Met rechtsfilosoof Paul Cliteur en rabbijn Lody van de Kamp was er geen sprake van botsing of bestuiving tussen religie en seculariteit. Cliteur heeft feitelijk niets tegen religie – de jurist wil slechts ‘problemen oplossen’ – en Van de Kamp verwacht van de secularisatie dat deze uiteindelijk een krachtige roep om vrijheid van godsdienstig handelen zal veroorzaken. – Dit werd gisteren duidelijk in de tweede bijeenkomst van de Leidse Lezingen waar het ging om godsdienstvrijheid en seculariteit.
Wat als juridisch beschermde godsdienst kan gelden, kan niet door religieuze leiders worden bepaald.’ (Stelling Cliteur)
Cliteur verdedigde zijn stelling over de juridisch beschermde godsdienst met talloze voorbeelden van hoe religie tot terreur kan verworden doordat zij religieuze wetten boven nationale wetten stelt. En zo ging het over Rudi Carrell die ooit een filmpje presenteerde waarin een menigte vrouwen damesslipjes gooide naar de Iraanse ayatollah Khomeini. Door politieke druk uit Iran lukte moest Carrell openlijk zijn excuses maken. Mohammed B. aan de orde, de moordenaar van Theo van Gogh, die daarmee de islam met geweld verdedigde en belediging van de islam wilde wreken. De fatwa tegen Salman Rushdie was een ander voorbeeld, evenals de cartoonrel in Denemarken.
Het verzoek van de voorzitter zijn stelling duidelijk te maken, kwam niet echt uit de verf. Cliteur verwees hiervoor naar de voorbeelden en vindt dat je eisen mag stellen aan religie en we kritischer moeten zijn op wat onder godsdienstvrijheid kan vallen. Hij verwees naar een andere taal tussen mensen, een religieloze taal, waarin op basis van argumenten met elkaar wordt gepraat en er geen God als rechtvaardiging bijgehaald wordt. Hij verwees hiermee naar zijn boek Moreel Esperanto. Het gaat om morele autonomie. Cliteur is van mening dat je eisen moet kunnen stellen aan religie en dat er niet geleden moet worden voor onze godsdienstvrijheid.
We moeten een gevoeligheid ontwikkelen voor wat er wel of niet onder godsdienst kan vallen.
‘De secularisatie is dè scheppende hand in de hergeboorte van religieus leven en veroorzaakt daardoor een krachtige roep om vrijheid van godsdienstig handelen.’ (Stelling Van de Kamp)
Van de Kamp vertelde naar aanleiding van het ritueel slachten dat de politiek niet echt naar argumenten heeft geluisterd en dat er een verdiepend gesprek had moeten gevoerd, waarin de methode van ritueel slachten duidelijker waren geworden. Een man uit het publiek, een zoon van een slager, liet weten, dat de methode van rituele slacht te verkiezen is boven die van het abattoir. Van de Kamp zelf kon iemand van de Partij van de Dieren bijna overhalen tegen het verbod te stemmen, nadat deze had vernomen hoe ‘humaan’ koosjer slachten eigenlijk is.
‘Waar komen de bitterballen vandaan?’ is volgens Van de Kamp een vraag die je zelden zult horen tijdens de jaarlijkse politieke barbecue op het Binnenhof (een initiatief van de Nederlandse vee-, vlees- en eiersector – ‘sateetjes van de vleeslobby’, pd.) Hij zei dit naar aanleiding van de discussie over ritueel slachten. Hij was bang dat secularisatie tot onverschilligheid zal leiden en uiteindelijk tot het verdwijnen van religie, want mensen hebben de behoefte zich te ontdoen van hoger gezag. Toch zag hij een lichtpuntje en verwoordde dat in zijn stelling.
Foto’s: PD













