‘Gij blijft mijn Christuskind kruisigen’


Moeder Gods en de ‘onverwachte vreugde van Jeromi’

UITGELICHT
EN TOCH: ‘DE ONVERWACHTE VREUGDE.
‘Gij zelf en alle zondaars blijven door uw misdaden mijn Kind kruisigen’, is het antwoord van de Moeder Gods aan Jeromi die in zijn leven veel misdrijven had begaan. Nochtans had hij de gewoonte bewaard driemaal per dag te bidden tot de Moeder Gods.
Op een bepaalde dag, terwijl Jeromi weer kwaad beraamde en als gewoonte bad, scheen plots de icoon te leven: uit de zijde van het Kind, uit zijn handen en voeten, begon ineens bloed te vloeien. – De titel van de icoon staat rechts boven in de rand in het Kerkslavisch geschreven: Moeder Gods en de ‘onverwachte vreugde van Jeromi’.

‘De vergeving die hij ontvangt door de onvoorziene tussenkomst
van de Moeder Gods is “de onverwachte vreugde”.’

(TÓTH IKONEN)

Begon ineens bloed te vloeien…

‘…Daarop vraagt hij aan de Moeder Gods: “Almachtige, wie heeft dat gedaan?” Zij antwoordt hem: ”Gij zelf en alle zondaars blijven door uw misdaden mijn Kind kruisigen”.’

Bekering
Vanaf dat ogenblik bekeert Jeromi zich.

‘De vergeving die hij ontvangt door de onvoorziene tussenkomst van de Moeder Gods is “de onverwachte vreugde”.’

Bijzondere betekenis
Deze bijzondere Russische icoon werd eind 19e eeuw traditioneel geschilderd. Je kan een verdiept gedeelte (‘kovcheg’) onderscheiden van de buitenrand. De buitenrand (‘polya’ of ‘verhoogde kovcheg’) heeft een bijzondere betekenis:

‘Deze verhoogde kovcheg wordt waargenomen als een barrière tussen onze natuurlijke wereld en de geestelijke wereld, zoals op de icoon uitgedrukt wordt. Zij wil echter ook een contactpunt zijn tussen deze beide werelden, daarom wordt de aureool ook doorgeschilderd tot in de [verhoogde] kovcheg.’

Concilies Efeze en Nicea
De Moeder Gods speelt een belangrijke rol in de liturgie en in het dagelijks leven van de orthodoxe gelovige. Op het oecumenische concilie van Efeze (431) werd bepaald dat de Moeder van Christus van alle andere Maria’s onderscheiden moest worden.

‘Omdat op het eerste oecumenische concilie van Nicea in 325 bepaald werd dat de Zoon Christus in wezen met de Vader één is, was het vanzelfsprekend dat Maria als Moeder van de Zoon, de Moeder van God genoemd werd. Vanaf dat moment heeft zij deze naam gedragen in de orthodoxe kerk.’

Symboliek
Het symbolische van de icoon is de relatie tussen de noodlijdende mens (Jeromi, links) en Maria, van wie wordt verwacht dat zij troost en hulp zal bieden.

‘De afbeelding is geïnspireerd door het verhaal van de heilige Dimitri van Rostov over de bekering van een zondaar. Geheel rechts staat de Moeder Gods afgebeeld met het Christuskind in haar linkerarm. (…) Zij heeft als Moeder der Kerk de goddelijke status ontvangen.’

‘De zijnde, Hij die wezenlijk is’
De icoon (13.1 cm x 11 cm) is geschilderd met ei-temperaverf op levkas (= lagen, die soms tot zeven keer worden aangebracht ter voorbereiding van het schilderen van een icoon) op hout. In de aureool van het Christuskind staat de afkorting HO-OON. Dit is overgenomen uit het Grieks en betekent: ‘De zijnde, Hij die wezenlijk is’.  

Bronnen:
*
TÓTH IKONEN, specialist in Russische iconen uit 16e – 19e eeuw. (Met dank aan Ferenc en Christel Tóth) – Literatuur: Maria, Russische Gnadenbilder, H. Skrobucha; Maria – Ikon uitgave de Wijenburgh; Liturgikon Messbuch der Byzantinischen Kirche; Heiligen der Russische Kirche; Gottesdienst zu Ehren aller Heiligen der Rus’ (1978).
* Natural PigmentsDe Kovcheg Of Ark In Icon Panels
Update: april 2026 (Lay-out)

Geen schoonheid en troost in atheïstisch wereldbeeld Waldo Swijnenburg

parallel-universes

Dat toonaangevende atheïsten vaak een negatief mens- en wereldbeeld verkondigen is een van de redenen dat het atheïsme wereldwijd zo weinig populair is. Zo vervangen zij een zinvol leven door een doelloos bestaan en zetten de mens neer als een ‘omhooggevallen aap’ in plaats van een ‘gevallen engel’. Aldus de achterflap van het boek De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God. Toch kan volgens schrijver Waldo Swijnenburg een werkelijkheid zonder God wel degelijk mooi, menselijk en zelfs magisch zijn.

Filosoof Jan-Auke Riemersma leest zijn boek en vindt dat filosoof, socioloog en psycholoog Swijnenburg de mens echter niet veel te bieden heeft als het om levensbeschouwelijk goed gaat en maakt hij de titel van zijn boek niet waar.

De onsterfelijkheid wordt bij hem betaald met een enorme vermenigvuldiging van het leed en de term ‘rechtvaardigheid’ komt in zijn woordenboek niet voor. Het werk van Swijnenburg valt tegen, althans voor iemand die enige levensbeschouwelijke diepgang verwacht. De woorden ‘troost’ en ‘schoonheid’ zijn eigenlijk niet van toepassing op zijn levensbeschouwelijke visie.’

Swijnenburg

Riemersma vindt de toon van Swijnenburg wel verfrissend, hij heeft ook niet dat neerbuigende toontje waarmee de nieuwe atheïsten zich vaak bedienen. Maar een ‘knock-out’ argument tegen het geloof in God bestaat niet volgens Riemersma.

Swijnenburgs afhandeling van de vraag waarom God het kwaad toelaat komt echter aardig dicht in de buurt van een knock-out argument. Met zijn argumenten dwingt hij de theïst op de knieën. Het probleem van het kwaad blijft de achilleshiel van het theïsme en Swijnenburg maakt optimaal gebruik van deze zwakte.’

Het fine-tuningargument komt ook ter sprake. Swijnenburg vindt dat het sterkste argument voor het theïsme en beschrijft de argumenten van voor- en tegenstanders. Riemersma noemt dit, en zijn behandeling van het kwaad, een van de beste delen van De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God. De atheïst blijkt de beste papieren te hebben voor dit argument.

quantum_cartoon

Uiteindelijk komt hij tot de conclusie dat de atheïst de beste papieren heeft daar die zich geruggensteund weet door het zogenaamde multiversum: wie uit een zeer groot kledingmagazijn kan kiezen, zo citeert Swijnenburg de astronoom Martin Rees, zal altijd wel een pak vinden dat hem als gegoten zit. Tussen de vele universa vinden we er altijd wel een die geschikt is voor leven. We hebben daarom geen God nodig die de werkelijkheid zo inricht dat er op termijn leven zal ontstaan.’

waldoswijnenburgVolgens Waldo Swijnenburg (foto: uitgeverij Balans) sterven we misschien alleen maar in dit universum, maar gaan we door in andere. Volgens hem bestaan er mogelijk oneindig veel versies van onszelf, waarbij de geschiedenis net een andere wending heeft aangenomen. Riemersma vindt dit geen troostrijke gedachte en vindt het jammer dat de schrijver dit probleem niet oplost en uitwerkt.

Hij verstrekt ons een technische oplossing voor het probleem van de sterfelijkheid, maar bekommert zich niet om het levensbeschouwelijke probleem van het ‘lijden’ dat inherent is aan de vele werelden-theorie. Voor iemand die zegt ons een volwaardige levensbeschouwing te kunnen verschaffen is dit niet voldoende. Het laat zich gemakkelijk raden dat het menselijk lijden, als we dat met vele werelden vermeerderen, eenvoudigweg moet worden afgewezen.’

Zelf vindt Riemersma dat wie het bestaan van vele werelden verdedigt, er rekening mee moet houden dat het bestaan van God wellicht ook mogelijk is…

Zie: Swijnenburg, een wereldbeeld zonder god

De schoonheid en de troost van een wereldbeeld | Waldo Swijnenburg Paperback | 290 blz. | Uitgeverij  Balans | 2014 | EAN: 9789460039065 

Illustr: achterdesamenleving.nl
QuantumCartoon: space.mit.edu
UPDATE: 10.34 uur