Religie, humanisme, en de mystieke ervaring

Boekrecensie: Religions, Values, and Peak-Experiences (Religie en topervaring) – Abraham H. Maslov was een humanistisch psycholoog die religieuze (top)ervaringen bestudeerde vanuit de gezonde ontwikkeling van de mens. Hij vatte die op als mystieke ervaringen, losstaand van enige religie en die voor kunnen komen bij zowel religieuze als niet-religieuze mensen. Religie en topervaring, uit 1964, blijkt nauwelijks aan actualiteit te hebben ingeboet, zo visionair was het al in die tijd.

‘Maslov beschrijft ‘religieuze ervaringen als topervaringen die ieder in zijn leven meemaakt, wanneer men zich verbonden voelt’, in kunst, de natuur, bij momenten van geboorte of dood. Dit kan leiden tot gevoelens van het zelf-overstijgende’

De mens en zijn mogelijkheden
H
et bijzondere van Maslov (1908 – 1970) is dat hij inderdaad, zoals H.C.J. Duijker in het voorwoord schrijft, een essay schreef als ‘pleidooi voor een niet-dogmatische, onbevangen, realistische bezinning op de mens en zijn mogelijkheden’. In deze tijd van eindeloze discussies over seculariteit en religie, schreef Maslov meer dan vijftig jaar geleden over topervaringen, en haalde ze uit het beperkende straatje van religieuze of mystieke ervaringen.

‘Maslov beschrijft ‘religieuze ervaringen als topervaringen die ieder in zijn leven meemaakt, wanneer men zich verbonden voelt’, bv. in kunst, de natuur, bij momenten van geboorte of dood. Dit kan leiden tot gevoelens van het zelf-overstijgende. Het gaat om het besef deel te zijn, zich als deel te ervaren van een ruimer geheel in tijd en ruimte: we zijn een deel van de geschiedenis en dragen het leven verder doorheen generaties, en zijn deel van deze planeet en van een gigantische kosmos.’
(Uit: Herstelrecht tussen toekomst en verleden, red. Lieven Dupont, blz. 172)

Topervaringen
I
eder mens, religieus of niet, kan topervaringen (ook wel piekervaringen genoemd) meemaken. Maslov maakt het woord ‘religieus’ los van zijn begrensde ‘samenhang met het bovennatuurlijke, kerken, rituelen, dogma’s, beroepsgeestelijken, enzovoorts. Hij past het in principe toe op heel het leven. Maslov noemt godsdienst in die zin dan ook een geestesgesteldheid die men in iedere levensactiviteit kan bereiken. Een atheïst zou ook een ‘religieuze ervaring’ kunnen doormaken. Maslov verhaalt bijvoorbeeld van een overtuigd marxiste die echter een echte topervaring wel moest ontkennen, omdat deze ervaring in strijd was met heel haar materialistisch-mechanische levensfilosofie.

Natuurlijke betekenis
Maslov noemt topervaringen eerder een kenmerk van gezondheid dan een van een neurose of psychose. Ze kunnen pathologisch zijn, stelt de humanistisch psycholoog, maar ze zijn dit vaker niet dan wel: ‘ze moeten vaker hoog gewaardeerd dan gevreesd worden’. Hij wil aantonen dat ‘geestelijke waarden een natuurlijke betekenis hebben, dat ze niet het uitsluitend bezit van georganiseerde kerken zijn’. Die geestelijke waarden vindt hij behoren ‘tot de algemene verantwoordelijkheid van heel de mensheid’. Het geestelijk leven lijkt eerder alleen maar tot het terrein van de georganiseerde godsdienst te behoren. Maslov zet zich hier met kracht en argumenten tegen af.

Wetenschap en religie
D
e psycholoog stelt dat er iets aan het veranderen is, zowel binnen de wetenschap als binnen de religie. De wetenschapsbeoefenaar gaat hierdoor ‘minder bekrompen’ naar religieuze vraagstukken kijken. De wetenschap maakt zich los en onafhankelijk van de georganiseerde religie, en er ontstaat een nieuw type humanistische wetenschapsbeoefenaar die ‘bestrijdt dat de gevestigde godsdiensten de enige arbiters zijn in alle vraagstukken van geloof en zeden’. Voor gelovigen, maar natuurlijk ook voor ieder ander mens, pakt dit positief uit en wordt er niet meer slechts vanuit religieus oog- en standpunt naar hen gekeken. De wetenschap kan, onafhankelijk, vragen beantwoorden van mensen die topervaringen meemaken.

Voor bij de religieuze beperking
D
it is dan ook van belang voor atheïsten. Immers, wat moeten zij met hun topervaringen als die alleen maar mogelijk zouden zijn binnen een religieuze context? ‘Religieuze antwoorden zouden zij moeten verwerpen,’ zo stelt Maslov. En dat is wat Maslov nu juist niet wil. Hij wil voorbij de religieuze beperkingen. 
Nu ook de wetenschap er open voor staat, kunnen religieuze- of topervaringen bekeken worden als ‘diep geworteld in de menselijk natuur’ en dus wetenschappelijk worden bestudeerd. Zonder de beperkingen van de georganiseerde religie. Maslov: ‘Wij kunnen thans bestuderen wat in het verleden gebeurde en toen slechts in bovennatuurlijke termen verklaarbaar was.’ Mensen met allerlei top- en transcendente ervaringen konden vanaf toen ook beter terecht voor hulp en erkenning. Daarvòòr hielden zij zich veelal bezig met het afweren van hun ervaringen, waarvan ze vaak niets snappen of weten wat er binnen in henzelf gebeurt.

Uit de enge hokjes
M
aslov stelt ook dat door onderzoek van topervaringen wij de gegronde hoop mogen koesteren dat ‘wij meer zullen begrijpen van de grote openbaringen, bekeringen en verlichtingen, waarop de georganiseerde godsdiensten gebaseerd zijn’. Hij laat onder andere hiermee zien, dat hij religie niet afschrijft, maar ook de moeite waard is te bestuderen. Er ontstaat een toenemende mogelijkheid tot het samengaan van religieuze en niet-religieuze visies, vooral ook dat ze niet zo veel van elkaar hoeven te verschillen. We zullen de mens niet langer in enge hokjes hoeven zetten, maar erkennen dat menselijke ervaringen en ideeën zowel religie als het secularisme overstijgen.

Humanistische psychologie
D
e psycholoog zegt hierover dat met ‘onlangs ter beschikking gekomen psychologische gegevens een nieuwe mogelijkheid tot een positief, naturalistisch geloof, een ‘gewoon geloof’, zoals de Amerikaanse filosoof John Dewey het noemde. Of tegenwoordig ook wel: humanistische psychologie. In onze tijd, waarin nog altijd veel verhitte discussies, congressen en symposia plaatsvinden over religie en het seculiere, is dat pure winst. Er is wellicht helemaal niet zo veel verschil tussen mensen. We kijken echter niet ver genoeg, te veel nog naar verschillen en te weinig naar overeenkomsten.

Vrijzinnig godsdienstigen en non-theïsten
M
aslov maakt melding van het feit dat vrijzinnig godsdienstigen, maar ook de non-theïsten, te veel de nadruk leggen op kennis van de onpersoonlijke wereld. Het gaat hen slechts om rationele kennis en zij laten het irrationele, het anti-rationele, het niet-rationele, links liggen. ‘Zij ruimen in hun systemen geen fundamentele plaats voor het geheimzinnige, het onbekende, het onkenbare, het gevaar opleverende weten of het onuitsprekelijke’. Hij heeft het dan ook onder meer over het feit dat zij ook voorbij gaan aan ‘ervaringen van overgave, van eerbied, van devotie, van toewijding, van nederigheid en offervaardigheid, van ontzag en het gevoel van kleinheid’. Dit noemt hij naast het feit dat die ervaringen veel als ‘lager’ of ‘niet goed’ worden beschouwd, dat ‘inexacte, onlogische, metaforische, mythische, symbolische, tegenstrijdige, dubbelzinnige en ambivalente’.

God als het ‘Zijn zelf’
W
anneer Maslov zegt dat ‘als God gedefinieerd wordt als het ‘Zijn zelf’; als het ‘integratieprincipe in het heelal’; als ‘de zinrijkheid van de kosmos’ of op een andere niet-persoonlijke wijze, waartegen zullen de atheïsten dan nog vechten?’
Hij zet dit naast de gedachte van theoloog en filosoof, Paul Tillich, in zijn formulering van godsdienst als ‘bekommering om uiteindelijke zaken’.
Maslov formuleert de humanistische psychologie op dezelfde manier en stelt vervolgens de vraag wat dan nog het verschil is tussen een gelovige in het bovennatuurlijke en een humanist. Voor Maslov mogen verschijnselen als mysterie, dubbelzinnigheid, gebrek aan logica, tegenstrijdigheid, mystieke en transcendente ervaringen, geacht worden geheel binnen het domein der natuur te liggen. Ook het onverklaarde en op het ogenblik onverklaarbare, ESP [buitenzintuiglijke waarneming, PD] vallen hieronder.


Humanistische psychologie
Maar indien kan worden aangetoond dat de religieuze vragen (die tegelijk met de kerken werden uitgebannen) gerechtvaardigde vragen zijn, dat deze vragen bijna hetzelfde zijn als de diepgaande, ernstige, essentiële problemen van het soort, waarover Tillich spreekt en van het soort, op grond waarvan ik de humanistische psychologie zou willen definiëren, dan zouden deze humanistische sekten veel nuttiger voor de mensheid kunnen worden dan nu het geval is.
Ze zouden inderdaad zeer wel een sterke overeenkomst kunnen gaan vertonen met de gereorganiseerde kerkorganisaties. Het is best mogelijk dat er op de lange duur niet veel verschil tussen hen zou bestaan, indien beide groepen het primaire belang en de realiteit van de fundamentele persoonlijke openbaringen (en hun gevolgen) aanvaarden.
En indien ze het erover eens konden worden al het overige te beschouwen als secundair, bijkomstig, als niet noodzakelijke, niet wezenlijk bepalende kenmerken van religie, zouden ze zich kunnen concentreren op het onderzoek van de persoonlijke openbaringen – de mystieke ervaring, de topervaring, de persoonlijke verlichting – en van het B-kennen [de topervaring, PD] dat daaruit zal voortvloeien.

(Uit: Religie en topervaring)


Slotsom
D
oorredenerend komt Maslov tot de slotsom dat een van de gevolgen van de aanvaarding van ‘de opvatting van een natuurlijke, algemene, fundamentele, persoonlijke religieuze ervaring is, dat daardoor ook atheïsme, agnosticisme en humanisme hervormd zullen worden’. Genoemde richtingen hebben volgens Maslov godsdienst te veel met kerken vereenzelvigd: ze hebben te veel verworpen.

Religions, Values, and Peak-Experiences | Abraham H Maslow | 7 oktober 2019 | 122 pagina’s | 20,75 – (Ook via Amazon)

Beeld: apofyliet.nl
Update 18/19 03 2025 (Lay-out, links) Boekrecensie op basis van Nederlandse editie Religie en Topervaring – 2018.

God, ik, en de Bijbel anno nu

godenik (1)

‘Het is de uitdaging van het progressieve christendom om Bijbelverhalen opnieuw te ontdekken en van betekenis te laten zijn in deze tijd,’ zegt Brian McLaren. Dat is wat de theoloog des Twitterlands, Alain Verheij, doet in zijn nieuwe boek ‘God en ik’. Aldus website Lazarus. Daarop staat ook dat deze week God en ik verschijnt, het eerste boek van Verheij. Hij schrijft over zijn weg binnen het geloof: soms een triomftocht, soms een worsteling. En hij laat zien wat je als 21e-eeuwer nog kunt leren van die oeroude Bijbel.

De enige manier om volwassen door het leven te gaan, is de weg van de tweede naïviteit van Paul Ricœur. Accepteer de magische kant in je ziel en je heimwee naar Sinterklaas, maar erken gelijktijdig dat de realiteit geen sprookje is: het is hier geen paradijs. Het zoeken van een goede balans tussen de droom en de scepsis is een levenslange koorddans. (Lazarus)

Bij Reporters Online zegt Verheij dat het wel lijkt alsof je tegenwoordig weer gewoon over geloof mag praten – omdat religie nooit dood is geweest en de helft van Nederland nog altijd een vorm van godsgeloof heeft: stichtingen, scholen, politieke partijen, buren, evangelisten… je moet je best doen om nooit een christen tegen te komen.

Daarnaast brengt immigratie ons in contact met voorheen minder bekende vormen van geloven, met name in de vorm van moskeeën en migrantenkerken. Wereldwijd groeit het aantal gelovigen nog steeds, dus wie de mensheid wil begrijpen doet er goed aan om iets van religie te weten.’ (Reporters Online)

Verheij toog naar het hol van de seculiere leeuw – ergens aan de grachtengordel van Amsterdam – om plannen te maken voor een nieuw boek – dat vanavond gepresenteerd wordt in Rotterdam – waarin hij het mooie van de Bijbel zal laten zien aan de weldenkende 21e-eeuwer.

De nieuwe generatie zit niet meer te wachten op de vuile was van een gefrustreerde ex-gelovige. Die problematiek kennen we nu wel. De tijd is nu juist weer rijp voor een bescheiden eerherstel voor de wijsheden in de Bijbel die er nog altijd zijn, onder heel veel lagen onbegrip, historische missers, kerkelijke starheid en anti-kerkelijke allergie.’ (Reporters Online)

Seculiere manieren om al je dromen in te leveren en in de kritische fase te blijven hangen zijn er ook, zegt Verheij.

Er is een naturalistisch wereldbeeld waarin men alles voor zichzelf kan verklaren door het te reduceren tot toeval en chemische processen. Er zijn pragmatisten die de magie voor de techniek hebben verruild en geloven dat er voor alle problemen op aarde een fix of een pil kan worden uitgevonden. Ten slotte kun je het luchtkasteel uit je jeugd vervangen door een bunker van schijnveiligheid: rijkdom en comfort, ellebogenwerk en agressie, succes of verdoving. (Lazarus)

Volgens uitgeverij Atlas Contact analyseert Verheij als theoloog, schrijver en blogger onze tijd en ziet hij hoe de christelijke verhalen en gebruiken wel degelijk iets te zeggen hebben over de wereld van nu.

Zo kun je de vastentijd zien als een detox die zorgt voor meer zelfreflectie, solidariteit en een gezond lichaam en gezonde geest. Verhalen over Jezus, Job, Mozes en Petrus zetten aan tot denken over hoop, vertrouwen en volharding. Verheij is niet bang om tegen heilige huisjes te schoppen.’ (Uit: God en ik)

godenik

Persoonlijk, scherp, kritisch en een tikje ironisch schrijft Verheij volgens de uitgever over zijn weg binnen het geloof. God en ik werpt licht op levensvragen die de mens al eeuwen bezighouden – nu misschien wel meer dan ooit.

De Bijbel en het christendom hebben een enorme invloed op de westerse cultuur gehad, van de taal en het wetboek tot het collectieve levensgevoel. Dat is ook terug te zien in de kunst, of je nu in het Rijksmuseum bent of op vakantie in Italië een van de monumentale kerken daar bewondert. In songteksten van Bob Dylan en Beyonce, maar ook motieven in films en literatuur – als je even de ogen van een theoloog leent, zie je de Bijbel overal om je heen. (Uit: God en ik)

In God en ik stelt Verheij dat de Bijbel nog heel veel te melden heeft aan mensen in een ontkerkelijkt Nederland anno 2018. Daarom gaat hij steeds op zoek naar de hedendaagse relevantie van die woorden uit een andere wereld en die rituelen uit een andere tijd.

In dit boek veronderstel ik zo weinig mogelijk voorkennis, zodat het juist voor niet-ingewijden goed te volgen is. Ook ga ik je op geen enkele manier proberen te bekeren.’ (Uit: God en ik)

God en ik – Wat je als weldenkende 21e-eeuwer kunt leren van de Bijbel | Alain Verheij | Atlas Contact | ISBN 9789045035734 | 192 blz. | 11 mei 2018

Bijbel thema Boekenweek 2019?

bijbel-en-phone

Het thema voor de Boekenweek 2019 is nog onbekend, maar Jan Siebelink schrijft het Boekenweekgeschenk. Welk verhaal zich voor de week gaat aandienen, daar is Siebelink zelf nieuwsgierig naar. De in 2017 overleden gereformeerde theoloog prof. dr. Harry Kuitert gaf in zijn boekje Aan god doen als suggestie aan de CPNB het thema: de rol van de Bijbel. Uitgeverij Ten Have bracht in 1997 Kuiterts boektitel uit in kapitalen, wellicht om te voorkomen dat iemand zich stoorde aan god met een g. Zo werd het AAN GOD DOEN. De NRC meldde destijds dat Kuitert een onderscheid maakt tussen aan god doen en aan God doen.

Kuitert schreef over God en zijn woordvoerders. En over openbaring, waarop het christelijk gelooft zich beroept, vanouds, voor zijn waarheid. Volgens de theoloog zouden we de dragende grond van de gedachte dat te midden van de godsdiensten (en het ongeloof) ‘christelijk’ hetzelfde is als ‘geopenbaard’, in de Bijbel moeten zoeken.

Maar dat klopt niet. Niet de Bijbel, maar de theorie óver de Bijbel, de theorie als gods onfeilbaar woord, een woord dat echt ‘van boven’ komt, is de drager. Deze theorie brengt onheil, verknoeit het geloof, bederft het Bijbellezen en ontkracht de communicatie over het geloof. ‘Gods woord zegt…’ snijdt elk gesprek af, is zelfs bedoeld om tegenspraak uit te sluiten.’ (uit: AAN GOD DOEN)

De theoloog hoopte dat als je van deze theorie zou afstappen de Bijbel weer terug werd gebracht naar waar hij hoort, bij de mensen, want de Bijbel heeft eeuwenlang als volksboek gefunctioneerd en waarom zou je dat je laten ontfutselen door een theorie?

Voor de christenheid blijft de Bijbel het boek der boeken, en niet voor de christenheid alleen. Hierbij alvast een suggestie voor de Commissie voor de Propaganda van het Nederlandse Boek: over tien jaar de rol van de Bijbel als thema van de Boekenweek.’ (Harry Kuitert)

Siebelink werd vooral bekend in 2005 met zijn autobiografische roman Knielen op een bed violen, over de religieuze extase en verdwazing van zijn vader.

Op een beslissend punt in zijn volwassen bestaan heeft Hans Sievez een diepreligieuze ervaring; hij is ervan overtuigd voor een kort moment in direct contact met God te hebben gestaan. In de daarop volgende zoektocht naar zingeving en het eeuwige leven verliest hij het zicht op de werkelijkheid en het contact met zijn omgeving. Zijn huwelijk en de relatie met zijn twee zoons komen onder grote druk te staan.’ (Cover Knielen op een bed violen)

Volgens Kuitert zijn Bijbelteksten – wat ze ook geweest mogen zijn voor vorige generaties – geen letterlijke beschrijvingen of directe geboden, en is de uitleg van de Bijbel vrij. Hij vindt dat ‘Ga uit uw land en uit uw maagschap [bloedverwanten, PD]’ gelezen kan worden als aansporing om een zelfstandig persoon te worden, met een eigen verantwoordelijkheid.

Wie niet zijn vader of moeder verlaat’, als een opdracht tot uittocht uit de instituten; de opstanding van Jezus als aanmoediging tot maatschappelijke en politieke opstand. Dat kan en mag allemaal, zolang je ‘lezing’ niet voor ‘uitleg’ aanziet, en er het religieus gezag van ‘Gods woord’ voor opeist.’ (Kuitert)

In het boek Knielen op een bed violen komen zeer veel verwijzingen voor naar de Bijbel, maar een van de commentaren is, dat als je de Bijbel niet goed kent, je er overheen leest. Misschien is Kuitert al op zijn wenken bedient, en heeft Siebelink het verhaal allang geschreven: het verhaal over zijn vader, over het geleidelijke maar onstuitbare afglijden van een zachtaardig maar in zijn jeugd verwond man – vluchtend in het zwartste calvinisme.

jansiebelink.nl
E
r waren toen en er zijn nu nog altijd mensen die de Bijbel eng uitleggen. Zoals Jan Siebelink in Vrij Nederland in 2009 zei dat hij voortdurend brieven krijgt:

Brieven die mij de straf al toedienen. ‘De Heere der Heerscharen zal u de kop vermorzelen.’ Ze zijn anoniem en komen ’s nachts door de brievenbus. Daar ben ik toch wel een beetje bang voor. Dan denk ik: mijn vader dacht er ook zo over.’ (Jan Siebelink)

Siebelink zegt dat hij tot zijn 32e heeft geloofd en later afstand heeft genomen. Het geloof is als een mantel van hem afgegleden. Misschien heeft hij wat aan Sartre en Camus gehad, die hij al las op zijn zeventiende. Op school. Toch blijft voor Siebelink de Bijbel een cultureel en sacraal boek, zegt hij in Het hoogste woord (2006). Het heeft een grote waarde voor hem. Bij hem blijft nog altijd de vraag of er een God is ‘die ons opvangt’. Kuitert heeft voor hem het mysterie weggehaald. Hij zelf wil ervoor open blijven staan.

Misschien dat Jan Siebelink toch (weer) over de rol van de Bijbel kan schrijven als Boekenweekgeschenk 2019. Hij is er immers van overtuigd dat de Bijbel opnieuw ontdekt wordt. Hij heeft zo zijn gedachten over de wereld en de Bijbel.

Dat boek hebben we nodig om niet in huilen uit te barsten in de IKEA’s van deze tijd en ons doorgeslagen materialisme. Behalve die religieuze leegheid waarbij niets ons meer lijkt te overstijgen, krijgen we ook steeds meer te maken met de islam, een hermetische godsdienst die geen Verlichting of Reformatie heeft gekend. Dat wordt als bedreigend ervaren. Als reactie hierop verwacht ik een omkeer, misschien wel een herkerstening van West-Europa. Hoe mensen daarbij hun geloof ook zullen vormgeven, het kan niet anders dan dat de Bijbel daarbij een belangrijke rol gaat spelen. Dat boek is en blijft immers een centrale bron van onze cultuur.’ (Siebelink)

Je zou zeggen dat Siebelink materiaal genoeg in huis heeft om over de (nieuwe?) rol van de Bijbel als thema voor het Boekenweekgeschenk 2019 te schrijven. Hij zei in 2016 heel veel verhalen te hebben. Misschien kan hij aan ‘ons doorgeslagen materialisme en die religieuze leegte’ woorden geven, in relatie met het economisch liberalisme en de liberale wereldorde bijvoorbeeld. – De Boekenweek vindt plaats van zaterdag 23 tot en met zondag 31 maart 2019. Het thema wordt op een later moment bekendgemaakt.

Beeld: zininwijkbijstuurstede.nl

Foto: Jan Siebelink (detail cover Het Onzegbare)

‘Theïstische evolutie seculariseert cultuur’

NASA.ESA.HUBBLE.Newview.ofthe.PillarsofCreation.detail

Zo’n 24 zeer zelfverzekerde wetenschappers, filosofen en theologen uit Europa en Noord-Amerika, zeggen in het eind 2017 verschenen meer dan duizend pagina’s dikke boek Theistic Evolution, op initiatief van filosoof J. P. Moreland, dat ‘de evolutietheorie niet is aangetoond en zelfs onwaarschijnlijk. En bovendien in veel opzichten in strijd met het christelijk geloof.  

De schrijvers vinden het belangrijk de theïstische evolutie te bestrijden, namelijk de opvatting dat God gebruik gemaakt heeft van evolutie om levende wezens te laten ontstaan. Aldus het artikel Veelzijdige aanval op theïstische evolutie, in het RD, door M. J. Paul, docent Oude Testament aan de Christelijke Hogeschool Ede en de Evangelische Theologische Faculteit te Leuven.

Voordat de lezer denkt dat hier ‘creationisten’ aan het werk zijn, is het goed te weten dat in dit boek geen enkele creationist (in de gebruikelijk betekenis) aan het woord komt of geciteerd wordt. De meeste auteurs behoren tot de Intelligent Design (ID)-beweging, een groep die zich richt op het aantonen van ‘ontwerp’ in de natuur, maar daarbij meestal in het midden laat wie de Ontwerper is. Zowel christenen als niet-christenen spannen zich in dit verband in om het huidige naturalisme in de wetenschap te bestrijden.’ (Prof. Dr. M. J. Paul)

Volgens Paul laat de ID-beweging steeds meer van zich horen en geeft die ook onafhankelijk van creationistische organisaties forse kritiek op bepaalde vooronderstellingen in de gangbare reconstructies van de oorsprong van het leven. In zijn boek Oorspronkelijk heeft hij aandacht gevraagd voor deze stroming, en de verschijning van het standaardwerk Theistic Evolution onderstreept volgens hem de verdiende aandacht des te meer.

Ik vind Intelligent Design ook een interessante stroming. Al koppelen zij ontwerp niet direct aan een Ontwerper. Ik kan veel met hun kritiek op de evolutietheorie. Ik vind het jammer dat Intelligent Design in Nederland de laatste jaren veronachtzaamd is en ik vraag er opnieuw aandacht voor in mijn boek. Maar voor mij blijft de Schrift voorop staan en niet de wetenschap. Als mensen met goede argumenten komen sta ik daar zeker voor open, maar tot nu toe vind ik de vele pogingen van het theïstisch evolutionisme tot harmonisatie enorm gekunsteld.’ (Paul)

theisticevolution

De docent Oude Testament vindt in de afdeling filosofie hoofdstuk 21 van belang. Daarin noemt Moreland zijn bijdrage: Hoe theïstische evolutie het christendom ongeloofwaardig maakt en christenen berooft van de overtuiging dat de Bijbel een bron van kennis is.

De auteur licht deze forse beschuldiging toe met te wijzen op de aard van onze kennis. Hij beschouwt theïstisch evolutiedenken als een knieval voor een bepaalde vorm van wetenschap. Het gevolg is dat de aanhangers ervan functioneren als grafdelvers voor de kerk. Dat komt omdat zij de naturalistische wetenschapsbeoefening erkennen en de uitleg van de Bijbel steeds weer aanpassen. Tevens is Gods werk in de schepping niet meer te herkennen, omdat de genoemde wetenschap God niet erkent. Het komt hierop neer: ‘Theïstische evolutie is intellectueel pacifisme, dat de mensen in slaap sust, terwijl de barbaren voor de poort staan’, gereed om de stad te veroveren.’ (Paul)

Eerder stelde Paul in het RD dat als hij de Bijbel lees zoals het er staat, hij geen geleidelijke ontwikkeling kan aanvaarden als Gods scheppingsmethode. Hij zou liever willen beginnen bij het spreken van God: Hij spreekt en het is er.

Paul stelt dat de status van het Bijbelse, theologische en ethische onderwijs in het geding is en de aanvaarding van theïstische evolutie een belangrijke bijdrage levert aan de secularisatie van de cultuur.

Het is waar dat de aanhangers het goed bedoelen en enige struikelblokken voor christenen willen wegnemen. Dit kan op korte termijn enige wetenschappers helpen, maar de gevolgen op lange termijn zijn ronduit negatief. De reden is dat het vertrouwen in de Bijbel en de uitleg ervan verdampt, want die moet steeds weer aangepast worden. De aanvaarding van de naturalistische kennisleer leidt tot de verplaatsing van de kerk naar de rand van de samenleving.’ (Paul)

In Nederland wordt bovenstaande theorie, nu weer van dat twee dozijn wetenschappers, sterk genuanceerd. Hoogleraar Geloof en Wetenschap, Gijsbert Van den Brink, blijft bijvoorbeeld in gesprek met zijn achterban als hij een aantal alternatieve zienswijzen bespreekt. Jart Voortman: ‘Jongeaardecreationisten beweren dat de aarde alleen maar oud lijkt. Ze geloven dat de zondvloed een grote invloed heeft gehad op de geologische structuren van de aarde. Intelligent design was een korte tijd populair. Men is er echter niet in geslaagd om criteria op te stellen voor de zogenaamde onherleidbare complexe systemen. Intelligent Design is een God-van-de-gaten-theorie. Door de voortgang van de wetenschap komen er steeds meer verklaringen en wordt de ruimte voor Gods ingrijpen steeds kleiner.’ Hij schreef En de aarde bracht voort.

Direct aan het begin vertelt de auteur iets over zijn eigen achtergrond: de Gereformeerde Bond. In deze kringen is men voor een zo letterlijk mogelijke interpretatie van de eerste boeken van de Bijbel. Men is ‘latent creationistisch’, maar tegelijk wantrouwig tegenover pseudowetenschap. Gesprekken met Cees Dekker doen Van den Brink voor het eerst vermoeden: misschien is de evolutietheorie wel gewoon correct. Zoveel jaar later concludeert Van den Brink: evolutie is de meest aannemelijke wetenschappelijke verklaring voor de biodiversiteit op aarde. (Jart Voortman)

Zie: Veelzijdige aanval op theïstische evolutie (RD)
Boek: (Amazon) Theistic Evolution
Beeld: Pillars of Creation – NASA ESA HUBBLE – Thisiscolossal.com