogen is de vraag naar het goede van een goede dood ten onrechte verwaarloosd.’ (Uit: Een goede dood)

TonVinkTon Vink (foto: TV) gaat in zijn boek expliciet op deze vraag in en probeert hij antwoord te geven op de vraag naar de kenmerken die tezamen de aanleiding kunnen zijn zo’n dood goed te noemen.

En – belangrijk – dat hoeft overigens niet altijd een variant van een zelfgezochte dood te zijn, al is die laatste wel hoofdthema van dit boek.’ (Uit: Een goede dood)

Samen sterven
Eerder schreef Vink een opiniestuk in Trouw waarin hij een ‘pleidooi’ houdt voor samen sterven. Hij wil een derde ‘euthanasiewet’ voor de groep ‘samen sterven’.

Ouderen die samen wensen te sterven, niet omdat hun leven ‘voltooid’ is, maar omdat de een bij het onvermijdelijk geworden verscheiden van de ander na een lang gedeeld leven niet alleen achter wil blijven. Tegenover ‘voltooid leven’ heeft ‘samen sterven’ het voordeel van duidelijkheid. (Ton Vink in Trouw)

De Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (WTL) is volgens Vink gebaseerd op ‘open normen’ en dat maakt mogelijk dat deze wet kan meebewegen met opvattingen binnen de samenleving, ‘vooruitstrevend’ of ‘behoudend’.

Wie na rijp beraad besluit dat zijn levensweg erop zit (‘voltooid’ is) kan, na zorgvuldige voorbereiding, zo nodig zichzelf een ‘goede dood’ bezorgen. Vanwege de eigen verantwoordelijkheid en de goede dood heet dit ‘zelf-euthanasie’, te onderscheiden van ‘artsen-euthanasie’, de goede dood onder verantwoordelijkheid van de arts.’

Een goede dood | Ton Vink | ISBN 9789086872244 | pag. 144 | Verschijnt vandaag | NUR 730 | UITGEVER Klement | € 19,99

Bronnen: Persbericht uitgeverij Klement; Trouw

Het belang van het ‘voltooid leven’-voorstel

voltooidlevenvoorstel

Elsbeth Etty toetst de uitspraken van SGP-leider Kees van der Staaij over euthanasie aan de roman Amsterdam van Ian McEwan, waarin Molly Lane het recht ontzegd wordt om waardig te sterven. Over Van der Staaij zegt Etty in De Groene Amsterdammer dat het ware schandaal is dat een politicus die de rede veracht, artsen uitmaakt voor moordenaars.

Ze stierf ‘zonder besef, als een beest, verlaagd, ontluisterd, nog voor ze iets kon regelen of zelfs afscheid kon nemen’.’

Afgelopen juli nam Etty afscheid van André Roelofs, oud-journalist van De Waarheid en de Volkskrant. Hij zou in augustus 86 zijn geworden. De columniste kende Roelofs meer dan veertig jaar en beschouwde hem als leermeester en vriend.

Kort voor zijn euthanasie bezocht Etty hem thuis. ‘Het is op’, zei hij. Lopen ging niet meer, en wat erger was: lezen en schrijven ook niet. Als hij langer had gewacht en zijn doodswens niet meer bij zijn volle bewustzijn had kunnen uiten, was het hem vergaan als Molly Lane in Ian McEwans roman Amsterdam. Zij werd beslopen door een ziekte, verloor de greep op haar lichaamsfuncties en raakte hersendood.

Over Roelofs zegt Etty dat hij opgewekt en waardig afscheid heeft genomen van zijn dierbaren, die zijn besluit respecteerden.

Juist die ochtend werd het in The Wall Street Journal verschenen propagandastuk van SGP’er Kees van der Staaij besproken.’

Etty zag in die krant een schoolvoorbeeld van nepnieuws over het voorstel van D66 om stervenshulp mogelijk te maken aan ouderen zoals André Roelofs, die hun leven voltooid achten.

Volgens Van der Staaij, principieel voorstander van de doodstraf, staat daarmee in Nederland ‘het fundamentele recht van leven onder druk’. ‘Wat tien tot vijftien jaar geleden écht ondenkbaar werd geacht door voor- en tegenstanders, is nu gewoon praktijk’, voegde hij daaraan toe.’

Amsterdam is al in 1998 geschreven, McEwan ontving hiervoor de Booker Prize. Etty zegt dat in het boek de perverse fantasie van Van der Staaij werkelijkheid wordt. Uit alles blijkt dat McEwan de spot drijft met zo’n scenario.

AmsterdamEtty stelt dat de overheid natuurlijk niet hoort te beslissen over hoe en wanneer zij doodgaat, maar vindt wetgeving, die waardig sterven faciliteert en hulp bij zelfdoding onder strikte voorwaarden niet langer strafbaar stelt, iets totaal anders dan een moordende overheid.

Juist om te voorkomen dat de alleszins redelijke Nederlandse euthanasiewetgeving tot ongelukken leidt, bijvoorbeeld omdat een wilsverklaring (anders dan een testament) niet meer geldt als je dement bent of in coma raakt, is het ‘voltooid leven’-voorstel van belang.’

Amsterdam | Ian McEwan | Uitgeverij De Harmonie | april 2008 | Vertaling Rien Verhoef | ISBN10 9061698502 | ISBN13 9789061698500 | € 17,50
Tijdens de crematie van Molly Lane komen twee oude vrienden elkaar tegen: de bekende componist Clive Linley en Vernon Halliday, hoofdredacteur van een kwaliteitskrant. Beiden hebben een verhouding met Molly gehad en ze zijn geschokt door de totale aftakeling die hun vriendin heeft moeten meemaken. (Uit: Biblion recensie)

Zie: ‘Schandaal in Nederland’ (De Groene Amsterdammer)

Beeld: nvve.nl