‘Geënt op de edele olijf’ versterkt angst voor God

Boekrecensie Geënt op de edele olijf, Johannes Buter. Deze religiegeschiedenis maakt op mij een diepe indruk. Woonachtig in Zuid-Spanje tussen de olijfboomgaarden en eigen tuin eveneens vol olijfbomen. Sinds tien jaar houd ik mij ook bezig met de verworvenheden van het oude al-Andalus: ‘Het Spanje van de Moren’. Geschiedvervalsing is een van de thema’s waaraan ik werk. En daarmee raak ik direct de kern van het werk van Johannes Buter. Mijn persoonlijke beschouwing van de religiegeschiedenis Geënt op de edele olijf van Johannes Buter.
door gastblogger Rudi Holzhauer

Godvrezendheid als nieuwe reformatie voor het christendom
(subtitel van Geënt op de edele olijf)

Het thema van Buter is het opnieuw enten van het christendom op de edele olijf, de God van (Godvrezend) Israël, Zijn Woord. Mij stond die edele olijfboom niet meer helemaal helder voor ogen, daarom enige verduidelijking.

De edele olijf: Israël
‘Geënt op de edele olijf’ is een Bijbelse metafoor (uit de brief van Paulus aan de Romeinen) die beschrijft dat gelovigen uit de heidenen (wilde takken) worden verbonden met Israël (de edele olijf) om te delen in Gods beloften en zegen. Dit betekent dat gelovigen, door hun geloof, zich mogen aansluiten bij de ‘stam’ van het geloof die via Israël in de wereld kwam.

De kern van het boek
In het tweedelige boek Geënt op de edele olijf begint het christendom als een kleine groep van joodse navolgers van Jezus, nadat hij begin jaren 30 van de eerste eeuw gedood was in Jeruzalem.

‘Na zijn dood kwamen zij, na een periode van ontreddering, tot het inzicht dat hij op wonderbaarlijke wijze een aan het Joodse volk beloofde messiaanse gestalte was, zoals in hun Hebreeuwse Schriften beschreven.
In de Handelingen der Apostelen en de Evangeliën is later opgeschreven dat hij was verschenen en dat hij ten hemel voer en had beloofd de kracht van de Heilige Geest te sturen. Verder werd hen toegezegd, volgens deze geschriften, dat hij op dezelfde wijze zou terugkomen uit de hemel.’

‘Na verloop van tijd, ook in gemeenschappen van andere Jezus-navolgers, leverde het wachten op deze wederkomst vragen en onduidelijkheden op. Van deze gemeenten gingen ook niet-joden, heidenen, deel uitmaken, buiten Jeruzalem en het Joodse land. Het vraagstuk van de wederkomst van Jezus hield deze volgelingen, die na verloop van tijd messiaansen ofwel christenen werden genoemd, toen bezig en eigenlijk is dat nog steeds zo.’
(Info: cover Geënt op de edele olijf)

De achterflaptekst vertelt dat het christendom in de loop van de eerste eeuwen in een doolhof verzeild is geraakt wat betreft de natuur van Jezus Christus. Die tekst neem ik met een paar aanpassingen en toevoegingen over.

Nieuwe Testament
In de 4e eeuw en daarna werd vastgelegd in dogma’s en belijdenissen dat de mens Jezus ook God was. Wanneer de geschriften van het Nieuwe Testament op chronologische volgorde worden gezet, is die ontwikkeling reeds waar te nemen.


De edele olijfboom

Anti-judaïsme
In de katholieke kerk verdween de binding met het jodendom, terwijl het christendom begonnen is als joodse navolgers van de joodse profeet Jezus die aan de basis stonden van de evangeliën en brieven. Het kwam zelfs tot onderdrukking en vervolging van het jodendom. In het Nieuwe Testament zien we deze ontwikkeling van anti-judaïsme ook al uitgebreid aanwezig. Het is onderdeel geworden van de christelijke identiteit.

De weg uit het doolhof
Oorspronkelijk joodse geschriften, zoals alle vier de evangeliën, zijn geredigeerd door heiden-christenen. Dat geldt ook voor de brieven van Paulus die eenheid van joden en christenen nastreefde, maar daarin faalde. De oorspronkelijke boodschap van de mens Jezus is overwoekerd geraakt en ‘geloven in’ werd belangrijker dan het ‘geloof van’.

Gods Koninkrijk
In dit boek wordt de weg uit het doolhof gewezen. Vanaf de 11e eeuw hebben veel ‘wegwijzers’ al de richting aangegeven. Echter, de belangrijke laatste stap is nog niet gezet. De christelijke dogma’s en belijdenissen kunnen worden losgelaten. Jezus was niet de Zoon van God, niet de Christus en ook niet de Messias. Christenen kunnen als godvrezenden aansluiten bij godvrezende joden, die de traditie van Jezus hebben voortgezet. Dan zal ook ‘Gods Koninkrijk op aarde doorbreken’.

Het dwaalspoor van de latere vergoddelijking van Jezus via de Christusfiguur
In deel 1: Het dwaalspoor van de latere vergoddelijking van Jezus via de Christusfiguur neemt Buter alles door, met verwijzingen en eerste plaatsbepalingen. Verder bespreekt hij de diepe verdeeldheid tot en met later de substitutie-overtuiging in het christendom ten opzichte van het jodendom, die tot ver in de twintigste eeuw geaccepteerd bleef in die christelijke wereld.

Het verdere heidens / hellenistische doordenken van de Godenwereld en de situatie van de mens
In deel 2: Het verdere heidens / hellenistische doordenken van de Godenwereld en de situatie van de mens, zegt Buter dat dit een meer geschiedkundig karakter heeft en behandelt hij de christelijke geschiedenis in vogelvlucht. Volgens de auteur is ‘de eenheid in het christelijk geloof en de vastlegging daarvan in concilies en in de dogma’s nooit echt goed gelukt en is tot in de moderne tijd doorgegaan’.

Zijn Woorden
Voor Buter zal de christenheid dan ook moeten terugkeren naar de situatie dat de Godvrezenden, samen met de joden, de God van Israël vereren door het doen en horen van Zijn Woorden.

‘Ik zal opstaan en naar mijn vader gaan en tegen hem zeggen: vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en tegenover u. En ik ben het niet meer waard uw zoon genoemd te worden.’
(Jezus)

Het Traktaat tegen de Joden – Augustinus
Uiteindelijk bepleit Buter een noodzakelijke omkering van het denken van de christenheid in het algemeen. En het doen van de laatste noodzakelijke stappen, namelijk het loslaten van de belijdenissen en dogma’s die in de vierde eeuw zijn ontstaan en nog altijd gelden. Dat is voor hem ook van toepassing op de zijns inziens volstrekt verwerpelijke Adversus Iudaeos-filosofie (Het Traktaat tegen de Joden – Augustinus) en de uitvoering van de ideeën daarvan. Hiermee zullen ‘christenen uit het doolhof van het christendom kunnen komen’.

De Messias
Godvrezenden weten zich echter geënt op de edele olijf, stelt Buter. Bloei op die olijf is geworteld. Hij vindt dat essentieel voor de komst van Gods Koninkrijk, zoals ook verlangd door de profeet Jezus van Nazareth.
Godvrezendheid wordt verder uitgewerkt in een over-idealistische paragraaf, los van onze werkelijkheden. Erg algemeen, té algemeen. Veel psychologische inzichten die ook in veel levensstromingen te vinden zijn. De komst van de Messias behoort tot de grondelementen van het jodendom. Met de sub-paragraaf De Messias gaat Buter door op de weg van de levenskunst die voor mij niet typisch joods of religieus is.

Uitweg uit het religieuze doolhof
Buters betoog is aansprekend en prachtig ingebed in het joodse perspectief. Het christendom is een verlossers-religie en het jodendom een verlossings-religie. De rol van religie is daarmee een andere en wordt een vorm van spiritualiteit, zeker in verbinding met de Ene (mensen, natuur, kosmos), maar zonder al die religieus benoemde en naamgegeven figuren en dogma’s.
Aan het slot bespreekt de auteur de uitweg uit het christelijk doolhof. Laat ik dan maar spreken over de uitweg uit het religieuze doolhof. De laatste zin in het tweede deel luidt (over spiritualiteit gesproken…): ‘”Moved by pure spirit” betekent in mijn ogen terugkeren naar godvrezendheid, de nieuwe reformatie in het christendom voor de 21e eeuw’.’

Besluit
Over Godvrezendheid en enten als weg naar verbinding en gemeenschappelijkheid, vraag ik me af waar die weg heenleidt die Buter ons voorhoudt. De weg die wij van hem moeten gaan? Ik betwijfel of onze huidige samenleving gebaat kan zijn bij Godvrezende mensen.

Het antisemitisme vanuit het christendom, dat Buter inhoudelijk en historisch thematiseert, is de pendant van islamofobie. Niet alleen vanuit het christendom, maar eveneens vanuit het jodendom en de islam. En het verweven raken van wereldlijke met religieuze machthebbers, dat Buter in het christendom thematiseert, kent een opmerkelijke pendant van landen met een moslimmeerderheid.

Mensvrezendheid alom
Een tijdje in harmonie samenleven gaat wel. Maar je kunt wachten op agressie en geweld vanuit religie, zowel intrinsiek als extrinsiek. Hierin lijken de drie abrahamitische religies zich niet te onderscheiden. Of het nu lichamelijke verminking, kruistochten, Palestijnen, heksen, de Inquisitie, inheemse kinderen, jihadisme of genderdiscriminatie betreft. Zonder ketters geen geloof.  Mensvrezendheid alom.
In al die Geloven van Liefde komt de liefde voor de Ander niet voort uit hun instituties of Godvrezendheid: top-down. Hoogstens uit individuele eerbied, respect, vriendschap en liefde: bottom-up. Zelf hecht ik dan ook meer waarde aan de spontane orde uit de Schotse Verlichting en de gemeenschappelijkheid uit de Afrikaanse Ubuntu en Indaba.

Zonder geloven geen ketters meer?
Het naslagwerk van Johannes Buter kan je prima zien als ‘Licht aan het einde van een donkere tunnel’. Een weg uit een doolhof, zoals hij zelf zegt. Het zet het christendom flink op een wilde plaats, maar hemelt (of edelt) het jodendom voor mij te zeer op. Zonder geloven geen ketters meer? Wat een zegen zou dat zijn.

Bronnen:
*
Geënt op de edele olijf Godvrezendheid als nieuwe reformatie voor het christendom |  Johannes Buter | Uitgeverij Van Warven 2025.
*
De edele olijfboom: Wachters.nu
* Islam Bloeiperiode en hedendaagse crisis in de moslimwereld  | Ahmet T Kuru | Ertsberg, 2023 | Vertaald en toegelicht door Rudi Holzhauer*

* Nederlandse Master in de Rechten, Doctoraat in Recht en Economie, Nederlandse Master in de Filosofie, Master of Law Cambridge VK, Onafhankelijk inspirator bij Alpujarras Academy Spain

Beeld: Geënt op de edele olijf (detail cover)


Bloeiperiode en hedendaagse crisis in de moslimwereld

Eindredactie: Paul Delfgaauw– Religiefilosofie
Reconstructie blog: 28 januari 2026: De complete, oorspronkelijke tekst

Grensoverschrijders en de bewaking van de reine zielen

De staat ontfermt zich tegenwoordig over de zielen, bemoeit zich zoals ooit de kerk, met het goede leven en de juiste gedachten. ‘Politieke zielen moeten tegenwoordig lelieblank zijn,’ stelt historicus Martin Sommer in EW, en dat ‘journalisten ijverig speuren naar grensoverschrijders.’ In Nederland Therapieland vervangt de GGZ God zelf. ‘GGZ is een staatsreligie,’ vindt religiewetenschapper Katie Vlaardingerbroek. – Of die nieuwe staatsreligies heilzaam zijn, is de vraag. Terug naar de kerk? God is daar alleen nog in de stilte te vinden.

‘Wat voorheen privé was, is politiek geworden. De staat is niet langer neutraal, maar bemoeit zich zoals indertijd de kerk intensief met het goede leven en de juiste gedachten’
(Martin Sommer)

Leegloop van de kerk
Martin Sommer, politiek columnist in EW, schreef het boek De Nieuwe Standenstaat (2024) over ‘hoe het gelukkigste land ter wereld zijn humeur verloor’. Politiek is de laatste jaren steeds meer ‘Gesinnungspolitik geworden, de politiek van het goede geweten’.

‘Over rein en onrein in de politiek schreef ik in mijn vorig jaar verschenen boek De Nieuwe Standenstaat. Sinds de leegloop van de kerk heeft de staat zich over de zielen ontfermd. Wat voorheen privé was, is politiek geworden. De staat is niet langer neutraal, maar bemoeit zich zoals indertijd de kerk intensief met het goede leven en de juiste gedachten.’
(Martin Sommer in EW)

Lelieblanke zielen
Martin Sommer stelt dat het in de politiek gaat om democratische of ondemocratische gezindheid: hun plaats op de as van goed en kwaad, of in zijn woorden: ‘rein en onrein’.

‘Maar de politieke zielen moeten tegenwoordig lelieblank zijn, en ditmaal was het pech voor Wijers. Een recente variant van dat idee is dat de belangentegenstelling tussen links en rechts achterhaald zou zijn. Wat partijen tegenwoordig onderscheidt, is hun democratische of ondemocratische gezindheid, anders gezegd hun plaats op de as van goed en kwaad, of in mijn woorden rein en onrein.’
(Martin Sommer in EW)

Integriteit
In EW schrijft hij dat de eis aan politici is dat ze mannen of vrouwen uit één stuk zijn. Het fatsoen van weleer ging over het mooi houden van de buitenkant.

‘Afgezien van Henri Bontenbal (CDA) spreken we tegenwoordig niet langer over fatsoen, maar over integriteit. Het woord ‘integriteit’ betekent heelheid, onkreukbaarheid of onschendbaarheid.’
(Martin Sommer in EW)


De Nieuwe Standenstaat

‘Integritisme’
Over ‘het aanzwellende koor van onthullers en aangevers’ haalt Sommer L.W.J. Huberts aan, in 2005 benoemd als eerste hoogleraar integriteit.

‘Hij vroeg in zijn oratie meteen aandacht voor de stormachtige vlucht die het integriteitsbeleid had genomen, ­zowel bij bedrijven als de overheid. Hij waarschuwde voor het zogenoemde ‘integritisme’, het aanzwellende koor van onthullers en aangevers dat wees naar hoogwaardigheidsbekleders die een scheve schaats reden.

Integriteit, zei Huberts, is reuze geschikt om politieke tegenstanders of dwarse ambtenaren te vloeren. En zo gebeurt het met acteurs, politici, burgemeesters, journalisten, museumdirecteuren en specialisten. Een antiserum tegen het integritisme is nog niet gevonden.’
(Martin Sommer in EW)

GGZ
Een andere staatsreligie is te vinden in Therapieland. In de GGZ krijgt religiewetenschapper Katie Vlaardingerbroek drie keer per week een uur therapie, maar kan zij zich daaraan overgeven? Kritisch verwijst zij naar Karl Marx. De politiek filosoof (1818-1883) zei in 1844 over menselijke vervreemding: “Arbeiders leggen hun kracht en vermogen buiten zichzelf (in producten) in plaats van in zichzelf, net als religie dit doet.”

‘Dat is natuurlijk wel provocerend, een beetje speelse schop. Karl Marx zei ooit: “Religie is de opium van het volk.” Ofwel, religie wordt gebruikt om een beetje te bedwelmen en zingeving te geven, zodat mensen niet echt om zich heen kijken en in opstand komen. Therapie heeft nu een beetje dezelfde rol. Op zoek naar onszelf om ons niet in te zetten tegen onrechtvaardigheden.’
(Katie in De Ongelooflijke Radio)

DSM* als Bijbel
In het gesprek op de radio zoekt Katie in alle hoeken en gaten van therapieland om te ontdekken wat allemaal niet werkt. Zij heeft op vrijwel alles kritiek en is als gedreven religiewetenschapper meer bezig met een soort promotieonderzoek, dan naar herstel van haar PTSS. Haar kritiek is vooral dat je in therapieland wordt bedwelmd met zingeving. Dát wil Kathie herstellen: mensen moeten ‘in opstand komen’ en zich gaan ‘inzetten tegen onrechtvaardigheden’.
* Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM)


Stefan Paas, Katie Vlaardingerbroek, David Boogerd

‘Therapie is nu een verhaal dat zegt: dit is wat mens-zijn betekent, wat je lijden betekent. En hoe je je lijden kan oplossen en wat jouw leven betekenis geeft. Op al die existentiële vragen geeft therapie een antwoord: de therapeut bekleedt een bovenmenselijke functie, een beetje als de dominee of de priester. In een uurtje neemt die de plek van onvoorwaardelijke liefde, begrip, compassie en erkenning.

Iets wat we eerst bij God misschien wel zochten. Dat idee van die onvoorwaardelijke liefde en erkenning. Dat zit dan in dat contact met de therapeut. DSM is een boek dat identiteiten bepalen van mensen en heeft daarmee ook een heel sterke rol door te zeggen wat is normaal en niet normaal. Een soort Bijbel.’
(Katie in De Ongelooflijke Radio)

Bronnen o.a.:
*
Wijers-gate en de bewaking van de reine zielen
*
De Ongelooflijke radio
* Karl Marx, Parijse Manuscripten (drs. Jo Nabuurs, in: Humanistische Canon)

Martin Sommer (1956) Sinds een jaar schrijft hij politieke columns voor EW. In 2024 verscheen zijn boek De Nieuwe Standenstaat over ‘hoe het gelukkigste land ter wereld zijn humeur verloor’.
‘Journalisten speuren ijverig naar grensoverschrijders, en Wijers is alleen maar de zoveelste. De verontwaardigden over zijn lot zijn niet zelden ook de meest geharnaste Yeşilgöz-haters. Maar vergis je niet, de afgang van Wijers en de afkeer van Yeşilgöz zijn vruchten van dezelfde boom: die van de bewaking van de reine zielen.’ (Martin Sommer in EW)

Katie Vlaardingerbroek is religiewetenschapper en de schrijfster van Nederland Therapieland.
‘Een vlijmscherpe spiegel voor een land dat zijn psychisch lijden steeds therapieker inkleurt. Dit boek prikt liefdevol maar compromisloos door de ballon van therapeutisch marktdenken heen. Een belangrijk werk, dat zowel hulpverlener als hulpvrager tot nadenken stemt – en dat is precies wat we nu nodig hebben.’ (Jim van Os, hoogleraar psychiatrie, pleitbezorger van menselijke zorg)

Tip: Bestsellerpsycholoog Gitta Jacob: ‘Therapie lijkt een vrijbrief om maar niets aan jezelf te hoeven veranderen’ (NRC 11 december 2025, Gemma Venhuizen)
‘Het lijkt bijna je sociale status te verhogen als je een psycholoog bezoekt. Therapie lijkt bovendien een vrijbrief om maar niets aan jezelf te hoeven veranderen: dit-en-dat is mijn jeugdtrauma, ik bén nu eenmaal zo. En daar wil ik me tegen uitspreken. Want voor elke positieve verandering is ook eigen inzet nodig.’ (Gitta Jacob, psychotherapeut, Hamburg, Duitsland – Gitta Jacob: Uit je schaduw.)

Beeld: De Vesting
Beeld De Nieuwe Standenstaat: Deel van de cover
Foto Martin Sommer: Prometheus
Foto Stefan Paas, Katie Vlaardingerland, David Boogerd: De Ongelooflijke Radio

‘Geluk begint met een moment voor jezelf’

Boekrecensie Solosofie – Nika Vázquez Seguí. Zij schrijft over ‘de kunst van het alleen-zijn’ in Solosofie. Liefde voor het alleen-zijn. De Spaanse auteur schreef Solosofia in 2022. Vertaald als Solosofie in 2023. Een variatie op het stoïcisme? Segui verwijst toch niet naar die sofisten uit de 5e eeuw v Chr. Wel toont Solosofie er duidelijk overeenkomsten mee. En eveneens met de wijze Solon van Athene. Segui vindt haar ‘denkgenoten’ echter verrassend genoeg veelal in het Westen.

‘Alleen zijn is niet hetzelfde als je alleen voelen’
(Nika Vázquez Seguí)

Nika Vázquez Seguí studeerde psychologie aan de universiteit van Valencia en behaalde een master in de psycho-oncologie. Zij combineert haar werk in haar eigen psychotherapiepraktijk met cursussen over emotionele intelligentie bij verschillende instellingen. Seguí schreef eerder de boeken Aporta o aparta en Te quiero, ¿y ahora qué?

Blijven leren
In Solosofie, in hoofdstuk Zelfgekozen eenzaamheid als je ouder wordt, leidt Segui af dat de Atheense moralist Solon een van de eerste solosofen was die dit soort uitspraken deed. En dat al een eeuw eerder dan de stoïcisten.

‘De Atheense moralist en dichter Solon zei het al in de zesde eeuw voor Christus: “Probeer te blijven leren zolang je leeft; denk niet dat de ouderdom de rede met zich meeneemt”.’
(Segui in: Solosofie)

Een kunst, een kunde
De Duits-Amerikaanse filosoof en psychoanalyticus Erich Fromm (1900-1980), een der belangrijkste denkers over mens en maatschappij van onze tijd, schreef onder meer Liefhebben – een kunst, een kunde (1956). Segui verwijst al direct naar deze titel als een van de voorbeelden hoe we ons ‘in het leven van alledag kunnen bekwamen en verbeteren’.


Nika Vázquez Seguí

‘Zoals Erich Fromm het concept liefde op zijn kop zette door het te beschrijven als een kunst waarin we ons in het leven van alledag kunnen bekwamen en verbeteren, is ook een leven op eigen benen niet iets wat je zomaar van de ene dag op de andere leert, zeker als je nooit eerder de noodzaak hebt gevoeld om het te leren.’
(Segui in: Solosofie)

Zelfontplooiing
Een andere Duits-Amerikaanse schrijver, Charles Bukowski, zegt Segui, is de vertegenwoordiger van de literaire beweging die dirty realism wordt genoemd en een trouwe bepleiter van eenzaamheid als middel om tot zelfkennis en zelfontplooiing te komen.

‘Het juiste evenwicht bewaren tussen eenzaamheid en mensen om je heen, daar gaat het om, dat is de manier om niet in het gekkenhuis te belanden.’
(Segui in: Solosofie)

De leegte van je ziel vullen
Segui vindt de Franse filosoof Blaise Pascal (1632-1662) een revolutionair in zijn tijd. Na  een zware depressie in 1645 wisselde hij wiskunde en toegepaste wetenschap in voor filosofie en theologie. Hij ontdekte de oneindige rijkdom van rust en zelfkennis. Wat hij met onderstaand citaat bedoelt, zegt Segui, is dat ‘de mens eropuit gaat om iets te vinden waarmee hij de leegte van zijn ziel kan vullen, omdat hij niet in staat is een innerlijk leven te cultiveren dat hem betekenis geeft’.

‘Al het leed van de mensen komt hieruit voort dat ze niet rustig in hun kamer kunnen blijven.’
(Segui in: Solosofie)

Naar jezelf kijken
De bekende managementgoeroe Stephen R. Covey (1932-2012) waarschuwt, zegt Segui, dat als je ondergedompeld bent in de maalstroom van het dagelijkse leven, het bijna onmogelijk is tijd te vinden om naar jezelf te kijken. Covey schreef De zeven eigenschappen van effectief leiderschap (2008), waarin hij schrijft: ‘Reorganiseer je leven en neem opnieuw de leiding’.

‘Je laat je meeslepen door wat urgent is en vergeet wat belangrijk is. Als dat gebeurt doen ontevredenheid en onbehagen hun intrede, aldus managementgoeroe Stephen Covey.’
(Segui in: Solosofie)

Zintuigen
Solosofie
bestrijkt tal van boeiende en onverwachte onderwerpen, zoals Leven met je vijf zintuigen. Over ruiken waarmee je reist naar het hart van je herinneringen. Zien: geluk schuilt in het oog van de waarnemer. Horen en de muziek van het leven. Voelen en de emoties die dicht onder je huid zitten: over ‘huidhonger’ dat ook wel contactarmoede wordt genoemd. En proeven: Segui zegt een ‘foodie’ te zijn, en vertelt waarom een ‘solosoof’ in een restaurant vraagt om een tafel voor één.

‘Alleen’ zijn
Als een ‘duveltje-uit-een-doosje’ reageert Segui als mensen tegen haar zeggen dat ze ‘alleen’ zijn om duidelijk te maken dat ze geen formele relatie hebben: ‘Je bent niet alleen, je hebt alleen geen partner’. Een groot hoofdstuk hierover beschrijft ze in: Liefde is niet altijd iets voor twee. Boeiend is ook wat zij schrijft over Zelfgekozen eenzaamheid als je ouder wordt, en dan komen we uit bij de eerdergenoemde Atheense Solon.

Cicero
In Samenleven zonder iets op te geven, nodigt Segui je ten slotte uit om met beoefening van solosofie je relatie met anderen te verbeteren terwijl je meer rekening houdt met jezelf. Daarom staan er ook tientallen Oefeningen en Ervaringen in Solosofie, die extra inzicht geven, om uiteindelijk Cicero na te kunnen zeggen: “Ik ben nooit minder alleen dan wanneer ik alleen ben.” Commentaar van Segui hierop:

Je hebt uiteraard jezelf. Beter gezelschap kun je je toch niet wensen?’
(Segui in: Solosofie)

Recensie: Solosofie – Geluk begint met een moment voor jezelf | Nika Vázquez Seguí | Hardcover € 16,99 | E-book € 9,99

Beeld: Liberi Coaching
Foto Nika Vázquez Seguí: Boekerij

Waar is de geest als die niet in je hoofd zit?

Drie filosofen zoeken een antwoord op de vraag of de mens in een tijd van ‘hormonen, neurotransmitters en hersenprocessen’ zonder geest kan. Zijn we ons brein of zijn we ons lichaam? ‘Nergens in de wereld komt de geest voor zonder dat er een lichaam is’. In een ‘bezield dossier over de geest’ van Filosofie Magazine vragen drie begeesterde denkers zich af of we zonder geest kunnen.‘De geest is de essentie van wat ons mens maakt.’

‘Al toont de liefde zich ook als een biologisch proces, het is onze geest die de emoties betekenis geeft’
(Désanne van Brederode)

Wijsgerige psychologie
Er bestaat een stroming in de wijsgerige psychologie die praten over de geest in termen van gevoelens, intenties en verlangens willen vervangen door objectieve termen uit de neurowetenschappen. Die stroming heet ‘eliminativisme’, waarvan de Amerikaanse Paul en Patricia Churchland de belangrijkste vertegenwoordigers zijn.

‘Een vrouw komt thuis bij haar man na een zware dag. ‘Paul, praat niet tegen me. Mijn serotonineniveau is tot een dieptepunt gedaald, mijn hersenen zitten vol glucocorticoïden, mijn bloedvaten zitten vol adrenaline en als ik geen endogene opiaten had gehad, was ik onderweg naar huis met de auto tegen een boom gereden. Mijn dopaminegehalte moet omhoog. Schenk me een glas chardonnay in.’
(Patricia tegen Paul)

Emoties
Filosoof Désanne van Brederode zegt hierover dat ‘als we als een neurowetenschapper naar de geest kijken, wordt alles extreem mechanisch’.

‘We kunnen verliefdheid wel uitleggen aan de hand van feromonen, stofjes in je hersenen en compatibele immuunsystemen, maar daarmee heb je doodverklaard wat liefde zo bijzonder maakt. Al toont de liefde zich ook als een biologisch proces, het is onze geest die de emoties betekenis geeft.’
(Désanne van Brederode)

Eliminativisten
Wetenschappelijke taal is doorgedrongen in ons alledaagse vocabulaire, schrijft Pieter Adriaens, hoofddocent filosofie KU Leuven, in This is mental!, een inleiding in de wijsgerige psychologie.

‘Zet de televisie aan en je hoort atleten praten over endorfines en endogene adrenaline. Eliminativisten zoals de Churchlands hopen dat we met neurologische termen objectief kunnen beschrijven wat het bewustzijn of de geest is. Net zoals chemici niet spreken van water en ijs, maar van H2O in vloeibare en vaste toestand.’
(Pieter Adriaens)


Fred Keijzer

‘Wij zijn ons lichaam’
Fred Keijzer, hoofddocent filosofie Rijksuniversiteit Groningen, onderzoekt de biologische basis van cognitie en stelt dat onze hersenen deel zijn van ons lijf en door dat lijf ook van de wereld.

‘Als we ons beperken tot neurologische processen verdwijnen wijzelf als vlezige, voelende, bewegende wezens uit beeld.(…)Nergens in de wereld komt de geest voor zonder dat er een lichaam is. In plaats van “wij zijn ons brein” kunnen we daarom beter “wij zijn ons lichaam” zeggen.’
(Fred Keijzer)

Geest is iets ‘relationeels’
Het nadeel van het neurofysiologisch denken leidt er volgens Keijzer toe dat een depressie soms wordt opgevat als een chemische onbalans in de hersenen. Volgens Adriaens is de geest iets ‘relationeels’. Veel geestesziektes vindt hij ‘relationele aandoeningen’.

‘Ze zijn op een complexe manier verweven met de interactie tussen individuen. Een voorbeeld is om emotie niet te zien als iets dat zich bevindt in het individu. Als ik kwaad word op iemand, dan zit de kwaadheid in de verhouding met die persoon.’
(Pieter Adriaens)


Désanne van Brederode

Ik ben niet ik
Volgens Désanne van Brederode is de geest de essentie van wat ons mens maakt. Zij haalt een gedicht aan van de Spaanse dichter en winnaar van de Nobelprijs Literatuur 1956, Juan Ramón Jiménez, omdat hij precies zegt wat de geest betekent: 

Ik ben niet ik
Ik ben deze
Die naast me loopt en die ik niet zie,
die ik soms bezoek,
en die ik op andere momenten vergeet;
die kalm en stil blijft terwijl ik praat,
en die vergeeft, zachtjes, wanneer ik haat,
die loopt waar ik niet ben,
die zal blijven staan wanneer ik sterf.

‘Geweten’
Weten is volgens Van Brederode iets anders dan kennis. In dat prachtige woord “geweten” ziet zij dat. Zij herinnert zich nog dat zij als jong meisje iets kleins had gestolen, een snoepje of zo.

‘Later in mijn bed voelde ik me daar ontzettend schuldig over. Al troostte mijn moeder me door te zeggen dat het helemaal niet erg was, toch voelde ik dat ik iets had gedaan wat ik niet had willen doen. Het weten dat maakt dat je een baan laat schieten om voor een naaste te zorgen of dat je doet besluiten toch te blijven vechten voor een relatie. Zelfs al verklaart de hele wereld je voor gek en je zelf ook niet kunt uitleggen waarom.’
(Désanne van Brederode)

Menselijke geest
Pieter Adriaens zegt aan het slot van het artikel dat de vraag wat de geest precies is nooit afdoende beantwoord zal worden.


Pieter Adriaens

‘Maar misschien is dat mysterie op zichzelf al voldoende reden om te blijven spreken van een menselijke geest.’
(Pieter Adriaens)

Bron:
Kan de mens zonder geest?
(Emile Smits, in Filosofie Magazine, november 2025, dossier De Geest)

Beeld: Citylit.ak.uk – ‘A taste of philosophy’ – ‘Bij City Lit zijn we er trots op dat we mogelijkheden creëren voor mensen om samen te komen en hun leven te verrijken door te leren.’
Beeld Fred Keijzer: Youtube
Foto Désanne van Brederode: Filosofie Magazine
Foto Pieter Adriaens: Brainwash

Een maatschappij waar veroudering er niet mag zijn

Dat is een dubbel probleem voor ‘de grijze duiven met dementie’, zegt psycholoog Ad Bergsma. Hoewel volgens Alzheimerverenigingen geestelijk verval geen onderdeel mag zijn van veroudering, werpt dit zijn schaduw vooruit. The European Journal of Aging stelt dat 40% van de mensen van middelbare leeftijd bang is straks de controle te verliezen. Het zenboeddhisme klinkt hoopvol en gaat ervan uit dat we niet minder menselijk worden, en evenmin worden onze subjectieve ervaringen minder belangrijk.

‘Als we een gelukkig moment beleven, is het emotioneel net zo rijk als eerder in ons leven toen we nog ‘gewoon’ waren’
(Psychogerontoloog Huub Buijssen)

‘Het hart wordt niet dement’
De wetenschappelijke beschrijving van dementie stelt verliezen centraal. Dat beïnvloedt onze beleving: een wetenschappelijke definitie kan iets ondraaglijk maken wat in zichzelf al erg is’. Het mooie idee dat hier tegenover wordt gesteld, dat ‘het hart niet dement wordt’, komt van de Nederlandse psychogerontoloog Huub Buijssen.

‘Bij dementie verslechteren de denkende delen van de hersenen veel erger dan de emotionele delen. Als we een gelukkig moment beleven, is het emotioneel net zo rijk als eerder in ons leven toen we nog ‘gewoon’ waren.’
(Huub Buijssen)

Zenboeddhisme
De filosofie van het zenboeddhisme laat zo meer ruimte voor het goede dat behouden blijft, stelt Bergsma. De Dalai Lama schreef er zelfhulpboeken over. ‘Waar wetenschappers zich richten op het oplossen van wat er niet zou moeten zijn’, stellen boeddhisten het lijden echter voor als iets dat onvermijdelijk op je pad komt: ‘Leer leven met ellende’, zo klinkt hun motto.’

‘De “nobele waarheid” is dat het “leven lijden is”.’
(De Dalai Lama)

Terugkeren tot de kern
Bergsma stelt dat het streven naar perfecte gezondheid voort kan komen uit een preoccupatie met ziekte en verval. Bij het denken over dementie is het daarom zaak de verliezen te bezien in relatie met wat behouden blijft. Hij vertelt over de Amerikaanse meditatieleraar Doug McGill die de langzame aftakeling van zijn moeder beschrijft. Niet de verliezen staan centraal, maar het terugkeren tot de kern.

‘Terwijl zij de ene na de andere lichamelijke en mentale vaardigheid verloor, werd ze voor mij meer en meer de persoon die zij in essentie altijd al was. Haar glimlach is in de loop van vijftien jaar meer spontaan en oprecht geworden. Haar lach – en ze lacht nog vaak – is zachter geworden en lichthartig, zonder een spoor van ironie, nostalgie of spijt. Haar blik is meer open en verlangend en haar liefde pijnlijk puur en direct.’
(Doug McGill)

Verbondenheid in liefde
In Onze laatste jaren van vreugde en verdriet vertelt de boeddhistische lerares Olivia Ames Hoblitzelle de laatste levensjaren van haar dementerende partner Hob. Dementie beschrijft ze onomwonden als een wreed proces. Toch ziet zij het ziekteproces van haar man ook als een mogelijkheid om te ervaren wat er het meest toe doet in het leven: de verbondenheid in liefde en momenten van geluk. Wakker worden is voor Hob wel heel moeilijk.

‘Toen ik vijf minuten geleden wakker werd, wist ik niet waar ik was… waar iedereen was… waar jij was… Ik wist niet wie ik was… Ik ben uit de gewone tijd gevallen… Het kan best zijn dat ik tweehonderd jaar heb geslapen… Ik heb helemaal geen besef van kloktijd als ik zo gedesoriënteerd ben als nu…’.’
(Uit: Onze laatste jaren van vreugde en verdriet, Olivia Ames Hoblitzelle)

Positievere benadering
In het voorwoord van Onze laatste jaren van vreugde en verdriet concludeert de Dalai Lama:

‘We kunnen weinig veranderen aan het ouder-worden of Alzheimer, maar zoals Hoblitzelle laat zien, kan het accepteren van onze toestand op de lange duur een veel positievere benadering zijn.’
(De Dalai Lama)

Paniek
Psychogerontoloog Buijssen bezocht begin deze eeuw een opera, vertelt Bergsma, toen hij plotseling besefte dat hij zich twee namen niet meer kon herinneren. ‘Paniek maakte zich van hem meester. Hij hoorde niets meer van de muziek, maar kon alleen maar denken dat hij op het punt stond dementie te krijgen, net als zijn beide ouders. Bijna twintig jaar later functioneert Buijssen nog steeds op hoog niveau, maar de gedachte aan een toekomst met dementie maakt hem minder bang dan vroeger.’

‘Als deze ziekte mij inhaalt, hoop ik zo snel mogelijk weer te worden wie ik was in mijn vroegste jeugd. Volgens haar vaak herhaalde verhalen was ik de kleuter die elke moeder zich wenst: zelden humeurig, lastig of opstandig en in het piepkleine wereldje van de box helemaal tevreden met zichzelf. Als ik deze periode nog een keer mag overdoen, dan zal het staartje van mijn leven toch een heel gelukkige tijd zijn.’
(Huub Buijssen)

Bronnen:
Zen in het aangezicht van dementie
(Volzin, 21 oktober 2025, Ad Bergsma)

Onze laatste jaren van verdriet – mindful omgaan met Alzheimer | VBK Media | Broese boekverkopers Utrecht
Alzheimer Nederland

Beeld: Le courrier des maires / Adobe
Foto vergeetmijnietje sleutel: Alzheimer Nederland
Foto: Magazine Kijk / Unsplash/Pixabay

Bingo… of levensdoelen stellen als je toekomst krimpt

UITGELICHT – Filosoof Suzanne Biewinga promoveerde dit jaar op haar zeventigste op Ouder worden als ervaring, filosofie van het late leven. Zij ontdekte een overvloed aan kennis, inzicht en ervaring bij de oudste generatie. Voor haar onderzoek voerde zij filosofische groepsgesprekken met ouderen naar het ware, goede en schone van senioriteit. ‘Maar los van heersende vooroordelen die ouder worden afdoen als niets anders dan kommer en kwel, alsof ouder worden alleen maar bestaat uit kwalen, eenzaamheid en het verlies van alles wat je lief is’.

‘Geloof me, Kefalos, ik vind het fijn om met heel oude mensen te praten. Ze hebben als eersten een weg genomen die misschien ook wij moeten afleggen’
(Socrates)

De weg tot geluk
Het onderzoek van Biewinga is dit jaar onder dezelfde titel als boek verschenen. Het ware, goede en schone in Biewinga’s gesprekken met ouderen doen mij direct denken aan Plato: bovenaan zijn Ideeënleer staan ‘het goede, ware en schone.’ De ziel is dan belangrijk, want daarmee wordt de mens in staat gesteld de ideeën te kennen. Zelf lijkt de wereld weinig op de ideeën. We leren pas echt via de dood de ideeën kennen. Daarom, zegt Plato, moeten we leren sterven: de weg tot geluk. Voor de oudste generatie wordt die weg steeds korter.

Nationale Ouderendag 2025
Ouder worden kan kwalen met zich meebrengen, eenzaamheid en het verlies van alles wat je lief is. Als je dan leest dat Bingo ‘het hoogtepunt’ is van de Nationale Ouderendag 2025, dan slaat de schrik van het ouder worden je om het hart. Als je zo je eenzaamheid moet vullen… “Welke zinvolle levensdoelen kun je stellen als je toekomst krimpt?” zou Biewinga waarschijnlijk vragen aan de oudere die ‘Bingo!’ riep en na afloop met een grote leverworst om haar nek eenzaam naar huis wandelde.


Bingo troef op de Nationale Ouderendag 10 oktober 2025

Filosofie van het late leven
De filosoof plaatste in een lokale krant een uitnodiging aan ouderen om ‘deel te nemen aan filosofische gespreksgroepen, waarin met behulp van oude en hedendaagse denkers en wetenschappers zal worden onderzocht wat de hete hangijzers zijn van ouder worden’. Bingo! dachten vele ouderen: de mailbox van Biewinga stroomde over van de vele aanmeldingen die zij ontving. De wachtlijst bleef groeien.

‘Als eindig wezen hebben we ons, na een lange periode van ‘gewone’ volwassenheid, te verhouden tot het voorbijgaan van de tijd en onze eindigheid. Met de verzamelde bouwstenen vorm ik een nieuwe semantische ruimte* rond ouder worden, waarin vrijuit en waarachtig gesproken kan worden over ervaring, waarheid en betekenis van ouder worden in deze tijd.’
(Uit: Ouder worden als ervaring)

[*Een talige ruimte die de mogelijkheid biedt om op een nieuwe manier te denken en te spreken over ouder worden (UvA)]

Bondgenoten
Biewinga kent de tools die je nodig hebt voor je levensreis, en waarin ouderen verder zijn dan jongeren: Levensmoed, praktische wijsheid, interesse, maat houden, eigenwaarde en bondgenootschap. Zij vertelt in haar boek over de filosofiewerkplaats. De deelnemers ervan ‘proberen woorden te vinden voor deze houding:

‘We willen doen wat ons gelukkig maakt en dat willen we voortleven en doorgeven. We hoeven niet per se te slagen in het leven, je best doen is genoeg. We hopen dat anderen er iets aan hebben dat wij zijn zoals wij zijn.’
(Uit: Ouder worden als ervaring)


‘Wat ouderen jongeren te bieden hebben’

“Geloof me, Kefalos, ik vind het fijn om met heel oude mensen te praten. Ze hebben als eersten een weg genomen die misschien ook wij moeten afleggen. En ik denk eigenlijk dat we van hen kunnen leren hoe die weg is, ongelijk en lastig óf gemakkelijk en vlak. Hoe denk jij hierover?”
(Socrates in Het bestel (Plato) – Geciteerd in: Ouder worden als ervaring)

Zouden die bondgenoten de gen Z’ers en millennials kunnen zijn? Jonge levensreizigers die optrekken met de oudere levensreizigers om zelf te leren hoe je je het beste uitrust voor de expeditie van het leven? Een ervaren medereiziger zou op een goed moment in het leven van de gen Z’ers en millennials komen, want ze staan net op een kruispunt van een nieuw, onbekend parcours.’
(Trouw, Tijdgeest, 12 oktober 2025, essay: Wat kunnen twintigers leren van zeventigplussers?)


Suzanne Biewinga

Levenservaringsloket
In haar essay in Trouw stelt onderzoeksjournalist Anna Maria van Willigen dat ‘twintigers vaak met grote vragen zitten waar je niet mee naar een psycholoog gaat. Kan het groeiende leger 70+’ers soelaas bieden? Is de tijd rijp voor een levenservaringsloket?’ In het essay verwijst zij onder meer naar Biewinga, en spreekt ook anderen, jong en ouder over levensdilemma’s. Onder het essay staat de oproep van Van Willigen: Bent u 70+ of tussen de 20 en 30 en wilt u meebouwen aan het levenservaringsloket? Mail Anna Maria: ame.vanwilligen@jurkenvanmaria.nl

Bronnen:
* Ouder worden als ervaring, filosofie van het late leven | Suzanne Biewinga | Boom Uitgevers | Februari 2025 – 5e druk | ISBN 9789024469079
‘Suzanne Biewinga (1954) promoveerde als zeventigjarige aan de Universiteit van Amsterdam op haar onderzoek naar een nieuwe filosofie van ouder worden als ervaring. Hiervoor was ze onder andere werkzaam als ondersteuner van patiëntenorganisaties en als coördinator van een hospice. Na haar werkende bestaan studeerde zij filosofie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en zette ze haar filosofiewerkplaats op.’ (Boom Uitgevers)
* Ouder worden als (andere) ervaring (Universiteit van Amsterdam)
* Wat kunnen twintigers leren van zeventigplussers? (Trouw, 12 oktober 2025, Essay Levenservaringsloket, Anna Maria van Willigen (1973). De onderzoeksjournalist volgt momenteel een opleiding tot geestelijk verzorger en publiekstheoloog aan de Vrije Universiteit Amsterdam)

Gerelateerd: Voltooid leven? Doe als Boeddah (RELIFILOSIFIE, 2023)

Beeld: Pxhere
Foto Nationale Ouderendag 2025: Bingo! © Herman Stöver / AD
Foto Wat ouderen jongeren te bieden hebben: Othello België #ouderenweek
Foto Suzanne Biewinga: Frans Rentink / Boom Uitgevers

Want wie is er nou geen Vreemdeling?

De Vreemdeling breekt in ons leven in, provoceert en irriteert. Filosoof, religiewetenschapper en theoloog Laurens Ten Kate zegt: ‘De stem van de vreemdeling spreekt blijkbaar niet vanzelf, en haar horen, naar haar luisteren, brengt mensen in verlegenheid. Hoort die verlegenheid bij onze ‘wereldtijd’? Recentelijk, of al heel lang? Die vragen wil ik onderzoeken, in gesprek met vele denkers die al met zo’n onderzoek begonnen zijn.’
Beschouwing van het boek Wereldtijd van Laurens ten Kate door gastblogger Rudi Holzhauer, Erasmus School of Law, retired.

‘De stem van de vreemdeling spreekt blijkbaar niet vanzelf, en haar horen, naar haar luisteren, brengt mensen in verlegenheid. Hoort die verlegenheid bij onze ‘wereldtijd’? Recentelijk, of al heel lang?’
(Laurens ten Kate)

Vreemd vooraf, met ook wat verbinding.
Vreemde Vrijheid was de titel van de oratie van Laurens ten Kate (Universiteit voor Humanistiek Utrecht – UvH) in 2016. Ik zat daar toen in de zaal. Ik volgde alles aandachtig, ik kon alles ook goed volgen, maar doordringen deed het allemaal pas veel later.
Dat is voor mij Laurens ten Kate. Wat hij wil overbrengen is zo groot dat er eigenlijk geen woorden voor zijn. Waarbij het woord ‘vreemd’ veel gebruikt wordt (door hem). Ik lees nu UvH als ‘Universeel vreemde Herkomst’.

‘De vreemdeling’
Wereldtijd is ook zo’n woord en zo’n boek. Het is in beginsel niet te vatten. ‘Vreemd’ krijgt hier invulling als ‘de vreemdeling’. Waarbij Ten Kate vanuit zijn achtergronden de relatie tussen religie en migratie onderzoekt, verkent en toegankelijk maakt.
Religie en wetenschap is al vele eeuwen onderwerp van studie. Religie en migratie is ingegeven door ‘bewegingen’ in de sferen van religie en migratie. Min of meer recente bewegingen. Meer of minder controversiële bewegingen.

Verbinding
‘Een goede mentale volksgezondheid is “dat iedereen er mag zijn”. Daarvoor is het nodig dat mensen meer voor elkaar openstaan, vertelt hij. ‘Dat vergt een spirituele ontwikkeling.’ Dit is zelfs mogelijk voor instanties: je hebt er alleen wel de juiste houding voor nodig. Mensen moeten zich bewust zijn van hun eigen universum, zodat ze op zoek kunnen naar het universum van de ander. Friedrich [in: Vangnet voor vrienden] zelf veroordeelt niet. Hij is altijd op zoek naar wat iemand beweegt.’

Dat gaat van ‘vreemd’ naar nog algemener. En komt niet eens uit het boek van Ten Kate, maar uit een recent rapport van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS). Zie de verbinding tussen zijn boek en dat rapport. Het citaat is overigens opgetekend in een gesprek onder Vangnet voor vrienden in hoofdstuk 4 van het rapport van die Raad: ‘In hoofdstuk 4 zet de RVS uiteen wat er nodig is om de mentale volksgezondheid te verbeteren. We pleiten voor meer ruimte voor de waarden van verbinding, verscheidenheid en vertraging’. Laurens ten Kate had het ook zo kunnen schrijven. Met een voetnoot naar Hartmut Rosa.

Vreemde Vrijheid
Die V die zegt het allemaal. Niet alleen Vreemde Vrijheid, niet alleen Vluchteling en Vreemdeling, niet alleen Verlichting en Verduidelijking, maar ook Voorspelbaarheid en Verlossing. Daar kun je acht boeken over schrijven. Het ‘VEET’ nog even door.

Vier delen
Het boek bestaat uit Vier delen, met de Volgende Vermeldingen. Deel I gaat over Vrije tijd (een Verkenning). Deel II gaat over Vreemde tijd (een Verdieping). Deel II over Wereldtijd (ook een Verdieping). En Deel IV over Verwonderde tijd (ofwel Verbeelding). Ofwel er is een Verkenningsgedeelte (Opening en de hoofdstukken 1 en 2), twee delen Verdieping (hoofdstukken 3-5 en hoofdstuk 6) uitkomend bij een Verbeeldingsgedeelte (hoofdstukken 7-15).

Levinas
Het gaat er voor Ten Kate in dit boek om de wereld te (leren) begrijpen via de vreemdeling. Het boek heet Wereldtijd omdat het gaat over die wereld waarin we de ander ontmoeten (blz. 15). Wie is de vreemdeling en wat is de wereld, zijn vragen die Ten Kate opneemt met de Franse filosoof Levinas en diens werk Totaliteit en oneindigheid uit 1961. Hij ziet dat werk als het startschot voor andere denkers die hij bespreekt, zoals Hannah Arendt, Jacques Derrida en Jean-Luc Nancy.
Ten Kate neemt ons mee door de vreemde wereld waarin Levinas ons binnenleidt: de wereld die ons thuis is en die ons tegelijkertijd ontsnapt. (blz. 19) Hij gaat na hoe de wereld een plek is waar mensen als vreemdelingen wonen, voor zichzelf, voor elkaar, voor de wereld, en dat we dat vreemdelingschap moeten uithouden en op waarde schatten. In de hoofdstukken 3, 4 en 5 van Deel I gaat hij ver terug in de tijd, want de wereld is naar zijn inzicht al heel lang een vreemde plek. (blz. 20).


Laurens ten Kate bij zijn recent verschenen boek

Van A naar Z
Van de Axiale tijd of de Aufklärung naar een Zeitenwende. De axiale tijd wordt in de recente wetenschap minder als een definieerbare tijdperiode beschouwd dan als een modus, een fundamentele voorwaarde van onze tijd die zijn oorsprong vond, breed genomen, in en rond dat laatste millennium BC. De huidige axiale theorievorming interpreteert axiale wending liever als een continu proces dan als een tijdperk met een begin en een einde.
Dit alles in aanmerking genomen geeft Ten Kate de voorkeur aan de term ‘non-axiaal’ boven ‘preaxiaal’, om elke suggestie van een historische chronologie (voor en na, pre- en post-) te vermijden. Het is heel goed mogelijk dat axiale en non-axiale kenmerken de hele menselijke evolutie bepalen, waarbij ze elkaar wederzijds beïnvloeden en transformeren, elkaar soms versterken en soms tenietdoen of minstens ondermijnen (zoals bij een historische breuk). (blz. 86-87).

Religie en migratie
De vreemdeling koppelt Ten Kate aan migratie. En ook aan de huidige zgn. asielcrisis, met alle geweld (incl. Gaza) en alle eenzijdigheden die daarmee op ons pad komen. Dat stukje in het boek (blz. 25-37) leest als kritische krantencolumns. De politiek, de religies, de academische wereld, pop- en rockteksten komen voorbij. Het boek van Hein de Haas over migratiemythes werkt dan inzichtelijk. En: ‘Het zou dus kunnen dat meer dan veertig jaar neoliberalisering van de politiek in westerse landen deze spanning tussen vrijheid en verbinding voor velen onleefbaar heeft gemaakt?’ (blz. 37).

Vrijheid ‘een toverwoord’
Het Pinksterverhaal brengt de christelijke godsdienst naar binnen. Over Jezus van Nazareth die op aarde als een vreemdeling rondzwerft en in de huizen van mensen verblijft. De taal wordt universeel. Met het Bijbelboek Handelingen komt het dilemma vrijheid en verbinding binnen. Jezelf zijn en ergens bij horen. (blz. 41). Ten Kate noemt vrijheid een ‘toverwoord’, op basis van tien jaar onderzoek naar het vrijzinnig gedachtengoed. Met daarin een botsing tussen twee talen: de religieuze en de seculiere. Die elkaar niet per se uitsluiten. (blz. 50).

Spreekt vrijheid vanzelf, of toch niet?
In zijn boek ontdekt Ten Kate het tegendeel. Neoliberalisme en populisme, de Capitoolbestormers, de coronacrisis – overal staat onze vrijheid centraal. Als dilemma. ‘We staan allen voor dit dilemma dat de geest van Pinksteren ons inblaast: lieten zijn vuurtongen ons immers niet tegelijkertijd ons zelf zijn (‘moedertaal’) en ons blootstellen aan de wereld door ‘buiten onszelf te zijn’? Maar zou het dilemma dan meer zijn dan een patstelling, en ons een kans bieden? De kans om een band aan te gaan met degene met wie ik helemaal geen band heb, met de vreemdeling?” (blz. 56).

Vluchteling als heilige indringer
‘Heilig’ verwijst van oudsher naar iemand die buiten de gemeenschap staat. De heilige is de indringer. Op een schilderij van Caravaggio: ‘Caravaggio is alleen geïnteresseerd in de mens. Hij heeft van alle schilders het scherpste oog voor wat de verschijning van het hemelse voor gewone stervelingen betekent: ze raken erdoor ontzet.’ (blz. 66).
Anno de vluchtelingencrisis 2015 zien we de vluchteling als de heilige indringer die de Europese werkelijkheid ‘overvalt’, verandert, en ja, misschien ook laat ‘ineenstorten’. (blz. 69). Kan men van elkaar gescheiden zijn – dat wil zeggen volledig vreemd voor elkaar – en toch een band hebben? En zo ja, wat voor band zou dat dan kunnen zijn? (blz. 71). Antwoord: een scheidingsband ofwel een ‘bond of separation’.

Rudi Holzhauer
Want wie is er nu geen migrant en dus geen vreemdeling?
Daar werd ik zelf mee geconfronteerd door de mooie opdracht die Ten Kate in mijn exemplaar van Wereldtijd schreef. Want ja – met een Duitse moeder en wonend in Spanje ben ik dus die ‘migrant bij uitstek’. En waar koningin Maxima in 2007 meldde dat ‘de Nederlander niet bestaat’, doelend op een behoorlijke diversiteit in identiteiten, geven David de Boer en Geert Janssen in hun boek De Vluchtelingenrepubliek aan dat de overgrote meerderheid van in Nederland wonenden een migratieachtergrond heeft. Ooit gekomen als vluchteling. Naar die Republiek. Daar is niets bijzonders aan. Allemaal ooit Vreemdelingen. Allemaal ooit Indringers. Inmiddels allemaal behoorlijk Verbonden.

Lees hier vervolg van deze bijdrage: ‘Een spirituele revolutie’
RELIFILOSOFIE vangodenenmensen.com

Beeld: deBalie Amsterdam
Foto Laurens ten Kate: Universiteit voor Humanistiek
Foto: Hans van Velzen – Trots laat Laurens ten Kate zijn recent verschenen boek zien. Wie meer wil weten over zijn ideeën doet er goed aan dit boek ‘Wereldtijd’ te lezen, over de blik van de vreemdeling die, zoals iedereen, verlangt naar verbondenheid.
Foto Rudi Holzhauer: (Moslim Archief)

Wereldtijd |Essay over de vraag van de vreemdeling | Laurens ten Kate | Boom

‘We zijn in onze keuzes minder vrij dan ooit’

Roxane van Iperen zegt in Down to Earth, het platform voor groene journalistiek van de Vereniging Milieudefensie, dat ‘klimaat de afgelopen jaren niet bij onze politici en machthebbers op de agenda stond’. Sarah Haaij beschrijft in het interview met Roxane de verhouding tussen individuele actie en ‘het systeem’ glashelder. ‘Met individuele actie blijf je voortborduren op het systeem dat het probleem heeft voortgebracht. In een systeem van hyperliberalisme prevaleert het eigenbelang van het individu en wordt migratie als oorzaak van alle problemen aangewezen.’

‘Dit is geen klimaatessay. Wie niet gelooft dat klimaatverandering door de opwarming van de aarde binnen dertig jaar ernstige gevolgen zal hebben, hoeft zich ook niet te verdiepen in de vraag hoe we het tij kunnen keren’
(Thomas Rap, uitgever Eigen planeet eerst)

Tegenwerkende krachten’
In Eigen Planeet eerst: Waarom onze democratie geen antwoord heeft op het grootste vraagstuk van deze tijd, vertelt Roxane dat groen en duurzaam ‘consumentenactivisme’ geen oplossing biedt ‘voor een kapot systeem waarin krachten elkaar tegenwerken’.

‘Hoe ga ik ze [mijn kinderen] uitleggen dat het systeem vanaf de val van de Berlijnse Muur steeds meer grensoverschrijdend is ingericht, dat we in een wereld zijn beland waarin ontelbaar veel krachten hen als vanzelf richting de aankoop van een paar niet-duurzame, in een lagelonenland geproduceerde sneakers stuurt?’
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

‘Alsof ze vrij waren’
Roxane gebruikt een metafoor uit de jaren zeventig: de televisiehit Wie-Kent-Kwis. Hierin lopen cavia’s, ‘alsof ze vrij waren’, in een houten bak via schotten naar een van de verschillende eindpoortjes waar prijzengeld ligt te wachten. De schotten zorgen er echter voor dat ‘de meeste cavia’s identieke routes afleggen’. Zij past deze metafoor toe in haar gedachtenexperiment in Eigen planeet eerst. Wij leven in die cavia-bakken, een globale en een lokale bak.


De houten bak met schotten van AVRO’s Wie-Kent-Kwis (1973)

‘In de lokale bak zitten jij en ik. Onze levensloop naar de eindpoortjes voltrekt zich in grote lijnen over de paden die door de schotten zijn afgebakend.’
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

Hyperliberalisme
Met die schotten doelt Roxane op het systeem, ‘decennialang opgebouwd door cultuur, religie en gewoonten, maar ook door wetten, politiek, subsidies en marktwerking’. Zij noemt dit ‘de voorgekauwde route’, een ‘destructief, vervuilend pad’.

‘Een pad langs plofkippen en all-inclusive vakanties, ‘duurzame’ yogabroeken uit Australië, of vieze vintage Volvo’s. Het grootste probleem is volgens Roxanne dat in geen van de twee bakken iemand zich bekommert om het klimaat. Zeker niet sinds de schotten zijn ingebed in een systeem van hyperliberalisme, waarin het eigenbelang van het individu prevaleert en migratie als oorzaak van alle problemen wordt aangewezen.’
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

In de lokale bak is geen plaats voor het klimaat: de schotten zijn gericht op ‘culturele identiteit en hogere grenzen voor migranten’. Ook in de globale bak is ‘geen plaats voor het klimaat’, want ‘de schotten zijn gericht op winstmaximalisatie en vrijheid’.

‘Net als de cavia’s denken wij mensen dat we vrij zijn: “Maar voor een individu is het bijna onmogelijk om een schot ook maar een millimeter in beweging te brengen.” En zo maken burgers, “die allemaal mini-bv’s zijn geworden”, elke dag opnieuw conflicterende keuzes.
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

‘Grenzeloos globaliseringsfeestje’
Niet alleen conflicterende keuzes, ook ontstaan er conflicten tussen de individuen. Gaan we op die cavia’s lijken die dan ook nog elkaar de maat nemen en ruzie maken? ‘Jij vliegt, ja maar jij eet vlees’. En intussen…

‘…vieren de superrijken en machtigen hun grenzeloze globaliseringsfeestje van de offshoring, kwartaalwinsten en ecologische vernietiging’.
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

‘Helemaal geen klimaatprobleem’
In Down to Earth zegt Roxane dat ‘klimaat de afgelopen jaren niet bij onze politici en machthebbers op de agenda stond’.


Roxane van Iperen

‘We kiezen steeds vaker politici die het klimaat er maar een beetje bij doen. Sterker nog: er zijn in democratieën mensen aan de macht die zeggen dat er helemaal geen klimaatprobleem bestaat. Dat we helemaal niets hoeven doen!’
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

Giga-subsidies EU
Sarah verwijst tussen het interview door naar het essay Eigen planeet eerst. Over de fossiele sector die zijn winstprognoses blijft verhogen; dat de vleesproductie door de EU gesteund wordt met giga-subsidies; dat de politiek steeds dichter bij het bedrijfsleven op schoot is gekropen; dat Big Food aanzit bij een voedingstafel in aanloop naar een regeerakkoord; dat er een alternatieve democratie is ontstaan, gekaapt door miljardairs en politici die ‘enerzijds een grenzeloze, geglobaliseerde markt bedienen, en anderzijds lokale zondebokpolitiek bedrijven’. “Een angstaanjagende wereld,” beaamt Roxane interviewer Sarah:

‘Zeker, het is eng, maar ik geloof ook in de metafoor van het brandende huis. Het huis staat in brand en dat is vreselijk, maar het is wel dé gelegenheid om de constructie goed te zien. Nu kunnen we samen proberen te schetsen wat hier en nu precies aan het gebeuren is.’
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

Verschuiving in perspectief
Hoewel de lezer van Roxanes essay geen lijstje met oplossingen krijgt, geeft zij hierin wel aan dat ‘verandering kan beginnen bij een verschuiving in perspectief: weg van schuldgevoel van individuele keuzes naar meer grip op de krachten die de schotten bepalen. (…) Een werkelijk progressief belastingsysteem, weg van belastingparadijs Nederland, zou een schot kunnen verplaatsen’.

Kennis van het speelveld
Roxane zegt dat als zij ‘geen oog zou hebben voor de kleine onderstromingen die de boel in beweging brengen – dan zou ik dit boek nooit geschreven hebben. Ik hoop natuurlijk ook dat we die tegenkrachten kunnen versterken’.

‘Dus je kunt zeggen: “Waarom schrijf je van die negatieve boekjes?” Maar we kunnen ook zeggen: laat ons zo veel mogelijk kennis van het speelveld verwerven, zodat iedereen heel slim kan kijken waar we succes kunnen behalen”.’
(Roxanne van Iperen in Down to Earth, uitgave Vereniging Milieudefensie, nr 90, 2025)

Bron: Down to Earth, het platform voor groene journalistiek van de Vereniging Milieudefensie, (alleen in de papieren editie) nr. 90, augustus 2025: ‘We zijn in onze keuzes minder vrij dan ooit’.

Eigen planeet eerst – Waarom onze democratie geen antwoord heeft op het grootste vraagstuk van deze tijd | Roxane van Iperen | Thomas Rap | 168 pag. | Gebonden € 20,99 | E-book € 10,99 | Luisterboek € 13,99
‘Dit is geen klimaatessay. Wie niet gelooft dat klimaatverandering door de opwarming van de aarde binnen dertig jaar ernstige gevolgen zal hebben, hoeft zich ook niet te verdiepen in de vraag hoe we het tij kunnen keren. Dit essay richt zich op de vraag: is ons systeem – de democratische rechtsstaat – wel ingericht om dit probleem te kunnen oplossen? Hierbij gaat Van Iperen in op de politieke ontwikkelingen sinds de val van de Muur, die uiteindelijk laten zien dat het misschien juist de democratie zélf is die ons richting de rand van de afgrond stuurt.’ (Thomas Rap)

Beeld: Gemaakt met ChatGPT
Foto Avro’s Wie-kent-Kwis: anderetijden.nl
Foto Roxanne: Dorian Jurne

Een fascinerende reis door geest en werkelijkheid

Auteur en blogger Bruno Del Medico, gespecialiseerd in kwantumfysica, metafysica, sociale actualiteit en wetenschap, schreef Carl Jung en het Kwantum Universum 1 (2025). Del Medico zegt zijn inspiratie gehaald te hebben uit ‘Jungs idee dat schijnbaar willekeurige gebeurtenissen diepgaande en kosmische betekenissen konden krijgen, en zo aspecten van de kwantumtheorie integreerde in de psychologie’.  Eerder schreef hij Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung (2022, de bijgewerkte en uitgebreide versie van 2019).

‘Wie kent de weg naar de eeuwig vruchtbare velden van de ziel? Er is maar één manier, en dat is jouw manier.’
(Carl Jung in: Het Rode Boek)  

Helder en toegankelijk
Beide boeken zijn opvallend helder en toegankelijk geschreven, mede door Del Medico’s ervaring als populair-wetenschappelijk schrijver. Carl Jung laat zich op elke pagina gelden, als de ontdekker van het onbewuste en door zijn belangrijkste theorieën in relatie met de kwantumtheorie.

Baanbrekende visies
In Carl Jung en het Kwantum Universum 1 (2025) beschrijft Del Medico over ‘de verrassende correlaties tussen Jung en de kwantumtheorie’. Hij verkent de baanbrekende visies op de psyche en het collectieve onbewuste die later verweven raken met de kwantumprincipes van het universum. Zoals fundamentele concepten als het oneindig kleine van de kwantumfysica, Werner Heisenbergs onbepaaldheid en Niels Bohrs complementariteit. Elk hoofdstuk biedt een gedegen analyse over de verbanden tussen de menselijke geest en het kwantumuniversum. Nog twee delen volgen.

‘Dit eerste deel biedt een solide basis voor het pad dat in de volgende delen zal volgen. Door de pagina’s van het boek leidt de auteur de lezer op een reis, die de filosofische en wetenschappelijke fundamenten van beide disciplines behandelt.’
(Uit: Carl Jung en het Kwantum Universum 1, Inleiding)


Carl Jung (1875 – 1961)

‘Wie kent de weg…’
De auteur citeert in het hoofdstuk Ontmoeting tussen geest en materie een prachtige gedachte van Jung uit Het Rode Boek. Jung zegt hierin:

‘Wees niet hebzuchtig naar de vruchten die op andermans akkers worden geboren. Weten jullie niet dat jullie zelf de vruchtbare akker zijn waarop alles groeit wat jullie nodig hebben? Maar wie weet dat vandaag nog? Wie kent de weg naar de eeuwig vruchtbare velden van de ziel? Er is maar één manier, en dat is jouw manier.’
(Carl Jung, in Het Rode Boek, geciteerd door Del Medico in Carl Jung en het Kwantum Universum 1)  

‘Concluderend nodigt Jung ons uit om de diepten van onze psyche te onderzoeken door middel van mythen, symbolen en dromen, waarbij de universele onderlinge verbondenheid van de menselijke ervaring wordt erkend. Het analyseren van deze elementen biedt toegang tot een completer begrip van het menselijk bestaan en opent deuren naar een groter zelfbewustzijn en een bredere visie op onze plaats in de wereld.’
(Uit: Carl Jung en het Kwantum Universum 1, De theorie van synchroniciteit en het verband met de kwantumtheorie)

Absoluut onverenigbaar?’
Eerder (2022) verscheen van Del Medico Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung. Del Medico geeft hierin de samenwerking weer tussen Carl Jung en Wolfgang Pauli. Meer dan twintig jaar werkten zij samen op het gebied van de psyche (Jung) en op dat van de materie (Pauli). Deze twee sectoren worden als absoluut onverenigbaar met elkaar beschouwd. In feite ontkent het wetenschappelijk materialisme het bestaan van enige psychische component in het bekende universum.

‘De introductie van de fotontheorie van Albert Einstein [in 1905] was een mijlpaal in de kwantumfysica. Dit concept maakte de weg vrij voor verder onderzoek en ontwikkelingen op dit gebied en opende nieuwe deuren om de wereld op microscopisch niveau te begrijpen en aspecten van de werkelijkheid te onthullen die niet konden worden verklaard door de klassieke natuurkunde.’
(Uit: Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung, Schets van de geboorte van de kwantumfysica)


Wolfgang Pauli en Carl Jung

‘Carl Jungs verkenning van het onbewuste en Werner Heisenbergs revolutionaire ontdekkingen in de kwantumfysica komen samen in een harmonieuze synergie. Terwijl Jung ons uitnodigt om de diepten van de menselijke psyche te onderzoeken om onszelf te begrijpen, stelt Heisenberg de aard van de werkelijkheid en het kennisproces in vraag. Door deze combinatie van perspectieven worden we uitgenodigd om onze innerlijke wereld te verkennen en het verband tussen onze innerlijke en uiterlijke werkelijkheid te herkennen.’
(Uit: Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung, in Werner Heisenberg en onbepaaldheid)

Does It Happen to You Too?
Als gepensioneerd computerprogrammeur werkt Del Medico als blogger op verschillende technische vakgebieden. En publiceert artikelen en studies in diverse vakbladen (Informatica oggi, CQ Elettronica, Fare Computer, Bit, Radio Elettronica en andere). De laatste jaren legt Del Medico zich toe op de verspreiding van de nieuwste ontdekkingen in de kwantumfysica, in lijn met het metafysische perspectief van vele gerenommeerde wetenschappers zoals David Bohm en Henry Stapp. Op dit gebied heeft hij drie boeken gepubliceerd: Entanglement and Synchronicity, Does It Happen to You Too? en recentelijk All the Colors of Entanglement.


Bruno Del Medico

Bronnen:
* Bruno Del Medico: Carl Jung en het Kwantum Universum 1 (Amazon) – E-book: Bol.com  
* Bruno Del Medico: Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung –
Op weg naar het tijdperk van samenwerking tussen geest en materie (Amazon) – E-book: Bol.com
* Amazon
* Nobelprize.org
Natuurkundige en Nobelprijswinnaar (1932) Werner Heisenberg (1901 – 1976) was een van de grondleggers van de kwantummechanica. Hij werkte een tijd samen met natuurkundige en Nobelprijswinnaar (1922) Niels Bohr (1885 – 1962). Bohr werkte onder meer aan de problemen die zich in de kwantumfysica voordoen.

Beeld: Coverfoto Van melkweggrenzen tot kwantumverstrengeling (Bruno del Medico)
Foto Bruno Del Medico: Amazon
Foto Jung: Brittanica

Stoïcisme is geen school, maar levensleer voor iedereen

UITGELICHT Stoïcisme is een filosofie, een levensleer die de nadruk legt op acceptatie, innerlijke rust en het beheersen van eigen gedachten en emoties. De Vrije Academie bracht de stoomcursus ‘Stoïcisme in 1 dag’. Filosoof en psycholoog Annette van der Elst presenteerde stoïcijns haar college. Niet in de zin van onverstoorbaar, maar vanuit haar innerlijke rust en kracht. Het college stoïcisme was behalve inspirerend inhoudelijk, vooral zinvol praktisch gericht.

‘Wijs ben ik niet, maar ik ben wel wijsgerig
(Philosophus – Thales van Milete, 6e eeuw v Chr)

Theorie en praktijk
Dacht ik zelf het stoïcisme te kennen, maar kwam er juist door de kracht van de vertelkunst van de docent achter nog meer te mogen oefenen in het omgaan met mijn eigen innerlijke rust, gedachten en emoties. Niet toevallig vind je in de hedendaagse psychotherapeutische stromingen het denken van de stoïcijnen. Zo hoorden we ook van filosoof Martha Nussbaum die onder meer werkt in de traditie van de psychoanalyse. En van filosoof Nancy Sherman, over ‘morele blessures en stoïcijnen’.

Filosofie
V
an sommige filosofen, zoals Plato, Aristoteles en Plotinus, zijn alle of vrijwel alle werken bewaard gebleven. Filosoferen was in Griekenland veelal een vrijetijdbesteding van vrije en welgestelde mannen die zich bezig hielden met vragen over de oorsprong van de dingen. Bij Plato mochten alleen vrouwen de lessen volgen als ze zich hulden in mannenkleren. De school van Epicurus stond wel open voor vrouwen.

Eigen leven, gedachten en emoties
Hoe ga jij om met verandering? Met onzekerheid, frustratie, tegenslag, ziekte en de dood? Hoe word je minder snel van je stuk gebracht? Waar vind je innerlijke rust? Vragen waar de (neo)stoïcijnen wel raad mee weten! Volgens het stoïcisme kun je je beter op eigen gedachten en emoties focussen. En níet op factoren waar je geen controle of invloed op kunt hebben.

(Vrije Academie)

Sofisten
E
en sofist is een leermeester in het denken en spreken. In de 5e eeuw v Chr stichten sofisten scholen voor jongeren om te oefenen in retorica en algemene wijsheid (sophia). Sofisten willen geen waarheden achterhalen, maar stellen vooral belangrijke vragen die te denken geven: of de dingen van nature zo zijn of dat mensen op grond van gewoonte of vanuit conventie de aard van de dingen vaststellen. Volgens de meeste sofisten berusten alle dingen op conventie en kan je ze wijzigen als de situatie erom vraagt.

Epictetus
E
r kan je van alles overkomen, maar het gaat om: wat doe je ermee? Laat je je ziel verstoren? Je ziel kan ‘oefenen’ in het omgaan met wat jou treft. Van Epictetus is er het: Zakboekje. Om open te slaan in situaties wanneer je iets overkomt. Bedoeld voor niet-filosofen om ze te gidsen naar wijsheid.

‘Wanneer je als een wijsgeer wilt leven, stel je er dan maar vast op in dat een heleboel mensen je zullen uitlachen en achter je rug gekke bekken zullen trekken’.
(Uit: Zakboekje – Epictetus)


(Geschreven door Arrien, een van de leerlingen van Epictetus uit de 1e eeuw n Chr)

‘In ons handelen moeten we ons uitsluitend richten op de dingen die binnen ons bereik liggen, dat wil zeggen: de dingen waarop wij invloed kunnen uitoefenen. Hiermee bedoelt hij [Epictetus] ons denken, redeneren, conclusies trekken en voelen.

Onder de dingen die niet binnen ons bereik liggen, dat wil zeggen: de dingen waarop wij geen enkele invloed kunnen uitoefenen, verstaat hij alles wat ons van buitenaf bereikt, wat met het lichaam verbonden is, de bezittingen, de relaties die wij met elkaar onderhouden en alles wat ons overkomt.

Wanneer we de denkfout maken dat we op dit soort dingen invloed kunnen uitoefenen, dan moet ons leven onvermijdelijk volledig mislukken. Aan deze dingen kunnen we namelijk niets veranderen. Ze zijn zoals ze zijn, alleen ons denken erover kunnen we beheersen’.
(Uit: Zakboekje – Epictetus)

Marcus Aurelius (121 – 180)
D
e voormalige keizer van het Romeinse rijk, Marcus Aurelius, regeerde van 161 tot 180 en praktiseerde het sofisme dagelijks. Elkaar verdragen maakt volgens hem deel uit van rechtvaardigheid. Over hoe je te midden van een conflict je gemoedsrust moet vinden en kan behouden schreef Aurelius Te es Heauton (Grieks voor: de dingen voor mijzelf).

‘We kunnen altijd handelen want we hebben een absolute controle over onze representaties [onze gedachten en emoties]: hoe wij de dingen aan onszelf presenteren, onszelf voorstellen.’
(Marcus Aurelius)


Marcus Aurelius, ‘keizer van de rede’

Enkele tips van de vele uit de praktijk van het stoïcisme:
– Een dagboek geeft meer zelfcontrole. Marcus Aurelius noteerde ’s avonds zijn handelingen en onderzocht in hoeverre die overeenstemden met zijn opvattingen. Die vond hij soms geslaagd, soms niet, maar ook hij dacht: je kunt het altijd weer proberen. ‘We zijn allemaal uitgerust met logos, rede’, is een van zijn overtuigingen.

Leer goed met je tijd om te gaan: tijd te sparen zelfs. Volgens Seneca glipt de tijd zomaar weg. Als je vaker ‘Nee’ zegt, ga je zorgvuldig met je tijd om. Grenzen stellen naar anderen – en naar jezelf! – doe je vaak te laat. De sofisten leren ‘jezelf (je tijd) niet weg te geven’. (Time is on my side’ zongen The Rolling Stones in 1964. ‘Now you always say that you want to be free’. Wisten zij van stoïcisme?)

– ‘Aardig zijn tegen mensen die niet aardig zijn’ kan volgens het sofisme wonderlijk uitwerken. Het kan leiden tot veel goeds in je relaties. Het stopt vervreemding en mensen reageren vaak verrassend positief terug. Misschien vinden zij jou ook niet aardig en doorbreek je zo toch verstarde contacten. Door mens te zijn tussen de mensen maak je de wereld beter door anderen – en jezelf! – te helpen. (Aardig zijn is soms gemakzucht, je wilt conflict vermijden, durft geen ‘nee’ te zeggen. Let op je zelfrespect.)

Stoïcijnen gaan ervan uit dat het enige dat je werkelijk bezit, is: je innerlijk. Daarnaar kan je handelen door steeds in het ‘nu’ te zijn. Ook ‘heb’ je je lichaam niet. Als je mank bent, zeg je niet: ‘Ik ben mank.’ Je innerlijk zegt: ‘Mijn been is mank.’ Jij niet.

Woede staat geluk in de weg, zegt Aristoteles. Woede is menselijk, maar mag je nooit ‘loslaten’ op de ander. Woede is fout. Je voelt het wel, maar die emotie dien je te onderzoeken: je er niet door laten bevangen, maar de achtergrond ervan te onderzoeken. In die emotie zit altijd een opvatting die je hebt, een cognitief element: die kan, die moet je met ‘rede’ te lijf gaan. (‘Even rationeel zijn’ lukt natuurlijk niet om te kalmeren, maar iedere dag kan je er weer mee oefenen.) De andere kant van woede kan ook (sterke) betrokkenheid zijn, ook dat is je onderzoek waard.

Socrates: ‘Het enige dat je kan schaden, ben je zelf.’ Om over na te denken als je woedend bent, of jaloers, of een van de andere zeven ondeugden de vrije loop laat. Dan ben je niet vrij. Als je jaloezie met rede onderzoekt, kan je er bovendien ook achter komen dat je jezelf waardeloos vindt. Of je beseft ineens dat je lief meer van waarde voor je is dan je dacht. Volgens Aristoles maken de deugden die hij beschrijft meer kans op een gelukkiger leven voor jou en de gemeenschap waarin je leeft.

Epictetus: ‘Wees blij als je ‘narigheden’  tegenkomt: Dan kan je oefenen. Lukt het niet vandaag? Morgen weer een kans.’

Bronnen:
* Studiedag 20 juni 2025 door Annette van der Elst (over theorie en praktische toepassingen)
* Teksten uit de getoonde sheets tijdens het college.
* Informatie van de Vrije Academie: ‘Studiedag Stoïcisme: Van Aurelius tot Zeno

Beeld: Seneca (re): Maartje de Sonnaville (Filosofie Magazine)
Beeld Zakboekje: Mindsetters Beste boeken over stoïcisme van 2025. “Dit boek staat vol met wijze levenslessen van de Griekse stoic Epictetus, en is geschreven door zijn leerling. Het zakboekje geeft een prachtig beeld van het oude stoïcisme en brengt je terug in de tijd. Een must-read voor iedereen die geïnteresseerd is in deze filosofie.” (Jasper Voorn)
Beeld Marcus Aurelius: Hajo de Reiger (Filosofie Magazine)