Darwin Industry spint Darwinmythe

Verlichting-of-darwinisme

Filosofieclub Suster Bertken (Cultuurwetenschappen Open Universiteit Utrecht) hield zich gisterenavond geboeid op met historicus Ton Munnich, schrijver van het boek Verlichting of darwinisme? Munnich sprak over bioloog Charles Darwin, de ‘gigant die de moderne biologie grondvestte en de wetenschap seculariseerde’. Deze mythe wordt volgens de historicus niet-aflatend gevoed door de Darwin Industry. Die produceerde de afgelopen halve eeuw een stroom superlatieven en loftuitingen over Darwin, met als summum het internationale Darwinjaar 2009.

TM27112018AAWas Darwin echt zo’n belangrijk bioloog, is een vraag aan Ton Munnich. Nee, is het resolute antwoord. Darwins tijdgenoten Mendel en Virchow leverden volgens hem grotere bijdragen aan het vak, en ook heeft de secularisering van de wetenschap weinig te danken aan Darwin, die als trouw anglicaan – ‘Darwins peergroup’ – begraven ligt in het anglicaanse hoofdkwartier Westminster Abbey. Munnich vertelde dat Gottfried Reinhold Treviranus in 1802 de term en het vak biologie (‘levensleer’) introduceerde. De biologie werd al gauw ‘evolutiebiologie’.

Darwin zou de scheppingsleer hebben vervangen door de evolutieleer, maar in werkelijkheid deden anderen dat. Hij zou het idee ‘natural selection’ hebben bedacht, maar in werkelijkheid bedacht iemand anders dat. Zal Engeland Darwins prominente graf in Westminster Abbey handhaven?’ (Munnich)

Munnich stelt dat het darwinisme geleidelijk het contact met de realiteit is kwijtgeraakt. Vanaf het Darwinjaar tot 2014 schreef hij aan zijn boek Verlichting of darwinisme? dat een ‘verrassend nieuwe kijk geeft’ op de Verlichting en het darwinisme. In 2015 werd het genomineerd voor de Eurekaprijs voor wetenschapscommunicatie (NWO en KNAW).


De Darwinmythe is een Angelsaksische mythe. Na de Tweede Wereldoorlog wordt de Angelsaksische wetenschap toonaangevend in de wereld. Het Engels wordt de taal van de wetenschap, Engelse en Amerikaanse vakbladen worden leidend. In die naoorlogse halve eeuw creëert de Darwin Industry de hype rond Darwin.

Cover met flap VenD-BEW-22 sept-Vb.indd

Verlichting en darwinisme staan haaks op elkaar. De Verlichting is een nuttig proces, het darwinisme daarentegen is een wonderlijke lobby. Darwins bijdrage aan de wetenschap was beperkt en de politieke invloed van het darwinisme heeft bepaald ongunstige kanten gehad. Het bood een ideologisch alibi voor Engels koloniaal geweld, en het leverde aan Duitsland een deel van de inspiratie om twee wereldoorlogen te beginnen. De Darwin Industry retoucheert die ongunstige kanten.

Dit boek krabt de retouche-verf weg, zodat een realistischer historisch beeld zichtbaar wordt. Het beeld toont de indrukwekkende prestaties van de Duitse Verlichtingsdenkers en biologen in de 19e eeuw. Het toont de beperkte en later overbelichte bijdrage van Darwin aan de wetenschap. En het toont de ongunstige politieke invloed van het darwinisme. (Verlichting of darwinisme?)


Volgens dr. H.A. ten Hove (associate scientist bij NCB Naturalis) geeft Munnich vanuit een breed maatschappijhistorisch perspectief een begrijpelijke, maar heel andere kijk op de invloed van Darwin op de wereldpolitiek (kolonialisme, rassentheorieën) dan de Anglo-Amerikaanse (biologische) visie. Ten Hove vindt Verlichting of darwinisme? – gedocumenteerd met achterin tachtig pagina’s noten, literatuur, citaten en register – voer voor (evolutie-)biologen, maar ook voor lezers met een brede historische belangstelling.


‘(…) Munnich geeft stapsgewijs en uitvoerig gedocumenteerd weer dat Darwin helemaal niet de formidabele wetenschapper is geweest waarvoor velen (ook ik) hem hebben gehouden. In het boeiende betoog (wetenschap is niet altijd saai!) toont Munnich aan dat door en rondom Darwin een bedenkelijke cultus is ontstaan die het zicht op de wetenschapsontwikkeling in de negentiende en twintigste eeuw heeft vertroebeld. (…) Ton Munnich geeft in zijn onderzoek steeds een duidelijke context aan waarbinnen de wetenschap zich heeft ontwikkeld (historisch, politiek, filosofisch, religieus). De resultaten van zijn werk worden door deze aanpak beter te begrijpen, en daardoor ook van groter belang. De persoon Darwin en zijn werk krijgen meer contour en de mythe wordt ontmaskerd. Een belangrijk en interessant boek.’ (Drs. H.M.H. Verkoulen – Rijksuniversiteit Utrecht / Technische Hogeschool Twente / Katholieke Universiteit Nijmegen / schoolleider en onderwijsbestuurder in het Voortgezet Onderwijs.)


TM27112018BBIn nieuws & reviews verwijst Ton Munnich naar ‘een typerende reactie uit neo-darwinistische hoek’, dat op de privé-website van gepensioneerd bioloog Gert Korthof is te vinden. Voor Korthof was het onmiddellijk duidelijk dat Verlichting of darwinisme? op zijn ‘zachtst gezegd een uitzonderlijk en onorthodox boek is. En dat blijkt het ook te zijn. De hele geschiedenis van de biologie wordt herschreven. Beweren dat Darwin niet zo belangrijk is voor de biologie, is hetzelfde als beweren dat Newton of Einstein niet zo belangrijk waren voor de natuurkunde…’ (Munnich gaat hier op in bij ‘discussie’.)

Een e-mail van professor Peter Westbroek (KNAW) – emeritus hoogleraar Geologie aan de Universiteit Leiden en emeritus hoogleraar aan het Collège de France te Parijs – zegt: ‘… ik denk nog veel over uw verrassende boek.’

Hoe het kan dat de Darwin Industry zo’n mythe rond Darwin spint, wordt aangetoond in de elf essays in Verlichting of darwinisme? Deze tonen Darwins ‘wonderlijke rol in de wetenschapsgeschiedenis’. Het elegante en bij vlagen humoristische boek zal zowel historici als biologen verrassen, aldus de cover.

sbpd27112018Ook in de Utrechtse wandelgangen van Suster Bertken filosofeerden studenten al gauw over hoe controversieel Munnichs boek gevonden wordt. Het ging er over neo-darwinistische diehards contra ‘vooraan-staande filosofen’. En over historiografie: ‘Geschiedenis wordt in alle tijden geschreven – en herschreven – door machthebbers.’ Verlichting of darwinisme? deed sommigen denken – ondanks het totaal andere onderwerp – aan het boek Gratis geld voor iedereen van Rutger Bregman. Deze historicus neemt je ook mee op reis door de geschiedenis en laat je eveneens kennis maken met ideeën die tegen de tijdgeest ingaan, dwars door de oude scheidslijnen van links en rechts heen. Ook een overrompelend boek dat je wereldbeeld op zijn kop zet. (Zie het interview met Bregman terug bij Tegenlicht, VPRO, 25 november 2018.)

Bronnen o.a. 
* Mini-symposium met historicus Ton Munnich (Studentenvereniging Open Universiteit Utrecht Suster Bertken)
Verlichting of darwinisme – essays over wetenschapsgeschiedenis | Ton Munnich | 1e druk | 9789491683152 | november 2014 | Paperback | 452 pagina’s | € 29,25 |  £ 30,51

Foto’s Suster Bertken: PD

‘Godsdienst inherent aan menselijke natuur’

AlhambraFotoPD

Godsdienst, in welke variant dan ook, is inherent aan de menselijke natuur, zo stelde rechtsgeleerde Gerard Noodt al in 1706, in een invloedrijke rede over ‘religie, vrij van heerschappij’. Daarom mag een bepaalde gezindheid niet door een overheid of samenleving worden afgedwongen of verboden. Noodt maakte zich hard voor de godsdienstvrijheid, schrijft historicus Geerten Waling. ‘Toentertijd behelsde godsdienstvrijheid veel meer dan alleen religie: het ging over wat wij tegenwoordig noemen de vrijheid van vereniging, van geweten en ja, ook van meningsuiting. Kortom, de zuurstof voor de open samenleving’.

We moeten dus vooral niet met wetten of wapens proberen om de gedachten van mensen te beheersen. Ook hun meningsuiting en hun recht om zich te verenigen moeten we beschermen, alleen al omdat we zelf nooit de waarheid in pacht hebben. Dat geldt voor religie, maar in bredere zin voor alle opvattingen die mensen kunnen koesteren.’

De vrijheid van meningsuiting staat continu onder druk. Het is goed om af en toe uit te zoomen en te beseffen dat die vrijheid al eeuwenlang wordt bevochten, schrijft Waling in Elsevier Weekblad. Rond 1706 mogen in de Nederlandse Republiek joden hun religie in sommige steden hooguit beleven in eigen kring of buurt, katholieken mogen op veel plekken niet eens kerken bouwen.

Het land is diepgelovig en overgevoelig voor alles wat het gereformeerde wereldbeeld kan aantasten. Des te dapperder was het dat iemand als de rechtsgeleerde Gerard Noodt, bij zijn afscheid als rector magnificus van de Universiteit Leiden in 1706, tegen een aantal heilige huisjes durfde te schoppen.’

Alhambra2

De islam roept oude vragen op over godsdienstvrijheid, stelt het weekblad: ‘Wat te doen met de islam?’ en refereert aan de moeizame positie van de islam in Nederland.

Volgens Geert Wilders is de islam een vijandige politieke ideologie die moet worden bestreden. En inderdaad, salafisme en jihadisme zijn levensgevaarlijk, maar het valt niet te ontkennen dat veel moslims de islam belijden als een vreedzame, zingevende levensbeschouwing. Hoe gaan we daar mee om? Hoe beschermen we de godsdienstvrijheid van vreedzame medeburgers, zonder een vrijbrief te geven voor gewelddadige elementen? Dat is in Nederland een betrekkelijk nieuwe en zware uitdaging, waarover het laatste woord nog lang niet is gezegd.’

Alhambra3

Hij die een bepaalde religie verplicht stelt, en met straf afdwingt, maakt inbreuk op andermans soevereiniteit. Hij doet hierbij niets ten goede, maar kan zich niet vrijpleiten van het verwijt een tiran te zijn. (Gerard Noodt)

Noodts toespraak, die hij in het Latijn hield in 1706, is als paperback uitgegeven: Over de vrijheid van godsdienst. Het is in hedendaags Nederlands vertaald door Hans van Cuijlenborg, en prof. dr. Joris van Eijnatten, hoogleraar cultuurgeschiedenis aan de Universiteit Utrecht, heeft de tekst voorzien van een uitvoerige wetenschappelijke inleiding.

Een mijlpaal in de Europese ideeëngeschiedenis. Zo kenschetst historicus Joris van Eijnatten de rede over de vrijheid van godsdienst die Gerard Noodt in 1706 hield bij zijn afscheid als rector van de Leidse universiteit. Noodt besefte terdege dat hij sprak over een heikel thema, een onderwerp ‘vol nijd, haat en laster’. Maar dat belette hem niet om een hartstochtelijk pleidooi te houden voor een vrije keuze van geloof of juist voor afvalligheid.’

Foto’s: La Alhambra, Granada, september 2018 (PD)

Zie: De islam roept oude vragen op over godsdienstvrijheid

God, Gert-Jan Segers en de Onverschilligen

mysteriouscloudsvensnijeressaysblogspotcom

‘Er is in dit deel van de wereld een schouderophalende onverschilligheid,’ zegt CU-politicus Gert-Jan Segers in zijn column Niet te geloven bij het Nederlands Dagblad. Die schouderophalende onverschilligen fronsen nu ook al de wenkbrauwen. Terecht. Alsof de niet-zeker-weters – omdat ze niet zeker weten of God bestaat – daardoor ook onverschillig en gemakzuchtig tegenover de wereld staan. Of geen zingeving zouden kennen. Een vreemde gedachtekronkel van een politicus in een overigens bezielde column. ‘Maar toch hebben ook zij er recht op om intellectueel serieus genomen te worden,’ zegt de ChristenUnie-man.

Ook hun geloof moet bevraagd worden. Al was het maar omdat er ook in mij een schouderophalende niets-zeker-weter zit.’

Segers stelt zich voor dat het vermoeden van de agnost echt waar is en concludeert dan dat deze wereld een schitterend ongeluk is, een onwaarschijnlijke samenloop van volstrekt willekeurige omstandigheden.

Vanuit het niets. We zijn niet gewenst, niet bedacht, niet geliefd. We zijn een bundel cellen, door huid en botten bijeengehouden. Ons verdriet, onze liefde, ontroering, boosheid, vreugde, vertedering, ze zijn een chemische reactie en niets meer dan dat.’

We komen dan nergens vandaan, zo redeneert Segers door, gaan dan nergens naar toe, zijn op een willekeurig moment en willekeurige plaats gestrand in een willekeurig lichaam.

En als we denken dat ons leven zin heeft, zijn dat slechts onze gedachten. En die zijn niet meer dan een chemische interactie tussen een paar cellen.’

Stel je voor dat alles domme willekeur is, peinst de politicus verder, dan is m’n liefde voor Rianne en haar liefde voor mij slechts een langdurige oprisping.

Dan is mijn ontroering bij de Matthaus Passion chemisch gedoe. Dan is mijn morele verontwaardiging over groot onrecht toeval. Dan is mijn leven zinloos, dan zou ik niet weten wie of wat mij zou kunnen troosten bij verdriet. Weet je, ik kàn dat niet geloven. En ik weet gewoon dat het niet waar is.’

Een mooie reactie op de column is die van Janne Waag. Ze vindt die prachtig, maar wel wat pittig en te zwart-wit over andersgelovigen opgesteld.

Veel mensen zijn zoekend en het is lastig als je zelf de waarheid nog niet ervaart of deze anders ziet … En … schoppers zijn zoekers!’

Margaretha Coornstra zegt dat ze gelovig is, maar vindt het kwetsend en kortzichtig om niet-zeker-weters als ‘gemakzuchtig’ weg te zetten en daar vervolgens – one size fits all – een invulling van de gedachten en zielenroerselen van miljoenen individuen aan vast te knopen.

Marlies Ulenbelt herinnert de CU-politicus aan een pijnlijk punt:

En ondertussen tegen het kinderpardon stemmen …? Mijn partij stemde voor, waar ik helemaal achter sta. Ben ik, als niet gelovige, dan nog christelijker dan u meneer Segers?’

Marcel Smoorenburg vraagt zich af waarom gelovigen toch altijd vinden dat moraal, goed en kwaad hun exclusieve terrein is.

Dat een atheïst onmogelijk een onderscheid kan maken tussen goed en kwaad omdat dat gezien wordt als een set afspraken. En dat zonder Bijbel dat alleen maar dat is: een set afspraken. Dat suggereert dat mét de Bijbel er meer is dan de set afspraken en dat dit automatisch meer waard is.’

Zie: @gertjansegersCU

Beeld: svensnijer-essays.blogspot.com