Promoveren op mindfulness

mindfulness

‘De sfeer in een mindfulnesscentrum. Er staan bloemen, er zijn hartelijke mensen. Terwijl ik weleens in kerken kom waar ik denk: ben ik hier nu eigenlijk welkom?’ Dit zegt coach en theoloog Hans Borst die maandag samen met zijn collega Jan Oosting promoveerde op de invloed van het modern boeddhisme in Nederland. ‘Boeddha leert een weg die teruggaat naar jezelf. De weg naar Christus wijst naar boven.

In nogal wat kerken heerst een klimaat van geslotenheid. Ik denk ook dat veel mensen het, figuurlijk gesproken, een beetje koud hebben gekregen in de kerk. Zorg nou dat het warm is, dat er een commissie van welkom is, dat mensen voelen: hier gaat het over mij of hier zou het over mij kunnen gaan.’

Dat is ook vaak de sfeer in een mindfulnesscentrum. Er staan bloemen, er zijn hartelijke mensen. Terwijl ik weleens in kerken kom waar ik denk: ben ik hier nu eigenlijk welkom? In de kerk lopen veel mensen rond met wie iets aan de hand is. Als uit je ogen spat dat je echtscheiding veroordeelt, zul je niet snel in gesprek komen met iemand wiens huwelijk stuk is.’

De promotie ‘Modern boeddhisme bij supervisoren en coaches?’ (Radboud Universiteit) betreft een literatuurstudie naar de invloeden van het modern boeddhisme op supervisoren en coaches. Ook worden de uitkomsten van diepte-interviews beschreven en een enquête over de invloeden van modern boeddhisme op de grond- en beroepshouding van supervisoren en coaches. Eveneens wordt duidelijk dat niet alle als boeddhistisch geduide elementen dit ook zijn.


Eind jaren zeventig introduceerde de Amerikaanse hoogleraar Jon Kabat-Zinn mindfulness in de westerse geneeskunde, waarna technieken hun weg vonden naar psychologie, coaching en supervisie.


Volgens Borst zijn er ook christenen die zich oefenen in mindfulness, maar geven dat een andere naam, zoals christfulness of heartfulness, zegt hij in een ietwat cynisch interview met Eunice Hoekman-van Stuijvenberg in het RD. Volgens de theoloog gaat het bij christfulness niet om jezelf maar om de relatie tussen God en jou.’

In hun beschrijvingen laten ze de boeddhistische elementen eruit. Ik zeg altijd: wees er transparant over. Prima dat je mindfulness beoefent. Het gaat niet om iets nieuws.’

Mensen putten uit een bepaalde bron, zegt Borst, zoals wij christenen putten uit de bron van de decaloog of uit de verhalen van Jezus.

In de wereld van de supervisie doken in de loop van de tijd steeds meer aspecten van het modern boeddhisme op. De laatste jaren vooral in de vorm van mindfulness, maar voor die tijd was er evengoed al sprake van. Toen heette het tot jezelf komen, goed zorgen voor je eigen ik, wars zijn van het instituut, een goed leven leiden, het volgen van het boeddhistische achtvoudige pad.’

Vaak gaat het om mensen met een christelijke achtergrond, vervolgt de theoloog, mensen die afscheid hebben genomen van kerk en geloof om vervolgens een spirituele zoektocht te beginnen.

Ze hechten aan vrede, respect, empathie en vriendelijkheid. Het modern boeddhisme wordt wel knuffelspiritualiteit, een feelgoodreligie genoemd.’

Op mindfulness op zich heeft Borst niets tegen. Maar toch vindt hij Boeddha niet de juiste weg. Boeddha leert een weg die teruggaat naar jezelf. Dat is voor Borst niet genoeg. De weg naar Christus wijst naar boven, zegt hij: bij een boeddhist houdt op een gegeven moment de dialoog op, omdat zijn uiteindelijke doel de leegte is, terwijl het doel van een christen de volheid is, namelijk de vervulling met de Heilige Geest. Hij is niettemin positief over mindfulness:

Hier in Sleen en omstreken, waar 4000 mensen wonen, zit een centrum waar mindfulness, meditatie en yoga wordt gegeven. Dat loopt goed, er gaan veel mensen heen. In de afgelopen vijftien jaar is de aandacht hiervoor enorm toegenomen, ook in de psychotherapie. Je krijgt mindfulness nu soms zelfs vergoed door de ziektekostenverzekeraar. Door deze technieken raak je minder snel burn-out en bouw je meer veerkracht op.’


Toen ik in de jaren zestig zelf begon met mediteren en yoga, versleet iedereen me compleet voor gek. Het werd geassocieerd met hippies in San Francisco die te veel drugs op hadden. De grote kentering kwam een jaar of vijftien geleden, toen het wetenschappelijk onderzoek naar mindfulness enorm toenam. Het grote publiek gelooft er nu echt in, door de harde bewijzen over de vele positieve effecten die het heeft op het brein, het immuunsysteem, je sociale contacten en ga zo maar door.’ (Kabat-Zinn in Happinez)


Mindfulness is volgens Borst geen nieuw fenomeen.

Hoe komen mensen erbij dat dit allemaal nieuw is? Ik ben daar vaak heel verbaasd over. Wat nu boeddhisme heet, zijn vaak oude waarden en normen. Oude joodse en christelijke bronnen bijvoorbeeld, bevatten veel wijsheid.’

Zie:

Beeld: Proven Benefits of Mindfullness Meditation (care2.com)

‘Denkfout in het boeddhisme: de negativiteit’

BOEDDHAwilshart.nl

‘Klopt de boeddhistische stelling dat alle lijden uit begeerte voortkomt?’ is de vraag van Germen op Visionair. Hij vraagt zich af hoe het boeddhisme er uitgezien zou hebben als Boeddha niet de vier Nobele Waarheden had ontdekt, maar een andere oplossing voor het lijden had gevonden. ‘Begeerte houdt ons in leven en laat ons van het leven genieten,’ luidt zijn antwoord. 

In een nieuwe serie verkent Visionair het cruciale moment in de levensloop van de stichters van drie wereldreligies: Boeddha, Jezus en Mohammed, waarin hun religieuze activiteiten hun definitieve richting kregen. Wat als ze andere keuzes hadden gemaakt?

Deel een gaat over een van de meest invloedrijke denkers ooit: prins Siddharta Gautama, de grondlegger van de boeddhistische filosofie en religie. Hij was de kroonprins van de Shakya’s, een clan in de Terai, de zuidelijke laagvlakte van wat nu Nepal is. De precieze omstandigheden van zijn leven zijn niet bekend, maar veel overleveringen zijn het over belangrijke ideeën van het boeddhisme wel met elkaar eens.

Gautama, de grondlegger van de boeddhistische filosofie en religie, mediteerde tot hij een oplossing vond voor het menselijk lijden. Daaraan wilde hij een einde maken. Dat leidde uiteindelijk tot de Vier Edele Waarheden en het Achtvoudige Pad. De Vier Edele Waarheden stellen dat er lijden is, dat het lijden een oorzaak heeft die kan worden opgeheven door het Achtvoudige Pad te volgen. Het Achtvoudig Pad gaat over het juiste begrip of inzicht; de juiste gedachten; het juiste spreken; het juiste handelen; juiste wijze van levensonderhoud; juiste inspanning; juiste indachtigheid / meditatie, en de juiste concentratie.

Germen zegt dat het boeddhisme de meest logisch gestructureerde is van de religies en steeds populairder in de westerse wereld. Ook is het logisch consistent, wat een grootheid als Albert Einstein er toe bracht het boeddhisme de meest wetenschappelijke van de religies te noemen.

Toch zit er een ernstige denkfout in het boeddhisme: de negativiteit. Het volledig verdwijnen van begeerte betekent uiteindelijk de dood, het terugkeren naar een nuldimensionale ruimte. Begeerte houdt ons in leven en laat ons van het leven genieten.’

De auteur stelt dat het lijden niet stopt door het te ontkennen, maar dat wel een zwakkere versie van het boeddhisme kan standhouden:

Veel lijden ontstaat door vermijdbaar lijden, zoals onzinnige begeerte of andere levende wezens onnodig kwaad doen.  De begeerte naar een dure auto is onzinnig. De begeerte naar gezond zijn, een volle maag, liefde of een lang en gelukkig leven is dat niet.’

De gewijzigde Edele Waarheden zouden volgens de visionair denker dan iets geworden zijn, waarbij het gewijzigde Pad zich had kunnen richten op wetenschappelijk onderzoek om onvermijdelijk lijden aan te pakken, en dat dat had mogelijk kunnen leiden tot het ontwikkelen van de wetenschappelijke methode en een einde aan heel veel menselijk leed. De Vier Edele Waarheden hadden dan zo geklonken:

‘1. Leven is lijden.
2. Er bestaat onvermijdelijk lijden, vermijdbaar lijden en zelf-aangebracht lijden.
3. Alle vormen van lijden hebben een oorzaak.
4. Elke oorzaak van lijden is aan te pakken, als de oorzaak eenmaal gevonden is.’

Zie: Wat als: Siddharta Gautama tot een andere conclusie was gekomen dan het boeddhisme?

Beeld: Wils (H)art – Boeddha, uit thema Leven, een van de schilderijen van Wils (H)art die staan voor alles wat zij voelt, wanneer zij denkt aan Boeddha, sereen en integer. Een voorbeeld en inspiratiebron voor het bereiken van verlichting en inzicht door het zuiveren van negativiteit. Hart zegt er haar kracht uit te halen omdat daarna immers positieve eigenschappen zoals liefde, mededogen, vreugde en gelijkmoedigheid vanzelf tot ontwikkeling kunnen komen.

Zen en religie in tijden van wetenschap

Oil-Painting-On-Canvas-OH5233-Abstract-Modern-font-b-Zen-b-font-Tree-landscape-Handpainted-Home
Hoe past religie in deze (post)moderne tijd waarin wetenschap en kritische rationaliteit zo’n grote rol spelen. De toespraken van Edel Maex zwengelen discussies aan en hoewel ze op zichzelf staan, kennen ze een thema: iedereen weet. Dit weten is universeel en ligt volgens Edel Maex besloten in ons zijn als we woorden en zekerheden durven los te laten en met een open geest en hart te kijken.

Waar ik van gruwel, is een koude wetenschap die de werkelijkheid ‘onttovert’ en die mensen een gevoel van totale zinloosheid wil aanpraten. Waar ik van gruwel, is een fundamentalistische religie die meent de mensen te kunnen zeggen wat we moeten geloven, wie de wijsheid in pacht heeft en aan wie ze zich moeten onderwerpen. Waar ik van droom, is een middenweg.’ (Maex)

iedereenweet
I
n het boek Iedereen weet gaat Maex in een verzameling zentoespraken op zoek naar wat aan de grondslag ligt van zen en religie. Die gemeenschappelijke kern kent diep vanbinnen iedereen, zo argumenteert hij, maar mogelijk zijn we er ons niet langer van bewust.

Iedereen weet, maar toch bestaat er de vraag hoe we zinvol kunnen omgaan met religie in deze tijd. Edel Maex doet een handreiking naar de antwoorden op deze vraag. Zijn toespraken en denken, gegoten in korte hoofdstukken, zijn filosofisch en psychologisch van aard. Zo noemt hij begrippen als fascinatie en angst en spreekt over hun rol bij het vermogen tot openheid. De wetenschappelijke empirische achtergrond van Maex is duidelijk aanwezig in het schrijven en hij noemt zichzelf meerdere malen een darwinist.’ (Donata van der Rassel)

Van der Rassel zegt dat wij niet met zekerheid kunnen stellen dat onze waarneming allesomvattend is, en dat dit van de wetenschap een perspectief maakt, maar geen waarheid.

EdelMaexBoeddhistischDagbladDe vraag van Edel Maex (foto: BD) zou wat mij betreft dan ook niet moeten zijn hoe wij zen en religie in tijden van wetenschap moeten beleven, maar hoe de betrekkelijk jonge empirische wetenschap beleefd of beoefend zou moeten worden met behulp van eeuwenoude religieuze en spirituele kennis.’ (Van der Rassel)

Voor wie religieuze antwoorden zoekt in een rationeel-kritisch domein, aldus Van der Rassel, is Iedereen weet een mooi pleidooi van de voorzichtige band op gepaste afstand die wetenschap en religie met elkaar kunnen onderhouden. 

Zij zullen echter pas echt verenigd worden als we alle zekerheden en definities loslaten. Dat is geen middenweg, maar DE weg.’ (Van der Rassel)

Volgens het Boeddhistisch Dagblad is Iedereen weet een pleidooi om met een open hart en een open geest naar religie en spiritualiteit te kijken.

Want dan ontdekken we mogelijk wat we altijd al geweten hebben: dat we niet naar boven moeten kijken voor een antwoord. Dat niemand een monopolie heeft. Dat religie iets van ons allen is.’ (BD)

Zie: Edel Maex en de koude wetenschap die de werkelijkheid onttovert

en: Iedereen Weet – boekrecensie Edel Maex

llustr: Olieverfschilderij op canvas (nl.aliexpress.com)

Iedereen weet | Edel Maex | EAN 9789401424042 | maart 2015 | Hardcover | Druk: 1 | Aantal pagina’s: 144 Edel Maex is psychiater in het Antwerpse Middelheim Ziekenhuis, zenleraar en een van de grondleggers van het werken met Mindfulness Training in de Lage Landen. Ruim tien jaar geleden introduceerde hij de zogenaamde mindfulnesstrainingen, een meditatietechniek die de terugval in een depressie mee kan helpen voorkomen.

De keerzijde van Multiple Religious Belonging (relishoppen)

Relishoppen-440x330

Boeddhist Varamitra vraagt zich af of je gegrond kunt zijn in meerdere religies. Wel denkt hij dat je meerdere inspiratiebronnen kunt hebben en dat bijvoorbeeld het boeddhisme voor veel mensen de tweede inspiratiebron kan zijn. ‘Ik denk niet dat een cafetaria-achtig model, waarbij mensen elementen van verschillende religies op één bordje scheppen, zal beklijven. Je hebt volmondige JA – zeggers nodig; mensen die zich 24 uur per dag verbonden weten met een traditie, daarin gegrond zijn.’

‘Door letterlijk bij elkaar aan te bellen en simpelweg bij elkaar aan tafel te gaan zitten. We moeten van ons eiland af en naar het wij-land toe.
Alleen zo, door elkaar scherp te houden, kunnen onze tradities interessant blijven voor zoekers’
(Varamitra)

Waarheidsclaims
Je vergroot je kans met God in aanraking te komen, zoals godsdienstsocioloog Erik Sengers vorig jaar zei in Trouw. Toch bestaat er zoiets als Multiple Religious Belonging, dat erop neerkomt dat sommige gelovigen de waarheidsclaims van één religieuze traditie als een keurslijf voelen en zich niet alleen afkeren van kerken en religieuze instituties,  maar ook niet langer onderworpen willen zijn aan religieuze autoriteiten die ze voorschrijven waarin ze moeten geloven. André van der Braak (foto: VU Amsterdam), hoogleraar boeddhistische filosofie in dialoog met andere levensbeschouwelijke tradities, aan de VU in Amsterdam, zegt hierover:

Andre van der Braak

‘Zelf ben ik ook een multiple religious belonger. Opgegroeid in de katholieke kerk, daarna de kerk vaarwel gezegd en het boeddhisme omarmd, toen een aantal jaren het spirituele pad bewandeld bij een Amerikaanse spirituele leermeester, en nu puttend uit zowel de katholieke als de boeddhistische traditie.
Bij veel mensen in mijn omgeving bemerk ik een sympathie voor het boeddhisme, en boeddhistische meditatie, zonder dat ze nu de behoefte voelen om zichzelf als ‘boeddhist’ te omschrijven.’

‘Vastbijten in de materie’
Varamitra vergelijkt Multiple Religious Belonging met erwtensoep die door de blender is gegaan: dan zie je wat er van overblijft. Hij wil mensen die zich vastbijten in de materie, zich met overtuiging inzetten voor een bestendig Boeddhisme. Hij vindt trouw zijn aan één traditie de voorwaarde voor het voortbestaan ervan.

‘Ik zit wel eens met leden van meer hedendaagse religieuze stromingen om de tafel. Zij hebben het idee dat alle religies en bronnen op hetzelfde neerkomen. Maar vanuit mijn perspectief zie ik bij hen vooral een marginale kennis van het boeddhisme. Ze leggen het op hun eigen manier uit, wat echt volledig voorbij gaat aan waar het echt over gaat.
Wat blijft er dan nog van over, behalve dan een soort erwtensoep die in de blender is gegaan? Ik geloof juist in diversiteit: niet iedereen is hetzelfde. Dat zorgt voor een mooie dynamiek, die ons uitdaagt. Als je nergens meer ècht in gelooft, dan word je een soort dood water.’

Varamitra

Varamitra (foto: bchaaglanden.nl) vindt dat er een brede onderlaag van mensen is die op een basale, soort consumerende manier, geloven – vaak alleen op bepaalde markeerpunten in het leven. Toch wil Varamitra met andere religies samenwerken.

‘Door letterlijk bij elkaar aan te bellen en simpelweg bij elkaar aan tafel te gaan zitten. We moeten van ons eiland af en naar het wij-land toe. Alleen zo, door elkaar scherp te houden, kunnen onze tradities interessant blijven voor zoekers. Dat betekent absoluut niet dat we allemaal één worden of iets dergelijks, daar geloof ik niet in.’

Zie: Boeddhist, kom van je kussen! (NieuwWij)

Illustr: Relishoppen geeft je de kans om verschillende religieuze stromingen beter te leren kennen. (Leidse Studenten Ekklesia)

Varamitra (1953) is van huis uit organisatieconsulent en sinds 1987 in Amerika en Europa opgeleid in boeddhisme en meditatie. Naast zijn werk voor BC Haaglanden werkt Varamitra als hoofd boeddhistische geestelijke verzorging bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Prof. dr. André van der Braak is werkzaam aan de Vrije Universiteit als bijzonder hoogleraar boeddhistische filosofie in dialoog met andere levensbeschouwelijke tradities. Hij studeerde klinische psychologie en vergelijkende wijsbegeerte in Amsterdam, studeerde in 1986 af op Nietzsche en het boeddhisme en promoveerde in 2004 op Nietzsche aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Van 2007 tot 2009 was hij directeur van de stichting Filosofie Oost-West. Naast zijn wetenschappelijke en algemenere publicaties geeft hij sinds vele jaren cursussen bij HOVO Amsterdam.
Update september 2025 (Lay-out), tekstcorrectie