God is niet verantwoordelijk voor het kwaad


God de schuld geven van het kwaad kan niet. De functie van God is om ons juist te verlossen van het kwaad. Het is een redeneerfout om aan God zulke eigenschappen toe te dichten dat we Hem verantwoordelijk kunnen houden voor het kwaad. ‘Wie een dergelijk beeld van God heeft, haalt de boel – de natuurlijke volgorde – door elkaar. Het is correct om te stellen dat God algoed is (en de wereld en de mens verdorven en slecht).’

Lachende theoloog Jan Riemersma stelt in zijn blogartikel God, Naturalisme en Menselijk Lijden dat God als oorzaak stellen van het kwaad fout is, ‘want men vervalt tot een cirkelredenering als men stelt dat God het lijden van de mens veroorzaakt heeft.’
Riemersma gaat in op het boek van Barbara King ‘Evolving God, A Provocative View on the origins of Religion’,  in de Nederlandse vertaling: ‘De spirituele aap. Waarom we in God geloven.’

De belangrijkste stelling van King is dat religie voortkomt uit ons vermogen tot empathie, het ‘meevoelen met onze soortgenoten’. – ‘Zeker,’ zegt Riemersma, ‘wij voelen met de ander mee, omdat we begrijpen dat er van het lijden een grote dreiging uitgaat. Zoals onze vriend daar op zijn stervensbed ligt, die voortdurend bloed hoest, zo zullen jij en ik aanstonds ook op ons stervensbed liggen. ‘Alle levende wezens zullen worden vernietigd: tot niets gemaakt worden. En we zitten er stilletjes bij te kijken. Mijn vriend, ik kan jou niet helpen. Vaarwel.’

Riemersma zegt dat we geen remedie hebben gevonden tegen het lijden. ‘De hedendaagse alchemisten, de geleerden, rekken onze levens met ettelijke jaren, een procedure die niet het lijden opheft, maar ons met duizenden tegelijk doorschuift naar andere, nieuwe vormen van lijden: we sterven niet aan kinkhoest en pokken, maar aan kanker en alzheimer. We kunnen vaststellen dat de wetenschap haar beloften (nog) niet heeft kunnen nakomen: het lijden als geheel is in al die jaren niet verminderd.’

Een van de reacties – van Gert Korthof – is dat het ‘verlossen van het kwaad’ kennelijk niet gelukt is. ‘Niet voor de slachtoffers van Hitler, Stalin, Mao, Pol Pot, Saddam Hussein, Pinochet, Ho Chi Minh en recentelijk de 3500 burger in Syrië. (De lijst is natuurlijk niet compleet.)’ Riemersma antwoordt hierop met te stellen dat het verlossen ‘natuurlijk bedoeld wordt na de dood. God is immers een bovennatuurlijk wezen?’

Voor Riemersma is het in ieder geval zo dat als we op de natuurlijke functie van religie letten, het dan in ieder geval klip en klaar is dat we aan God de eigenschap ‘al-goed’ mogen toeschrijven.

Zie: God, Naturalisme en Menselijk Lijden 

Illustr: De Schreeuw, 1893 –  http://munchexperts.com

Moderne breinboek niet veel meer dan nieuwe mythe


‘Besluit een baby in vrijheid dat hij wil drinken? Besluit een boos iemand in vrijheid dat hij zich wil wreken? Besluit een lafaard dat hij wil vluchten? Besluit een kletskous dat hij wat wil zeggen, terwijl hij zijn praatzucht niet kan bedwingen?’ Dick Swaab citeert hier Spinoza. Karaktereigenschappen en gedrag liggen bij de geboorte nu eenmaal vast, is dan Swaabs conclusie. Ook al wil Swaab ons dit doen geloven, het is geen conclusie die door Spinoza wordt gedeeld.

Bovenstaande is te lezen in het uitgebreide artikel van Jan Derksen, getiteld: ‘Een mooie moderne mythe, een overzicht van de breinboekenhype’, in de Academische Boekengids van afgelopen oktober. ‘Even verderop in dezelfde stelling die Swaab (overigens niet erg letterlijk) citeert, betoogt Spinoza dat we door onze verlangens (de psychologie) worden gedreven en niet door de biologie, zoals Swaab en de meeste andere auteurs die hier aan bod komen denken.’

Derksen gaat er helaas verder weinig op in en stelt dat een ‘grondige studie van onder meer Spinoza de hersenenwetenschappers wel kan helpen de gebrekkige logica in veel van hun redeneringen te verbeteren’. Voor de rest vindt Derksen dat breinboeken zijn als ‘fast food, ze verteren snel en je verlangt meteen naar meer’.

Een boeiend artikel waar Derksen ook andere ‘breinboeken’ bespreekt, zoals onder meer De appel en de boom van René Kahn, hoogleraar psychiatrie te Utrecht; De mannelijke hersenen van Louann Brizendine en Passies van het brein van Margriet Sitskoorn.

Moderne mythe
Derksen: ‘Zowel in de meer wetenschappelijk georiënteerde boeken als in vele andere teksten, die in de Angelsaksische wereld intussen met ‘brain scams’ worden aangeduid, krijgen de hersenen de status van een moderne mythe: het brein als zetel, als basis en oorzaak van ziekten en achteruitgang van menselijk gedrag en beleven, van ons samenleven met anderen, van oorlog en vrede. Veel schuldgevoelens over egoïstische, agressieve en perverse wensen worden gerelativeerd. Elke hoop en verwachting richt zich nu op hersenonderzoek: zou het eindelijk lukken ons bestaan in een houdgreep te nemen? Alle psychologische en sociologische processen smelten weg, niet bestand tegen de overmacht van het moderne brein: ‘Wij zijn ons brein’. Onze psychologische en sociologische identiteit valt samen met of wordt gereduceerd tot de hersenen en wordt bevrijd van eigenheid, autonomie, psychologische en sociologische determinatie.’

Prof. dr. J.J.L. Derksen is als hoogleraar klinische psychologie werkzaam aan de Radboud Universiteit Nijmegen en aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij is tevens verbonden aan een eerstelijns psychotherapiepraktijk te Bemmel.

Zie: Een mooie moderne mythe, een overzicht van de breinboekenhype 

Illustr: vib.be 

Is het universum resultaat van een kosmisch ongeval?


‘De absurditeit van het leven zonder God is op zich geen bewijs dat God bestaat. Ze laat echter wel zien dat de vraag naar Gods bestaan de belangrijkste vraag is die een mens kan stellen. Niemand die de implicaties van het atheïsme werkelijk doorziet, kan zeggen dat het niet uitmaakt of God al dan niet bestaat.’ Dat zegt Dr. William Lane Craig, hoogleraar filosofie aan Talbot School of Theology in La Mirada, Californië.

‘Zonder God is het universum het resultaat van een kosmisch ongeval, een toevallige explosie. Het heeft geen reden van bestaan. (…) Bestaat God niet, dan is zowel de mens als het universum onvermijdelijk ten dode opgeschreven. De mens moet, net als alle andere biologische organismen, sterven. Zonder hoop op onsterfelijkheid gaat het menselijk leven enkel richting het graf. Het is slechts een vonk in de oneindige duisternis, een vonk die verschijnt, opgloeit en voor altijd wegsterft.’

Craig vraagt zich wat dit alles betekent en trekt als conclusie dat het leven zelf absurd wordt. ‘Dat het leven dat we nu hebben, zonder ultieme betekenis, waarde of doel is.’ In zijn artikel bekijkt hij deze begrippen nader. ‘Als ieder individu bij zijn sterven ophoudt te bestaan, welke betekenis valt er dan uiteindelijk aan zijn leven te geven? Als alles voor de vernietiging bestemd is, wat maakt het dan nog uit dat je iets hebt beïnvloed?’

Over de waarde zegt hij dat ‘iemand doden of iemand liefhebben moreel bezien gelijkwaardig is. Want in een universum zonder God bestaan goed en kwaad niet.’ Over het doel: ‘Als de dood met open armen aan het eind van het levensspoor staat, wat is dan het doel van het leven? Als God niet bestaat, dan verschilt het leven van de mens niet kwalitatief van dat van een dier.

Zie: Als God niet bestaat, is het leven zinloos

Foto: NASA.

Nieuw Godsbewijs haalt de New York Times


Helaas voor God kan ik dat bewijs onmiddellijk weerleggen met behulp van het Metafysisch Beginsel (MB). Volgens de Lachende Theoloog heeft Emanuel Rutten een godsbewijs gepubliceerd op het Prosblogion. Hij heeft er zelfs (een vermelding in) de New York Times mee gehaald. Zijn argument berust eveneens op het Metafysisch Beginsel.

God bewezen? Dat riekt naar wetenschap, dat klinkt naar ‘weten’, maar God behoort toch het domein van ‘geloven’ toe? Hoe zit dat en is dit argument te volgen?
Het Metafysisch Beginsel zegt dat als het ‘niet mogelijk is om te weten dat P waar is, dat dan P noodzakelijk onwaar is’. ‘Laten we nu de uitspraak ‘God bestaat niet’ eens bekijken,’ redeneert de Lachende Theoloog en vervolgt: ‘Het is,’ zegt Rutten, ‘ten enenmale onmogelijk om te bepalen of God inderdaad niet bestaat…

…maar als je niet met zekerheid kunt vaststellen dat God niet bestaat, dan is de uitspraak: ‘God bestaat niet’ volgens MB zeer beslist onwaar!
En als we zeker weten dat de uitspraak ‘God bestaat niet’ onwaar is, dan weten we eigenlijk zeker dat de uitspraak ‘God bestaat’ waar is (kwestie van logica: dit is een invuloefening).’

Ja, het is heel simpel eigenlijk. Wat wil je bewijzen? Je vult naar keuze voor P in: ‘God bestaat niet’ of ‘God bestaat’. Ik beweer nu dat het ten enenmale onmogelijk is om te bepalen of God inderdaad bestaat. Maar als je niet met zekerheid kunt vaststellen dat God bestaat, dan is de uitspraak: ‘God bestaat’ volgens MB zeer beslist onwaar! En als we zeker weten dat de uitspraak ‘God bestaat’ onwaar is, dan weten we eigenlijk zeker dat de uitspraak ‘God bestaat niet’ waar is.
Weg godsbewijs!

Master of science in de wiskunde en master of arts in de wijsbegeerte Rutten beweert dat ‘de uitspraak ‘God bestaat niet’ onwaar is, en dat we dan eigenlijk zeker weten dat de uitspraak ‘God bestaat’ waar is.’ Deze uitspraak valt tegen mijn weerlegging dus weg.
Conclusie? We weten nog steeds niet of God bestaat. Het is inderdaad een invuloefening: het ligt er simpel aan wat je voor P invult.

Kom ik nu ook in de New York Times? Met de weerlegging van het godsbewijs? Voor mij is in ieder geval bewezen dat geloven veel gemakkelijker is dan weten(schap). En dat geloof de wetenschap beïnvloedt.

Zie: Het Godsbewijs van Rutten

U P DA T E  08.22 uur:

Helaas heeft de Lachende Theoloog zijn artikel verwijderd. Dit stond oorspronkelijk op zijn blog:

Het Godsbewijs van Rutten

Emanuel Rutten heeft een godsbewijs gepubliceerd op het Prosblogion. Hij heeft er zelfs (een vermelding in) de New York Times mee gehaald. Het is de moeite waard dit Godsbewijs te bestuderen.

Ik zal dit godsbewijs binnenkort bespreken, maar dan moet eerst de rook van de lopende discussie opgetrokken zijn.

Om toch een beetje hulp te bieden bij het lezen van de vaak technische commentaren, deze korte inleiding:

Het argument berust op het volgende Metafysisch Beginsel:

MB:= Als het niet mogelijk is om te weten dat P waar is, dan is P noodzakelijk onwaar.

Dit beginsel is ‘plausibel’. De waarheid van dit beginsel kan worden verdedigd als je begrijpt dat logici met ‘mogelijke werelden’ rekenen. Als het niet mogelijk is om de waarheid van P vast te stellen, dan is dat in geen enkele ‘wereld’ mogelijk. Voor ons komt het er op neer dat P nooit en te nimmer waar zal zijn: en ‘nooit en te nimmer’ is het zelfde als ‘noodzakelijk onwaar’.

Let wel: Rutten hoeft MB niet te verdedigen. Hij gebruikt MB slechts, het is de polsstok waarmee hij over het water springt. Bedenk: het gaat om de sprong en niet om de polsstok.

Laten we nu de uitspraak ‘God bestaat niet’ eens bekijken. Het is, zegt Rutten, ten enenmale onmogelijk om te bepalen of God inderdaad niet bestaat. Maar als je niet met zekerheid kunt vaststellen dat God niet bestaat, dan is de uitspraak: ‘God bestaat niet’ volgens MB zeer beslist onwaar! En als we zeker weten dat de uitspraak ‘God bestaat niet’ onwaar is, dan weten we eigenlijk zeker dat de uitspraak ‘God bestaat’ waar is (kwestie van logica: dit is een invuloefening).

Zie: Prosblogion

Occupy Wall Street – ‘Vrijheid kent geen logische verbeelding’


Blogger Simone van Saarloos maakte voor Filosofie Magazine een (video)reportage van een dag Occupy Wall Street. ‘Dit is zelfs ontroerend voor een twintiger als ik die de eenstemmige moderne media gewend is. De stem van de massa brengt hier werkelijk wat voort.’ Op de website is een uitgebreid verslag te vinden met foto’s onder de fraaie titel De macht van geen idee – een verslag van een dag Occupy Wall Street.

Van Saarloos lardeert haar verslag met uitspraken van de politieke filosoof Hannah Arendt (1906 – 1975) en verwijst naar haar boek: What is Freedom? waarin Arendt onder meer zegt: ‘Vrijheid kent geen logische verbeelding. Wat er gaat gebeuren is onvoorspelbaar en juist die spontaniteit is vrijheid.’

Arendt beschrijft deze onmacht van verschillende meningen en verlangens in haar What is Freedom? als een modern fenomeen,’ zo vertelt Van Saarloos. ‘De Oude Grieken beschouwden vrijheid puur als politiek handelen. Het idee van een individuele wil die het goede handelen in de weg staat, was hun onbekend. Wanneer passies eenmaal overwonnen werden door de rede, wisten de Grieken wat goed was en handelden ze er ook naar. Inmiddels accepteren we het steigeren van de wil: ‘ik wil’ en ‘ik kan’ komen niet altijd overeen. Zeker voor veel Amerikanen is er sprake van een groot gat tussen wat ze graag willen bereiken en wat (financieel) mogelijk is. De American Dream is lang niet meer wat het geweest is.’

Zie: De macht van geen idee – een verslag van een dag Occupy Wall Street

Foto: Filosofie Magazine