Maarten van Buuren en de ‘denkdingen’ van Spinoza

Filosoferen met Maarten van Buuren over Spinoza. De filosoof is vol van die andere filosoof uit de 17e eeuw en wil nog veel meer van hem weten dan hij al in zijn boek Spinoza, Vijf wegen naar de vrijheid laat zien. Zo’n zestig leden van studentenvereniging Suster Bertken van de Open Universiteit Utrecht luisterden afgelopen donderdag dan ook aandachtig naar de geestdriftige spraakwaterval van de spreker. Over ‘denkdingen’ en de werkelijkheid.

‘In een vrij staatsbestel is ieder vrij
om te denken wat hij wil
en te zeggen wat hij denkt’
(Spinoza)

Spinoza is volgens Van Buuren ‘hot’, ‘in’ en ‘actueel’. Er wordt veel over de ‘filosoof onder de filosofen’ geschreven, ook romans. Bij Spinoza kom je dingen te weten over zelfbeschikking, macht, intuïtie, meningsuiting en vrijheid. Van Buuren is benieuwd naar wat hij nog meer zal leren van Spinoza. Zo verdiept hij zich, geïnspireerd door Spinoza, verder in de Stoa, de stoïcijnse filosofen Seneca en Epictetus. Van Buuren is bezig met een constante inhaalslag, zoals hij zegt.

Van Buuren wijst op het woord en in de uitspraak van Spinoza en benadrukt het enorme verschil tussen denken en zeggen. Denken moeten we kritisch doen, zegt Spinoza: we moeten het niet maar een beetje doen en kritiekloos onze impulsen volgen, anders worden we slechts geleid door passies. Je kunt met behulp van de rede tot de waarheid komen, bij je zelf komen.

Denken kan je wat je maar wil, maar iets zeggen is wezenlijk anders. Over de buren kan je van alles denken, maar van alles over ze zeggen is een ander ding. En zo ligt de grens van vrijheid van meningsuiting bij tweedracht zaaien, bedreiging en geweld. De opvattingen van Spinoza, zo leert Van Buuren, zijn zo terug te vinden in onze rechtspraak: Spinoza was van wezenlijke invloed.

Er zijn denkdingen en werkelijke dingen. Volgens Spinoza bestaan Licht en Leven. Duisternis niet, dat is een denkding. Witte dingen bestaan. Witheid niet. Wilshandelingen bestaan. De Wil niet. Impulsen bestaan. Liefde en Haat niet. Het Lichaam bestaat. Geest of Ziel niet. Duisternis is het ontbreken van licht, dood het ontbreken van leven. Ons gedrag wordt bepaald door wilsimpulsen waarmee mensen hun hele dag, rennend en vliegend, vullen. We denken een Wil te hebben als we koffie gaan zetten, maar de Wil is een denkding: het bestaat niet.

‘Denken is de weg naar geluk en zaligheid’
(Spinoza)

Volgens Spinoza is er alleen materie en snappen we nog niet voor de helft hoe mooi en geniaal materie in elkaar zit. Er is alleen materie, alleen natuur. Daar moeten we over nadenken en geen mythes over verzinnen. En die natuur = substantie = God.

vanBuuren

We zijn volgens Spinoza van de Natuursituatie overgegaan naar de Samenleving. In de Natuursituatie is alles toegestaan. Natuurrecht: er is geen goed of kwaad, geen misdaad, geen verschil tussen mens en dier. Maar de natuurrechten werden overgedragen naar de Samenleving die onderlinge afspraken maakte om het leven enigszins te ordenen. Maar het natuurrecht duurt voort en dat zie je aan hoe goederen in de wereld (slecht) worden verdeeld. Het Samenlevingsrecht corrigeert de ernstigste uitwassen.

‘Spinoza bracht een revolutie teweeg in het denken over God, de mens en de plaats van de mens in de wereld. Een revolutie zo radicaal dat de consequenties ervan nog altijd niet goed zijn doorgedrongen. Spinoza toont vijf wegen naar de vrijheid: zelfbeschikking, de immanentie van God, de wil tot macht, intuïtie als hoogste vorm van kennis en ‘eendracht maakt macht’.’
(Van Buuren)

Kennis heeft drie niveaus volgens de kennistheorie van Spinoza. Waarneming, rede en intuïtie. Waarneming is inadequaat, verward, geleid door passies. De rede is adequaat: die corrigeert passies. De waarheid kennen we intuïtief, maar moet zichtbaar gemaakt worden door de rede, anders wordt de intuïtie overstemd door drogredenen.

‘Veel commentatoren hebben Spinoza’s denken veroordeeld of er de radicaliteit van afgezwakt. Spinoza biedt hun daar de gelegenheid toe. Hij gebruikt standaardtermen van de toenmalige filosofie/theologie, maar hij verschuift de betekenis ervan zo ingrijpend dat ze een andere en vaak aan de oorspronkelijke betekenis tegengestelde betekenis krijgen. Nogal logisch dat de lezer het spoor bijster raakt en teruggrijpt naar de traditionele betekenis van de sleuteltermen op plaatsen waar Spinoza juist het tegendeel bedoelt.’
(Van Buuren)

Bovenstaande is een summiere samenvatting van wat Van Buuren bij vlagen ook nog eens geestig vertelde. Het is niet allemaal (samen) te vatten. Dat laatste soms letterlijk, want Spinoza is moeilijk uit te leggen, al deed Van Buuren zijn best Spinoza toegankelijker te maken. Spinoza. Vijf wegen naar de vrijheid lijkt me een aanrader na dit enthousiaste, gloedvolle betoog van Van Buuren. We zullen zeker meer van hem horen.

Spinoza, Vijf wegen naar de vrijheid | Maarten van Buuren | maart 2016 | Ambo|Anthos | € 19,99 | E-book: € 12,99 | 

Spinoza is even ingewikkeld als beroemd. Zijn Ethica geldt als onleesbaar. In Spinoza, filosoof van de vrijheid werpt Maarten van Buuren een verhelderend licht op Spinoza’s moeilijk doordringbare filosofie. Hij toont de vijf pijlers waarop Spinoza’s denken berust: streven naar zelfbeschikking, ontplooiing van macht, volgen van de intuïtie, samenwerking met anderen en vooral streven naar vrijheid. In deze oproep schuilt zijn blijvende actualiteit. Van Buuren plaatst Spinoza op toegankelijke wijze tussen filosofen die grote invloed hadden op zijn denken zoals Descartes, Hobbes en Hugo de Groot. Hij laat zien wat de kern is van Spinoza’s ethiek: bevrijding van bevoogding en het streven om in overeenstemming te leven met de wereld en met zichzelf. Alleen dan kan de mens gelukkig worden. (Ambo|Anthos)

‘Van Buurens Spinoza is niet het eerste boek dat een overzicht geeft van Spinoza’s denken, maar wel het eerste dat zoveel nuttig werk maakt van het verhelderen van de sleuteltermen die bij Spinoza zo’n verwarrende rol spelen.’
(Carl Peeters in VN

Foto: Maarten van Buuren bij de Open Universiteit Utrecht (PD)
Updates 15 03 2024 / 09 04 2025: Layout

‘Evolutie is een doelgericht proces’

Gorilla.pixabay


‘Hoe is het mogelijk dat de natuur – zonder hulp van bovenaf – zulke prachtige en nogal ingewikkelde levende bouwwerkjes kan maken?’ Dit vroeg filosofiedocent Jan-Auke Riemersma zich gisteren af in zijn blog Evolutie is doelgericht. Hij concludeert uiteindelijk dat evolutie inderdaad kan worden beschouwd als een doelgericht proces.

Sterker: juist wie evolutie beschouwt als een doelgericht proces is in staat om te verklaren waarom de natuur opereert als een ‘logicus’ uit wiens hand de mooiste ontwerpen ontstaan.’

Riemersma gaat nog verder en concludeert dat je evolutie kunt beschouwen als een proces dat verenigbaar is met de gedachte dat er een God bestaat. De filosoof beschouwt evolutie als een doelgericht proces en het doel van levende bouwwerkjes is om zich voort te planten. Riemersma komt zelfs bij het christendom uit.

Het is daarom mogelijk om het christendom in dit opzicht te beschouwen als een – gegeven het wetenschappelijk wereldbeeld – ‘adequate’ religie.’

Marcel Sarot, decaan van de Faculteit Katholieke Theologie van de Universiteit van Tilburg en hoogleraar fundamentele theologie, verwees eind vorig jaar naar predikant Carel ter Linden, voor wie het aanvaarden van de evolutietheorie juist betekent dat ons geloof in een goede Schepper moet wijken.

Zó veel lijden zonder zin: het lijkt niet met het bestaan van een goede God te rijmen. Ter Linden trekt de consequentie en concludeert dat die goede Schepper dan niet bestaat. Het lijkt een moedige stap: als blijkt dat je geloof onwaar is, dan moet je er niet tegen beter weten in aan vasthouden, maar de feiten onder ogen zien en het opgeven.’

2pc-s


S
arot stelt als reactie hierop dat Ter Linden ook de vraag had kunnen stellen of de theologische theorie van de geleide evolutie wel een goede theorie is in plaats van te concluderen dat God niet bestaat.

Als het evolutieproces een van de manieren is waarop God in deze werkelijkheid handelt, dan hebben wij te maken met een God voor wie het doel de middelen heiligt, een God die met een groot cynisme en zonder oog voor het leed dat Hij veroorzaakt de schepping naar Zijn einddoel leidt.’

Uit de openbaring kent hij deze God niet en vindt dat de toeschrijving van het evolutieproces aan de God van het christendom in de krachtigste termen moet worden afgewezen.

Een dergelijke toeschrijving is een overblijfsel van een primitief heidendom, dat de willekeur van de schikgoden verantwoordelijk houdt voor alles wat gebeurt. Kortom, met de oude Ter Linden wijs ik de identificatie van het evolutieproces met het handelen van een goede God af.’

Sarot wijst hiermee niet de gedachte van een in de schepping handelende God af en maakt een scherp onderscheid tussen het scheppingsgeloof dat God verantwoordelijk houdt voor het geheel en de overtuiging dat God verantwoordelijk is voor allerlei specifieke gebeurtenissen en processen in de schepping. Hij vindt dat laatste vaak niet het geval.

Je zou het kunnen vergelijken met een ouder: die is wel verantwoordelijk voor het ontstaan van zijn kinderen, maar niet voor alles wat in het leven van die kinderen gebeurt. Het evolutieproces is een proces in de schepping, geen deel van het scheppen zelf.’

Zie:
* Evolutie is doelgericht (Jan-Auke Riemersma)
* Evolutie en de goede Schepper (Marcel Sarot)

Foto: Pixabay
Cartoon: users.skynet.be

‘Zwijg dus, en klets niet over God’

thomasvanaquino
Er was weer een debat over God. Met Philipse & Rutten. Zinvol? De Italiaanse filosoof en theoloog Thomas van Aquino was een vertegenwoordiger van de theologische stroming die er grote nadruk op legde dat God een geheim is dat ons ver te boven gaat en dat wij nooit in de greep krijgen. Aldus Jozef Wissink, emeritus-hoogleraar praktische theologie van de Universiteit van Tilburg op de publieksite de Bezieling. ‘Thomas wilde God steeds beter leren niet-kennen’.

Over God weten we met name, wat Hij niet is. Dat komt omdat God de Schepper is van alles. Dat houdt in dat God niet zelf deel uitmaakt van de schepselwereld en dus anders van die wereld verschilt dan de schepselen van elkaar verschillen. Onze begrippen en woorden functioneren binnen ‘alles’ en zijn ontworpen om zicht te krijgen op de schepselen en hun onderlinge samenhang. Ze zijn dus niet zomaar geschikt om over God te denken en te spreken. Er is Thomas veel aan gelegen om in het denken dit geheim-karakter van God te eerbiedigen.’

Voor Van Aquino bleef God onuitputtelijk, niet te vatten, elke morgen nieuw, want hoe, zo dacht hij, zouden we een eeuwigheid toe kunnen met een God, die niet op deze wijze geheim zou zijn?

Dat betekent wel dat we nooit bezitters worden van God. Als we bidden tot ‘onze’ Vader, betekent dat eerder dat wij van Hem zijn dan dat Hij van ons is. Het betekent ook dat we alle beelden van God, die we ons telkens weer maken, ook steeds opnieuw moeten terugnemen, stuk slaan.’

Late-middeleeuwer mysticus Meister Eckhart, aangehaald door hoogleraar godsdienstfilosofie aan de VU, Henk Vroom (1945-2014), in Een waaier van visies, stelde dat God naamloos is omdat niemand iets van hem kan kennen.

Daarom zegt een heidense meester: wat wij van de eerste oorzaak kennen of uitzeggen, zijn we meer zelf dan dat het de eerste oorzaak zou zijn, want die is boven ieders uitzeggen en verstaan verheven.’

Eckhart op zijn beurt haalde Augustinus aan die zei dat het schoonste wat een mens over God kan zeggen hierin bestaat dat hij uit wijsheid van innerlijke rijkdom kan zwijgen.

Zwijg dus en klets niet over God, want doordat je je mond vol hebt van hem, lieg je en doe je zonde. Maar wil je zonder zonde zijn en volkomen, klets dan niet over God! Ook moet je God niet willen kennen, want God is boven alle kennen verheven.’

Filosofen Emanuel Rutten en Herman Philipse ‘kletsten’ toch en filosoof Jan-Auke Riemersma spoedde zich 14 april naar hun debat over God bij de Katholieke Studentenvereniging Utrecht. Hij botste tegen beslisbomen, het kosmologisch argument en finetuning. Als God bestaat, zegt Riemersma, waarom kunnen we dat dan niet gemakkelijk ontdekken of zien? De hele oefening maakt de indruk dat iemand ons iets wil laten geloven, niet dat iemand ons de waarheid uit de doeken doet.

Het mag dan zo zijn dat ’t bewijs voor het bestaan van God nog nooit zo goed in de verf gezeten heeft als de laatste jaren, veel effect sorteert ’t niet. De mensen, ’t publiek dat alles zwijgend aanhoort, stemt met de voeten: feit is dat de bewijzen voor God niet ernstig worden genomen en dat het geloof in het bestaan van God in hoog tempo afkalft. Om een of andere reden doen de argumenten voor het bestaan van God hun werk niet. Vermoedelijk omdat ze onverhoopt toch teveel mankementen hebben. Een andere verklaring is er niet.’

Terug naar Eckhart. Want God blijkt zo nabij! Filosofe Welmoed Vlieger zegt dat er iets bijzonders is – met de mystieke eenwording – bij Eckhart, namelijk dat deze onmogelijk door een mens gevonden of bereikt kan worden om de eenvoudige reden dat God en mens in de kern nooit van elkaar gescheiden zijn geweest en ook nooit zullen zijn.

God is zo ontzaglijk nabij, dat de mens, in zijn diepste grond of wezen, zelfs volledig met hem samenvalt. Eckharts mystiek draait dus niet zozeer om eenwording (in de zin van ‘vereniging’ van wat daarvoor nog gescheiden was) maar om eenheid, oftewel: om wat ís. En hier blinkt Eckhart uit in eenvoud: we hoeven helemaal nergens naartoe, er valt niets te bereiken, want we zijn er al. En je kunt nu eenmaal niet bereiken wat er al is.’

We zijn er al! 😉

Zie:
Geloof als inzicht
Een waaier van visies
Philipse en Rutten debatteren over God
* Leven zonder waarom – eenvoud bij Meister Eckhart

Illustr: Gebed van Thomas van Aquino: ‘Grant me, O Lord my God, a mind to know you, a heart to seek you, wisdom to find you, conduct pleasing to you, faithful perseverance in waiting for you, and a hope of finally embracing you. Amen.’  (sphotos-b.xx.fbcdn.net (Pinterest – Lorie Holtmeier)

‘Overeenkomsten neoliberale ideologie met moslimfundamentalisme’

The American Dream, Salvador Dali UITGELICHT: De mens heeft onzichtbare en niet meetbare emotionele behoeftes die onderkend en beleden moeten worden om de geest gezond te houden. ‘De visie op de mens met zijn emotionele en dus immateriële behoeftes wordt in onze materialistische, door toetsen, testen, statistieken en breinonderzoeken geobsedeerde maatschappij in het beste geval genegeerd en in het ergste geval als achterlijk weggezet.’ – Dit zegt schrijfster Sana Valiulina in de NRC over de moraalvrije ideologie die de mens tot een louter rationeel wezen heeft gereduceerd.

‘Nu religie samen met Maria van de eeuwigdurende bijstand is weggevallen, blijven de grote vragen voor de meeste mensen onbeantwoord. Evenmin kunnen ze worden beantwoord door de nieuwe technologieën, laat staan door plat amusement.’

Complexe menselijke conditie
Maar die vragen ontstaan vanuit de diepste emotionele behoeften van de mens, vanuit zijn donkere, irrationele kanten. Valiulina stelt nu dat die donkere kanten door het neoliberalisme worden ontkend en genegeerd.

‘Het lijkt alsof die predikers nooit een behoorlijk boek hebben gelezen waarin de complexe menselijke conditie uiteen wordt gezet.’


Sana Valiulina

Mens meer dan economische eenheid
Het neoliberalisme moet volgens Valiulina ook niets van kunst en literatuur hebben omdat deze zich bezighouden met die donkere, onvoorspelbare kanten en laten zien dat de mens meer is dan alleen een economische eenheid, gedreven door zijn maag en libido, of, zoals het nationalisme ons wil doen geloven, door de angst en achterdocht naar de ander.

‘In haar afkeer voor kunst en literatuur vertoont de neoliberale ideologie interessante overeenkomsten met uitgerekend het moslimfundamentalisme. Dat immers, keurt ook alle uitingen van de menselijke ziel, zoals muziek, dans en poëzie, kortom alles wat niet in de pas loopt met die enige grote waarheid, af of verbiedt het.’


Historicus, cultuurfilosoof en antropoloog
Johan Huizinga (1872 – 1945)

Johan Huizinga
Valiulina stelt ook dat de humaniora, de zogenaamde menswetenschappen, een steeds kleinere rol krijgen toebedeeld in onze kennismaatschappij. Zij verwijst naar de Leidse professor (historicus) Johan Huizinga die in In de schaduwen van morgen al in 1935 stelde dat ethiek, het domein van de geesteswetenschappen, hopeloos bij de techniek was achtergebleven en in razend tempo veel van zijn glans verloor in het licht van de nieuwe, krachtige ideologieën.

‘Wat ons nekt, is de ondraaglijke platheid van het bestaan, gepredikt door de ideologen van eigen bodem.’

Zie: Ach toe, mag het bestaan iets minder plat? (NRC, 9 april 2016)

Beeld: The American Dream, Salvador Dali (Pinterest)

Sana Valiulina (Tallinn, 1964) studeerde in Moskou Noorse taal- en letterkunde en woont sinds 1989 in Amsterdam. Ze schreef eerder Het kruis (2000), Vanuit nergens met liefde (2002), Didar en Faroek (2006, nominatie Libris Literatuurprijs), Honderd jaar gezelligheid (2010) en Kinderen van Brezjnev (2015)
Update februari 2026: Lay-out, beeld Huizinga, foto Valiulina: Frank Ruiter, 2022 / NPOradio1

Markus Gabriel, wetenschappers en ‘achterlijke religieuzen’


Het Westen,’ zegt hoogleraar kennistheorie Markus Gabriel, ‘maakt een pathologische denkfout. We zien onszelf als een wetenschappelijk en technologisch ontwikkelde gemeenschap die afstand heeft gedaan van religie. De Ander beschouwen we dientengevolge als een stelletje achterlijke religieuzen.’ De Volkskrant sprak met hem over zijn net verschenen boek Waarom we vrij zijn als we denken – filosofie van de geest voor de eenentwintigste eeuw. 

‘Zolang we religie vooral als bijgeloof zien en menen dat wij verder ontwikkeld zijn omdat we een wetenschappelijk wereldbeeld hebben, zijn wij echt degenen die blind zijn’

‘Dat God vanuit nergens alles kan overzien, dat wisten we natuurlijk al, maar dat wetenschappers hetzelfde proberen te doen, beseffen helaas minder mensen.’

Het wetenschappelijk wereldbeeld wil ons doen geloven dat de geest niet bestaat, dat alles materie is, dat we geen vrije wil hebben en uiteindelijk halen ze daarmee de menselijke waardigheid onderuit, stelt Gabriel. – En dat doet het…

‘…door ons te reduceren tot een ding. Neem Darwinitis. Dat is een wijdverbreid fenomeen. Het is een poging een verschijnsel dat zich nu voordoet te verklaren door een verhaal te bedenken over premenselijke dieren. Stel, ik hou vooral van de blauwe periode van Picasso en niet zo van de rode. Dan zou ik het volgende kunnen beweren. Een miljoen jaar geleden was er iemand, van wie ik toevallig afstam, en die had een serieus probleem met een rode leeuw. Vanaf dat moment haten de Gabriels rood.’ 

De wereld bestaat uit meer dan materie, er zijn ook mogelijkheden en concepten en droombeelden. Aldus Gabriel op een TedX-bijeenkomst in München, nu twee jaar geleden, waar hij in achttien minuten zijn filosofie uitlegde, en verklaarde waarom de wereld niet bestaat en witte wonderpaarden wel. Om recht te doen aan alles wat bestaat, moeten we af van de gedachte dat er één wereldbeeld is dat alles verklaart. De wereld is niet de som van de natuurwetten en evenmin een schepping, zei hij in Vrij Nederland.

Religie hebben wij volgens Gabriel – de ‘jonge god van de Duitse filosofie’ – nodig als corrigerende factor. Niet omdat God bestaat, maar omdat religie een bepaalde vorm van denken met zich meebrengt die we niet mogen vergeten. De wereld willen vatten in één enkele formule komt volgens Gabriel voort uit angst, uit de wil om grip te krijgen op iets dat oneindig gefragmenteerd en in zichzelf gebroken is; er zijn geen uitspraken die algemeen geldig zijn.

‘De naturalisten, dat zijn types zoals Dick Swaab, die ons voorhouden dat we gedetermineerd zijn door de neurobiologische processen in ons brein, of dat we niet meer voorstellen dan een radertje in een mechanische wereld. De constructivisten, dat zijn de opvolgers van Immanuel Kant, die ons willen doen geloven dat niets is wat het lijkt en dat waarheid slechts een constructie is van het menselijk bewustzijn.’

Volgens de filosoof is het heel goed mogelijk om adequate kennis te hebben van de dingen die ons omgeven, alleen niet door alles te reduceren tot een hoop elementaire deeltjes. Gabriel staat wellicht mede daarom niet onwelwillend tegenover religie. Het natuurwetenschappelijke wereldbeeld vindt hij een ontoelaatbare versimpeling van de wereld waarin wij leven als je alles reduceert tot een berg elementaire deeltjes.

‘Het Zwarte Woud bestaat dankzij een onverklaarbare toevalstreffer van het universum, maar als je zo over de beboste hellingen uitkijkt, denk je niet alleen aan de geologische processen die het hebben gevormd. Je kan het zien als inkomstenbron wanneer je het hout verkoopt, als habitat van de dieren die er leven of je kan er een frisse neus halen. Als je wilt begrijpen wat zien inhoudt, is het eenzijdig om alleen de zenuwen te onderzoeken die ons brein met onze ogen verbinden. Het bekijken van een schilderij van Monet kan ook veelzeggend zijn. Je hebt verschillende perspectieven nodig.’

Gabriel heeft vaak het gevoel ergens toe op aarde te zijn en zegt dat de bron van het gevoel dat wij ergens voor bestaan ’m daarin zit dat we met andere mensen samenleven.

‘De bron van de zin van ons eigen leven zijn de mensen, de anderen. Niet goden of het lot. De anderen en niets buiten de mens.’

Bronnen:
* ‘Terwijl wij feestten maakten zij wapens’ (de Volkskrant 26 maart 2016)
* ‘Je moet zo veel mogelijk goeds bereiken’
(VN 8 april 2014)

Waarom we vrij zijn als we denken | ISBN 9789089538727 | Paperback | 304 p. | 2016 | 1e druk | Boom

‘Wij zijn door en door vrij, juist omdat we levende wezens met een geest zijn. Dat betekent echter niet dat we daarom niet gewoon tot het dierenrijk behoren. Wij zijn noch genenkopieermachines waarin een stel hersenen is geplaatst, noch engelen die in een lichaam zijn verdwaald, maar werkelijk de vrije levende wezens met een geest die we al duizenden jaren denken te zijn en die ook in politiek opzicht voor hun vrijheid opkomen.’
– In Waarom we vrij zijn als we denken gaat Markus Gabriel op zoek naar onze persoonlijke identiteit. Welke eenheid verbergt zich achter onze zintuiglijke indrukken, emoties en ideeën? Volgens Gabriel is ons handelen niet te herleiden tot neurale processen, maar ook niet tot een goddelijke orde of een andere vorm van ideologie. Gabriel neemt ons mee op een verrassende reis waarin we onszelf eindelijk leren kennen. (Uitgeverij Boom)

Update 10-02-2025 (Lay-out, herstel links)