‘Religie nog steeds opium van de massa’

Jordy Meow Pixabay

Dat zegt Theoloog des Vaderlands Samuel Lee. Je verwacht dat niet, maar als je zijn artikel in De Linker Wang leest, begrijp je al gauw dat hij niet houdt van religie, van religieuze systemen. Jezus heeft volgens hem ook nooit de intentie gehad om een religieus systeem te bouwen. ‘Hij was niet eens een christen.’ En God zelf? ‘Die heeft geen religie.’ Lee wil niet verstrikt raken in dogma’s en doctrines, en is God dankbaar dat hij niet in een christelijke omgeving werd geboren. Lee gelooft dat religie nog steeds opium is van de massa. ’Het christendom is mensenwerk, dat inzicht verruimt mijn blik.’


Een werkelijk universeel geloof
T
om Holland stelt in zijn boek Heerschappij dat ‘een kleine joodse sekte’ ertoe bijdroeg dat een nieuw volk kon ontstond waar man en vrouw, jood en Griek, slaaf en vrije, Romein en barbaar, vrij zouden zijn. Er ontstond een werkelijk universeel geloof waar iedereen bij mag horen. – Nu is in de loop der eeuwen dat geloof veelal verworden tot religie als opium, maar in de kern kon iedere gelovige indertijd vrij zijn. In deze tijd proberen steeds gelovigen meer tot een nieuw, vrij, geloof te komen.)
(Zie: Het revolutionaire van christelijke waarden)

Geloof kan revolutionair zijn
Samuel Lee zegt in De Groene Amsterdammer dat vrijheid centraal staat in zijn denken. ‘Vrijheid is een kernwaarde van mijn geloof. We vergeten alleen vaak om buiten onze groep te denken, we vergeten dat dit ook iets zegt over hoe we moeten omgaan met moslims en hindoes en gays en atheïsten, met zwart en met wit.’ – Lee denkt als theoloog zo vrij als Jezus, kan je zeggen. Zijn geloof heeft niets met religie als systeem te maken. In die zin kan religie (lees: geloof) ook nu revolutionair zijn. Er zijn steeds meer tekenen die daarop wijzen. Een mooi voorbeeld is Overvecht waarover De Groene verslag doet.


Religie als machtsinstrument
L
ee zegt uit een land in het Midden-Oosten te komen, een land dat hij liever niet noemt. Er heerst daar een theocratie, in dit geval een islamitische heerschappij, die zich bemoeit met de meest elementaire zaken uit het persoonlijke leven. 

Van wie mag je houden? Met wie mag je trouwen? Het klinkt belachelijk, maar ook bijvoorbeeld met welke voet je als eerste de WC moet betreden. Als kind stond ik wel open voor godsdienst, maar langzamerhand ontdekte ik dat het niet klopte. Ik zag mensen dood in bomen hangen, ter dood gebracht, met daarbij juichende mensen die God prezen. Religie als machtsinstrument. Het beeld van God dat daar uit oprijst is angstaanjagend. Ik was boos op God en op religie.’

‘Wereld groter dan doctrines en traditie’
H
ij is heel blij juist van buitenaf naar de dingen te kunnen kijken, zegt de doctor in de theologie. Hij komt immers niet uit een christelijke omgeving. Dat verrijkt hem en geeft hem misschien ook kans om christenen in Nederland een spiegel voor te houden, om uit hun bubbel te komen.

De wereld is groter dan jouw doctrines en traditie. De wereld is zoveel rijker.’

Vermoeide discussies
L
ee heeft respect voor christenen en kerken, en hij begrijpt ze ook wel.

Maar als ik discussies hoor over de kinderdoop of de heilige maaltijd, dan word ik daar zo moe van. Het zijn vermoeiende discussies, waardoor je mensen van je vervreemdt in plaats van dat je ze kunt binden en boeien.’

Jezus stelde geloofstraditie al ter discussie
I
n zijn leven heeft Jezus al zijn zekerheden neergelegd, de wetten en regels van zijn geloofstraditie ter discussie gesteld, omwille van liefde, omwille van een mens, zegt Lee. Hij denkt daarbij aan acties zoals een genezing op de sabbat.

Dat ging in tegen de heersende doctrine. Hij sprak als jood met een Samaritaanse vrouw en ging om met melaatsen en prostituees. Jezus heeft niet alleen zijn leven gegeven, maar alle heersende regels en codes op zijn kop gezet. En wat doen veel kerken vandaag? Vasthouden aan regels en opvattingen terwijl ze daardoor mensen kwijt raken. Durf je omwille van de liefde normen en doctrines opzij te zetten?’

‘Doorbreek de muren!’
J
e moet niet exclusief blijven denken, maar inclusief gaan kijken en handelen, stelt Lee, niet alleen houden van je eigen club, je eigen groep en je eigen doctrines, maar van de hele wereld. In deze tijd, aldus Lee, zou Jezus zeggen dat je uit je systeem moet komen, muren moet doorbreken en de wereld liefhebben.

Niet alleen je eigen club, de farizeeërs, maar ook de Samaritaan. Heb de moslims lief, heb de Palestijn lief, heb de Jood lief, heb de LHBT-er lief! Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn, maar heb elkaar werkelijk lief. Doorbreek de muren!’

Afscheid van religie
D
e theoloog nam afscheid van religie als systeem en omarmde de boodschap van Jezus.

Jezus is een deur, maar wij trekken muren op. Voor mij persoonlijk is de kerk niet een gebouw of instituut, maar de plek waar twee of meer mensen in de naam van Jezus samenkomen om op weg te gaan. Niet volgens theoloog zus of zo, maar de Jezus van de Bergrede.’

Zie De Linker Wang – mei 2020: ‘Het christendom is mensenwerk, dat inzicht verruimt mijn blik’

Foto: Jordy Meow  (Pixabay) – ‘Tempel Otagi Nenbutsu-Ji wordt bewoond door ruim 1200 rakan, expressieve stenen weergaven van Boeddha’s volgelingen. Je ziet ze met een brutale grijns en bedekt met mos, schreeuwend met hun armen richting de hemel en verlegen weggedoken in een hoek. De een heeft een tennisracket in de hand, de ander een fles sake en er schijnt zelfs een Super Mario-figuur aanwezig te zijn.’ (National Geographic, Kyoto, Japan)

Atheïst roept de échte God aan

even-better-than-knowing-god-s-name-hddpdv5i-desiringgod.org

Volgens Bart Klink, van De Atheïst, zijn ‘Godgeleerden het al eeuwen fundamenteel met elkaar oneens en gaan ze daar ook niet uitkomen zonder betrouwbare kenmethoden en criteria waaraan claims getoetst kunnen worden’. Hij schrijft hierover in zijn blog Wil de échte God alstublieft opstaan, en verzoekt de Eeuwige eens wat duidelijkheid te verschaffen, ‘omdat de theologen na vele eeuwen nog geen stap verder zijn’. – Curieus, een atheïst, gefascineerd door de Bijbel en theologie, die een beroep doet op iemand die niet bestaat, en dan ook nog roept om de ‘échte’.

Valt het de Nieuwe Atheïsten dan werkelijk te verwijten dat zij bekritiseren wat miljoenen gewone gelovigen geloven, in plaats van wat een handjevol theologen beweert? Daarnaast heeft dit geloof van het gewone volk veel meer invloed op de wereldse gang van zaken, en die is lang niet altijd positief (godsdienstoorlogen, religieus terrorisme, homo-intolerantie, creationisme enz.).’ (Bart Klink)

Dat het ‘gewone volk’ hiervan de schuld krijgt is nogal een bewering. Onder het ‘gewone volk’ vind je nu net niet de oorlogsstichters, terroristen, homo-‘intoleranten’ en creationisten. De ‘gewone’ gelovige is doorgaans vredelievend en wil samenleven en -wonen met andere gelovigen en ook met niet-gelovigen. Klink ziet extremisten blijkbaar als ‘gewoon volk’ en dan kan ik me indenken dat hij alleen maar in atheïsme gelooft, want overal om hem heen zijn ‘gewone’ gelovigen, miljoenen, miljarden.

Theologie is ook wel eens vergeleken met tennissen zonder net, maar volgens mij is het nog erger. Het is niet eens duidelijk of je wel een racket hoeft te gebruiken (rationeel te argumenteren) of zelfs maar binnen de lijnen hoeft te spelen (überhaupt dingen kunt zeggen die onwaar zijn). Sommigen menen zelfs dat we niet eens wat over de bal kunnen zeggen. Toch beweren ze allemaal hetzelfde spel te spelen. De criticus die dit schouwspel vanaf een afstand gadeslaat en zich afvraagt of de spelers niet gewoon maar wat in de lucht aan het slaan zijn, wordt verweten dat hij dit gesofisticeerde spel niet begrijpt.’ (Bart Klink)

Theoloog des Vaderlands Stefan Paas – op 30 december 2018 nog bij Het Vermoeden (waarin de ambassadeur van de theologie in Nederland op een heel zuivere manier, als een ‘gewone’ gelovige, over zijn geloof vertelt aan Marleen Stelling) – reageert op de site Geloof & Wetenschap op Klinks artikel. Paas zegt het absurd te vinden dat Klink wetenschappen verdacht maakt door te stellen dat ze ‘gekenmerkt worden door veel debat, of omdat ze met moeilijke vragen bezig zijn’.

De fundamentele theologische onenigheid is niet alleen een probleem op zichzelf, ze duidt op een nog groter onderliggend probleem: hoe kunnen we weten welke uitspraken over God of het goddelijke waar zijn? Er is geen toetsingscriterium waarover theologen het eens kunnen worden, geen gedeelde onderzoekmethode. Er is ook geen gedeelde en gevalideerde kenmethode die ons betrouwbare informatie over het goddelijke kan leveren. Theologen doen allerlei uitspraken over God, maar van geen van die uitspraken kan gecontroleerd worden of ze kloppen, met een wildgroei aan speculaties tot gevolg. Hoe kunnen we dan ook maar iets zeggen over God?’ (Bart Klink)

Volgens Klink, ook gefascineerd door atheïstische filosofen zoals Etienne (Over God) Vermeersch en Herman (God in the Age of Science?) Philipse, zijn theologen ‘het al eeuwen fundamenteel met elkaar oneens over God’. Integendeel, zegt Stefan (God bewijzen) Paas, theologen zijn het vaak genoeg eens, ook over God. Het is volgens hem best mogelijk om, in de context van een filosofische of theologische discussie, afspraken te maken over de definities die gehanteerd worden.

Zo kunnen we ook prima een zinvol gesprek voeren over God. De geschiedenis laat dat ook zien. Rond grote woorden zoals ‘God’ vormen zich tradities waarin mensen gedeelde opvattingen hebben over de betekenis van die begrippen. De historische realiteit is dat onder theologen en in religieuze tradities wel degelijk vormen van overeenstemming zijn bereikt. In de christelijke traditie zijn die bijvoorbeeld opgeslagen in credo’s, waarvan sommige zelfs oecumenisch ofwel universeel erkend zijn. Kom daar eens om in de filosofie bijvoorbeeld.’ (Stefan Paas)

rightgodsuchanek.name

Klinks claim dat theologen niet beschikken over ‘betrouwbare kenmethoden en criteria waaraan claims (over God) getoetst kunnen worden’ wordt door Paas gelogenstraft, want theologen spreken over God op basis van ‘ruwe data’ die ze vinden in geschriften zoals de Bijbel en de Koran, en op basis van wat hierover in een lange traditie is geschreven.

Zij verwerken die data, zetten die in een theoretisch kader, brengen dit in relatie tot andere bronnen van kennis, en komen zo tot voorstellen hoe vandaag verantwoord gesproken kan worden over God. Zij doen dat volgens transparante en rationele methoden, doorgaans tekstanalyse en filosofische reflectie. Daarbij zijn zij in gesprek met theorieën en inzichten uit andere wetenschappen, doorgaans literatuurwetenschap, historiografie, sociale wetenschappen, en filosofie. Maar vaak ook met natuurwetenschappen. Aan dit alles is niets esoterisch of geheimzinnigs.’ (Stefan Paas)

Paas is benieuwd op welke wetenschap Klinks eigen criteria voor wetenschappelijkheid zijn gebaseerd, daar de atheïst in de langere versie van zijn artikel op zijn weblog over filosofie zegt: ‘Voor wie meent dat filosofen zonder een beroep te hoeven doen op de wetenschap kunnen bepalen hoe de wereld in elkaar zit, geldt mijn kritiek inderdaad ook’.

Klinks benadering is, zo te zien, van het tweede soort: deductief. Een ‘gezonde’ wetenschap moet leiden tot consensus onder de beoefenaren, en zij moet beschikken over ‘betrouwbare kenmethoden’ en toetsingscriteria. En de ‘betrouwbaarheid’ van die methoden en criteria lijkt weer in hoge mate afhankelijk van de vraag of zij consensus produceren (de cirkelredenering in het betoog is nogal opzichtig.)’ (Stefan Paas)

De universiteit lijkt Paas bij uitstek de plek waar de mensheid haar belangrijkste vragen bespreekt, ook vragen over hoe een bedrijf menswaardig wordt geleid, wat het goede leven is en wat het betekent om ‘God’ te zeggen en in God te geloven.

Dat de ene discipline tot meer consensus leidt of tot meer economisch gewin dan de andere, dat zal waar wezen. Sommige vragen zijn nu eenmaal moeilijker dan andere. ‘Het begrijpen van kernfysica is kinderspel vergeleken met het begrijpen van kinderspel’ (Niels Bohr). (Stefan Paas)

Zie:

* Wil de échte God alstublieft opstaan? (Geloof & Wetenschap)
* Wil de échte God alstublieft opstaan? (Langere versie – De Atheïst)
* Theologie als wetenschap: respons op Bart Klink (Geloof & Wetenschap)

Beeld: desiringgod.org

Islam centraal in pleidooi voor inclusief, zelfkritisch christendom

religie-islam-2

De christelijke traditie wordt, ook door christenen, gebruikt om de islam verdacht te maken. Dat zeggen twee theologen, een des Vaderlands en een des Twitterlands. Janneke Stegeman en Alain Verheij schreven een manifest voor een christendom zonder moslimhaat. De ‘joods-christelijke cultuur’ wordt misbruikt om openlijke moslimhaat in te verpakken. Zie bijvoorbeeld de grootste partij in de peilingen die alle Nederlandse moslims hun grondrechten wil ontnemen. De theologen roepen dat als vertegenwoordigers van een solidaire generatie gelovigen graag een halt toe.

Wij constateren dat de samenleving die zich zo trots seculier noemde, steeds vaker schermt met haar ‘joods-christelijke’ wortels. Die wortels zien wij als gevaarlijke fictie, als een mythe die niets is dan een stok om moslims mee te slaan en een muur om hen buiten te sluiten.’

De theologen stellen dat joden de eerste groep was die geracialiseerd werd in het westers christendom. Dat bereidde de weg voor het buitensluiten van andere groepen: zwarten, moslims.

Antisemitisme is niet daadwerkelijk verdwenen, en dat zal het ook niet, zolang we niet kijken naar mechanismen van uitsluiting in de westerse christelijke traditie. We spreken over een joods-christelijke traditie alsof er geen jodenvervolging is geweest.’

Dat laatste maakt het volgens de opstellers van het manifest ook zo makkelijk moslims te zien als inherente antisemieten, en niet te zien wat de overeenkomsten zijn tussen uitsluiting van moslims nu en joden toen, en tussen racisme tegen joden, tegen moslims en tegen zwarten.

Stegeman en Verheij stellen dat wie de islam gewelddadig noemt, er goed aan doet zich te verdiepen in de westerse geschiedenis van kolonialisme en de ideologische rol van het christendom daarin.

Als uitverkoren volk van God waren we geroepen overal het evangelie te brengen (praktisch: iedereen onze cultuur en regering door de strot te duwen). Gerechtigd om slaven te maken van iedereen die niet wit was, die vervloekte zonen van Cham, en hen te beroven en uit te buiten.’

Ook gaat het in het manifest over de vrouwonvriendelijkheid van de islam, maar steekt het de hand in eigen boezem wat betreft het feministische vuur. Het verwijst naar een talkshow, naar Donald Trump, de SGP, en stelt dat wie de islam vrouwonvriendelijk noemt, moslims vaak gebruiken als gratuit excuus voor de eigen feministische onmacht, of als schaamlap voor het eigen seksisme.

De theologen stellen voorts dat wie de islam waarschuwend een ideologie noemt, beseffen moet dat het christendom ook nooit een godsdienst voor achter de voordeur is geweest.

Op dit moment worden religie en seculariteit op een rare manier tegen elkaar uitgespeeld. Resultaat is dat religie verdacht is als inspiratiebron, tenzij het verschijnt in het jasje van ‘joods-christelijke cultuur’. Christenen kunnen nog net door de beugel, maar moslims zijn permanent verdacht.’ 

Politiek en godsdienst hebben, in het ideale geval, hetzelfde doel voor ogen: een samenleving waarin iedereen tot haar/zijn recht komt. Religie is onlosmakelijk verbonden met ons zelfbeeld, de relatie met onze medemens en onze idealen voor de samenleving. Dat religie apolitiek kan zijn, is een illusie waar uiteindelijk alle soorten gelovigen onder zullen lijden, omdat hun diepste drijfveren onterecht en onnodig achter de voordeur worden gedreven.’

In het manifest stellen Stegeman en Verheij dat zij dit schrijven juist omdat ze van het christendom houden en ons geloof te waardevol vinden om het te laten misbruiken voor het legitimeren van onverbloemde haat.

Het grootste gevaar voor onze post-seculiere samenleving is niet de islam, maar Wilders’ mythe van een roemrijke en schuldloze joods-christelijk-humanistische historie. Die mythe leidt altijd tot geweld.’

Zie: Manifest voor een christendom zonder moslimhaat

Beeld: gizmofelix.com