‘De atheïst gelooft dat God niet bestaat, wat evenzeer een overtuiging is, en waarvoor de atheïst dus ook argumenten zal moeten geven. ’
Dat stelt filosoof Emanuel Rutten op 10 mei in zijn artikel Pariteit, in het blog Wijsgerige Reflecties. Rutten beweert hierin dat de atheïst in een argumentatief debat over het bestaan van God niet eenzijdig de bewijslast bij de theïst kan leggen.
‘De theïst gelooft namelijk dat iets, namelijk God, bestaat. Dit betreft een positieve (affirmerende) claim. De atheïst daarentegen gelooft slechts dat iets, namelijk God, niet bestaat. Dit is alleen maar een negatieve (ontkennende) claim.’
Zowel de theïst als de atheïst zullen volgens Rutten met argumenten voor hun overtuiging moeten komen. In zijn artikel weerlegt Rutten de repliek van de atheïst dat de bewijslast bij de theïst ligt. Hij verwijst hiervoor naar zijn proefschrift ‘A Critical Assessment of Contemporary Cosmological Arguments – Towards a Renewed Case for Theism’, waarin hij onder meer stelt dat God metafysisch noodzakelijk bestaat.
‘Beide posities betreffen immers een claim over de aard van de wereldgrond. Volgens de één is de zijnsgrond van de wereld geest en volgens de ander is de zijnsgrond van de wereld stof. De repliek van de atheïst hierboven is dan dus inderdaad inadequaat. Het is niet zo dat de theïst het bestaan van iets bevestigt, terwijl de atheïst slechts het bestaan ervan ontkent. Twee opvattingen over de natuur van de eerste oorzaak, geest of stof, staan tegenover elkaar.’
Volgens Rutten kan de atheïst in een argumentatief debat over het bestaan van God dus niet eenzijdig de bewijslast bij de theïst leggen.
Emanuel Rutten (foto: PD) behaalde in 1994 een propedeuse in de economie aan de UvA, een master of science in de wiskunde in 1997 aan de TU Delft en een master of arts in de wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit in 2010. De laatste twee met het judicium cum laude. Begin 2010 begon Emanuel aan de Vrije Universiteit aan een promotie in de wijsbegeerte bij Prof. Dr. R. van Woudenberg. Eind september 2012 promoveerde hij. De titel van zijn dissertatie luidt: A Critical Assessment of Contemporary Cosmological Arguments: Towards a Renewed Case for Theism. Het werkterrein van Emanuel betreft metafysica, epistemologie en esthetiek. Nu zijn promotie is afgerond zal Emanuel als postdoc verbonden zijn aan The Abraham Kuyper Centre for Science and Religion van de faculteit der Wijsbegeerte van de Vrije Universiteit.
Genesis, maar dan met sterrenstof. In het artikel ‘Big History’ schrijft bioloog Gert Korthof over een synthese van kosmologie, evolutie en cultuurgeschiedenis. Dit naar aanleiding van het boek Big History and the Future of Humanity van Fred Spier, dat Korthof een wetenschappelijke scheppingsgeschiedenis zou willen noemen omdat het vragen stelt als: Wie zijn we? Waar komen wij vandaan? Waar gaan we naar toe? Waar komt alles vandaan?
‘Big History is een benadering van de plaats van de mens in de natuur en de kosmos die de potentie heeft boven traditionele scheidslijnen zoals theïsme – atheïsme uit te stijgen en zo een verbindend gemeenschappelijk perspectief kan bieden.’
Genesis en sterrenstof Een pakkend blog over een boek van biochemicus en cultureel antropoloog Spier (foto UVA), dat volgens Korthof gebaseerd lijkt op dezelfde motivatie die de auteurs van het Bijbelboek Genesis gehad moeten hebben, daar Genesis weet dat we ‘uit het stof der aarde’ zijn gevormd.
Korthof stelt dat de Bijbel nog niet wist dat het stof op zijn beurt weer gevormd is uit sterrenstof, doormiddel van de Big Bang die de mens een onlosmakelijke band geeft met het universum.
‘Big History vertelt het hele verhaal en onderbouwt dat verhaal met inzichten uit de meest uiteenlopende wetenschappelijke disciplines zoals kosmologie, astrobiologie, evolutiebiologie, paleontologie, geologie, klimatologie, antropologie, archeologie, geschiedenis en cultuurwetenschappen. Big History graaft dieper, gaat verder terug in de tijd, zoekt en vindt grotere, en vaak onverwachte verbanden. Je zou Big History ook kunnen typeren als een viervoudige evolutie: kosmische evolutie, chemische evolutie, biologische evolutie en culturele evolutie.’
Theïsme – atheïsme Interessant en hoopvol vind ik dat Korthof in zijn blog stelt dat Big History de potentie heeft boven de tegenstelling theïsme – atheïsme uit te stijgen. Hij verwijst ook naar de betekenis van het woord ‘religie’ dat ‘herverbinden’ betekent en citeert daarmee wetenschapper Matthijs Schouten, die biologie, vergelijkende godsdienstwetenschappen en Oosterse filosofie studeerde:
‘Als je het woord religie gebruikt in wat wellicht de oorspronkelijke betekenis was, ‘herverbinden’, ligt hier wel een interessant punt. Het duurzaamheidsdenken komt voort uit het bewustzijn dat we als mens deel uitmaken van een groter geheel, het ecosysteem aarde zou je kunnen zeggen. Het betrokken zijn op het welzijn daarvan is voor meer en meer mensen betekenisvol.’
Big Bang Als conclusies die Korthof (foto GK) trekt, noemt hij Big History belangrijk voor het onderwijs: evolutieboeken zouden moeten beginnen met de evolutie van de kosmos (Big Bang.) Ook geeft het een ideaal kader om de ecologische footprint van menselijke beschaving te bestuderen en om over de toekomst na te denken. En als derde conclusie:
‘Omdat Big History in principe descriptief is blijft er ruimte over voor beide partijen om hun eigen levensbeschouwing toe te voegen. Ook de ecologische footprint stijgt boven de tegenstelling theïsme–atheïsme uit: beide partijen zouden zich zorgen moeten maken om de toekomst van de mensheid.
Alle planetaire problemen zoals wereldbevolking(!), klimaat(!) stijgen boven nationaliteit, ras, geloof, arm en rijk uit.’
Earth’s life-support system Korthof legt er de nadruk op dat Spier bezorgd is over de toekomst van de mens en zich afvraagt of de aarde in 2050 berekend is op 9 miljard mensen. Korthof verwijst hier naar een artikel in Nature, ‘waarin wordt betoogd dat de doelstellingen van de VN om armoede uit de wereld te helpen niet zonder bescherming kan van het ‘Earth’s life-support system’ (atmosphere, oceans, forests, waterways, biodiversityand biogeochemical cycles.)’
Korthof besluit met een krachtig citaat uit het boek God én Darwin, hoofdstuk Sterrenkinderen, van Taede A. Smedes (foto TAS), dat de bioloog ‘onverwacht’ vindt omdat het van een theoloog komt:
‘Evolutie moet niet alleen gaan om biologie, maar moet kosmologisch worden doorgetrokken: evolutie is een kosmologisch proces waarbij de evolutie van leven op aarde volledig ligt ingebed in de evolutie van het heelal, van de kosmos. De biologische evolutie is slechts een onderdeel van de evolutie van het heelal, en kan vanuit een theologisch-filosofisch perspectief pas worden begrepen wanneer de evolutie van het geheel ter sprake komt. Pas dan kom je volgens mij in de buurt van wat theologen door de eeuwen heen onder ‘schepping’ hebben verstaan. Dit is volgens mij het punt waarop een verdiepende discussie zou moeten beginnen.’
Voor Fred Spier was de Earthrisefoto uit 1968 dé grote inspiratiebron voor Big History: de aanblik van de planeet aarde vanaf de maan gezien. De foto geeft je het plotselinge besef dat de aarde waar je leeft en die je deelt met alle andere mensen en al het andere leven, een kleine, kwetsbare bol is met water, land, wolken en een dunne, onzichtbare atmosfeer, die in een oneindige, zwarte, vijandige, lege ruimte zweeft. Die ‘pale blue dot’ is een oase in een overigens levenloos heelal. Die planeet is onze woonplaats, ons thuis. (Gert Korthof)
Big History and the Future of Humanity van Fred Spier is in het Engels en is niet vertaald. Er is wel een vertaling van een ouder werk: Fred Spier Geschiedenis in het groot. Een alomvattende visie(1999). Een ander Nederlandstalig boek is: Cynthia Stokes Brown (2009) Big History · Van de oerknal tot vandaag, hier ligt de nadruk op culture evolutie van de mens.
Video: Big History and the Future of Humanity (Fred Spier)
‘Strikt genomen, is iets geloven een bepaalde stelling voor waar aannemen. Voor een gelovige is dat dus de stelling ‘God bestaat’. In het geval van de atheïst geldt dat hij de stelling ‘God bestaat niet’ voor waar aanneemt. Allebei maken ze een waarheidsclaim: ze willen iets zeggen over de werkelijkheid. De een gelooft dat God bestaat, de ander dat God niet bestaat – tot zover geloven ze allebei.’
‘Geloven in God is van een andere orde dan geloven dat Hij niet bestaat, zoals het bestaan van God van een andere orde is dan het bestaan der dingen, betoogt Geertjan Zuijdwegt.’
In de Volkskrant wordt druk gediscussieerd door atheïsten en theïsten. De laatste – van gisteren – die aan het woord is en die ik hierboven citeer, is Geertjan Zuijdwegt, promovendus aan de faculteit Theologie van de KU Leuven. Hij gaat in op student Bart van der Meer die zegt dat atheïsme een gebrek is aan geloof in een God. ‘Dat is geen religie of levensovertuiging,’ vindt hij. ‘Het is lastig om je leven in te richten met een gebrek aan iets.’
‘Als een theïst gelooft dat God bestaat, bedoelt hij niet dat hij een vollediger catalogus heeft van alle dingen die bestaan dan de atheïst. Het bestaan van God is van een andere orde dan het bestaan van de dingen. Dat de dingen zijn zoals ze zijn, is contingent, ze zijn op die en die manier door die en die oorzaken zo geëvolueerd. Het had niet zo hoeven zijn.’ (Zuijdwegt)
Van der Meer, op zijn beurt, reageert op Jaap van der Wal die volgens hem de plank flink misslaat. Niet alleen bestempelt hij atheïsme als een religie. ‘Christenen pesten? Niet doen,’ zegt hij. ‘Lubach wil toch ook zijn vrijheid om atheïst te zijn, en van daaruit zijn politieke voorkeur te formuleren?’
’Van der Wal beweert ook dat de Jodenvervolging door de Nazi’s niet door religie is ingegeven. Beide argumenten worden vaker gebruikt door verdedigers van geloof of aanvallers van het atheïsme. Het is ondoordacht, simpel van geest en gewoonweg onjuist om deze argumenten te gebruiken.’ (Van der Meer)
De discussie begint met Arjen Lubach, met zijn column: ‘Christenpesten, ik vind het een prima zaak. Ze kunnen niet genoeg worden dwarsgezeten’ in de Volkskrant van 4 januari. Het initiatief van D66 om kerken de toegang tot de gemeentelijke basisadministratie te ontzeggen is uitstekend, vindt Lubach. ‘Sterker nog: alle invloed die religie heeft op de staat moet het liefst nog in 2013 worden geëlimineerd.’
‘De SGP noemt deze voorstellen van D66 ‘christenpesten’. Ik vind het een prima zaak: christenpesten. Christenen zijn mensen die beweren dat we een God dankbaar moeten zijn voor al het moois in de wereld, terwijl we zelf de schuld hebben aan alle narigheid. Die kunnen niet genoeg dwarsgezeten worden in wetten en woorden.’ (Lubach)
Van der Wal vindt het ideaal van Lubach: de eliminatie van alle invloed die religie heeft op de staat, heel gevaarlijk, want, zegt hij, welke ‘religie’ is er na het christendom aan de beurt om geëlimineerd te worden?
‘Pas maar op, uiteindelijk komt zoiets als een boemerang ook bij columnschrijvers terug. Dan worden Lubachs columns als ketterij verbrand. Het jodenpesten in het Duitsland van de jaren dertig had geen religieuze, maar puur politieke gronden en had boekverbrandingen als begeleidend fenomeen.’ (Van der Wal)
Van der Wal is van mening dat een positivistisch-wetenschappelijke atheïstische mensbeeld geen religie of levensbeschouwing is, maar misschien wel een van de meest verbreide, en politiek en maatschappelijk, een van de succesvolste religies aller tijden is.
‘Verder is het wel een beetje sneu wanneer je aan je opvoeding zo’n armzalig godsbeeld hebt overgehouden als dat wat door Lubach wordt verwoord. Ik denk dat ik eenzelfde soort kerkelijke opvoeding gehad heb als hij, maar zo’n typisch archaïsch godsbeeld heb ik er niet aan overgehouden, hoewel ook ik geen lid van een kerk meer ben (wel een christen overigens).’ (Van der Wal)