Kabbalah in de Ambassade van de Vrije Geest

Khunrath-lr-1

Kabbalah & Alchemy – De Ambassade van de Vrije Geest presenteert zijn eerste tentoonstelling in haar nieuwe pand The House with the Heads: Kabbalah & Alchemy. ‘Kabbalisten baseerden zich op de veronderstelling dat de Hebreeuwse taal goddelijk van oorsprong was, de taal waarin God ook hemel en aarde had geschapen. Door te mediteren op de letters van het Hebreeuwse alfabet en de verschillende goddelijke namen hoopten kabbalisten dichter bij God te kunnen komen.’

Dichter bij God
Het mystieke verlangen om God te kennen, wordt ook weerspiegeld in het beeld van de boom des levens, voorgesteld in de tentoonstelling van de oudste bekende gedrukte houtsnede uit 1516. De tien goddelijke attributen – Hebreeuws: sefirot – van deze boom des levens zijn de attributen waardoor God openbaart zichzelf aan de mens.’

Kabbalah en alchemie werden traditioneel beschouwd als verborgen stromingen in de Europese cultuurgeschiedenis.

Het natuurlijke en het bovennatuurlijke
‘De tentoonstelling onderzoekt met name het 16e tot 18e-eeuwse fenomeen ‘Cabala chymica’ in de christelijke wereld. Hoe zijn alchemie en Kabbalah gerelateerd? Een van de oudste werken die Kabbalah hebben geïnspireerd, Sefer Yetzirah (Book of Formation), spoort de lezer aan om alchemisten, gecombineerde substanties in het laboratorium, te ‘combineren’ en ‘vormen’ om iets nieuws, iets beters te creëren.

De Zwitserse arts en alchemist Paracelsus (1493-1541) was een van de eersten die kabbalah (of: cabala) als onderdeel van magie beschouwde – een middel om het natuurlijke (alchemie, werken met de natuur) te verbinden met het bovennatuurlijke (God, de angels).

Het logo van deze tentoonstelling is een cirkelvormige gravure van het bekendste werk van de Duitse alchemist en christelijke kabbalist Heinrich Khunrath (1560-1605): Amphitheatrum Sapientiae Aeternae(Amphitheatre of Eternal Wisdom). Hij zei dat ‘Kabbalah, magie en alchemie in combinatie moeten worden gebruikt’, waardoor het een van de vroegste voorbeelden van het fenomeen Cabala Chymica is.’

De Ambassade van de Vrije Geest (EFM) is een bibliotheek, een museum en een platform voor gratis denken. De EFM wil met deze tentoonstelling de relatief onbekende relatie tussen de twee onderwerpen kabbalah en alchemie verkennen aan de hand van rijk geïllustreerde manuscripten en gedrukte boeken uit de 16e-18e eeuw, afgeleid van de Bibliotheca Philosophica Hermetica Collection en zeven speciale Hebreeuwse leningen van de Amsterdamse Ets Haim – Livraria Montezinos, de oudste nog functionerende Joodse bibliotheek ter wereld.

Ambassade van de Vrije Geest, 123, Keizersgracht, Amsterdam
– 13 juni tot 16 november 2019 –

Zie: Kabbalah & Alchemy

Beeld: Heinrich Khunrath, Amphitheatrum sapientiae aeternae, Hamburg 1595, Universiteitsbibliotheek Bazel.

Klimaatverandering en de zondvloed

Gericault-deluge

Student Religiewetenschappen Justin Spoor schreef het ‘ontbrekende hoofdstuk van onze prehistorie’ in Spijt van de Goden (2019). In de laatste jaren van het gymnasium puzzelde hij aan de theorie achter een kunstmatige schepping. In de inleiding vertelt hij erover. De theorie werkte hij verder uit bij zijn studie van geschiedenis en religie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Ook al bestaan er theorieën zoals die van de Oerknal, deze geeft bij lange na geen antwoord op de vraag hoe of waarom alles precies begon.’

Zulke zaken zijn te groot om te onderzoeken in een mensenleven in het begin van de 21e eeuw, dus ik moest dichter bij huis beginnen. Het ontstaan van de mensheid leek een goed beginpunt. In dit korte werk zal blijken dat niet alles bekend is over het ontstaan van de mensheid. Natuurlijk spreek ik hierbij de evolutietheorie niet tegen, maar ik neem hem ook niet voor lief. Het geloof in de wetenschap zal aan de kaak worden gesteld.’

Spoor vertelt dat het doel van Spijt van de Goden is meer onderzoek te doen in de richting van de Zondvloed, verloren beschavingen en kunstmatige schepping. Hij vindt dat de lezer het natuurlijk ook kan gebruiken om zijn eigen kijk op de realiteit te verbreden. Voor de religieuze lezer wil hij sterk benadrukken dat dit werk geen aanval is op religie. Het zou religie en wetenschap juist dichter bij elkaar kunnen brengen. Zelf is Spoor niet religieus opgevoed, maar onder meer via berichten in de nieuwsmedia is hij zich gaan afvragen wat de betekenis is van ‘God’.

Ik heb religie nooit gezien als willekeurige onzin of iets irrationeels, maar ik had nooit de behoefte me volledig toe te wijden aan zoiets. Net zoals de doorsnee Nederlander hield ik het op afstand, maar waardeerde het. Maar toen ik merkte dat veel tijdgenoten in mijn omgeving religie zagen als verouderd en als iets irrelevants ging bij mij een alarmbel rinkelen. Zijn oude religieuze teksten dan niet langer relevant?’

Hoe kan het anders zo zijn dat wij mensen zo knap gebouwd zijn en het universum zo ingewikkeld in elkaar zit, vraagt de student zich af. ‘Wat zijn antwoorden op vragen zoals hoe dit alles is ontstaan?’ Hij kan geen antwoord geven op die vraag, maar het feit dat wij deze realiteit kunnen observeren met alle natuurwetten van dien betekent voor hem dat er een mysterie bestaat dat groter is dan de mensheid.

Spijtvandegoden

God had spijt van de creatie van de mens, zo beseft Spoor als hij in Genesis leest dat de mens zal worden weggevaagd door de Zondvloed. Spijt van de Goden wil een nieuw licht laten schijnen op die weggevaagde beschaving.

Voor de benadering van dit werk bestaat een vergelijkbare, maar niet dezelfde, theorie. Deze theorie is in verschillende landen bekend onder de naam ‘ancient aliens,’ ‘Prä-Astronautik,’ ‘antiguos astronautas,’ of ‘anciens astronautes.’ De zogenaamde ‘aliens’ of ‘astronauten’ worden hierbij gezien als een technologisch geavanceerde beschaving die beter bekend staat als de ‘goden’.’

Dit laatste klinkt alsof Spoor oeroude boeken zoals Waren de Goden astronauten? heeft ontdekt. Nogal controversieel, maar voor een jonge student schijnbaar gloednieuw. De andere vraag die Spoort stelt, komt me boeiender voor: is een van de oorzaken van die watersnoodramp misschien klimaatverandering? Hij wijst op verschillende bewijzen voor deze ramp, zo’n 12.800 jaar geleden. Als die ramp zich toen voordeed vindt hij één ding zeker: er ‘ontbreekt een hoofdstuk van onze prehistorie’. En dat is tevens de ondertitel van Spijt van de Goden.

Niet alleen de schepping van de mens en het wegvagen van diens eerste beschaving worden in dit werk behandeld, maar ook de problemen die daaruit voortvloeien voor de huidige modellen. Immers zijn de huidige historische modellen niet langer voldoende als de mens vanaf het begin van zijn bestaan al in contact stond met een technologisch geavanceerde beschaving. Als er daadwerkelijk een ‘goddelijke’ beschaving aanwezig was op aarde, klopt ook het psychologische model niet, waarbij ervan uit wordt gegaan dat goden voortkomen uit menselijke emotie.’

Spijt van de Goden | Justin Spoor | 9789402189339 | maart 2019 | Uitgever: Brave New Books | € 15,79 | E-book € 5,-

Schilderij: Zondvloedscène (Scène de déluge) van Jean Louis Théodore Géricault (1791–1824) – De naam is niet van het woord ‘zonde’ afgeleid, maar van het Middelnederlandse ‘sintvloet’, grote vloed. De zondvloed (Eng. deluge; Fr. déluge) is de wereldwijde overstroming die in het derde millennium voor Christus als Godsgericht de aarde trof en al het menselijke en dierlijke leven op het land verdelgde. In de ark van Noach was er echter ontkoming.’ (Christipedia)

‘De seculiere samenleving faalt’

BerendVisee (2)

Een nieuwe filosofie zou in mijn ogen de leegte die religie heeft achtergelaten kunnen opvullen.’ Voor Berend Visée, derdejaars student van de opleiding Autonome Beeldende Kunst aan de Willem de Kooning Academie Rotterdam, speelt filosofie in zijn werk een grote rol. ‘In onze ‘westerse’ samenleving heeft wetenschap als het ware religie vervangen.’ Wetenschap zegt volgens Visée wat de wereld is, maar religie, spiritualiteit of filosofie zeggen iets over hoe je erin moet leven. 

Als je het nu over god hebt dan krijg je als snel de reactie dat het niet wetenschappelijk is. Ik denk alleen dat religie wel een sterke functie heeft en dat de seculiere samenleving zoals die nu is, best wel gefaald heeft.’ 

Visée zegt niet dat we ons allemaal moeten bekeren tot een bepaalde religie, maar hij denkt wel dat er binnen een seculiere samenleving een vervanging moet komen voor het belang en de functie van religie in de maatschappij. De student houdt zich momenteel erg bezig met de oosterse filosofie, en de verbinding ervan met de westerse, spreekt hem aan. De gedachte om niet bang te zijn voor de dood past binnen de oosterse filosofie waarin hij zich nu verdiept. Alan Watts en een andere filosoof, Robert Pirsig, wilden de oosterse en de westerse filosofie met elkaar verbinden. Zij hebben de student ‘ontzettend’ geïnspireerd.

Pirsig schreef het boek Zen and the Art of Motorcycle Maintenance. Dit boek en de opvolger daarvan zijn heel belangrijk voor mij en vormen de basis voor een systeem dat ik heb verzonnen voor mijn kunst.’

Deze literaire roman, in het Nederlands vertaald als Zen & de kunst van het motoronderhoud, gaat over de motorfietstocht die de hoofdfiguur en zijn elf jaar oude zoon Chris een zomermaand lang van Minnesota naar Californië maken. Een persoonlijke en filosofische zoektocht naar de fundamentele vragen van het bestaan, en een lucide bespiegeling over hoe wij beter zouden kunnen leven.


‘Het terugwinnen van de ziel in een gemechaniseerde wereld.’ Dat is in de kern waar Pirsigs boek over gaat. Ik ben zelf een boek aan het schrijven over dat onderwerp, Tweespalt getiteld, en heb gedurende het schrijfproces geen moment stilgestaan bij het idee dat ik daarbij geïnspireerd zou zijn door Zen and the Art of Motorcycle Maintenance. Maar bij nadere beschouwing is dat boek veel belangrijker dan ik mij altijd heb gerealiseerd. Welbeschouwd ben ik tot de dag van vandaag bezig om bezieling terug te brengen in een geautomatiseerde, gemechaniseerde, geïndustrialiseerde wereld. Ik overweeg, nu ik door Pirsigs overlijden [2017] opnieuw op zijn denkbeelden ben gewezen, serieus om in Tweespalt alsnog aandacht aan hem te besteden.’ (filosoof en scheikundige André Klukhuhn – de Volkskrant)


Visée zegt er ‘superveel’ aan hebben gehad. Het heeft zijn wereld op zijn kop gezet en vormt nu in principe het fundament van de kunstenaarspraktijk die hij aan het opbouwen is. Het voelt voor hem als een soort van begin van mijn carrière. Het boek kreeg hij van zijn vader, en dat was bijzonder, want Visée junior was toen niet ‘zo cool’ met hem.

Pirsig heeft de werkelijkheid ingedeeld in vier lagen: biologisch, sociaal, intellectueel en spiritueel. Deze vier lagen moeten met elkaar in balans zijn om als mens goed te kunnen functioneren.’


De inzichten die ik dank aan het boek van Pirsig zijn nog altijd geldig. Ik heb jarenlang gedacht dat stilte de afwezigheid was van geluid. Maar stilte is een áánwezigheid. Een aanwezigheid van energie die zich manifesteert als dat andere er niet is. Als je iets probeert te scheppen vanuit wat je weet, schiet je niet veel op. Maar als je aan het werk gaat zonder dat je precies weet wat er gaat gebeuren – vanuit het ‘niets’ – kun je op nieuwe, onverwachte zaken komen. Het lezen van Zen and the Art of Motorcycle Maintenance betekende voor mij dat er in één klap een leegte werd opgevuld, waarvan ik niet wist dat hij bestond. Pirsig formuleerde zijn ideeën zo treffend dat ik besefte: ja, dat heb ik altijd gevonden, alleen wist ik het niet.’ (kunstenaar Hanshan Roebers – de Volkskrant)


De filosofie van Pirsig vindt Visée echt ‘rete-interessant’ en die wil hij als kunstenaar uitdragen. Daarom heeft hij die verder uitgewerkt tot een systeem met kleuren en symbolen dat hij koppelt aan al het werk dat hij nu maakt.

Bron: ‘Wetenschap zegt wat de wereld is. Religie, spiritualiteit of filosofie zeggen iets over hoe je erin moet leven’ (Humans of Hogeschool Rotterdam)

Foto: Facebook Berend Visée

Zen & de kunst van het motoronderhoud: een onderzoek naar waarden | Robert M. Pirsig | In mei 2017 verscheen de 44e druk – het jaar waarin Pirsig op 88-jarige leeftijd overleed | 509 pagina’s | Vertaling van: Zen and the Art of Motorcycle Maintenance: An Inquiry into Values (1974)
‘De literaire roman Zen & de kunst van het motoronderhoud is een van de belangrijkste en invloedrijkste boeken van de afgelopen halve eeuw. Het is een persoonlijke en filosofische zoektocht naar de fundamentele vragen van het bestaan, en een lucide bespiegeling over hoe wij beter zouden kunnen leven.’ (Uitgeverij Bakker)

‘Vrede heeft te maken met dialoog’

Dome of Rock

‘Het eindigt altijd met dat ze aan tafel zitten. Waarom beginnen ze daar niet mee?’ – Door wat er gebeurt in Israël en de omringende landen is er veel antisemitisme, terwijl joden in Nederland niets te maken hebben met politiek in Israël, stelt rabbijn Navah-Tehila van de Liberaal Joodse Gemeente Utrecht (LJG). ‘Dat is alsof je moslims hier aanspreekt op daden van IS.’ Navah-Tehila noemt de situatie in Israël heel pijnlijk voor èn Palestijnen èn Joden. 

In de serie Utrecht gelooft, is DUIC in gesprek met de geestelijk leiders van de stad. In april met rabbijn Navah-Tehila en Lonie Querido van de LJG. Navah-Tehila (76) zegt ‘ontzettend liberaal en rebels’ te zijn. In het interview, door Mirte van Eysden, zegt de rabbijn meer van mensen te houden dan van regels. ‘Al het leven is heilig en we moeten dus ook met respect met het leven van anderen omgaan.’

Als er gepraat wordt over gelijkwaardigheid en het is er niet, dan ga ik daarvoor staan.’

Het jodendom gaat voor de rabbijn over moreel en ethisch omgaan met de medemens en de natuur, want jodendom is niet alleen religie, maar ook cultuur: muziek, kunst, literatuur en poëzie.

Het is een spirituele en praktische leer van menselijke waarden en normen. (…) De meeste mensen leven daar [in Israël] seculier, maar de Israëlische wet is een orthodoxe wet. Dat vind ik kwalijk. Waarom moet ik leven volgens wetten waar ik niet in geloof? Ik ben niet orthodox en ook niet politiek. Het gaat me aan het hart, het raakt mijn ziel. Er zijn aan beide kanten gewoon mensen die willen leven.’

Voor Navah-Tehila – inmiddels met emeritaat maar nauw betrokken bij de gemeente – was rabbijn-zijn een manier om alles te combineren: spiritualiteit, muziek en kunst.

In Griekse tijden was dat heel normaal. Het hoorde allemaal bij elkaar. Ware religie ís alles bij elkaar. Een verdeling is kunstmatig en typisch voor deze tijd.’

De rabbijn zegt niet gelovig te zijn, maar vertrouwend. Haar geloof gaat dieper dan het praten erover, want dat voelt voor haar als een doodlopende weg.

De ziel is voor mij heilig. Soms, voor een paar seconden, voel ik iets en dat is wat wij noemen ‘God’ of het ‘goddelijke’. Het is een gevoel van vrijheid en vreugde en een gevoel dat er leven is.’

Interreligieuze dialoog is belangrijk voor Navah-Tehila. De rabbijn is al lang actief bij de dialooggroep in Utrecht. Dat is wat zij heel belangrijk vindt, omdat vrede te maken heeft met dialoog.

Als twee landen ruzie hebben, gaan ze vechten, soldaten gaan dood. Ze geven hun leven en voor wat? Het eindigt altijd met dat ze aan tafel zitten. Waarom beginnen ze daar niet mee? Er zijn veel kwade krachten in de wereld, maar wat mij hoop geeft is te weten dat een klein beetje licht tegen heel veel duisternis kan. Dus steek een kaars aan in een donkere kamer.’

Zie:

* ’Ik ben liberaal en rebels’DUIC (In papieren krant, nr. 79, april 2019. In een van de komende dagen is deze aflevering ook digitaal te lezen, via DUIC ISSUU.)

Foto: Jeruzalem – Stefano Rocca (EyeEm Getty Images / EyeEm) 

God koning door executie van Jezus?

Calvary-244x183-cm-1024x771

God ontlaadt zijn toorn op zijn Zoon? Jezus als hitteschild of bliksemafleider? Het is niet Bijbels Vader en Zoon zo tegenover elkaar te zetten. Moeten wij beschermd worden tegen een vader uit wiens handen wij gered moeten worden? Kan ik die vader wel vertrouwen? Wat is dat voor vader, die eerst je vijand is? – Deze gedachten hielden Reinier Sonneveld, de auteur van Het vergeten evangelie, erg bezig. Hij schreef er een dik boek over. ‘Een nieuwe kijk op de laatste 18 uur van Jezus verandert inderdaad alles’, luidt een recensie.

IHet vergeten evangelie stelt Reinier Sonneveld scherpe vragen bij de gedachte dat God genoegdoening zou eisen, en dat Jezus plaatsvervangend de straf draagt en de schuld betaalt. – Nogal een heftig thema. Mensen haken vaak af als het over de kruisiging gaat, zoals Sonneveld zelf ervaart als hij er met anderen over spreekt. Welke God wil een kruisiging?

Het kruis staat niet voor niets symbool voor het christelijk geloof zelf: Jezus’ kruisdood vormt de diepste kern ervan. Jezus brengt verlossing door aan het kruis een gruwelijke dood te sterven. Maar hoe kan het leven, de dood en de opstanding van één mens verlossing betekenen voor de mensheid?’ (weetwatjegelooft.nl)  

Christus Victor versus Verzoening door voldoening
Er zijn twee gedachten over de executie van Jezus. Dat zijn de oudchristelijke Christus Victor-benadering en het model van Verzoening door voldoening.

De kern ervan [van de Christus-Victor-benadering, PD] is dat God koning wordt, en wel door de executie van Jezus. Toen Jezus werd gekruisigd, werd de mensheid gered. Verzoening gebeurt door wat God en mens van elkaar scheidt – het kwaad in en buiten ons – te overwinnen. Waar velen de Christus Victor-benadering combineren met die van Verzoening door voldoening, wijst Sonneveld dit laatste model resoluut van de hand en betitelt hij aspecten ervan als ‘on-Bijbels’.’ (Studiedag over verzoening)

Het gaat Sonneveld vooral om de herontdekking van Christus Victor, zegt hij in een vraaggesprek in het ND, waarin hij met theoloog Kees van Kralingen de degens kruist over het ‘vergeten evangelie’, zoals theologisch onderzoeker Solleveld de kijk op het verzoeningswerk van Jezus betiteld. De discussie gaat morgen in de Theologische Universiteit Kampen uitgebreid verder op een studiedag voor predikanten: ‘Hoe Jezus’ kruisdood ons kan verlossen’. Iedereen moet dan wel minstens Het vergeten Evangelie gelezen hebben.

Het-vergeten-evangelie-omslag

Onderzoeker Sonneveld vertelt over de karikaturen over Jezus als offerlam, die elke zondag vele keren van de kansels worden verkondigd, en vraagt zich af dat als Gods genade en vergeving gratis wordt aangeboden, waarom je dan zegt dat daarvoor betaald moet worden. En dan ook nog weer door de dood van een mens? Dan wordt het volgens hem een transactie.

Sonneveld zag onlangs een evangelisatiefoldertje in een ziekenhuis liggen, over een strenge God met een baard, en een kloof met een kruis eroverheen. Dat vindt hij een onbegrijpelijk verhaal, tenzij je er dertig jaar mee bent opgevoed. Volgens Sonneveld werkt dat niet en vindt dat mensen gediend zijn met een groter evangelie.

Als ik tegen een ongelovige zeg dat Jezus de overwinning van de liefde is, dan snapt iedereen dat zinnetje. Ik kan daarbij het verhaal vertellen over vergeving voor een overspelige vrouw of de beulen die Jezus bij het kruis vergeeft. Dan voelt iedereen aan dat dit is wat we allemaal willen: dat het kwaad verslagen wordt, leven met een God die helemaal liefde is. Dan vertel je een begrijpelijk verhaal, dat bovendien veel aantrekkelijker is.’ (ND)

En toch wordt ‘de kruisiging een kroning’, volgens een van de vele recensenten: daar kom je pas achter als je het boek Het vergeten evangelie uit hebt. – Het doet mij encyclopedisch aan, uitermate boeiend, met veel foto’s, tekeningen en uitstapjes naar alle kanten: poëzie en techniek; verwijzingen zowel naar filosofen, theologen en psychologische onderzoeken als naar televisieprogramma’s; naar artikelen uit vele kranten en Bijbelcitaten; van Monty Python tot Theo Maassen; van De Correspondent tot Twitter. Duidelijk is de lange queeste van Sonneveld naar het hoe, wat en waarom van God en Jezus. 

Bij een van de citaten in Het vergeten evangelie, van theoloog en kerkvader Ireneüs van Lyon – de man van de Verzoeningsleer, de leer die bij het Eerste Concilie van Nicea tot grondslag van het christendom werd uitgeroepen – blijf ik even mijmeren als ik op blz. 96 lees: ‘De glorie van God is de mens die voluit leeft.’ Hoe zou Jezus over zo’n uitspraak denken, destijds op Golgotha? – Het vergeten evangelie zou vooral over Goed Nieuws gaan, een ontdekking die voor Sonneveld een openbaring bleek: ‘We zijn een deel van het ‘goede nieuws’ uit de Bijbel vergeten.’
Het boek leest als een detective. En dan een van de betere. Heeft God het gedaan?

Bronnen:
* Zijn we een deel van het ‘goede nieuws’ uit de Bijbel vergeten?
* Studiedag over Verzoening

Het vergeten Evangelie – Het geheim van Jezus verandert alles | Reinier Sonneveld | 2018 | Uitgever Buijten & Schipperheijn Motief, Amsterdam | E-books via reiniersonneveld.nl/shop

Beeld: David Mach – Dadiani Fine Art – Calvary, 2011, Mixed Media

‘De filosofen blazen God nieuw leven in’

ongeneeslijkreligieus

‘God is dood? De filosofen lijken ‘M nieuw leven in te blazen…’ En een van hen is Gerko Tempelman van Ongeneeslijk religieus (nov. 2018), waarin de filosoof (en theoloog) verslag doet over hoe God verdween uit onze wereld – en zijn leven – en waarom steeds meer filosofen zeggen dat ‘ie terug is. Volgens Wouter Nieuwenhuizen, vriend van de Remonstrantse groep  ‘De Leven Utrecht’, lijken de filosofen ‘M nieuw leven in te blazen. ‘De Leven’ haalde 15 januari Tempelman in huis om zijn verhaal te horen over een verwarrende comeback van God in de hedendaagse filosofie.

De Leven is voor iedereen die iets met (de christelijke) religie heeft en daar graag over in gesprek gaat. Dat kunnen trouwe kerkgangers zijn, maar ook twijfelaars, randkerkelijken, agnosten, atheïsten, ketters en afvalligen. En iedereen die niet in een van die hokjes past. En zo ontmoet ik die avond, als ‘breed georiënteerde zinzoeker’, naast Nieuwenhuizen en Tempelman, ook een Bijbelvaste man voor wie de wereld pas zo’n 6000 jaar bestaat, een dogmavrij-gelovige, en een zoekende. De spreker is op dreef als hij zijn verhaal vertelt en met zo’n veertig mensen het gesprek aangaat, vragen stelt en luistert. Een filosoof die ongeneeslijk religieus ‘M nieuw leven inblaast? God verdween dan wel uit zijn leven, maar hij denkt niet dat hij echt weg is.

Volgens Blossom, dat de avond met De Leven organiseerde, zou je dit boek het eerste ‘radicale-theologieboek’ in het Nederlands taalgebied kunnen noemen, waarin de auteur vertelt over zijn eigen geloofsdeconstructie als kapstok over God na de dood van God.  Vooral in de laatste twee hoofdstukken gaat het over ‘radical theology’. Dat blijkt voor de theoloog en filosoof een ‘fascinerende denkstroom’, een vrij nieuwe, onvoltooide denkstroom, die een ‘zeer filosofische blik op het christendom’ biedt, ‘prikkelend, onorthodox, soms blasfemisch en opvallend theologisch’.

Hallo, ik ben Gerko en ik ben ongeneeslijk religieus,’ zo begint de auteur zijn boek. Hij lijkt het geloof van zijn jeugd maar niet te kunnen loslaten, ondanks dat zijn boek begint met de verklaring hoe God uit zijn leven verdween.

Daarom vroeg ik me af: heb je überhaupt een keuze als het over geloven gaat? Ik denk het niet. Waar je mee omgaat, daar word je mee besmet. Dat gold in ieder geval voor mij. Precies zo is het, denk ik, ook gegaan met het verdwijnen van God in het westerse denken. Is ongeloof daarmee onherroepelijk ons lot? Of is de rol van het christendom nog niet uitgespeeld?’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Vervolgens vraagt Gerko zich af, in opeenvolgende hoofdstukken, wat we eigenlijk geloven, en vertelt hij hoe God uit onze wereld verdween. Maar ook waarom ‘christelijk atheïst’ Slavoj Žižek en ‘postmoderne pelgrim’ John Caputo zeggen dat God terug is. Deze filosofen filosoferen regelmatig over de uitspraak dat ‘we niet weten wat we geloven’. Žižek stelt zelfs dat mensen tegenwoordig meer dan vroeger blind zijn voor hun overtuigingen. Caputo ziet,  net als filosoof Jacques Derrida, een opleving van God.

Mijn eerste conclusie was deze: misschien is dat geloof gewoon onzin. Ik hield niet zoveel meer over. Mijn vroegere religieuze overtuigingen waren weg geanalyseerd. Kapot-gedeconstrueerd. En daar had het gemakkelijk kunnen eindigen. Maar dat gebeurde niet. Geheel conform Derrida’s filosofie.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Gerko’s boek vind ik erg oorspronkelijk in zijn opzet. Al lezend word je op een prettige manier meegenomen in zijn leven en denkwereld, en spreekt hij je rechtstreeks aan, zonder ook maar een moment belerend te zijn. In zijn boek vertrekt hij vanuit de filosofie, en speelt op heldere manier met argumenten, schemaatjes, en eenvoudige premissen en conclusies. Voorbeeldje: ‘1. Opgegroeid in een gereformeerde zuil. 2. Studeren in Amsterdam. 3. Dus: geloof verliezen.’ Ook zegt hij dat zijn boek ‘een beetje theologisch’ wordt, maar Gerko blijft goed te volgen.

Als ik vertel over m’n persoonlijke zoektocht in het christendom krijg ik vaak de vraag: ‘Gerko, je gelooft toch niet echt in God?’ (of in die andere variant: ‘maar Gerko, je gelooft toch wel in God?’). Eh tja, dat weet ik niet zo goed. Daar ben ik dus naar op zoek. Het is die zoektocht die je het beste meemaakt als je je normale standpunten en neigingen af en toe tussen haakjes kunt zetten.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Ook neemt Gerko je mee naar de ‘profeet van het modernisme’, Nietzsche. Die spreekt hem nogal aan, deze filosoof kom je vaak tegen in zijn boek. ‘Als zzp-filosoof sta ik regelmatig op allerlei plekken een verhaal over de filosoof Nietzsche te houden’, zegt hij. Hij deelt dan ook ‘De dolle mens’ uit aan zijn luisterend publiek. Voor hem betekent de uitspraak ‘God is dood’ in ieder geval dat God minder belangrijk is dan dat hij vroeger was. En God is niet dood zoals de meeste doden uit ver vervlogen tijden dood zijn: dood en vergeten.

God is dood – maar het wordt er niet eenvoudiger op, zegt ook Nietzsche. Als God dood is, dan gaan we daar de gevolgen van merken. Als God verdwijnt, verdwijnt de zin. Dan verdwijnt de reden, de bedoeling, en het antwoord op de echte waaromvraag. Ledige ruimte. Voortdurend nacht. Vallen.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Als je echt christen wilt zijn, vind Gerko, dan moet je door het verhaal van Nietzsche heen: de volledige beleving van de dood van God.

God is dood!’ zegt de postmoderne filosofie. Maar dat wil niet zeggen dat mensen niet in beweging komen van dat woord. Ook als God dood is, of als we vermoeden dat hij dood is, dan nog insisteert hij wel. Datgene wat verscholen zit achter het woord ‘God’, kan ons roepen. Kan ons doen verlangen. Kan ons in beweging zetten.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

P.S. Voor de nerds onder ons heeft Gerko nog een apart hoofdstuk: Meer informatie (voor nerds), want elk boek moet in een elevator pitch kunnen worden samengevat. Daarin gaat het vooral over radical theology, de achtergrond bij de hoofdstukken 4 en 5, en Level-up geek stuff. – Ik raad lezers aan dat als eerste te lezen. Plus de Bibliografie, dan weet je welke boeken Gerko heeft gebruikt, met per titel het hoofdstuk waarin het boek genoemd wordt. – Veel inspirerend leesplezier gewenst! Echt een prettig leesbaar, toegankelijk, filosofisch/theologisch boek.

Remonstranten en filosofie? Zie: Filosofie

Ongeneeslijk religieus | Gerko Tempelman | Uitgever: KokBoekencentrum | 1e druk | 9789043529921 | november 2018 | Paperback | 176 pagina’s | € 17,99 | E-book € 9,99  | ‘In dit boek doe ik een uiterste poging om mezelf zo ver mogelijk op te rekken. Aan de ene kant trekt mijn christelijke opvoeding – aan de andere kant het postmoderne denken. Dit boek is een ultieme poging om te kijken hoe ver Nietzsche, atheïsme, postmodernisme en post-religiositeit enerzijds en het christelijk geloof anderzijds werkelijk uit elkaar liggen.’ (GT)