Resilience: ferm antwoord op religieus analfabetisme

Dante_Domenico_di_Michelino_Duomo_Florence_commons_wiki

Resilience wordt omschreven als het vermogen van individuen, gemeenschappen, instituten, bedrijven en systemen (lees: religies) binnen een stad om te overleven, zich aan te passen en te groeien ongeacht de soort chronische stress en acute schokken die zij ondervinden. Dit klinkt ferm, zegt Jack Kruf van Strategy & Design. Officieel is Resilience nu een ‘wetenschappelijke onderzoeksinfrastructuur voor alle religieuze studies’. Letterlijk betekent resilience ‘veerkracht’. Het woord is creatief opgebouwd uit een aantal (hoofd)letters uit de volgende begrippen: REligious Studies Infrastructure: tooLs, Innovation, Experts, conNections and CEntres in Europe.


Wat is Resilience?
Twaalf academische instellingen uit tien landen hebben hun krachten gebundeld om dit tweejarige project uit te voeren met als uiteindelijk doel een Europees antwoord op de uitdagingen van religieuze diversiteit op te bouwen. Het Resilience-project vond zijn kick-off meeting op 6/7 september 2019 in Bologna.

Momenteel richt Resilience zich op het voorbereiden van een voorstel voor een gevestigde onderzoeksinfrastructuur in religieuze studies. Het voorstel zal op 5 mei 2020 aan het ESFRI-forum worden voorgelegd om deel uit te maken van de ESFRI-routekaart 2021. [Vanwege COVID19 nu uitgesteld tot 9 september 2020.]


Voor vier jaar wordt het project gesubsidieerd vanuit de Europese Unie, door Horizon2020, hét Europese subsidieprogramma voor Onderzoek en Innovatie in Europa. De reden van het project is het toenemend religieus analfabetisme.

Resilience is geen kerkelijk, oecumenisch of interconfessioneel project, maar zuiver een dienstencentrum voor onderzoek. De vraag naar religie wordt in de samenleving steeds groter. Daarom is brede samenwerking zo hard nodig. Dat geldt bijvoorbeeld voor de kennis van islam en jodendom. Goede kennis van de islam voorkomt populisme en kennis van joodse bronnen is van groot belang met het oog op het groeiend antisemitisme,’ legt Selderhuis [hoogleraar kerkgeschiedenis aan de TUA] uit.’
(Friesch Dagblad, 16 april 2020)

Excellente wetenschappers
R
esilience omschrijft zichzelf als een ‘unieke, interdisciplinaire en verkwikkende wetenschappelijke onderzoeksinfrastructuur voor alle religieuze studies, die een krachtig platform bouwt en evoluerende tools en big data levert aan wetenschappers uit alle wetenschappelijke disciplines die religies doorkruisen in hun diachronische en synchrone variëteit’.

12 Europese academische instellingen hebben de kwalificatie van het ESFRI-forum opgepikt dat religieuze studies een potentieel hoog strategisch gebied zijn en hebben een consortium opgericht dat voorziet in de behoeften van een grotere en meer gestructureerde betrokkenheid van excellente wetenschappers.’
(Resilence)

Religie digitaal ontsluiten
V
anuit Nederland participeert de Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA) en werkt samen met rooms-katholieke, islamitische en seculiere universiteiten. Vanuit België doet de KU Leuven mee. Volgens kerk- en religiejournalist Klaas van der Zwaag is er steeds minder kennis van religie, en is er in Europees verband behoefte aan een religieuze infrastructuur, die kennis over godsdienst ontsluit: Resilience. ‘Het is de bedoeling om alle mogelijke onderwerpen die met religie te maken hebben digitaal te ontsluiten,’ zegt woordvoerder prof. dr. H. J. Selderhuis.

De reden van het project is het toenemend religieus analfabetisme, zegt Selderhuis. ‘Het gaat vaak om de gewone dingen in het alledaagse leven die met religie te maken hebben en die misverstanden kunnen oproepen. Neem een lopende tentoonstelling over doopvonten in de Dom van Maagdenburg. Daar zijn gidsen werkzaam die voor een groot deel afkomstig zijn uit de voormalige DDR en meestal geen kennis van religie hebben. Maar neem ook de gezondheidszorg in deze tijd van coronacrisis: hoe ga je met moslims om en wat doe je als je een boeddhist moet verplegen?’

Bronnen o.a.:
* Breed Europees antwoord op religieus analfabetisme
* Resilience
* Jack P. Kruf

Beeld: Dante met de Divina Commedia in de hand, tempera op doek (1465), Domenico di Michelino, Santa Maria del Fiore, Florence (commons wiki)
Tussen 1308 en 1321 schrijft de Italiaanse dichter Dante Alighieri een episch gedicht getiteld De goddelijke komedie, dat de overgang markeert tussen de late Middeleeuwen en de Renaissance. Dante beschrijft hierin een imaginaire reis door de drie rijken van het hiernamaals: de hel, de louteringsberg en het paradijs.
Het zijn drie voorstellingen uit de westerse ideeëngeschiedenis die meekomen met een middeleeuws wereldbeeld. Die reis voert Dante van de diepste ellende van het kwaad naar de uiteindelijke aanschouwing van God. Wie het boek allegorisch leest, kan er ook de pelgrimage van de ziel naar God in zien. In ‘het paradijs’ waarin tal van extatische, mystieke passages staan, poogt Dante uit te tekenen wat hij nauwelijks kan meedelen.
De religieuze expressie voor die nauwelijks bespreekbare ervaring of onbepaaldheid is dat een mens ‘Gods gelaat aanschouwt’. Kun je nagaan, iemand die een literair geschrift produceerde, dat uit ruim veertienduizend verzen bestaat, iemand die met verbeeldingskracht schrijft en zowel een persoonlijke als een universele taal schept – en die dát onuitspreekbaar vindt! Bladzijde na bladzijde beleed Dante dat er een werkelijkheid was, die hij met geen pen kon beschrijven!’
(
Suzan ten Heuw, ambulant predikant, PhD-kandidaat en veganist)

Geloof dat probeert te begrijpen

HetLaatsteAvondmaalMetMuseum.org

‘Een van de oudste definities van theologie is: ‘Geloof dat probeert te begrijpen’. Deze bijzondere omschrijving staat in het verrassend pakkende boek Zoeken naar het goede leven, over de toekomst van de theologie. Nee, nu niet afhaken, want de auteur blijkt in staat de – voor velen antieke – term ‘theologie’ werkelijk nieuw leven en heldere inhoud in te blazen. Zijn essay is een must voor aanstaande studenten die zich oriënteren op een studie in de geesteswetenschappen. Of zij die het helemaal nog niet weten en iets zinvols zoeken. ‘Theologen eindigen niet met God; ze beginnen met God. De theologie denkt de werkelijkheid ‘vanuit’ God.’


‘Wie de geschriften leest van Copernicus, Galilei, Newton, Bacon en zoveel andere grondleggers van de moderne wetenschap, kan onmogelijk over het hoofd zien hoezeer naar hun eigen beleving hun wetenschappelijke activiteit geworteld was in een breed gedeeld theologisch begrip van de werkelijkheid.’
(Uit: Zoeken naar het goede leven)


‘God in alles en in allen’
S
tefan Paas vertelde in zijn lezing tijdens de Nacht van de Theologie, november 2019, dat theologen geen keiharde data leveren, maar wel helpen om bronnen van onze cultuur te verhelderen en kritisch te doordenken. Voor Paas zou het ‘zomaar eens kunnen zijn dat vandaag, in een samenleving waarin vrijwel alle institutionele plausibiliteit van God is weggevallen, het spreken vanuit God meer tot zichzelf kan komen.’ Als een inspirerend visioen voor de toekomst van de theologie ziet hij dat ‘God in alles is en in allen’.

Waarom theologie
I
n het essay bespreekt Paas of er toekomst is voor theologie en hoe dat er dan uitziet. In dit blog licht ik slechts een tipje van de sluier op. Paas legt eerst uit wat theologie is en wat zij doet, en waarom. Hierin slaagt hij helemaal, zijn verhaal is intrigerend. Zelfs voor mensen die zichzelf niet als religieus beschouwen. Nadrukkelijk heeft hij het over ‘denken en spreken over God’, en niet over religiewetenschappen die zich richten op religie als ‘breed veld van religieuze praktijken en culturen’.


‘Iemand als [de Britse natuur- en scheidkundige Michael] Faraday werd door zijn eigen theologie van Gods allesverbindende liefde geïnspireerd tot zijn maatschappelijke theorie van energievelden. Vandaag zullen veel wetenschappers niet langer geïnspireerd worden door specifieke religieuze doctrines of tradities, maar ook dan geldt dat ideeën voor nieuwe programma’s afkomstig zijn uit diepere lagen of hogere sferen, die een ‘transcendent’ karakter dragen. Een theologische faculteit kan de universiteit daaraan herinneren en behulpzaam zijn in het verkennen van die transcendentie.’
(Uit: Znhgl)


Iedereen doet wel aan ‘God-talk’, zegt Paas. Zelfs de atheïst heeft ‘ideeën over God in wie hij niet gelooft’. Theologen claimen echter geen geprivilegieerde toegang tot God, zij hebben dus geen geheime dataset waar God in zit.

Als zij iets zeggen over God, doet zij dat op basis van teksten, beelden, symbolen, uitspraken en praktijken – dat wil zeggen, op basis van bronnen die voor iedereen toegankelijk zijn. (…) Theologen onderzoeken niet slechts het spreken over God zelf, maar ook proberen zij te argumenteren hoe een religieus perspectief  (de werkelijkheid denken ‘vanuit God’) verschil maakt.’
(Uit: Znhgl)

Denken en spreken over God
A
ls doel van theologie noemt Paas het denken en spreken over God kritisch te onderzoeken in relatie tot de kennis die we hebben, en zo uiteindelijk te komen tot voorstellen om ‘denken en spreken over God’ te verhelderen en te verantwoorden. En voor atheïstische studenten: Gods bestaan hoeft niet ‘bewezen’ te zijn om in te zien dat denken en spreken over God historisch, cultureel en maatschappelijk van belang is en blijft.

De meeste wetenschappers zullen het erover eens zijn dat wat mensen hebben gedacht en gezegd over God wereldwijd en door de eeuwen heen een historische, culturele en sociale kracht is, die ‘reëel is in zijn consequenties’ – zoals het beroemde Thomas Theorema* stelt. Dat maakt het in principe een belangrijk object voor wetenschappelijke bestudering.’
(Uit: Znhgl)

Sociale wetenschappen
P
aas kijkt naar theologie als een academische discipline, een geesteswetenschap die zich vanuit de universiteit richt tot de samenleving in de breedste zin van het woord. Hij stelt ook dat, of we nu in God geloven of niet, dat velen aanvoelen dat wie over God nadenkt vroeg of laat het hele leven tegenkomt. Theologie is te vinden in levende mensen, en niet alleen in oude teksten. Vandaar, zegt Paas, dat sociale wetenschappen voet aan de grond gekregen heeft in de theologie. Paas citeert William Wood:

Theologie komt het dichtst bij wat op dit moment kan gelden als een algemene studie van alle aspecten van de menselijke cultuur, iet wat ooit heel gewoon was, maar nu erg zeldzaam is geworden.’
(Uit: Znhgl)

zoeken-naar-het-goede-leven
Cultuurdenker
E
en goede theoloog moet overal een beetje verstand van hebben, zegt Paas. Hij of zij is historicus, filosoof, taalkundige, een uitlegger van oude en moderne teksten, en waarschijnlijk nog een paar dingen. Juist die breedte vormt de theoloog tot cultuurdenker:

Maar als het op de een of andere manier van belang blijft onszelf en anderen te begrijpen, dan zijn juist geesteswetenschappers – en dus ook theologen – belangrijk.’
(Uit: Znhgl)

De werkelijkheid kunnen we uiteindelijk alleen begrijpen als universum’: het is daarom dat men in de vroege middeleeuwen de kathedralen ‘universiteit’ ging noemen, weet Paas:

Het instituut waar we streven naar kennis van ‘alles’, universele en geïntegreerde kennis. Het soort kennis dat resulteert in een wereldbeschouwing, een visie op het goede leven.’
(Uit: Znhgl)

*  Dit wil zeggen, dat als mensen situaties als werkelijk definiëren, dan zijn die ook werkelijk in hun gevolgen.

Zoeken naar het goede leven – de toekomst van theologie | Stefan Paas | ISBN: 9789043533836 | Pagina’s: 64 | Publicatiedatum: 19-11-2019 | € 8,95

Beeld: Het Laatste Avondmaal – Pieter Coecke van Aelst – 1527 – (metmuseum.org) – foto: Emile Gezels

‘Niet voor onze zonden stierf Jezus’

Er is geen bloedige dood nodig voor het herstel van Gods relatie met de mensheid. De boodschap van Jezus zet mensen zelf aan het werk.’ Docent-onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Fulco Y. van Hulst, onderzocht invloedrijke theologen en laat zien dat de kruisdood heel anders kan worden uitgelegd. In zijn proefschrift Vrede hebben met het kruis van Christus luidt de conclusie dat niet de kruisdood van Jezus centraal zou moeten staan in de verkondiging, maar de boodschap van vrede en afwijzing van geweld. Dat Jezus gestorven zou zijn voor onze zonden vindt de onderzoeker fake news.

Jezus was een radicale, vreedzame activist die opkwam voor de zwakken in de samenleving. Maar hij leefde in de verkeerde tijd en moest dat met de dood bekopen.’
(Van Hulst, NPO Radio 1)

Dat Jezus is gestorven aan het kruis als straf voor de zonde van de mensheid is de dominante interpretatie van zijn dood, maar volgens Van Hulst moet de interpretatie van die bruuske daad nodig worden herzien. In gesprek met journalist Jort Kelder zegt Van Hulst dat voor de doopsgezinde kerk, die ook wel bekendstaat als ‘vredeskerk’, het een onaanvaardbaar idee is dat God gewelddadig zou zijn om de mensheid te straffen.

Dat beeld dat Jezus gestraft wordt voor de zonden van de mensheid is eigenlijk een beeld dat zijn oorsprong had in de gedachten van Anselmus, een middeleeuwse theoloog, (…) en uiteindelijk uitgebouwd door Calvijn, maar dat vindt in mijn ogen helemaal geen basis in het Bijbelverhaal.’
(Van Hulst, NPO Radio 1)

Voor Van Hulst heeft altijd de praktische navolging van Jezus voorop gestaan, met nadruk op de afwijzing van geweld: ‘Dat is wat God in Jezus heeft voorgeleefd.’ De gedachte dat je moet geloven dat Jezus gestorven is voor onze zonden, is hem altijd vreemd voorgekomen. Die manier van denken wilde Van Hulst leren begrijpen en doorgronden. De relatie tussen God en Jezus verwoordt de onderzoeker in termen van Gods activiteit in en door Jezus.

God maakt zich kenbaar als een God die op geweldloze wijze in Jezus de kwade machten overwint. Hij geeft zichzelf in de kruisdood om de mens te bewegen tot inkeer. Tegelijk is de kruisdood een blijk van zijn toorn: het is het gevolg van de keuze van de mens voor het kwade. Het kruis is daarmee niet Gods instrument, maar wel het symbool van de overwinning.’
(Uit: proefschrift Vrede hebben met het kruis van Christus)

De gedachte is niet dat Jezus komt om te sterven, zegt Van Hulst. Hij is verbaasd hoe makkelijk mensen elkaar napraten in de theologiegeschiedenis, met soms schrikbarend weinig kritisch vermogen. Dat God geweld zou gebruiken om zijn doel te bereiken, gaat in tegen het doopsgezinde godsbeeld dat God geweld afwijst.

Je kunt de schriftteksten die worden gebruikt om te bewijzen dat het geweld van de kruisdood noodzakelijk is, ook anders interpreteren. Er is geen bloedige dood nodig voor het herstel van Gods relatie met de mensheid. De boodschap van Jezus zet mensen zelf aan het werk.’
(Uit: De Linker Wang, maart 2020)

Zie:
* De Linker Wang, maart 2020: Fulco van Hulst: Het verhaal over Jezus wordt verdraaid
* Friesch Dagblad, september 2019: Theologische bouwsteen als bijdrage aan het vredesgetuigenis van de kerk
* Proefschrift, september 2019: Vrede hebben met het kruis van Christus (samenvatting)

Luister:
* NPO Radio 1, november 2019:
‘Dat Jezus zou zijn gestorven voor onze zonden is fake news’

Beeld: cover proefschrift (detail)