Een maatschappij waar veroudering er niet mag zijn

Dat is een dubbel probleem voor ‘de grijze duiven met dementie’, zegt psycholoog Ad Bergsma. Hoewel volgens Alzheimerverenigingen geestelijk verval geen onderdeel mag zijn van veroudering, werpt dit zijn schaduw vooruit. The European Journal of Aging stelt dat 40% van de mensen van middelbare leeftijd bang is straks de controle te verliezen. Het zenboeddhisme klinkt hoopvol en gaat ervan uit dat we niet minder menselijk worden, en evenmin worden onze subjectieve ervaringen minder belangrijk.

‘Als we een gelukkig moment beleven, is het emotioneel net zo rijk als eerder in ons leven toen we nog ‘gewoon’ waren’
(Psychogerontoloog Huub Buijssen)

‘Het hart wordt niet dement’
De wetenschappelijke beschrijving van dementie stelt verliezen centraal. Dat beïnvloedt onze beleving: een wetenschappelijke definitie kan iets ondraaglijk maken wat in zichzelf al erg is’. Het mooie idee dat hier tegenover wordt gesteld, dat ‘het hart niet dement wordt’, komt van de Nederlandse psychogerontoloog Huub Buijssen.

‘Bij dementie verslechteren de denkende delen van de hersenen veel erger dan de emotionele delen. Als we een gelukkig moment beleven, is het emotioneel net zo rijk als eerder in ons leven toen we nog ‘gewoon’ waren.’
(Huub Buijssen)

Zenboeddhisme
De filosofie van het zenboeddhisme laat zo meer ruimte voor het goede dat behouden blijft, stelt Bergsma. De Dalai Lama schreef er zelfhulpboeken over. ‘Waar wetenschappers zich richten op het oplossen van wat er niet zou moeten zijn’, stellen boeddhisten het lijden echter voor als iets dat onvermijdelijk op je pad komt: ‘Leer leven met ellende’, zo klinkt hun motto.’

‘De “nobele waarheid” is dat het “leven lijden is”.’
(De Dalai Lama)

Terugkeren tot de kern
Bergsma stelt dat het streven naar perfecte gezondheid voort kan komen uit een preoccupatie met ziekte en verval. Bij het denken over dementie is het daarom zaak de verliezen te bezien in relatie met wat behouden blijft. Hij vertelt over de Amerikaanse meditatieleraar Doug McGill die de langzame aftakeling van zijn moeder beschrijft. Niet de verliezen staan centraal, maar het terugkeren tot de kern.

‘Terwijl zij de ene na de andere lichamelijke en mentale vaardigheid verloor, werd ze voor mij meer en meer de persoon die zij in essentie altijd al was. Haar glimlach is in de loop van vijftien jaar meer spontaan en oprecht geworden. Haar lach – en ze lacht nog vaak – is zachter geworden en lichthartig, zonder een spoor van ironie, nostalgie of spijt. Haar blik is meer open en verlangend en haar liefde pijnlijk puur en direct.’
(Doug McGill)

Verbondenheid in liefde
In Onze laatste jaren van vreugde en verdriet vertelt de boeddhistische lerares Olivia Ames Hoblitzelle de laatste levensjaren van haar dementerende partner Hob. Dementie beschrijft ze onomwonden als een wreed proces. Toch ziet zij het ziekteproces van haar man ook als een mogelijkheid om te ervaren wat er het meest toe doet in het leven: de verbondenheid in liefde en momenten van geluk. Wakker worden is voor Hob wel heel moeilijk.

‘Toen ik vijf minuten geleden wakker werd, wist ik niet waar ik was… waar iedereen was… waar jij was… Ik wist niet wie ik was… Ik ben uit de gewone tijd gevallen… Het kan best zijn dat ik tweehonderd jaar heb geslapen… Ik heb helemaal geen besef van kloktijd als ik zo gedesoriënteerd ben als nu…’.’
(Uit: Onze laatste jaren van vreugde en verdriet, Olivia Ames Hoblitzelle)

Positievere benadering
In het voorwoord van Onze laatste jaren van vreugde en verdriet concludeert de Dalai Lama:

‘We kunnen weinig veranderen aan het ouder-worden of Alzheimer, maar zoals Hoblitzelle laat zien, kan het accepteren van onze toestand op de lange duur een veel positievere benadering zijn.’
(De Dalai Lama)

Paniek
Psychogerontoloog Buijssen bezocht begin deze eeuw een opera, vertelt Bergsma, toen hij plotseling besefte dat hij zich twee namen niet meer kon herinneren. ‘Paniek maakte zich van hem meester. Hij hoorde niets meer van de muziek, maar kon alleen maar denken dat hij op het punt stond dementie te krijgen, net als zijn beide ouders. Bijna twintig jaar later functioneert Buijssen nog steeds op hoog niveau, maar de gedachte aan een toekomst met dementie maakt hem minder bang dan vroeger.’

‘Als deze ziekte mij inhaalt, hoop ik zo snel mogelijk weer te worden wie ik was in mijn vroegste jeugd. Volgens haar vaak herhaalde verhalen was ik de kleuter die elke moeder zich wenst: zelden humeurig, lastig of opstandig en in het piepkleine wereldje van de box helemaal tevreden met zichzelf. Als ik deze periode nog een keer mag overdoen, dan zal het staartje van mijn leven toch een heel gelukkige tijd zijn.’
(Huub Buijssen)

Bronnen:
Zen in het aangezicht van dementie
(Volzin, 21 oktober 2025, Ad Bergsma)

Onze laatste jaren van verdriet – mindful omgaan met Alzheimer | VBK Media | Broese boekverkopers Utrecht
Alzheimer Nederland

Beeld: Le courrier des maires / Adobe
Foto vergeetmijnietje sleutel: Alzheimer Nederland
Foto: Magazine Kijk / Unsplash/Pixabay

‘Jeruzalem ligt niet in Israël’

Voor zijn zoontje Sam schreef Willem Wilmink: ‘Ook waar men ‘t groot verdriet herdenkt, dat snap je later wel, ook daar, Sam, ligt Jeruzalem. Maar niet in Israël’. Het zijn de slotregels van zijn gedicht Waar ligt Jeruzalem? Twee jaar later, in 2002, maakte Herman van Veen er een lied van. – Volgens oud-hoogleraar wijsbegeerte Koo van der Wal hebben de kerk en het westen geen band met het reëel bestaande Jeruzalem en Israël. Wel met het ideële Jeruzalem en Israël.

‘De kerk en het westen hebben geen band met het reëel bestaande Jeruzalem en Israël. Wel met het ideële Jeruzalem en Israël
(Koo van der Wal)

Israëlische en Palestijnse moeders
Zoals het ideële Israël ‘van het schooltje in Jeruzalem dat Israëlische en Palestijnse moeders, lang geleden al, gesticht hebben met het idee: als we bij de vier- en vijfjarigen beginnen, dan kunnen ze het later ook: samenleven’.

Waar ligt Jeruzalem?

Mijn kleinzoon vroeg me op een dag
toen ik wandelde met hem:
‘Opa, vertel me alstublieft,
waar ligt Jeruzalem?’


‘Waar’, zei ik, ‘ergens in een sjoel
met diep ontroerde stem
het Kol Nidrei gezongen wordt,
daar ligt Jeruzalem.


Waar het gezin dat sjabbes viert,
in Bonn of Nottingham,
zijn kippensoep in vrede eet,
daar ligt Jeruzalem.


Ook waar men `t groot verdriet herdenkt,
dat snap je later wel,
ook daar, Sam, ligt Jeruzalem.
Maar niet in Israël’.

(‘Sam Wilmink kwam in november 2000 ter wereld. Nog voor hij kon lopen en praten schreef Willem Wilmink het gedicht Waar ligt Jeruzalem?, waarin hij het ventje wandelend en sprekend opvoerde.’
(Uit: In de man zit nog een jongen: Willem Wilmink – de biografie door Elsbeth Etty – 2019)

De nieuwe werkelijkheid in Israël en de Palestijnse gebieden
Correspondent Tel Aviv en Oost-Jeruzalem (2014-2017) voor NRC, Derk Walters, publiceerde in 2018 Israël zegt geen sorry meer, over de nieuwe werkelijkheid in Israël en de Palestijnse gebieden. Walters zag een op het seculiere socialisme geschoeide staat veranderen: ‘Nu zijn de krachten rechtser en religieuzer, nationalistischer en traditioneler dan het Israël dat velen, ook in Nederland, voor ogen hebben’. – Door zijn kritische berichtgeving werd in juli 2017 door de Israëlische autoriteiten zijn werkvergunning ontzegd.

Israël schaamt zich ook niet langer voor de bezetting, maar zegt het nu openlijk: de Westelijke Jordaanoever behoort ons toe. In toenemende mate worden tegenstanders van de machthebbers niet langer als gewone opponenten gezien, maar als dissidenten of landverraders die monddood gemaakt moeten worden.’
(Uit: Israël zegt geen sorry meer, 2018, Derk Walters)

Onverzettelijke Netanyahu
Dat samenleven, waarop de Israëlische en Palestijnse moeders hoopten, is waarschijnlijk gelukt bij veel mensen in Israël. Helaas heeft de politiek daar geen boodschap aan. Nu het echt oorlog is, is ook dat vreedzaam samenleven verwoest. De onverzettelijke Netanyahu heeft zijn zin: vrede heeft hij voorgoed onmogelijk gemaakt. Bewust, want hij koerst verder aan – en gaf dat toe, onlangs weer in een toespraak – op het ‘bevrijden’ van Israël van alle Palestijnen, niet alleen van Hamas. De Westoever treft inmiddels hetzelfde rampzalige lot als Gaza.

We hebben gewoon een heel sterk land nodig,’ luidt het verweer van Netanyahu die stelt dat hij ook [naast Gaza] de Westelijke Jordaanoever moet hebben om Israël te kunnen verdedigen.’
(Zie: ‘Israël van de rivier tot de zee’ – 2023)

Straft God zijn ‘uitverkoren volk’?
H
et – metaforisch bedoelde – ‘beloofde land’ maakt van Palestina letterlijk het ‘beroofde land’. Israël verdrijft sinds 1948 honderdduizenden Palestijnen. Dan kan je – als je de Talmoed erop naslaat – weten dat dit uiteindelijk als een dodelijke boemerang werkt. Politiek Israël gelooft niet in God en de Thora, durft het dan ook niet aan op de Eeuwige te vertrouwen. Laat staan dat het aanstuurt op vredig samenleven met de Palestijnen. De God van Abraham heeft het nakijken.
Politiek Israël heeft alle kansen hiervoor laten liggen. Het lijkt of de Eeuwige – nu Hij ziet dat Israël zich niet aan Zijn wetten en regels houdt – zijn ‘uitverkoren volk’ zal straffen. Want zo schijnt Hij volgens de Thora in elkaar te zitten. Israël krijgt wellicht een onverteerbare matse van eigen deeg.


Duizenden Israëlische en Palestijnse vrouwen wandelen voor vrede (2017)

Politiek maakt vrede onmogelijk
I
sraël had al decennia in vrede kunnen leven, velen daar werkten al vele jaren aan gerechtigheid en vrede, zoals Alex van Ligten in 2014 zei:

Ik denk: toch minstens óók in Israël, waar sjabbes wordt gevierd, ‘t groot verdriet herdacht, op de plaatsen waar recht en gerechtigheid hand in hand gaan met het verlangen naar en het werken aan vrede. Ik denk aan het schooltje in het hart van Jeruzalem dat Israëlische en Palestijnse moeders gesticht hebben met het idee: als we bij de vier- en vijfjarigen beginnen, dan kunnen ze het later ook: samenleven. Ik hoop dat dat schooltje er nog is.’
(Alex van Ligten, in: Toespraak in de Amsterdamse Studentenekklesia op 30 maart 2014)

‘Verbondenheid’ met Israël? Welk Israël?
K
oo van der Wal verwijst eveneens naar het gedicht van Wilmink:

De laatste regel is uiteraard dichterlijke overaccentuering om de gedachte te benadrukken dat het Jeruzalem waar het hier om gaat niet de geografische plaats in het Midden-Oosten is, maar een ideële grootheid die overal gestalte aanneemt waar diep doorleefd een religieus lied gezongen wordt, in vrede de meest alledaagse dingen gedaan worden of men in bezinning stil staat bij groot lijden in de wereld.’
(Koo van der Wal)

Van der Wal stelt in Volzin terecht de vraag over welk Israël we het hebben. Hij geeft commentaar op de idee dat het christendom ontstaan is uit het jodendom. En dat vandaar gesproken wordt over de onopgeefbare verbondenheid met het volk Israël. Maar, zo vraagt hij zich af, is dat een geldige gevolgtrekking, van de religie naar het volk daarvan?


Het heuveltje in de oude wijk van Jeruzalem beslaat nog geen halve vierkante kilometer, maar is van groot belang. Al millennia vechten joden, moslims en christenen om de Tempelberg, die ze allemaal als heilig beschouwen. Dit zijn de achtergronden van een conflict dat telkens weer oplaait. (Historia, 2023)

‘Fatale misvatting’
Dat doen we ook niet bij die andere bron van onze cultuur, de Griekse beschaving (‘Athene’ naast ‘Jeruzalem’). Nadat die de wereld haar onvoorstelbare schatten gegeven had heeft het Griekse volk alleen nog in historisch opzicht een bijzondere plaats in ons leven, maar is dat geen reden voor een bijzondere verbondenheid met dat volk. Hetzelfde geldt dan voor het joodse volk.’
(Koo van der Wal)

Het is met het ideële Israël en Jeruzalem dat de kerk en het westen een band hebben, stelt de filosoof.

En niet met het reëel bestaande Jeruzalem en Israël, al helemaal niet als dat laatste met bruut geweld te keer gaat als nu in Gaza gebeurt. Dit Israël op grond van een fatale misvatting de hand boven het hoofd te houden, maakt ons nog medeplichtig bovendien.’
(Koo van der Wal)

Bronnen:
* Israël zegt geen sorry meer Derk Walters – uitgeverij Unieboek | Het Spectrum bv, Houten, 2018
* Herman van Veen – Waar ligt Jeruzalem? – music.apple.com
* Apoftegma, Richard Kroes – Jeruzalem
* Ekklessia Amsterdam
* Goden En Mensen – ‘Israël van de rivier tot de zee’
* Volzin – ‘Verbondenheid’ met Israël? Welk Israël?

Beeld: Israëlische vlaggendag ontaardt in rellen‘De mars van zo’n 25.000 radicale Israëliërs trekken door de Palestijnse Oude Stad van Jeruzalem’. De Standaard (Blg.)‘Terwijl de mars door de steegjes van Jeruzalem trok, weerklonken de ‘gebruikelijke’ slogans als ‘dood aan de Arabieren’. (Ahmad Gharabli/afp – mei 2022) 
Beeld: Reuters – Duizenden Israëlische en Palestijnse vrouwen wandelen voor vrede (NOS Nieuws, Zondag 8 oktober 2017. )
Beeld Tempelberg: 333travel.nl
Update: 04012024

Het staat in, nee, zo verstá ik de Bijbel

God schrok geweldig.Mon Dieu! Wat lees ik nou: De Bijbel als Gods enige en onfeilbare Woord staat niet alleen wereldvrede in de weg, maar frustreert ook een gezond vertrouwen in de mens en zijn mogelijkheden.” In toorn ontstoken las de Almachtige mee over mijn schouder. ‘Zo heb ik het nooit bedoeld!’ Het Opperwezen vl**kte nog nèt niet, al kan Gods toorn best heftig zijn, zeker dezer dagen.

‘Wie zijn standpunt verdedigt met ‘Het staat in de Bijbel’, zou moeten zeggen:
‘Zo verstá ik de Bijbel.’
(Dirk van de Glind)

‘Eh, beste Schepper,’ zei ik zo empathisch mogelijk, ‘je moet wel correct citeren, want het staat er nèt even anders. Er staat in die zin nog iets vóór, namelijk: ‘De overtuiging dat…’ ‘Hemeltje!,’ riep de Allerhoogste verbouwereerd uit, ‘trap ik zèlf in de val dat je Heilige Woorden verkeerd kan lezen.’ ‘Kan de beste overkomen,’ zei ik schertsend, ‘maar belangrijker is ze goed te verstáán, toch? En daar gaat juist dit artikel over.’ ‘Je hebt gelijk, laten we samen lezen, eh… verstáán.’

In dit zevende deel van de serie ‘Van geloven naar vertrouwen’ stelt Dirk van de Glind dat de overtuiging dat de Bijbel Gods enige en onfeilbare Woord is, niet alleen wereldvrede in de weg staat, maar ook een gezond vertrouwen in de mens en zijn mogelijkheden frustreert.’
(Volzin, januari 2023)

God had natuurlijk beter kunnen weten, want auteur Van de Glind was al in zijn boek Het lef om op te staan ervan overtuigd dat de Bijbel – die hij het ‘Oude Boek’ noemt – op iedere bladzijde tot waarachtige menselijkheid oproept. Het legt een onvoorwaardelijk geloof in onze menselijke mogelijkheden aan de dag en biedt een schat aan verhalen waarin het streven naar een zinvol bestaan het leidmotief is, maar…

‘… het laat ook met groot psychologisch inzicht zien hoe dat streven verwrongen kan raken. En hoe het tot mislukking en ellende kan leiden, zowel op het persoonlijke als op het maatschappelijke vlak. Van de Glind blaast in dit boek [Het lef om op te staan] het starre dogmatische stof van oude verhalen. Tegendraads, maar met compassie en humor laat hij Bijbelse figuren opstaan als mensen van vlees en bloed. Ze kijken de verraste lezer aan en dagen hem of haar uit het leven voluit te leven.’
(Uit: Het lef om op te staan)


In het artikel Van goddelijk dictaat naar menselijke oproep, in Volzin, zegt Van de Glind dan ook dat wie de Bijbel alleen verstaan kan binnen vooraf opgezette of opgelegde kaders, het risico loopt ‘dat zij slechts hoort wat zij horen wil en wat zij waarschijnlijk toch al wist. Maar op deze wijze is de Bijbel een afgod geworden, een buiksprekend gouden kalf: “Dit zegt God!”’

Wie zijn standpunt verdedigt met “Het staat in de Bijbel”, zou moeten zeggen: “Zo verstá ik de Bijbel.” Dat mag hoogmoedig lijken, maar het kan simpelweg niet anders omdat je nooit aan je eigen oordeel ontsnappen kunt. Wie zegt gehoorzaam te willen leven aan ‘het Woord van God’ kan dat immers alleen maar betekenisvol doen als het om een bewuste keuze gaat.’
(RvG)

Van de Glind haalt onder meer Socrates en Mozes aan. (‘Het is niet in de hemel(!), niet aan de overkant van de zee. Maar het is zeer dicht bij je, in je mond en in je hart’.) Ook een aantal keren vind je wijze citaten van Etty Hillesum (1914-1943), zoals:

Zo leven dus de mensen. Ze gebruiken de anderen om zichzelf van iets te laten overtuigen, waaraan ze in hun hart niet geloven. Je zoekt dan in de anderen een instrument om de eigen innerlijke stem te overschreeuwen. Als iedereen toch maar wat meer zou luisteren naar zijn eigen innerlijke stem, als iedereen zou proberen er een te laten opklinken in zichzelf, dan zou er een hoop chaos minder zijn.’
(Etty Hillesum)


Bijbels opvoeden

De Bijbel noemt Van de Glind ‘Het Oude Boek van Liefde’. Oud staat hier voor ‘wijs en eerbiedwaardig’ en Liefde is de liefde die hij ervaart als ‘de grond en het wezen van mijn humaniteit’. Religies ziet de auteur als menselijke pogingen te dealen met de grote vragen van het leven. Hij vindt dat we elkaar dus niet hoeven overtuigen van ons grote gelijk, en al helemaal niet te vuur en te zwaard. We kunnen open zijn naar elkaar in gelijkwaardigheid en van elkaar leren.

Op dezelfde manier zie ik de Bijbel als een boek van ménsen, waarin een grote rijkdom aan levenswijsheid, inzichten en vermoedens verzameld is. Ik ben de stem van liefde gaan verstaan die eruit opklinkt en ben de mensen dankbaar die eraan hebben gewerkt: de zieners en de dromers, de mensen die hunkerden naar gerechtigheid en wilden bouwen aan een betere wereld, degenen die het aandurfden te vertrouwen op de zachte krachten van liefde en mededogen.’
(RvG)

Bronnen:
* Van goddelijk dictaat naar menselijke oproep (Dirk van de Glind, Volzin)
* Het lef om op te staan: de bijbel zonder vrome praatjes (Dirk van de Glind)

Cartoon: 
Deel uit strip Anton Dingeman van Pieter Geenen, Trouw – 23 november 2021
Beeld gouden kalf: illustratie van een bijbelkaart gepubliceerd in 1901 door de Providence Lithograph Company (Wikipedia)
Foto Holy Bible: bijbelsopvoeden.nl

‘Christendom mede schuldig aan ontkenning van wie we ten diepste zijn’

Het christendom kan alleen dan relevant zijn wanneer het stopt met het dogmatisch cultiveren van gevoelens van minderwaardigheid. Wanneer het ons stimuleert niet weg te lopen van onszelf, maar voluit te aanvaarden dat wij kostbare en geliefde mensen zijn. – Theoloog Dirk van de Glind schrijft over bevrijdende humaniteit; verrijkende openheid; menselijke verantwoordelijkheid, en pleit voor universele humaniteit.

‘Vele gelovigen zijn opgegroeid met gevoelens van
onvermogen, schuld en schaamte.’
(Dirk van de Glind)

De erfenis die Jezus van Nazareth heeft nagelaten is volgens hem met vertrouwen onze humaniteit exploreren en ons dagelijks oefenen in liefde en menselijkheid die sterker zijn dan het grofste geweld, sterker dan de dood. In de collectie Universele humaniteit in Volzin verkent Van de Glind de verschillende aspecten van de stelling:

Christelijk geloven bevindt zich op een breuklijn tussen wat onherroepelijk voorbij is en wat meer dan ooit nodig is. Wil het relevant zijn voor het menselijk bestaan en wil het bijdragen aan herstel en voortbestaan van onze planeet, dan zal de focus verlegd moeten worden van aanbidding en gehoorzaamheid naar de ontwikkeling van universele humaniteit.’ 

Van de Glind moest in zijn jonge jaren uit zijn hoofd leren dat hij ‘onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad is’. Hij ziet dat nu als een vorm van kindermishandeling.

Het trieste is dat deze in wezen uiterst negatieve en ontwrichtende visie op de mens direct voortvloeit uit het centrale leerstuk van de christelijke dogmatiek: de verlossing van zonde door het offer van Jezus Christus.’


Erich Fromm

De theoloog stelt dat gelovigen opgegroeid zijn met gevoelens van onvermogen, schuld en schaamte; de verlammende angst niet goed genoeg te zijn en het leven eigenlijk niet te verdienen. Zo constateert filosoof en psychoanalyticus Erich Fromm (1900-1980) dat Calvinisten zich in een ongezonde spagaat bevinden:

Ze zijn gerustgesteld zolang ze ervanuit gaan dat ze niet deugen en straf verdienen, maar ze gaan zich zorgen maken over hun zielenheil zodra ze positief over zichzelf beginnen te denken.’

Door al zijn ervaringen – als recalcitrante puber kwam Van de Glind bijvoorbeeld in conflict met de dominee die hem de Heidelberger Catechismus trachtte bij te brengen – kreeg hij een verwrongen gods- en mensbeeld mee. Daarbij werd het hem steeds duidelijker dat hij afscheid zou moeten nemen van het negatieve mensbeeld dat ‘in zijn grondwater was gaan zitten’. Hij schetst in zijn artikel een glashelder, maar wrang beeld over een ‘geflipte benadering van rechtvaardigheid’.

Van de Glind ontwikkelde uiteindelijk een fundamenteel andere kijk op de mens, moest ook zijn geloof fundamenteel veranderen, maar wist aanvankelijk niet hoe hij dat moest doen. En al helemaal niet hoe hij dat zou kunnen zonder het christendom vaarwel te zeggen.

Maar m’n geloof in de innerlijke goedheid van de mens groeide en daarmee ook het vermoeden dat het christendom in haar ontwikkeling een verkeerde weg was ingeslagen.’

De theoloog beweert echter niet dat de mens alléén maar goed is, maar dat onze kérn, ons diepste wezen – oneindig en niet te bevatten – uit pure goedheid en liefde bestaat, aan God zelf raakt. Maar daar kunnen we wel van vervreemden.


Dirk van de Glind

Het is dan ook geen zooitje in de wereld omdat zoveel mensen maar doen wat ze willen. Het is vaak een zooitje omdat maar weinig mensen de moed hebben voluit te doen wat ze werkelijk willen: te leven naar wat ze werkelijk zijn.’

Zie:
*
Van verlammend mensbeeld naar bevrijdende humaniteit (Volzin – UPDATE: 07112022 – inmiddels ook achter betaalmuur)
* Collectie Universele humaniteit
(Volzin – Premium: 3 artikelen achter betaalmuur)


Beeld: Volzin
Beeld Heidelberger Catechismus: deoudewijnboeken.nl
Beeld Erich Fromm: humanistischecanon.nl
Beeld Dirk van de Glind: dirkvandeglind.nl