Godsverduistering in gesprekken tussen gelovigen en ongelovigen

Theoloog en filosoof Rik Peels hoopt dat de tijd nu rijp is voor verdieping en dat er ‘gesprekken ontstaan die mensen daadwerkelijk iets brengen’. Hij wil bezielende gesprekken over ‘levensoriëntatie, of die nou religieus of seculier is’. Misschien zoiets als atheïst en filosoof Stine Jensen voorstaat: ‘Cultuuratheïsme, waar atheïstisch culturele bronnen als film of literatuur voor troost en zingeving kunnen zorgen.’ – Schijntroost. ‘De werkelijkheid van God verdwijnt,’ zegt godsdienstfilosoof Martin Buber.

‘Ik zal als gelovige beargumenteren dat we veel van atheïsten kunnen leren’
(Rik Peels)

Atheïsme
Het ‘belang van atheïsme’ stond 25 november 2024 centraal in deBalie in Amsterdam. Peels (met microfoon) vond het ‘eigenlijk fantastisch wat hier gebeurt’ in de bijeenkomst waar het essay Goddeloos van filosoof en atheïst Stine Jensen het licht zag.

Leven zonder God
Opvallend is dat in Leven zonder God (mei 2024) en Goddeloos (oktober 2024) elkaar overlappende, aanvullende teksten en verwijzingen zijn te vinden. Beide zitten vol atheïsme. In zijn Leven zonder God vraagt Peels zich af of er – los van de vraag of de atheïstische argumenten het bestaan van God weerleggen – misschien iets te leren valt van atheïsme.
De samenvatting ervan zegt onder meer: ‘Met deze rijke verkenning van doelbewust leven zonder God transformeert Rik Peels [hoogleraar Analytische en Interdisciplinaire Godsdienstfilosofie] het debat tussen atheïsten en gelovigen tot een streven naar een dieper begrip van elkaar’. Van elkaar? Mooi, en van God?

Eenzaamheid en ontheemding
‘Ook zien jongere generaties de seculiere samenleving steeds meer als leeg en verweesd, zonder een dieper, verbindend verhaal. Een maatschappij in crisis. Terwijl religies draaien om traditie, verworteling en gemeenschap, worden veel jongeren in deze tijd geplaagd door eenzaamheid en ontheemding.’
(Peels in: Leven zonder God)


‘De seculieren zijn in de meerderheid: je kunt tegenwoordig in Nederland prima opgroeien
zonder ooit een wat langer en diepgaander gesprek met een gelovige te hebben.’
(Rik Peels in Leven zonder God)

Religie
Jongere generaties weten vaak nagenoeg niets van religie, zegt Peels in Leven zonder God.

‘Zelfs niet de basics als: waar staat het woord ‘Tenach’ voor, wie schreven het Nieuwe Testament of hoe is de Koran volgens de overlevering ontstaan? In zo’n situatie zijn religieuze mensen interessant: groepjes in de marge die wellicht iets te melden hebben, iets waarvan we kunnen leren en wat ons kan inspireren.’
(Peels in: Leven zonder God)

Geloof
Peels heeft het met de basics over religiewetenschap of religiecultuur. Interessant misschien, maar dat is kennis, ratio. Dan gaat het niet over de relatie tot God, laat staan over een persoonlijke God. De sprong in het geloof,* (waarbij men de rede achter zich laat en zich overgeeft aan het idee God), krijgt geen kans als je interessant met elkaar discussieert over wie, wat, waar en wanneer schreef.

* Een term van ‘antifilosoof’ Søren Kierkegaard: de sprong in het geloof, vanuit het zekere spring je naar het geloof. Door die sprong ga je de wereld echter anders zien, een dieper begrip ontvang je en ook een diepere waarheid die eeuwig is en niet doorontwikkeld hoeft te worden.’ 

‘Verdachtmaking en ontmenselijking’
In de Bijbel ontwaart Peels een ‘soort verdachtmaking en ontmenselijking’ waar hij zich ‘volstrekt niet prettig bij voelt’. Hij doelt op passages die zeggen dat ‘wie oprecht zoekt Hem daadwerkelijk zal vinden’. Nogal heftige woorden gebruikt Peels in Leven zonder God, een ontdekkingsreis naar de kern van het atheïsme. Hem echt vinden, vraagt nogal wat van jezelf. Sommige diehard kloosterlingen hebben Hem zelfs (nog) niet gevonden.

Dat alle atheïsten onoprecht zouden zijn, lijkt me niet geloofwaardig – in elk geval is dat een soort verdachtmaking en ontmenselijking waar ik me volstrekt niet prettig bij voel. Hoe komt het dan dat sommige atheïsten God niet vinden, hoewel ze in alle eerlijkheid naar Hem zoeken? Om een bevredigende oplossing voor dit uitdagende probleem te vinden, moeten we atheïsme eerst beter begrijpen.
(Rik Peels in: Leven zonder God)

 
‘Ik werd overvallen door een diep innerlijk weten dat er geen God is, en dat dit klopte.’
(Stine Jensen, in NRC)

Het recht om niet te geloven
Natuurlijk is het niks om ‘alleen maar te steggelen over het bestaan van God’, zoals Jensen het formuleert. – Steggelen om ongeloof is ook niet ‘gezellig en boeiend’. Jensen strijdt voor het recht om niet te geloven. Wil de hoogleraar Publieksfilosofie met ‘baldadig teder atheïsme’ de strijd aangaan met de dertien landen waar op niet-geloven de doodstraf staat? Gaat zij daar het recht om niet te geloven beschermen? Goddeloos zijn in Nederland is eenvoudig, in de Verenigde Arabische Emiraten zie ik haar nog niet op de barricaden staan. Atheïst zijn in deBalie kan vrijblijvend.

Gebrek aan levenskracht
De Oostenrijks-Israëlisch-joodse godsdienstfilosoof en Bijbelgeleerde Martin Buber (1878-1965) zou nu zeggen dat de god van de filosofen Peels en Jensen ‘alleen voor de rede toegankelijk is en door gebrek aan levenskracht alleen een bedenkelijk moreel surrogaat biedt voor de levende God’.

‘Uiteindelijk leidt de zo gevormde moderne ervaring tot de conclusie dat god dood is. Deze uitspraak van de wijsgeer Nietzsche staat niet op zichzelf, want Nietzsche ziet de afwezigheid van God als een gemis en zijn dood als een moord.’
(Martin Buber)

Godsverduistering
In Godsverduistering stelt Buber dat de afwezigheid van de ontmoeting met God en tussen de mensen onderling het gevolg is van het verlies van de werkelijkheid van God. God is een abstract idee of een ongrijpbaar iets geworden. – En dat is precies wat dreigt in de ‘bezielende gesprekken’ van Peels die wil streven naar een ‘dieper begrip voor elkaar’. Die bezieling zal van korte duur zijn. Eenzaamheid en ontheemding heeft meer nodig dan begrip. Volgens Buber blijft de mens dan toch ‘eenzaam achter met zijn gedachtespinsels’. Peels hoopt intussen dat het ‘atheïsme meer smoel krijgt’.


‘De verduistering van het Godslicht is geen uitdoven,
morgen reeds kan wat tussenbeide trad geweken zijn.’
(Martin Buber – hoopvol – in Godsverduistering)

Martin Buber
In Godsverduistering gaat Buber in op het werk van Nietzsche, Bergson, Heidegger, Sartre en Jung, die in hun filosofie gestalte gaven aan het door hem als Godsverduistering gekenmerkte karakter van de tijd waarin hij leefde (1878-1965).

Vooral is hierbij zijn aandacht en kritiek gericht op de tendens in hun werk om het goddelijke binnen het menselijke te trekken; allengs wordt ons zo uiteengezet hoever het moderne denken in zijn aanmatiging de religieuze werkelijkheid te kunnen beoordelen, de legitieme grenzen heeft overschreden.’
(Cover Godsverduistering, Collectie Labyrint, 1979)

Beeld: Naast de presentator (l.) zitten Rik Peels, Femke Lakerveld en Pooyan Tamini Arab. Deelnemers aan het gesprek in deBalie. (Foto: Ronald Bakker / RD)
Update 10 07 2025 / november 2025

‘Wie de mensen leert te sterven, leert ze te leven’

Religie kan in de laatste fase van ons leven troost bieden. Zelfs degenen die niets hebben met religie hopen dat er ‘toch iets is’. Bij gelovige mensen kan troost echter veranderen in twijfel: ‘Misschien is er toch niets na de dood.’ Mensen hebben soms ‘geloof’ in de medische wetenschap. Hooguit biedt dat voor korte of langere tijd troost, en hoop. – Waarom zou je je eigenlijk alleen richten op die laatste fase van je leven? “Wie zijn heden verprutst, is de slaaf van zijn toekomst,” zegt filosoof en meesterschrijver Seneca.

‘Voor niets krijgen we zo veel voorbereidingstijd als voor de dood.
Is het dan niet vreemd dat vrijwel niemand erop voorbereid is?’

(Pedagoog Ferdinand Hellers)

‘We weten niets van de dood’
V
olgens de Vlaamse filosofe Patricia de Martelaere (1957-2009) zetelt de doodsangst in het lichaam. Daarnaast bezit de mens de geest en die beschikt over een ‘wonderlijke kracht’, namelijk het vermogen om los te laten. Een levenslang oefenproces.

‘Een voorbeeld van deze oefening in loslaten is het kritisch onderzoeken van onze vooroordelen over de dood. We zijn vaak geneigd om de dood als iets verschrikkelijks te zien, terwijl we er eigenlijk niets van weten. Wie afstand van dit vooroordeel doet, kan geruster sterven.’
(Simone Bassie en Michel Dijkstra, in Filosofie Magazine)

‘Hun hele leven staat stil’
D
e Vlaamse psycholoog Manu Keirse (78), hoogleraar verliesverwerking aan de Katholieke universiteit Leuven, zegt dat iedereen doodgaat en we het onszelf alleen maar moeilijker maken door ons daar niet bewust van te zijn.

‘Je ziet het ook bij mensen die hun hele leven als een wagon vasthangen aan de locomotief die hun partner is. Als die locomotief plots stopt met rijden, staat hun hele leven stil.’
(Manu Keirse)

Besef
I
n de hedendaagse literatuur kom je meer en meer verhalen, romans en essays tegen over leven en dood. Schrijver en kunstenaar Jan Cremer (84) zei onlangs:

‘Je komt alleen, je leeft alleen en gaat alleen. Als je dat beseft, kun je alles aan in het leven.’
(Jan Cremer)


‘De kunst van het sterven’

The Meaning of Life
C
remer heeft zíjn manier gevonden om goed om te gaan met leven en dood. Het gaat inderdaad om besef; het leven leren begrijpen om beter voorbereid te zijn op de dood. Filosoof Terry Eagleton (81), schrijver van The Meaning of Life, zegt dat als je ouder wordt, en veel meemaakt, je verandert. Hij krijgt daardoor juist meer gevoel voor het geloof waarin hij ruimte vindt voor verdriet en kwetsbaarheid, en voor de dood. Hij probeert te leven met de dood.

Dat wil niet zeggen dat ik niet bang ben. Dat ben ik wel. Maar je moet het op een akkoordje gooien met de dood, zoals je dat moet doen met alles wat onvermijdelijk is: of je raakt verbitterd en boos als je mensen om je heen ziet sterven, of je komt tot een relatie met de dood, een modus vivendi – dat is een centraal uitgangspunt in het christendom.’
(Terry Eagleton)

De kunst van het sterven
H
oogleraar filosofie Simon Critchley (64), van New School for Social Research in New York, schreef Over mijn lijk – Wat filosofen en hun dood ons leren. Volgens de auteur is het de hoogste tijd om ons opnieuw te verdiepen en te bekwamen in de kunst van het sterven.

De moderne mens probeert de dood uit alle macht te negeren, waardoor hij des te meer gebukt gaat onder doodsangst.’
(Simon Critchley)

Vrijheid
Critchley werd onder anderen geïnspireerd door filosoof en schrijver Michel de Montaigne (1533 – 1592): “Wie geleerd heeft te sterven, heeft afgeleerd slaaf te zijn.” Hij trekt daaruit de conclusie dat ‘je instellen op de dood niets minder is dan je instellen op vrijheid’.

‘Wie de mensen leert te sterven, leert ze te leven’
(Montaigne)


‘The Teaching of Buddhism’ (Hilma af Klint)

De laatste levensfase kan je vóór zijn
A
nderen ontdekken het vrije van de filosofie juist als welkom alternatief voor het rigide geloof waarvan ze zich hebben losgeworsteld. Filosoof Seneca (4 v. Chr. – 65 n. Chr.) bijvoorbeeld, biedt verrassende inzichten waarmee je je tijdens je leven al goed kunt voorbereiden op de laatste levensfase. Die fase kan je vóór zijn. Ruim vóór zijn. Hij schreef Levenskunst. Filosofische essays over leven en dood. Daarmee duidde hij er eeuwen geleden al op dat je niet moet wachten op je laatste levensfase. Over senioren zegt hij:

Als een aandoening ze weer bewust gemaakt heeft van hun sterfelijkheid, wat sterven ze dan in panische angst! (…) Ze zijn stom geweest, roepen ze, ze hebben niet geleefd, o, als ze deze ziekte overleven, dan gaan ze het echt rustig aan doen’.’
(Seneca)

Beter is het nú te leven
M
et Seneca kom je onvermijdelijk tot de conclusie dat het beter is nú te leven, en daar schrijft de filosoof bijna vrolijk, laconiek en troostend over. De filosoof bereidt je uitnodigend voor op je laatste levensfase en onze tijd niet te verspillen.

‘Het leven is lang genoeg. We krijgen royaal de ruimte om dingen af te maken, als we al die tijd maar goed besteden. Maar als het leven door onze vingers glipt in onze zucht naar luxe en door desinteresse, als we er niets goeds mee doen, zien wij de feiten pas onder ogen in uiterste nood: eerst beseften we niet hoe het voortging, daarna merken we dat het voorbij is’.’
(Seneca)

Anders omgaan met je doodsangst
Levenskunst 
staat vol met de kunst hoe te leven. Seneca’s vele ‘lessen’ kunnen je wijzer maken. Je leert anders om te gaan met je angst voor de dood, bij velen sluimerend aanwezig. Maar uiteindelijk kan je Seneca misschien ook nazeggen:


Lucius Annaeus Seneca – Peter Paul Rubens

‘En wanneer de laatste dag is aangebroken, aarzelt de wijze niet: met ferme tred loopt hij de dood tegemoet’
(Seneca)

Beeld: Altaarstuk nr. 1, deel van een drieluik, Hilma af Klint (1862 – 1944) – ‘Diegenen die de gave hebben dieper te zien, kunnen voorbij de vorm kijken en zich concentreren op het wonderlijke aspect dat schuilgaat achter elke vorm, leven genaamd.’ (Hilma af Klint)
Beeld de kunst van het sterven: Typex, de Volkskrant
Beeld The Teaching of Buddhism, Hilma af Klint, No. 3d, 1920, oil on canvas, 37.5 x 28 cm, 14.76 x 11.02 in., © Stiftelsen Hilma af Klints Verk.
Beeld Afraid of the dark of of the light? Facebook
Beeld Seneca: The Dying Seneca, Peter Paul Rubens (1577 – 1640), Wiki.

‘Houd vol, want verdriet heeft niet het laatste woord’

De Australische songwriter en dichter Nick Cave geeft in Geloof, hoop en ravage nieuwe woorden aan (christelijke) mystiek als hij beschrijft hoe hoop te vinden is in de wanhoop. Een boek vol troost, dat hoop wil geven aan wie zelf rouwt: houd vol, want verdriet heeft niet het laatste woord. Cave’s boek is een weerslag van intieme gesprekken met de Ierse zanger, schrijver en journalist Seán O’Hagan.
🎸The Wild God Tour: Nick Cave and the Bad Seeds: 26 en 27 September 2024 – Amsterdam – Ziggo Dome | 30 oktober 2024 in Sportpaleis, Antwerpen 🎸

‘Als Nick Cave reflecteert over de aard van rouw doet hij dat
op werkelijk ontroerende wijze en filosofisch diepzinnig’

(Trouw)

De VPRO noemde Nick Cave vijf jaar geleden al ‘ervaringsdeskundige van het leven’. En The Guardian schreef: ‘Het beneemt je de adem.’

Ik ben gaan beseffen dat de wereld niet beheerst wordt door het kwaad, zoals ons zo vaak verteld wordt, maar door liefde, en dat, ondanks het lijden van de wereld, of misschien wel in opstand daartegen, mensen zich om je bekommeren.’
(Nick Cave)

In Geloof, hoop en ravage vertelt Nick over de lockdown:

Ik maakte tijdens die coronazomer een rare periode van bezinning door. Ik zal het nooit vergeten: zitten op mijn balkon, eindeloos lezen, heel veel nieuw werk schrijven, het beantwoorden van vragen op The Red Hand Files. Het was een interessante tijd, ondanks het voortdurende gegons van angst en wanhoop op de achtergrond.’
(Nick Cave)


‘Een zeer interessante beschouwing over kunst en de kernwaarden in ons leven.’
(Journalist en muziekliefhebber Leo ‘popprofessor’ Blokhuis)

Rouw kan een louterend effect hebben. Hij stelt eisen aan ons. Hij vraagt ons empathie te hebben, begripvol te zijn, vergevingsgezind te zijn, ongeacht ons lijden. Of om onszelf af te vragen: waar dient het allemaal voor? Wat is de zin van dit alles?’
(Nick Cave)

Geloof, hoop en ravage is ‘een klaagzang’, recenseert The Guardian, ‘een feest, een schreeuw, een seculier gebed, een strijdkreet, een meditatie en een voortreffelijke verwoording van de menselijke conditie’.

Misschien is God het trauma zelf… Als je rouwt, raak je diep vertrouwd met het besef van de menselijke sterfelijkheid. Je reist af naar een duistere plek en je gaat tot het uiterste in je eigen pijn – je wordt naar de grenzen van het lijden gebracht. Voor zover ik het kan zien, heeft deze plek van lijden een transformerende werking.’
(Nick Cave, in Geloof, hoop en ravage)

Volgens Trouw ontdekte Cave in religie ruimte voor twijfel en mysterie die hij in de seculiere en op ratio gerichte samenleving mist, benoemt stamelend waar hij zelf God denkt te ontwaren, en biecht op dat hij tegenwoordig zelfs op zondagmorgen naar de kerk gaat.

Als hij reflecteert over de aard van rouw, bijvoorbeeld, doet hij dat op werkelijk ontroerende wijze en filosofisch diepzinnig.
(Trouw)

Nick Cave is eigenlijk vooral een ‘rockgod’, zo door zijn vele fans genoemd. Samen met zijn band The Bad Seeds heeft hij al vele albums gemaakt. Te zien 26 en 27 september 2024 in Ziggo Dome en 30 oktober 2024 in Sportpaleis, Antwerpen.


Nick Cave & The Bad Seeds (Keulen, 2022)

Nick Cave and The Bad Seeds worden beschouwd als een van de beste live acts van dit moment. In het kader van hun aankomende album ‘Wild God’ komen zij naar Amsterdam Ziggo Dome en Antwerpen Sportpaleis . 

I never think about how a record is going to go live, it never, ever occurs to me. The lyric writing process is way too hard to take ideas like that into consideration.  But, when I listen to ‘Wild God’ now, I think we can really do something epic with these songs live. We’re really excited about that – the record just feels like it was made for the stage.” 
(Ziggo Dome: Nick Cave over het album)

🎸 The Wild God Tour: Nick Cave and the Bad Seeds: 26 en 27 september 2024 – Amsterdam – Ziggo Dome | 30 oktober 2024 in Sportpaleis, Antwerpen 🎸


26 en 27 September 2024 – Amsterdam – Ziggo Dome

Bronnen:
* The Red Hand Files
(Nick Cave)
* Trouw: Een ontroerend boek van Nick Cave, ooit punkrocker, die nu stamelend over God spreekt
* VPRO: Hoe Nick Cave harten stal door vragen te beantwoorden
* The Guardian: Nick Cave and the Bad Seeds: Ghosteen recensie – de mooiste nummers die hij ooit heeft opgenomen –
Volgens Alex Petridis is Cave’s stem rijker dan ooit op ‘dit verbluffende dubbelalbum dat wanhoop tegenover empathie en geloof plaatst’.
* Nick Cave: FAITH, HOPE AND CARNAGE – OUT NOW
* Nick Cave lyrics: Ghosteen
* Ziggo Dome
* OOR 15 maart 2025

* Geloof, hoop en ravage | Nick Cave | Vertaling: Daan Savert | KokBoekencentrum | 320 blz. | € 27,99 | E-book  € 11,99
Geloof, hoop en ravage is een betoverend boek over de turbulente levensreis van Nick Cave. Het verkent existentiële vragen over geloof, kunst, muziek, vrijheid, verdriet en liefde en stapt zonder terughoudendheid Cave’s leven in, van zijn vroege jeugd tot het heden, met inbegrip van zijn liefdes, zijn onwankelbare arbeidsethos, de dood van zijn zoon en zijn opmerkelijke metamorfose in recente jaren. Dit boek is een weerslag van intieme gesprekken met journalist Seán O’Hagan en reikt ladders van hoop en inspiratie aan, gebracht door een ware visionair.’ (KokBoekencentrum)

Foto: Ghosteen Ltd – Kunstwerk voor Ghosteen door Nick Cave en de Bad Seeds.
Foto Nick Cave: Keulen (2022) – You Tube (Full Concert – Arlindo Ferreira)
Updates: sept. 2024 (lay-out + en link The Wild God Tour)

‘Gij blijft mijn Christuskind kruisigen’


Moeder Gods en de ‘onverwachte vreugde van Jeromi’

EN TOCH: ‘DE ONVERWACHTE VREUGDE. – ‘Gij zelf en alle zondaars blijven door uw misdaden mijn Kind kruisigen’, is het antwoord van de Moeder Gods aan Jeromi die in zijn leven veel misdrijven had begaan. Nochtans had hij de gewoonte bewaard driemaal per dag te bidden tot de Moeder Gods. Op een bepaalde dag, terwijl Jeromi weer kwaad beraamde en als gewoonte bad, scheen plots de icoon te leven: uit de zijde van het Kind, uit zijn handen en voeten, begon ineens bloed te vloeien. – De titel van de icoon staat rechts boven in de rand in het Kerkslavisch geschreven: Moeder Gods en de ‘onverwachte vreugde van Jeromi’.

‘De vergeving die hij ontvangt door de onvoorziene tussenkomst
van de Moeder Gods is “de onverwachte vreugde”.’

(TÓTH IKONEN)

Begon ineens bloed te vloeien…

‘…Daarop vraagt hij aan de Moeder Gods: “Almachtige, wie heeft dat gedaan?” Zij antwoordt hem: ”Gij zelf en alle zondaars blijven door uw misdaden mijn Kind kruisigen”.’

Bekering
Vanaf dat ogenblik bekeert Jeromi zich.

De vergeving die hij ontvangt door de onvoorziene tussenkomst van de Moeder Gods is “de onverwachte vreugde”.’

Bijzondere betekenis
Deze bijzondere Russische icoon werd eind 19e eeuw traditioneel geschilderd. Je kan een verdiept gedeelte (‘kovcheg’) onderscheiden van de buitenrand. De buitenrand (‘polya’ of ‘verhoogde kovcheg’) heeft een bijzondere betekenis:

Deze verhoogde kovcheg wordt waargenomen als een barrière tussen onze natuurlijke wereld en de geestelijke wereld, zoals op de icoon uitgedrukt wordt. Zij wil echter ook een contactpunt zijn tussen deze beide werelden, daarom wordt de aureool ook doorgeschilderd tot in de [verhoogde] kovcheg.’

Concilies Efeze en Nicea
D
e Moeder Gods speelt een belangrijke rol in de liturgie en in het dagelijks leven van de orthodoxe gelovige. Op het oecumenische concilie van Efeze (431) werd bepaald dat de Moeder van Christus van alle andere Maria’s onderscheiden moest worden.

Omdat op het eerste oecumenische concilie van Nicea in 325 bepaald werd dat de Zoon Christus in wezen met de Vader één is, was het vanzelfsprekend dat Maria als Moeder van de Zoon, de Moeder van God genoemd werd. Vanaf dat moment heeft zij deze naam gedragen in de orthodoxe kerk.’

Symboliek
H
et symbolische van de icoon is de relatie tussen de noodlijdende mens (Jeromi, links) en Maria, van wie wordt verwacht dat zij troost en hulp zal bieden.

De afbeelding is geïnspireerd door het verhaal van de heilige Dimitri van Rostov over de bekering van een zondaar. Geheel rechts staat de Moeder Gods afgebeeld met het Christuskind in haar linkerarm. (…) Zij heeft als Moeder der Kerk de goddelijke status ontvangen.

‘De zijnde, Hij die wezenlijk is’
D
e icoon (13.1 cm x 11 cm) is geschilderd met ei-temperaverf op levkas (= lagen, die soms tot zeven keer worden aangebracht ter voorbereiding van het schilderen van een icoon) op hout. In de aureool van het Christuskind staat de afkorting HO-OON. Dit is overgenomen uit het Grieks en betekent: ‘De zijnde, Hij die wezenlijk is’.  

Bronnen:
*
TÓTH IKONEN, specialist in Russische iconen uit 16e – 19e eeuw. (Met dank aan Ferenc en Christel Tóth) – Literatuur: Maria, Russische Gnadenbilder, H. Skrobucha; Maria – Ikon uitgave de Wijenburgh; Liturgikon Messbuch der Byzantinischen Kirche; Heiligen der Russische Kirche; Gottesdienst zu Ehren aller Heiligen der Rus’ (1978).
* Natural PigmentsDe Kovcheg Of Ark In Icon Panels

Geen schoonheid en troost in atheïstisch wereldbeeld Waldo Swijnenburg

parallel-universes

Dat toonaangevende atheïsten vaak een negatief mens- en wereldbeeld verkondigen is een van de redenen dat het atheïsme wereldwijd zo weinig populair is. Zo vervangen zij een zinvol leven door een doelloos bestaan en zetten de mens neer als een ‘omhooggevallen aap’ in plaats van een ‘gevallen engel’. Aldus de achterflap van het boek De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God. Toch kan volgens schrijver Waldo Swijnenburg een werkelijkheid zonder God wel degelijk mooi, menselijk en zelfs magisch zijn.

Filosoof Jan-Auke Riemersma leest zijn boek en vindt dat filosoof, socioloog en psycholoog Swijnenburg de mens echter niet veel te bieden heeft als het om levensbeschouwelijk goed gaat en maakt hij de titel van zijn boek niet waar.

De onsterfelijkheid wordt bij hem betaald met een enorme vermenigvuldiging van het leed en de term ‘rechtvaardigheid’ komt in zijn woordenboek niet voor. Het werk van Swijnenburg valt tegen, althans voor iemand die enige levensbeschouwelijke diepgang verwacht. De woorden ‘troost’ en ‘schoonheid’ zijn eigenlijk niet van toepassing op zijn levensbeschouwelijke visie.’

Swijnenburg

Riemersma vindt de toon van Swijnenburg wel verfrissend, hij heeft ook niet dat neerbuigende toontje waarmee de nieuwe atheïsten zich vaak bedienen. Maar een ‘knock-out’ argument tegen het geloof in God bestaat niet volgens Riemersma.

Swijnenburgs afhandeling van de vraag waarom God het kwaad toelaat komt echter aardig dicht in de buurt van een knock-out argument. Met zijn argumenten dwingt hij de theïst op de knieën. Het probleem van het kwaad blijft de achilleshiel van het theïsme en Swijnenburg maakt optimaal gebruik van deze zwakte.’

Het fine-tuningargument komt ook ter sprake. Swijnenburg vindt dat het sterkste argument voor het theïsme en beschrijft de argumenten van voor- en tegenstanders. Riemersma noemt dit, en zijn behandeling van het kwaad, een van de beste delen van De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God. De atheïst blijkt de beste papieren te hebben voor dit argument.

quantum_cartoon

Uiteindelijk komt hij tot de conclusie dat de atheïst de beste papieren heeft daar die zich geruggensteund weet door het zogenaamde multiversum: wie uit een zeer groot kledingmagazijn kan kiezen, zo citeert Swijnenburg de astronoom Martin Rees, zal altijd wel een pak vinden dat hem als gegoten zit. Tussen de vele universa vinden we er altijd wel een die geschikt is voor leven. We hebben daarom geen God nodig die de werkelijkheid zo inricht dat er op termijn leven zal ontstaan.’

waldoswijnenburgVolgens Waldo Swijnenburg (foto: uitgeverij Balans) sterven we misschien alleen maar in dit universum, maar gaan we door in andere. Volgens hem bestaan er mogelijk oneindig veel versies van onszelf, waarbij de geschiedenis net een andere wending heeft aangenomen. Riemersma vindt dit geen troostrijke gedachte en vindt het jammer dat de schrijver dit probleem niet oplost en uitwerkt.

Hij verstrekt ons een technische oplossing voor het probleem van de sterfelijkheid, maar bekommert zich niet om het levensbeschouwelijke probleem van het ‘lijden’ dat inherent is aan de vele werelden-theorie. Voor iemand die zegt ons een volwaardige levensbeschouwing te kunnen verschaffen is dit niet voldoende. Het laat zich gemakkelijk raden dat het menselijk lijden, als we dat met vele werelden vermeerderen, eenvoudigweg moet worden afgewezen.’

Zelf vindt Riemersma dat wie het bestaan van vele werelden verdedigt, er rekening mee moet houden dat het bestaan van God wellicht ook mogelijk is…

Zie: Swijnenburg, een wereldbeeld zonder god

De schoonheid en de troost van een wereldbeeld | Waldo Swijnenburg Paperback | 290 blz. | Uitgeverij  Balans | 2014 | EAN: 9789460039065 

Illustr: achterdesamenleving.nl
QuantumCartoon: space.mit.edu
UPDATE: 10.34 uur