Speurend naar non-dualisme kom ik weer bij het begrip advaita. Advaita is een woord uit het Sanskriet. In de Indiase Upanishaden (8e eeuw v.Chr.) wordt over advaita gesproken – ‘a’ is afwezigheid, van ‘dvaita’ komen onze woorden duaal (tweeledig) en duo (twee).
– Deel 3 –
‘In de Upanishaden wordt non-dualiteit gezien als het begin van alles. Van hieruit ontstonden de splitsingen en scheidingen die leidden tot de veelvormige kosmos en de scheiding tussen zelf-zijn en het andere. Toch blijft non-dualiteit de grondslag van alles.’ ‘De beschrijving van advaita (geen tweeheid) of non-dualiteit komt uit de mondelinge overdracht van asceten en Rishis (zieners) uit India en is via een lange traditie van leraren overgedragen.’
Het komt mij voor dat de westerse wereld, voordat we dualistisch gingen denken, ook min of meer non-dualistisch van aard genoemd kan worden, ook al had niemand nog van advaita gehoord. Waren we toen niet met z’n allen non-duaal één, samen met God? Zijn we langzamerhand van het eenheidsdenken verdwaald geraakt?
‘De kloof tussen de materiële wereld en de spirituele wereld werd steeds groter,’ zegt Van der Braak. ‘Filosoof Charles Taylor beschrijft in A Secular Age de ontwikkeling van het middeleeuwse denken, waarin de wereld totaal bezield en doortrokken is van God, naar de huidige tijd waarin we dualistisch denken. Dat ging niet in één keer, maar stapje voor stapje.’
Dualisme houdt zich bezig met tegenstellingen, zoals lichaam – geest, god – mens, man – vrouw. Filosoof Stine Jensen vindt het dualisme hardnekkig:
‘Het denken in tegenstellingen, binaire opposities, beïnvloedt nog altijd sterk hoe wij onszelf zien en de samenleving inrichten. Denk bijvoorbeeld aan de manier waarop wij innerlijke conflicten ervaren en beschrijven: ons gevoel wil het een, maar het verstand het ander.’
Is het dan zo dat, ook wat religie betreft, we toch dualistisch zijn blijven denken? Volgens Renard gaat de dualistische benadering in de verschillende godsdiensten ervan uit dat God en mens twee totaal verschillende entiteiten zijn (en blijven), terwijl non-dualisme als kernboodschap zowel voorkomt in het boeddhisme, hindoeïsme als taoïsme. Volgens de oud-benedictijner monnik Charles Steur is
‘De werkelijkheid non-dualistisch, dat wil zeggen niet-twee, maar een oorspronkelijke, ongedeelde eenheid, waar al wat bestaat toe behoort. De mens die zich bewust is van deze eenheid, ziet dat de werkelijkheid samenvalt met wat in het christendom wordt aangeduid als God. Buiten God is er niets, Hij is alles in allen.’
UITGELICHT– De basis van de Indiase cultuur Bevrijding van de onvrede met het bestaan, met het huidige moment, met de huidige gedachte, zo zegt Philip Renard het in zijn boek Non-dualisme, de directe bevrijdingsweg. Wat non-dualisme precies betekent is niet direct helder te krijgen, al wordt het soms voorgesteld als antwoord op onze westerse, dualistische manier van denken. Dat zou volgens Renard aandacht verdienen omdat non-dualisme door zijn radicaliteit het enige is dat werkelijk de wortel blootlegt van alle verdeeldheid en strijd (dualisme), en omdat het ook de weg aangeeft om hieraan een einde te maken.
‘Non-dualisme is door zijn radicaliteit het enige dat werkelijk de wortel blootlegt van alle verdeeldheid en strijd (dualisme), en omdat het ook de weg aangeeft om hieraan een einde te maken’
– Deel 1 –
Advaita Vedanta Renard doorliep de weg van de Advaita Vedanta: een spirituele traditie afkomstig uit India, en maakt onderdeel uit van de Vedische traditie, gebaseerd op de Veda’s, de oudste geschriften van de wereld en de basis van de Indiase cultuur.
Een weg van bevrijding Spiritueel leraar Alexander Zöllner stelt in zijn Handboek Non-duale coaching dat non-dualiteit geen object is en we er, alleen al om die reden, feitelijk niets over kunnen zeggen. Maar toch zijn diverse omschrijvingen te vinden van non-dualisme, waarvan ik er hier enkele geef:
‘Een van de klassieke Indiase wegen om verlichting te bereiken’; ‘advaita’; ‘de werkelijkheid die zich als tweevoudig aan ons schijnt voor te doen’; ‘verlichting’; ‘de ervaring dat er geen tegenstelling is tussen ik en niet-ik’; ‘de ervaring van eenheid’; ‘een weg van bevrijding’.’
Philip Renard
Filosofie van India Het begrip non-dualisme kom je vooral tegen in de filosofie van India. Volgens een van de vele beschrijvingen van non-dualisme zou dit echter niet zozeer een filosofie zijn, maar een weg van bevrijding. Tegengesteld aan het dualisme. Een weg van bevrijding… dat klinkt beloftevol en hoopvol in onze wereld van conflicten, als mogelijk effect van dualistisch denken.
Descartes Bij dualisme komen we al gauw bij Descartes terecht. Deze 17e-eeuwse filosoof kwam al denkend tot de conclusie dat geest en lichaam twee aparte werelden waren, omdat hij alleen met zijn geest tot de conclusie kwam dat hij bestaat omdat hij denkt: Cogito ergo sum. Zo kwam hij tot denken (geestelijk) en uitgebreidheid (materieel, lichaam). Het dualistische van Descartes zit hem dus in zijn strikte tweedeling van het materiële en het geestelijke. Door hoogleraar boeddhistische filosofie aan de Vrije Universiteit André van der Braak wordt de tegenstelling tussen non-dualisme en dualisme een heet hangijzer in de filosofie genoemd. ‘Door Descartes was het dualisme eeuwenlang zeer succesvol. Maar het monisme is met een opmars bezig,’ zei hij destijds in het artikel Non-dualisme geeft denkruimte, in Trouw:
‘Non-dualisme levert veel ruimte op in je denken, meent Van der Braak. ‘Uitgaan van tegenstellingen zorgt voor een soort verkokerde manier van kijken. Als je die tegenstellingen los kunt laten, komt een groter gedeelte van de werkelijkheid bij je binnen. Want je sluit veel buiten door alles meteen in categorieën te willen indelen.’
Een goed voorbeeld van zaken die we graag meteen categoriseren, zijn emoties. ‘Een gevoel is goed of fout, prettig of naar. Terwijl het kan helpen te denken: deze ervaring is noch goed noch slecht, maar gewoon een ervaring die ik meemaak. Met kunst is het net zo. Een schilderij op je in laten werken, zonder het meteen mooi of lelijk te noemen, levert een veel rijkere ervaring op.’
Religie Is non-dualisme een oplossing voor de niet altijd zo positieve invloed van religie in de wereld, ook gezien de aversie vanuit de seculiere wereld richting religie, en de onderlinge strijd tussen religies zelf? Immers, non-dualisme is door zijn radicaliteit het enige dat werkelijk de wortel blootlegt van alle verdeeldheid en strijd (dualisme), en omdat het ook de weg aangeeft om hieraan een einde te maken.
Dualisme Volgens Van der Braak is dualisme de natuurlijke vijand van non-dualisme. Want daar geldt dat de werkelijkheid uit goede en kwade krachten bestaat – God en duivel bijvoorbeeld. Descartes maakte ook een fundamenteel onderscheid tussen het menselijk bewustzijn en de werkelijkheid. Dit gedachtegoed is in het Westen heel invloedrijk geweest. Het monisme zet hier eenheid tegenover: geest en lichaam zijn één.
Het teken voor infinitief. Oneindig
Descartes en Spinoza Je zou hier, om het verschil te verduidelijken, Spinoza en Descartes tegenover elkaar kunnen zetten. Spinoza als monist en Descartes als dualist. Spinoza ging er vanuit dat niets zelfstandig kan bestaan: alles is van elkaar afhankelijk, alles is onderdeel van één groot proces (God of de Natuur.) Descartes onderscheidde lichaam en geest, maar dacht wel dat de verbinding ertussen geschiedde door de pijnappelklier: op die plek zouden denken en lichaam op elkaar inwerken. Hierbij speelde volgens hem God een rol. Voor Descartes bestond de mens uit twee substanties: lichaam en geest. Volgens Spinoza is er maar één substantie. God of de Natuur: voor hem is dat hetzelfde.
Dualisme hardnekkig Volgens filosoof Stine Jensen is Descartes dood, maar het dualisme hardnekkig. Mensen denken in tegenstellingen, en dat beïnvloedt sterk hoe wij onszelf zien en de samenleving inrichten. Zou non-dualisme – in onze tijd – als ‘weg van bevrijding’ – inderdaad een gewenst en effectief antwoord kunnen zijn op ons dualistisch denken dat de westerse mens beheerst? Die denkwijze lijkt immers steeds tot conflicten tussen mensen onderling en/of tussen groepen te leiden.
Bronnen: * Non-dualisme, Philip Renard, Felix Uitgeverij, 2005 * Handboek Non-duale coaching, Alexander Zöllner, uitgeverij Inzicht, Hillegom, 2017 * ‘Non-dualisme geeft denkruimte’ Trouw, Marije van Beek, 2012 * Weg met het dualisme van lichaam en geest, Stine Jensen, joop.bnnvara.nl * Sanskrietteksten die de non-duale werkelijkheid van het individu en de wereld beschrijven. Ze vormen het laatste deel van de Veda’s (De heilige boeken van het hindoeïsme.) * Non-dualiteit, Douwe Tiemersma, Advaita Centrum * Non-dualistisch christendom, Charles Steur, uitgeverij Elikser
Beeld: civismundi.nl BeeldHet teken voor infinitief. Oneindig: hediyefabrikasi.blog Update mei 2026 (lay-out, links, beelden)
De Ambassade van de Vrije Geest is een plek waar vrijdenkers bij elkaar komen, echter niet de vrijdenkers die iedere godsvoorstelling verwerpen. Integendeel. In de Ambassade van de Vrije Geest gaat het immers over allesomvattend vrij denken. De ambassade is gevestigd in het ‘Huis met de Hoofden’ in Amsterdam. De symboliek achter de naam Huis met de Hoofden past bij de grote denkers die je aantreft in de Ambassade van de Vrije Geest. Hier ligt de wijsheid van de hele wereld. Beelden en teksten vertellen eeuwenoude verhalen die door werkelijk vrije geesten zijn geschreven en getekend.
‘Wat een verademing, wat een schoonheid, wat een sfeer. Een oase van kennis en wijsheid in een woestijn van onwetendheid.’ (Emy ten Seldam, redactie Bres Magazine)
De Ambassade biedt sinds 2017 een reis door 2000 jaar wijsheid, geïnspireerd op de collectie van de Ritman Bibliotheca Philosophica Hermetica. Geschiedenis, wetenschap, kunst en spiritualiteit in duizenden boeken en prenten. En het unieke ervan is dat ze allemaal met elkaar zijn verbonden. Connecties met alle religieuze tradities, wijsheidsstromen en onafhankelijke geesten.
Hervormer en filosoof Comenius, mogelijk ook Spinoza, en leden van de prominente uitgeverij Elsevier werden verwelkomd door de familie De Geer die het huis bezat, om wetenschappelijke, filosofische, theologische en sociale kwesties te filosoferen en te bespreken. Het is dat zeer tegendraadse en vrije denken dat een centrale en doorlopende lijn is die door de unieke collectie van de Bibliotheca Philosophica Hermetica loopt en de verhalen die verteld worden in het Huis met de Hoofden. Net als in de Nederlandse Gouden Eeuw staat het Huis met de Hoofden met zijn opmerkelijke culturele erfgoed open voor de vrije denkers en de onafhankelijke geesten van vandaag en morgen. (Ambassade van de Vrije Geest)
Mocht je je afvragen wie je bent, waar je vandaan komt en waar je naartoe gaat, is het niet verkeerd de weg te nemen die naar de Ambassade van de Vrije Geest leidt. Inspirerende afbeeldingen en teksten bieden volwaardig voedsel voor de geest. Geen menu wordt er opgedrongen, maar alles is er te vinden. Alsof je uitgenodigd bent in een vijfsterren-etablissement waar je kunt kiezen uit de rijkste amuses, waar je geest wellicht nooit eerder van heeft genoten. Waar anders vind je talloze mogelijkheden om de verborgen onderstroom van innerlijke, individuele wijsheid van alle culturen tot je te nemen?
‘De bibliotheek beschikt over een unieke en nog groeiende collectie van 25.000 titels over de westerse spiritualiteit en filosofie. De stichter van de bibliotheek, Joost R. Ritman, is een Amsterdamse zakenman met een diepe belangstelling voor spiritualiteit. Hij begon op jonge leeftijd boeken te verzamelen, nadat zijn moeder hem een 17e-eeuws exemplaar had geschonken van Aurora, een werk van Jacob Böhme, een van de auteurs die een blijvende bron van inspiratie voor hem is. Toen hij het plan opvatte om zijn privé-verzameling om te zetten in een bibliotheek, stond hem voor ogen onder één dak handschriften en gedrukte boeken op het gebied van de hermetische traditie samen te brengen, en de onderlinge samenhang te laten zien tussen de diverse verzamelgebieden en hun relevantie voor de huidige dag.’ (The Ritman Library Collectie)
Als je de Ambassade binnenkomt, zie je links een meterslange prent van de Rivers of Life or Faith of Man in All Lands waarop eeuwen voor het jaar nul tot en met het heden vele levensbeschouwingen de wereld binnenstromen. (Foto: AvdVG)
In het café ernaast komt Hermes Trismegistus je in vele gedaanten tegemoet. Duidelijk blijkt op de prenten die daar hangen dat hij de geheimen van het universum kent. Hermes Trismegistus, Vader der Filosofen, de oerbron van deze kennis over de samenhang van alles. En die samenhang vind je hier: het ‘veelzijdige, veelbewogen en het voor velen nog onbekende verhaal van de spirituele traditie waarin zelfkennis en kennis van de natuur de sleutel vormen tot kennis van god’.
God met g of G? In ieder geval geen man met een baard op een donderwolk. God is hier veel groter, veel omvattender, zo niet allesomvattend te vinden. De oprichter van de Bibliotheca Philosophica Hermetica zegt:
‘De ‘geboorte’ van de Bibliotheca Philosophica Hermetica viel samen met een plotselinge en diepe ervaring die ik had toen ik zestien was, dat alles één is. In een enkel moment besefte ik dat er een diepgaand verband bestaat tussen oorsprong en schepping, tussen ‘God – Kosmos – Mens’, of in de woorden van Hermes Trismegistus: ‘Hij die zichzelf met zijn geest beschouwt, kent zichzelf en kent het Al: het Alles is in de mens.’ (Joost R. Ritman)
! De eerste tentoonstelling, Kabbalah & Alchemie, is van 13 juni – 16 november 2019.
Beeld: De oudste grafische voorstelling van de kabbalistische levensboom, gedrukt in 1512, te vinden in deze bibliotheek: linksboven op de eerste foto, en apart op de derde.
Het monument Huis met de Hoofden is voor een breed publiek opengesteld en wordt stap voor stap in zeventiende-eeuwse stijl hersteld. (Binnen heb je er geen hinder van.) Ondanks dat het zeventiende-eeuwse karakter goed bewaard is gebleven en de plattegrond nagenoeg onveranderd is gebleven, hebben er in de loop der eeuwen een aantal veranderingen plaatsgevonden. Er zijn verschillende elementen verloren gegaan, er is sprake van reconstructies, een aantal authentieke onderdelen zijn verplaatst en er zijn onderdelen toegevoegd die niet uit het huis afkomstig zijn. (Info: AvdVG)
‘Kosmische spiritualiteit kan je pas overvallen als je je bladen vol formules even opzijschuift,’ zegt filosoof en Spinoza-kenner Herman De Dijn in Eos-Magazine, het magazine dat ook ‘in tijden waarin de waarheid onder druk staat een stem geeft aan de wetenschap’. Het staat in het Eos-blog Niet-gelovig en diepreligieus van Sylvia Wenmackers, onderzoeksprofessor in de wetenschapsfilosofie aan de KU Leuven, gespecialiseerd in de grondslagen van kansrekening en fysica. Wenmackers schrijft hierin over kosmische spiritualiteit bij natuurwetenschappers.
Wenmackers vertelt over de dichter Leo Vroman die zich afzette tegen religieus extremisme en geloofde dat alles heilig is. Hij schreef over de ‘Natuur’ – en dan moet ik direct aan Spinoza denken – en later verving hij dat volgens Wenmackers in ‘Systeem’, in een poging een onpersoonlijk godsbeeld te creëren. Zij ziet overeenkomsten tussen het godsbeeld van Vroman en dat van Albert Einstein. En ja, dan komt Spinoza natuurlijk ook voorbij.
Een psalm voor dit heelal
Systeem! hoe graag met U alleen
verklein ik in mijn droom Uw blote
heelal tot knuffelbare grootte
en koester U door mij heen!
Hoe dolgraag schurkt mijn oude huid
flink langs Uw Tijdeloos Begin,
zaait er mijn dood verleden in
en zuigt er mijn toekomst uit!
Maar ach ik zit hier met mijn wit
vel vol beeld- en tegenspraak
en weet niet wat het scheelt:
eerst stond er niets, en nu weer dit,
ik weet het niet en schrijf maar raak
en toch is dit Uw beeld
Gij doet mij schrijven want ik maak
per ongeluk Uw beeld
Gij schrijft mij nooit, ik schrijf te vaak
en heb U weer verveeld.
Leo Vroman
De onderzoeksprofessor ziet ruimte voor een ‘ongelovige religiositeit’, waartoe Einstein en sommige andere wetenschappers zich aangetrokken voelen. Al gauw lopen er lijntjes tussen Vroman, Spinoza en Einstein. En dan komen we vanzelf bij ‘niet-gelovig en diepreligieus’. Filosoof en Spinoza-kenner Herman De Dijn wordt erbij gehaald. Die schreef over kosmische spiritualiteit. Over ‘voorwetenschappelijke verwondering over het mysterie van de natuur’, en om ‘de ondervinding een heel klein stukje van de werkelijkheid te begrijpen’.
‘Wie gezien de ontwikkelingen van de neurowetenschap denkt dat hij het begrip ziel (of persoon) moet opgeven en dus ook zijn gedrag tegenover mensen moet veranderen, heeft het onderscheid tussen wetenschappelijk en existentieel weten niet begrepen.’ (De Dijn)
Het besef dringt bij De Dijn door dat de mens deel uitmaakt van een veel grotere werkelijkheid. En dat kan resulteren in ‘mysticisme’ of kunstuitingen.
‘En wetenschappelijke activiteit kan pas tot deze vorm van spiritualiteit leiden als theoretici hun bladen vol formules opzijschuiven en de werkelijkheid als geheel beschouwen.’
Wetenschappers zouden cynisch kunnen worden en zich afvragen:
‘Wat heeft het voor nut om aan wetenschap te doen als we zelfs op het toppunt van ons inzicht nauwelijks iets begrijpen? Of sceptisch: begrijpen we er dan wel echt iets van, of maken we ons dat zelf wijs?’
Maar dan zegt de Dijn:
‘Het gaat veeleer om het beleven van de confrontatie tussen onze gesofisticeerde wetenschap en het radicaal andere universum dat zich van ons begrip niets aantrekt, terwijl we er toch deel van uitmaken.’